Een groepsreis aanpassen als iemand ziek is | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: While planning a group trip, two friends discuss how to reschedule or update everyone after someone becomes sick..

NL → DE / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een groepsreis aanpassen als iemand ziek is oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Eine Freundin sagt, dass sie Fieber hat und morgen wahrscheinlich nicht reisen kann.

Aj-ne froin-din zakt, das zie fie-ber hat oent mor-ghen vaar-sjain-likh nit rai-zen kan. Een vriendin zegt dat ze koorts heeft en morgen waarschijnlijk niet kan reizen.
B

Dann sollten wir Rücksicht auf sie nehmen und besprechen, ob wir die Reise verschieben sollten.

Dan zol-den vier roek-zikht auf zie nee-men oent be-sjpre-khen, op vier die rai-ze fer-sjie-ben zol-den. Dan moeten we rekening met haar houden en bespreken of we de reis moeten verzetten.
A

Es könnte schwierig werden, die Reise zu verschieben, wenn wir noch viel länger warten.

Es keun-te sjvie-rikh veer-den, die rai-ze toe fer-sjie-ben, ven vier nogh fiel leng-er var-ten. Het kan moeilijk worden om de reis te verzetten als we nog veel langer wachten.
B

Können wir die Buchung verschieben, statt sie ganz zu stornieren?

Keu-nen vier die boegh-oeng fer-sjie-ben, sjtat zie gants toe sjor-nie-ren? Kunnen we de boeking verzetten in plaats van die helemaal te annuleren?
A

Lass mich anrufen und fragen, welche Möglichkeiten es gibt.

Las mikh an-roefen oent fra-ghen, vel-khe meug-likh-kai-ten es gipt. Laat me bellen en vragen welke mogelijkheden er zijn.
B

Frag auch, ob es für sie in Ordnung wäre, wenn wir ohne sie fahren.

Fraag aukh, op es vuur zie in ord-noeng veer-e, ven vier oo-ne zie faa-ren. Vraag ook of ze het goed zou vinden als we zonder haar gaan.
A

Ich würde es lieber verschieben, weil es als Gruppenreise geplant war.

Ikh vur-de es lie-ber fer-sjie-ben, vail es als groep-en-rai-ze ge-plaa(n)t vaar. Ik stel het liever uit, omdat het als groepsreis gepland was.
B

Das klingt sinnvoll, besonders wenn sie nur ein paar Tage braucht, um sich zu erholen.

Das klinkt zin-vol, be-zon-ders ven zie noer ain paar daa-ge braukt, oem zikh tsoe er-hoo-len. Dat klinkt logisch, vooral als ze maar een paar dagen nodig heeft om te herstellen.
A

Ich schicke allen eine Nachricht mit den Möglichkeiten und einem klaren Überblick.

Ikh sjik-e al-len ai-ne naa-khrikht mit deen meug-likh-kai-ten oent ai-nem klaa-ren uu-ber-blik. Ik stuur iedereen een bericht met de mogelijkheden en een duidelijk overzicht.
B

Die Leute kommen besser mit der Änderung zurecht, wenn sie den Grund und den Zeitpunkt kennen.

Die loit-e kom-men bes-ser mit der en-de-roeng tsoe-rekht, ven zie deen groent oent deen tsait-poengt ken-nen. Mensen kunnen beter met de verandering omgaan als ze de reden en het tijdstip kennen.

Uitleg van de zinnen

  1. Eine Freundin sagt, dass sie Fieber hat und morgen wahrscheinlich nicht reisen kann.

    Een vriendin zegt dat ze koorts heeft en morgen waarschijnlijk niet kan reizen.

    Freundin
    vriendin
    sagt
    zegt
    dass
    dat
    sie
    ze
    Fieber
    koorts
    hat
    heeft
    morgen
    morgen
    wahrscheinlich
    waarschijnlijk
    nicht
    niet
    reisen
    reizen
    kann
    kan
    Uitgebreide uitleg

    Freundin betekent hier “vriendin”. Het is het vrouwelijke zelfstandig naamwoord bij Freund (“vriend”); afhankelijk van de context kan Freundin ook een romantische partner aanduiden, maar dat volgt niet uit deze zin. De uitgang -in markeert hier een vrouwelijke persoon. Eine Freundin is een enkelvoudige vrouwelijke naamwoordgroep. De vorm eine is hier het onbepaalde lidwoord voor vrouwelijk enkelvoud; het lidwoord beweert niet letterlijk het getal één. Sagt komt van sagen (“zeggen”) en is de vorm voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: sie sagt. In Eine Freundin sagt is de vriendin dus het onderwerp. Dass leidt een bijzin in met de inhoud van wat zij zegt. In een Duitse dass-bijzin staat de vervoegde vorm doorgaans aan het einde. Dat zie je verderop bij hat en bij kann. Sie betekent hier “ze/zij” en verwijst, volgens de vertaling, naar de vriendin. Het is hier de derde persoon enkelvoud van het persoonlijke voornaamwoord in de onderwerpsfunctie. De hoofdletter Sie zou in een andere context ook de beleefde aanspreekvorm kunnen zijn, maar de kleine letter in deze zin en de vertaling geven hier “zij” aan. Fieber betekent “koorts”. De gebruikelijke Duitse combinatie is Fieber haben, letterlijk “koorts hebben”. Het zelfstandig naamwoord is onzijdig: das Fieber; in deze zin staat het zonder lidwoord in die vaste combinatie. Hat komt van haben (“hebben”) en is hier de vorm voor de derde persoon enkelvoud: sie hat. In de bijzin dass sie Fieber hat staat deze vervoegde vorm aan het einde, zoals gebruikelijk na dass. Morgen betekent “morgen” en verwijst naar de dag na vandaag. Het woord kan zelfstandig als tijdsbepaling staan, zonder voorzetsel: Morgen arbeite ich. — “Morgen werk ik.” Wahrscheinlich betekent “waarschijnlijk” en geeft aan dat de spreker iets waarschijnlijk acht, niet zeker stelt. Het is een bijwoord en verandert niet mee met een zelfstandig naamwoord. Nicht betekent hier “niet” en maakt samen met kann de mogelijkheid om te reizen negatief: nicht reisen kann betekent “niet kan reizen”. Het ontkent dus in deze zin dat zij kan reizen; het is niet nodig om nicht alleen als een ontkenning van het losse werkwoord reisen te behandelen. Reisen betekent “reizen”. Dit is de infinitief, de vorm die je ook in een woordenboek vindt. Na een modaal werkwoord zoals können blijft het andere werkwoord als infinitief staan: Ich kann reisen. — “Ik kan reizen.” Kann komt van können (“kunnen”) en is de vorm voor de eerste of derde persoon enkelvoud: ich kann, sie kann. In deze zin hoort hij bij sie. In een bijzin met een modaal werkwoord staat kann aan het einde, terwijl de infinitief reisen ervoor staat. Samen is Eine Freundin sagt “Een vriendin zegt”. De dass-bijzin geeft de inhoud daarvan: dass sie Fieber hat — “dat ze koorts heeft” — en und verbindt daarmee de tweede mededeling. In morgen wahrscheinlich nicht reisen kann staan achtereenvolgens de tijdsbepaling, de waarschijnlijkheidsaanduiding, de ontkenning, de infinitief en ten slotte het modale werkwoord. De hele zin betekent daarom: “Een vriendin zegt dat ze koorts heeft en morgen waarschijnlijk niet kan reizen.”

  2. Dann sollten wir Rücksicht auf sie nehmen und besprechen, ob wir die Reise verschieben sollten.

    Dan moeten we rekening met haar houden en bespreken of we de reis moeten verzetten.

    Dann
    dan
    sollten wir
    zouden we moeten
    Rücksicht … auf sie nehmen
    rekening met haar houden
    besprechen
    bespreken
    ob
    of
    Reise
    reis
    verschieben
    verzetten
    Uitgebreide uitleg

    Dann betekent hier “dan” en verwijst naar de volgende stap in de situatie: na de mededeling dat de vriendin waarschijnlijk niet kan reizen, is dit het voorgestelde gevolg. Het kan ook een tijdsbetekenis hebben, maar hier gaat het om een gevolg of voorstel. sollten wir bevat sollen in de vorm sollten met wir. In deze zin klinkt dat als een voorstel: “zouden we moeten” of, volgens de vaste vertaling, “moeten we”. Het onderwerp is wir (“wij”); sollten draagt de vervoegde werkwoordsvorm. In een hoofdzin staat de vervoegde vorm op de tweede positie: Dann sollten wir .... Vergelijk: Wir sollten warten. — “We zouden moeten wachten.” Rücksicht nehmen is een vaste Duitse verbinding voor rekening houden met iemand of iets. Met auf krijgt de verbinding een aanvulling: Rücksicht auf jemanden/etwas nehmen. sie betekent hier, volgens de vaste vertaling en de context, “haar”; het is een persoonlijk voornaamwoord in de derde persoon enkelvoud. De vorm sie kan in andere contexten ook een andere grammaticale functie hebben, maar die alternatieve lezingen zijn hier niet bedoeld. nehmen is het werkwoord “nemen”; in deze vaste verbinding krijgt het niet de letterlijke betekenis van iets vastpakken. besprechen betekent “bespreken”. Het is een scheidbaar noch wederkerend werkwoord in deze zin en staat als infinitief na sollten: Wir sollten das besprechen. — “We zouden dat moeten bespreken.” Het lijdend voorwerp kan direct volgen: Wir besprechen den Plan. — “We bespreken het plan.” ob leidt een indirecte ja/nee-vraag in en betekent hier “of”. In een ob-bijzin staat de vervoegde werkwoordsvorm aan het einde. Het patroon is bijvoorbeeld Wir besprechen, ob ...: “We bespreken of ...”. Dat is iets anders dan een voorwaardelijk “als”; wenn wordt gebruikt voor een voorwaarde, zoals in de volgende contextzin. Reise is een zelfstandig naamwoord en betekent “reis”. Het basiswoord is die Reise; het vrouwelijke grammaticale geslacht blijkt hier uit het lidwoord die in die Reise. Het meervoud is die Reisen. In deze zin gaat het om de reis die de betrokken personen overwegen uit te stellen. verschieben is een werkwoord met de betekenis “uitstellen” of “verzetten”. Hier staat het als infinitief na het modale werkwoord in de indirecte vraag. Wir verschieben die Reise. — “We stellen de reis uit.” De betekenis is dus niet dat de reis fysiek wordt verplaatst, maar dat de geplande reis naar een later moment gaat. Het laatste sollten staat aan het einde van de ob-bijzin. Hetzelfde modale werkwoord verschijnt daardoor tweemaal met twee functies in de structuur: eerst vormt Dann sollten wir ... het voorstel, en daarna vormt ob wir die Reise verschieben sollten de indirecte vraag naar dat voorstel. De volledige opbouw is: Dann sollten wir + Rücksicht auf sie nehmen + und besprechen + ob wir die Reise verschieben sollten. In het Nederlands betekent dit: “Dan moeten we rekening met haar houden en bespreken of we de reis moeten verzetten.”

  3. Es könnte schwierig werden, die Reise zu verschieben, wenn wir noch viel länger warten.

    Het kan moeilijk worden om de reis te verzetten als we nog veel langer wachten.

    Es könnte
    het kan
    schwierig
    moeilijk
    werden
    worden
    Reise
    reis
    zu verschieben
    verzetten
    länger
    langer
    warten
    wachten
    Uitgebreide uitleg

    Es könnte geeft hier een mogelijkheid weer: “het zou kunnen”. könnte is de Konjunktiv II-vorm van können; in deze zin drukt die vorm geen vaststaand feit uit. Het onpersoonlijke es is hier een voorlopig onderwerp bij de beoordeling die volgt; het verwijst niet naar een specifiek zelfstandig naamwoord. schwierig betekent hier “moeilijk”. Het is een bijvoeglijk naamwoord en staat na werden zonder verbuiging, omdat het daar deel uitmaakt van de beschrijving. werden betekent in deze combinatie “worden”. Het is de infinitief van werden. Met een beschrijvend woord kan het een overgang aangeven: etwas wird schwierig = “iets wordt moeilijk”. In könnte ... werden staat de infinitief aan het einde van deze hoofdzinachtige constructie. Reise betekent “reis”. De vorm die Reise is hier het lijdend voorwerp van verschieben; bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord hebben nominatief en accusatief in het enkelvoud dezelfde vorm van het lidwoord: die. zu verschieben betekent “te verzetten”. Dit is de zu-infinitief van verschieben. De constructie es könnte schwierig werden, ... zu verschieben betekent letterlijk dat het moeilijk zou kunnen worden om iets te verzetten. verschieben kan, afhankelijk van de context, ook “uitstellen” betekenen; met die Reise is “de reis verzetten” de bedoelde betekenis. länger is de vergrotende trap van lang: lang – länger – am längsten. In noch viel länger versterken noch en viel de vergelijking: “nog veel langer”. Het vergelijkt de verdere wachttijd met een eerdere of verwachte wachttijd; de zin zegt niet precies hoe lang die is. warten betekent “wachten”. In wir warten staat de tegenwoordige tijd, eerste persoon meervoud: “wij wachten”. Het werkwoord staat aan het einde van de bijzin die met wenn begint: wenn wir noch viel länger warten = “als we nog veel langer wachten”. Samen vormt die Reise zu verschieben een infinitiefgroep die aangeeft wat mogelijk moeilijk wordt. wenn wir noch viel länger warten geeft de voorwaarde. De volledige betekenis is daarom: “Het kan moeilijk worden om de reis te verzetten als we nog veel langer wachten.”

  4. Können wir die Buchung verschieben, statt sie ganz zu stornieren?

    Kunnen we de boeking verzetten in plaats van die helemaal te annuleren?

    Können wir
    kunnen we
    die Buchung
    de boeking
    verschieben
    verzetten
    statt
    in plaats van
    sie
    die
    ganz
    helemaal
    zu stornieren
    annuleren
    Uitgebreide uitleg

    Können wir vormt hier een ja-neevraag: können is de vervoegde vorm van können bij wir (eerste persoon meervoud), en wir is het onderwerp. In deze zin drukt het geheel een voorstel of vraag naar mogelijkheid uit: “kunnen we ...?” In een gewone mededelende hoofdzin staat het werkwoord meestal op de tweede plaats; in deze vraag staat het vervoegde werkwoord vooraan. Het andere werkwoord komt als infinitief later in de zin. die Buchung betekent hier een boeking of reservering. Buchung is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; die is hier de accusatief enkelvoud, omdat de boeking het lijdend voorwerp van verschieben is. Het meervoud is die Buchungen; het lidwoord alleen laat dus niet altijd enkelvoud zien, maar hier maakt de vorm van Buchung het enkelvoud duidelijk. verschieben betekent hier een boeking naar een ander moment verzetten of verplaatsen. Het is een werkwoord met de basisvorm verschieben; in deze zin blijft het een infinitief omdat können het vervoegde werkwoord is. Een bruikbaar voorbeeld is: Wir verschieben den Termin. — “We verzetten de afspraak.” In de vorige zin uit de context verschijnt hetzelfde werkwoord ook als infinitief na zu: zu verschieben. statt leidt hier een alternatief in: iets niet doen, maar in plaats daarvan iets anders doen. De herbruikbare constructie is statt ... zu + infinitief. Bijvoorbeeld: Sie verschiebt den Termin, statt ihn abzusagen. — “Ze verzet de afspraak in plaats van die af te zeggen.” sie is hier een persoonlijk voornaamwoord in de accusatief enkelvoud en verwijst, volgens de vaste vertaling, naar die Buchung. De vorm past bij een vrouwelijk enkelvoudig antecedent; de grammaticale vorm van het voornaamwoord en de concrete referentie zijn twee verschillende zaken. In een andere context kan sie ook een andere functie of referentie hebben. ganz is hier een bijwoord met de betekenis “helemaal” of “volledig”. Het versterkt stornieren: het gaat om volledig annuleren, niet slechts gedeeltelijk wijzigen. Bijvoorbeeld: Wir öffnen die Datei ganz. — “We openen het bestand helemaal.” zu stornieren bestaat uit de infinitief stornieren (“annuleren”) met zu. Bij statt ... zu maakt deze vorm het alternatief tot een infinitiefconstructie. Stornieren is een regelmatig werkwoord; zu stornieren betekent niet “aan het annuleren zijn”, maar eenvoudig “te annuleren” binnen deze constructie. Samen vraagt de zin of de gesprekspartners de boeking kunnen verzetten in plaats van haar volledig te annuleren. Können wir maakt er een vraag of voorstel van, die Buchung verschieben benoemt de gewenste handeling, en statt sie ganz zu stornieren geeft het alternatief aan dat men liever niet kiest.

  5. Lass mich anrufen und fragen, welche Möglichkeiten es gibt.

    Laat me bellen en vragen welke mogelijkheden er zijn.

    Lass mich
    Laat me ...
    anrufen
    bellen
    fragen
    vragen
    welche
    welke
    Möglichkeiten
    mogelijkheden
    es gibt
    er zijn
    Uitgebreide uitleg

    Lass mich betekent hier: “Laat mij ...”. Lass is de gebiedende wijs van lassen bij du; mich is de accusatiefvorm van ich. De constructie Lass mich + infinitief geeft toestemming of het voorstel dat de spreker iets zal doen. Voorbeeld: Lass mich helfen. — “Laat me helpen.” anrufen betekent “bellen”, in het bijzonder iemand telefonisch contacteren. Het is een scheidbaar werkwoord: in een gewone hoofdzin staat an vaak los van rufen, maar na een ander werkwoord dat een infinitief vraagt, blijft het als anrufen bijeen. Voorbeeld: Ich will dich anrufen. — “Ik wil je bellen.” fragen betekent “vragen”. Het kan zelfstandig gebruikt worden, zoals hier, of met een vraag of persoon als aanvulling. Voorbeeld: Ich frage ihn. — “Ik vraag het hem.” In deze zin zijn anrufen en fragen twee handelingen die onder Lass mich vallen: laat me bellen en vragen. welche betekent hier “welke” en leidt de inhoud van de vraag in. De vorm staat bij het meervoudige zelfstandig naamwoord Möglichkeiten; welche is dus hier de meervoudsvorm die daarbij past. Het verschil met was is dat welche een keuze of soort binnen bekende of denkbare mogelijkheden aanwijst, terwijl was algemener “wat” betekent. Voorbeeld: Welche Option ist besser? — “Welke optie is beter?” Möglichkeiten betekent “mogelijkheden”. Het is het meervoud van die Möglichkeit (“de mogelijkheid”); de uitgang -en hoort hier bij het meervoud. Voorbeeld: Wir haben mehrere Möglichkeiten. — “We hebben meerdere mogelijkheden.” es gibt is de vaste constructie voor “er is” of “er zijn”. In deze zin gaat het om meerdere mogelijkheden, daarom vertalen we het als “er zijn”. Het es is hier een onpersoonlijk onderwerp en verwijst niet naar een eerder genoemd concreet zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Es gibt eine Lösung. — “Er is een oplossing.” Samen vormt Lass mich anrufen und fragen de betekenis “Laat me bellen en vragen”. Daarna specificeert welche Möglichkeiten es gibt waarnaar gevraagd wordt: welke mogelijkheden er zijn. De volledige zin betekent dus: “Laat me bellen en vragen welke mogelijkheden er zijn.”

  6. Frag auch, ob es für sie in Ordnung wäre, wenn wir ohne sie fahren.

    Vraag ook of ze het goed zou vinden als we zonder haar gaan.

    Frag
    vraag
    auch
    ook
    ob
    of
    für sie
    voor haar
    in Ordnung
    in orde
    wäre
    zou zijn
    wenn wir
    als wij
    ohne sie
    zonder haar
    fahren
    gaan
    Uitgebreide uitleg

    Frag is de gebiedende wijs van fragen (“vragen”): je geeft iemand de opdracht om iets te vragen. De stamvorm is fragen; de gebiedende wijs voor du is hier Frag, zonder uitgesproken onderwerp. auch betekent hier “ook” en voegt deze opdracht toe aan een andere vraag of handeling. Samen vormen Frag auch dus “Vraag ook”. ob leidt een indirecte ja/nee-vraag in. Het betekent hier “of”, niet “ofwel” bij een keuze tussen twee genoemde mogelijkheden. In een bijzin met ob staat het vervoegde werkwoord doorgaans achteraan, zoals in ob sie ... wäre. für sie betekent hier “voor haar”. sie is hier een persoonlijk voornaamwoord in de accusatief na het voorzetsel für; de vaste vertaling identificeert deze persoon als vrouwelijk enkelvoud. De vorm sie ziet er in deze betekenis hetzelfde uit als in sommige andere naamvalfuncties. in Ordnung is een vaste uitdrukking voor “in orde” of “acceptabel”. Het is bruikbaar in patronen als Das ist in Ordnung (“Dat is in orde”) en Ist das für dich in Ordnung? (“Vind je dat goed?”). In deze zin gaat het om de vraag of iets voor haar aanvaardbaar zou zijn. wäre is de Konjunktiv II-vorm van sein (“zijn”), bij het onderwerp es. De vorm drukt hier een niet-feitelijke of voorwaardelijke mogelijkheid uit: “zou zijn”. Vergelijk: ist = “is” en war = “was”; wäre past bij een hypothetische beoordeling in de indirecte vraag. wenn wir begint de voorwaardelijke bijzin: wenn betekent “als” en wir betekent “wij”. wir is de eerste persoon meervoud. Het vervoegde werkwoord van deze bijzin staat verderop, aan het einde: wenn wir ... fahren. ohne sie betekent “zonder haar”. ohne neemt in het Duits de accusatief; sie is hier opnieuw de vrouwelijke enkelvoudsvorm die volgens de vaste vertaling naar dezelfde vrouw verwijst. Het patroon ohne + persoon is direct herbruikbaar, bijvoorbeeld: Wir gehen ohne ihn. — “Wij gaan zonder hem.” fahren betekent hier “gaan/reizen”, met een vervoermiddel of als verplaatsing. De vorm is de infinitief. In wenn wir ... fahren hoort fahren bij het onderwerp wir; het staat achteraan omdat het deel uitmaakt van een bijzin. Een eenvoudig voorbeeld is Wenn wir morgen fahren, kommen wir früh an. — “Als we morgen gaan, komen we vroeg aan.” De hele structuur is: Frag auch, ob ... wäre, wenn ... fahren. Eerst geeft de spreker de opdracht om ook iets te vragen. ob es für sie in Ordnung wäre betekent “of zij het goed zou vinden”; daarna specificeert wenn wir ohne sie fahren de voorwaarde of situatie: “als wij zonder haar gaan”. Samen betekent de zin: “Vraag ook of ze het goed zou vinden als we zonder haar gaan.”

  7. Ich würde es lieber verschieben, weil es als Gruppenreise geplant war.

    Ik stel het liever uit, omdat het als groepsreis gepland was.

    Ich würde
    ik zou
    es
    het
    lieber
    liever
    verschieben
    uitstellen
    weil
    omdat
    Gruppenreise
    groepsreis
    geplant war
    gepland was
    Uitgebreide uitleg

    Ich würde vormt hier samen met het daaropvolgende infinitief verschieben een voorzichtige voorkeur of voorstel: “ik zou …”. würde is de Konjunktiv-II-vorm van werden; in dit gebruik staat hij als hulpvorm bij een infinitief. Het onderwerp Ich bepaalt de persoonsvorm. Vergelijk bijvoorbeeld: Ich würde warten. — “Ik zou wachten.” es is hier het Duitse persoonlijke voornaamwoord in de onzijdige vorm en betekent in deze zin “het”, overeenkomstig de vaste vertaling. De concrete zaak waarnaar het verwijst wordt in deze ene zin niet nader benoemd; de vorm zelf laat vooral de grammaticale rol zien: es is het lijdend voorwerp van verschieben. lieber drukt voorkeur uit: “liever”. Het is de vergelijkende vorm van gern in de betekenis “graag”: gern — “graag”, lieber — “liever”, am liebsten — “het liefst”. Voorbeeld: Ich bleibe lieber zu Hause. — “Ik blijf liever thuis.” verschieben is het infinitief “uitstellen” of “verzetten”. In de constructie würde + infinitief blijft het infinitief onveranderd en staat het aan het einde van de hoofdzin: Ich würde den Termin verschieben. — “Ik zou de afspraak verzetten.” Welke Nederlandse vertaling het best past, hangt af van wat er wordt verplaatst; hier geeft de vaste vertaling “uitstellen”. weil betekent “omdat” en leidt een redengevende bijzin in. In zo’n Duitse bijzin staat de vervoegde vorm doorgaans achteraan. Daarom staat war na geplant, hoewel de hoofdzin eerder würde verschieben gebruikt. Gruppenreise is het zelfstandig naamwoord “groepsreis”. Het is een samenstelling van Gruppe (“groep”) en Reise (“reis”), maar als geheel benoemt het één soort reis. Het staat na als in de betekenis “als groepsreis”, dus als de geplande vorm of rol van de reis. geplant war betekent hier “gepland was”. geplant is het voltooid deelwoord van planen (“plannen”), en war is de verleden tijd van sein (“zijn”). Samen beschrijven ze een toestand in het verleden: iets was als groepsreis gepland. Dit is niet hetzelfde als wurde geplant, dat een gebeurtenis van plannen in de passieve vorm benadrukt. Voorbeeld: Die Reise war als Überraschung geplant. — “De reis was als verrassing gepland.” Samen betekent Ich würde es lieber verschieben “Ik stel het liever uit” in de vaste vertaling. De bijzin weil es als Gruppenreise geplant war geeft de reden: “omdat het als groepsreis gepland was”. De volledige uitspraak is dus: “Ik stel het liever uit, omdat het als groepsreis gepland was.”

  8. Das klingt sinnvoll, besonders wenn sie nur ein paar Tage braucht, um sich zu erholen.

    Dat klinkt logisch, vooral als ze maar een paar dagen nodig heeft om te herstellen.

    Das
    dat
    klingt
    klinkt
    sinnvoll
    logisch
    besonders wenn
    vooral als
    ein paar
    een paar
    Tage
    dagen
    braucht
    nodig heeft
    sich zu erholen
    om te herstellen
    Uitgebreide uitleg

    Das verwijst hier naar een eerder genoemde situatie of beoordeling als geheel. Als zelfstandig aanwijzend voornaamwoord staat het in de derde persoon enkelvoud, onzijdig; de vorm zegt op zichzelf niet precies waarnaar wordt verwezen. klingt is de derde persoon enkelvoud van klingen en betekent hier “klinkt” in de zin van “komt over als”. De tegenwoordige tijd kan ook een huidige beoordeling uitdrukken. Voorbeeld: Das klingt gut. — “Dat klinkt goed.” sinnvoll is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “zinvol” of “logisch”. Het staat hier na klingt en beschrijft hoe de situatie overkomt. Het is niet de vergelijkende vorm; die is sinnvoller — “zinvoller”. besonders wenn leidt een voorwaardelijke bijzin in: “vooral als”. wenn zet de voorwaarde in, terwijl besonders die voorwaarde benadrukt. In een Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans achteraan: wenn sie Zeit hat — “als ze tijd heeft”. ein paar betekent “een paar” of “enkele”. Het geeft een kleine, niet nader bepaalde hoeveelheid aan; het stelt hier niet noodzakelijk precies twee dagen vast. Het zelfstandig naamwoord daarna staat in het meervoud. Tage is het meervoud van Tag — “dag”. Het meervoud hoort bij ein paar: ein paar Tage betekent “een paar dagen”. Voorbeeld: Wir bleiben drei Tage. — “We blijven drie dagen.” braucht is de derde persoon enkelvoud van brauchen, “nodig hebben”. In sie ... braucht is sie het onderwerp; de vertaling ondersteunt hier “ze”, maar de aangeleverde zin bepaalt niet wie die persoon precies is. brauchen kan ook met een zelfstandig naamwoord worden gebruikt, bijvoorbeeld Ich brauche Hilfe. — “Ik heb hulp nodig.” um sich zu erholen is een constructie met um ... zu die hier het doel uitdrukt: “om te herstellen”. erholen is de infinitief; sich zu erholen is de reflexieve zu-infinitief. sich verwijst in deze zin naar hetzelfde onderwerp als sie, dus naar degene die de dagen nodig heeft om te herstellen. Voorbeeld: Sie fährt ans Meer, um sich zu erholen. — “Ze gaat naar de kust om te herstellen.” Samen betekent Das klingt sinnvoll: “Dat klinkt logisch.” De bijzin besonders wenn sie nur ein paar Tage braucht, um sich zu erholen beperkt die beoordeling tot de voorwaarde dat ze slechts een paar dagen nodig heeft om te herstellen. De volledige betekenis is daarom: “Dat klinkt logisch, vooral als ze maar een paar dagen nodig heeft om te herstellen.”

  9. Ich schicke allen eine Nachricht mit den Möglichkeiten und einem klaren Überblick.

    Ik stuur iedereen een bericht met de mogelijkheden en een duidelijk overzicht.

    schicke
    stuur
    allen
    iedereen
    Nachricht
    bericht
    Möglichkeiten
    mogelijkheden
    klaren
    duidelijk
    Überblick
    overzicht
    Uitgebreide uitleg

    schicke komt van schicken en betekent hier “stuur”. Ich schicke is de tegenwoordige tijd in de eerste persoon enkelvoud: “ik stuur”. Voorbeeld: Ich schicke dir eine Nachricht. — “Ik stuur je een bericht.” Bij een ander onderwerp verandert de persoonsvorm, bijvoorbeeld Wir schicken dir eine Nachricht. — “Wij sturen je een bericht.” allen betekent hier “iedereen” en is de datief meervoudsvorm van alle. Het duidt de ontvangers bij schicke aan. Vergelijk alle in Alle kommen. — “Iedereen komt” — met Ich helfe allen. — “Ik help iedereen.” Nachricht betekent “bericht”. In eine Nachricht is het een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en vormt het de zaak die wordt gestuurd. Het meervoud is Nachrichten: Ich schicke zwei Nachrichten. — “Ik stuur twee berichten.” Eine markeert hier een onbepaalde enkelvoudige woordgroep; het stelt op zichzelf geen exact numeriek aantal als lespunt vast. Möglichkeiten betekent “mogelijkheden” en is het meervoud van Möglichkeit. In mit den Möglichkeiten staat de woordgroep na mit, dat hier de datief vereist. Den markeert die datief-meervoudsvorm, terwijl Möglichkeiten zelf dezelfde vorm heeft als in andere meervoudsnaamvallen. Voorbeeld: Wir sprechen über verschiedene Möglichkeiten. — “We praten over verschillende mogelijkheden.” klaren betekent “duidelijk” en beschrijft Überblick. Het is de verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord klar; de uitgang -en past hier bij de mannelijke datiefwoordgroep mit einem klaren Überblick. Vergelijk ein klarer Überblick — “een duidelijk overzicht” — waar de woordgroep een andere grammaticale vorm heeft. Überblick betekent “overzicht”. In einem klaren Überblick staat het na mit, dus in een datiefwoordgroep. Einem en klaren dragen daar de zichtbare datiefmarkering; Überblick zelf krijgt in het enkelvoud geen aparte datiefuitgang. Het meervoud is Überblicke: Die Berichte geben klare Überblicke. — “De rapporten geven duidelijke overzichten.” De zin bouwt op uit Ich schicke = “ik stuur”, allen = “iedereen” als ontvangers en eine Nachricht = “een bericht” als wat wordt gestuurd. De woordgroep mit den Möglichkeiten und einem klaren Überblick voegt toe waarmee het bericht verband houdt: “met de mogelijkheden en een duidelijk overzicht”. Samen betekent de volledige zin: “Ik stuur iedereen een bericht met de mogelijkheden en een duidelijk overzicht.”

  10. Die Leute kommen besser mit der Änderung zurecht, wenn sie den Grund und den Zeitpunkt kennen.

    Mensen kunnen beter met de verandering omgaan als ze de reden en het tijdstip kennen.

    Leute
    mensen
    kommen … zurecht
    kunnen omgaan
    besser
    beter
    Änderung
    verandering
    wenn
    als
    Grund
    reden
    Zeitpunkt
    tijdstip
    kennen
    kennen
    Uitgebreide uitleg

    Leute betekent hier “mensen”. Het is een meervoudig zelfstandig naamwoord; het bijbehorende werkwoord staat daarom in het meervoud: Die Leute kommen .... Voor één persoon gebruik je bijvoorbeeld eine Person, niet een enkelvoudsvorm van Leute. kommen ... zurecht vormt samen het werkwoord zurechtkommen: kunnen omgaan met iets of een situatie aankunnen. In een hoofdzin staat het vervoegde deel op de tweede plaats en komt het scheidbare deel aan het einde: Die Leute kommen damit zurecht. = “De mensen kunnen daarmee omgaan.” In de gegeven zin staat mit der Änderung; mit krijgt hier de datief, daarom der Änderung. besser is de vergrotende trap van gut: gut – besser – am besten. Het vergelijkt de manier waarop de mensen met de verandering omgaan; het betekent hier “beter”, niet “best”. Voorbeeld: Heute geht es mir besser. = “Vandaag gaat het beter met me.” Änderung betekent “verandering”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Änderung; na mit verschijnt de datiefvorm der Änderung. Het meervoud is Änderungen. Het woord hoort bij het werkwoord ändern (“veranderen”), maar de waargenomen vorm is hier een zelfstandig naamwoord. wenn leidt hier een voorwaardelijke bijzin in: “als”. In zo’n Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord aan het einde. Voorbeeld: Ich helfe, wenn du mich brauchst. = “Ik help als je me nodig hebt.” Grund betekent hier “reden”. In den Grund staat het zelfstandig naamwoord in de accusatief, omdat het samen met kennen een direct object vormt. De vormen zijn der Grund en in het meervoud die Gründe. Voorbeeld: Sie erklärt den Grund. = “Zij legt de reden uit.” Zeitpunkt betekent “tijdstip”: een specifiek moment waarop iets gebeurt. Het is mannelijk: der Zeitpunkt; in den Zeitpunkt staat het in de accusatief. Het meervoud is Zeitpunkte. Dat verschilt van Zeit, dat algemener “tijd” betekent. kennen betekent hier “kennen” in de zin van vertrouwd zijn met of informatie over iets hebben, hier over de reden en het tijdstip. Het onderscheid met wissen is vaak nuttig: kennen wordt gebruikt voor personen, plaatsen of zaken waarmee men vertrouwd is; wissen voor een feit of antwoord. De vervoeging in de derde persoon meervoud is ook kennen: Sie kennen den Grund. = “Zij kennen de reden.” De zin bestaat uit Die Leute kommen ... besser zurecht (“De mensen kunnen ... beter omgaan”) en de voorwaardelijke bijzin wenn sie den Grund und den Zeitpunkt kennen (“als ze de reden en het tijdstip kennen”). sie verwijst in deze zin volgens de vertaling naar de mensen; kennen staat in het meervoud en sluit daarbij aan. Samen betekent de uiting: “Mensen kunnen beter met de verandering omgaan als ze de reden en het tijdstip kennen.”

Grammatica

ohne + zu + Infinitiv

ohne sich zu erholen

oo-ne zikh tsoe er-hoo-len

zonder te herstellen

Na ohne staat bij een werkwoord meestal zu + infinitief. Bij een wederkerend werkwoord blijft sich behouden.

Rücksicht auf + Akkusativ nehmen

Rücksicht auf sie nehmen

roek-zikht auf zie nee-men

rekening met haar houden

Rücksicht nehmen is een vaste uitdrukking. Na auf staat hier het accusatief: sie.

Duits woordenschat

besprechen werkwoord
be-sjpre-khen bespreken
Buchung zelfstandig naamwoord
boegh-oeng boeking
Fieber zelfstandig naamwoord
fie-ber koorts
Freundin zelfstandig naamwoord
froin-din vriendin
Möglichkeit zelfstandig naamwoord
meug-likh-kait mogelijkheid Möglichkeiten
reisen werkwoord
rai-zen reizen
Rücksicht nehmen uitdrukking
roek-zikht nee-men rekening houden met iemand Rücksicht auf sie nehmen
schwierig bijvoeglijk naamwoord
sjvie-rikh moeilijk
stornieren werkwoord
sjor-nie-ren annuleren
verschieben werkwoord
fer-sjie-ben verzetten of uitstellen
wahrscheinlich bijwoord
vaar-sjain-likh waarschijnlijk
warten werkwoord
var-ten wachten

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

wachten

Antwoord tonenwarten

moeilijk

Antwoord tonenschwierig

koorts

Antwoord tonenFieber

reizen

Antwoord tonenreisen