Mein
In „Mein Hinterreifen“ betekent „Mein“ dat de achterband van de spreker is: mijn. Het staat vóór „Hinterreifen“ en geeft de bezitter aan.
Hinterreifen
In „Mein Hinterreifen“ betekent „Hinterreifen“ achterband, dus de band aan de achterkant van de fiets. Gebruik dit woord wanneer je specifiek over de achterband spreekt.
ist
In „Mein Hinterreifen ist fast platt“ verbindt „ist“ het onderwerp met de toestand van de band: is. De basisvorm van dit werkwoord is sein.
fast
In „ist fast platt“ betekent „fast“ bijna. Het verzacht de uitspraak: de band is nog niet helemaal leeg, maar wel bijna. Het staat vóór de toestand die bijna geldt.
platt
In „Mein Hinterreifen ist fast platt“ beschrijft „platt“ een band die leeg of plat is. In deze situatie waarschuwt het woord dat er lucht nodig is.
Ich
In „Ich habe eine Pumpe“ betekent „Ich“ ik en geeft het aan wie de pomp bezit. Het is hier het onderwerp van de zin.
habe
In „Ich habe eine Pumpe“ betekent „habe“ heb en drukt het bezit of beschikbaar hebben van de pomp uit. De basisvorm van dit werkwoord is haben.
eine
In „eine Pumpe“ betekent „eine“ een en introduceert het genoemde voorwerp zonder het als al bekend te presenteren. Het hoort hier direct bij „Pumpe“; de basisvorm van het lidwoord is ein.
Pumpe
In „Ich habe eine Pumpe“ betekent „Pumpe“ pomp. Het woord verwijst hier naar het hulpmiddel waarmee lucht in de band wordt gepompt. In „pumpe langsam“ heeft de gelijk geschreven, maar kleine vorm „pumpe“ een werkwoordelijke functie.
die
In „die du dir leihen kannst“ verwijst „die“ terug naar „Pumpe“ en leidt het extra informatie over die pomp in. Het verbindt het zelfstandig naamwoord met de bijzin.
du
In „die du dir leihen kannst“ betekent „du“ jij en geeft het aan wie de pomp kan lenen. Het is het onderwerp van de bijzin.
dir
In „die du dir leihen kannst“ geeft „dir“ aan dat je de pomp voor jezelf leent: aan of voor jezelf. Het hoort bij de constructie waarin iemand iets voor zichzelf leent.
leihen
In „die du dir leihen kannst“ betekent „leihen“ lenen. De infinitief staat hier na „kannst“ en benoemt de handeling die mogelijk is. Samen met „dir“ gaat het om iets voor jezelf lenen.
kannst
In „die du dir leihen kannst“ betekent „kannst“ kunt of kan je en drukt het uit dat de handeling mogelijk is. De basisvorm is können; na deze vorm staat de handeling als infinitief aan het einde van de bijzin.
Soll
In „Soll ich zuerst nach einem Leck suchen?“ vraagt „Soll“ of de spreker iets zou moeten doen. De basisvorm van dit werkwoord is sollen. De vorm staat vooraan omdat het om een vraag gaat.
zuerst
In „zuerst nach einem Leck suchen“ betekent „zuerst“ eerst. Het geeft de volgorde aan: het lek controleren voordat er lucht wordt bijgepompt. Het staat vóór de handeling die als eerste moet gebeuren.
nach
In „nach einem Leck suchen“ hoort „nach“ bij de constructie voor zoeken naar iets. Het introduceert hier waarnaar gezocht wordt, namelijk een lek. Gebruik de combinatie met het gezochte voorwerp erachter.
einem
In „nach einem Leck“ betekent „einem“ een en staat het bij „Leck“ na „nach“. De basisvorm van het lidwoord is ein; „einem“ is de vorm die in deze constructie wordt gebruikt.
Leck
In „nach einem Leck suchen“ betekent „Leck“ lek, hier een plaats waardoor lucht uit de band kan ontsnappen. Het is het voorwerp waarnaar gezocht wordt.
suchen
In „nach einem Leck suchen“ betekent „suchen“ zoeken. Het staat na „Soll ich“ als de handeling waarover de spreker advies vraagt. De combinatie „nach etwas suchen“ betekent zoeken naar iets.
Schau
In „Schau an der Seitenwand entlang“ betekent „Schau“ kijk en is het een directe opdracht aan één persoon. De basisvorm is schauen. Hier stuurt de spreker de aandacht naar de zijkant van de band.
an
In „an der Seitenwand entlang“ draagt „an“ samen met „entlang“ de betekenis langs. Het hoort bij de vaste richtinggevende combinatie „an ... entlang“, gevolgd door het bekeken oppervlak.
der
In „an der Seitenwand entlang“ hoort „der“ bij „Seitenwand“ en betekent het hier de. De vorm staat in deze combinatie na „an“ en vóór het genoemde oppervlak.
Seitenwand
In „an der Seitenwand entlang“ betekent „Seitenwand“ zijwand of zijkant, hier de zijkant van de band. Het is het oppervlak waarlangs je op een lek kijkt.
entlang
In „an der Seitenwand entlang“ betekent „entlang“ langs. Het geeft aan dat je de hele zijkant volgt tijdens het kijken, in plaats van slechts één punt te bekijken.
bevor
In „bevor du Luft nachpumpst“ betekent „bevor“ voordat. Het introduceert de handeling die eerst moet worden afgerond: naar een lek kijken. In de bijzin staat de handeling aan het einde.
Luft
In „Luft nachpumpst“ betekent „Luft“ lucht, hier de lucht die in de band wordt gepompt. Het is het voorwerp bij de handeling van bijpompen.
nachpumpst
In „bevor du Luft nachpumpst“ betekent „nachpumpst“ dat je extra lucht in de band pompt. De basisvorm is nachpumpen; de vorm staat in de bijzin bij „du“.
mir
In „Kannst du mir zeigen“ betekent „mir“ aan mij of mij en geeft het aan wie de uitleg of demonstratie ontvangt. Het hoort bij „zeigen“: iets aan iemand laten zien.
zeigen
In „Kannst du mir zeigen“ betekent „zeigen“ laten zien. De infinitief staat na „Kannst“ en benoemt wat de ander moet demonstreren. Het patroon gebruikt een persoon die iets te zien krijgt.
wie
In „wie ich sie befestige“ betekent „wie“ hoe. Het leidt de uitleg in over de manier waarop de pomp wordt vastgemaakt. De bijzin die ermee begint bevat de handeling aan het einde.
sie
In „wie ich sie befestige“ verwijst „sie“ terug naar „Pumpe“ en betekent het hier haar of die, afhankelijk van het Nederlandse perspectief: de pomp. Het is het voorwerp dat wordt vastgemaakt.
befestige
In „wie ich sie befestige“ betekent „befestige“ vastmaak of bevestig. De basisvorm is befestigen. De vorm staat in de bijzin na „wie“ en beschrijft wat de spreker met de pomp doet.
Drück
In „Drück dieses Teil auf das Ventil“ betekent „Drück“ druk en is het een directe opdracht. De basisvorm is drücken. Hier beschrijft de opdracht hoe het onderdeel op het ventiel moet worden geplaatst.
dieses
In „dieses Teil“ betekent „dieses“ dit en wijst het naar het specifieke onderdeel dat wordt aangewezen. Het staat direct vóór „Teil“.
Teil
In „dieses Teil“ betekent „Teil“ onderdeel of stuk, hier het onderdeel van de pomp dat op het ventiel wordt gedrukt. Samen met „dieses“ verwijst het naar een concreet onderdeel.
auf
In „auf das Ventil“ geeft „auf“ de richting van het drukken aan: op het ventiel. Het beschrijft samen met „Drück“ waar het onderdeel terechtkomt.
das
In „auf das Ventil“ betekent „das“ het en hoort het bij „Ventil“. Het staat direct vóór het genoemde onderdeel waarop gedrukt wordt.
Ventil
In „auf das Ventil“ betekent „Ventil“ ventiel, het aansluitpunt van de band waarop het onderdeel van de pomp wordt geplaatst. Het is het doel van de beweging.
und
In „Drück dieses Teil auf das Ventil und pumpe langsam“ betekent „und“ en. Het verbindt twee opeenvolgende opdrachten: het onderdeel plaatsen en daarna langzaam pompen.
langsam
In „pumpe langsam“ betekent „langsam“ langzaam. Het geeft aan hoe de handeling moet worden uitgevoerd, zodat er rustig lucht wordt bijgepompt.
Reifen
In „Der Reifen fühlt sich jetzt fest genug an“ betekent „Reifen“ band. Het verwijst hier naar de band die na het pompen wordt gecontroleerd. Hetzelfde woord komt ook terug in het samengestelde woord „Hinterreifen“.
fühlt
In „Der Reifen fühlt sich jetzt fest genug an“ is „fühlt“ het werkwoordelijke deel van de uitdrukking voor aanvoelen. Samen met „sich“ en het afsluitende „an“ betekent de volledige uitdrukking dat de band stevig aanvoelt. De basisvorm is sich anfühlen.
sich
In „Der Reifen fühlt sich jetzt fest genug an“ is „sich“ het wederkerende deel van de uitdrukking sich anfühlen. Het hoort bij „fühlt ... an“ en maakt duidelijk dat de band zelf zo aanvoelt.
jetzt
In „fühlt sich jetzt fest genug an“ betekent „jetzt“ nu. Het verwijst naar de toestand op dit moment, nadat er lucht is bijgepompt.
fest
In „fühlt sich jetzt fest genug an“ betekent „fest“ stevig. Het beschrijft hoe de band aanvoelt na het oppompen.
genug
In „fest genug“ betekent „genug“ genoeg. Het geeft aan dat de band voldoende stevig is voor deze situatie. Het staat achter de eigenschap die voldoende aanwezig is.
Bring
In „Bring die Pumpe zurück“ betekent „Bring“ breng en is het een directe opdracht. De basisvorm is bringen. De opdracht richt zich op het terugbrengen van de geleende pomp.
zurück
In „Bring die Pumpe zurück“ betekent „zurück“ terug. Het geeft de richting van de handeling aan: de pomp moet naar de oorspronkelijke persoon of plaats teruggaan.
wenn
In „wenn du fertig bist“ betekent „wenn“ wanneer of als. Het introduceert het moment waarop de pomp moet worden teruggebracht. De bijzin noemt de voorwaarde of tijd eerst.
fertig
In „wenn du fertig bist“ betekent „fertig“ klaar. Het beschrijft dat de persoon de handeling heeft afgerond. Samen met „bist“ vormt het de toestand die bepaalt wanneer de pomp teruggebracht moet worden.
bist
In „wenn du fertig bist“ betekent „bist“ bent en verbindt het „du“ met de toestand „fertig“. De basisvorm is sein. In deze bijzin staat „bist“ aan het einde.