Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een lichte snack kiezen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Ich möchte einen Snack.
iesj meusj-tuh ai-nun snek Ik wil een snack.Ich habe nicht viel Hunger.
iesj haa-buh niet feel hoeng-uh Ik heb niet veel honger.Dann nimm etwas Leichtes, wie Joghurt.
dan nim et-vas laisj-tus, wie joo-goert Kies dan iets lichts, zoals yoghurt.Haben wir auch Nüsse?
haa-bun wir ook nussuh Hebben we ook noten?Ein paar sind im Schrank.
ain paar zint im sjrank Er liggen een paar in de kast.Joghurt mit Nüssen klingt gut.
joo-goert mit nussun klinkt goet Yoghurt met noten klinkt goed.Nimm eine kleine Schüssel.
nim ai-nuh klai-nuh sjussul Pak een kleine kom.Es ist nicht zu viel.
es ist niesjt tsoe feel Het is niet te veel.Ich mache jetzt einen Snack.
iesj makhuh jetst ai-nun snek Ik maak er nu een.Lass bitte ein paar Nüsse für mich übrig.
las bit-tuh ain paar nussuh fuu-uh miesj uubriesj Laat alsjeblieft wat noten voor mij over.Uitleg van de zinnen
Ich möchte einen Snack.
Ik wil een snack.
- Ich
- ik
- möchte
- wil graag
- Snack
- snack
Uitgebreide uitleg
Ich betekent hier “ik”. Dit is de vorm voor de eerste persoon enkelvoud van het persoonlijke voornaamwoord. Als dit voornaamwoord het lijdend voorwerp is, staat er bijvoorbeeld mich: Er sieht mich. — “Hij ziet mij.” möchte drukt hier een wens uit: “wil graag” of “zou graag willen”. In deze zin is het de vorm die bij ich hoort. Vergelijk de reeks ich möchte, du möchtest, er/sie/es möchte. De vorm maakt de wens doorgaans beleefder of minder direct dan een kale, stellige formulering. Voorbeeld: Ich möchte Tee. — “Ik wil graag thee.” einen is hier het onbepaalde lidwoord bij het mannelijke zelfstandig naamwoord Snack in de accusatief. Het lijdend voorwerp van möchte staat hier in die naamval: ein Snack is de nominatief, einen Snack de accusatief. Einen drukt in deze zin niet op zichzelf een expliciete numerieke telling uit. Snack is een zelfstandig naamwoord voor een kleine hap of een tussendoortje. Het Duitse zelfstandig naamwoord krijgt een hoofdletter; het meervoud is Snacks. Samen vormen Ich möchte einen Snack. de betekenis “Ik wil een snack.”: Ich is de spreker, möchte drukt diens wens uit en einen Snack benoemt wat die persoon wenst. Een herbruikbaar patroon is Ich möchte + accusatief voorwerp, bijvoorbeeld Ich möchte einen Kaffee. — “Ik wil graag een koffie.”
Ich habe nicht viel Hunger.
Ik heb niet veel honger.
- habe
- heb
- nicht viel
- niet veel
- Hunger
- honger
Uitgebreide uitleg
habe is de vorm van haben bij ich in de tegenwoordige tijd: ich habe = “ik heb”. In deze zin beschrijft haben geen bezit van een voorwerp, maar een lichamelijke toestand. Vergelijk: Ich habe Zeit. = “Ik heb tijd.” De vorm habe hoort specifiek bij ich; bij du staat bijvoorbeeld du hast. nicht viel betekent hier “niet veel”. viel geeft een grote of onbepaalde hoeveelheid aan; nicht maakt die hoeveelheid negatief. Samen vormt dit patroon nicht viel + zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Ich trinke nicht viel Wasser. = “Ik drink niet veel water.” Hunger betekent “honger”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Hunger; in deze uitdrukking staat het zonder lidwoord. Het woord benoemt de toestand of behoefte zelf, niet een hoeveelheid voedsel. Een bruikbare vaste combinatie is Hunger haben = “honger hebben”. Voorbeeld: Das Kind hat Hunger. = “Het kind heeft honger.” Samen betekent Ich habe nicht viel Hunger. letterlijk en natuurlijk: “Ik heb niet veel honger.” Ich habe geeft de toestand aan, nicht viel beperkt de mate ervan en Hunger noemt die toestand. De zin zegt dus dat de spreker weinig honger heeft; hij zegt niet dat de spreker helemaal geen honger heeft.
Dann nimm etwas Leichtes, wie Joghurt.
Kies dan iets lichts, zoals yoghurt.
- Dann
- dan
- nimm
- neem
- etwas
- iets
- Leichtes
- lichts
- wie
- zoals
- Joghurt
- yoghurt
Uitgebreide uitleg
Dann betekent hier “dan” in de zin van een volgende stap of aanbeveling. Het kan ook naar een tijdstip verwijzen, maar hier leidt het de suggestie in. nimm is de gebiedende wijs van nehmen (“nemen”) voor één aangesproken persoon. De vorm is dus gericht aan “jij”: Nimm etwas Leichtes. = “Neem iets lichts.” In een beleefde aanspreekvorm gebruikt het Duits bijvoorbeeld Nehmen Sie .... etwas betekent “iets” en staat hier als onbepaald voornaamwoord. Het noemt geen specifiek product; het volgende woord beschrijft wat voor soort iets bedoeld wordt. Voorbeelden: Ich möchte etwas Warmes. = “Ik wil iets warms.” etwas drukt daarbij niet op zichzelf een exact aantal uit. Leichtes betekent hier “iets lichts”, in de betekenis van voedsel dat licht of niet zwaar valt. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat zelfstandig wordt gebruikt: de onderliggende combinatie is etwas Leichtes. Na etwas krijgt zo’n zelfstandig gebruikt bijvoeglijk naamwoord in deze vorm de uitgang -es; leicht is de basisvorm en Leichtes is de vorm in deze constructie. Dit is niet hetzelfde als het zelfstandig naamwoord dat er eventueel bij bedoeld kan zijn. Voorbeeld: Sie isst etwas Leichtes. = “Zij eet iets lichts.” wie betekent hier “zoals” en introduceert een voorbeeld of vergelijking. Het maakt duidelijk dat yoghurt een voorbeeld is van wat met etwas Leichtes wordt bedoeld. In andere contexten kan wie ook een vraagwoord zijn (“hoe”), maar dat is hier niet de functie. Joghurt is het zelfstandig naamwoord “yoghurt”. Het staat na wie als concreet voorbeeld; het woord zelf krijgt hier geen extra meervouds- of naamvalsuitgang. Voorbeeld: Ich esse Joghurt. = “Ik eet yoghurt.” Samen vormen de delen de aanbeveling Dann nimm etwas Leichtes (“Neem dan iets lichts”), gevolgd door wie Joghurt (“zoals yoghurt”). De volledige betekenis is: “Kies dan iets lichts, zoals yoghurt.”
Haben wir auch Nüsse?
Hebben we ook noten?
- Haben wir
- hebben we
- auch
- ook
- Nüsse
- noten
Uitgebreide uitleg
Haben wir begint met de persoonsvorm haben en daarna het onderwerp wir. In een ja/nee-vraag staat de persoonsvorm in het Duits vóór het onderwerp: Haben wir ...? betekent hier “Hebben we ...?”. De infinitief en basisvorm is haben; bijvoorbeeld: Haben wir Zeit? — “Hebben we tijd?” In een gewone mededelende zin staat dezelfde combinatie in een andere volgorde: Wir haben Zeit. — “We hebben tijd.” auch betekent hier “ook”. Het voegt de noten toe aan iets dat al in de situatie of het gesprek aanwezig is: er wordt gevraagd of we naast het eerder genoemde eten ook noten hebben. De plaats van auch kan de nadruk beïnvloeden; in deze zin staat het direct vóór het gevraagde zelfstandig naamwoord. Nüsse is hier het meervoud van Nuss (“noot”). De vorm heeft een umlaut: Nuss → Nüsse; bovendien verandert de uitgang van enkelvoud naar meervoud. Het enkelvoud gebruik je voor één noot: eine Nuss — “één noot”; het meervoud voor meerdere: Nüsse — “noten”. Samen vormen de delen de Duitse ja/nee-vraag Haben wir auch Nüsse?: “Hebben we ook noten?” De vraag gebruikt de woordvolgorde persoonsvorm + onderwerp + auch + het gevraagde zelfstandig naamwoord. De volgende context maakt duidelijk dat met Nüsse meerdere noten worden bedoeld die zich in de kast bevinden.
Ein paar sind im Schrank.
Er liggen een paar in de kast.
- Ein paar
- een paar
- sind
- zijn
- Schrank
- kast
Uitgebreide uitleg
Ein paar betekent hier “een paar” in de zin van: enkele dingen, zonder dat de dingen opnieuw worden genoemd. Het is dus geen zelfstandig naamwoord met een expliciet genoemd soort voorwerp. In deze context verwijst het naar enkele van de eerder besproken noten; de vorm zelf verandert niet om het soort voorwerp te tonen. Vergelijk: Ein paar liegen auf dem Tisch. — “Er liggen een paar op tafel.” sind is de vorm van sein (“zijn”) in de tegenwoordige tijd voor sie in het meervoud, en hier sluit hij aan bij de meervoudige betekenis van ein paar. De combinatie ein paar sind ... beschrijft dat enkele dingen zich ergens bevinden. Voor een enkelvoudig onderwerp staat bijvoorbeeld Ein Apfel ist im Schrank. — “Een appel is in de kast.” Schrank betekent “kast”. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk: der Schrank. In im Schrank staat het na de voorzetselcombinatie in dem: im = in dem. Bij een plaats zonder beweging gebruikt het Duits hier de datief: in dem Schrank → im Schrank. Bijvoorbeeld: Die Tassen sind im Schrank. — “De kopjes staan in de kast.” Samen vormen Ein paar sind im Schrank de betekenis “Er liggen een paar in de kast.” Ein paar verwijst naar enkele van de bedoelde dingen, sind geeft de meervoudige toestand aan, en im Schrank noemt hun plaats. De Duitse zin noemt niet opnieuw welk soort dingen het zijn; dat wordt in deze context uit het gesprek begrepen.
Joghurt mit Nüssen klingt gut.
Yoghurt met noten klinkt goed.
- Joghurt
- yoghurt
- mit
- met
- Nüssen
- noten
- klingt
- klinkt
- gut
- goed
Uitgebreide uitleg
Joghurt betekent hier “yoghurt”. Het is een zelfstandig naamwoord. In deze zin is het de vorm voor enkelvoud en nominatief; het zelfstandig naamwoord heeft hier geen zichtbare uitgang. Dat komt niet simpelweg doordat er geen lidwoord bij staat. Voorbeeld: Der Joghurt ist kalt. — “De yoghurt is koud.” mit betekent “met” en regeert in het Duits de datief. Het volgende zelfstandig naamwoord of de volgende naamwoordgroep staat daarom in de datief. Voorbeeld: Tee mit Milch — “thee met melk”. Nüssen betekent hier “noten”. De basisvorm is Nuss; het meervoud is Nüsse, en na mit staat de datief meervoudsvorm Nüssen. In het datief meervoud krijgt dit zelfstandig naamwoord hier dus de uitgang -n: Nüsse → Nüssen. Voorbeeld: Ich esse Reis mit Nüssen. — “Ik eet rijst met noten.” klingt is de derde persoon enkelvoud van klingen in de tegenwoordige tijd. Het onderwerp is hier Joghurt, een enkelvoudige naamwoordgroep, daarom staat de werkwoordsvorm klingt. In deze zin beschrijft klingt de indruk die de combinatie geeft: die klinkt goed. gut betekent “goed”. Het staat hier na klingen als predicatief bijvoeglijk naamwoord en krijgt daarom geen uitgang: klingt gut. Voorbeeld: Das klingt interessant. — “Dat klinkt interessant.” Samen vormen Joghurt mit Nüssen het onderwerp: yoghurt met noten. klingt gut zegt hoe die combinatie klinkt. De volledige betekenis is: “Yoghurt met noten klinkt goed.”
Nimm eine kleine Schüssel.
Pak een kleine kom.
- Nimm
- pak
- eine
- een
- kleine
- kleine
- Schüssel
- kom
Uitgebreide uitleg
Nimm betekent hier “pak” en is de gebiedende wijs van nehmen (“nemen”) voor één aangesproken persoon. In deze vorm staat het onderwerp du normaal niet apart: Nimm ...! is dus een directe instructie. Voorbeeld: Nimm den Löffel. — “Pak de lepel.” eine staat bij Schüssel. Het is de onbepaalde vorm voor een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in deze zinsfunctie; Schüssel is vrouwelijk en staat hier als het voorwerp van Nimm. eine drukt hier niet op zichzelf een expliciete telwaarde uit, maar markeert een niet nader bepaalde kom. kleine is de verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord klein (“klein”). Het beschrijft Schüssel. In eine kleine Schüssel krijgt het bijvoeglijk naamwoord de uitgang -e, passend bij het vrouwelijk enkelvoud na eine. Vergelijk: eine große Schüssel — “een grote kom.” Schüssel betekent “kom” en is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; het meervoud is Schüsseln. Het woord verwijst hier naar het voorwerp dat gepakt moet worden. Samen vormt Nimm eine kleine Schüssel. de instructie “Pak een kleine kom.” De gebiedende wijs Nimm geeft de handeling aan, en eine kleine Schüssel benoemt het gevraagde voorwerp met zijn grootte.
Es ist nicht zu viel.
Het is niet te veel.
- Es ist
- het is
- nicht
- niet
- zu viel
- te veel
Uitgebreide uitleg
Es ist betekent hier “het is”. Es is een persoonlijk voornaamwoord in de derde persoon enkelvoud en ist is de vorm van sein (“zijn”) voor de derde persoon enkelvoud: sein → ist. In deze zin verwijst es naar de situatie of hoeveelheid waarover gesproken wordt; de aangeleverde zin legt niet specifieker vast waarnaar het verwijst. Voorbeeld: Es ist klein. — “Het is klein.” nicht maakt de daaropvolgende betekenis negatief: “niet”. Het ontkent hier de beoordeling zu viel, niet het bestaan van iets. Voorbeeld: Das ist nicht schwer. — “Dat is niet moeilijk.” zu viel betekent hier “te veel”: een hoeveelheid overschrijdt de gewenste of passende hoeveelheid. viel betekent “veel”; met zu krijgt de combinatie de betekenis “meer dan passend of gewenst”. Vergelijk viel — “veel” met zu viel — “te veel”. Voorbeeld: Du hast zu viel Wasser. — “Je hebt te veel water.” Samen vormen de delen Es ist + nicht + zu viel de betekenis: “Het is niet te veel.” De zin zegt dus dat de bedoelde hoeveelheid niet boven de passende of gewenste hoeveelheid ligt.
Ich mache jetzt einen Snack.
Ik maak er nu een.
- Ich
- ik
- mache
- maak
- jetzt
- nu
- einen
- een
- Snack
- snack
Uitgebreide uitleg
Ich betekent hier “ik”: de spreker verwijst naar zichzelf. Het is de eerste persoon enkelvoud. Vergelijk in een eigen voorbeeld: Ich lerne. — “Ik leer.” mache is hier de vorm van machen (“maken/doen”) voor de eerste persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd. De basisvorm is machen; bij ich krijgt het werkwoord deze vorm: ich mache. Voorbeeld: Ich mache das Frühstück. — “Ik maak het ontbijt.” jetzt betekent “nu” en plaatst de handeling in het huidige moment. Voorbeeld: Ich komme jetzt. — “Ik kom nu.” einen is hier de onbepaalde accusatiefvorm die bij het mannelijke zelfstandig naamwoord Snack hoort. Het woord einen zelf drukt niet op zichzelf een bepaald aantal uit; het markeert hier vooral de grammaticale rol van Snack als lijdend voorwerp. Vergelijk: ein Snack als onderwerp of na een constructie zonder accusatief, maar Ich mache einen Snack als lijdend voorwerp. Snack is een zelfstandig naamwoord voor een kleine maaltijd of iets kleins om te eten. Duitse zelfstandige naamwoorden worden met een hoofdletter geschreven. In deze zin is Snack mannelijk; daarom staat na machen de vorm einen. Samen vormen de delen Ich mache jetzt einen Snack de betekenis: “Ik maak nu een snack.” Ich is de maker, mache noemt de handeling, jetzt geeft het tijdstip aan en einen Snack is wat er wordt gemaakt. De hele zin is een gewone mededeling in de tegenwoordige tijd; het vaste Nederlandse equivalent geeft dit weer als “Ik maak er nu een.”
Lass bitte ein paar Nüsse für mich übrig.
Laat alsjeblieft wat noten voor mij over.
- Lass
- laat
- bitte
- alsjeblieft
- ein paar
- wat; enkele
- Nüsse
- noten
- für mich
- voor mij
- übrig
- over
Uitgebreide uitleg
Lass is hier de gebiedende wijs van lassen voor du: “laat”. In combinatie met übrig betekent het “bewaar iets” of “laat iets niet opgaan”. De vorm lass is de gebruikelijke korte imperatief; het onderwerp du wordt niet uitgesproken. bitte verzacht het verzoek en betekent hier “alsjeblieft”. Het kan ook op andere plaatsen in een Duitse zin staan, maar in deze zin staat het direct na de gebiedende wijs. ein paar betekent “een paar” of, zoals hier, “wat/enkele”. Het duidt een kleine, niet nader bepaalde hoeveelheid aan; het zegt niet precies hoeveel. Het zelfstandig naamwoord erna staat in het meervoud. Nüsse is het meervoud van die Nuss (“de noot”): die Nuss → die Nüsse. De umlaut en de meervoudsuitgang horen bij de vorm van dit zelfstandig naamwoord. Voor een onbepaalde hoeveelheid gebruik je bijvoorbeeld ein paar Nüsse. für mich betekent “voor mij”. für neemt in het Duits de accusatief; het persoonlijke voornaamwoord heeft daarom de vorm mich, niet de nominatief ich. Vergelijk: für mich — “voor mij”; ich — “ik” wanneer dit voornaamwoord zelf het onderwerp is. übrig betekent hier “over” of “bewaard”. Samen met lassen vormt het de betekenis “overlaten/bewaren”. Het staat aan het einde van deze hoofdzin, terwijl Lass de gebiedende wijs aan het begin is. De delen vormen samen: Lass ... übrig = “laat/bewaar ... over”; ein paar Nüsse = “wat noten”; für mich = “voor mij”. De volledige zin is dus een beleefd verzoek: “Laat alsjeblieft wat noten voor mij over.”
Grammatica
Nominalisiertes Adjektiv: Leichtes
Leichtes klingt gut.
laisj-tus klinkt goetIets lichts klinkt goed.
Leichtes is een bijvoeglijk naamwoord dat zelfstandig wordt gebruikt en daarom een hoofdletter krijgt.
Imperativ: Nimm + Akkusativ
Nimm ein paar Nüsse.
nim ain paar nussuhNeem een paar noten.
Nimm is de gebiedende wijs van nehmen voor du; het onderwerp du wordt niet genoemd.
Duits woordenschat
Ein paar sind im Schrank.
Joghurt mit Nüssen klingt gut.
Ich habe nicht viel Hunger.
Dann nimm etwas Leichtes, wie Joghurt.
Nimm eine kleine Schüssel.
Joghurt mit Nüssen klingt gut.
Dann nimm etwas Leichtes.
Ich möchte einen Snack.
Nimm eine kleine Schüssel.
Haben wir auch Nüsse?
Ein paar sind im Schrank.
Ich möchte einen Snack.
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Ik wil een snack.
Antwoord tonen
Ich möchte einen Snack.Ik heb niet veel honger.
Antwoord tonen
Ich habe nicht viel Hunger.Kies dan iets lichts, zoals yoghurt.
Antwoord tonen
Dann nimm etwas Leichtes, wie Joghurt.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
willen, graag willen
Antwoord tonen
möchtekast
Antwoord tonen
Schrankhonger
Antwoord tonen
Hungerklinken