Bezorging en voorraad van een bureau bespreken | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: In a shop, a customer asks staff to check desk stock and add home delivery before processing the order..

NL → DE / Niveau: B1

Over deze les

Met Bezorging en voorraad van een bureau bespreken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Ich mag diesen Schreibtisch, aber ich kann ihn nicht allein nach Hause tragen.

ieç mak diezen sjraip-tisj, aa-ber ieç kan ien niegt a-lain naag hau-ze draa-gen. Ik vind dit bureau mooi, maar ik kan het niet alleen naar huis dragen.
B

Wir können die Lieferung organisieren, wenn er noch auf Lager ist.

vier keunen die lie-feroeng or-ga-nie-tsie-ren, ven er nog auf laa-ger is. We kunnen de bezorging regelen als het nog op voorraad is.
A

Könnten Sie prüfen, ob im Lager noch einer verfügbar ist?

keunten zie pruu-fen, op im laa-ger nog ain-er fer-fueg-baar is? Kunt u controleren of er in het magazijn nog een beschikbaar is?
B

Ich prüfe jetzt den Lagerbestand.

ieç pruu-fe ijetst den laa-ger-be-sjtant. Ik controleer nu de voorraad.
A

Wenn er verfügbar ist, welche Lieferoptionen bieten Sie an?

ven er fer-fueg-baar is, velghe lie-fer-op-tsie-oo-nen bie-ten zie aan? Als het beschikbaar is, welke bezorgopties biedt u aan?
B

Bei der Standardlieferung wird er zu Ihnen nach Hause geliefert.

bai der sjtan-daart-lie-feroeng virt er tsoe ie-nen naag hau-ze ge-lie-ferd. Bij standaardbezorging wordt het bij u thuis bezorgd.
A

Ist die Montage darin enthalten, oder wird er nur bis zur Tür geliefert?

ist die mon-taazje da-rin ent-haa-len, oo-der virt er noer bis tsoer tuur ge-lie-ferd? Is montage daarbij inbegrepen, of wordt het alleen tot aan de deur bezorgd?
B

Die Montage muss separat angefragt werden, aber das Tragen nach oben ist inbegriffen.

die mon-taazje moes zee-pa-raat aan-ge-fraagt ver-den, aa-ber das traa-gen naag oo-ben ist in-be-grif-fen. Montage moet apart worden aangevraagd, maar het naar boven dragen is inbegrepen.
A

Bitte fügen Sie die Lieferung hinzu. Ich kann ihn selbst montieren.

bit-te fuu-gen zie die lie-feroeng hin-tsoe. ieç kan ien zelfst mon-tee-ren. Voeg de bezorging alstublieft toe. Ik kan het zelf monteren.
B

Ich bestätige den Lagerbestand und füge die Lieferanfrage hinzu, bevor ich die Bestellung bearbeite.

ieç be-sjtee-ti-ge den laa-ger-be-sjtant oent fuu-ge die lie-fer-aan-fraa-ge hin-tsoe, be-foor ieç die be-sjtel-loeng be-ar-bai-te. Ik bevestig de voorraad en voeg het bezorgingsverzoek toe voordat ik de bestelling verwerk.

Woord voor woord

Ich “Ich” betekent hier “ik” en verwijst naar de persoon die spreekt. Het is de persoonlijke vorm voor de spreker zelf. Je gebruikt “Ich” bijvoorbeeld om je mening, wens of handeling uit te drukken.
mag “mag” betekent hier dat de spreker het bureau leuk vindt. Dit is de vorm van mögen die in “Ich mag diesen Schreibtisch” bij de spreker hoort. Je gebruikt “Ich mag ...” om te zeggen dat je iets prettig of leuk vindt.
diesen “diesen” verwijst hier naar dit specifieke bureau dat de klant aanwijst of bekijkt. Het staat direct voor “Schreibtisch” in “diesen Schreibtisch”. Je kunt hetzelfde patroon gebruiken met een ander concreet voorwerp.
Schreibtisch “Schreibtisch” betekent hier “bureau”, het meubelstuk dat de klant wil kopen. Het woord benoemt het hoofdvoorwerp van het gesprek. Je gebruikt het bijvoorbeeld wanneer je naar de voorraad, levering of montage van een bureau vraagt.
aber “aber” betekent hier “maar” en leidt een tegenstelling in: de klant vindt het bureau mooi, maar kan het niet alleen dragen. Het verbindt twee uitspraken met tegengestelde informatie. Je gebruikt “aber” om zo’n beperking of contrast toe te voegen.
kann “kann” geeft hier aan dat de spreker iets wel of niet kan doen. In “ich kann ... tragen” staat de handeling “tragen” aan het einde. Je gebruikt “kann” met een infinitief om een mogelijkheid of vermogen uit te drukken.
ihn “ihn” verwijst hier terug naar “diesen Schreibtisch” en betekent “hem” of “het”. Het is het voornaamwoord voor het bureau als voorwerp van “tragen”. Je gebruikt “ihn” wanneer je naar hetzelfde mannelijke voorwerp terugverwijst.
nicht “nicht” ontkent hier dat de spreker het bureau alleen naar huis kan dragen. Het staat voor “allein” en maakt de mogelijkheid negatief. Je gebruikt “nicht” om een handeling, eigenschap of mogelijkheid te ontkennen.
allein “allein” betekent hier “alleen”, zonder hulp van iemand anders. In “nicht allein ... tragen” beschrijft het hoe de spreker de handeling niet kan uitvoeren. Je gebruikt “allein” bijvoorbeeld wanneer je uitlegt dat je iets zelfstandig moet doen.
nach Hause “nach Hause” betekent hier “naar huis” en geeft de richting van het dragen aan. “nach” en “Hause” vormen samen deze vaste uitdrukking voor een beweging naar de eigen woning. Je gebruikt “nach Hause” bij werkwoorden van beweging, zoals gaan, komen of brengen.
tragen “tragen” betekent hier “dragen”; in “kann ... tragen” benoemt het de handeling die de spreker niet alleen kan uitvoeren. In “das Tragen nach oben” wordt dezelfde vorm als het dragen zelf gebruikt. Je gebruikt “tragen” bijvoorbeeld voor een meubel of ander voorwerp dat je met je lichaam verplaatst.
Wir “Wir” betekent hier “wij” en verwijst naar de winkelmedewerker en de winkel als aanbieder. Het maakt duidelijk wie de levering kan regelen. Je gebruikt “Wir” wanneer je namens jezelf en een groep of organisatie spreekt.
können “können” geeft hier aan dat de winkel een levering kan regelen. In “Wir können die Lieferung organisieren” staat de uitvoerbare handeling “organisieren” aan het einde. Je gebruikt “können” met een infinitief om een mogelijkheid of aanbod uit te drukken.
die “die” betekent hier “de” in “die Lieferung”. Het woord verwijst naar de specifieke levering die in het gesprek wordt besproken. Je gebruikt het voor een zelfstandig naamwoord wanneer de bedoelde zaak al bekend of bepaald is.
Lieferung “Lieferung” betekent hier “levering”, dus het bezorgen van het bureau bij de klant. Het is het onderdeel dat de winkel kan organiseren. Je gebruikt het bijvoorbeeld in gesprekken over kosten, opties of een leveringsdatum.
organisieren “organisieren” betekent hier “regelen” of “organiseren” van de levering. Het staat na “können” als de handeling die de winkel kan uitvoeren. Je gebruikt het met iets dat je praktisch in orde brengt, zoals “die Lieferung organisieren”.
wenn “wenn” betekent hier “als” en introduceert de voorwaarde waaronder de winkel de levering kan regelen. In “wenn er noch auf Lager ist” staat het werkwoord “ist” aan het einde van de bijzin. Je gebruikt “wenn” om een voorwaarde of een tijdstip aan te geven.
er “er” verwijst hier naar de Schreibtisch en betekent in deze context “hij” of natuurlijker “het”. Het is het onderwerp van “noch auf Lager ist”. Je gebruikt “er” om in het gesprek naar hetzelfde mannelijke Duitse zelfstandig naamwoord terug te verwijzen.
noch “noch” betekent hier “nog” en geeft aan dat de voorraad mogelijk op dit moment nog bestaat. Het staat in “noch auf Lager”. Je gebruikt “noch” bijvoorbeeld om te vragen of iets op een bepaald moment nog beschikbaar is.
auf Lager “auf Lager” betekent hier “op voorraad”. “auf” en “Lager” vormen samen een vaste uitdrukking voor goederen die in de voorraad aanwezig zijn. Je gebruikt “auf Lager sein” om te zeggen of een product beschikbaar is om te leveren.
ist “ist” betekent hier “is” en zegt dat het bureau al dan niet “auf Lager” is. In de bijzin “wenn er noch auf Lager ist” staat deze vorm aan het einde. Je gebruikt “ist” om een toestand of eigenschap van iets te beschrijven.
Könnten “Könnten” maakt hier een beleefde vraag: de klant vraagt of de medewerker iets zou kunnen controleren. Het hoort bij de beleefde formulering “Könnten Sie prüfen ...”. Je gebruikt deze formulering bij een verzoek aan een onbekende of aan een medewerker.
Sie “Sie” betekent hier “u” in de formele aanspreekvorm. Samen met “Könnten” en “prüfen” vormt het een beleefd verzoek. Je gebruikt “Sie” wanneer je een klant, medewerker of andere persoon formeel aanspreekt.
prüfen “prüfen” betekent hier “controleren” of nagaan of er een bureau beschikbaar is. Het staat in het verzoek “Könnten Sie prüfen ...”. Je gebruikt het met informatie of een situatie die je zorgvuldig wilt controleren.
ob “ob” betekent hier “of” en leidt een indirecte ja-neevraag in: de klant wil weten of er een exemplaar beschikbaar is. In de bijzin staat het werkwoord “ist” aan het einde. Je gebruikt “ob” na werkwoorden zoals controleren, weten of vragen wanneer het antwoord ja of nee kan zijn.
im “im” betekent hier “in het” en verwijst naar de locatie van het magazijn. Het staat in “im Lager”. Je gebruikt “im” voor een plaats die met “in dem” wordt uitgedrukt.
Lager “Lager” betekent hier “magazijn”, de plaats waar de voorraad wordt bewaard. In “im Lager” geeft het aan waar de medewerker naar een bureau moet zoeken. Je gebruikt het bijvoorbeeld bij vragen over opslag en beschikbaarheid.
einer “einer” betekent hier “één exemplaar” en verwijst naar één bureau uit de eerder genoemde soort. Het zelfstandig naamwoord wordt niet opnieuw herhaald in “noch einer verfügbar”. Je gebruikt het om naar één beschikbaar exemplaar van een bekend voorwerp te verwijzen.
verfügbar “verfügbar” betekent hier “beschikbaar”, dus aanwezig en beschikbaar om te leveren. In “einer verfügbar ist” beschrijft het de toestand van het exemplaar. Je gebruikt het bijvoorbeeld bij producten, plaatsen of diensten die nog beschikbaar zijn.
prüfe “prüfe” betekent hier “ik controleer” in “Ich prüfe jetzt den Lagerbestand”. De vorm zegt dat de medewerker de controle op dit moment uitvoert. Je gebruikt het met informatie of een registratie die je op dat moment nagaat.
jetzt “jetzt” betekent hier “nu” en geeft aan dat de medewerker onmiddellijk de voorraad controleert. Het bepaalt het tijdstip van “prüfe”. Je gebruikt het om te benadrukken dat iets op dit moment gebeurt.
den “den” betekent hier “de” in “den Lagerbestand” en hoort bij de specifieke voorraadregistratie die wordt gecontroleerd. Het markeert het zelfstandig naamwoord als het object van “prüfe”. Je gebruikt het in een vergelijkbare combinatie wanneer je naar een bepaald mannelijk object verwijst.
Lagerbestand “Lagerbestand” betekent hier de voorraad of het geregistreerde aantal artikelen dat beschikbaar is. De medewerker controleert “den Lagerbestand” om te weten of het bureau aanwezig is. Je gebruikt het in gesprekken over voorraadniveaus en productbeschikbaarheid.
welche “welche” betekent hier “welke” en vraagt om een keuze uit de aangeboden leveringsmogelijkheden. Het staat direct voor “Lieferoptionen”. Je gebruikt “welche” wanneer je naar één of meer concrete mogelijkheden uit een bekende groep vraagt.
Lieferoptionen “Lieferoptionen” betekent hier “leveringsopties”, dus de verschillende manieren waarop de winkel kan leveren. De klant vraagt welke opties de winkel aanbiedt. Je gebruikt het bijvoorbeeld bij vragen over standaardlevering, extra diensten of bezorgtijden.
bieten “bieten” betekent hier “aanbieden” in de vraag naar de leveringsopties. Het hoort bij de scheidbare combinatie “bieten Sie an”. Je gebruikt het met een product, dienst of mogelijkheid die iemand beschikbaar stelt.
an “an” is hier het scheidbare werkwoorddeel van “bieten ... an” en draagt bij aan de betekenis “aanbieden”. In “welche Lieferoptionen bieten Sie an?” staat het aan het einde van de vraag. Je gebruikt dit patroon met datgene wat wordt aangeboden, bijvoorbeeld een dienst of optie.
Bei “Bei” betekent hier “bij” of “in het geval van” een standaardlevering. In “Bei der Standardlieferung” geeft het de leveringswijze of omstandigheid aan. Je gebruikt “bei” bijvoorbeeld om te beschrijven wat er bij een bepaalde dienst of situatie gebeurt.
der “der” betekent hier “de” in “der Standardlieferung”. Het hoort bij de specifieke leveringswijze die wordt besproken. Je gebruikt het voor een bepaald zelfstandig naamwoord in een combinatie zoals “bei der ...”.
Standardlieferung “Standardlieferung” betekent hier “standaardlevering”, de gewone bezorgoptie van de winkel. In “Bei der Standardlieferung” wordt uitgelegd waar deze optie het bureau aflevert. Je gebruikt het om de basisoptie tegenover eventuele extra leveringsdiensten te benoemen.
wird “wird” helpt hier om uit te drukken wat er met het bureau gebeurt: het wordt bij de klant thuis geleverd. Het staat samen met “geliefert” in de passieve constructie “wird ... geliefert”. Je gebruikt dit patroon wanneer de handeling belangrijker is dan wie haar uitvoert.
zu “zu” geeft hier de bestemming van de levering aan: naar het huis van de klant. Het staat in “zu Ihnen nach Hause”. Je gebruikt “zu” met een persoon of bestemming waar iets naartoe wordt gebracht of geleverd.
Ihnen “Ihnen” betekent hier formeel “u” en verwijst naar het huis van de aangesproken klant in “zu Ihnen nach Hause”. Het hoort bij de beleefde aanspreekvorm “Sie”. Je gebruikt deze vorm wanneer je formeel zegt dat iets naar of voor iemand gebeurt.
geliefert “geliefert” betekent hier “geleverd” en beschrijft de bezorging van het bureau. Samen met “wird” vormt het “wird ... geliefert”, waarbij het bureau de ontvanger van de handeling is. Je gebruikt het bijvoorbeeld voor goederen die bij een klant worden bezorgd.
Montage “Montage” betekent hier “montage”, het in elkaar zetten van het bureau. De klant vraagt of deze dienst bij de levering inbegrepen is. Je gebruikt het bijvoorbeeld wanneer je wilt weten of een meubel ook wordt opgebouwd.
darin “darin” betekent hier “daarin” en verwijst naar de genoemde leveringsoptie. De klant vraagt of de montage daarin, dus in die optie, inbegrepen is. Je gebruikt “darin” om terug te verwijzen naar iets dat binnen een aanbod, pakket of regeling valt.
enthalten “enthalten” betekent hier “inbegrepen” in de vraag of de montage onderdeel is van de levering. Het staat in “Ist die Montage darin enthalten?”. Je gebruikt het om te vragen of iets al deel uitmaakt van een pakket, prijs of dienst.
oder “oder” betekent hier “of” en biedt een alternatief: montage inbegrepen, of alleen levering tot de deur. Het verbindt twee mogelijke vormen van dienstverlening. Je gebruikt “oder” om tussen opties of antwoorden te kiezen.
nur “nur” betekent hier “alleen” of “slechts” en beperkt de levering tot de deur. Het maakt duidelijk dat er in dit alternatief geen verdere service wordt genoemd. Je gebruikt “nur” om een aanbod of handeling te begrenzen.
bis “bis” betekent hier “tot” en geeft de eindgrens van de levering aan. In “bis zur Tür” is de deur het punt waar de bezorging eindigt. Je gebruikt “bis” om een grens van plaats, tijd of bereik aan te geven.
zur “zur” betekent hier “tot aan de” in de vaste combinatie “bis zur Tür”. Het verbindt “bis” met de bestemming “Tür”. Je gebruikt deze combinatie om een fysieke eindgrens aan te geven.
Tür “Tür” betekent hier “deur”, het eindpunt waar het bureau volgens de beperkte optie wordt afgeleverd. Het staat in “bis zur Tür”. Je gebruikt het bijvoorbeeld om te specificeren hoe ver een bezorgdienst een voorwerp brengt.
muss “muss” geeft hier aan dat montage apart moet worden aangevraagd. Het staat samen met “angefragt werden” in “muss separat angefragt werden”. Je gebruikt “muss” om een verplichting of noodzakelijke stap te beschrijven.
separat “separat” betekent hier “apart” en zegt dat de montage geen automatisch onderdeel van de levering is. Het bepaalt hoe de aanvraag moet gebeuren. Je gebruikt het wanneer een dienst of onderdeel afzonderlijk geregeld moet worden.
angefragt “angefragt” betekent hier “aangevraagd” en beschrijft de montage als een dienst waarvoor een afzonderlijk verzoek nodig is. In “muss separat angefragt werden” staat het in een passieve constructie. Je gebruikt het voor iets waar officieel of praktisch om wordt gevraagd.
werden “werden” helpt hier de passieve constructie “muss ... angefragt werden” te vormen. Daardoor ligt de nadruk op de montage die moet worden aangevraagd, niet op de persoon die de aanvraag doet. Je gebruikt “werden” in zulke constructies samen met een voltooid deelwoord.
das “das” betekent hier “het” in “das Tragen nach oben” en maakt van de handeling “Tragen” een benoemd onderdeel van de dienst. De hele uitdrukking verwijst naar het naar boven dragen van het bureau. Je gebruikt “das” hier om naar deze specifieke handeling als geheel te verwijzen.
nach “nach” geeft hier de richting naar boven aan in “nach oben”. Het beschrijft waarheen het bureau wordt gedragen. Je gebruikt “nach” met een richtingsaanduiding zoals “oben” wanneer je een beweging in die richting beschrijft.
oben “oben” betekent hier “boven” en benoemt de richting waarin het bureau wordt gedragen. Samen met “nach” vormt het “nach oben”. Je gebruikt “nach oben” bijvoorbeeld wanneer iets naar een hogere verdieping of positie wordt gebracht.
inbegriffen “inbegriffen” betekent hier “inbegrepen” en zegt dat het naar boven dragen deel uitmaakt van de levering. Het verwijst naar een dienst die al in het aanbod zit. Je gebruikt het om duidelijk te maken dat een onderdeel niet apart hoeft te worden toegevoegd.
Bitte “Bitte” maakt hier het verzoek beleefd: de klant vraagt de medewerker om de levering toe te voegen. Het staat aan het begin van “Bitte fügen Sie die Lieferung hinzu”. Je gebruikt “Bitte” om een verzoek vriendelijk in te leiden.
fügen “fügen” betekent hier “toevoegen” in de combinatie “fügen Sie die Lieferung hinzu”. Het werkwoord krijgt zijn volledige betekenis samen met het partikel “hinzu”. Je gebruikt het met iets dat aan een bestelling, lijst of pakket wordt toegevoegd.
hinzu “hinzu” is hier het scheidbare deel van “fügen ... hinzu” en betekent “erbij” of “toe”. In “Bitte fügen Sie die Lieferung hinzu” staat het aan het einde van de zin. Je gebruikt deze combinatie wanneer je iets aan een bestaande bestelling of selectie toevoegt.
selbst “selbst” betekent hier “zelf” en benadrukt dat de klant de montage persoonlijk zal uitvoeren. Het staat in “Ich kann ihn selbst montieren”. Je gebruikt “selbst” om duidelijk te maken dat iemand iets eigenhandig doet.
montieren “montieren” betekent hier “monteren” of in elkaar zetten van het bureau. Het staat na “kann” in “Ich kann ihn selbst montieren”. Je gebruikt het bijvoorbeeld voor meubels, apparaten of andere onderdelen die samengebouwd moeten worden.
bestätige “bestätige” betekent hier “ik bevestig” en beschrijft de handeling waarmee de medewerker de voorraad definitief controleert of vastlegt. Het staat in “Ich bestätige den Lagerbestand”. Je gebruikt het met informatie, een afspraak of een beschikbaarheid die je officieel bevestigt.
und “und” betekent hier “en” en verbindt twee handelingen van de medewerker: de voorraad bevestigen en het leveringsverzoek toevoegen. Het voegt informatie van hetzelfde belang samen. Je gebruikt “und” om woorden, zinsdelen of handelingen met elkaar te verbinden.
füge “füge” betekent hier “ik voeg toe” in “Ich ... füge die Lieferanfrage hinzu”. Het hoort bij het scheidbare werkwoord “fügen ... hinzu”, waarvan “hinzu” aan het einde staat. Je gebruikt dit patroon met iets dat je aan een bestelling of verzoek toevoegt.
Lieferanfrage “Lieferanfrage” betekent hier “leveringsverzoek”, dus het verzoek om levering dat aan de bestelling wordt toegevoegd. Het is specifieker dan alleen de levering zelf: het gaat om de geregistreerde aanvraag. Je gebruikt het wanneer een leveringswens als onderdeel van een bestelling wordt vastgelegd.
bevor “bevor” betekent hier “voordat” en geeft aan dat het voorraad- en leveringswerk eerst gebeurt. In “bevor ich die Bestellung bearbeite” staat het werkwoord “bearbeite” aan het einde van de bijzin. Je gebruikt “bevor” om de volgorde van twee handelingen te beschrijven.
Bestellung “Bestellung” betekent hier “bestelling”, de aankoop die de medewerker gaat verwerken. Het staat als object in “die Bestellung bearbeite”. Je gebruikt het bijvoorbeeld bij het plaatsen, wijzigen of verwerken van een bestelling.
bearbeite “bearbeite” betekent hier “ik verwerk” en verwijst naar het behandelen van de bestelling in het verkoopsysteem. Het staat in de bijzin “bevor ich die Bestellung bearbeite”. Je gebruikt het met een bestelling, aanvraag of andere taak die je administratief afhandelt.

Grammatica

anbieten: ... anbieten → ... bieten ... an

Wir bieten Standardlieferung nach Hause an.

vier bie-ten sjtan-daart-lie-feroeng naag hau-ze aan.

Wij bieden standaardbezorging naar huis aan.

Bij een scheidbaar werkwoord zoals anbieten staat an aan het einde van de hoofdzin.

hinzufügen: ... hinzufügen → ... fügen ... hinzu

Wir fügen die Montage hinzu.

vier fuu-gen die mon-taazje hin-tsoe.

Wij voegen de montage toe.

Bij hinzufügen staat het voorvoegsel hinzu aan het einde van de hoofdzin.

Duits woordenschat

allein bijwoord
a-lain alleen
anbieten werkwoord
aan-bie-ten aanbieden bieten ... an
auf Lager uitdrukking
auf laa-ger op voorraad
Lager zelfstandig naamwoord
laa-ger magazijn
Lagerbestand zelfstandig naamwoord
laa-ger-be-sjtant voorraad
Lieferoption zelfstandig naamwoord
lie-fer-op-tsie-oon bezorgoptie Lieferoptionen
Lieferung zelfstandig naamwoord
lie-feroeng bezorging
organisieren werkwoord
or-ga-nie-tsie-ren regelen
prüfen werkwoord
pruu-fen controleren
Schreibtisch zelfstandig naamwoord
sjraip-tisj bureau
tragen werkwoord
traa-gen dragen
verfügbar bijvoeglijk naamwoord
fer-fuuk-baar beschikbaar

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik controleer nu de voorraad.

Antwoord tonenIch prüfe jetzt den Lagerbestand.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

controleren

Antwoord tonenprüfen

dragen

Antwoord tonentragen

alleen

Antwoord tonenallein

beschikbaar

Antwoord tonenverfügbar