Ich
In «Ich fühle mich jetzt erholter» betekent Ich ‘ik’ en is het de persoon die iets ervaart. Het staat hier als onderwerp vóór de persoonsvorm fühle.
fühle
In «Ich fühle mich jetzt erholter» betekent fühle ‘voel’. Deze vorm hoort bij het onderwerp Ich en wordt gebruikt in de vaste combinatie «Ich fühle mich ...» om een eigen toestand te beschrijven.
mich
In «Ich fühle mich jetzt erholter» betekent mich ‘me’ en verwijst het terug naar de persoon die voelt. Samen met fühle maakt het de uitdrukking «Ich fühle mich ...», die je gebruikt om te zeggen hoe je je voelt.
jetzt
In «Ich fühle mich jetzt erholter» betekent jetzt ‘nu’. Het plaatst de beschreven toestand op het huidige moment, na de pauze.
erholter
In «Ich fühle mich jetzt erholter» betekent erholter ‘meer uitgerust’ of ‘meer hersteld’. De vorm vergelijkt de toestand nu met een eerdere toestand en past bij de uitdrukking «sich erholter fühlen».
Fangen
In «Fangen wir mit dem wichtigsten Teil an» draagt Fangen de betekenis ‘beginnen’ in de oproep ‘laten we beginnen’. De vorm hoort bij de constructie «Fangen wir ... an», die je gebruikt om samen een activiteit te starten.
wir
In «Fangen wir mit dem wichtigsten Teil an» betekent wir ‘we’ of ‘wij’. Het verwijst naar de spreker en de gesprekspartner samen en staat in deze gezamenlijke oproep vóór het werkwoord.
mit
In «Fangen wir mit dem wichtigsten Teil an» betekent mit ‘met’. Het introduceert hier het onderdeel waarmee de activiteit begint; bij beginnen wordt mit gevolgd door het genoemde onderdeel.
dem
In «mit dem wichtigsten Teil» is dem de vorm van het lidwoord bij Teil na mit. Het verwijst naar ‘het’ belangrijkste deel en hoort samen met wichtigsten Teil bij mit.
wichtigsten
In «mit dem wichtigsten Teil» betekent wichtigsten ‘belangrijkste’. Het geeft aan dat dit deel voorrang heeft en staat vóór het zelfstandig naamwoord Teil.
Teil
In «mit dem wichtigsten Teil» betekent Teil ‘deel’ of ‘onderdeel’. Het verwijst naar het gedeelte van het werk waarmee ze willen beginnen; het patroon is «mit dem ... Teil anfangen».
an
In «Fangen wir mit dem wichtigsten Teil an» is an het werkwoorddeeltje dat zusammen met Fangen de betekenis ‘beginnen’ vormt. Hetzelfde deeltje staat ook in «sehe sie mir an» en «fühlte sich die Arbeit leichter an», waar het deel uitmaakt van een andere samengestelde werkwoorduitdrukking.
Sollen
In «Sollen wir mit dem Diagrammabschnitt weitermachen?» geeft Sollen een voorstel of vraag weer: ‘zullen we ...?’ Het wordt hier gecombineerd met wir en met het infinitief weitermachen.
Diagrammabschnitt
In «mit dem Diagrammabschnitt weitermachen» betekent Diagrammabschnitt ‘diagramgedeelte’ of ‘gedeelte van een diagram’. Het is het specifieke onderdeel waar ze naartoe willen terugkeren; het samengestelde woord benoemt een sectie van een diagram.
weitermachen
In «Sollen wir mit dem Diagrammabschnitt weitermachen?» betekent weitermachen ‘doorgaan’ of ‘verdergaan’. Na Sollen staat het als infinitief, en met mit benoemt het waarmee je verdergaat.
Dieser
In «Dieser Teil braucht die meiste Konzentration» betekent Dieser ‘dit’ of ‘deze’ en verwijst het naar het zojuist genoemde deel. Het staat direct vóór Teil om dat deel aan te wijzen.
braucht
In «Dieser Teil braucht die meiste Konzentration» betekent braucht ‘heeft nodig’ of ‘vraagt’. Het onderwerp is Dieser Teil en het benodigde wordt erna genoemd.
die
In «die meiste Konzentration» is die het lidwoord bij Konzentration. Samen met meiste verwijst het naar de grootste hoeveelheid concentratie die nodig is.
meiste
In «die meiste Konzentration» betekent meiste ‘meeste’. Het geeft aan dat dit deel meer concentratie vraagt dan de andere onderdelen die in de context worden bedoeld.
Konzentration
In «Dieser Teil braucht die meiste Konzentration» betekent Konzentration ‘concentratie’. Het benoemt de mentale aandacht die nodig is om dit deel goed te verwerken; het staat na braucht als datgene wat nodig is.
öffnet
De aangeleverde eenheid öffnet staat niet letterlijk in de dialoog; de dialoog gebruikt de vorm «öffne» in «Ich öffne die Datei und sehe sie mir an». Die vorm betekent ‘open’ en heeft Datei als het geopende object.
Datei
In «Ich öffne die Datei» betekent Datei ‘bestand’. Het is het digitale document dat de spreker opent; bij öffnen kun je het te openen bestand direct erna noemen.
und
In «Ich öffne die Datei und sehe sie mir an» betekent und ‘en’. Het verbindt hier twee handelingen van dezelfde spreker: het bestand openen en het bekijken.
sehe
In «Ich öffne die Datei und sehe sie mir an» betekent sehe hier ‘bekijk’. De vorm maakt samen met an de uitdrukking «sehe sie mir an», die je gebruikt wanneer je iets aandachtig bekijkt.
sie
In «sehe sie mir an» verwijst sie naar «die Datei» en betekent het ‘het’ in de Nederlandse vertaling. Het is datgene wat de spreker bekijkt en staat vóór mir en an in deze constructie.
mir
In «sehe sie mir an» verwijst mir naar de spreker en hoort het bij de constructie waarin iemand iets voor zichzelf bekijkt. Het patroon is «Ich sehe mir ... an», met het bekeken object op de plaats van sie.
lese
In «Ich lese die Kommentare vom Team» betekent lese ‘lees’. De vorm hoort bij het onderwerp Ich en wordt gevolgd door wat de spreker leest, hier die Kommentare.
Kommentare
In «Ich lese die Kommentare vom Team» betekent Kommentare ‘opmerkingen’ of ‘commentaren’. Het zijn de reacties van het team die de spreker leest; het woord staat als meervoud na lese.
vom
In «die Kommentare vom Team» betekent vom ‘van het’. Het geeft aan dat de opmerkingen afkomstig zijn van het team; vom is de samengevoegde vorm van von dem.
Team
In «die Kommentare vom Team» betekent Team ‘team’. Het benoemt de groep die de opmerkingen heeft gemaakt en staat na vom.
während
In «während du das Diagramm prüfst» betekent während ‘terwijl’. Het verbindt de handeling van het lezen met de gelijktijdige handeling van de gesprekspartner en leidt een bijzin in.
du
In «während du das Diagramm prüfst» betekent du ‘jij’. Het verwijst naar de gesprekspartner die het diagram controleert en staat als onderwerp vóór prüfst.
das
In «du das Diagramm prüfst» is das het lidwoord bij Diagramm en betekent het ‘het’. Samen met Diagramm vormt het datgene wat de gesprekspartner controleert.
Diagramm
In «du das Diagramm prüfst» betekent Diagramm ‘diagram’. Het is het document of beeld dat gecontroleerd wordt; het staat na das.
prüfst
In «während du das Diagramm prüfst» betekent prüfst ‘controleert’ of ‘nakijkt’. De vorm hoort bij du en krijgt als object das Diagramm.
kann
In «Ich kann den Details jetzt besser folgen» betekent kann ‘kan’ en drukt het vermogen uit om de details beter te volgen. Het wordt gecombineerd met het infinitief folgen, dat aan het einde van de zin staat.
den
In «den Details folgen» is den de vorm van het lidwoord die hier bij Details staat. Het werkwoord folgen wordt in deze uitdrukking met den Details gebruikt.
Details
In «Ich kann den Details jetzt besser folgen» betekent Details ‘details’. Het gaat om afzonderlijke informatieonderdelen die de spreker nu beter kan bijhouden; het staat na den.
besser
In «den Details jetzt besser folgen» betekent besser ‘beter’. Het vergelijkt het volgen van de details nu met de eerdere situatie en versterkt de verbetering na de pauze.
folgen
In «Ich kann den Details jetzt besser folgen» betekent folgen hier ‘de details volgen’ of ‘bijhouden’. Na kann staat het als infinitief; de vaste combinatie is «den Details folgen».
Durch
In «Durch die Pause fühlte sich die Arbeit leichter an» betekent Durch hier ‘door’ en geeft het de oorzaak van de verandering aan. Het staat vóór die Pause om te zeggen waardoor het werk lichter aanvoelde.
Pause
In «Durch die Pause» betekent Pause ‘pauze’. Het benoemt de onderbreking die volgens de spreker de oorzaak is van het lichtere gevoel bij het werk.
fühlte
In «fühlte sich die Arbeit leichter an» betekent fühlte ‘voelde’. De vorm hoort bij de uitdrukking «sich ... anfühlen», waarmee je beschrijft hoe iets aanvoelt.
sich
In «fühlte sich die Arbeit leichter an» is sich het wederkerende deel van «sich anfühlen». Het maakt duidelijk dat die Arbeit zelf als lichter wordt ervaren.
Arbeit
In «die Arbeit fühlte sich leichter an» betekent Arbeit ‘werk’. Het is datgene waarvan de ervaren zwaarte verandert; samen met leichter an vormt het de beschrijving van hoe het werk aanvoelt.
leichter
In «fühlte sich die Arbeit leichter an» betekent leichter hier ‘lichter’ of ‘gemakkelijker’. Het drukt uit dat het werk na de pauze minder zwaar aanvoelde; het is de vergrotende vorm van leicht.