Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Jassen vergelijken op kwaliteit en pasvorm oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Diese beiden Jacken sehen sich sehr ähnlich.
Die-ze bai-duhn jak-uhn zee-uhn ziesj zeer een-liesj. Deze twee jassen lijken erg op elkaar.Vergleichen wir den Stoff und die Passform.
Fer-glai-sjen vie-uh dehn sjtof oent die pas-form. Laten we de stof en de pasvorm vergelijken.Diese fühlt sich leicht an.
Die-ze fuult ziesj laisjt an. Deze voelt licht aan.Der Stoff scheint dünn zu sein.
Deer sjtof sjaint duun tsoe zain. De stof lijkt dun.Die andere fühlt sich robuster und wärmer an.
Die an-duh-ruh fuult ziesj ro-boes-tuh oent ver-muh an. De andere voelt steviger en warmer aan.Die könnte für den Alltag besser sein.
Die keun-tuh fuur dehn alt-taak bes-uh zain. Die is misschien beter voor dagelijks gebruik.Probier sie zuerst an und schau, wie sie sich anfühlt.
Pro-bie-uh zíe tsoe-eerst an oent sjau, vie zíe ziesj an-fuult. Trek hem eerst aan en kijk hoe hij aanvoelt.Ich werde beide anprobieren, bevor ich mich entscheide.
Isj veer-duh bai-duh an-pro-bie-uh, be-foor isj miesj ent-sjai-duh. Ik zal ze allebei passen voordat ik beslis.Das sollte die Wahl leichter machen.
Das sjol-tuh die vaal laisj-tuh ma-chen. Dat zou de keuze makkelijker moeten maken.Uitleg van de zinnen
Diese beiden Jacken sehen sich sehr ähnlich.
Deze twee jassen lijken erg op elkaar.
- Diese
- deze
- beiden
- beide
- Jacken
- jassen
- sehen sich … ähnlich
- op elkaar lijken
- sehr
- erg
Uitgebreide uitleg
Diese betekent hier “deze” en is een aanwijzend woord. In deze zin staat het in de meervoudsvorm bij Jacken; de vrouwelijke enkelvoudsvorm is bijvoorbeeld diese Jacke, terwijl diese Jacken “deze jassen” betekent. Het meervoud zelf heeft in het Duits geen afzonderlijk grammaticaal geslacht. beiden betekent “beide” en maakt expliciet dat het om twee exemplaren gaat. Het is hier de verbogen vorm van beide vóór een zelfstandig naamwoord: beide Jacken = “beide jassen”, maar na diese staat in deze woordgroep diese beiden Jacken. Samen betekenen Diese beiden Jacken “Deze twee jassen”. Jacken is het meervoud van die Jacke (“de jas”). In dit paar draagt het meervoud de uitgang -n: eine Jacke = “een jas”, zwei Jacken = “twee jassen”. sehen sich ... ähnlich is de Duitse constructie voor “op elkaar lijken”. sehen is hier de vervoegde vorm van sehen bij het meervoudige onderwerp; sich is het wederkerende element bij dat meervoudige onderwerp en drukt hier de onderlinge vergelijking uit. ähnlich betekent “gelijkend” of “vergelijkbaar”. De delen van de constructie staan niet naast elkaar, want sehr komt ertussen. Een herbruikbaar patroon is A und B sehen sich ähnlich = “A en B lijken op elkaar”. In een niet-wederkerige vergelijking staat de vergeleken persoon of zaak in de datief, bijvoorbeeld: Die Jacke sieht der anderen ähnlich. = “De jas lijkt op de andere.” sehr versterkt ähnlich en betekent “erg” of “zeer”. Het zegt hier dus dat de overeenkomst sterk is. Voorbeeld: Die beiden Farben sind sehr ähnlich. = “De twee kleuren lijken erg op elkaar.” Samen betekent Diese beiden Jacken sehen sich sehr ähnlich.: “Deze twee jassen lijken erg op elkaar.” De woordgroep Diese beiden Jacken is het meervoudige onderwerp; sehen sich ... ähnlich zegt dat de twee jassen onderling sterk overeenkomen.
Vergleichen wir den Stoff und die Passform.
Laten we de stof en de pasvorm vergelijken.
- Vergleichen
- vergelijken
- Stoff
- stof
- Passform
- pasvorm
Uitgebreide uitleg
Vergleichen staat hier aan het begin van een uitnodiging of aansporing. Het is het werkwoord vergleichen (“vergelijken”) in de vorm voor een voorstel met wir: Vergleichen wir ... betekent “laten we ... vergelijken”. Dit is dus niet alleen een losse infinitief. Een vergelijkbaar voorbeeld is Gehen wir nach Hause. — “Laten we naar huis gaan.” Stoff betekent hier “stof”, in de betekenis van textielmateriaal. De basisvorm van het zelfstandig naamwoord is der Stoff. In deze zin staat het als lijdend voorwerp na vergleichen, daarom verschijnt het mannelijke lidwoord als den: der Stoff → den Stoff. Den drukt hier geen aantal uit. Passform betekent “pasvorm”: de manier waarop een kledingstuk zit of aansluit. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Passform. Als lijdend voorwerp blijft het lidwoord bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in deze vorm die: die Passform. Een bruikbaar voorbeeld is Die Passform ist gut. — “De pasvorm is goed.” und verbindt de twee lijdende voorwerpen: den Stoff und die Passform. Het werkwoord vergleichen geldt voor beide: de spreker stelt voor om zowel de stof als de pasvorm naast elkaar te beoordelen. Samen vormt Vergleichen wir den Stoff und die Passform. de betekenis: “Laten we de stof en de pasvorm vergelijken.”
Diese fühlt sich leicht an.
Deze voelt licht aan.
- Diese
- deze
- fühlt … sich … an
- voelt aan
- leicht
- licht
Uitgebreide uitleg
Diese betekent hier “deze” en staat als onderwerp vooraan. De vorm kan grammaticaal vrouwelijk enkelvoud in de nominatief zijn, of meervoud in de nominatief/accusatief; uit deze ene zin blijkt niet zelfstandig welke concrete zaak ermee bedoeld wordt. In een andere context staat bijvoorbeeld dieser bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord en dieses bij een onzijdig enkelvoudig zelfstandig naamwoord. fühlt is hier de derde persoon enkelvoud van het scheidbare werkwoord anfühlen (“aanvoelen”); de stamvorm verschijnt in de hoofdzin zonder het voorvoegsel an, dat naar het einde verhuist. De tegenwoordige tijdsvorm past bij het onderwerp Diese: “deze voelt”. Voorbeeld: Der Stoff fühlt sich weich an. — “De stof voelt zacht aan.” fühlt sich an hoort bij sich anfühlen, “aanvoelen”. sich is hier het wederkerend voornaamwoord; samen met anfühlen beschrijft het hoe iets aanvoelt. In een hoofdzin staat het partikel an aan het einde: Der Stoff fühlt sich weich an. In een bijzin blijft het werkwoord bijeen: ..., weil sich der Stoff weich anfühlt. leicht betekent hier “licht”: het beschrevene voelt niet zwaar aan. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat na sich anfühlen predicatief wordt gebruikt; daarom krijgt het hier geen uitgang. Het kan ook andere betekenissen hebben, zoals “gemakkelijk”, maar die betekenis past niet bij deze zin. Voorbeeld: Die Tasche fühlt sich leicht an. — “De tas voelt licht aan.” Samen vormt Diese + fühlt sich ... an + leicht de betekenis: “Deze voelt licht aan.” De eerste vorm is het onderwerp, fühlt sich an is de constructie voor een gevoelsindruk, en leicht beschrijft die indruk. De vertaling legt de bedoelde lezing vast als een uitspraak over iets dat licht aanvoelt.
Der Stoff scheint dünn zu sein.
De stof lijkt dun.
- Stoff
- stof
- scheint … zu sein
- lijkt ... te zijn
- dünn
- dun
Uitgebreide uitleg
Stoff betekent hier “stof” als materiaal. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk: der Stoff; het meervoud is die Stoffe. Der is hier het bepaald lidwoord voor mannelijk enkelvoud in de nominatief; in deze zin vormt Der Stoff het onderwerp. Voor stof als vuil of losse deeltjes is het Duitse woord Staub; voor poeder is meestal Pulver het passende woord. scheint ... zu sein is een veelgebruikte gesplitste constructie voor “lijkt ... te zijn”. scheint is de derde persoon enkelvoud van scheinen in de tegenwoordige tijd. Hier betekent scheinen “lijken”, niet “schijnen” in de betekenis van licht geven. Een herbruikbaar patroon is: etwas scheint + bijvoeglijk naamwoord + zu sein. Voorbeeld: Der Tee scheint kalt zu sein. — “De thee lijkt koud te zijn.” dünn betekent hier “dun”. Na sein staat het bijvoeglijk naamwoord predicatief en krijgt het in deze constructie geen uitgang. De vergrotende trap is dünner (“dunner”) en de overtreffende trap am dünnsten (“het dunst”). Voorbeeld: Das Papier ist dünn. — “Het papier is dun.” Samen vormen Der Stoff (“de stof”), scheint (“lijkt”) en dünn zu sein (“dun te zijn”) de volledige betekenis: “De stof lijkt dun.” De formulering geeft een indruk of beoordeling weer, geen stellige vaststelling.
Die andere fühlt sich robuster und wärmer an.
De andere voelt steviger en warmer aan.
- Die andere
- de andere
- fühlt sich
- voelt zich
- robuster
- steviger
- wärmer
- warmer
Uitgebreide uitleg
Die andere betekent hier “de andere”. Die is in deze combinatie een aanwijzend voornaamwoord in de vorm voor vrouwelijk enkelvoud; andere is een als zelfstandig naamwoord gebruikt bijvoeglijk naamwoord, afgeleid van ander-. Het zelfstandig naamwoord waarnaar deze uitdrukking verwijst, wordt in de vaste zin niet genoemd. Dezelfde bouw is bijvoorbeeld: Ich nehme die andere. — “Ik neem de andere.” fühlt sich komt van sich fühlen, “zich voelen”. fühlt is de derde persoon enkelvoud van fühlen in de tegenwoordige tijd; sich is het wederkerende voornaamwoord. In de uitdrukking sich ... anfühlen gaat het om hoe iets aanvoelt, niet noodzakelijk om letterlijk “zichzelf voelen”. Voorbeeld: Der Stoff fühlt sich weich an. — “De stof voelt zacht aan.” robuster is de vergrotende trap van het bijvoeglijk naamwoord robust: robust → robuster (“robuust” → “robuuster/steviger”). Hier beschrijft het hoe de andere aanvoelt. De uitgang -er hoort bij de vergelijking van robust; hij is hier geen uitgang van het zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Diese Tasche fühlt sich robuster an. — “Deze tas voelt steviger aan.” wärmer is de vergrotende trap van warm: warm → wärmer (“warm” → “warmer”). Ook dit is hier een predicatieve vergelijking na fühlt sich ... an; het bijvoeglijk naamwoord krijgt daarom geen extra naamvalsuitgang. Voorbeeld: Die Decke fühlt sich wärmer an. — “De deken voelt warmer aan.” Samen vormt fühlt sich ... an het scheidbare werkwoord sich anfühlen. Het voorvoegsel an staat in deze hoofdzin achteraan. robuster und wärmer geeft twee eigenschappen in de vergrotende trap. De volledige betekenis is: “De andere voelt steviger en warmer aan.”
Die könnte für den Alltag besser sein.
Die is misschien beter voor dagelijks gebruik.
- Die
- die / dat (verwijzend voornaamwoord)
- könnte
- zou kunnen
- für den Alltag
- voor dagelijks gebruik
- besser
- beter
- sein
- zijn
Uitgebreide uitleg
Die is hier een aanwijzend voornaamwoord voor het bedoelde kledingstuk of andere zaak. De vertaling en de context ondersteunen hier de enkelvoudige lezing: “die”. De vorm die kan in andere zinnen ook een vrouwelijk enkelvoud of een meervoud aanduiden; de vorm alleen bepaalt dus niet altijd het aantal. Voorbeeld: Die ist neu. = “Die is nieuw.” könnte is de vorm van können voor een voorzichtige mogelijkheid: “zou kunnen” of “misschien”. Het is de Konjunktiv II-vorm; daarmee klinkt de uitspraak minder stellig dan kann (“kan”). In combinatie met een tweede werkwoord staat dat werkwoord als infinitief aan het einde: könnte ... sein = “zou ... kunnen zijn”. Voorbeeld: Das könnte stimmen. = “Dat zou kunnen kloppen.” für den Alltag betekent hier “voor dagelijks gebruik” of letterlijk “voor het dagelijks leven”. für krijgt in het Duits de accusatief; daarom staat het mannelijke zelfstandig naamwoord Alltag hier als den Alltag, niet als der Alltag. De vaste combinatie für den Alltag is bruikbaar voor dingen die praktisch zijn in gewone dagelijkse situaties. Voorbeeld: Diese Schuhe sind für den Alltag geeignet. = “Deze schoenen zijn geschikt voor dagelijks gebruik.” besser is de vergrotende trap van gut: gut – besser – am besten (“goed” – “beter” – “het best”). Hier vergelijkt besser de bedoelde zaak met een andere mogelijkheid of met een eerder besproken optie; het zegt alleen dat zij geschikter is voor dagelijks gebruik, niet waarin dat precies zit. Voorbeeld: Diese Lösung ist besser. = “Deze oplossing is beter.” sein is de infinitief van sein, “zijn”. Na het modale werkwoord könnte blijft het in de infinitief en staat het aan het einde van de zin. Het verbindt het onderwerp met de beoordeling besser für den Alltag: etwas könnte besser sein = “iets zou beter kunnen zijn”. Samen vormen de delen Die könnte ... sein en besser für den Alltag de betekenis: “Die zou misschien beter zijn voor dagelijks gebruik.” De spreker beoordeelt de eerder bedoelde zaak als mogelijk geschikter voor dagelijks gebruik, zonder dat als zekerheid te presenteren.
Probier sie zuerst an und schau, wie sie sich anfühlt.
Trek hem eerst aan en kijk hoe hij aanvoelt.
- Probier … an
- pas ... aan
- sie
- hem
- zuerst
- eerst
- schau
- kijk
- wie
- hoe
- sich anfühlt
- aanvoelt
Uitgebreide uitleg
Probier … an is de gebiedende wijs van het scheidbare werkwoord anprobieren: iets passen door het aan te trekken. Het werkwoord splitst hier: Probier staat vooraan en an aan het einde van de eerste deelzin. Probier richt zich tot één persoon in de informele du-vorm. Voorbeeld: Probier die Jacke an. — Pas die jas aan. sie is hier het persoonlijk voornaamwoord in de vierde naamval (accusatief), vrouwelijk enkelvoud. De vaste vertaling maakt duidelijk dat het om één eerder genoemd item gaat; de gegevens leggen niet vast welk zelfstandig naamwoord dat precies is. De vorm sie kan in andere contexten ook meervoud zijn of een andere grammaticale functie hebben, maar hier past de enkelvoudige lezing bij de vaste vertaling. zuerst betekent “eerst” en geeft de volgorde aan: het passen gebeurt vóór de volgende handeling. Het is een bijwoord en verandert niet van vorm. schau is de informele gebiedende wijs voor één persoon van schauen (“kijken”). De constructie Schau, wie … leidt een bijzin in die aangeeft waarnaar iemand moet kijken. Voorbeeld: Schau, wie das Kleid sitzt. — Kijk hoe de jurk zit. wie betekent hier “hoe”. Het leidt de bijzin wie sie sich anfühlt in. In deze bijzin staat het vervoegde werkwoord achteraan, waardoor anfühlt aan het einde staat. anfühlt hoort bij het wederkerende, scheidbare werkwoord sich anfühlen (“aanvoelen”). Het onderwerp is sie, dus de vorm is in een hoofdzin sie fühlt sich an; in deze bijzin wordt dat sie sich anfühlt. sich hoort bij deze werkwoordconstructie en betekent hier niet zelfstandig “zichzelf”. Voorbeeld: Der Stoff fühlt sich weich an. — De stof voelt zacht aan. Samen bevat de uiting twee opdrachten: Probier sie zuerst an (“Pas hem eerst aan”) en schau, wie sie sich anfühlt (“en kijk hoe hij aanvoelt”). De eerste opdracht gebruikt anprobieren; daarna geeft de wie-bijzin aan wat tijdens het passen beoordeeld moet worden: hoe het item aanvoelt. De informele du-gebiedende wijs past bij alledaagse omgangstaal.
Ich werde beide anprobieren, bevor ich mich entscheide.
Ik zal ze allebei passen voordat ik beslis.
- Ich werde
- ik zal
- beide
- allebei
- anprobieren
- passen
- bevor
- voordat
- entscheide
- beslis
Uitgebreide uitleg
Ich werde: Hier is werde de vervoegde vorm van werden bij ich. Samen met een infinitief vormt het de Duitse toekomende tijd: Ich werde ... anprobieren = “ik zal ... passen”. Het onderwerp Ich bepaalt de persoonsvorm; bij een andere persoon verandert werden, bijvoorbeeld Sie werden ... = “zij zullen ...”. beide: Dit betekent hier “allebei” en geeft aan dat het om twee eerder bedoelde zaken gaat. De vaste gegevens identificeren niet precies welke zaken dat zijn. Een bruikbaar patroon is beide + meervoudig zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld beide Schuhe = “beide schoenen”. anprobieren: Dit is de infinitief “passen” in de betekenis iets aantrekken om te beoordelen of het goed zit. Het is een scheidbaar werkwoord: in een hoofdzin kan het voorvoegsel loskomen, bijvoorbeeld Ich probiere beide an = “Ik pas ze allebei.” Na werde blijft de volledige infinitief aan het einde staan: werde ... anprobieren. bevor: Dit onderschikkende voegwoord betekent “voordat” en leidt een gebeurtenis in die eerder plaatsvindt dan de gebeurtenis in de hoofdzin. In de bijzin staat de vervoegde persoonsvorm aan het einde: bevor ich mich entscheide = “voordat ik beslis”. entscheide: Dit is de vorm bij ich van sich entscheiden, “beslissen” of “een keuze maken”. Het werkwoord is wederkerend: bij ich hoort het voornaamwoord mich; bij du bijvoorbeeld du entscheidest dich. De vorm entscheide is hier de tegenwoordige tijd, terwijl bevor de volgorde met de toekomstige hoofdzin verbindt. Samen betekent de zin: “Ik zal ze allebei passen voordat ik beslis.” Ich werde beide anprobieren zegt wat de spreker zal doen; bevor ich mich entscheide geeft aan dat dit vóór het beslissen gebeurt. De woordvolgorde illustreert een herbruikbaar patroon: Ich werde X ..., bevor ich mich entscheide = “Ik zal X ..., voordat ik beslis.”
Das sollte die Wahl leichter machen.
Dat zou de keuze makkelijker moeten maken.
- Das
- dat
- sollte
- zou moeten
- Wahl
- keuze
- leichter
- makkelijker
- machen
- maken
Uitgebreide uitleg
Das staat hier zelfstandig en betekent “dat”. Het is een aanwijzend voornaamwoord; de vorm is onzijdig enkelvoud. In deze context verwijst het naar iets dat uit de voorafgaande situatie volgt, zonder dat de zin zelf een zelfstandig naamwoord herhaalt. sollte is de vorm van sollen voor de betekenis “zou moeten”. Samen met een infinitief drukt het hier een verwachte of bedoelde uitwerking uit: “zou ... moeten”. Het is niet hetzelfde als het eenvoudige tegenwoordige soll (“moet”); sollte maakt de uitspraak minder direct en hier ook voorspellend. Wahl is een zelfstandig naamwoord en betekent “keuze”. Het grondwoord is Wahl; het woord wordt als zelfstandig naamwoord met een hoofdletter geschreven. Een veelgebruikte vorm is die Wahl, want Wahl is vrouwelijk. leichter is de vergrotende trap van leicht (“makkelijk”). De reeks is leicht – leichter – am leichtesten: makkelijk – makkelijker – het makkelijkst. Hier beschrijft leichter het resultaat voor die Wahl; het krijgt in deze positie geen aparte uitgang. machen betekent “maken” en staat hier als infinitief. In het patroon etwas leichter machen betekent het letterlijk dat iets makkelijker wordt gemaakt: Das macht die Aufgabe leichter. — “Dat maakt de taak makkelijker.” Omdat sollte de vervoegde vorm is, staat machen aan het einde. De delen bouwen samen het patroon Das sollte + iets + bijvoeglijk naamwoord in de vergrotende trap + machen. Das is het onderwerp, die Wahl is wat door de handeling beïnvloed wordt, en leichter beschrijft het beoogde resultaat. De volledige betekenis is: “Dat zou de keuze makkelijker moeten maken.”
Grammatica
sich entscheiden für + Akkusativ
Ich entscheide mich für die Jacke.
Isj ent-sjai-duh miesj fuur die jak-uh.Ik kies voor de jas.
Het werkwoord is wederkerend: bij ich hoort mich, dat na het vervoegde werkwoord staat.
anprobieren → Probier ... an
Probier sie zuerst an.
Pro-bie-uh zíe tsoe-eerst an.Pas haar eerst.
Bij een scheidbaar werkwoord staat an aan het einde van de zin.
Duits woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Deze voelt licht aan.
Antwoord tonen
Diese fühlt sich leicht an.De stof lijkt dun.
Antwoord tonen
Der Stoff scheint dünn zu sein.Dat zou de keuze makkelijker moeten maken.
Antwoord tonen
Das sollte die Wahl leichter machen.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
dun
Antwoord tonen
dünnvergelijken
Antwoord tonen
Vergleichenjas
Antwoord tonen
Jackenpasvorm