Waardevolle spullen veilig houden op een drukke markt | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: At a crowded market, two adults talk about keeping valuables in safe pockets and staying close while walking..

NL → DE / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Waardevolle spullen veilig houden op een drukke markt oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Dieser Markt ist voller, als ich erwartet habe.

diezer markt ist folluh, als iech uh-vartut haabuh. Deze markt is drukker dan ik had verwacht.
B

Bewahre deine Wertsachen im vorderen Fach auf.

be-vaa-ruh daai-nuh veert-tsaa-chuhn im for-duh-ruhn fakh auf. Bewaar je waardevolle spullen in het voorvak.
A

Soll ich meine Tasche ganz zumachen?

zol iech maai-nuh ta-sjuh gants tsoe-maakhuhn? Moet ik mijn tas helemaal dichtdoen?
B

Mach sie ganz zu und halte sie vor dich.

makh zie gants tsoe oent hal-tuh zie foor dich. Doe hem helemaal dicht en houd hem voor je.
A

Mein Handy ist im Innenfach.

main hendi ist im inuhn-fakh. Mijn telefoon zit in het binnenvak.
B

Das ist sicherer als das Außenfach.

das ist zie-chuh-rer als das au-suhn-fakh. Dat is veiliger dan het buitenvak.
A

Ich werde vorsichtig sein, während wir gehen.

iech veer-duh for-zich-tich zain, veer-uhnt vier gee-uhn. Ik zal voorzichtig zijn terwijl we lopen.
B

Bleib dicht bei mir, damit wir nicht getrennt werden.

blaip dicht bai mier, da-mit vier nicht guh-trent veer-duhn. Blijf dicht bij me, zodat we niet uit elkaar raken.

Uitleg van de zinnen

  1. Dieser Markt ist voller, als ich erwartet habe.

    Deze markt is drukker dan ik had verwacht.

    Dieser
    deze
    Markt
    markt
    ist
    is
    voller
    drukker
    als
    dan
    erwartet
    verwacht
    Uitgebreide uitleg

    Dieser betekent hier “deze” en hoort bij Markt. Het is de vorm voor mannelijk enkelvoud in de nominatief: dieser Markt. De vorm verandert mee met het grammaticale geslacht, de naamval en het getal van het zelfstandig naamwoord; vergelijk bijvoorbeeld diese Stadt en dieses Haus. Markt is het zelfstandig naamwoord voor “markt”. Het meervoud is Märkte; de klinker verandert daarbij. Voorbeeld: Der Markt ist heute offen. — “De markt is vandaag open.” ist is de tegenwoordige tijd van sein (“zijn”) in de derde persoon enkelvoud. Hier hoort die vorm bij het onderwerp Markt. Het werkwoord verbindt Markt met de beschrijving voller. voller is de vergrotende trap van voll (“vol”): voll → voller → am vollsten (“het volst”). Hier betekent het, volgens de vaste vertaling, “drukker”. De vorm voller hoort bij het bijvoeglijk naamwoord voll, niet bij Markt. Voorbeeld: Der Zug ist voller als gestern. — “De trein is voller dan gisteren.” als betekent in deze vergelijking “dan”. Na een vergrotende trap gebruikt het Duits doorgaans als: größer als (“groter dan”), schneller als (“sneller dan”). Dit verschilt van wie, dat bij een gelijkheidsvergelijking staat: so groß wie — “even groot als”. erwartet is hier het voltooid deelwoord van erwarten (“verwachten”). Samen met habe vormt het het perfectum: ich habe erwartet — letterlijk “ik heb verwacht”, hier volgens de vaste vertaling “ik had verwacht”. Het voltooid deelwoord blijft in deze constructie hetzelfde bij verschillende personen; het hulpwerkwoord verandert wel. Voorbeeld: Ich habe das nicht erwartet. — “Dat had ik niet verwacht.” Samen vormt Dieser Markt ist voller de hoofdzin “Deze markt is drukker”. Daarna geeft als ich erwartet habe het vergelijkingspunt: “dan ik had verwacht”. In deze bijzin staat het hulpwerkwoord habe achteraan en staat erwartet ervoor. De volledige betekenis is: “Deze markt is drukker dan ik had verwacht.”

  2. Bewahre deine Wertsachen im vorderen Fach auf.

    Bewaar je waardevolle spullen in het voorvak.

    Bewahre … auf
    bewaar …
    Wertsachen
    waardevolle spullen
    vorderen
    voorste
    Fach
    vak
    Uitgebreide uitleg

    Bewahre … auf Dit is de gebiedende wijs voor één aangesproken persoon van het scheidbare werkwoord aufbewahren = bewaren/opbergen. In een hoofdzin staat het voorvoegsel auf achteraan: Bewahre den Schlüssel auf. = Bewaar de sleutel. De twee delen horen dus bij elkaar, ook al staan ze niet naast elkaar. Wertsachen Hier betekent dit zelfstandig naamwoord “waardevolle spullen”. Het is een meervoudsvorm; het enkelvoud is die Wertsache. Het meervoud heeft hier dezelfde vorm in de accusatief als in de nominatief. In de zin is Wertsachen wat opgeborgen moet worden. deine maakt daar “jouw waardevolle spullen” van. vorderen Dit is de verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord vorder-, met de betekenis “voorste” of “aan de voorkant gelegen”. In im vorderen Fach staat de uitgang -en, omdat im hier in dem is en het bijvoeglijk naamwoord bij een datiefconstructie met een bepaald lidwoord staat. De vorm zegt dus iets over de plaats van het vak, niet over het aantal spullen. Fach Fach is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Fach. In deze zin betekent het “vak” of “compartiment”. Het meervoud is Fächer, met een umlaut: ein Fach, zwei Fächer. Gecombineerd staat er een bevel: Bewahre deine Wertsachen im vorderen Fach auf. Het object is “je waardevolle spullen”; im vorderen Fach geeft de plaats aan waar je ze moet bewaren. De volledige betekenis is daarom: “Bewaar je waardevolle spullen in het voorvak.”

  3. Soll ich meine Tasche ganz zumachen?

    Moet ik mijn tas helemaal dichtdoen?

    Soll ich
    zal ik …?
    Tasche
    tas
    ganz
    helemaal
    zumachen
    dichtdoen
    Uitgebreide uitleg

    Soll ich vraagt of de spreker iets moet of zal doen. sollen is de basisvorm; soll is de tegenwoordige tijd in de eerste persoon enkelvoud. In deze vraag gaat het om de keuze of handeling van de spreker: “Moet ik …?” Een vergelijkbaar patroon is Soll ich warten? — “Moet ik wachten?” Tasche betekent hier “tas”. Het is een zelfstandig naamwoord: die Tasche, meervoud die Taschen. In meine Tasche staat de bezittelijke vorm bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in de accusatief; de tas is hier het voorwerp dat wordt dichtgedaan. ganz betekent hier “helemaal” en versterkt de handeling: de tas moet volledig dicht zijn. Het is een bijwoord en verandert niet mee met Tasche. Bijvoorbeeld: Die Tür ist ganz offen. — “De deur staat helemaal open.” zumachen betekent “dichtdoen” of “sluiten”. De basisvorm is het scheidbare werkwoord zumachen, opgebouwd uit zu en machen. In de infinitief blijven ze samen, zoals hier; in een gewone hoofdzin kunnen ze scheiden: Ich mache die Tasche zu. — “Ik doe de tas dicht.” Samen vormen de delen de vraag Soll ich meine Tasche ganz zumachen?: de spreker vraagt of die zijn of haar tas helemaal moet dichtdoen. De context ondersteunt daarbij dezelfde tas en het volledig sluiten ervan.

  4. Mach sie ganz zu und halte sie vor dich.

    Doe hem helemaal dicht en houd hem voor je.

    Mach … zu
    doe dicht
    sie
    hem
    ganz
    helemaal
    halte
    houd
    vor dich
    voor je
    Uitgebreide uitleg

    Mach ... zu is een bevel aan één persoon met du. Het werkwoord zumachen betekent “dichtdoen”; in deze zin staat het gesplitst: Mach staat vooraan en zu aan het einde van het werkwoordelijke deel. Voorbeeld: Mach die Tür zu. — “Doe de deur dicht.” sie is hier het persoonlijk voornaamwoord in de vierde naamval voor een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. In de gegeven context sluit het aan bij die Tasche uit de vorige zin; daarom wordt het in de vertaling als “hem” weergegeven. De vorm sie kan in andere zinnen ook een andere grammaticale functie hebben, dus de vorm alleen bepaalt niet altijd de concrete verwijzing. ganz is een bijwoord en versterkt hier zu: iets wordt volledig dichtgedaan, niet slechts gedeeltelijk. Het staat vóór het gesplitste slot zu. halte is de bevelsvorm van halten voor du: du hältst wordt in het bevel Halte!. In deze zin betekent halten dat je iets vasthoudt of op een bepaalde plaats houdt. Voorbeeld: Halte das Buch vor dich. — “Houd het boek voor je.” vor dich betekent hier “voor je”, dus op een plaats vóór de aangesprokene. vor krijgt in deze combinatie de vierde naamval (dich), omdat het gaat om iets ergens vóór iemand plaatsen of houden; dich is de vorm van du na een voorzetsel dat hier de vierde naamval gebruikt. Het zegt niet dat het voorwerp vóór iemand anders wordt gehouden. De zin bouwt zo op: het voorwerp wordt eerst volledig dichtgedaan (Mach sie ganz zu) en daarna vóór de aangesprokene gehouden (halte sie vor dich). Als geheel betekent de uiting: “Doe hem helemaal dicht en houd hem voor je.”

  5. Mein Handy ist im Innenfach.

    Mijn telefoon zit in het binnenvak.

    Mein
    mijn
    Handy
    telefoon
    ist
    is
    im
    in het
    Innenfach
    binnenvak
    Uitgebreide uitleg

    Mein staat hier vóór Handy en betekent “mijn”. Het is de bezittelijke vorm bij de eerste persoon enkelvoud. In deze zin krijgt het geen uitgang: Handy is onzijdig en staat hier in de nominatief. Vergelijk: mein Handy (“mijn telefoon”), maar meine Tasche (“mijn tas”) bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord. Handy betekent hier “mobiele telefoon”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Handy. Het meervoud is Handys: zwei Handys betekent “twee telefoons”. ist is de derde persoon enkelvoud van sein (“zijn”). Bij een plaatsaanduiding kan Duits sein in het Nederlands natuurlijk als “zitten”, “liggen” of “zijn” worden weergegeven, afhankelijk van het genoemde voorwerp en de situatie. Hier geeft ist samen met im Innenfach aan waar de telefoon zich bevindt. im is de vaste samentrekking van in dem: in + dem wordt im. In im Innenfach staat de plaatsbepaling met de datief. De datief is hier niet zichtbaar aan een uitgang van Innenfach; hij blijkt uit het lidwoord in de volledige vorm in dem Innenfach en uit de samentrekking im. Innenfach betekent “binnenvak”. Het is een onzijdig samengesteld zelfstandig naamwoord: das Innenfach. Het eerste deel Innen- specificeert het soort vak; Fach betekent “vak”. Het tegenovergestelde patroon in deze context is Außenfach, “buitenvak”. Samen vormen de delen Mein Handy + ist + im Innenfach de mededeling: “Mijn telefoon zit in het binnenvak.” De bezittelijke bepaling geeft aan welke telefoon bedoeld is, ist verbindt die telefoon met een plaats, en im Innenfach noemt die plaats.

  6. Das ist sicherer als das Außenfach.

    Dat is veiliger dan het buitenvak.

    Das
    dat
    ist
    is
    sicherer
    veiliger
    als
    dan
    das
    het
    Außenfach
    buitenvak
    Uitgebreide uitleg

    Das betekent hier dat als zelfstandig aanwijzend voornaamwoord. Het verwijst naar iets dat in de situatie wordt aangewezen of al bekend is, zonder dat deze zin zelf precies benoemt waarnaar. De vorm das is onzijdig enkelvoud; dit woord is hier niet het lidwoord bij Außenfach, want het staat daar los van. Voorbeeld: Das ist neu. — Dat is nieuw. ist is de tegenwoordige tijd van sein (zijn) bij de derde persoon enkelvoud: sein – ist. Het koppelt het onderwerp aan een eigenschap. Voorbeeld: Das ist wichtig. — Dat is belangrijk. sicherer is de vergrotende trap van het bijvoeglijk naamwoord sicher (veilig): sicher – sicherer – am sichersten (veilig – veiliger – het veiligst). De uitgang -er vormt hier de vergelijking met iets anders. Voorbeeld: Dieser Weg ist sicherer. — Deze weg is veiliger. als betekent in deze vergelijkingsconstructie dan. Het patroon is X ist [vergrotende trap] als Y: Der Weg ist sicherer als die Straße. — De weg is veiliger dan de straat. Het tweede das is het bepaalde lidwoord bij het onzijdige enkelvoudige zelfstandig naamwoord Außenfach. Het betekent hier het; het drukt op zichzelf geen aantal uit. De vorm das past bij het onzijdige enkelvoud; bij andere naamvallen of geslachten kunnen Duitse lidwoordsvormen anders zijn. Außenfach betekent buitenvak. Het is een samenstelling met Fach (vak) als laatste deel; daarom is het onzijdig, net als das Fach, en krijgt het het lidwoord das. Het meervoud is die Außenfächer. Voorbeeld: Das Außenfach ist leer. — Het buitenvak is leeg. Samen vormt de zin het patroon Das ist [vergrotende trap] als das Außenfach: dat wordt als veiliger beschreven dan het buitenvak. De volledige betekenis is: Dat is veiliger dan het buitenvak.

  7. Ich werde vorsichtig sein, während wir gehen.

    Ik zal voorzichtig zijn terwijl we lopen.

    Ich werde
    ik zal
    vorsichtig
    voorzichtig
    sein
    zijn
    während
    terwijl
    gehen
    lopen
    Uitgebreide uitleg

    Ich werde drukt hier samen met sein de toekomst uit: “ik zal … zijn”. werde is de vorm van werden bij ich; in deze constructie is werden het hulpwerkwoord voor de futurumvorming. Het zelfstandige werkwoord staat als infinitief aan het einde van de werkwoordgroep. Voorbeeld: Ich werde morgen kommen. — “Ik zal morgen komen.” vorsichtig betekent hier dat de spreker voorzichtig zal zijn. Het is een bijvoeglijk naamwoord; na sein beschrijft het de toestand of manier van handelen van het onderwerp. Het verandert in deze positie niet omdat het na sein staat. Een nuttig contrast is vorsichtig tegenover unvorsichtig: voorzichtig tegenover onvoorzichtig. sein is de infinitief van “zijn”. In werde ... sein blijft het in de infinitief, omdat werden de vervoegde vorm draagt. De tegenwoordige vormen zijn bijvoorbeeld ich bin — “ik ben” en wir sind — “wij zijn”; na werde gebruik je echter sein, niet bin of sind. während leidt hier een bijzin in met de betekenis “terwijl”. In zo’n Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans achteraan: während wir gehen. Het kan een gelijktijdige handeling verbinden met de hoofdzin. Voorbeeld: Während wir warten, liest sie. — “Terwijl wij wachten, leest zij.” gehen betekent hier “lopen” of “gaan”. In wir gehen is het de tegenwoordige tijd, eerste persoon meervoud: “wij lopen/gaan”. De infinitief is eveneens gehen; bij andere onderwerpen verandert de vorm, bijvoorbeeld ich gehe — “ik loop” en sie gehen — “zij lopen”. Samen betekent Ich werde vorsichtig sein “Ik zal voorzichtig zijn”. De bijzin während wir gehen voegt de gelijktijdige omstandigheid toe: dat gebeurt terwijl wij lopen. De volledige uiting betekent dus: “Ik zal voorzichtig zijn terwijl we lopen.”

  8. Bleib dicht bei mir, damit wir nicht getrennt werden.

    Blijf dicht bij me, zodat we niet uit elkaar raken.

    Bleib
    blijf
    dicht
    dichtbij
    bei mir
    bij me
    damit
    zodat
    nicht getrennt werden
    niet gescheiden worden
    Uitgebreide uitleg

    Bleib is de gebiedende wijs van bleiben voor één aangesproken persoon: “blijf”. De stamvorm is bleiben; in een gewone mededeling krijg je bijvoorbeeld Du bleibst hier (“Je blijft hier”). De gebiedende wijs maakt hier een direct verzoek of bevel. dicht betekent hier “dichtbij”, niet “gesloten”. Het is in deze zin een bijwoord bij de plaatsaanduiding. Een bruikbaar contrast is weit (“ver weg”): Bleib dicht bei mir tegenover Bleib weit weg. bei mir betekent “bij mij”. bei staat in deze betekenis met de datief. mir is de datiefvorm van het eerste-persoonspronomen: ich (“ik”) wordt mir (“mij” als datief). Samen met dicht vormt dit de herbruikbare plaatsconstructie dicht bei + persoon: Sie bleibt dicht bei ihm betekent “Zij blijft dicht bij hem”. damit leidt een bijzin van doel in: “zodat” of “opdat”. In zo’n Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord aan het einde. Het patroon is bijvoorbeeld ..., damit wir ... können (“..., zodat we ... kunnen”). nicht getrennt werden betekent hier “niet gescheiden worden” en sluit aan bij de vaste vertaling “niet uit elkaar raken”. getrennt is het voltooid deelwoord van trennen (“scheiden”); werden helpt hier de lijdende vorm te maken. Het onderwerp van deze bijzin is wir (“wij”), en werden staat daarom bij een meervoudig onderwerp. Het woord nicht ontkent de daaropvolgende toestand of gebeurtenis. Samen betekent Bleib dicht bei mir “Blijf dicht bij me”. damit wir nicht getrennt werden geeft het doel daarvan: “zodat we niet uit elkaar raken”. De volledige zin is dus: “Blijf dicht bij me, zodat we niet uit elkaar raken.”

Grammatica

Bewahre ... auf

Bewahre die Wertsachen im Innenfach auf.

be-vaa-ruh die veert-tsaa-chuhn im inuhn-fakh auf.

Bewaar de waardevolle voorwerpen in het binnenvak.

aufbewahren is een scheidbaar werkwoord: in de gebiedende wijs staat auf achteraan.

sicherer

Das Innenfach ist sicherer als das Außenfach.

das inuhn-fakh ist zie-chuh-rer als das au-suhn-fakh.

Het binnenvak is veiliger dan het buitenvak.

Bij een vergelijking krijgt het bijvoeglijk naamwoord vaak de uitgang -er: sicher wordt sicherer.

Duits woordenschat

aufbewahren werkwoord
auf-buh-vaa-ruhn bewaren Bewahre ... auf
erwarten werkwoord
uh-var-tuhn verwachten erwartet
Fach zelfstandig naamwoord
fakh vak
ganz bijwoord
gants helemaal
halten werkwoord
hal-tuhn vasthouden halte
machen werkwoord
maakhuhn doen Mach ... zu
Markt zelfstandig naamwoord
markt markt
Tasche zelfstandig naamwoord
ta-sjuh tas
voll bijvoeglijk naamwoord
foll vol voller
vorder bijvoeglijk naamwoord
for-duh voorste vorderen
Wertsache zelfstandig naamwoord
veert-tsaa-chuh waardevol voorwerp Wertsachen
zumachen werkwoord
tsoe-maakhuhn dichtdoen

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Moet ik mijn tas helemaal dichtdoen?

Antwoord tonenSoll ich meine Tasche ganz zumachen?

Mijn telefoon zit in het binnenvak.

Antwoord tonenMein Handy ist im Innenfach.

Dat is veiliger dan het buitenvak.

Antwoord tonenDas ist sicherer als das Außenfach.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

tas

Antwoord tonenTasche

voorste

Antwoord tonenvorderen

helemaal

Antwoord tonenganz

verwachten

Antwoord tonenerwartet