Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een eerlijke schoonmaakroutine oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Unsere Putzroutine funktioniert nicht, und die Küche wird immer wieder unordentlich.
oenzere poets-roetiene functioneert nigt, oent die kuche virt immer vie-duh oen-ordent-lig. Onze schoonmaakroutine werkt niet, en de keuken wordt steeds weer rommelig.Ich glaube nicht, dass einer von uns das absichtlich macht.
ig glau-buh nigt, das ainer fon oens das ap-zigt-lig maakt. Ik denk niet dat een van ons dit expres doet.Vielleicht brauchen wir eine klarere Regel, besonders für das Geschirr und den Herd.
fie-laigt brau-guhn vie ainu klaa-ruh-ruh regel, buh-zon-duhs vuur das guh-sjir oent deen heert. Misschien hebben we een duidelijkere regel nodig, vooral voor de afwas en het fornuis.Wir könnten die Aufgaben jede Woche wechseln, damit nicht immer dieselbe Person den Boden wischt.
vie keun-ten die auf-gaa-buhn yeh-duh voochuh vek-seln, da-mit nigt immuh die-zel-buh per-zoon deen boo-duhn visjt. We zouden de taken elke week kunnen afwisselen, zodat niet steeds dezelfde persoon dweilt.Das klingt fair, obwohl ich lieber den Müll rausbringe, als das Bad zu putzen.
das klinkt feer, op-vool ig lie-buh deen mul raus-bringuh, als das baat tsoe poetsuhn. Dat klinkt eerlijk, hoewel ik liever de vuilnis buitenzet dan de badkamer schoonmaak.Vorlieben sind in Ordnung, aber die unangenehmen Aufgaben müssen trotzdem aufgeteilt werden.
foor-lie-buhn zint in ord-noeng, aa-buh die oen-anguh-neemuh auf-gaa-buhn muhsuhn trots-deem auf-guh-tailt veer-duhn. Voorkeuren zijn prima, maar de vervelende klussen moeten nog steeds worden verdeeld.Wenn wir es aufschreiben, können wir verhindern, dass sich später Frust aufstaut.
ven vie es auf-sjraibuhn, keunuhn vie fer-hinduhn, das zig sjpee-tuh froest auf-sjtauwt. Als we het opschrijven, kunnen we voorkomen dat er later frustratie ontstaat.Lass uns einen einfachen Plan machen und ihn überprüfen, nachdem wir ihn eine Weile ausprobiert haben.
las oens ainen ainfaa-guhn plaan makhuhn oent ien uu-buh-pruu-fuhn, naa-gdeem vie ien ainu vailuh aus-guh-pro-beert haa-buhn. Laten we een eenvoudig schema maken en het bekijken nadat we het een tijdje hebben geprobeerd.Wenn es sich zu streng anfühlt, können wir es anpassen, statt zu streiten.
ven es zig tsoe sjtreng an-fuult, keunuhn vie es an-pasuhn, sjtat tsoe sjtraituhn. Als het te streng voelt, kunnen we het aanpassen in plaats van ruzie te maken.Das Ziel ist ein saubereres Zuhause, kein perfektes System.
das tsiil ist ain zau-buh-ruh-res tsoe-hau-zuh, kain per-fek-tuhs zys-teem. Het doel is een schoner huis, geen perfect systeem.Uitleg van de zinnen
Unsere Putzroutine funktioniert nicht, und die Küche wird immer wieder unordentlich.
Onze schoonmaakroutine werkt niet, en de keuken wordt steeds weer rommelig.
- Putzroutine
- schoonmaakroutine
- funktioniert
- werkt
- Küche
- keuken
- wird
- wordt
- immer wieder
- steeds weer
- unordentlich
- rommelig
Uitgebreide uitleg
Putzroutine betekent hier een schoonmaakroutine. Het is een samengesteld vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Putzroutine; het meervoud is die Putzroutinen. In het Duits staat het kernwoord van zo’n samenstelling achteraan; Routine bepaalt dus het grammaticale geslacht. funktioniert komt van funktionieren en is de tegenwoordige tijd voor de derde persoon enkelvoud: es funktioniert, die Routine funktioniert. De vorm betekent hier dat iets werkt of doeltreffend verloopt. Voorbeeld: Der Plan funktioniert. — Het plan werkt. Küche betekent keuken. De vorm in de zin is enkelvoud: die Küche; het meervoud is die Küchen. De umlaut in Küchen hoort bij de meervoudsvorm en verandert de vorm van de klinker. wird komt van werden en is de tegenwoordige tijd voor de derde persoon enkelvoud. Hier betekent wird ... unordentlich dat de keuken rommelig wordt: werden drukt dus een verandering van toestand uit. Dit is hier geen passieve constructie. Voorbeeld: Das Wetter wird kalt. — Het weer wordt koud. immer wieder betekent steeds opnieuw of telkens weer. Het beschrijft een herhaald gebeuren, niet één voortdurende toestand. Voorbeeld: Sie fragt immer wieder. — Ze vraagt het steeds opnieuw. unordentlich betekent rommelig of niet netjes. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat na wird de nieuwe toestand van die Küche beschrijft. Het tegenovergestelde is ordentlich — netjes of ordelijk. Voorbeeld: Das Zimmer ist unordentlich. — De kamer is rommelig. Samen vormt Unsere Putzroutine funktioniert nicht de betekenis: onze schoonmaakroutine werkt niet. und verbindt dit met die Küche wird immer wieder unordentlich: de keuken wordt steeds opnieuw rommelig. De volledige zin betekent daarom: Onze schoonmaakroutine werkt niet, en de keuken wordt steeds weer rommelig.
Ich glaube nicht, dass einer von uns das absichtlich macht.
Ik denk niet dat een van ons dit expres doet.
- Ich glaube nicht
- ik denk niet
- einer von uns
- een van ons
- das
- dit
- absichtlich
- expres
- macht
- doet
Uitgebreide uitleg
Ich glaube nicht bevat glauben (“geloven”): ich glaube is de tegenwoordige tijd voor de eerste persoon enkelvoud. Met nicht ontkent de spreker hier zijn overtuiging: “ik denk niet dat …”. Na deze uitdrukking volgt een bijzin met dass. einer von uns betekent hier “een van ons”. einer is een zelfstandig gebruikt onbepaald voornaamwoord; het verwijst naar één persoon uit de groep die door uns wordt aangeduid. von met de datief geeft de groep aan waaruit die persoon wordt gekozen. Voor een meervoudige groep kun je bijvoorbeeld zeggen: Viele von uns helfen. — “Veel van ons helpen.” das is hier een aanwijzend voornaamwoord met de betekenis “dit”. Het verwijst naar de bedoelde handeling of situatie, zonder dat de zin een afzonderlijk zelfstandig naamwoord als antecedent noemt. Het is in deze zin het lijdend voorwerp van macht. absichtlich is een bijwoord en betekent “opzettelijk” of “expres”. Het beschrijft de bedoeling achter de handeling. Het tegenovergestelde is unabsichtlich — “onopzettelijk”. Voorbeeld: Sie hat das nicht absichtlich gemacht. — “Zij heeft dat niet expres gedaan.” macht komt van machen (“doen” of “maken”). Dit is de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: ich mache, du machst, er/sie/es macht. Hier past macht bij einer, dat grammaticaal enkelvoud is. In de bijzin staat het vervoegde werkwoord achteraan, zoals gebruikelijk na dass. Samen bouwt de zin zich op als: Ich glaube nicht + dass einer von uns das absichtlich macht: “Ik denk niet dat een van ons dit expres doet.” De ontkenning geldt voor de overtuiging van de spreker, en de bijzin specificeert wat de spreker niet denkt.
Vielleicht brauchen wir eine klarere Regel, besonders für das Geschirr und den Herd.
Misschien hebben we een duidelijkere regel nodig, vooral voor de afwas en het fornuis.
- Vielleicht
- misschien
- brauchen
- nodig hebben
- wir
- wij
- klarere
- duidelijkere
- Regel
- regel
- besonders
- vooral
- für
- voor
- Geschirr
- afwas
- Herd
- fornuis
Uitgebreide uitleg
Vielleicht drukt hier onzekerheid over de uitspraak uit: “misschien”. Het staat vooraan en maakt de hele mededeling voorzichtig, niet alleen het volgende werkwoord. Voorbeeld: Vielleicht kommt er morgen. — Misschien komt hij morgen. brauchen betekent hier “nodig hebben”. De vorm is tegenwoordige tijd, eerste persoon meervoud: wir brauchen; de stam is brauch-. Het werkwoord neemt hier een zelfstandig naamwoord als object: Wir brauchen Zeit. — We hebben tijd nodig. Dat verschilt van het patroon brauchen zu in zinnen waarin “niet hoeven te …” of “niet nodig hebben om te …” wordt uitgedrukt. wir is het persoonlijk voornaamwoord voor de eerste persoon meervoud, “wij”. Het is hier het onderwerp en bepaalt daarom de werkwoordsvorm brauchen. Voor één spreker is de vorm ich, zoals in Ich brauche Hilfe. — Ik heb hulp nodig. klarere betekent hier “duidelijkere”. Dit is de vergrotende trap van het bijvoeglijk naamwoord klar: klar — duidelijk, klarer — duidelijker, am klarsten — het duidelijkst. De uitgang in klarere hangt samen met de vorm van de naamwoordgroep: het bijvoeglijk naamwoord staat vóór het vrouwelijke zelfstandig naamwoord Regel, na eine, in de accusatief. De vergelijking met iets anders is in deze zin niet expliciet genoemd; de vorm stelt alleen een duidelijkere regel voor dan een eerder bedoelde of bestaande regel. Regel betekent hier “regel” of “afspraak”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; de basisvorm is dezelfde als de waargenomen vorm, met meervoud Regeln. In eine klarere Regel is het de kern van de eerste naamwoordgroep. Voorbeeld: Wir brauchen eine einfache Regel. — We hebben een eenvoudige regel nodig. besonders betekent hier “vooral” en legt nadruk op wat daarna komt. Het is een bijwoord en verandert niet mee met een zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Besonders am Abend ist es ruhig. — Vooral ’s avonds is het rustig. für is een voorzetsel dat in deze betekenis de accusatief vereist. Het introduceert hier datgene waarop de regel in het bijzonder betrekking heeft. Voorbeeld: Die Regel ist für alle. — De regel is voor iedereen. Geschirr verwijst hier, volgens de vaste vertaling, naar de afwas: het vaatwerk of de vaat die in de huishoudelijke regel wordt bedoeld. Het is een onsijdig zelfstandig naamwoord; das Geschirr heeft hier dezelfde vorm in de accusatief na für. Het woord wordt doorgaans als verzamelnaam gebruikt en heeft daarom geen gewone meervoudsvorm nodig in deze betekenis. Voorbeeld: Das Geschirr ist sauber. — De afwas is schoon. Herd betekent “fornuis”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; het meervoud is Herde. In für den Herd staat het enkelvoud in de accusatief: der Herd wordt na für den Herd. Voorbeeld: Der Herd ist heiß. — Het fornuis is heet. Samen vormt eine klarere Regel het object bij brauchen: “een duidelijkere regel nodig hebben”. besonders beperkt de nadruk vervolgens tot für das Geschirr und den Herd: de regel geldt vooral met betrekking tot de afwas en het fornuis. De twee naamwoordgroepen zijn met und verbonden en worden allebei door für ingeleid. De volledige betekenis is daarom: “Misschien hebben we een duidelijkere regel nodig, vooral voor de afwas en het fornuis.”
Wir könnten die Aufgaben jede Woche wechseln, damit nicht immer dieselbe Person den Boden wischt.
We zouden de taken elke week kunnen afwisselen, zodat niet steeds dezelfde persoon dweilt.
- Wir könnten
- we zouden kunnen
- die Aufgaben
- de taken
- jede Woche
- elke week
- wechseln
- afwisselen
- damit
- zodat
- nicht immer
- niet steeds
- dieselbe
- dezelfde
- Person
- persoon
- den Boden
- de vloer
- wischt
- dweilt
Uitgebreide uitleg
Wir könnten betekent hier dat de sprekers samen een mogelijkheid of voorstel formuleren: “we zouden kunnen”. könnten is de vorm van können voor de eerste persoon meervoud in de Konjunktiv II. Vergelijk Wir können wechseln (“we kunnen afwisselen”, feitelijke mogelijkheid) met Wir könnten wechseln (“we zouden kunnen afwisselen”, voorstel of voorwaardelijke mogelijkheid). Het onderwerp Wir bepaalt de meervoudsvorm; könnten neemt daarna een infinitief. die Aufgaben betekent hier “de taken”. Aufgabe is het enkelvoud; Aufgaben is het meervoud. Het lidwoord die hoort bij het meervoud en kan daar zowel nominatief als accusatief zijn. In dit fragment is de woordgroep het lijdend voorwerp van wechseln. jede Woche betekent “elke week”. Woche is vrouwelijk; jede is hier de vorm bij een enkelvoudige tijdsbepaling in de accusatief. De woordgroep geeft aan hoe vaak of volgens welk tijdsritme iets gebeurt. Voorbeeld: Wir treffen uns jede Woche. — “We spreken elke week af.” wechseln is de infinitief “afwisselen” of “wisselen”. Na een vorm van een modaal werkwoord zoals könnten blijft het hoofdwerkwoord als infinitief staan. Voorbeeld: Wir wechseln die Plätze. — “We wisselen van plaats.” In de gegeven zin gaat het om het afwisselen van de taken. damit leidt hier een doelzin in: “zodat”. In zo’n bijzin staat het vervoegde werkwoord aan het einde. De zin na damit beschrijft het beoogde resultaat van het afwisselen. nicht immer betekent “niet steeds” of “niet telkens”. nicht ontkent hier de frequentie-uitdrukking immer; het betekent dus niet dat de handeling helemaal niet gebeurt, maar dat zij niet telkens door dezelfde persoon gebeurt. dieselbe betekent “dezelfde”, in de betekenis van één en dezelfde. Het hoort grammaticaal bij Person: beide zijn vrouwelijk enkelvoud in de nominatief, omdat Person het onderwerp van de bijzin is. dieselbe is niet hetzelfde als alleen ähnliche (“vergelijkbare”): het verwijst naar dezelfde concrete persoon. Voorbeeld: Dieselbe Person kommt morgen. — “Dezelfde persoon komt morgen.” Person betekent “persoon”. Het meervoud is Personen. In deze zin is Person enkelvoudig en vormt het samen met dieselbe het onderwerp van wischt; het zegt niet hoeveel personen er in de hele situatie zijn. den Boden betekent “de vloer”. Boden is het zelfstandig naamwoord; den markeert hier de mannelijke enkelvoudige accusatief, omdat de vloer het lijdend voorwerp van wischt is. De nominatief zou der Boden zijn. Voorbeeld: Sie wischt den Tisch. — “Zij veegt de tafel.” wischt is de derde persoon enkelvoud van wischen, “vegen” of “dweilen”. De uitgang -t past hier bij het enkelvoudige onderwerp dieselbe Person; het is niet wischen, omdat het werkwoord in deze bijzin vervoegd wordt. In een hoofdzin staat dezelfde persoonsvorm bijvoorbeeld in Die Person wischt den Boden. — “De persoon dweilt de vloer.” Samen betekent de zin: “We zouden de taken elke week kunnen afwisselen, zodat niet steeds dezelfde persoon de vloer dweilt.” Eerst stelt Wir könnten ... wechseln het afwisselen als mogelijkheid voor. die Aufgaben benoemt wat wordt afgewisseld en jede Woche geeft het ritme aan. De damit-bijzin legt het doel uit: door die afwisseling wordt voorkomen dat telkens één en dezelfde persoon de vloer dweilt. De formulering is geschikt als gezamenlijk, niet-dwingend voorstel.
Das klingt fair, obwohl ich lieber den Müll rausbringe, als das Bad zu putzen.
Dat klinkt eerlijk, hoewel ik liever de vuilnis buitenzet dan de badkamer schoonmaak.
- klingt
- klinkt
- fair
- eerlijk
- obwohl
- hoewel
- lieber
- liever
- Müll
- vuilnis
- rausbringe
- buitenzet
- Bad
- badkamer
- putzen
- schoonmaken
Uitgebreide uitleg
klingt komt van klingen en is de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud: Das klingt ... = “Dat klinkt ...”. Het onderwerp is hier Das; de vorm klingt past daarbij. Voorbeeld: Das klingt gut. — “Dat klinkt goed.” fair betekent hier “eerlijk” of “redelijk”. Het is een onveranderlijk bijvoeglijk naamwoord in de constructie Das klingt fair; na klingen beschrijft het een indruk of beoordeling van het onderwerp. obwohl leidt een bijzin in met een tegenstelling: “hoewel”. In een Duitse obwohl-bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans achteraan. Daarom staat rausbringe aan het einde van het eerste deel van die bijzin. lieber drukt een voorkeur uit: “liever”. Het is de vergelijkende vorm bij gern: gern = graag, lieber = liever, am liebsten = het liefst. Voorbeeld: Ich trinke lieber Tee. — “Ik drink liever thee.” Müll is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Müll. In deze zin is het lijdend voorwerp, dus staat het in de accusatief: den Müll. Het betekent hier “de vuilnis” of “het afval”. rausbringe komt van het scheidbare werkwoord rausbringen en betekent hier “naar buiten brengen” of, met Müll, “buitenzetten”. In een hoofdzin wordt het gesplitst: Ich bringe den Müll raus. In deze obwohl-bijzin staat het vervoegde werkwoord achteraan en verschijnt het als één geheel: ich ... rausbringe. De vorm is eerste persoon enkelvoud, passend bij ich. Bad is een zelfstandig naamwoord met het lidwoord das: das Bad. Het betekent hier “de badkamer”. In das Bad zu putzen blijft de vorm das Bad hetzelfde, omdat het onzijdige lidwoord in de nominatief en accusatief gelijk is. putzen is het werkwoord “schoonmaken” of “poetsen”. Hier staat het als infinitief in de constructie zu putzen: “schoon te maken”. Voorbeeld: Ich putze das Bad. — “Ik maak de badkamer schoon.” De volledige structuur is Das klingt fair, obwohl ...: eerst wordt iets als eerlijk beoordeeld; daarna volgt met obwohl een tegenstelling. Ich ... rausbringe zegt wat de spreker liever doet, en als das Bad zu putzen geeft aan waarmee die voorkeur wordt vergeleken: liever de vuilnis buitenzetten dan de badkamer schoonmaken. Samen betekent de zin: “Dat klinkt eerlijk, hoewel ik liever de vuilnis buitenzet dan de badkamer schoonmaak.”
Vorlieben sind in Ordnung, aber die unangenehmen Aufgaben müssen trotzdem aufgeteilt werden.
Voorkeuren zijn prima, maar de vervelende klussen moeten nog steeds worden verdeeld.
- Vorlieben
- voorkeuren
- sind in Ordnung
- zijn prima
- unangenehmen
- vervelende
- Aufgaben
- klussen
- müssen
- moeten
- trotzdem
- toch; desondanks
- aufgeteilt werden
- verdeeld worden
Uitgebreide uitleg
Vorlieben betekent hier voorkeuren. Het is het meervoud van die Vorliebe (een voorkeur) en staat als onderwerp van sind. Voorbeeld: Meine Vorlieben sind verschieden. — Mijn voorkeuren zijn verschillend. sind in Ordnung vormt samen de beoordeling “zijn prima” of “zijn in orde”. sind is de meervoudsvorm van sein in de tegenwoordige tijd: ich bin, du bist, er/sie/es ist, wir/sie/Sie sind. in Ordnung is een vaste uitdrukking voor aanvaardbaarheid of geschiktheid. Voorbeeld: Der Plan ist in Ordnung. — Het plan is prima. unangenehmen betekent hier vervelend of onaangenaam. De basisvorm is unangenehm. Het bijvoeglijk naamwoord beschrijft Aufgaben en staat ervoor. In die unangenehmen Aufgaben krijgt het de uitgang -en, omdat het bijvoeglijk naamwoord vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord staat met het bepaalde lidwoord die. Deze woordgroep is hier het onderwerp van de passieve zin en staat dus in de eerste naamval, niet in de vierde naamval. Voorbeeld: Wir erledigen die unangenehmen Aufgaben zuerst. — We doen de vervelende taken eerst. Aufgaben betekent klussen of taken. Het is het meervoud van die Aufgabe. Hier past door de vaste vertaling de betekenis “klussen”. Voorbeeld: Die Aufgaben sind klar verteilt. — De taken zijn duidelijk verdeeld. müssen drukt hier verplichting of noodzaak uit: de taken moeten verdeeld worden. Het is de vorm van müssen bij wir, sie in het meervoud en Sie; bij het onderwerp die unangenehmen Aufgaben is de derde persoon meervoud bedoeld. In een hoofdzin staat het vervoegde modale werkwoord op de tweede zinsplaats; het andere werkwoord staat als infinitief aan het einde. Voorbeeld: Wir müssen beginnen. — We moeten beginnen. trotzdem betekent “toch” of “desondanks”. Het benadrukt hier dat de taken ondanks het voorafgaande punt alsnog verdeeld moeten worden. Als trotzdem vooraan staat, kan het de woordvolgorde beïnvloeden: Trotzdem müssen wir beginnen. — Toch moeten we beginnen. aufgeteilt werden betekent “verdeeld worden”. aufgeteilt is het voltooid deelwoord van het scheidbare werkwoord aufteilen (“verdelen”); werden vormt hier samen met dat deelwoord de lijdende vorm. In müssen ... aufgeteilt werden staat müssen op de tweede zinsplaats, terwijl aufgeteilt werden aan het einde van de hoofdzin staat. Voorbeeld: Die Aufgaben werden aufgeteilt. — De taken worden verdeeld. De hele zin bestaat uit een eerste beoordeling en daarna een tegenstelling: Vorlieben sind in Ordnung — voorkeuren zijn prima — maar die unangenehmen Aufgaben müssen trotzdem aufgeteilt werden — de vervelende klussen moeten toch worden verdeeld. aber verbindt de twee delen, terwijl trotzdem binnen het tweede deel benadrukt dat de verdeling ondanks het voorafgaande punt nodig blijft.
Wenn wir es aufschreiben, können wir verhindern, dass sich später Frust aufstaut.
Als we het opschrijven, kunnen we voorkomen dat er later frustratie ontstaat.
- Wenn
- als / wanneer
- wir es aufschreiben
- we schrijven het op
- können wir
- kunnen we
- verhindern
- voorkomen
- dass
- dat
- sich
- zich
- später
- later
- Frust
- frustratie
- aufstaut
- hoopt zich op
Uitgebreide uitleg
Wenn leidt hier een bijzin in die de voorwaarde of situatie aangeeft: “als/wanneer …”. In zo’n Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord achteraan. Een bruikbaar patroon is Wenn + onderwerp + ... + werkwoord. wir es aufschreiben betekent hier “we schrijven het op”. wir is de eerste-persoonsmeervoudsvorm (“wij”). aufschreiben is een scheidbaar werkwoord met de basisvorm aufschreiben; in een hoofdzin splitst het vaak: Wir schreiben es auf. — “We schrijven het op.” In deze bijzin blijft het als één woord aan het einde van de bijzin staan. es is hier het voorwerp “het”; wat precies wordt opgeschreven, wordt door deze zin niet verder benoemd. können wir betekent “kunnen we”. können is de tegenwoordige tijd van können bij wir; in de hoofdzin staat het vervoegde modale werkwoord op de tweede positie en volgt de infinitief later. Vergelijk: Wir können den Plan ändern. — “We kunnen het plan veranderen.” verhindern betekent “voorkomen”. De basisvorm is verhindern; na het modale werkwoord können staat deze infinitief. Het patroon können + infinitief drukt hier uit dat iets mogelijk is. dass leidt de inhoudsbijzin aan: wat er voorkomen kan worden. Het is vergelijkbaar met “dat” in het Nederlands en plaatst het vervoegde werkwoord van die bijzin aan het einde. sich hoort hier bij het reflexieve werkwoord sich aufstauen. Het verwijst grammaticaal terug naar het onderwerp Frust, niet naar een afzonderlijk benoemde persoon; bij een zaak of toestand kan dat onderwerp dus ook niet-menselijk zijn. später betekent “later” en plaatst het ophopen op een later moment. Frust is een zelfstandig naamwoord voor “frustratie” of “frustratiegevoel”. Het is in het Duits mannelijk: der Frust. In deze bijzin is Frust het onderwerp van aufstaut. aufstaut betekent hier “hoopt zich op” als onderdeel van sich aufstauen. De basisvorm van het werkwoord is aufstauen; aufstaut is de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd, passend bij Frust. In een hoofdzin kan het werkwoord splitsen: Der Frust staut sich auf. — “De frustratie hoopt zich op.” In de dass-bijzin staat de vervoegde vorm aan het einde: ..., dass sich der Frust aufstaut. Samen betekent de zin: “Als we het opschrijven, kunnen we voorkomen dat er later frustratie ontstaat.” De eerste bijzin geeft de voorwaarde of situatie; de hoofdzin noemt wat mogelijk is; de dass-bijzin benoemt wat voorkomen moet worden. sich ... aufstauen geeft daarbij weer dat frustratie zich ophoopt.
Lass uns einen einfachen Plan machen und ihn überprüfen, nachdem wir ihn eine Weile ausprobiert haben.
Laten we een eenvoudig schema maken en het bekijken nadat we het een tijdje hebben geprobeerd.
- Lass uns
- laten we
- einfachen
- eenvoudig
- Plan
- plan
- machen
- maken
- ihn
- het
- überprüfen
- controleren
- nachdem
- nadat
- eine Weile
- een tijdje
- ausprobiert
- uitgeprobeerd
Uitgebreide uitleg
Lass uns is een vaste aansporing voor “laten we …”. Lass is de gebiedende wijs van lassen bij du; samen met uns drukt deze constructie een voorstel uit waarbij de spreker zichzelf insluit. Het werkwoord van de voorgestelde handeling staat daarna in de infinitief: Lass uns anfangen betekent “laten we beginnen”. Dit is geen bevel aan één andere persoon alleen. einfachen betekent hier “eenvoudig”. Het bijvoeglijk naamwoord beschrijft Plan en krijgt de uitgang -en in einen einfachen Plan: de combinatie is mannelijk, enkelvoud en naamval accusatief, na het onbepaalde lidwoord einen. De basisvorm is einfach; bijvoorbeeld ein einfacher Plan is “een eenvoudig plan” wanneer die naamvalsvorm andere adjectiefuitgang vereist. Plan is een zelfstandig naamwoord voor een plan of schema. Het is mannelijk: der Plan. In deze zin staat het als lijdend voorwerp na machen, dus als einen Plan in de accusatief. Een bruikbaar contrast is den Plan ändern — “het plan veranderen” — tegenover mit dem Plan arbeiten — “met het plan werken”. machen betekent “maken” en staat hier in de infinitief na de constructie Lass uns. Het kan onder andere worden gebruikt voor iets creëren of opstellen: Wir machen einen Plan betekent “We maken een plan”. In deze zin vormt machen samen met einen einfachen Plan het eerste voorgestelde werk. ihn betekent hier “het” en verwijst, volgens de vaste vertaling en de grammaticale vorm, naar het mannelijke zelfstandig naamwoord Plan. ihn is de accusatiefvorm van het persoonlijke voornaamwoord voor een mannelijk enkelvoudig referent; de nominatiefvorm is er. Het herhaalde ihn later in de zin houdt dezelfde referent vast. Bijvoorbeeld: Wir prüfen den Plan und ändern ihn. — “We controleren het plan en veranderen het.” überprüfen betekent “controleren” of “nakijken”. Het is een zelfstandig werkwoord in de infinitief en staat hier naast machen binnen hetzelfde voorstel: Lass uns den Plan überprüfen — “Laten we het plan controleren.” Het voorvoegsel über- hoort hier bij het werkwoord; überprüfen wordt niet gescheiden zoals een scheidbaar werkwoord. nachdem betekent “nadat” en leidt een bijzin in die aangeeft wanneer de hoofdhandeling plaatsvindt. In deze bijzin staat het vervoegde werkwoord aan het einde: nachdem wir ... haben. Nachdem introduceert dus niet zelf de handeling “proberen”; het verbindt de tijdsrelatie tussen de bijzin en de hoofdzin. eine Weile betekent “een tijdje” of “enige tijd”. Weile is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord (die Weile), en eine is hier de vorm die bij deze naamwoordgroep hoort. De uitdrukking beschrijft de duur van het uitproberen: Wir warten eine Weile betekent “We wachten een tijdje”. ausprobiert betekent hier “uitgeprobeerd”. Het is het voltooid deelwoord van ausprobieren, “uitproberen”. Met haben vormt het het perfectum: wir haben es ausprobiert — “we hebben het uitgeprobeerd”. Omdat dit in een bijzin met nachdem staat, komt het vervoegde hulpwerkwoord aan het einde: nachdem wir ihn eine Weile ausprobiert haben. Het voornaamwoord ihn maakt duidelijk dat het plan wordt uitgeprobeerd; in het Nederlands wordt dat in de vaste vertaling als het weergegeven. De hele structuur is Lass uns [een plan maken] en [het controleren], nadat we [het een tijdje hebben uitgeprobeerd]. De spreker stelt dus voor om eerst een eenvoudig plan op te stellen, het vervolgens te controleren, en dat controleren te laten plaatsvinden nadat het plan enige tijd is uitgeprobeerd. De combinatie Lass uns + infinitief is een herbruikbaar patroon voor gezamenlijke voorstellen.
Wenn es sich zu streng anfühlt, können wir es anpassen, statt zu streiten.
Als het te streng voelt, kunnen we het aanpassen in plaats van ruzie te maken.
- zu streng
- te streng
- anfühlt
- aanvoelt
- können wir
- kunnen we
- anpassen
- aanpassen
- statt zu streiten
- in plaats van ruzie te maken
Uitgebreide uitleg
zu streng betekent hier dat iets als overdreven streng wordt ervaren. zu staat hier vóór een bijvoeglijk naamwoord en geeft “te …” aan; dit is niet dezelfde zu als in een infinitief. Vergelijk: Das ist zu teuer. — “Dat is te duur.” Het bijvoeglijk naamwoord streng heeft hier geen zelfstandig naamwoord ernaast; het beschrijft hoe es wordt ervaren. anfühlt is de derde persoon enkelvoud van sich anfühlen in de tegenwoordige tijd. In deze zin is es het onderwerp: iets “voelt” op een bepaalde manier aan. Het voorvoegsel an- hoort bij het werkwoord; in een vervoegde hoofdzin kan het worden gescheiden, bijvoorbeeld Das fühlt sich gut an. — “Dat voelt goed aan.” Hier staat het als anfühlt in een bijzin. Het reflexieve sich is onderdeel van de constructie sich anfühlen, niet een zelfstandig alternatief voor het onderwerp. können wir bestaat uit de persoonsvorm van können en het onderwerp wir. können drukt hier mogelijkheid of haalbaarheid uit: “we kunnen”. In een hoofdzin met een modaal werkwoord staat het andere werkwoord doorgaans als infinitief achteraan: Wir können es anpassen. — “We kunnen het aanpassen.” Na de voorafgaande Wenn-bijzin staat de persoonsvorm vóór het onderwerp, vandaar können wir. anpassen betekent hier iets aanpassen of bijstellen. Het is een scheidbaar werkwoord met basisvorm anpassen; bij een modaal werkwoord blijft de infinitief als geheel staan: Wir passen es an. — “We passen het aan”, maar Wir können es anpassen. — “We kunnen het aanpassen.” es is in het vaste vertaalde geheel het ding dat aangepast wordt; de zin specificeert niet welk concreet ding dat is. statt zu streiten betekent “in plaats van ruzie te maken”. statt introduceert een alternatief, en zu streiten is een infinitiefgroep. Het werkwoord streiten betekent hier ruzie maken of met elkaar redetwisten. Voor een ander onderwerp kan ook een volledige bijzin volgen, bijvoorbeeld: Statt zu streiten, sprechen wir ruhig. — “In plaats van ruzie te maken, praten we rustig.” De hele zin heeft de vorm Wenn ... , können wir ... , statt zu .... De voorwaarde Wenn es sich zu streng anfühlt betekent “Als het te streng aanvoelt”. Daarna volgt het voorstel können wir es anpassen: “kunnen we het aanpassen”. statt zu streiten geeft het gekozen alternatief tegenover ruzie maken aan. Samen betekent de uiting dus: “Als het te streng voelt, kunnen we het aanpassen in plaats van ruzie te maken.”
Das Ziel ist ein saubereres Zuhause, kein perfektes System.
Het doel is een schoner huis, geen perfect systeem.
- Ziel
- doel
- saubereres
- schoner
- Zuhause
- thuis; huis
- kein
- geen
- perfektes
- perfect
- System
- systeem
Uitgebreide uitleg
Ziel betekent hier “doel”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Ziel in het enkelvoud, die Ziele in het meervoud. Voorbeeld: Das Ziel ist klar. — “Het doel is duidelijk.” saubereres betekent hier “schoner”. De vorm is de vergrotende trap van sauber (“schoon”): sauber → sauberer → am saubersten. In ein saubereres Zuhause krijgt het bijvoeglijk naamwoord de uitgang -es, omdat het bij het onzijdige zelfstandig naamwoord Zuhause staat en na ein in deze naamval die vorm nodig heeft. Voorbeeld: Wir wollen ein saubereres Zimmer. — “We willen een schonere kamer.” Zuhause betekent hier “huis” of “thuis” als plaats waar iemand woont. Als zelfstandig naamwoord wordt het met een hoofdletter geschreven: das Zuhause. Dat verschilt van het bijwoord zuhause, zoals in Ich bin zuhause. — “Ik ben thuis.” In de gegeven woordgroep is Zuhause zelf het onzijdige zelfstandig naamwoord: ein saubereres Zuhause. kein ontkent hier een onbepaald zelfstandig naamwoord: “geen”. Het is de ontkennende vorm die bij ein hoort. In kein perfektes System staat het in de onzijdige vorm bij System; keine gebruik je bijvoorbeeld bij een meervoud of een vrouwelijk zelfstandig naamwoord. Kein ontkent dus het genoemde zelfstandig naamwoord, terwijl nicht op andere manieren een zin of zinsdeel kan ontkennen. perfektes betekent “perfect”. De vorm staat bij het onzijdige zelfstandig naamwoord System na kein: kein perfektes System. Het bijvoeglijk naamwoord zelf is perfekt; de uitgang -es markeert hier de combinatie met een onzijdig zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Das ist kein perfektes Ergebnis. — “Dat is geen perfect resultaat.” System betekent “systeem”. Het is onzijdig: das System; het meervoud is die Systeme. In deze zin staat het in kein perfektes System, als het zelfstandig naamwoord dat door kein wordt ontkend. De constructie Das Ziel ist ... zegt wat het doel is. ein saubereres Zuhause benoemt dat doel als een schoner huis. Na de komma volgt kein perfektes System: dat geeft een contrast aan en begrenst wat met het doel wordt bedoeld. Samen betekent de zin: “Het doel is een schoner huis, geen perfect systeem.”
Grammatica
aufschreiben → schreibe ... auf
Ich schreibe den Plan auf.
ig sjraibuh deen plaan auf.Ik schrijf het plan op.
Bij scheidbare werkwoorden staat het voorvoegsel in een hoofdzin achteraan: aufschreiben → schreibe ... auf.
sich anfühlen → fühlt sich ... an
Das fühlt sich unangenehm an.
das fuult zig oen-anguh-neem an.Dat voelt onaangenaam aan.
Het wederkerend voornaamwoord sich staat bij het werkwoord; het scheidbare an staat achteraan.
Duits woordenschat
Quiz
Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
schoonmaakroutine
Antwoord tonen
Putzroutinerommelig
Antwoord tonen
unordentlichwerken
Antwoord tonen
funktioniertservies, afwas