Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een vriend uitnodigen voor een evenement oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Diese Woche gibt es eine Designveranstaltung.
diezuh voh-khuh giebt es aainuh dee-zain-fer-an-sjtal-toeng. Er is deze week een designevenement.Ich dachte, du möchtest vielleicht mitkommen.
iesj dachtuh, doe meug-tuhst fiel-laaisjt mit-kohmuh. Ik dacht dat je misschien mee wilde gaan.Vielleicht. Was für eine Veranstaltung ist das?
fie-laaisjt. vas fuhr aainuh fer-an-sjtal-toeng ist das? Misschien. Wat voor evenement is het?Es gibt ein paar kurze Vorträge und eine kleine Ausstellung.
es giebt ain paar koer-tsuh fohr-tree-guh oent aainuh klainuh aus-sjtel-loeng. Er zijn een paar korte lezingen en een kleine tentoonstelling.Dann kann man dort leicht vorbeischauen.
dan kan man dohrt laaisjt foor-baai-sjau-uh. Dus je kunt er makkelijk even binnenlopen.Müssen sich Besucher vorher anmelden?
mus-suh ziesj buh-zoekuh fohr-hair an-mel-duh? Moeten bezoekers zich van tevoren aanmelden?Ich schaue auf der Veranstaltungsseite nach und schicke dir die Details.
iesj sjau-uh auf dair fer-an-sjtal-toengs-zai-tuh naakh oent sjik-uh deer dee-taails. Ik kijk op de evenementpagina en stuur je de details.Könntest du auch herausfinden, wo wir uns treffen sollen?
keun-tuhst doe aukh heh-raus-fin-duh, voh veer oens tref-fuh zol-luh? Kun je ook uitzoeken waar we elkaar moeten ontmoeten?Wenn die Anmeldung einfach ist, treffen wir uns vor dem ersten Vortrag am Eingang.
ven dee an-mel-doeng ain-fach ist, tref-fuh veer oens fohr deem eer-stuh fohr-traak am ain-gang. Als aanmelden eenvoudig is, laten we dan voor de eerste lezing bij de ingang afspreken.Das passt für mich. Schick mir den Plan, sobald du ihn hast.
das past fuhr misj. sjik meer deen plaan, zoh-balt doe ien hast. Dat komt mij goed uit. Stuur het plan zodra je het hebt.Heute Abend bestätige ich die Anmelderegeln und schlage eine Zeit für unser Treffen vor.
hoi-tuh aa-buhnt buh-sjtee-ti-guh iesj dee an-mel-duh-ray-guln oent sjlaa-guh aainuh tsait fuhr oen-zuh tref-fuh fohr. Vanavond bevestig ik de aanmeldregels en stel ik een tijd voor om af te spreken.Dann kann ich den Abend freihalten.
dan kan iesj deen aa-buhnt fraai-hal-tuh. Dan kan ik die avond vrijhouden.Uitleg van de zinnen
Diese Woche gibt es eine Designveranstaltung.
Er is deze week een designevenement.
- Diese
- deze
- Woche
- week
- gibt es
- er is / er zijn
- Designveranstaltung
- designevenement
Uitgebreide uitleg
Diese hoort hier bij Woche: samen betekent Diese Woche “deze week”. diese is de vorm van het aanwijzende woord bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord; bij Woche vallen de relevante naamvalsvormen hier qua vorm samen. Het woord verwijst in deze zin naar de lopende week, niet naar een expliciet genoemde andere week. Voorbeeld: Diese Woche arbeite ich viel. — “Deze week werk ik veel.” Woche betekent “week”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Woche, meervoud die Wochen. De combinatie diese Woche is een veelgebruikte tijdsbepaling. gibt es is de vaste Duitse constructie om het bestaan of de aanwezigheid van iets uit te drukken: “er is” of “er zijn”. Het werkwoord geben staat hier in de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud: gibt. es is in deze constructie een formeel onderwerp en betekent niet letterlijk een zelfstandig “het” dat iets geeft. Het getal wordt door het genoemde ding bepaald in de Nederlandse vertaling, terwijl gibt als vaste vorm enkelvoud blijft. Voorbeeld: Hier gibt es einen Park. — “Hier is een park.” Designveranstaltung betekent “designevenement”. Het is een samengesteld Duits zelfstandig naamwoord: Design + Veranstaltung; het hoofddeel Veranstaltung betekent “evenement” of “bijeenkomst”. Het zelfstandig naamwoord is vrouwelijk: die Designveranstaltung, meervoud die Designveranstaltungen. Voorbeeld: Morgen gibt es eine Veranstaltung. — “Morgen is er een evenement.” Samen vormen Diese Woche (tijd), gibt es (er is) en eine Designveranstaltung (een designevenement) de betekenis: “Deze week is er een designevenement.” De onbepaalde vorm eine markeert hier een niet nader bepaald evenement; op zichzelf geeft zij geen exact aantal aan. De constructie Diese Woche gibt es ... is direct herbruikbaar om een aanbod, gebeurtenis of andere aanwezige zaak voor een bepaalde periode te noemen.
Ich dachte, du möchtest vielleicht mitkommen.
Ik dacht dat je misschien mee wilde gaan.
- dachte
- dacht
- du möchtest
- je wilde graag
- vielleicht
- misschien
- mitkommen
- meegaan
Uitgebreide uitleg
dachte betekent hier “dacht”. Het is het Präteritum van denken: ich denke = ik denk, ich dachte = ik dacht. In Ich dachte, ... leidt het een gedachte in. du möchtest betekent hier “je wilde graag” en kan ook “je zou graag willen” betekenen. möchtest is de vorm bij du van mögen in de Konjunktiv II; deze vorm wordt vaak zelfstandig gebruikt om een wens uit te drukken en wordt ook als möchten beschreven. Het is dus niet de gewone verleden tijd van mögen. In deze bijzin is du het onderwerp en staat de persoonsvorm vóór het infinitief. Vergelijk: Du möchtest mitkommen. = Je wilt graag meegaan. vielleicht betekent “misschien”. Hier maakt het de gedachte onzeker: de spreker dacht dat meegaan mogelijk was, niet dat het zeker was. Voorbeeld: Vielleicht komme ich morgen. = Misschien kom ik morgen. mitkommen betekent hier “meegaan”. Het is een scheidbaar werkwoord: in een hoofdzin staat het bijvoorbeeld als Du kommst mit. In deze bijzin blijft het infinitief mitkommen bij de werkwoordgroep en staat het aan het einde. De volledige structuur is Ich dachte, + du möchtest vielleicht mitkommen. Na dachte volgt een bijzin. Daarin zijn du het onderwerp, möchtest de persoonsvorm, vielleicht de onzekerheidsmarkering en mitkommen het infinitief aan het slot. Samen betekent de zin: “Ik dacht dat je misschien mee wilde gaan.”
Vielleicht. Was für eine Veranstaltung ist das?
Misschien. Wat voor evenement is het?
- Vielleicht
- misschien
- Was für
- wat voor
- Veranstaltung
- evenement
- ist das
- is het
Uitgebreide uitleg
Vielleicht betekent hier “misschien”. Het is een bijwoord en verandert niet van vorm. Het drukt een mogelijkheid uit zonder zekerheid te beweren. Voorbeeld: Vielleicht komme ich morgen. — “Misschien kom ik morgen.” Was für vormt samen met een zelfstandig naamwoord een vraag naar het soort of de aard ervan. Was für eine Veranstaltung ...? betekent “Wat voor evenement ...?” Deze constructie vraagt hier naar het type evenement, niet naar het aantal en niet noodzakelijk naar de naam. Veranstaltung betekent hier “evenement” of “bijeenkomst”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Veranstaltung; het meervoud is Veranstaltungen. In eine Veranstaltung staat het zelfstandig naamwoord in het enkelvoud en in de nominatief; het vrouwelijke onbepaalde lidwoord daarbij is eine. Voorbeeld: Die Veranstaltung beginnt um sechs. — “Het evenement begint om zes uur.” ist is de derde persoon enkelvoud van sein (“zijn”) in de tegenwoordige tijd: sein — ist. das is hier een aanwijzend voornaamwoord met de betekenis “het/dat”; volgens de vaste vertaling verwijst het naar het evenement waarnaar gevraagd wordt. Het is dus niet het lidwoord vóór Veranstaltung. Voorbeeld: Was ist das? — “Wat is dat?” Samen vormt Was für eine Veranstaltung ist das? de vraag “Wat voor evenement is het?” De vraagconstructie staat vooraan, de persoonsvorm ist volgt daarna en das staat aan het einde als onderwerp. Vielleicht staat ervoor als afzonderlijke reactie: “Misschien.”
Es gibt ein paar kurze Vorträge und eine kleine Ausstellung.
Er zijn een paar korte lezingen en een kleine tentoonstelling.
- Es gibt
- er zijn
- ein paar
- een paar
- kurze
- korte
- Vorträge
- lezingen
- kleine
- kleine
- Ausstellung
- tentoonstelling
Uitgebreide uitleg
Es gibt is een vaste constructie om het bestaan of de aanwezigheid van iets uit te drukken: “er is” of “er zijn”. gibt is hier de derde persoon enkelvoud van geben, maar de constructie gebruikt dezelfde vorm ook wanneer wat er bestaat meervoudig is. Voorbeeld: Es gibt viele Möglichkeiten. — “Er zijn veel mogelijkheden.” ein paar betekent hier “een paar” of “enkele”. Het is een compacte hoeveelheidsaanduiding voor een kleine, niet nader bepaalde hoeveelheid. In ein paar kurze Vorträge staat het daaropvolgende zelfstandig naamwoord in het meervoud. Voorbeeld: Ich habe ein paar Fragen. — “Ik heb een paar vragen.” kurze betekent hier “korte” en beschrijft Vorträge. De basisvorm van het bijvoeglijk naamwoord is kurz; kurze is de verbogen vorm bij het meervoudige Vorträge in deze naamwoordgroep. De uitgang hoort dus bij kurz, niet bij Vorträge. Voorbeeld: Wir lesen kurze Texte. — “We lezen korte teksten.” Vorträge betekent hier “lezingen” of “voordrachten”. Het enkelvoud is der Vortrag, het meervoud die Vorträge. De vorm met ö en -e is dus niet een apart woord, maar de meervoudsvorm van Vortrag. kleine betekent “kleine” en beschrijft Ausstellung. De basisvorm is klein; in deze naamwoordgroep krijgt het bijvoeglijk naamwoord de vorm kleine. Voorbeeld: Das ist eine kleine Stadt. — “Dat is een kleine stad.” Ausstellung betekent “tentoonstelling”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Ausstellung; het meervoud is die Ausstellungen. In eine kleine Ausstellung staat het in het enkelvoud. eine en de uitgang van kleine markeren hier samen de vorm van deze vrouwelijke naamwoordgroep; eine moet niet op zichzelf als een expliciete telwaarde “één” worden gelezen. De delen worden verbonden door und, “en”. Eerst zegt Es gibt ein paar kurze Vorträge: er zijn enkele korte lezingen. Daarna voegt und eine kleine Ausstellung een kleine tentoonstelling toe. Samen betekent de hele uiting: “Er zijn een paar korte lezingen en een kleine tentoonstelling.”
Dann kann man dort leicht vorbeischauen.
Dus je kunt er makkelijk even binnenlopen.
- Dann
- dan
- kann man
- men kan; je kunt
- dort
- daar
- leicht
- gemakkelijk
- vorbeischauen
- even binnenlopen; langskomen
Uitgebreide uitleg
Dann betekent hier “dus” of “dan”: het verbindt deze zin met de voorafgaande informatie over de lezingen en tentoonstelling. Het kan ook een tijdsbetekenis hebben, bijvoorbeeld: Dann komme ich morgen. — “Dan kom ik morgen.” kann man bestaat uit kann, de derde persoon enkelvoud van können, en het onbepaalde voornaamwoord man. können drukt hier mogelijkheid uit: “men kan” of, natuurlijker in het Nederlands, “je kunt”. man verwijst niet naar een specifiek genoemde persoon. Na een modaal werkwoord staat het andere werkwoord in de infinitief aan het einde van de zin: Man kann dort warten. — “Je kunt daar wachten.” dort betekent “daar” en verwijst naar een plaats die in de context als bekend wordt opgevat. Het is een bijwoord en verandert niet naar geslacht of getal. Het contrast met hier is “daar” tegenover “hier”. leicht betekent hier “gemakkelijk” of “makkelijk”. Het beschrijft hoe eenvoudig de handeling is. In deze zin is het een bijwoord bij vorbeischauen, niet een verbogen bijvoeglijk naamwoord. Een voorbeeld: Das ist leicht zu verstehen. — “Dat is gemakkelijk te begrijpen.” vorbeischauen betekent “even langskomen” of “even ergens binnenlopen/kijken”. Het is een samengesteld werkwoord met het voorvoegsel vorbei-; in een hoofdzin zonder modaal werkwoord wordt dat voorvoegsel gescheiden: Ich schaue dort vorbei. — “Ik kom daar even langs.” Na kann blijft de infinitief als één vorm aan het einde staan: Ich kann dort vorbeischauen. Samen betekent Dann kann man dort leicht vorbeischauen.: “Dus je kunt er makkelijk even binnenlopen.” De volgorde is: de gevolgtrekking Dann, daarna mogelijkheid met kann man, de plaats dort, de manier leicht, en ten slotte de handeling vorbeischauen.
Müssen sich Besucher vorher anmelden?
Moeten bezoekers zich van tevoren aanmelden?
- Müssen
- moeten
- sich … anmelden
- zich aanmelden
- Besucher
- bezoekers
- vorher
- van tevoren
Uitgebreide uitleg
Müssen staat vooraan omdat het een ja-neevraag inleidt. De vorm müssen kan de eerste persoon meervoud of de derde persoon meervoud van müssen zijn; door het onderwerp Besucher is hier de derde persoon meervoud bedoeld. müssen is de basisvorm van dit modale werkwoord. Bij een modaal werkwoord staat het andere werkwoord in de infinitief aan het einde. Voorbeeld: Müssen wir warten? = “Moeten wij wachten?” sich ... anmelden is een wederkerende constructie: sich anmelden betekent “zich aanmelden” of “zich registreren”. anmelden is het werkwoord; sich is het wederkerende voornaamwoord bij de personen die zich aanmelden. In deze vraag staat sich vóór het onderwerp, terwijl de infinitief anmelden door müssen achteraan blijft staan. Voorbeeld: Sie müssen sich anmelden. = “Zij moeten zich aanmelden.” Besucher betekent hier “bezoekers”. Deze vorm kan in het Duits zowel enkelvoud als meervoud zijn; in deze zin blijkt uit de combinatie met het onderwerp en de persoonsvorm müssen dat het om een meervoudig onderwerp gaat. Voorbeeld: Besucher warten draußen. = “Bezoekers wachten buiten.” vorher is een bijwoord en betekent hier “van tevoren” of “vooraf”. Het geeft aan dat de aanmelding eerder moet gebeuren dan de activiteit of het relevante moment. Voorbeeld: Bitte vorher anmelden. = “Meld je vooraf aan.” Samen vormen de delen de vraag Müssen sich Besucher vorher anmelden?: “Moeten bezoekers zich van tevoren aanmelden?” De structuur is: Müssen + sich + onderwerp Besucher + tijdsbepaling vorher + infinitief anmelden. De vraag gaat na of vooraf aanmelden noodzakelijk is; ze stelt niet zelf vast dat bezoekers dat inderdaad moeten doen.
Ich schaue auf der Veranstaltungsseite nach und schicke dir die Details.
Ik kijk op de evenementpagina en stuur je de details.
- Ich
- ik
- schaue … nach
- nakijken
- Veranstaltungsseite
- evenementpagina
- schicke
- stuur
- dir
- aan jou
- Details
- details
Uitgebreide uitleg
Ich is het persoonlijk voornaamwoord voor de eerste persoon enkelvoud: “ik”. Het verwijst hier naar de spreker, die beide handelingen uitvoert. du is de vorm voor de tweede persoon enkelvoud: “jij”. Ich schaue ... nach: nachschauen betekent “nakijken” of “iets opzoeken”. Het is een scheidbaar werkwoord: in een hoofdzin staat het vervoegde deel op zijn gewone plaats en komt nach aan het einde van de zin. Het herbruikbare patroon is Ich schaue ... nach (“Ik kijk ... na”). schaue is de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud, van nachschauen; de infinitief is nachschauen. Voorbeeld: Ich schaue im Kalender nach. — “Ik zoek het in de kalender op.” Veranstaltungsseite betekent “evenementpagina”. Het is een samenstelling van Veranstaltung (“evenement”) en Seite (“pagina”), met een verbindings-s. In auf der Veranstaltungsseite geeft auf een plaats aan; daarom staat de vrouwelijke naamwoordgroep hier in de datief: die Veranstaltungsseite wordt der Veranstaltungsseite. De woordenboekvorm van het zelfstandig naamwoord is die Veranstaltungsseite. schicke betekent “stuur”. Het is de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud, van schicken (“sturen”): ich schicke. und verbindt deze handeling met de vorige, zodat dezelfde spreker beide handelingen uitvoert. dir betekent “aan jou” en is de datiefvorm van du. Het markeert de ontvanger van wat wordt gestuurd. Voorbeeld: Ich schicke dir die Nachricht. — “Ik stuur jou het bericht.” Details betekent “details”. Het is het meervoud van Detail: het meervoud krijgt hier de uitgang -s, dus Detail wordt Details. In deze zin gaat het om de details die de spreker zal sturen; de inhoud ervan wordt niet nader gespecificeerd. Samen betekent auf der Veranstaltungsseite nachschauen “op de evenementpagina nakijken”, en dir die Details schicken “jou de details sturen”. De hele uiting betekent: “Ik kijk op de evenementpagina en stuur je de details.”
Könntest du auch herausfinden, wo wir uns treffen sollen?
Kun je ook uitzoeken waar we elkaar moeten ontmoeten?
- Könntest du
- zou je kunnen
- auch
- ook
- herausfinden
- uitzoeken
- wo
- waar
- wir uns treffen
- wij elkaar ontmoeten
- sollen
- moeten
Uitgebreide uitleg
Könntest du betekent hier een beleefd verzoek: “zou je kunnen”. Könntest is de vorm van können bij du in de Konjunktiv II. De gewone tegenwoordige vorm is du kannst; Könntest du ...? klinkt zachter en beleefder dan Kannst du ...?. Voorbeeld: Könntest du mir helfen? — Zou je me kunnen helpen? auch betekent “ook”. Het voegt deze handeling toe aan iets anders dat al genoemd of verwacht is. In deze zin hoort het bij het verzoek om iets uit te zoeken. herausfinden is een scheidbaar werkwoord met de betekenis “uitzoeken” of “achterhalen”. Hier staat het als infinitief na könntest: können + infinitief. In een hoofdzin kan het voorvoegsel worden gescheiden: Ich finde es heraus. — Ik zoek het uit. Het observabele woord herausfinden is dus niet een vorm die hier naar een verleden tijd verwijst. wo is het vraagwoord “waar”. Het leidt hier een ingebedde vraag in die aangeeft welke informatie moet worden uitgezocht. Vergelijk: Weißt du, wo der Eingang ist? — Weet je waar de ingang is? wir uns treffen betekent “wij elkaar ontmoeten”. wir is het onderwerp voor de eerste persoon meervoud. uns is de bijbehorende vorm bij wir in de wederkerige uitdrukking sich treffen: de deelnemers ontmoeten elkaar. treffen is hier de infinitief. Voorbeeld: Wir treffen uns morgen. — Wij spreken morgen af. sollen staat hier bij het onderwerp wir en betekent “moeten” in de bedoelde zin van een afspraak of regeling: waar wij elkaar zullen moeten ontmoeten. De vorm is zowel de infinitief als de tegenwoordige vorm bij wir; in deze zin is het de vervoegde vorm, want in de bijzin staat het werkwoord achteraan. Het modale werkwoord bepaalt samen met treffen de betekenis: wir ... treffen sollen. Voorbeeld: Wir sollen am Eingang warten. — Wij moeten bij de ingang wachten. Samen vormt wo wir uns treffen sollen een bijzin die antwoord geeft op de vraag welke plaats moet worden achterhaald. In de Duitse bijzin staan treffen en daarna het vervoegde modale werkwoord sollen aan het einde. De hele vraag Könntest du auch herausfinden, wo wir uns treffen sollen? betekent daarom: “Kun je ook uitzoeken waar we elkaar moeten ontmoeten?”
Wenn die Anmeldung einfach ist, treffen wir uns vor dem ersten Vortrag am Eingang.
Als aanmelden eenvoudig is, laten we dan voor de eerste lezing bij de ingang afspreken.
- Wenn
- als
- die Anmeldung
- de aanmelding
- einfach
- eenvoudig
- ist
- is
- treffen wir uns
- spreken we af
- vor
- voor
- ersten
- eerste
- Vortrag
- lezing
- Eingang
- ingang
Uitgebreide uitleg
Wenn leidt hier een voorwaardelijke bijzin in: “als”. Het patroon Wenn ..., ... betekent “Als ..., ...”. In de bijzin staat het vervoegde werkwoord aan het einde: Wenn die Anmeldung einfach ist. die Anmeldung betekent hier “de aanmelding”. Het zelfstandig naamwoord is vrouwelijk: het lidwoord is die in de nominatief en der in de datief. Het komt van het werkwoord anmelden (“aanmelden”), maar Anmeldung is het zelfstandig naamwoord voor de handeling of registratie. Voorbeeld: Die Anmeldung ist offen. — “De aanmelding is geopend.” einfach betekent hier “eenvoudig” of “gemakkelijk”. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat na ist als gezegde staat en daarom geen uitgang krijgt. Het tegenovergestelde is schwierig (“moeilijk”). Voorbeeld: Die Aufgabe ist einfach. — “De opdracht is eenvoudig.” ist is de derde persoon enkelvoud van sein (“zijn”), in de tegenwoordige tijd. Omdat die Anmeldung het onderwerp in het enkelvoud is, staat hier ist, niet sind. Samen met einfach vormt het einfach ist: “eenvoudig is”. treffen wir uns betekent hier “spreken we af” of letterlijk “ontmoeten we elkaar”. treffen is het werkwoord; wir is “wij” en uns is het wederkerige voornaamwoord bij “wij”. Het patroon sich treffen wordt gebruikt voor elkaar ontmoeten of afspreken: Wir treffen uns morgen. — “We spreken morgen af.” In deze hoofdzin staat het werkwoord vóór het onderwerp, omdat de voorafgaande Wenn-bijzin op de eerste positie staat. vor betekent hier “voor” in de tijd: vóór de eerste lezing. In vor dem ersten Vortrag staat het zelfstandig naamwoord in de datief: dem is de datiefvorm van het mannelijke lidwoord der. vor kan ook een ruimtelijke betekenis hebben, bijvoorbeeld vor dem Haus — “voor het huis”; daar bepaalt de context de precieze relatie. ersten betekent “eerste”. De basisvorm is het rangtelwoord erst; in dem ersten Vortrag krijgt het de uitgang -en, omdat het na het bepaalde lidwoord dem in de datief staat. Het rangtelwoord bepaalt de volgorde, niet het aantal: “de eerste lezing” identificeert de lezing als nummer één in een reeks. Vortrag betekent “lezing” of “voordracht”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Vortrag. Na vor staat het hier in de datief: dem Vortrag. Het meervoud is Vorträge. Voorbeeld: Der Vortrag beginnt um neun. — “De lezing begint om negen uur.” Eingang betekent “ingang”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Eingang. In am Eingang is am de verkorte vorm van an dem; het betekent hier “bij de ingang”. Voorbeeld: Wir warten am Eingang. — “We wachten bij de ingang.” De hele zin bestaat uit de voorwaarde Wenn die Anmeldung einfach ist — “Als de aanmelding eenvoudig is” — en de hoofdzin treffen wir uns vor dem ersten Vortrag am Eingang — “spreken we voor de eerste lezing bij de ingang af”. Samen betekent de uiting: “Als aanmelden eenvoudig is, laten we dan voor de eerste lezing bij de ingang afspreken.”
Das passt für mich. Schick mir den Plan, sobald du ihn hast.
Dat komt mij goed uit. Stuur het plan zodra je het hebt.
- passt für mich
- komt mij goed uit
- Schick
- stuur
- mir
- mij
- den
- de (mannelijk enkelvoud)
- Plan
- plan
- sobald
- zodra
- du
- jij
- ihn
- het (plan)
- hast
- hebt
Uitgebreide uitleg
passt für mich betekent hier dat iets voor de spreker geschikt of goed uitkomt. Het werkwoord is passen; passt is de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud. Het patroon Das passt für mich is een herbruikbare manier om instemming met een voorstel of geschiktheid voor jezelf uit te drukken. Voorbeeld: Der Termin passt für mich. — Die afspraak komt mij goed uit. Schick is de gebiedende wijs van schicken voor één aangesproken persoon. Het betekent hier: stuur. Bij een bevel aan één persoon staat het onderwerp du meestal niet in de gebiedende vorm: Schick mir den Plan. — Stuur mij het plan. mir is de datiefvorm van het persoonlijke voornaamwoord voor de eerste persoon enkelvoud. Het duidt hier de ontvanger aan: aan of naar mij. Vergelijk: mich is de accusatiefvorm, bijvoorbeeld in Du siehst mich. — Jij ziet mij. den is hier het bepaalde lidwoord bij Plan in het mannelijk enkelvoud en de accusatief. Het is dus niet zelfstandig de betekenis van het hele object; samen met Plan vormt het den Plan. Plan is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent plan. De vorm blijft in deze zin enkelvoud; de accusatief wordt zichtbaar aan het lidwoord den. Voorbeeld: Ich lese den Plan. — Ik lees het plan. sobald leidt een bijzin in met de betekenis zodra. In zo’n Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord aan het einde. Het patroon is sobald + onderwerp + ... + werkwoord: Sobald du Zeit hast, rufe ich an. — Zodra je tijd hebt, bel ik. du is het persoonlijke voornaamwoord voor de tweede persoon enkelvoud: jij. Het is hier het onderwerp van de bijzin en verwijst naar de aangesproken persoon. ihn is de accusatiefvorm van het mannelijke persoonlijke voornaamwoord in het enkelvoud. Hier verwijst het, volgens de vaste vertaling, naar den Plan; daarom betekent het het plan in de tweede vermelding. Voorbeeld: Ich kenne den Weg. Ich kenne ihn. — Ik ken de weg. Ik ken hem. hast is de vorm van haben in de tegenwoordige tijd voor du: du hast. In du ihn hast betekent het dat je het plan in bezit hebt of over het plan beschikt. Het werkwoord staat aan het einde omdat dit een bijzin met sobald is. De hele uiting bestaat uit twee delen. Das passt für mich zegt dat de voorgestelde zaak voor de spreker geschikt is. Daarna geeft Schick mir den Plan een verzoek of bevel: stuur mij het plan. Sobald du ihn hast bepaalt wanneer: zodra jij het plan hebt. Samen betekent de uiting: Dat komt mij goed uit. Stuur het plan zodra je het hebt.
Heute Abend bestätige ich die Anmelderegeln und schlage eine Zeit für unser Treffen vor.
Vanavond bevestig ik de aanmeldregels en stel ik een tijd voor om af te spreken.
- Heute Abend
- vanavond
- bestätige
- bevestig
- Anmelderegeln
- aanmeldregels
- schlage … vor
- stel voor
- Zeit
- tijd
- Treffen
- afspraak
Uitgebreide uitleg
Heute Abend betekent hier “vanavond”. Heute is “vandaag” en Abend is “avond”; samen verwijzen ze naar de avond van vandaag. Als tijdsbepaling staat deze uitdrukking vooraan, maar ze kan ook elders staan, bijvoorbeeld: Ich lerne heute Abend Deutsch. — “Ik leer vanavond Duits.” bestätige is de ik-vorm in de tegenwoordige tijd van bestätigen: “bevestigen”. De uitgang -e is hier de vorm voor de eerste persoon enkelvoud: ich bestätige. Een ander voorbeeld is Du bestätigst den Termin. — “Je bevestigt de afspraak.” Anmelderegeln betekent “aanmeldregels”. Het is het meervoud van Anmelderegel; de meervoudsuitgang -n staat hier aan het einde van het woord. Het eerste deel verwijst naar een aanmelding en Regeln naar regels, maar de samengestelde vorm betekent hier regels voor aanmelding. Voor één regel staat bijvoorbeeld eine Anmelderegel — “een aanmeldregel”. schlage en vor horen samen bij het scheidbare werkwoord vorschlagen, “voorstellen”. schlage is hier de ik-vorm in de tegenwoordige tijd: ich schlage ... vor. In een hoofdzin staat het vervoegde deel op de gewone werkwoordplaats en komt vor aan het einde van de zin of deelzin. In een bijzin blijft het werkwoord aaneen: ..., weil ich eine Zeit vorschlage. — “... omdat ik een tijd voorstel.” Zeit betekent “tijd”. In deze zin gaat het om een geschikt tijdstip of moment voor de afspraak, niet om een duur. Met eine vormt het woord eine Zeit; het onbepaalde lidwoord drukt hier niet zelfstandig een bepaald aantal uit. Een herbruikbaar voorbeeld is: Wir brauchen eine Zeit für das Treffen. — “We hebben een tijd voor de afspraak nodig.” Treffen betekent hier “afspraak” of “bijeenkomst”. Het is een zelfstandig naamwoord dat samenhangt met het werkwoord treffen, “ontmoeten”. Na für staat het bijbehorende naamwoord in de accusatief; daarom staat er für unser Treffen. unser past zich hier aan het onzijdige zelfstandig naamwoord Treffen in de accusatief enkelvoud aan; bij dit onzijdige woord is de vorm gelijk aan die van de nominatief. Bijvoorbeeld: Wir sprechen über unser Treffen. — “We praten over onze afspraak.” De zin bouwt eerst de tijdsbepaling Heute Abend op. Daarna volgt ich bestätige die Anmelderegeln: de spreker bevestigt de aanmeldregels. und verbindt daarmee een tweede handeling. In het tweede deel wordt het onderwerp ich niet opnieuw genoemd: schlage eine Zeit ... vor betekent letterlijk “stel een tijd voor”, met ich als gedeeld onderwerp. eine Zeit für unser Treffen geeft aan waarvoor die voorgestelde tijd bedoeld is. De volledige betekenis is dus: “Vanavond bevestig ik de aanmeldregels en stel ik een tijd voor om af te spreken.”
Dann kann ich den Abend freihalten.
Dan kan ik die avond vrijhouden.
- Dann
- dan
- kann ich
- kan ik
- Abend
- avond
- freihalten
- vrijhouden
Uitgebreide uitleg
Dann betekent hier “dan” of “in dat geval”: het verwijst naar wat in de voorafgaande context is gezegd. Het kan ook een tijdsvolgorde aangeven, maar hier introduceert het de gevolgtrekking. kann ich bestaat uit können + ich. können drukt hier mogelijkheid of beschikbaarheid uit: “ik kan”. In een hoofdzin staat de vervoegde vorm kann op de tweede plaats en komt het onderwerp ich er direct achter. Andere vormen zijn bijvoorbeeld du kannst en wir können. Voorbeeld: Ich kann morgen kommen. — “Ik kan morgen komen.” Abend betekent “avond”. Het is een zelfstandig naamwoord en wordt in het Duits met een hoofdletter geschreven. In deze zin staat het in de combinatie den Abend; den markeert hier de mannelijke accusatief na freihalten. Het woord Abend zelf krijgt in deze vorm geen zichtbare uitgang. Voorbeeld: Der Abend ist frei. — “De avond is vrij.” freihalten betekent hier “vrijhouden”: ervoor zorgen dat iets beschikbaar blijft en niet voor iets anders wordt gebruikt. Het is een scheidbaar samengesteld werkwoord met frei + halten. In de infinitief blijft het één woord; in een hoofdzin kan het zich splitsen, bijvoorbeeld: Ich halte den Abend frei. — “Ik houd de avond vrij.” De vorm halten betekent op zichzelf vaak “houden”, maar freihalten heeft hier de specifieke betekenis “vrijhouden”. Samen betekent Dann kann ich den Abend freihalten.: “Dan kan ik die avond vrijhouden.” De structuur is Dann + het vervoegde werkwoord kann + onderwerp ich + lijdend voorwerp den Abend + de infinitief freihalten. De zin geeft dus aan dat de spreker, op basis van de voorafgaande informatie, die avond beschikbaar kan houden.
Grammatica
trennbare Verben: nachschauen → ich schaue ... nach
Ich schaue auf der Veranstaltungsseite nach.
iesj sjau-uh auf dair fer-an-sjtal-toengs-zai-tuh naakh.Ik kijk het na op de evenementpagina.
Bij trennbare werkwoorden staat het voorvoegsel in een hoofdzin aan het einde.
sobald + bijzin
Sobald ich die Anmeldung bestätige, passt das Treffen.
zoh-balt iesj dee an-mel-doeng buh-sjtee-ti-guh, past das tref-fuh.Zodra ik de aanmelding bevestig, komt de afspraak goed uit.
Na sobald staat het vervoegde werkwoord achteraan in de bijzin.
Duits woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Er is deze week een designevenement.
Antwoord tonen
Diese Woche gibt es eine Designveranstaltung.Ik dacht dat je misschien mee wilde gaan.
Antwoord tonen
Ich dachte, du möchtest vielleicht mitkommen.Dus je kunt er makkelijk even binnenlopen.
Antwoord tonen
Dann kann man dort leicht vorbeischauen.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
bezoeker
Antwoord tonen
Besucherlezing
Antwoord tonen
Vorträgezich aanmelden
Antwoord tonen
anmeldenmeegaan