Können
‘Können’ betekent hier ‘kunnen’ in de beleefde vraag ‘Können Sie ein Buch für Sprachlerner empfehlen?’. Gebruik dit patroon om iemand beleefd te vragen of die iets kan doen, bijvoorbeeld ‘Können Sie mir helfen?’ als nieuw voorbeeld.
Sie
‘Sie’ betekent hier ‘u’ en verwijst naar de persoon die in de bibliotheek wordt aangesproken. In ‘Können Sie ...?’ gebruik je deze vorm voor een beleefde vraag aan één of meer personen.
ein
‘Ein’ betekent hier ‘een’ in ‘ein Buch’. Het staat bij het zelfstandig naamwoord en komt ook voor in patronen zoals ‘ein Buch kaufen’ als nieuw voorbeeld.
Buch
‘Buch’ betekent ‘boek’ in ‘ein Buch für Sprachlerner’. Je kunt het gebruiken voor een boek dat je wilt lezen, lenen of kopen, bijvoorbeeld ‘Ich lese ein Buch’ als nieuw voorbeeld.
für
‘Für’ betekent hier ‘voor’ en geeft aan voor wie het boek bedoeld is: ‘ein Buch für Sprachlerner’. Gebruik ‘für’ ook om de bedoelde persoon of groep te noemen, bijvoorbeeld ‘ein Geschenk für meine Mutter’ als nieuw voorbeeld.
Sprachlerner
‘Sprachlerner’ betekent hier ‘taalleerders’: mensen die een taal leren. In ‘ein Buch für Sprachlerner’ benoemt het woord de doelgroep waarvoor het boek geschikt is.
empfehlen
‘Empfehlen’ betekent ‘aanbevelen’ in de vraag ‘Können Sie ein Buch für Sprachlerner empfehlen?’. Gebruik het met datgene wat je aanbeveelt, bijvoorbeeld ‘Ich kann dieses Buch empfehlen’ als nieuw voorbeeld.
Suchen
‘Suchen’ betekent hier ‘zoeken’ of ‘op zoek zijn naar’ in ‘Suchen Sie einfache Geschichten oder kurze Artikel?’. Gebruik het met wat iemand zoekt, bijvoorbeeld ‘Ich suche ein Buch’ als nieuw voorbeeld.
einfache
‘Einfache’ betekent hier ‘eenvoudige’ bij ‘einfache Geschichten’. Het beschrijft verhalen die niet moeilijk zijn; gebruik dezelfde combinatie wanneer je naar geschikte leesstof vraagt.
Geschichten
‘Geschichten’ betekent ‘verhalen’ in ‘einfache Geschichten’. Het woord verwijst hier naar meerdere verhalen, bijvoorbeeld verhalen die je wilt lezen of aanbevelen.
oder
‘Oder’ betekent ‘of’ en verbindt in ‘einfache Geschichten oder kurze Artikel’ twee mogelijkheden. Gebruik het om een keuze of alternatief te noemen, bijvoorbeeld ‘Tee oder Kaffee?’ als nieuw voorbeeld.
kurze
‘Kurze’ betekent hier ‘korte’ bij ‘kurze Artikel’. Het geeft aan dat de artikelen weinig lengte hebben; je kunt het gebruiken om korte teksten of andere korte dingen te beschrijven.
Artikel
‘Artikel’ betekent hier ‘artikelen’ in ‘kurze Artikel’. In deze bibliotheekvraag gaat het om geschreven teksten die iemand kan lezen.
Ich
‘Ich’ betekent ‘ik’ en verwijst naar de persoon die haar of zijn leeswens uitspreekt in ‘Ich möchte kurze Geschichten ...’. Gebruik het aan het begin van een zin waarin je over jezelf vertelt of iets wilt.
möchte
‘Möchte’ betekent hier ‘zou graag willen’ of ‘wil’ in ‘Ich möchte kurze Geschichten mit einfachen Wörtern’. Gebruik ‘Ich möchte’ gevolgd door wat je graag wilt, bijvoorbeeld ‘Ich möchte ein Buch ausleihen’ als nieuw voorbeeld.
mit
‘Mit’ betekent ‘met’ in ‘mit einfachen Wörtern’ en geeft aan waarmee de verhalen geschreven zijn. Gebruik het om een begeleidend element of middel toe te voegen, bijvoorbeeld ‘Kaffee mit Milch’ als nieuw voorbeeld.
einfachen
‘Einfachen’ betekent hier ‘eenvoudige’ in ‘mit einfachen Wörtern’. Het beschrijft de woorden die in de verhalen worden gebruikt; de exacte vorm hoort bij deze woordgroep met ‘mit’.
Wörtern
‘Wörtern’ betekent ‘woorden’ in ‘mit einfachen Wörtern’. Het benoemt hier de woorden waarmee de verhalen geschreven zijn, bijvoorbeeld in de vaste combinatie ‘mit einfachen Wörtern schreiben’ als nieuw voorbeeld.
Dieses
‘Dieses’ betekent ‘dit’ in ‘Dieses Buch’. Het wijst naar het boek dat de bibliotheekmedewerker aanbeveelt; gebruik het ook om iets specifieks aan te wijzen, bijvoorbeeld ‘Dieses Buch ist interessant’ als nieuw voorbeeld.
hat
‘Hat’ betekent hier ‘heeft’ in ‘Dieses Buch hat leicht verständliche Geschichten und hilfreiche Bilder’. Het geeft aan welke inhoud of kenmerken het boek bevat.
leicht
‘Leicht’ draagt in ‘leicht verständliche Geschichten’ de betekenis ‘gemakkelijk’ bij. Samen met ‘verständliche’ beschrijft het verhalen die gemakkelijk te begrijpen zijn; ‘leicht verständlich’ is ook buiten deze dialoog een bruikbare combinatie.
verständliche
‘Verständliche’ betekent hier ‘begrijpelijke’ in ‘leicht verständliche Geschichten’. Samen met ‘leicht’ beschrijft het verhalen die gemakkelijk te begrijpen zijn, niet alleen verhalen die eenvoudig van onderwerp zijn.
und
‘Und’ betekent ‘en’ en verbindt in ‘leicht verständliche Geschichten und hilfreiche Bilder’ twee onderdelen van wat het boek biedt. Gebruik het om extra informatie toe te voegen, bijvoorbeeld ‘ein Buch und ein Heft’ als nieuw voorbeeld.
hilfreiche
‘Hilfreiche’ betekent hier ‘nuttige’ of ‘helpende’ bij ‘hilfreiche Bilder’. Het beschrijft afbeeldingen die het begrijpen van de verhalen ondersteunen.
Bilder
‘Bilder’ betekent ‘afbeeldingen’ in ‘hilfreiche Bilder’. Het verwijst hier naar visuele elementen in het boek die de lezer kunnen helpen.
Kann
‘Kann’ betekent hier ‘kan’ in de vraag ‘Kann ich es heute mit nach Hause nehmen?’. Gebruik dit patroon om beleefd te vragen of iets is toegestaan of mogelijk, bijvoorbeeld ‘Kann ich dieses Buch ausleihen?’ als nieuw voorbeeld.
es
‘Es’ betekent hier ‘het’ en verwijst naar het aanbevolen boek in ‘Kann ich es heute ... nehmen?’. Gebruik deze vorm om naar het boek terug te verwijzen zonder ‘Buch’ opnieuw te zeggen.
heute
‘Heute’ betekent ‘vandaag’ en geeft in ‘heute mit nach Hause nehmen’ aan wanneer de handeling plaatsvindt. Gebruik het om een plan of actie voor deze dag te benoemen.
nach
‘Nach’ betekent in ‘mit nach Hause nehmen’ niet los simpelweg ‘naar’, maar maakt deel uit van de uitdrukking ‘nach Hause’ voor ‘naar huis’. Gebruik deze combinatie wanneer iemand zich richting huis beweegt.
Hause
‘Hause’ betekent in ‘nach Hause’ ‘huis’ in de vaste betekenis ‘naar huis’. De combinatie ‘nach Hause’ gebruik je om de bestemming van een beweging naar iemands huis aan te geven.
nehmen
‘Nehmen’ betekent hier ‘nemen’ of ‘meenemen’ in ‘mit nach Hause nehmen’. Samen met ‘mit’ en ‘nach Hause’ betekent de uitdrukking dat je het boek mee naar huis neemt; bijvoorbeeld ‘Ich nehme den Schirm mit’ als nieuw voorbeeld.
Bitte
‘Bitte’ betekent ‘alstublieft’ in het beleefde verzoek ‘Bitte zeigen Sie Ihren Bibliotheksausweis am Schalter’. Gebruik het aan het begin van een vriendelijk verzoek, bijvoorbeeld ‘Bitte warten Sie’ als nieuw voorbeeld.
zeigen
‘Zeigen’ betekent ‘tonen’ of ‘laten zien’ in ‘Ihren Bibliotheksausweis ... zeigen’. Gebruik het met wat je aan iemand laat zien, bijvoorbeeld ‘Ich zeige meinen Ausweis’ als nieuw voorbeeld.
Ihren
‘Ihren’ betekent hier ‘uw’ in ‘Ihren Bibliotheksausweis’. Het verwijst naar het bibliotheekpasje van de aangesproken persoon in de beleefde vorm.
Bibliotheksausweis
‘Bibliotheksausweis’ betekent ‘bibliotheekpas’ in ‘Ihren Bibliotheksausweis’. Het is het pasje dat je bij de bibliotheekbalie laat zien om het boek te lenen.
am
‘Am’ betekent hier ‘bij de’ in ‘am Schalter’. Het hoort bij de plaatsaanduiding voor de balie waar de handeling plaatsvindt.
Schalter
‘Schalter’ betekent hier ‘balie’ in ‘am Schalter’. In deze dialoog is het de plek in de bibliotheek waar je je pas laat zien.
leihe
‘Leihe’ betekent hier ‘leen’ in ‘Ich leihe es jetzt aus’. Samen met ‘aus’ vormt het de uitdrukking voor het boek lenen; de spreker zegt dat die het boek nu meeneemt uit de bibliotheek.
jetzt
‘Jetzt’ betekent ‘nu’ in ‘Ich leihe es jetzt aus’. Het benadrukt dat het lenen op dit moment gebeurt; gebruik het om een huidige handeling aan te geven.
aus
‘Aus’ is hier het tweede deel van ‘leihe ... aus’ in ‘Ich leihe es jetzt aus’. Samen betekent de uitdrukking dat de spreker het boek leent; ‘aus’ staat aan het einde van deze zin.
Kommen
‘Kommen’ betekent hier ‘komen’ in het beleefde verzoek ‘Kommen Sie ... zurück’. Samen met ‘zurück’ betekent het ‘terugkomen’; gebruik dit om iemand uit te nodigen later opnieuw te komen.
eine
‘Eine’ betekent ‘een’ in ‘eine weitere Empfehlung’. Het introduceert één volgende aanbeveling; gebruik het ook voor een enkel vrouwelijk zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld ‘eine Frage’ als nieuw voorbeeld.
weitere
‘Weitere’ betekent hier ‘verdere’ of ‘volgende’ in ‘eine weitere Empfehlung’. Het geeft aan dat er na de eerste aanbeveling nog een aanbeveling kan komen.
Empfehlung
‘Empfehlung’ betekent ‘aanbeveling’ in ‘eine weitere Empfehlung’. Het woord is verwant aan ‘empfehlen’ en benoemt hier een boekadvies dat de bibliotheekmedewerker later opnieuw kan geven.
zurück
‘Zurück’ betekent ‘terug’ in ‘Kommen Sie ... zurück’. Het geeft aan dat de aangesproken persoon opnieuw naar de bibliotheek moet komen; gebruik het samen met ‘kommen’ voor ‘terugkomen’.
nachdem
‘Nachdem’ betekent ‘nadat’ en verbindt in ‘nachdem Sie es zu Ende gelesen haben’ de latere aanbeveling met de eerdere handeling. Gebruik het om een gebeurtenis te noemen die eerst moet zijn afgelopen.
zu
‘Zu’ maakt in ‘zu Ende gelesen’ deel uit van de uitdrukking ‘zu Ende lesen’, die betekent dat je iets helemaal uitleest. Gebruik de volledige combinatie wanneer je het afronden van het lezen wilt beschrijven.
Ende
‘Ende’ betekent ‘einde’ in de uitdrukking ‘zu Ende lesen’. ‘Etwas zu Ende lesen’ betekent iets helemaal uitlezen; bijvoorbeeld ‘Ich lese den Artikel zu Ende’ als nieuw voorbeeld.
gelesen
‘Gelesen’ betekent ‘gelezen’ in ‘zu Ende gelesen haben’. Samen met ‘zu Ende’ geeft het aan dat het lezen volledig is afgerond; het hoort bij het werkwoord ‘lesen’.
haben
‘Haben’ betekent hier ‘hebben’ in ‘zu Ende gelesen haben’. Het vormt samen met ‘gelesen’ de voltooide uitdrukking voor iets dat iemand heeft uitgelezen; bijvoorbeeld ‘Sie haben das Buch gelesen’ als nieuw voorbeeld.