Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Het weer controleren voor vertrek oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Kannst du die Wetter-App prüfen, bevor wir losgehen?
kanst doe die VET-tuh-ep PRUU-fen, be-FOOR vier LOOS-GEE-en? Kun je de weerapp bekijken voordat we vertrekken?Da steht, dass Regen möglich ist.
daa sjteet, das REE-gen MEU-likh ist. Er staat dat er kans op regen is.Der Himmel sieht schon bewölkt aus.
deer HIM-mel ziet sjohn be-VEULKT aus. De lucht ziet er nu al bewolkt uit.Die Temperatur wird heute Abend auch sinken.
die tem-pe-ra-TOE-uh virt HOY-tuh AA-bent aukh ZING-ken. De temperatuur zal vanavond ook dalen.Soll ich eine leichte Jacke mitnehmen?
zol ikh AI-nuh LAI-ch-tuh YAK-kuh MIT-NEE-men? Zal ik een lichte jas meenemen?Eine leichte Jacke und ein kleiner Regenschirm würden helfen.
AI-nuh LAI-ch-tuh YAK-kuh oent ain KLAI-nuh REE-gen-sjirm VUU-uh-den HELF-en. Een lichte jas en een kleine paraplu zouden helpen.Dann kann ich beide in meine Tasche packen.
dan kan ikh BAI-duh in MAI-nuh TASJ-uh PAK-en. Dan kan ik ze allebei in mijn tas doen.Das sollte für den Regen und den kühleren Abend reichen.
das SJOL-tuh fuu-uh den REE-gen oent den KUU-luh-ren AA-bent RAI-chen. Dat zou genoeg moeten zijn voor de regen en de koelere avond.Uitleg van de zinnen
Kannst du die Wetter-App prüfen, bevor wir losgehen?
Kun je de weerapp bekijken voordat we vertrekken?
- Kannst du
- kun je
- Wetter-App
- weerapp
- prüfen
- bekijken; controleren
- bevor
- voordat
- losgehen
- vertrekken; weggaan
Uitgebreide uitleg
Kannst du is een vraagvorm met können (‘kunnen’) en du (‘jij’). kannst is de tegenwoordige tijd voor de tweede persoon enkelvoud. In deze zin vraagt de spreker of de aangesprokene iets kan doen; als geheel is het een verzoek, maar können betekent hier niet letterlijk ‘willen’. Het hoofdwerkwoord staat als infinitief aan het einde van het eerste zinsdeel: Kannst du ... prüfen? = ‘Kun je ... controleren?’ Wetter-App is een samenstelling van Wetter (‘weer’) en App (‘app’), dus ‘weerapp’. In de zin staat het als lijdend voorwerp: die Wetter-App. Het lidwoord die hoort bij het grammaticale geslacht van App; het zegt hier niet op zichzelf hoeveel apps er zijn. prüfen betekent hier ‘controleren’ of ‘bekijken om informatie na te gaan’. Het is een regelmatig werkwoord; de infinitief is prüfen. Voorbeeld: Ich prüfe die App. = ‘Ik controleer de app.’ In deze vraag blijft prüfen de infinitief omdat können de vervoegde vorm kannst draagt. bevor betekent ‘voordat’ en leidt een bijzin in. In een Duitse bijzin met bevor staat het vervoegde werkwoord achteraan. Vergelijk: Wir gehen los. = ‘We vertrekken.’ maar bevor wir losgehen = ‘voordat we vertrekken’. losgehen betekent hier ‘vertrekken’ of ‘weggaan’. Het is een scheidbaar werkwoord: in een hoofdzin wordt het Wir gehen los, terwijl het in deze bijzin als één vorm aan het einde staat: wir losgehen. Deze vorm ziet er hetzelfde uit als de infinitief, maar is met wir ook de tegenwoordige tijdsvorm. Samenbouw: Kannst du die Wetter-App prüfen? vraagt of de aangesprokene de weerapp kan controleren. bevor wir losgehen voegt het tijdstip toe: dit gebeurt vóórdat de spreker en minstens één andere persoon vertrekken. De volledige betekenis is dus: ‘Kun je de weerapp bekijken voordat we vertrekken?’
Da steht, dass Regen möglich ist.
Er staat dat er kans op regen is.
- Da steht
- Daar staat
- dass
- dat
- Regen
- regen
- möglich
- mogelijk
- ist
- is
Uitgebreide uitleg
Da steht betekent hier: er staat daar/in de weergegeven informatie iets geschreven. Het is een vaste, bruikbare manier om naar de inhoud van een tekst, scherm of bericht te verwijzen. steht is de derde persoon enkelvoud van stehen in de tegenwoordige tijd: ich stehe, du stehst, er/sie/es steht. In deze toepassing betekent stehen niet letterlijk alleen “rechtop staan”, maar ook “geschreven of vermeld staan”. dass leidt een bijzin in die de inhoud van wat er staat introduceert. In een Duitse dass-bijzin staat de persoonsvorm doorgaans achteraan. Vergelijk: Ich weiß, dass er kommt. — “Ik weet dat hij komt.” Regen is het zelfstandig naamwoord voor regen. Het is een stofnaam en wordt in deze betekenis meestal zonder meervoud gebruikt. Het bijbehorende lidwoord is mannelijk: der Regen. Een bruikbaar voorbeeld is Der Regen kommt. — “De regen komt eraan.” möglich betekent dat iets kan gebeuren of het geval kan zijn. Het is een bijvoeglijk naamwoord. In Regen möglich beschrijft het woord de mogelijkheid van regen; het zegt niet dat regen zeker is. Verwant maar sterker is sicher — “zeker”. Voorbeeld: Das ist möglich. — “Dat is mogelijk.” ist is de derde persoon enkelvoud van sein — “zijn”. De tegenwoordige-tijdsvormen zijn onder andere ich bin, du bist, er/sie/es ist. Hier vormt ist samen met möglich de mededeling dat iets mogelijk is. In de bijzin staat deze persoonsvorm aan het einde, na möglich. Samen bouwen de delen de zin op als: Da steht, dass ... (“Daar staat dat ...”) + Regen möglich ist (“regen mogelijk is”). De volledige betekenis is daarom: “Daar staat dat er kans op regen is.” De komma scheidt de hoofdzin van de dass-bijzin. De volgende context over een bewolkte hemel past bij deze weersinformatie, maar verandert de grammaticale opbouw van de zin niet.
Der Himmel sieht schon bewölkt aus.
De lucht ziet er nu al bewolkt uit.
- Der Himmel
- de lucht
- sieht … aus
- ziet er … uit
- schon
- al
- bewölkt
- bewolkt
Uitgebreide uitleg
Der Himmel betekent hier “de lucht”. Himmel is een mannelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat het bepaalde lidwoord hier als der. In andere naamvalsvormen verandert het lidwoord, bijvoorbeeld Ich sehe den Himmel = “Ik zie de lucht”. sieht … aus komt van aussehen, “eruitzien”. In deze zin staat de persoonsvorm sieht op de tweede plaats en staat het scheidbare deel aus aan het einde. sieht is de derde persoon enkelvoud van sehen; het werkwoord aussehen krijgt hier de betekenis “eruitzien”, niet alleen “zien”. Voorbeeld: Das sieht gut aus. = “Dat ziet er goed uit.” schon betekent hier “al”: het beschrijft dat de lucht nu al bewolkt lijkt. Het is niet hetzelfde als noch, dat meestal “nog” betekent. Voorbeeld: Es ist schon dunkel. = “Het is al donker.” bewölkt is een beschrijvend woord met de betekenis “bewolkt”. Het staat hier na aussehen en beschrijft hoe de lucht eruitziet. Het is verwant aan Wolke (“wolk”), maar bewölkt is hier zelf de gebruikte vorm. Voorbeeld: Der Himmel sieht klar aus. = “De lucht ziet er helder uit.” Samen vormen de delen: Der Himmel + sieht … aus + schon + bewölkt. De volledige betekenis is: “De lucht ziet er nu al bewolkt uit.”
Die Temperatur wird heute Abend auch sinken.
De temperatuur zal vanavond ook dalen.
- Temperatur
- temperatuur
- wird
- zal
- heute Abend
- vanavond
- auch
- ook
- sinken
- dalen
Uitgebreide uitleg
Temperatur betekent hier “temperatuur”. Het is een zelfstandig naamwoord en wordt in het Duits met een hoofdletter geschreven: die Temperatur. Het lidwoord die hoort bij het grammaticale vrouwelijke geslacht; dat zegt niet dat de temperatuur een persoon is. Een bruikbaar voorbeeld is: Die Temperatur steigt. — “De temperatuur stijgt.” wird staat hier bij het onderwerp die Temperatur en is de derde persoon enkelvoud van werden. Samen met het daaropvolgende infinitief sinken vormt het de toekomstige constructie wird ... sinken: “zal ... dalen”. Wird draagt dus hier de persoonsvorm en de toekomende tijd; sinken blijft als infinitief aan het einde staan. Vergelijk: Die Temperatur wird steigen. — “De temperatuur zal stijgen.” heute Abend is een tijdsbepaling: “vanavond”. heute betekent “vandaag” en Abend “avond”; samen verwijzen ze naar de avond van vandaag. De woordgroep kan ook in een andere positie staan, bijvoorbeeld: Heute Abend sinkt die Temperatur. — “Vanavond daalt de temperatuur.” auch betekent hier “ook”. Het voegt deze mededeling toe aan iets anders dat al geldt of eerder genoemd is, zonder op zichzelf te zeggen wat dat andere precies is. De plaats van auch kan de nadruk beïnvloeden; in deze zin staat het vóór sinken binnen de werkwoordelijke constructie. sinken is het infinitief en betekent “dalen” of “zakken”. Het is hier het betekenisdragende werkwoord na wird. De tegenhanger is vaak steigen — “stijgen”: Die Temperatur sinkt. — “De temperatuur daalt.” In de vaste zin staat niet sinkt, omdat wird ... sinken de toekomstconstructie gebruikt. Samen betekent Die Temperatur “de temperatuur”, wird ... sinken “zal dalen”, heute Abend “vanavond” en auch “ook”. De volledige betekenis is daarom: “De temperatuur zal vanavond ook dalen.”
Soll ich eine leichte Jacke mitnehmen?
Zal ik een lichte jas meenemen?
- Soll ich
- zal ik ...?
- leichte
- lichte
- Jacke
- jas
- mitnehmen
- meenemen
Uitgebreide uitleg
Soll ich is een vaste vraagopbouw met sollen en het onderwerp ich. Soll is de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud, van sollen. In deze vraag betekent de opbouw “zal ik ...?” of “moet ik ...?”; de vaste vertaling kiest hier voor het voorstel “zal ik ...?”. Het werkwoordelijke hoofddeel komt daarna: Soll ich ... mitnehmen?. leichte betekent hier dat de jas weinig gewicht heeft. De basisvorm van het bijvoeglijk naamwoord is leicht; een nuttige vergelijkingsreeks is leicht – leichter – am leichtesten. In eine leichte Jacke krijgt het bijvoeglijk naamwoord de uitgang -e, omdat het een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord in de accusatief nader bepaalt na eine. De vorm wordt dus niet alleen door enkelvoud bepaald; naamval, grammaticaal geslacht en het voorafgaande lidwoord spelen samen een rol. Jacke is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent “jas”. Het enkelvoud is die Jacke, het meervoud die Jacken. In deze zin staat het enkelvoud in de accusatief als object van mitnehmen; bij dit vrouwelijke enkelvoud ziet de vorm van het zelfstandig naamwoord er hetzelfde uit als in de nominatief. Voorbeeld: Ich kaufe eine Jacke. — “Ik koop een jas.” mitnehmen is een scheidbaar werkwoord en betekent “meenemen”. In een hoofdzin met een vervoegde vorm worden de twee delen gescheiden: Ich nehme die Jacke mit. — “Ik neem de jas mee.” In deze vraag staat de infinitief mitnehmen aan het einde, omdat Soll de vervoegde vorm van de vraagopbouw is. Samen vormen de delen Soll ich eine leichte Jacke mitnehmen? de vraag “Zal ik een lichte jas meenemen?” De spreker vraagt of het meenemen van zo’n jas een passende handeling is; de vraag zelf beweert niet dat de jas al is meegenomen.
Eine leichte Jacke und ein kleiner Regenschirm würden helfen.
Een lichte jas en een kleine paraplu zouden helpen.
- leichte
- lichte
- Jacke
- jas
- kleiner
- kleine
- Regenschirm
- paraplu
- würden
- zouden
- helfen
- helpen
Uitgebreide uitleg
leichte betekent hier “lichte” en beschrijft Jacke. Het bijvoeglijk naamwoord is leicht; in eine leichte Jacke krijgt het de uitgang -e, omdat Jacke vrouwelijk enkelvoud is en deze naamwoordgroep hier het onderwerp is. Voorbeelden: ein leichter Mantel = “een lichte jas”; leichte Schuhe = “lichte schoenen”. Jacke is het zelfstandig naamwoord voor “jas”. De meervoudsvorm is Jacken: zwei Jacken = “twee jassen”. In de gegeven zin is Jacke enkelvoud en vormt het samen met eine leichte het eerste deel van het onderwerp. kleiner betekent hier “kleine” en beschrijft Regenschirm. De basisvorm is klein. In ein kleiner Regenschirm krijgt het bijvoeglijk naamwoord de uitgang -er: Regenschirm is mannelijk enkelvoud en de onbepaalde bepaler ein toont hier niet zelf de volledige naamvalsvorm. Vergelijk: eine kleine Tasche = “een kleine tas” en kleine Schirme = “kleine paraplu’s”. Regenschirm betekent “paraplu”. Het samengestelde woord bestaat in het Duits als één zelfstandig naamwoord; het meervoud is Regenschirme. In deze zin is ein kleiner Regenschirm het tweede deel van het gezamenlijke onderwerp. würden is de meervoudsvorm van würde, de Konjunktiv-II-vorm van werden. Met een daaropvolgend infinitief drukt würden hier een voorwaardelijke of voorzichtige mogelijkheid uit: “zouden”. Het onderwerp is meervoud (Eine leichte Jacke und ein kleiner Regenschirm), daarom staat de vorm würden. Een herbruikbaar patroon is X würde helfen = “X zou helpen” en X und Y würden helfen = “X en Y zouden helpen”. helfen is het werkwoord “helpen”. Hier staat het in de infinitief, omdat het na würden komt: würden helfen. De tegenwoordige tijd heeft bijvoorbeeld ich helfe en sie helfen; na een modaal of een vorm van werden blijft het hoofdwerkwoord als infinitief staan. helfen kan ook een persoon als datiefobject hebben, bijvoorbeeld Ich helfe dir = “Ik help je”. In de gegeven zin wordt niet gezegd wie geholpen wordt. Samen vormen Eine leichte Jacke en ein kleiner Regenschirm een meervoudig onderwerp: “een lichte jas en een kleine paraplu”. würden helfen maakt daarvan “zouden helpen”. De volledige betekenis is dus: “Een lichte jas en een kleine paraplu zouden helpen.”
Dann kann ich beide in meine Tasche packen.
Dan kan ik ze allebei in mijn tas doen.
- Dann
- dan
- kann ich
- kan ik
- beide
- allebei
- Tasche
- tas
- packen
- doen; ergens in stoppen
Uitgebreide uitleg
Dann betekent hier “dan” of “in dat geval”: het verbindt deze uitspraak met de vooraf genoemde mogelijkheid. Voorbeeld: Dann gehen wir. — “Dan gaan we.” kann ich bestaat uit können (“kunnen”) in de ik-vorm kann en het persoonlijk voornaamwoord ich (“ik”). Bij een modaal werkwoord staat de andere werkwoordsvorm in een hoofdzin doorgaans achteraan: Ich kann helfen. — “Ik kan helpen.” Kann drukt hier mogelijkheid of vermogen uit, niet zekerheid dat het inpakken al gebeurd is. beide betekent “allebei” en verwijst in deze context naar de lichte jas en de kleine paraplu die eerder zijn genoemd. Het is een telwoordelijk bijvoeglijk woord voor precies twee zaken; voor meer dan twee gebruik je bijvoorbeeld alle (“allemaal”). Voorbeeld: Beide passen in de tas. — “Allebei passen ze in de tas.” Tasche betekent “tas”. Het zelfstandig naamwoord is vrouwelijk: die Tasche; na meine staat hier de vorm meine Tasche, “mijn tas”. Een bruikbaar contrast is in die Tasche voor beweging naar de tas en in der Tasche voor een plaats waar iets zich al bevindt. packen betekent “inpakken” of “ergens in stoppen”. De vorm is hier de infinitief. Met kann blijft packen onveranderd en staat het achteraan: Ich kann die Jacke in die Tasche packen. — “Ik kan de jas in de tas stoppen.” Samen vormen de delen: Dann (“dan/in dat geval”) + kann ich (“kan ik”) + beide (“allebei”) + in meine Tasche (“in mijn tas”) + packen (“stoppen”). De volledige betekenis is: “Dan kan ik ze allebei in mijn tas doen.” De constructie etwas in eine Tasche packen is herbruikbaar wanneer je zegt dat je iets naar binnen stopt; in meine Tasche geeft hier de bestemming aan, terwijl meine de tas aan de spreker koppelt.
Das sollte für den Regen und den kühleren Abend reichen.
Dat zou genoeg moeten zijn voor de regen en de koelere avond.
- Das sollte
- Dat zou ... moeten
- für
- voor
- Regen
- regen
- kühleren
- koelere
- Abend
- avond
- reichen
- voldoende zijn; volstaan
Uitgebreide uitleg
Das sollte betekent hier “dat zou ... moeten”. Das is een aanwijzend, onzijdig voornaamwoord; de precieze referent wordt in deze zin niet zelfstandig benoemd. Sollte is de vorm van sollen die hier een verwachting of inschatting uitdrukt. Met een volgend infinitief vormt het patroon sollte ... reichen: “zou ... moeten volstaan”. Für betekent “voor” en neemt in deze betekenis de accusatief. Daarom krijgen de twee daaropvolgende mannelijke woordgroepen het bepaalde lidwoord den: den Regen en den ... Abend. Für kan ook andere relaties aangeven, maar hier gaat het om waarvoor iets voldoende is. Regen is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Regen, “de regen”. Na für staat het in de woordgroep für den Regen, omdat für de accusatief vereist. Een bruikbaar voorbeeld is: Der Schirm reicht für den Regen. — “De paraplu volstaat voor de regen.” kühleren betekent hier “koelere” en beschrijft Abend. De vergelijkingsreeks is kühl — kühler — am kühlsten: “koel” — “koeler” — “het koelst”. In den kühleren Abend krijgt het bijvoeglijk naamwoord de uitgang -en: het staat vóór een mannelijk zelfstandig naamwoord in de accusatief, met het bepaalde lidwoord den. De vergelijking met een andere avond zit in kühleren; de zin zegt niet hoeveel koeler. Abend is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Abend, “de avond”. In deze woordgroep is het den Abend door für, en den kühleren Abend betekent “de koelere avond”. Reichen betekent “voldoende zijn” of “volstaan”. Dit is de infinitief van reichen; na sollte staat die infinitief aan het einde van de hoofdzin. Het grammaticale onderwerp van reichen is hier hetzelfde Das als in Das sollte. Bijvoorbeeld: Das reicht für zwei Personen. — “Dat volstaat voor twee personen.” Samen vormen de delen Das sollte ... reichen (“Dat zou ... moeten volstaan”), für den Regen (“voor de regen”) en den kühleren Abend (“de koelere avond”). De volledige betekenis is dus: “Dat zou genoeg moeten zijn voor de regen en de koelere avond.”
Grammatica
bevor + bijzin: werkwoord achteraan
Bevor wir losgehen, prüfen wir die Wetter-App.
be-FOOR vier LOOS-GEE-en, PRUU-fen vier die VET-ter-ep.Voordat we vertrekken, controleren we de weerapp.
Na „bevor“ staat het vervoegde werkwoord aan het einde van de bijzin.
Scheidbare werkwoorden: mitnehmen
Wir nehmen eine Jacke mit.
vier NEE-men AI-nuh YAK-kuh mit.We nemen een jas mee.
Bij een hoofdzin staat het voorvoegsel „mit“ aan het einde; „nehmen“ staat op de tweede plaats.
Duits woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Er staat dat er kans op regen is.
Antwoord tonen
Da steht, dass Regen möglich ist.De lucht ziet er nu al bewolkt uit.
Antwoord tonen
Der Himmel sieht schon bewölkt aus.Zal ik een lichte jas meenemen?
Antwoord tonen
Soll ich eine leichte Jacke mitnehmen?Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
vertrekken
Antwoord tonen
losgehenstaan
Antwoord tonen
stehtlucht
Antwoord tonen
Himmelvoordat