De woonkamer opruimen voor de gasten komen | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: At home, two adults tidy the living room, put things away, and prepare before guests arrive..

NL → DE / Niveau: A2

Over deze les

Met De woonkamer opruimen voor de gasten komen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Unsere Gäste kommen bald.

Oenzeruh gèstuh kommən balt. Onze gasten komen zo.
B

Dann sollten wir das Wohnzimmer aufräumen, bevor sie ankommen.

Dan zollten viea das voontsimmer auf-tsóe-rèumen, bevoor zie ankommən. Dan moeten we de woonkamer opruimen voordat ze aankomen.
A

Ich stelle die Bücher wieder ins Regal.

Iesj sjtèluh die buusjer vie-da ins reegaal. Ik leg de boeken terug op de plank.
B

Ich richte die Kissen auf dem Sofa gerade.

Iesj riesjtuh die kissən auf deem zoofa geraaduh. Ik leg de kussens op de bank recht.
A

Sollen wir den Teppich auch saugen?

Zollən viea deen tèpiesj auch zowgən? Zullen we het vloerkleed ook stofzuigen?
B

Staubsaugen würde helfen, besonders in der Nähe der Tür.

Sjtaup-zowgən vuerd uh helpen, bezonders in dea neehuh dea tuur. Stofzuigen zou helpen, vooral bij de deuropening.
A

Der Raum fühlt sich schon gemütlicher an.

Dea rauwm voelt zich sjoon gemuutlicher an. De kamer voelt al prettiger aan.
B

Lass uns Tee machen, sobald alles fertig ist.

Las oens tee maakən, zobaalt alles fertiesj ist. Laten we thee zetten als alles klaar is.

Woord voor woord

Unsere In “Unsere Gäste” betekent Unsere “onze”: het geeft aan dat de gasten bij ons horen. Het is een vorm van unser die hier vóór het meervoud Gäste staat. Je gebruikt dit wanneer je over je eigen gasten of andere bij jou horende personen spreekt.
Gäste In “Unsere Gäste kommen bald” betekent Gäste “gasten”, dus mensen die op bezoek komen. Gäste is het meervoud van Gast. Je gebruikt het bijvoorbeeld wanneer je bezoek in huis aankondigt of bespreekt.
kommen In “Unsere Gäste kommen bald” betekent kommen dat de gasten komen of eraan komen. De combinatie met bald maakt duidelijk dat dit binnenkort gebeurt. Je gebruikt het om de komst van mensen te beschrijven.
bald Bald betekent hier “binnenkort” en geeft aan dat de komst niet lang meer op zich laat wachten. In “kommen bald” staat het bij de handeling komen. Je gebruikt het bij iets dat in de nabije toekomst zal gebeuren.
Dann Dann betekent “dan” en verbindt de komst van de gasten met de volgende stap. In “Dann sollten wir das Wohnzimmer aufräumen” leidt het een voorstel of gevolg in. Je gebruikt het vaak aan het begin van een zin om op een eerdere situatie te reageren.
sollten In “Dann sollten wir das Wohnzimmer aufräumen” geeft sollten een milde aanbeveling: we zouden de woonkamer moeten opruimen. Het is een vorm van sollen. De constructie “sollten wir” is bruikbaar wanneer je samen een verstandige volgende stap wilt voorstellen.
wir Wir betekent “wij” of “we” en verwijst hier naar de twee mensen die samen opruimen. In “Sollen wir” maakt het duidelijk dat de spreker de luisteraar bij de handeling betrekt. Je gebruikt het voor een gezamenlijke actie.
das In “das Wohnzimmer” betekent das “het” en hoort het bij Wohnzimmer. Het bepaalt welk vertrek bedoeld wordt. Je gebruikt het samen met een zelfstandig naamwoord wanneer je naar een specifiek ding of vertrek verwijst.
Wohnzimmer Wohnzimmer betekent “woonkamer”, de ruimte die vóór het bezoek wordt opgeruimd. In “das Wohnzimmer aufräumen” is het de ruimte waarop de opruimactie gericht is. Je gebruikt het wanneer je over de belangrijkste leefruimte in huis spreekt.
aufräumen Aufräumen betekent hier “opruimen” en verwijst naar het netjes maken van de woonkamer. In “das Wohnzimmer aufräumen” volgt het op het voorstel met sollten. Je gebruikt het voor het ordenen en netjes maken van een kamer of andere ruimte.
bevor Bevor betekent “voordat” en geeft aan dat het opruimen plaatsvindt vóór de aankomst. In “bevor sie ankommen” introduceert het een tijdsbepaling; de handeling ankommen staat aan het einde van die bijzin. Je gebruikt het om twee gebeurtenissen in de tijd te ordenen.
sie Sie betekent hier “ze” of “zij” en verwijst naar de eerder genoemde Gäste. In “bevor sie ankommen” is het dus de groep gasten die zal aankomen. Je gebruikt dit voor personen die al uit de context bekend zijn.
ankommen Ankommen betekent “aankomen” en beschrijft hier de aankomst van de gasten. In “bevor sie ankommen” staat het in de bijzin na bevor. Je gebruikt het voor personen die op hun bestemming arriveren.
Ich Ich betekent “ik” en markeert hier de persoon die een opruimtaak op zich neemt. In “Ich stelle die Bücher wieder ins Regal” kondigt de spreker zijn of haar eigen handeling aan. Je gebruikt het wanneer je zegt wat jij doet of zult doen.
stelle In “Ich stelle die Bücher wieder ins Regal” betekent stelle “plaats” of “zet”. Het is een vorm van stellen en beschrijft hier het terugplaatsen van de boeken. Je gebruikt het in combinatie met een voorwerp en de plaats waar je dat neerzet.
die In “die Bücher” betekent die “de” en hoort het bij Bücher. Het verwijst naar specifieke boeken die in de situatie al bekend zijn. Je gebruikt het vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je naar bepaalde dingen verwijst.
Bücher Bücher betekent “boeken” en is het meervoud van Buch. In de dialoog worden de boeken terug in het rek geplaatst. Je gebruikt dit woord voor meerdere boeken.
wieder Wieder betekent hier “terug” en laat zien dat de boeken naar hun eerdere plaats gaan. In “wieder ins Regal” verwijst het naar het rek als oorspronkelijke bestemming. Je gebruikt het wanneer iets opnieuw op zijn vorige plaats komt.
ins Ins betekent hier “in het” of “naar het” en is de verkorte vorm van in das. In “wieder ins Regal” geeft het de bestemming van de boeken aan. Je gebruikt het bij een beweging naar binnen of naar een bepaalde plaats.
Regal Regal betekent hier “plank” of “rek”, de plaats waar de boeken worden teruggezet. In “ins Regal” is het de bestemming van de beweging. Je gebruikt het voor een meubel of opbergplaats met planken.
richte In “Ich richte die Kissen auf dem Sofa gerade” betekent richte “zet recht” of “maak netjes”. Het is een vorm van richten en beschrijft hier het goed positioneren van de kussens. Je gebruikt het wanneer je iets recht of ordelijk legt.
Kissen Kissen betekent hier “kussens” en verwijst naar de zachte kussens op de bank. In “die Kissen auf dem Sofa” zijn het de voorwerpen die rechtgezet worden. Je gebruikt het voor een of meer kussens; hier gaat het om meerdere.
auf In “auf dem Sofa” betekent auf “op” en geeft het de plaats van de kussens aan. Het beschrijft hier een positie op het oppervlak van de bank. Je gebruikt het samen met een plaats om aan te geven waar iets zich bevindt.
dem In “auf dem Sofa” betekent dem “de” en hoort het bij Sofa. Samen met auf vormt het de plaatsaanduiding “op de bank”. Je gebruikt deze vorm in deze vaste combinatie om de locatie van iets te beschrijven.
Sofa Sofa betekent “bank” of “sofa”, de zitplaats waarop de kussens liggen. In “auf dem Sofa” geeft het aan waar de kussens worden rechtgelegd. Je gebruikt het wanneer je over dit meubel in een woonkamer spreekt.
gerade In “richte die Kissen auf dem Sofa gerade” betekent gerade “recht” of “netjes recht”. Het beschrijft het resultaat dat de kussens een ordelijke positie krijgen. Je gebruikt het wanneer je iets recht wilt zetten.
Sollen Sollen betekent hier “zullen we” of “moeten we” en vormt een vraag naar een gezamenlijke suggestie. In “Sollen wir den Teppich auch saugen?” vraagt de spreker of de ander deze extra taak ook wil doen. De hoofdletter komt doordat het woord aan het begin van de zin staat.
den In “den Teppich” betekent den “de” en hoort het bij Teppich. Het verwijst naar het specifieke vloerkleed dat mogelijk extra schoongemaakt moet worden. Je gebruikt het vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je naar een bepaald voorwerp verwijst.
Teppich Teppich betekent “vloerkleed” of “tapijt”. In “den Teppich auch saugen” is het het voorwerp dat gestofzuigd moet worden. Je gebruikt het voor een kleed of tapijt op de vloer.
auch Auch betekent “ook” en voegt het stofzuigen van het vloerkleed toe aan de andere opruimtaken. In “den Teppich auch saugen” betekent het dat deze taak er nog bij komt. Je gebruikt het om extra informatie of een extra handeling toe te voegen.
saugen Saugen betekent hier “stofzuigen”, omdat het object de Teppich is. In “den Teppich auch saugen” gaat het om het schoonmaken van het vloerkleed met een stofzuiger. Je gebruikt het bij een oppervlak of voorwerp dat je op deze manier schoonmaakt.
Staubsaugen Staubsaugen betekent “stofzuigen” als activiteit. In “Staubsaugen würde helfen” wordt die activiteit genoemd als iets dat de kamer schoner zou maken. Je gebruikt het wanneer je het stofzuigen als taak of activiteit bespreekt.
würde Würde betekent hier “zou” en maakt van helfen een voorwaardelijke of voorzichtige beoordeling. In “Staubsaugen würde helfen” zegt de spreker dat stofzuigen nuttig zou zijn. Je gebruikt het om een mogelijk gevolg of een voorzichtige inschatting uit te drukken.
helfen Helfen betekent “helpen” of “nuttig zijn”. In “Staubsaugen würde helfen” betekent het dat stofzuigen de situatie zou verbeteren. Je gebruikt het om aan te geven dat een handeling bij een probleem of taak helpt.
besonders Besonders betekent “vooral” of “in het bijzonder” en legt hier extra nadruk op het gebied bij de deur. In “besonders in der Nähe der Tür” wordt één plaats uitgelicht. Je gebruikt het wanneer iets meer aandacht of belang krijgt dan de rest.
in In “in der Nähe der Tür” draagt in bij aan de plaatsaanduiding en betekent het hier “in” binnen het gebied van de nabijheid. De hele uitdrukking betekent “in de buurt van de deur”. Je gebruikt het in deze combinatie om een locatie aan te geven.
der In “in der Nähe der Tür” hoort der bij Nähe en bij Tür binnen dezelfde plaatsaanduiding. In “Der Raum” is Der het woord voor “de” vóór Raum; de hoofdletter komt door het begin van de zin. Je gebruikt deze vorm dus hier als onderdeel van twee verschillende naamwoordgroepen.
Nähe Nähe betekent “nabijheid” of “buurt”. In “in der Nähe der Tür” verwijst het naar het gebied vlak bij de deur. Je gebruikt het in deze uitdrukking wanneer je een plaats niet exact, maar als nabij gelegen beschrijft.
Tür Tür betekent “deur”. In “in der Nähe der Tür” is de deur het herkenningspunt voor de plaats waar vooral gestofzuigd moet worden. Je gebruikt het voor een deur in een huis of andere ruimte.
Raum Raum betekent “ruimte” of “kamer”. In “Der Raum fühlt sich schon gemütlicher an” verwijst het naar de kamer die net is opgeruimd. Je gebruikt het wanneer je een kamer als ruimte of geheel beschrijft.
fühlt In “Der Raum fühlt sich schon gemütlicher an” draagt fühlt de betekenis “voelt”. Het is een vorm van fühlen en hoort bij de volledige uitdrukking fühlt sich ... an. Je gebruikt deze constructie om te beschrijven hoe iets aanvoelt of overkomt.
sich Sich is hier het reflexieve onderdeel van “fühlt sich schon gemütlicher an”. Samen met fühlt ... an beschrijft het hoe de ruimte zelf aanvoelt; op zichzelf betekent sich hier niet letterlijk “zichzelf”. Je gebruikt deze combinatie om een indruk of ervaren toestand van iets te beschrijven.
schon Schon betekent hier “al” en laat zien dat het verschil na het opruimen nu al merkbaar is. In “fühlt sich schon gemütlicher an” versterkt het de tijdsbetekenis. Je gebruikt het wanneer een verandering eerder dan verwacht of op dit moment al zichtbaar of merkbaar is.
gemütlicher Gemütlicher betekent “gezelliger” of “comfortabeler” en beschrijft dat de ruimte prettiger aanvoelt dan daarvoor. Het is een vorm van gemütlich in de vergelijking “fühlt sich schon gemütlicher an”. Je gebruikt het om een aangenamere sfeer of toestand te beschrijven.
an An is hier het afgescheiden einddeel van de uitdrukking “fühlt sich schon gemütlicher an”. Samen met fühlt sich geeft het de betekenis “aanvoelen” of “overkomen”; het betekent hier niet zelfstandig “aan”. Je gebruikt het op deze plaats bij een beschrijving van een indruk of gevoel.
Lass In “Lass uns Tee machen” betekent Lass “laten we” en nodigt de spreker de ander uit om samen iets te doen. Het is een vorm van lassen die in deze uitdrukking een voorstel vormt. Je gebruikt het om op een directe, alledaagse manier een gezamenlijke activiteit voor te stellen.
uns Uns betekent “ons” en verwijst in “Lass uns Tee machen” naar de spreker en de luisteraar samen. Het maakt duidelijk dat de handeling gezamenlijk wordt uitgevoerd. Je gebruikt het in deze constructie om iemand bij een voorstel te betrekken.
Tee Tee betekent “thee”. In “Tee machen” is het de drank die de twee mensen na het opruimen willen bereiden. Je gebruikt het wanneer je over thee als drank of als kleine maaltijdvoorbereiding spreekt.
machen In “Lass uns Tee machen” betekent machen “maken” of “bereiden”. Bij Tee verwijst het naar thee klaarmaken, niet naar het letterlijk creëren van thee. Je gebruikt deze combinatie om voor te stellen samen thee te bereiden.
sobald Sobald betekent “zodra” en geeft aan dat de thee wordt gemaakt op het moment dat alles klaar is. In “sobald alles fertig ist” introduceert het een tijdsbepaling. Je gebruikt het wanneer de ene handeling direct na het bereiken van een toestand kan beginnen.
alles Alles betekent “alles” en verwijst hier naar alle opruim- en voorbereidingstaken die nog gedaan moeten worden. In “alles fertig ist” betekent het dat het geheel klaar moet zijn. Je gebruikt het wanneer je naar een volledige verzameling of situatie verwijst.
fertig Fertig betekent hier “klaar” of “af”. In “alles fertig ist” beschrijft het de toestand waarin alle voorbereidingen voltooid zijn. Je gebruikt het om aan te geven dat een taak of voorbereiding gereed is.
ist Ist betekent “is” en verbindt in “alles fertig ist” alles met de toestand fertig. Het is een vorm van sein. Omdat dit deel na sobald staat, verschijnt ist aan het einde van de bijzin.

Grammatica

bevor/sobald + bijzin met werkwoord achteraan

Bevor die Gäste ankommen, ist das Wohnzimmer fertig.

Bevoor die gèstuh ankommən, ist das voontsimmer fertiesj.

Voordat de gasten aankomen, is de woonkamer klaar.

Na bevor en zodra staat het vervoegde werkwoord achteraan in de bijzin.

Lass uns + infinitief

Lass uns Tee machen.

Las oens tee maakən.

Laten we thee zetten.

Lass uns + infinitief gebruik je om samen iets voor te stellen.

Duits woordenschat

ankommen werkwoord
ankommən aankomen

bevor sie ankommen

aufzuräumen werkwoord
auf-tsóe-rèumen op te ruimen

das Wohnzimmer aufzuräumen

bald bijwoord
balt binnenkort

Unsere Gäste kommen bald.

bevor voegwoord
bevoor voordat

bevor sie ankommen

Bücher zelfstandig naamwoord
buusjer boeken

Ich stelle die Bücher wieder ins Regal.

Dann bijwoord
dan dan

Dann sollten wir das Wohnzimmer aufräumen.

Gäste zelfstandig naamwoord
gèstuh gasten

Unsere Gäste kommen bald.

Kissen zelfstandig naamwoord
kissən kussens

Ich richte die Kissen auf dem Sofa gerade.

Regal zelfstandig naamwoord
reegaal plank, rek

ins Regal

Sofa zelfstandig naamwoord
zoofa bank, sofa

auf dem Sofa

wieder bijwoord
vie-da terug, opnieuw

Ich stelle die Bücher wieder ins Regal.

Wohnzimmer zelfstandig naamwoord
voontsimmer woonkamer

das Wohnzimmer

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Onze gasten komen zo.

Antwoord tonenUnsere Gäste kommen bald.

Zullen we het vloerkleed ook stofzuigen?

Antwoord tonenSollen wir den Teppich auch saugen?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

aankomen

Antwoord tonenankommen

woonkamer

Antwoord tonenWohnzimmer

boeken

Antwoord tonenBücher

binnenkort

Antwoord tonenbald