Mein
Mein betekent hier “mijn” en hoort bij Arbeitsplan in Mein Arbeitsplan. Het is een bezittelijke vorm die vóór een zelfstandig naamwoord staat, zoals bij het benoemen van iemands werkschema.
Arbeitsplan
Arbeitsplan betekent hier “werkschema” of “werkplan”. Het woord benoemt het plan dat bepaalt wanneer iemand werkt en kan worden gebruikt als onderwerp van een zin over veranderingen in het werk.
hat
Hat betekent hier “heeft” en is het hulpwerkwoord in hat sich geändert. Het helpt samen met het voltooid deelwoord geändert om een verandering uit het verleden uit te drukken.
sich
Sich verwijst hier terug naar het onderwerp Arbeitsplan en laat zien dat het werkschema zelf veranderd is in hat sich geändert. Het hoort bij het werkwoord zich veranderen, Duits sich ändern.
geändert
Geändert betekent hier “veranderd” en is het voltooid deelwoord van ändern. In hat sich geändert beschrijft het de verandering van het werkschema; dezelfde vorm kan in een voltooide verleden constructie worden gebruikt.
deshalb
Deshalb betekent hier “daarom” en verbindt de veranderde werksituatie met de conclusie dat er misschien een kaart nodig is. Na een zinsbegin met deshalb staat het vervoegde werkwoord hier vóór het onderwerp: deshalb brauche ich.
brauche
Brauche betekent hier “heb nodig” in brauche ich vielleicht eine Pendlerkarte. Het is de ik-vorm van brauchen en wordt gebruikt om een behoefte aan iets uit te drukken.
ich
Ich betekent hier “ik” en is degene die de kaart misschien nodig heeft. Deze vorm gebruik je als onderwerp wanneer je over jezelf spreekt.
vielleicht
Vielleicht betekent hier “misschien” en maakt de uitspraak onzeker of voorzichtig. Het staat hier bij brauche om aan te geven dat de behoefte nog niet vaststaat.
eine
Eine is hier het onbepaalde lidwoord bij Pendlerkarte: een woon-werkkaart. De vorm staat vóór een enkelvoudig vrouwelijk zelfstandig naamwoord en kan worden gebruikt om één nog niet bepaalde optie te noemen.
Pendlerkarte
Pendlerkarte betekent hier “woon-werkkaart” of “pendelaarskaart”. Het is een samenstelling van Pendler en Karte en verwijst naar een vervoerskaart voor regelmatig reizen tussen huis en werk.
Ein
Ein betekent hier “een” in Ein Abo en introduceert één abonnement als onderwerp van de zin. Het is het onbepaalde lidwoord bij het onzijdige woord Abo.
Abo
Abo betekent hier “abonnement” en verwijst naar een vervoersabonnement. Het is de verkorte vorm van Abonnement en wordt in het gesprek gebruikt als onderwerp en als keuze tussen verschillende passen.
hilft
Hilft betekent hier “helpt” in Ein Abo hilft nur. Het is de derde persoon enkelvoud van helfen, met Abo als onderwerp; je gebruikt het om het nut van een oplossing te beschrijven.
nur
Nur betekent hier “alleen” en beperkt de uitspraak: het abonnement helpt alleen onder een bepaalde voorwaarde. Het staat vóór de voorwaardelijke bijzin die daarna met wenn begint.
wenn
Wenn betekent hier “als” en leidt de voorwaarde in waaronder het abonnement helpt. In de bijzin die met wenn begint, staat het vervoegde werkwoord aan het einde: wenn es dazu passt.
es
Es betekent hier “het” en verwijst naar het Abo. Als onderwerp van passt maakt es duidelijk dat het abonnement wel of niet bij de reisfrequentie past.
dazu
Dazu verwijst hier naar de relevante reisomstandigheden en betekent ongeveer “daarbij” of “daarvoor” in es dazu passt. Het werkt samen met passen om aan te geven dat iets geschikt is in relatie tot een genoemde situatie.
passt
Passt betekent hier “past” of “is geschikt” in es dazu passt. Het is de derde persoon enkelvoud van passen en beschrijft of het abonnement overeenkomt met hoe vaak iemand reist.
wie
Wie betekent hier “hoe” in wie oft du fährst. Het leidt een bijzin in die de mate of frequentie van het reizen specificeert.
oft
Oft betekent hier “vaak” en beschrijft de reisfrequentie. Het staat in de combinatie wie oft om te vragen of beschrijven hoe vaak iemand reist.
du
Du betekent hier “je” en is het onderwerp van fährst. Deze vorm gebruik je om één gesprekspartner rechtstreeks aan te spreken.
fährst
Fährst betekent hier “reist” of “gaat met vervoer” in wie oft du fährst. Het is de vorm van fahren bij du en wordt gebruikt voor reizen per voertuig of openbaar vervoer.
Einzeltickets
Einzeltickets betekent hier “losse kaartjes” en verwijst naar tickets die afzonderlijk worden gekocht. Het is het meervoud van Einzelticket en staat hier bij zu kaufen als datgene wat gekocht wordt.
zu
Zu markeert hier het infinitief in zu kaufen en betekent niet “naar” een bestemming. De combinatie maakt van kaufen een infinitiefconstructie die als onderwerp van de zin kan functioneren.
kaufen
Kaufen betekent hier “kopen” in Einzeltickets zu kaufen. Het is de infinitief die samen met zu de handeling van losse kaartjes kopen benoemt.
ist
Ist betekent hier “is” en verbindt de hele handeling Einzeltickets zu kaufen met de beoordeling umständlich. Het is de derde persoon enkelvoud van sein en wordt gebruikt om een toestand of beoordeling uit te drukken.
jetzt
Jetzt betekent hier “nu” en plaatst de beoordeling in het huidige moment. Het maakt duidelijk dat losse kaartjes kopen op dit moment onhandig voelt.
umständlich
Umständlich betekent hier “omslachtig” of “onhandig” en geeft een negatieve beoordeling van het kopen van losse kaartjes. Het beschrijft hier hoe een handeling verloopt en kan worden gebruikt voor een procedure die te veel moeite kost.
weil
Weil betekent hier “omdat” en introduceert de reden waarom losse kaartjes kopen onhandig is. In de weil-bijzin staat het vervoegde werkwoord aan het einde: weil ich öfter fahre.
öfter
Öfter betekent hier “vaker” en is de vergrotende vorm van oft. Het vergelijkt de huidige reisfrequentie met een minder frequente situatie en staat bij fahre.
fahre
Fahre betekent hier “reis” of “ga met vervoer” in weil ich öfter fahre. Het is de ik-vorm van fahren en staat aan het einde van de weil-bijzin.
Dann
Dann betekent hier “dan” en geeft een gevolg of volgende stap in het gesprek aan. Aan het begin van Dann vergleiche staat het vervoegde werkwoord direct daarna.
vergleiche
Vergleiche betekent hier “vergelijk” en is een aansporing om twee abonnementen naast elkaar te beoordelen. De twee opties worden genoemd als das flexible Abo en dem normalen Abo.
das
Das is hier het bepaalde lidwoord bij het onzijdige woord Abo in das flexible Abo. Het markeert het specifieke flexibele abonnement dat als object van vergleiche wordt gekozen.
flexible
Flexible betekent hier “flexibele” en beschrijft het Abo als aanpasbaar aan wisselende reisbehoeften. Het is de verbogen vorm van flexibel vóór das Abo.
mit
Mit betekent hier “met” en leidt de tweede optie in de vergelijking in: mit dem normalen Abo. Bij een vergelijking van twee dingen verbindt mit hier de eerste optie met de optie waartegen die wordt afgezet.
dem
Dem is hier het bepaalde lidwoord in mit dem normalen Abo. Na mit staat deze vorm bij het onzijdige Abo; hij markeert de tweede optie in de vergelijking.
normalen
Normalen betekent hier “gewone” of “standaard” en beschrijft het normale abonnement. Het is de verbogen vorm van normal na dem in dem normalen Abo.
Arbeitsrhythmus
Arbeitsrhythmus betekent hier “werkritme” en verwijst naar het patroon waarin iemand werkt. Het is het onderwerp van sich weiter ändert en kan worden gebruikt om een terugkerend werkpatroon te beschrijven.
weiter
Weiter betekent hier “verder” in de betekenis van “blijven” of “doorgaan met” in sich weiter ändert. Het geeft aan dat de verandering voortduurt en staat vóór het werkwoord ändert.
ändert
Ändert betekent hier “verandert” in sich weiter ändert. Het is de derde persoon enkelvoud van ändern en beschrijft wat er met het Arbeitsrhythmus gebeurt.
besser
Besser betekent hier “beter” in passt ... besser zu mir en vergelijkt de geschiktheid van het flexibele abonnement met een andere optie. Het is de vergrotende vorm van gut en geeft een hogere mate van geschiktheid aan.
mir
Mir betekent hier “mij” in zu mir en geeft aan voor wie het abonnement beter past. Het is de vorm van ich die bij deze constructie met zu wordt gebruikt.
klingt
Klingt betekent hier “klinkt” in Das klingt praktisch en geeft een indruk of beoordeling van een voorstel. Het is de derde persoon enkelvoud van klingen en wordt hier gebruikt vóór het bijvoeglijk naamwoord praktisch.
praktisch
Praktisch betekent hier “praktisch” of “handig” in Das klingt praktisch. Het beoordeelt het voorgestelde idee en kan na klingt een indruk van bruikbaarheid uitdrukken.
manchmal
Manchmal betekent hier “soms” en geeft aan dat thuiswerken niet elke keer voorkomt. Het staat vóór von zu Hause en beperkt de frequentie van arbeitest.
von
Von betekent hier “van” in von zu Hause en geeft de plaats aan waar iemand werkt. Samen met zu Hause vormt het een vaste uitdrukking voor werken vanuit huis.
zu Hause
Zu Hause betekent als geheel “thuis” in von zu Hause. Zu maakt hier deel uit van de vaste plaatsuitdrukking en Hause benoemt de plaats; samen geven ze de locatie van het werken aan.
arbeitest
Arbeitest betekent hier “werkt” in wenn du manchmal von zu Hause arbeitest. Het is de vorm van arbeiten bij du en beschrijft de activiteit van de gesprekspartner.
Nach
Nach betekent hier “na” in Nach der Arbeit en geeft een tijdstip na het werk aan. Als voorzetsel staat het hier vóór der Arbeit om een tijdsrelatie uit te drukken.
der
Der is hier het bepaalde lidwoord in Nach der Arbeit. De vorm hoort bij Arbeit in deze voorzetselgroep en verwijst naar het specifieke werk waarvan het einde wordt bedoeld.
Arbeit
Arbeit betekent hier “werk” in Nach der Arbeit. In deze tijdsaanduiding verwijst het naar de werkperiode waarna de vergelijking in de app plaatsvindt.
beide
Beide betekent hier “beide” en verwijst naar de twee abonnementopties die worden vergeleken. Het staat vóór het meervoud Optionen en kan worden gebruikt wanneer precies twee zaken samen worden bedoeld.
Optionen
Optionen betekent hier “opties” en verwijst naar de twee mogelijke abonnementen. Het is het meervoud van Option en staat als object bij vergleiche.
in
In betekent hier “in” en geeft aan dat de vergelijking binnen de Verkehrs-App plaatsvindt. Het voorzetsel wordt hier gebruikt voor een locatie waarin een handeling gebeurt.
Verkehrs-App
Verkehrs-App betekent hier “vervoersapp” en verwijst naar de app waarin de abonnementopties worden vergeleken. Het is een samenstelling van Verkehr en App.
Wähle
Wähle betekent hier “kies” en is een directe aansporing aan één gesprekspartner. Het hoort bij het object das Abo en geeft aan dat er één passende optie geselecteerd moet worden.
deiner
Deiner betekent hier “jouw” in deiner tatsächlichen Woche. Het is een bezittelijke vorm van dein en geeft aan dat de genoemde week bij de gesprekspartner hoort.
tatsächlichen
Tatsächlichen betekent hier “werkelijke” of “feitelijke” en beschrijft de week zoals die echt verloopt. Het is de verbogen vorm van tatsächlich in deiner tatsächlichen Woche.
Woche
Woche betekent hier “week” in deiner tatsächlichen Woche. Het verwijst naar het werkelijke weekschema waarmee het abonnement moet overeenkomen.
nicht
Nicht betekent hier “niet” en sluit een ideaal tijdschema uit als basis voor de keuze. Het staat vóór zu einem idealen Zeitplan en ontkent daar die tweede mogelijkheid.
einem
Einem betekent hier “een” in zu einem idealen Zeitplan. Het is de vorm van het onbepaalde lidwoord die hier na zu vóór het mannelijke Zeitplan staat.
idealen
Idealen betekent hier “ideale” en beschrijft een tijdschema dat niet noodzakelijk met de echte week overeenkomt. Het is de verbogen vorm van ideal in zu einem idealen Zeitplan.
Zeitplan
Zeitplan betekent hier “tijdschema” en verwijst naar een verondersteld of ideaal schema. Het is het schema waarmee de werkelijke week in de zin wordt vergeleken.