Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een beleefde klacht bij een servicebalie oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Ich möchte mich gern über den Service von gestern beschweren.
ich meuch-tuh mich gern uu-buh deen zèr-vis fon ges-tuh buh-shveer-un Ik wil graag een klacht indienen over de service van gisteren.Das tut mir leid zu hören. Könnten Sie mir sagen, was passiert ist?
das toet mier leidt tsuu hee-run. keun-tun zee mier zaa-gun, vas pa-sseert ist? Dat spijt me om te horen. Kunt u vertellen wat er is gebeurd?Ich habe nach meinem bestätigten Termin lange gewartet.
ich haa-buh naach mai-num buh-shtè-tig-tun tèr-meen languh guh-vaar-tut Ik heb na mijn bevestigde afspraak lang gewacht.Diese Verzögerung hätte damals erklärt werden müssen.
die-zuh fer-ts eu-guh-roeng hè-tuh daa-maals uh-klèrt veer-dun mus-un Die vertraging had op dat moment uitgelegd moeten worden.Ich verstehe, dass es zu Verzögerungen kommt, aber niemand hat mich informiert.
ich fer-shtèe-uh, das es tsuu fer-ts eu-guh-roeng-un komt, aa-buh nee-mant hat mich in-for-meert Ik begrijp dat vertragingen gebeuren, maar niemand heeft me op de hoogte gehouden.Wir hätten Sie informieren sollen, während Sie gewartet haben.
veer hè-tun zee in-for-meer-un zol-un, vee-runt zee guh-vaar-tut haa-bun We hadden u moeten informeren terwijl u wachtte.Ich versuche nicht, schwierig zu sein, aber ich hatte besseren Service erwartet.
ich fer-zoo-khuh nicht, shvee-rikh tsuu zain, aa-buh ich hat-tuh bèss-uh-run zèr-vis er-vaar-tut Ik probeer niet moeilijk te doen, maar ik had betere service verwacht.Ich werde den Manager bitten, schriftlich zu antworten.
ich veer-duh deen mè-nuh-dzjer bit-tun, sjrift-likh tsuu ant-vor-tun Ik zal de manager vragen om schriftelijk te reageren.Das würde helfen. Ich möchte nur, dass die Sache richtig behandelt wird.
das veur-duh hel-fun. ich meuch-tuh noer, das die zaa-khuh rikh-tikh buh-han-dult veert Dat zou helpen. Ik wil alleen dat de kwestie goed wordt afgehandeld.Bitte warten Sie hier, während ich mit dem Manager spreche.
bit-tuh vaar-tun zee hier, vee-runt ich mit dehm mè-nuh-dzjer shpreh-khuh Wacht u hier alstublieft terwijl ik met de manager spreek.Uitleg van de zinnen
Ich möchte mich gern über den Service von gestern beschweren.
Ik wil graag een klacht indienen over de service van gisteren.
- Ich möchte
- ik wil
- mich
- me; mezelf
- gern
- graag
- über
- over
- den Service
- de service
- von gestern
- van gisteren
- beschweren
- een klacht indienen; klagen
Uitgebreide uitleg
Ich möchte: möchte is de eerste persoon enkelvoud van möchten. Het drukt hier een beleefde wens of intentie uit: “ik wil graag”. In een hoofdzin staat het vervoegde werkwoord op de tweede plaats; het andere werkwoord blijft als infinitief aan het einde. Voorbeeld: Ich möchte bezahlen. — “Ik wil betalen.” mich: Dit is de beklemtoonde vorm van het persoonlijke/reflexieve voornaamwoord in de accusatief bij de eerste persoon enkelvoud. Bij de vaste combinatie sich über etwas beschweren verwijst de reflexieve vorm naar de persoon die de klacht uit; met ich wordt dat mich. Voorbeeld: Ich wasche mich. — “Ik was me.” gern: Dit bijwoord betekent hier “graag” en maakt de gewenste handeling welwillend of bereidwillig. Het is niet zelf het werkwoord “willen”; samen met möchte geeft het de betekenis “graag willen”. Voorbeeld: Ich helfe gern. — “Ik help graag.” über: In sich über etwas beschweren leidt über het onderwerp van de klacht in. In deze betekenis staat het genoemde onderwerp na über in de accusatief. Voorbeeld: Sie beschwert sich über den Lärm. — “Zij klaagt over het lawaai.” den Service: Service is hier een mannelijk zelfstandig naamwoord. Na über krijgt het bepaald lidwoord de accusatiefvorm den; de vorm van het zelfstandig naamwoord zelf verandert hier niet. Voorbeeld: Wir sprechen über den Service. — “Wij praten over de service.” von gestern: von betekent hier “van” en verbindt gestern met de service om aan te geven op welke eerdere dag die betrekking had. gestern is een bijwoord en krijgt geen naamvalsuitgang. Voorbeeld: Die E-Mail von gestern ist wichtig. — “De e-mail van gisteren is belangrijk.” beschweren: Het infinitief beschweren krijgt in deze betekenis de reflexieve vorm sich beschweren über etwas: “een klacht indienen over iets” of “over iets klagen”. Het is dus niet genoeg om alleen beschweren te gebruiken; het reflexieve voornaamwoord hoort bij deze constructie. In de zin staat het infinitief aan het einde omdat möchte de vervoegde werkwoordsvorm is. Voorbeeld: Wir möchten uns über die Wartezeit beschweren. — “Wij willen een klacht indienen over de wachttijd.” Samen vormen de delen Ich möchte ... beschweren het patroon Ich möchte mich über X beschweren: “Ik wil een klacht indienen over X.” mich hoort bij ich, über den Service noemt het onderwerp van de klacht, en von gestern specificeert dat het om de service van gisteren gaat. De volledige betekenis is daarom: “Ik wil graag een klacht indienen over de service van gisteren.”
Das tut mir leid zu hören. Könnten Sie mir sagen, was passiert ist?
Dat spijt me om te horen. Kunt u vertellen wat er is gebeurd?
- Das tut mir leid
- Dat spijt me
- zu hören
- om te horen
- Könnten Sie
- Kunt u
- mir
- mij
- sagen
- vertellen, zeggen
- was
- wat
- passiert
- gebeurd
- ist
- is
Uitgebreide uitleg
Das tut mir leid is een vaste Duitse manier om medeleven of spijt uit te drukken: letterlijk staat er ongeveer “dat doet mij leed”, maar de natuurlijke betekenis hier is “dat spijt me”. Das verwijst in deze uitdrukking naar de betreurenswaardige situatie of informatie; tut is de derde persoon enkelvoud van tun, met das als onderwerp en mir als datief: de spreker ervaart de spijt bij zichzelf. Het is niet hetzelfde als alleen Es tut mir leid, hoewel beide uitdrukkingen gebruikelijk zijn. zu hören is het infinitief met zu van hören (“horen”). In deze combinatie betekent het “om te horen” en het vormt samen met Das tut mir leid de reactie op de gehoorde informatie. Een vergelijkbaar patroon is Es ist schön, dich zu sehen — “Het is fijn om je te zien.” Könnten Sie is een beleefde formele vraag. Könnten is de Konjunktiv-II-vorm van können (“kunnen”); de vorm maakt het verzoek voorzichtiger dan het directe Können Sie ...?. Sie is de formele aanspreekvorm voor één of meer personen en wordt altijd met een hoofdletter geschreven. De vaste combinatie Könnten Sie ...? is dus een bruikbaar patroon voor “Zou u ... kunnen?”. mir is de datiefvorm van het persoonlijke voornaamwoord ich: ich = “ik”, mir = “mij” als ontvanger of belanghebbende. Bij jemandem etwas sagen staat de persoon aan wie iets wordt gezegd in de datief: Sie sagen mir etwas — “U zegt mij iets” of natuurlijker “U vertelt mij iets.” sagen betekent “zeggen” en kan ook “vertellen” betekenen wanneer er informatie aan iemand wordt meegedeeld. In Könnten Sie mir sagen, ...? is mir de ontvanger en volgt na de komma een ingebedde vraag die aangeeft wat de spreker wil weten. Het patroon is Könnten Sie mir sagen, ob ...? voor een ja/nee-inhoud en Könnten Sie mir sagen, was ...? voor ontbrekende informatie. was betekent hier “wat” en introduceert een ingebedde vraag. Het is geen voegwoord dat de woordvolgorde normaal maakt: in de bijzin blijft de persoonsvorm achteraan staan. Vergelijk Was ist passiert? — “Wat is er gebeurd?” — met ..., was passiert ist — “wat er is gebeurd.” passiert komt van passieren, “gebeuren”. In deze zin is passiert het voltooid deelwoord, niet de tegenwoordige tijdsvorm die “gebeurt” betekent. Het werkwoord passieren vormt het perfectum met sein: ist passiert = “is gebeurd”. ist is de derde persoon enkelvoud van sein (“zijn”) en fungeert hier als hulpwerkwoord in ist passiert. In de hoofdzin staat het vervoegde hulpwerkwoord vóór het voltooid deelwoord, zoals in Es ist passiert — “Het is gebeurd”; in de ingebedde vraag staat ist aan het einde: was passiert ist. De twee delen vormen samen eerst een reactie en daarna een formeel verzoek om informatie: Das tut mir leid zu hören = “Dat spijt me om te horen”, gevolgd door Könnten Sie mir sagen, was passiert ist? = “Kunt u mij vertellen wat er is gebeurd?” De volledige uiting blijft beleefd en verwijst naar een gebeurtenis in het verleden zonder zelf te specificeren wat die gebeurtenis was.
Ich habe nach meinem bestätigten Termin lange gewartet.
Ik heb na mijn bevestigde afspraak lang gewacht.
- Ich habe
- ik heb
- nach
- na
- meinem
- mijn
- bestätigten
- bevestigde
- Termin
- afspraak
- lange
- lang
- gewartet
- gewacht
Uitgebreide uitleg
Ich habe bevat habe, de tegenwoordige vorm van haben voor de eerste persoon enkelvoud: ich habe. Hier is haben het hulpwerkwoord van het voltooid perfectum; het draagt de persoonsinformatie, terwijl gewartet aan het einde staat. Voorbeeld: Ich habe gearbeitet. — Ik heb gewerkt. nach betekent hier ‘na’ en staat bij een tijdsaanduiding vóór datgene wat later komt. In deze betekenis neemt nach de datief. meinem is de datiefvorm van het bezittelijk woord bij ich: de basisvorm is mein. De vorm stemt hier af op Termin, dat mannelijk enkelvoud is: mein Termin wordt na nach meinem Termin. Het gaat om bezit of verbondenheid met de spreker, niet om een zelfstandig naamwoordelijke betekenis van meinem. bestätigten is de verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord bestätigt (‘bevestigd’). Het beschrijft Termin. In meinem bestätigten Termin staat het naamwoord in de datief, mannelijk enkelvoud, en krijgt het bijvoeglijk naamwoord na het bezittelijk woord de uitgang -en. Vergelijk: ein bestätigter Termin — een bevestigde afspraak; mit einem bestätigten Termin — met een bevestigde afspraak. Termin betekent hier ‘afspraak’ of ‘afspraaktijdstip’. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Termin, meervoud die Termine. Voorbeeld: Der Termin ist bestätigt. — De afspraak is bevestigd. lange betekent hier ‘lang’ in de betekenis ‘gedurende lange tijd’. Het is een bijwoord dat de duur van gewartet nader bepaalt. Voorbeeld: Wir haben lange gewartet. — Wij hebben lang gewacht. gewartet is het voltooid deelwoord van warten (‘wachten’). De vorming is regelmatig: warten → gewartet. Samen met haben vormt het het perfectum: Ich habe gewartet — Ik heb gewacht. Bij een hoofdzin staat het vervoegde hulpwerkwoord op de tweede zinsplaats en het voltooid deelwoord aan het einde. Samen betekent Ich habe nach meinem bestätigten Termin lange gewartet.: ‘Ik heb na mijn bevestigde afspraak lang gewacht.’ De tijdsbepaling nach meinem bestätigten Termin geeft aan wanneer het wachten plaatsvond; lange geeft de duur aan. De combinatie habe ... gewartet maakt duidelijk dat het om een voltooide gebeurtenis gaat.
Diese Verzögerung hätte damals erklärt werden müssen.
Die vertraging had op dat moment uitgelegd moeten worden.
- Diese
- deze
- Verzögerung
- vertraging
- hätte
- zou hebben
- damals
- toen; op dat moment
- erklärt
- uitgelegd
- werden müssen
- moeten worden
Uitgebreide uitleg
Diese staat vóór Verzögerung en is hier een aanwijzend bepalend woord: “deze”. De vorm is vrouwelijk enkelvoud in de nominatief, omdat Verzögerung het onderwerp is. Vergelijk de reeks dieser (mannelijk), diese (vrouwelijk of meervoud) en dieses (onzijdig). Verzögerung betekent hier “vertraging”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Verzögerung; het meervoud is die Verzögerungen. Voorbeeld: Die Verzögerung war lang. — “De vertraging duurde lang.” hätte is de vorm van haben voor de Konjunktiv II, hier bij een derde persoon enkelvoudig onderwerp. In combinatie met de rest drukt deze vorm een terugblikkende, voorwaardelijke of niet-gerealiseerde noodzakelijkheid uit. De nuttige structuur is hätte ... müssen: “had/zou ... moeten”. Voorbeeld: Er hätte kommen müssen. — “Hij had moeten komen.” damals is een tijdsbepaling met de betekenis “toen” of “op dat moment”. Het verwijst hier naar een eerder moment waarop de vertraging uitgelegd had moeten worden. Voorbeeld: Damals wusste ich es nicht. — “Toen wist ik het niet.” erklärt is het voltooid deelwoord van erklären, “uitleggen” of “verklaren”. De vorm erklären – erklärt is regelmatig. In erklärt werden staat het onderwerp niet als uitvoerder van de handeling: de vertraging ondergaat het uitleggen. Voorbeeld: Die Regel wurde erklärt. — “De regel werd uitgelegd.” werden müssen vormt samen met erklärt de passieve modale constructie. erklärt werden betekent “uitgelegd worden”; müssen voegt de noodzakelijkheid toe: “moeten worden uitgelegd”. Omdat een modaal werkwoord in deze samengestelde verleden constructie met infinitieven staat, blijft müssen hier als infinitief staan, niet als voltooid deelwoord gemusst. De volgorde is dus hätte + erklärt + werden + müssen. Samen betekent Diese Verzögerung hätte damals erklärt werden müssen.: “Deze vertraging had toen uitgelegd moeten worden.” Diese Verzögerung is datgene waarover de uitspraak gaat, hätte ... müssen geeft de terugblikkende noodzakelijkheid aan, damals plaatst die noodzakelijkheid in het verleden, en erklärt werden maakt de constructie passief. De zin zegt dus dat er toen een noodzaak was om deze vertraging uit te leggen, zonder een uitvoerder te noemen.
Ich verstehe, dass es zu Verzögerungen kommt, aber niemand hat mich informiert.
Ik begrijp dat vertragingen gebeuren, maar niemand heeft me op de hoogte gehouden.
- Ich verstehe
- ik begrijp
- Verzögerungen
- vertragingen
- kommt
- gebeurt
- niemand
- niemand
- informiert
- geïnformeerd
Uitgebreide uitleg
Ich verstehe betekent hier: de spreker begrijpt een mededeling. verstehen is de basisvorm; bij ich staat de tegenwoordige vorm verstehe. Vergelijk: Ich verstehe die Frage. — Ik begrijp de vraag. De vorm verstehe hoort bij het onderwerp ich; het volgende dass-deel geeft aan wat de spreker begrijpt. Verzögerungen is het zelfstandig naamwoord Verzögerung in het meervoud: één vertraging, meerdere vertragingen. De uitgang -en markeert hier het meervoud. Voorbeeld: Es gab mehrere Verzögerungen. — Er waren meerdere vertragingen. kommt is hier de tegenwoordige vorm van kommen in de uitdrukking es kommt zu ...: er doet zich iets voor of iets gebeurt. In es kommt zu Verzögerungen is es het grammaticale onderwerp en staat kommt daarom in het enkelvoud. kommen kan in andere zinnen ook letterlijk ‘komen’ betekenen, maar hier gaat het om het optreden van vertragingen. niemand betekent ‘geen persoon’ of ‘niemand’. Het is zelf al negatief van betekenis; daarom staat er in deze zin geen extra nicht. Voorbeeld: Niemand hat angerufen. — Niemand heeft gebeld. informiert is het voltooid deelwoord van informieren, ‘informeren’. Samen met hat vormt het het perfectum: hat ... informiert betekent ‘heeft geïnformeerd’. Het deelwoord blijft in deze vorm; de persoon en het getal worden hier door hat uitgedrukt. In de gegeven zin betekent mich informiert: mij geïnformeerd of op de hoogte gebracht. De delen worden zo gecombineerd: Ich verstehe, dass ... = ‘Ik begrijp dat ...’. Binnen dat dass-deel staat es zu Verzögerungen kommt: ‘dat er vertragingen ontstaan/gebeuren’. aber markeert daarna een tegenstelling. niemand hat mich informiert betekent ‘niemand heeft mij geïnformeerd’. De volledige betekenis is dus: ‘Ik begrijp dat er vertragingen ontstaan, maar niemand heeft mij op de hoogte gehouden.’
Wir hätten Sie informieren sollen, während Sie gewartet haben.
We hadden u moeten informeren terwijl u wachtte.
- Wir
- wij
- hätten … sollen
- hadden moeten
- Sie
- u
- informieren
- informeren
- während
- terwijl
- gewartet
- gewacht
Uitgebreide uitleg
Wir betekent hier “wij” en is de eerste persoon meervoud. Het is de vorm voor de groep waarin de spreker zichzelf insluit; in een voorbeeld als Wir kommen morgen. betekent het: “Wij komen morgen.” hätten en sollen vormen samen de constructie hätten ... sollen. hätten is de vorm van haben voor wir in de Konjunktiv II; met sollen drukt de combinatie een niet-uitgevoerde of achteraf beoordeelde verplichting uit: “hadden moeten”. Het modale werkwoord sollen staat als infinitief aan het einde van de werkwoordgroep. Vergelijk: Wir hätten früher gehen sollen. — “Wij hadden eerder moeten vertrekken.” Sie is de formele aanspreekvorm “u”. De hoofdletter hoort bij het formele Duitse voornaamwoord; de vorm kan grammaticaal ook naar meerdere formeel aangesproken personen verwijzen, maar de vaste vertaling geeft hier “u” weer. Sie is hier het lijdend voorwerp van informieren. informieren is de infinitief “informeren”. Het werkwoord informieren krijgt hier als object Sie: jemanden informieren betekent “iemand informeren”. In de voorbeeldzin Ich informiere Sie morgen. betekent Sie opnieuw “u” en informiere “informeer ik”. während is een onderschikkend voegwoord met de betekenis “terwijl”. Het leidt een bijzin in; in het Duits staat het vervoegde werkwoord in zo’n bijzin doorgaans aan het einde. gewartet is het voltooid deelwoord van warten, “wachten”. De vorm gewartet blijft hetzelfde voor personen; de persoons- en tijdsinformatie in Sie gewartet haben wordt door haben gedragen. In während Sie gewartet haben betekent dit “terwijl u wachtte” of, afhankelijk van de tijdsrelatie, “terwijl u hebt gewacht”. Samen betekent Wir hätten Sie informieren sollen “Wij hadden u moeten informeren”: de spreker neemt namens een groep een niet nagekomen informatieplicht aan. während Sie gewartet haben voegt de tijdsomstandigheid toe: dat had moeten gebeuren terwijl u wachtte. De volledige zin is dus: “Wij hadden u moeten informeren terwijl u wachtte.”
Ich versuche nicht, schwierig zu sein, aber ich hatte besseren Service erwartet.
Ik probeer niet moeilijk te doen, maar ik had betere service verwacht.
- versuche
- probeer
- nicht
- niet
- schwierig
- moeilijk
- zu sein
- zijn
- besseren
- betere
- Service
- service
- erwartet
- verwacht
Uitgebreide uitleg
versuche komt van versuchen en is de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud: ich versuche = “ik probeer”. Na versuchen volgt vaak zu + infinitief voor wat iemand probeert te doen. Voorbeeld: Ich versuche, ruhig zu bleiben. — “Ik probeer rustig te blijven.” nicht ontkent hier de daaropvolgende eigenschap of handeling: de spreker probeert niet moeilijk te zijn/doen. De precieze reikwijdte blijkt uit de combinatie met schwierig zu sein. schwierig betekent hier “moeilijk”. Het is een bijvoeglijk naamwoord in een predicatieve constructie met sein en krijgt daarom hier geen verbuiging. Voorbeeld: Die Aufgabe ist schwierig. — “De taak is moeilijk.” zu sein bestaat uit zu plus de infinitief sein (“zijn”). Samen vormt het na versuchen de handeling die iemand probeert uit te voeren. Het patroon is versuchen, ... zu sein: “proberen ... te zijn”. besseren is de vergrotende trap van gut: gut — besser — am besten (“goed” — “beter” — “het best”). Hier betekent het “betere” in besseren Service. De uitgang -en hoort bij het bijvoeglijk naamwoord besser, omdat het vóór het mannelijke zelfstandig naamwoord Service staat in de accusatief, zonder lidwoord: besseren Service. Voorbeeld: Ich möchte einen besseren Platz. — “Ik wil een betere plaats.” Service is een zelfstandig naamwoord en betekent “service” of “dienstverlening”. In deze zin is het datgene waarvan de spreker een betere kwaliteit verwachtte. Het Duitse woord is mannelijk: der Service; dat helpt hier de vorm van het voorafgaande bijvoeglijk naamwoord te verklaren. erwartet is het voltooid deelwoord van erwarten (“verwachten”). Samen met hatte in hatte ... erwartet vormt het de voltooid verleden tijd (Plusquamperfekt): de verwachting lag vóór een ander moment in het verleden. Voorbeeld: Ich hatte eine Antwort erwartet. — “Ik had een antwoord verwacht.” De eerste helft Ich versuche nicht, schwierig zu sein combineert het onderwerp ich, de vorm versuche, de ontkenning nicht en de zu-infinitief. De betekenis is: “Ik probeer niet moeilijk te zijn/doen.” aber leidt daarna een tegenstelling in. In ich hatte besseren Service erwartet staat hatte als hulpwerkwoord bij erwartet; besseren Service is wat de spreker verwachtte. Het geheel betekent: “Ik probeer niet moeilijk te doen, maar ik had betere service verwacht.”
Ich werde den Manager bitten, schriftlich zu antworten.
Ik zal de manager vragen om schriftelijk te reageren.
- Ich werde
- ik zal
- Manager
- manager
- bitten
- vragen
- schriftlich
- schriftelijk
- zu antworten
- te antwoorden
Uitgebreide uitleg
Ich werde betekent hier dat de spreker een toekomstige handeling aankondigt: “ik zal”. werde is de vorm van werden bij ich; samen met een infinitief vormt werden de Duitse toekomende tijd. Bijvoorbeeld: Ich werde morgen anrufen. — “Ik zal morgen bellen.” Manager is het zelfstandig naamwoord voor “manager” of “leidinggevende”. In deze zin staat het na den: den Manager is de persoon aan wie het verzoek gericht is als object van bitten. Het lidwoord den laat hier de mannelijke accusatief zien; het zelfstandig naamwoord zelf krijgt in deze zin geen zichtbare uitgang. bitten betekent “vragen” in de zin van iemand verzoeken iets te doen. Het is hier de infinitief na werde; de persoonsvorm is dus niet bitten, maar werde. Een belangrijk patroon is jemanden bitten, etwas zu tun — “iemand vragen om iets te doen”. Bijvoorbeeld: Ich bitte sie, zu warten. — “Ik vraag haar om te wachten.” schriftlich betekent “schriftelijk”, dus in geschreven vorm. Het beschrijft hier hoe het antwoorden moet gebeuren. Het is een bijwoord en verandert daarom in deze zin niet mee met Manager. zu antworten betekent “te antwoorden” of “om te reageren”. antworten is de basisvorm; met zu wordt het een infinitiefconstructie. Bij een scheidbaar werkwoord zou zu binnen het werkwoord kunnen staan, maar antworten is hier niet scheidbaar: zu antworten. Samen vormt de zin het patroon Ich werde [persoon] bitten, [bijwoord] zu [werkwoord]: de spreker zal de manager verzoeken schriftelijk te reageren. De hele betekenis is daarom: “Ik zal de manager vragen om schriftelijk te reageren.”
Das würde helfen. Ich möchte nur, dass die Sache richtig behandelt wird.
Dat zou helpen. Ik wil alleen dat de kwestie goed wordt afgehandeld.
- Das
- dat
- würde
- zou
- helfen
- helpen
- Ich möchte
- ik wil graag
- nur
- alleen
- Sache
- kwestie
- richtig
- goed
- behandelt wird
- wordt afgehandeld
Uitgebreide uitleg
Das betekent hier “dat” en verwijst naar de bedoelde situatie of handeling; de vorm is een aanwijzend voornaamwoord. Het is hier geen zelfstandig naamwoord en de vorm geeft in deze zin geen specifieke Nederlandse persoon aan. würde is de vorm voor de voorwaardelijke betekenis van werden bij ich, er, sie en es; samen met een infinitief geeft het vaak “zou …”. In würde helfen staat helfen als infinitief aan het einde van de eerste hoofdzin. Voorbeeld: Das würde genügen. — “Dat zou voldoende zijn.” helfen betekent “helpen”. Het werkwoord heeft in de tegenwoordige tijd onder andere ich helfe, du hilfst en sie helfen; na würde blijft het de infinitief helfen. Ich möchte betekent hier “ik wil graag”. möchte is de veelgebruikte vorm om een wens of voorkeur uit te drukken en staat bij ich; het is de vorm die in deze constructie van mögen wordt gebruikt. Met een dass-zin kan het bijvoorbeeld zo: Ich möchte, dass du kommst. — “Ik wil graag dat je komt.” nur betekent “alleen” en beperkt hier wat de spreker wil: de wens wordt door de volgende dass-zin gespecificeerd. Sache betekent hier “kwestie” of “zaak”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Sache; zelfstandige naamwoorden worden in het Duits met een hoofdletter geschreven. Voorbeeld: Die Sache ist wichtig. — “De kwestie is belangrijk.” richtig betekent hier “goed” in de betekenis “op de juiste manier”. Het staat bij behandelt en beschrijft dus hoe de kwestie wordt behandeld, niet een afzonderlijke eigenschap van de kwestie. behandelt wird betekent “wordt afgehandeld” of letterlijk “wordt behandeld”. behandelt is het voltooid deelwoord van behandeln; wird is de tegenwoordige tijd van werden bij die Sache (derde persoon enkelvoud). Samen vormen ze het passief: de handeling staat centraal, terwijl de uitvoerder niet wordt genoemd. In een bijzin met dass staat het voltooid deelwoord vóór de vervoegde vorm: ..., dass die Sache richtig behandelt wird. De eerste zin, Das würde helfen., combineert “dat” met “zou helpen”: “Dat zou helpen.” Daarna leidt Ich möchte nur de wens in, en dass die Sache richtig behandelt wird maakt duidelijk wat de spreker wil: dat de kwestie goed wordt afgehandeld. De passieve vorm noemt geen persoon die de afhandeling uitvoert.
Bitte warten Sie hier, während ich mit dem Manager spreche.
Wacht u hier alstublieft terwijl ik met de manager spreek.
- Bitte
- alstublieft
- warten Sie
- wacht u
- hier
- hier
- während
- terwijl
- ich
- ik
- mit
- met
- Manager
- manager
- spreche
- spreek
Uitgebreide uitleg
Bitte maakt een verzoek beleefder: “alstublieft”. Het kan ook aan het begin of einde van een verzoek staan. In deze zin verzacht het de opdracht, maar het verandert niet wie moet wachten. warten Sie betekent hier “wacht u”. warten is de infinitief “wachten”. Samen met Sie vormt het de beleefde gebiedende wijs: Warten Sie! = “Wacht u!” Sie kan in deze vorm zowel naar één formeel aangesproken persoon als naar meerdere personen verwijzen; de vorm zelf maakt dat onderscheid niet. Het werkwoord staat in deze beleefde gebiedende wijs vóór het onderwerp. hier betekent “op deze plaats”. Het is een plaatsbijwoord en kan bijvoorbeeld ook in Bleiben Sie hier. (“Blijft u hier.”) worden gebruikt. während betekent “terwijl” en leidt hier een bijzin in die gelijktijdigheid uitdrukt. In een Duitse bijzin die met während begint, staat het vervoegde werkwoord doorgaans aan het einde. Een bruikbaar patroon is: während + onderwerp + ... + werkwoord. ich betekent “ik” en is hier het onderwerp van de bijzin. Het verwijst in deze zin naar de spreker. Het contrasteert bijvoorbeeld met du (“jij”) en Sie (“u” of “jullie”, afhankelijk van de context). mit betekent “met”. In deze betekenis gebruikt mit de datief: mit dem Manager betekent letterlijk “met de manager”. Manager is het zelfstandig naamwoord “manager”. Na mit staat hier de datiefvorm dem Manager; bij dit mannelijk zelfstandig naamwoord is dem de datiefvorm van het bepaalde lidwoord. Het meervoud is Manager, maar het lidwoord zou dan den zijn: mit den Managern. spreche betekent hier “spreek”. Het is de vorm van sprechen (“spreken”) voor de eerste persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: ich spreche. In andere persoonsvormen verandert de stamklinker bijvoorbeeld in du sprichst; bij ich spreche blijft de vorm zoals hier. De delen worden samen: Bitte warten Sie hier = “Wacht u hier alstublieft”, en während ich mit dem Manager spreche = “terwijl ik met de manager spreek”. De volledige zin is dus: “Wacht u hier alstublieft terwijl ik met de manager spreek.”
Grammatica
sich beschweren über + Akkusativ
Ich beschwere mich über den Service.
ich buh-shveer-uh mich uu-buh deen zèr-visIk dien een klacht in over de service.
Bij het werkwoord sich beschweren hoort een wederkerend voornaamwoord: ich beschwere mich.
während + bijzin: werkwoord achteraan
Während niemand antwortet, warten wir.
vee-runt nee-mant ant-vor-tut, vaar-tun veerTerwijl niemand antwoordt, wachten we.
Na während staat het vervoegde werkwoord aan het einde van de bijzin.
Duits woordenschat
Quiz
Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
wachten
Antwoord tonen
gewartetservice; dienstverlening
Antwoord tonen
Servicegisteren
Antwoord tonen
gesternvertraging