Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een cadeau voor een collega kiezen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Wir müssen ein Geschenk für unsere Kollegin auswählen.
Vier muussen ain ge-sjenk fuur onzere koleegin auswèèlen. We moeten een cadeau voor onze collega kiezen.Soll es nützlich oder eher persönlich sein?
Sol es nuuts-lisj oo-da ee-a per-zeun-lisj zain? Moet het nuttig of meer persoonlijk zijn?Sie mag Tee, also könnte ein Teeset gut passen.
Zie maak tee, al-zoo keunte ain tee-zeet goed passen. Ze houdt van thee, dus een theeset zou goed kunnen werken.Das wirkt persönlich, aber ist trotzdem nützlich.
Das virkt per-zeun-lisj, aa-ber ist trots-deem nuuts-lisj. Dat voelt persoonlijk, maar is nog steeds nuttig.Lass uns auch eine kleine Karte hinzufügen.
Las oens auch aine kl aine kar-te hin-tsoe-foo-gen. Laten we ook een klein kaartje toevoegen.Jeder kann sie unterschreiben, bevor wir ihr das Geschenk geben.
Yee-da kan zie on-ter-sjrai-ben, be-foor vier ier das ge-sjenk gee-ben. Iedereen kan het ondertekenen voordat we haar het cadeau geven.Uitleg van de zinnen
Wir müssen ein Geschenk für unsere Kollegin auswählen.
We moeten een cadeau voor onze collega kiezen.
- Wir müssen
- we moeten
- Geschenk
- cadeau
- für
- voor
- Kollegin
- vrouwelijke collega
- auswählen
- selecteren; kiezen
Uitgebreide uitleg
Wir müssen betekent hier “we moeten”. wir is de eerste persoon meervoud: de spreker rekent zichzelf samen met anderen tot de uitvoerders. müssen is de tegenwoordige tijd van müssen; het drukt noodzakelijkheid of verplichting uit. Bij een modaal werkwoord staat het andere werkwoord in de infinitief aan het einde: Wir müssen warten. = “We moeten wachten.” Geschenk betekent hier “cadeau”. Het zelfstandige naamwoord heeft als basisvorm das Geschenk; het is onzijdig. In ein Geschenk is ein een onbepaald lidwoord. Het lidwoord geeft hier geen zelfstandig numeriek aantal aan; het introduceert een niet nader bepaald cadeau als lijdend voorwerp. Het meervoud is Geschenke. für betekent “voor” en wordt gebruikt om de bestemde persoon of zaak aan te geven. Na für staat in het Duits de accusatief. Daarom staat het bijbehorende naamwoordelijk deel in für unsere Kollegin in de accusatief. unsere Kollegin betekent “onze collega”, waarbij Kollegin de vrouwelijke vorm is. Kollegin is een zelfstandig naamwoord voor een vrouwelijke collega; het mannelijke tegenstuk is Kollege. unsere is hier de vorm van het bezittelijke woord die past bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord in de accusatief: für unsere Kollegin. Dit zegt dat de collega van de groep is die met wir wordt bedoeld; de zin specificeert niet wie zij verder is. auswählen betekent “selecteren” of “kiezen”. De basisvorm is auswählen; het is een scheidbaar werkwoord, maar als infinitief na müssen blijft het hier als geheel aan het einde staan. In een hoofdzin zonder modaal werkwoord kan het voorvoegsel loskomen: Wir wählen ein Geschenk aus. = “We kiezen een cadeau.” Samen bouwen de delen de zin op als Wir müssen + ein Geschenk + für unsere Kollegin + auswählen: “We moeten een cadeau voor onze collega kiezen.” De groep die met wir wordt aangeduid, heeft dus de taak of noodzaak om een cadeau te selecteren dat voor hun vrouwelijke collega bestemd is.
Soll es nützlich oder eher persönlich sein?
Moet het nuttig of meer persoonlijk zijn?
- Soll es
- Moet het ...?
- nützlich
- nuttig
- eher
- meer
- persönlich
- persoonlijk
- sein
- zijn
Uitgebreide uitleg
Soll es bevat de vorm soll van het werkwoord sollen plus es. Sollen drukt hier uit dat iets zo hoort te zijn of de voorkeur krijgt; in deze vraag past de betekenis “moet het ... zijn?”. Soll is de tegenwoordige tijd voor de derde persoon enkelvoud. In een Duitse ja-neevraag staat de persoonsvorm vooraan: Soll es ... sein? Het es verwijst hier, in de context van het cadeau, naar het cadeau dat gekozen moet worden. Voorbeeld: Soll es ein Buch sein? — “Moet het een boek zijn?” Hier staat soll opnieuw vooraan omdat het een ja-neevraag is. nützlich betekent hier “nuttig” en beschrijft een mogelijke eigenschap van het cadeau. Het is een bijvoeglijk naamwoord. Na sein staat het als naamwoordelijk deel zonder uitgang: Es ist nützlich (“Het is nuttig”). Dat verschilt bijvoorbeeld van gebruik vóór een zelfstandig naamwoord, waar een uitgang kan verschijnen: ein nützliches Geschenk (“een nuttig cadeau”). Voorbeeld: Das Geschenk soll nützlich sein. — “Het cadeau moet nuttig zijn.” eher is een bijwoord dat een voorkeur of benadering richting de daaropvolgende mogelijkheid aangeeft. In deze tegenstelling betekent het “eerder” of natuurlijk Nederlands “meer”: niet zozeer nuttig, maar meer persoonlijk. Het is dus niet zelf het woord voor “persoonlijk”; het nuanceert de keuze tussen de twee eigenschappen. Voorbeeld: Ich möchte eher etwas Einfaches. — “Ik wil liever iets eenvoudigs.” persönlich betekent hier “persoonlijk”: het cadeau kan worden opgevat als afgestemd op de persoon of als een persoonlijke keuze. Het is, net als nützlich, een bijvoeglijk naamwoord dat na sein geen verbuigingsuitgang krijgt: sein + persönlich. Voor een zelfstandig naamwoord staat wel een verbogen vorm, bijvoorbeeld ein persönliches Geschenk — “een persoonlijk cadeau”. sein is de infinitief van sein, “zijn”. In deze zin staat het aan het einde omdat het samen met het modale werkwoord sollen de vraag vormt: soll ... sein. De eigenschappen nützlich en persönlich zijn beide naamwoordelijke delen bij sein; ze worden met oder tegenover elkaar geplaatst. Als geheel vraagt Soll es nützlich oder eher persönlich sein? welke van twee eigenschappen het cadeau moet hebben: nuttig, of liever meer persoonlijk. De context maakt duidelijk dat het om het nog te kiezen cadeau voor de collega gaat. De vorm is bruikbaar als patroon: Soll es A oder eher B sein? — “Moet het A of liever meer B zijn?”
Sie mag Tee, also könnte ein Teeset gut passen.
Ze houdt van thee, dus een theeset zou goed kunnen werken.
- mag
- houdt van
- Tee
- thee
- könnte
- zou kunnen
- Teeset
- theeset
- gut
- goed
- passen
- passen; goed werken
Uitgebreide uitleg
mag is hier de derde persoon enkelvoud van mögen bij sie: sie mag. In deze zin betekent het “ze houdt van” of “ze vindt ... lekker”. Het werkwoord krijgt hier Tee als lijdend voorwerp: Sie mag Tee. Een bruikbare tegenstelling is Sie mag Tee nicht — “Ze houdt niet van thee.” Tee betekent “thee”. Het is een zelfstandig naamwoord; in het Duits wordt het met een hoofdletter geschreven. In deze zin staat het zonder lidwoord, omdat thee als algemene drank wordt genoemd. Een concreet voorbeeld is Ich trinke Tee — “Ik drink thee.” könnte is de vorm van können voor de Konjunktiv II. Hier drukt die vorm een mogelijkheid uit: iets zou kunnen passen. Het gaat dus niet om een stellige voorspelling. Vergelijk Das könnte passen — “Dat zou kunnen passen” — met Das passt — “Dat past.” Teeset is een samenstelling van Tee en Set en betekent “theeset”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Teeset. Het eerste deel specificeert het soort set; vergelijk als nieuw voorbeeld Kaffeeset — “koffieset”. gut betekent hier “goed”. Het staat bij passen en beschrijft hoe goed iets past, niet de fysieke toestand van het theeset. De vergelijkingsvormen zijn gut, besser, am besten: “goed”, “beter”, “het best”. In Das passt gut betekent gut dus “goed” in de zin van “op een geschikte manier”. passen is het hele werkwoord “passen” of “geschikt zijn”. Na het modale werkwoord könnte blijft het in de infinitief staan en staat het aan het einde van de hoofdzin: könnte ... passen. Een bruikbaar voorbeeld is Der Vorschlag könnte gut passen — “Het voorstel zou goed kunnen passen.” also verbindt de twee delen als gevolgtrekking en betekent hier “dus”. Eerst wordt de voorkeur voor thee genoemd; daarna volgt het voorstel over het theeset. In het tweede deel staat de volgorde könnte ein Teeset gut passen: ein Teeset is het onderwerp, gut beschrijft de manier van passen, en passen blijft als infinitief achteraan staan. Samen betekent Sie mag Tee, also könnte ein Teeset gut passen: “Ze houdt van thee, dus een theeset zou goed kunnen werken.” De eerste hoofdzin geeft de relevante voorkeur; de tweede trekt daaruit voorzichtig de conclusie dat een theeset een geschikte keuze kan zijn.
Das wirkt persönlich, aber ist trotzdem nützlich.
Dat voelt persoonlijk, maar is nog steeds nuttig.
- Das
- dat
- wirkt
- voelt; komt over
- persönlich
- persoonlijk
- aber
- maar
- ist
- is
- trotzdem
- toch; nog steeds
- nützlich
- nuttig
Uitgebreide uitleg
Das staat hier zelfstandig als onderwerp en betekent dat. Het is een aanwijzend voornaamwoord in de onzijdige enkelvoudsvorm. De precieze verwijzing wordt in deze zin niet verder benoemd; belangrijk is dat het naar iets eerder besprokens wijst. Vergelijk: Das ist gut. — Dat is goed. wirkt komt van wirken en is de vorm voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: es wirkt, das wirkt. In deze betekenis gaat het niet om fysiek werken, maar om hoe iets overkomt of lijkt. Das wirkt freundlich. — Dat komt vriendelijk over. persönlich is hier een bijvoeglijk naamwoord na wirken. Het beschrijft hoe iets overkomt: persoonlijk, niet onpersoonlijk. Na werkwoorden zoals wirken, sein en werden krijgt zo'n bijvoeglijk naamwoord in deze functie geen uitgang: Das wirkt persönlich, niet een verbogen vorm. aber verbindt twee delen met een tegenstelling en betekent maar. ist komt van sein en is de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd. In het tweede deel wordt het onderwerp Das niet herhaald: Das wirkt persönlich, aber [das] ist trotzdem nützlich. Duits kan het gedeelde onderwerp in zo'n verbonden zin weglaten. trotzdem is een bijwoord met de betekenis toch of ondanks dat. Het laat zien dat het tweede oordeel ondanks het eerste nog steeds geldt. Es ist teuer, aber trotzdem nützlich. — Het is duur, maar toch nuttig. nützlich is een bijvoeglijk naamwoord en betekent nuttig of bruikbaar. Ook hier staat het na sein, dus zonder bijvoeglijke uitgang. Het tegenovergestelde is nutzlos: Die Idee ist nützlich. — Het idee is nuttig. Samen betekent Das wirkt persönlich, aber ist trotzdem nützlich.: Dat voelt persoonlijk, maar is nog steeds nuttig. De eerste deelzin beschrijft de indruk die iets maakt; aber zet daar een tegenstelling naast, en trotzdem benadrukt dat hetzelfde onderwerp daarnaast nuttig blijft. De herbruikbare structuur is: X wirkt A, aber ist trotzdem B — X komt A over, maar is toch B.
Lass uns auch eine kleine Karte hinzufügen.
Laten we ook een klein kaartje toevoegen.
- Lass uns
- laten we
- auch
- ook
- kleine
- kleine
- Karte
- kaartje
- hinzufügen
- toevoegen
Uitgebreide uitleg
Lass uns is een gebruikelijke Duitse manier om voor te stellen dat de spreker en de aangesprokene(n) iets samen doen: “laten we …”. Lass is de gebiedende wijs van lassen voor du; samen met uns vormt dit hier de uitnodiging. Het volgende werkwoord blijft in de infinitief: Lass uns anfangen. — “Laten we beginnen.” auch betekent hier “ook” en voegt deze handeling toe aan iets dat al genoemd of bedoeld is. Het staat vóór eine kleine Karte, waardoor deze kaart als extra onderdeel van het voorstel wordt genoemd. kleine is de verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord klein (“klein”). Het beschrijft Karte. In eine kleine Karte staat Karte in de accusatief, omdat het de directe aanvulling bij hinzufügen is; eine en kleine hebben hier de vormen van vrouwelijk enkelvoud in de accusatief. Vergelijk: eine kleine Karte, maar ein kleines Geschenk — “een klein cadeau”. De vorm van het bijvoeglijk naamwoord hangt dus onder meer samen met naamval, getal en grammaticaal geslacht. Karte is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Karte. In deze zin betekent het, volgens de vaste vertaling, “kaartje”: het kaartje dat men wil toevoegen. In andere contexten kan het woord bijvoorbeeld ook een plattegrond of speelkaart betekenen. Voorbeeld: Ich schreibe eine Karte. — “Ik schrijf een kaartje.” hinzufügen betekent “toevoegen”. Het is een scheidbaar werkwoord: in een gewone hoofdzin verschijnt het vaak als füge ... hinzu, maar na Lass uns blijft de infinitief hinzufügen aan het einde staan. Voorbeeld: Wir fügen den Namen hinzu. — “We voegen de naam toe.” Samen vormen Lass uns auch + eine kleine Karte + hinzufügen de betekenis: “Laten we ook een klein kaartje toevoegen.” Lass uns maakt er een voorstel van, auch koppelt deze handeling aan een andere handeling, en eine kleine Karte is wat gezamenlijk toegevoegd moet worden. De formulering is alledaags en geschikt voor een gezamenlijk plan.
Jeder kann sie unterschreiben, bevor wir ihr das Geschenk geben.
Iedereen kan het ondertekenen voordat we haar het cadeau geven.
- Jeder
- iedereen
- kann
- kan
- sie
- het
- unterschreiben
- ondertekenen
- bevor
- voordat
- wir
- wij
- ihr
- haar
- das
- het
- Geschenk
- cadeau
- geben
- geven
Uitgebreide uitleg
Jeder betekent hier “iedereen” en is een voornaamwoord in het enkelvoud. Daarom staat kann in de derde persoon enkelvoud. Jeder specificeert op zichzelf geen uitsluitend mannelijke groep. kann is de vorm van können voor de derde persoon enkelvoud. Het betekent hier “kan”. Na een modaal werkwoord staat het andere werkwoord als infinitief: Jeder kann unterschreiben = “Iedereen kan ondertekenen”. sie is hier het lijdend voorwerp van unterschreiben en betekent volgens de vaste vertaling “het”. In de vorige zin wordt een kleine kaart genoemd; in deze context verwijst sie naar die kaart. De vorm is hier de vierde naamval enkelvoud van het vrouwelijke voornaamwoord; sie kan in andere contexten ook de eerste of vierde naamval meervoud zijn. unterschreiben betekent “ondertekenen” en staat hier als infinitief na kann. Een vervoegde vorm is bijvoorbeeld ich unterschreibe. Voorbeeld: Sie kann den Brief unterschreiben. — “Zij kan de brief ondertekenen.” bevor leidt een bijzin in en betekent “voordat”. In een Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans aan het einde. Het patroon is bevor + onderwerp + ... + vervoegd werkwoord. wir betekent “wij” en is het onderwerp van de bijzin. Het is de vorm voor de eerste persoon meervoud. ihr betekent hier “haar” en is het meewerkend voorwerp bij geben: iemand geeft iets aan haar. Het is de datiefvorm van het vrouwelijke voornaamwoord in de derde persoon enkelvoud. Voorbeeld: Wir geben ihr eine Karte. — “Wij geven haar een kaart.” das hoort bij Geschenk en betekent hier “het”. Het is het bepaald lidwoord bij het onzijdige zelfstandig naamwoord. Das Geschenk is in deze zin het lijdend voorwerp; bij een onzijdig zelfstandig naamwoord ziet het lidwoord in de vierde naamval er hetzelfde uit als in de eerste naamval. Geschenk betekent “cadeau”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Geschenk. Hier is het het lijdend voorwerp van geben, dus het cadeau is wat wordt gegeven. Voorbeeld: Das Geschenk ist klein. — “Het cadeau is klein.” geben betekent “geven”. Hier is het de vervoegde vorm voor wir en staat het aan het einde van de bevor-bijzin. Het patroon jemandem etwas geben gebruikt de datief voor de ontvanger en de accusatief voor wat wordt gegeven: ihr is de ontvanger en das Geschenk is het gegeven voorwerp. Samen betekent Jeder kann sie unterschreiben “Iedereen kan het ondertekenen”. Bevor koppelt daaraan de tijdsbepaling wir ihr das Geschenk geben: “voordat wij haar het cadeau geven”. De volledige zin betekent dus: “Iedereen kan het ondertekenen voordat we haar het cadeau geven.”
Grammatica
bevor + bijzin met het werkwoord achteraan
Bevor wir die Karte geben, unterschreiben wir.
Be-foor vier die kar-te gee-ben, on-ter-sjrai-ben vier.Voordat we het kaartje geven, ondertekenen we.
Na „bevor“ staat het vervoegde werkwoord aan het einde van de bijzin.
Duits woordenschat
Wir müssen ein Geschenk für unsere Kollegin auswählen.
eher persönlich
ein Geschenk
unsere Kollegin
Sie mag Tee.
Soll es nützlich sein?
ein Teeset könnte gut passen
eher persönlich
Sie mag Tee.
ein Teeset
aber ist trotzdem nützlich
Das wirkt persönlich.
Quiz
Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
vrouwelijke collega
Antwoord tonen
Kollegintheeset
Antwoord tonen
Teesetpersoonlijk
Antwoord tonen
persönlichnuttig