Een rustige plek om te werken | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: In a library, one person asks for a quiet work area and learns where silent study and phone calls are allowed..

NL → DE / Niveau: A2

Over deze les

Met Een rustige plek om te werken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Gibt es einen ruhigen Bereich, in dem ich arbeiten kann?

Gipt es aj-nen roe-ie-gen be-rajch, in deem ich ar-baj-ten kan? Is er een rustige plek waar ik kan werken?
B

Oben links gibt es Tische zum ruhigen Lernen.

Oo-ben links gipt es tisje tsoem roe-ie-gen ler-nen. Boven links staan bureaus om rustig te studeren.
A

Könnte ich dort kurz telefonieren?

Keun-te ich dort koerts te-lee-fo-nie-ren? Zou ik daar kort kunnen bellen?
B

Diese Tische sind nur zum stillen Lernen.

Die-ze tisje zint noer tsoem sjtil-len ler-nen. Die bureaus zijn alleen om stil te studeren.
A

Dann telefoniere ich woanders.

Dan te-lee-fo-nie-re ich voo-an-ders. Dan bel ik ergens anders.
B

Die Lobby ist besser zum Telefonieren.

Die lob-bie ist bes-ser tsoem te-lee-fo-nie-ren. De lobby is beter om te bellen.
A

Ein Schreibtisch oben passt für mich.

Ajn sjraip-tisj oo-ben past fuur mich. Een bureau boven is goed voor mij.
B

Am Nachmittag ist es meistens ruhig.

Am naach-mit-taak ist es maj-stens roe-ich. Het is 's middags meestal rustig.

Woord voor woord

Gibt In „Gibt es einen ruhigen Bereich ...?“ vraagt „Gibt“ of zo’n plek bestaat: „is er“. Het is de vorm van „geben“ in de vaste constructie „Gibt es ...?“. Gebruik dit patroon om naar het bestaan of de beschikbaarheid van iets te vragen.
es In „Gibt es einen ruhigen Bereich ...?“ is „es“ het vaste grammaticale onderwerp van de bestaansuitdrukking „Gibt es ...?“. Samen met „Gibt“ betekent het hier niet zelfstandig „het“, maar helpt het de vraag „Is er ...?“ te vormen. Gebruik „Gibt es ...?“ voor vragen over aanwezigheid of beschikbaarheid.
einen „Einen“ leidt in „einen ruhigen Bereich“ een niet nader bepaalde rustige ruimte aan: „een“. De vorm hoort bij het mannelijke zelfstandig naamwoord „Bereich“ in deze woordgroep. Een bruikbaar patroon is „Gibt es einen ...?“ wanneer je naar één mogelijke plek of zaak vraagt.
ruhigen In „einen ruhigen Bereich“ betekent „ruhigen“ „rustige“ en beschrijft het de plek waar de spreker wil werken. De vorm „ruhigen“ hoort hier bij „Bereich“ in deze woordgroep; de grondvorm is „ruhig“. Gebruik het met plaatsen of andere dingen die stil of kalm zijn.
Bereich „Bereich“ betekent hier „gebied“ of „ruimte“, specifiek een gedeelte van de bibliotheek. In „einen ruhigen Bereich“ benoemt het de plek waar gewerkt kan worden. Gebruik „Bereich“ voor een afgebakend gedeelte van een gebouw of activiteit.
in In „in dem ich arbeiten kann“ betekent „in“ „in“ en verbindt het de ruimte met de handeling „werken“. Hier introduceert het de plaats waar de spreker kan werken. Gebruik „in“ met een plaats wanneer iets zich daar bevindt of daar gebeurt.
dem In „in dem ich arbeiten kann“ verwijst „dem“ terug naar „Bereich“ en betekent het „waarin“. Het verbindt de plaats met de bijzin over werken. Een bruikbaar patroon is „ein Ort, in dem ich ... kann“ voor een plek waar je iets kunt doen.
ich „Ich“ betekent „ik“ en verwijst in „in dem ich arbeiten kann“ naar de persoon die wil werken. Het is degene die de handeling uitvoert. Gebruik „ich“ als je over je eigen handeling of mogelijkheid spreekt.
arbeiten „Arbeiten“ betekent hier „werken“ en beschrijft wat de spreker in de rustige ruimte wil doen. Het is de vorm die na „kann“ staat; de grondvorm is „arbeiten“. Gebruik „ich kann arbeiten“ om aan te geven dat je ergens kunt werken.
kann In „ich arbeiten kann“ drukt „kann“ de mogelijkheid uit: „kan“. Het is de vorm van „können“ bij „ich“, en in deze bijzin staat het achteraan. Gebruik „ich kann ...“ om een eigen mogelijkheid of toestemming in context uit te drukken.
Oben „Oben“ betekent in „Oben links gibt es Tische ...“ „boven“ of „op de bovenverdieping“. Het geeft aan waar de tafels zich bevinden. Gebruik „oben“ om een hoger gelegen plek in een gebouw aan te wijzen.
links „Links“ betekent in „Oben links gibt es Tische ...“ „aan de linkerkant“. Samen met „Oben“ geeft het de precieze richting van de tafels aan. Gebruik „oben links“ om een plek links op een hogere verdieping of in een hoger gedeelte te beschrijven.
Tische „Tische“ betekent hier „tafels“ of, in deze bibliotheek, „bureaus“. Het verwijst naar de werkplekken die boven links staan. De vorm is het meervoud van „Tisch“; gebruik „Tische für ...“ om tafels met een bepaald doel te beschrijven.
zum In „zum ruhigen Lernen“ betekent „zum“ „voor het rustig leren“. Het is de samengevoegde vorm van „zu dem“ en leidt hier het doel van de tafels in. Gebruik „zum“ in patronen zoals „Tische zum Arbeiten“ wanneer iets voor een activiteit bedoeld is.
Lernen In „zum ruhigen Lernen“ betekent „Lernen“ „leren“ of „studeren“ als activiteit. Het staat als zelfstandig naamwoord na „zum“; de bijbehorende werkwoordsvorm is „lernen“. Gebruik „zum ... Lernen“ om het doel van een plek of voorwerp te benoemen.
Könnte In „Könnte ich dort kurz telefonieren?“ maakt „Könnte“ de vraag beleefd en betekent het „zou ik kunnen“. Het is de vorm van „können“ in een voorzichtige vraag. Gebruik „Könnte ich ...?“ wanneer je beleefd naar de mogelijkheid of toestemming voor iets vraagt.
dort „Dort“ betekent in „Könnte ich dort kurz telefonieren?“ „daar“ en verwijst naar de eerder genoemde bureaus. Het voorkomt dat de plek opnieuw genoemd moet worden. Gebruik „dort“ voor een plaats die al bekend is in de situatie of het gesprek.
kurz In „kurz telefonieren“ betekent „kurz“ „kort“ of „even“, dus een telefoongesprek van beperkte duur. Het beschrijft hier hoe lang de handeling duurt. Gebruik „kurz“ met handelingen zoals „kurz telefonieren“ wanneer je de duur beperkt wilt aangeven.
telefonieren „Telefonieren“ betekent in „kurz telefonieren“ „telefoneren“ of „een telefoongesprek voeren“. Het is de vorm die na „Könnte ich“ staat; de grondvorm is „telefonieren“. Gebruik „ich möchte telefonieren“ of „Könnte ich telefonieren?“ wanneer je over bellen spreekt.
Diese In „Diese Tische sind nur zum stillen Lernen“ verwijst „Diese“ naar de eerder genoemde tafels en betekent het „deze“. Het wijst de specifieke tafels aan die nu besproken worden. Gebruik „Diese ...“ om iets concreets in de directe situatie aan te wijzen.
sind „Sind“ betekent in „Diese Tische sind nur zum stillen Lernen“ „zijn“ en verbindt de tafels met hun toegestane doel. Het is een vorm van „sein“ bij het meervoudige onderwerp „Diese Tische“. Gebruik „Diese ... sind ...“ om een eigenschap, regel of bestemming van meerdere dingen te geven.
nur „Nur“ betekent in „nur zum stillen Lernen“ „alleen“ en beperkt het gebruik van de tafels tot stil leren. Het markeert hier een beperking van het doel. Gebruik „nur für ...“ of „nur zum ...“ om aan te geven dat iets uitsluitend daarvoor bedoeld is.
stillen In „zum stillen Lernen“ betekent „stillen“ „stil“ en beschrijft het de manier waarop er geleerd wordt. De vorm hoort bij „Lernen“ in deze woordgroep; de grondvorm is „still“. Gebruik „still lernen“ voor leren zonder geluid of gesprekken.
Dann „Dann“ betekent in „Dann telefoniere ich woanders“ „dan“ en geeft aan wat de spreker als gevolg van de regel zal doen. Het verbindt de nieuwe beslissing met de vorige informatie. Gebruik „Dann ...“ om een gevolg of volgende stap aan te kondigen.
telefoniere In „Dann telefoniere ich woanders“ betekent „telefoniere“ „ik telefoneer“ of „ik bel“. Het is de vorm van „telefonieren“ bij „ich“, en staat hier vóór het onderwerp omdat „Dann“ vooraan staat. Gebruik „Dann telefoniere ich ...“ om een plan als gevolg van een situatie te formuleren.
woanders „Woanders“ betekent in „Dann telefoniere ich woanders“ „ergens anders“. Het verwijst naar een andere plaats dan de stille bureaus. Gebruik „woanders“ wanneer je aangeeft dat iets op een andere plek gebeurt.
Die In „Die Lobby ist besser zum Telefonieren“ betekent „Die“ „de“ en leidt het specifieke zelfstandig naamwoord „Lobby“ in. Het verwijst naar de lobby die in deze situatie bedoeld is. Gebruik „Die ... ist ...“ om een bekende plek of zaak te beoordelen.
Lobby „Lobby“ betekent hier „hal“ of „lobby“, de ruimte die geschikter is om te bellen. In „Die Lobby ist besser zum Telefonieren“ benoemt het de alternatieve plek voor telefoongesprekken. Gebruik „Lobby“ voor de ontvangstruimte of hal van bijvoorbeeld een bibliotheek of hotel.
ist „Ist“ betekent in „Die Lobby ist besser ...“ „is“ en drukt hier een beoordeling van de lobby uit. Het is de vorm van „sein“ bij „Die Lobby“. Gebruik „X ist besser für ...“ om een geschiktere optie aan te wijzen.
besser „Besser“ betekent in „Die Lobby ist besser zum Telefonieren“ „beter“ of „geschikter“. Het vergelijkt de lobby met de eerder genoemde bureaus voor telefoneren. Gebruik „besser für ...“ of „besser zum ...“ om de meest geschikte plaats of optie te benoemen.
Ein In „Ein Schreibtisch oben passt für mich“ betekent „Ein“ „een“ en introduceert het een niet nader bepaald bureau. Het hoort bij het mannelijke zelfstandig naamwoord „Schreibtisch“ in deze woordgroep. Gebruik „Ein ... passt für mich“ om een optie te noemen die voor jou geschikt is.
Schreibtisch „Schreibtisch“ betekent „bureau“ en benoemt in „Ein Schreibtisch oben“ de werkplek die de spreker kiest. Het gaat om één bureau op de bovenverdieping. Gebruik „Schreibtisch“ voor een bureau waaraan iemand werkt of studeert.
passt In „passt für mich“ betekent „passt“ „past voor mij“ of „is geschikt voor mij“. Het is de vorm van „passen“ bij „Ein Schreibtisch“. Gebruik „Das passt für mich“ of „Ein ... passt für mich“ om instemming of geschiktheid voor jezelf uit te drukken.
für In „für mich“ betekent „für“ „voor“ en geeft het aan voor wie het bureau geschikt is. Het verbindt de optie met de persoon „mich“. Gebruik „passen für ...“ om te zeggen voor wie iets geschikt is.
mich „Mich“ betekent in „passt für mich“ „mij“ en verwijst naar de spreker als degene voor wie het bureau geschikt is. Het staat na „für“ in deze vaste woordgroep. Gebruik „für mich“ om een persoonlijke voorkeur, geschiktheid of beoordeling uit te drukken.
Am In „Am Nachmittag ist es meistens ruhig“ betekent „Am“ „in de“ en duidt het een moment van de dag aan. Het is de samengevoegde vorm van „an dem“. Gebruik „am“ met tijdsaanduidingen zoals „am Nachmittag“ om aan te geven wanneer iets gebeurt.
Nachmittag „Nachmittag“ betekent „middag“ en verwijst in „Am Nachmittag“ naar het deel van de dag waarin de bibliotheek meestal rustig is. Samen met „Am“ vormt het een tijdsbepaling. Gebruik „am Nachmittag“ om naar de middag te verwijzen.
meistens „Meistens“ betekent in „ist es meistens ruhig“ „meestal“ en zegt dat de rust in de middag vaak voorkomt, maar niet noodzakelijk altijd. Het bepaalt hoe vaak de situatie geldt. Gebruik „meistens“ vóór een bijvoeglijk naamwoord of werkwoord om een gebruikelijke situatie te beschrijven.
ruhig In „ist es meistens ruhig“ betekent „ruhig“ „rustig“ of „stil“ en beschrijft het de sfeer in de bibliotheek. Het staat na „ist“ als beschrijving van de situatie. Gebruik „Es ist ruhig“ om te zeggen dat er weinig geluid of onrust is.

Grammatica

zum + zelfstandig gemaakt infinitief

zum ruhigen Lernen

tsoem roe-ie-gen ler-nen

om rustig te leren

Een infinitief kan als zelfstandig naamwoord worden gebruikt. Na zum krijgt het bijvoeglijk naamwoord de uitgang -en.

für + accusatief voornaamwoord

für mich

fuur mich

voor mij

Na für staat de vierde naamval. Het persoonlijke voornaamwoord ich verandert daarom in mich.

Duits woordenschat

arbeiten werkwoord
ar-baj-ten werken

ich arbeiten kann

Bereich zelfstandig naamwoord
be-rajch gebied

einen ruhigen Bereich

dort bijwoord
dort daar

dort kurz telefonieren

kurz bijwoord
koerts kort

kurz telefonieren

links bijwoord
links links

Oben links

nur bijwoord
noer alleen

sind nur zum stillen Lernen

oben bijwoord
oo-ben boven

Oben links

ruhig bijvoeglijk naamwoord
roe-ich rustig ruhigen

einen ruhigen Bereich

still bijvoeglijk naamwoord
sjtil stil stillen

zum stillen Lernen

Tisch zelfstandig naamwoord
tisj tafel Tische

gibt es Tische

woanders bijwoord
voo-an-ders ergens anders

telefoniere ich woanders

zum ruhigen Lernen uitdrukking
tsoem roe-ie-gen ler-nen om rustig te leren

Tische zum ruhigen Lernen

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Zou ik daar kort kunnen bellen?

Antwoord tonenKönnte ich dort kurz telefonieren?

Dan bel ik ergens anders.

Antwoord tonenDann telefoniere ich woanders.

De lobby is beter om te bellen.

Antwoord tonenDie Lobby ist besser zum Telefonieren.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

daar

Antwoord tonendort

werken

Antwoord tonenarbeiten

kort

Antwoord tonenkurz

tafel

Antwoord tonenTische