Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een adapter lenen en testen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Mein Laptopadapter fehlt, und meine Präsentation beginnt bald.
Main lèptop-adaptuh feelt, oent maine preezen-ta-tsie-oon begint balt. Mijn laptopadapter is weg, en mijn presentatie begint bijna.Ich habe einen, den du benutzen kannst.
Iesj haa-buh ai-nuhn, deen doe buh-noet-suhn kanst. Ik heb er een die je kunt gebruiken.Aber lass uns prüfen, ob er mit deinem Laptop funktioniert.
Aa-buh las oens pruu-fuhn, op eer mit daine-m lèptop foeng-tsie-oo-nie-uh. Maar laten we controleren of hij met jouw laptop werkt.Er passt in den Anschluss. Ich muss den Projektor noch testen.
Eer pasts in deen an-sjloes. Iesj moes deen pro-yek-toor nog tèstuhn. Hij past in de aansluiting. Ik moet de projector nog testen.Mach es jetzt, denn kleine Probleme werden unter Druck schwieriger.
Mag es jèts, den klainuh pro-bleemuh veerduhn oen-tuh droek sjvie-riguh. Doe het nu, want kleine problemen worden onder druk lastiger.Das Bild wird korrekt angezeigt, also sind wir bereit.
Das bilt veert ko-rekt an-guh-tsaigt, alzo zint vier buh-rait. Het beeld wordt goed weergegeven, dus we zijn klaar.Speichere für alle Fälle eine Sicherungskopie deiner Folien auf einem zweiten Gerät.
Sjpaicheruh fuur alluh fèlluh aine zichuh-roengs-ko-pie dainer foo-lieuhn auf ainuhm tsvaïtuhn guh-rèèt. Bewaar voor de zekerheid een reservekopie van je dia's op een tweede apparaat.Ich speichere eine Sicherungskopie auf einem anderen Gerät, bevor ich anfange.
Iesj sjpaicheruh aine zichuh-roengs-ko-pie auf ainuhm anduhruh guh-rèèt, buh-foor iesj an-fanguh. Ik zet een reservekopie op een ander apparaat voordat ik begin.Könntest du den Adapter nach der Sitzung zurückbringen? Ich brauche ihn später.
Keuntuhst doe deen adaptuh naag deer züü-tsoeng tsoe-roek-bringuhn? Iesj brau-guh een sjpèètuh. Zou je de adapter na de sessie terug kunnen brengen? Ik heb hem later nodig.Ich bringe ihn zurück, sobald die Sitzung vorbei ist.
Iesj bringuh een tsoe-roek, zo-balt die züü-tsoeng foer-baï ist. Ik breng hem terug zodra de sessie afgelopen is.Dann hast du eine Sache weniger, um die du dir Sorgen machen musst.
Dan hast doe aine zaaguh vee-niguh, oem die doe dier zor-guhn maakhuhn moest. Dan heb je één ding minder om je zorgen over te maken.Uitleg van de zinnen
Mein Laptopadapter fehlt, und meine Präsentation beginnt bald.
Mijn laptopadapter is weg, en mijn presentatie begint bijna.
- Laptopadapter
- laptopadapter
- fehlt
- ontbreekt
- Präsentation
- presentatie
- beginnt
- begint
- bald
- binnenkort
Uitgebreide uitleg
Laptopadapter is een samengesteld zelfstandig naamwoord: Laptop + Adapter, met de betekenis “laptopadapter”. Het woord is mannelijk: der Laptopadapter. Daarom staat het bezittelijk woord ervoor als mein in de nominatief: mein Laptopadapter. Dit zegt hier dat de laptopadapter ontbreekt; het legt niet vast waar hij is. fehlt komt van fehlen en is de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd. In deze zin betekent het “ontbreekt” of “is er niet”. De stam blijft in deze vorm herkenbaar: fehlen → er/sie/es fehlt. Voorbeeld: Der Schlüssel fehlt. — “De sleutel ontbreekt.” Präsentation betekent “presentatie”. Het is vrouwelijk: die Präsentation. Daarom heeft het bezittelijk woord hier de vorm meine: meine Präsentation in de nominatief. De vorm meine hoort dus bij Präsentation, niet bij het werkwoord. Voorbeeld: Meine Präsentation ist kurz. — “Mijn presentatie is kort.” beginnt komt van beginnen en is de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: sie beginnt. Het betekent hier “begint”. Voorbeeld: Der Unterricht beginnt um neun. — “De les begint om negen uur.” bald is een bijwoord van tijd en betekent “binnenkort” of “spoedig”. Het geeft aan dat iets in de nabije toekomst gebeurt. Voorbeeld: Der Zug kommt bald. — “De trein komt binnenkort.” De eerste hoofdzin is Mein Laptopadapter fehlt: het onderwerp is “mijn laptopadapter” en fehlt zegt dat die ontbreekt. Und verbindt deze zin met de tweede hoofdzin, meine Präsentation beginnt bald: “mijn presentatie begint binnenkort”. Samen betekent de uiting dat de laptopadapter ontbreekt en dat de presentatie binnenkort begint.
Ich habe einen, den du benutzen kannst.
Ik heb er een die je kunt gebruiken.
- Ich habe
- ik heb
- einen
- er een
- den
- die
- du
- je
- benutzen
- gebruiken
- kannst
- kunt
Uitgebreide uitleg
Ich habe betekent hier “ik heb”. habe is de eerste persoon enkelvoud van haben: ich habe, du hast, er/sie/es hat. Het onderwerp Ich bepaalt dus de vorm. Voorbeeld: Ich habe Zeit. — “Ik heb tijd.” einen verwijst hier zelfstandig naar één niet opnieuw genoemd mannelijk zelfstandig naamwoord; in deze context past het bij het bedoelde voorwerp. De vorm is de mannelijke accusatief van ein: ein (nominatief), einen (accusatief). Het is hier geen zelfstandige numerieke bewering die los van het zelfstandig naamwoord “één” benadrukt; het weggelaten mannelijke woord wordt uit de context begrepen. Voorbeeld: Ich brauche einen. — “Ik heb er een nodig.” den is hier een betrekkelijk voornaamwoord met de betekenis “die”. Het verwijst naar hetzelfde mannelijke, weggelaten voorwerp als einen en staat in de betrekkelijke bijzin als lijdend voorwerp van benutzen; daarom is de vorm mannelijk accusatief. De vorm wordt dus niet gekozen omdat het woord direct ervoor staat, maar door het geslacht en de grammaticale rol van het bedoelde antecedent. Voorbeeld: Das ist der Stift, den ich brauche. — “Dat is de pen die ik nodig heb.” du betekent “je/jij” en is de tweede persoon enkelvoud. Het is hier het onderwerp van de betrekkelijke bijzin. In een voorbeeld met een andere persoon verandert ook de persoonsvorm: Sie kann den Stift benutzen. — “Zij kan de pen gebruiken.” benutzen betekent “gebruiken”. Dit is de infinitief. Het werkwoord kan een voorwerp als lijdend voorwerp hebben: Ich benutze den Computer. — “Ik gebruik de computer.” kannst is de tweede persoon enkelvoud van können in de tegenwoordige tijd: ich kann, du kannst, er/sie/es kann. Samen met de infinitief benutzen vormt het de betekenis “kunt gebruiken”. In een Duitse bijzin staat de vervoegde modale vorm achteraan: ..., den du benutzen kannst; de infinitief staat daarvoor. Voorbeeld: Du kannst den Computer benutzen. — “Je kunt de computer gebruiken.” Samen vormt Ich habe einen de hoofdzin “Ik heb er een”. den du benutzen kannst is een betrekkelijke bijzin die dat weggelaten voorwerp nader beschrijft: “die je kunt gebruiken”. Het volledige vaste zinnetje betekent daarom: “Ik heb er een die je kunt gebruiken.”
Aber lass uns prüfen, ob er mit deinem Laptop funktioniert.
Maar laten we controleren of hij met jouw laptop werkt.
- Aber
- maar
- lass uns
- laten we
- prüfen
- controleren
- ob
- of
- er
- hij
- mit
- met
- deinem
- jouw
- Laptop
- laptop
- funktioniert
- werkt
Uitgebreide uitleg
Aber betekent hier “maar” en verbindt deze zin met wat eraan voorafgaat. Het kan ook “echter” betekenen, maar hier is de gewone verbindende betekenis passend. lass uns is een vaste aansporing: “laten we”. Lass is de gebiedende wijs van lassen voor du; samen met uns vormt het een voorstel om iets samen te doen. Een vergelijkbaar patroon is Lass uns anfangen. — “Laten we beginnen.” Het volgende werkwoord blijft in de infinitief: Lass uns prüfen. prüfen betekent “controleren” of “nagaan”. Het is hier de infinitief na lass uns. Voorbeeld: Wir prüfen den Anschluss. — “We controleren de aansluiting.” ob leidt een indirecte ja/nee-vraag in en betekent hier “of”. Het zegt niet “ofwel” als keuze tussen twee genoemde mogelijkheden. Patroon: Ich weiß nicht, ob er kommt. — “Ik weet niet of hij komt.” In de bijzin staat funktioniert aan het einde. er is een persoonlijk voornaamwoord voor een mannelijk enkelvoudig referent en betekent hier “hij”, zoals de vertaling aangeeft. De vorm zelf identificeert niet zelfstandig welke concrete persoon of welk apparaat bedoeld wordt; de referent moet uit de context komen. In andere naamvallen verandert het voornaamwoord, bijvoorbeeld ihn voor de accusatief en ihm voor de datief. mit betekent “met” en neemt in het Duits de datief. Het geeft hier aan waarmee de werking wordt getest. deinem is de vorm van dein (“jouw”) in de datief, mannelijk of onzijdig enkelvoud. De datiefvorm wordt hier door mit vereist. Vergelijk: mit deinem Gerät — “met jouw apparaat”. Het bezittelijk woord verwijst naar de aangesprokene; het drukt niet op zichzelf een bepaald aantal uit. Laptop is een zelfstandig naamwoord en betekent “laptop”. Het is in het Duits mannelijk: der Laptop. Na mit staat het in de datief: mit deinem Laptop. Het meervoud is Laptops. funktioniert betekent hier “werkt” of “functioneert”. De basisvorm is funktionieren; funktioniert is de tegenwoordige tijd voor de derde persoon enkelvoud (er funktioniert). Voorbeeld: Der Drucker funktioniert. — “De printer werkt.” Samen vormen ob er mit deinem Laptop funktioniert een indirecte vraag: “of hij met jouw laptop werkt”. Aber lass uns prüfen maakt daar het voorstel “Maar laten we controleren” van. De volledige betekenis is dus: “Maar laten we controleren of hij met jouw laptop werkt.”
Er passt in den Anschluss. Ich muss den Projektor noch testen.
Hij past in de aansluiting. Ik moet de projector nog testen.
- Er
- hij
- passt
- past
- in
- in
- Anschluss
- aansluiting
- Ich muss
- ik moet
- Projektor
- projector
- noch
- nog
- testen
- testen
Uitgebreide uitleg
Er betekent hier “hij”. Het is de vorm voor de derde persoon enkelvoud in de nominatief; de zin en vertaling leggen niet vast welke mannelijke persoon of welk mannelijk apparaat ermee bedoeld wordt. passt komt van passen en betekent hier dat iets ergens fysiek in past. passt is de tegenwoordige tijd voor de derde persoon enkelvoud: ich passe, du passt, er/sie/es passt. Voorbeeld: Der Stecker passt. — “De stekker past.” in betekent hier “in”. Met een plaats zonder bewegingsrichting staat bij in vaak de datief; bij een richting naar binnen kan de accusatief staan. In deze zin staat den Anschluss, dus de vorm laat zien dat de aansluiting als doel van het passen wordt opgevat. De constructie in etwas passen is een herbruikbaar patroon: “in iets passen”. Anschluss betekent hier “aansluiting”. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk: der Anschluss; na het accusatief bepaalde lidwoord wordt dat den Anschluss. Het woord kan in andere contexten ook een verbinding of aansluiting in bredere zin aanduiden, maar hier gaat het om de aansluiting waarin iets past. Ich muss betekent “ik moet”. muss is de eerste persoon enkelvoud van het modale werkwoord müssen: ich muss, du musst, er/sie/es muss. Een modaal werkwoord wordt vaak gecombineerd met een infinitief aan het einde van de zin, zoals in Ich muss warten. — “Ik moet wachten.” Projektor betekent “projector”. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk: der Projektor; als lijdend voorwerp staat het met den: den Projektor. In de vaste zin wordt niet beweerd dat dit woord zelf een bepaalde persoon of bezitter aanduidt. noch betekent hier “nog”: de handeling moet op dat moment nog gebeuren. Het geeft geen nieuwe tijdsvorm aan; samen met muss ... testen maakt het duidelijk dat het testen nog openstaat. Voorbeeld: Ich muss noch lernen. — “Ik moet nog leren.” testen betekent “testen” of “uitproberen”. Dit is de infinitief die na muss staat. Het modale werkwoord draagt de persoonsvorming, terwijl testen onveranderd aan het einde blijft: Ich muss den Projektor testen. — “Ik moet de projector testen.” Samen betekent Er passt in den Anschluss: “Hij past in de aansluiting.” Daarna geeft Ich muss den Projektor noch testen aan dat de spreker de projector nog moet testen. De volledige uiting is dus: “Hij past in de aansluiting. Ik moet de projector nog testen.”
Mach es jetzt, denn kleine Probleme werden unter Druck schwieriger.
Doe het nu, want kleine problemen worden onder druk lastiger.
- Mach
- doe
- es
- het
- jetzt
- nu
- denn
- want
- kleine
- kleine
- Probleme
- problemen
- werden
- worden
- Druck
- druk
- schwieriger
- lastiger
Uitgebreide uitleg
Mach is de gebiedende wijs van machen (“doen/maken”). Hier is het de informele enkelvoudsvorm: je spreekt één persoon rechtstreeks aan. De gebiedende wijs gebruikt de stam zonder het onderwerp du: Mach das! = “Doe dat!” es betekent hier “het” en is een persoonlijk voornaamwoord in de onzijdige vorm. Het verwijst in deze zin naar de handeling die gedaan moet worden; de precieze handeling wordt niet met een zelfstandig naamwoord herhaald. Voor een andere referent veranderen de vorm en het gebruik mogelijk, bijvoorbeeld Sieh ihn an! = “Kijk naar hem!” jetzt betekent “nu” en plaatst de handeling in het huidige moment. Samen met de gebiedende wijs maakt het de aansporing Mach es jetzt (“Doe het nu”) direct en tijdspecifiek. denn verbindt een bewering met een reden en betekent hier “want”. Na denn blijft de gewone hoofdzinvolgorde behouden: ..., denn kleine Probleme werden .... kleine is de verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord klein. Het beschrijft hier Probleme, dat meervoud is. In deze naamwoordgroep staat geen lidwoord, waardoor het bijvoeglijk naamwoord de uitgang -e krijgt: kleine Probleme. De tegenstelling is große Probleme (“grote problemen”). Probleme is het meervoud van Problem en betekent “problemen”. Het meervoud is hier belangrijk omdat ook het werkwoord daarop aansluit: kleine Probleme werden, niet kleine Probleme wird. werden is hier de tegenwoordige tijd van werden bij een meervoudig onderwerp. In deze zin betekent het “worden” en drukt het een verandering uit: de problemen krijgen een andere eigenschap. Vergelijk: Das Problem wird schwieriger = “Het probleem wordt lastiger” en Die Probleme werden schwieriger = “De problemen worden lastiger”. Druck betekent “druk”. Met unter vormt het de uitdrukking unter Druck, letterlijk “onder druk”, dus in omstandigheden waarin druk of spanning aanwezig is. Het zelfstandig naamwoord Druck staat hier na de voorzetselgroep zonder voorafgaand lidwoord. schwieriger is de vergrotende trap van schwierig (“lastig/moeilijk”): schwierig – schwieriger – am schwierigsten (“lastig – lastiger – het lastigst”). Hier beschrijft het dat de problemen onder druk lastiger worden. Het is dus schwieriger zelf dat wordt vergeleken, niet Probleme. De zin wordt opgebouwd als Mach es jetzt (“Doe het nu”) + denn (“want”) + kleine Probleme werden unter Druck schwieriger (“kleine problemen worden onder druk lastiger”). Het geheel betekent: “Doe het nu, want kleine problemen worden onder druk lastiger.”
Das Bild wird korrekt angezeigt, also sind wir bereit.
Het beeld wordt goed weergegeven, dus we zijn klaar.
- Das
- het
- Bild
- beeld
- korrekt
- correct; op de juiste manier
- wird … angezeigt
- wordt weergegeven
- also
- dus
- sind wir
- zijn we
- bereit
- klaar
Uitgebreide uitleg
Das staat hier bij Bild en is de bepaalde lidwoordvorm voor een enkelvoudig onzijdig zelfstandig naamwoord in deze onderwerpfunctie: das Bild. De vorm das kan in andere zinnen ook een aanwijzend of betrekkelijk woord zijn; hier hoort hij bij Bild. Bild betekent hier “beeld” of “afbeelding”. Het meervoud is Bilder: das Bild → die Bilder. In deze zin is Bild het onderwerp van de passieve handeling. korrekt beschrijft hier hoe de afbeelding wordt weergegeven: correct of op de juiste manier. Het staat als bijwoord bij de handeling. Een bruikbaar contrast is korrekt tegenover falsch (“fout”): Das Bild wird falsch angezeigt. betekent “De afbeelding wordt fout weergegeven.” wird en angezeigt vormen samen de tegenwoordige passiefconstructie. wird is de derde persoon enkelvoud van werden en fungeert hier als hulpwerkwoord; angezeigt is het voltooid deelwoord van anzeigen (“weergeven”, “tonen”). Het scheidbare werkwoord anzeigen verschijnt in deze constructie als één deelwoord: wird angezeigt. Deze vorm betekent hier “wordt weergegeven”, niet “zal worden weergegeven”. Voor een meervoudig onderwerp verandert het hulpwerkwoord: Die Bilder werden angezeigt. — “De afbeeldingen worden weergegeven.” also verbindt een conclusie met wat eraan voorafgaat en betekent hier “dus”. Het drukt uit dat de gereedheid volgt uit het feit dat de afbeelding correct wordt weergegeven. sind wir bevat de eerste persoon meervoud van sein (“zijn”). Na het vooropgeplaatste also staat het werkwoord vóór het onderwerp; dat is omgekeerde woordvolgorde in een hoofdzin, niet per se een vraag. In een gewone hoofdzin zonder deze vooropgeplaatste verbinding staat dezelfde informatie bijvoorbeeld als Wir sind bereit. De vorm sind hoort bij wir; vergelijk ich bin en sie sind. bereit is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “klaar” of “gereed”. Na sein blijft het in het Duits onveranderd: Wir sind bereit, ook wanneer het onderwerp verandert. Het tegenovergestelde is nicht bereit (“niet klaar”); dat is een ontkenning van de toestand, geen andere verbuiging van bereit. Samen betekent Das Bild wird korrekt angezeigt dat de afbeelding correct wordt weergegeven. also leidt vervolgens de conclusie in, en sind wir bereit zegt dat de spreker en minstens één andere persoon klaar zijn. De volledige betekenis is: “De afbeelding wordt goed weergegeven, dus we zijn klaar.”
Speichere für alle Fälle eine Sicherungskopie deiner Folien auf einem zweiten Gerät.
Bewaar voor de zekerheid een reservekopie van je dia's op een tweede apparaat.
- Speichere
- bewaar
- für alle Fälle
- voor de zekerheid
- Sicherungskopie
- reservekopie
- deiner
- jouw
- Folien
- dia’s
- zweiten
- tweede
- Gerät
- apparaat
Uitgebreide uitleg
Speichere is de gebiedende wijs van speichern (opslaan) voor één aangesproken persoon. De uitgang -e is hier een mogelijke vorm van de Duitse du-imperatief. Voorbeeld: Speichere die Datei! = “Sla het bestand op!” für alle Fälle is een vaste uitdrukking met de betekenis “voor de zekerheid” of “voor het geval dat”. De letterlijke onderdelen moet je hier dus niet afzonderlijk als de hoofdboodschap lezen. Voorbeeld: Nimm für alle Fälle einen Schirm mit. = “Neem voor de zekerheid een paraplu mee.” Sicherungskopie is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Sicherungskopie, meervoud die Sicherungskopien. Het is een samenstelling voor een extra kopie die als reserve dient. In deze zin staat het na eine, dus in de accusatief; bij dit vrouwelijke woord ziet eine er daar hetzelfde uit als in de nominatief. deiner hoort bij Folien. Folien is meervoud, en deiner Folien staat hier in de genitief: “van jouw dia’s”. De vorm deiner kan in andere constructies ook bij een vrouwelijk enkelvoud voorkomen; de vorm alleen bepaalt dus niet altijd dezelfde grammaticale functie. Folien is het meervoud van Folie en betekent hier “dia’s”. In digitale presentaties is die Folie een afzonderlijke dia; die Folien verwijst naar meerdere dia’s. Voorbeeld: Ich bearbeite die Folien. = “Ik bewerk de dia’s.” zweiten is de verbogen vorm van het rangtelwoord zweite (tweede), dat bij zwei hoort. Het is geen vergrotende trap van een bijvoeglijk naamwoord. In einem zweiten Gerät is Gerät onzijdig enkelvoud, einem markeert de datief en krijgt het bijvoeglijk naamwoord de uitgang -en. Vergelijk: der zweite, die zweite, das zweite. Voorbeeld: Das ist das zweite Gerät. = “Dat is het tweede apparaat.” Gerät is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Gerät, meervoud die Geräte. In auf einem zweiten Gerät geeft auf met de datief een plaats aan; einem markeert hier het onzijdige datief enkelvoud. Voorbeeld: Die Datei liegt auf einem anderen Gerät. = “Het bestand staat op een ander apparaat.” Samen vormt Speichere ... een directe opdracht: sla iets op. Het object is eine Sicherungskopie deiner Folien, dus een reservekopie van jouw dia’s. für alle Fälle drukt de voorzorg uit, en auf einem zweiten Gerät geeft aan waar die kopie moet worden opgeslagen. De volledige betekenis is daarom: “Bewaar voor de zekerheid een reservekopie van je dia’s op een tweede apparaat.”
Ich speichere eine Sicherungskopie auf einem anderen Gerät, bevor ich anfange.
Ik zet een reservekopie op een ander apparaat voordat ik begin.
- Ich
- ik
- speichere
- sla op
- Sicherungskopie
- reservekopie
- anderen
- ander(e)
- Gerät
- apparaat
- bevor
- voordat
- anfange
- begin
Uitgebreide uitleg
Ich betekent hier “ik” en is het onderwerp. De vorm is gelijk voor nominatief enkelvoud; in een andere persoon verandert het voornaamwoord bijvoorbeeld naar du (“jij”) of wir (“wij”). speichere is de vorm van speichern (“opslaan”) in de tegenwoordige tijd voor ich: ich speichere. Het werkwoord beschrijft hier het opslaan van een reservekopie. Voorbeeld: Ich speichere die Datei. — “Ik sla het bestand op.” Sicherungskopie is een zelfstandig naamwoord voor een reservekopie of back-up. Het samengestelde woord bestaat in het Duits als één zelfstandig naamwoord; het hoofddeel is Kopie, en het woord is vrouwelijk: die Sicherungskopie. In deze zin staat het als lijdend voorwerp na eine. anderen betekent hier “ander” in de vorm die past bij auf einem ... Gerät. auf kan een plaats aangeven; bij een vaste locatie staat hier de datief. Gerät is onzijdig, daarom is het lidwoord einem en krijgt anders de vorm anderen: auf einem anderen Gerät — “op een ander apparaat”. De uitgang hoort bij anderen, niet bij Gerät. Gerät betekent “apparaat”. Het meervoud is Geräte. Voorbeeld: Das Gerät ist neu. — “Het apparaat is nieuw.” bevor betekent “voordat” en leidt een bijzin in die aangeeft dat iets eerder gebeurt dan de hoofdzin. In een Duitse bijzin met bevor staat het vervoegde werkwoord aan het einde. anfange komt van het scheidbare werkwoord anfangen (“beginnen”). anfange is de tegenwoordige tijd voor ich: ich fange an in een hoofdzin, maar in deze bevor-bijzin staat de vorm als één geheel aan het einde: bevor ich anfange. Voorbeeld: Ich fange jetzt an. — “Ik begin nu.” Samen betekent Ich speichere eine Sicherungskopie auf einem anderen Gerät dat de spreker een reservekopie op een ander apparaat opslaat. De bijzin bevor ich anfange plaatst het beginnen daarna in de tijdsvolgorde van de zin: “voordat ik begin”. De volledige betekenis is: “Ik zet een reservekopie op een ander apparaat voordat ik begin.”
Könntest du den Adapter nach der Sitzung zurückbringen? Ich brauche ihn später.
Zou je de adapter na de sessie terug kunnen brengen? Ik heb hem later nodig.
- Könntest du
- zou je kunnen
- Adapter
- adapter
- nach der Sitzung
- na de sessie
- zurückbringen
- terugbrengen
- brauche
- nodig hebben
- ihn
- hem
- später
- later
Uitgebreide uitleg
Könntest du is een beleefde vraag: “zou je kunnen”. könntest is de vorm van können voor du in de Konjunktiv II; die vorm maakt hier een verzoek minder direct dan Kannst du ...?. Het patroon is Könntest du ...?. Adapter betekent hier “adapter”. Het is een zelfstandig naamwoord; het lidwoord den ervoor laat zien dat het in deze zin het lijdend voorwerp is. Een herbruikbaar voorbeeld is: Ich brauche den Adapter. — “Ik heb de adapter nodig.” nach der Sitzung betekent “na de sessie”. Bij de tijdelijke betekenis “na” staat nach hier met de datief: die Sitzung wordt der Sitzung. Het patroon nach + datief kan ook met andere tijdsaanduidingen worden gebruikt, bijvoorbeeld nach dem Essen — “na het eten”. zurückbringen betekent “terugbrengen”. Dit is een scheidbaar werkwoord: zurück- wordt in een gewone hoofdzin van het vervoegde werkwoord gescheiden, terwijl het hier als infinitief aan het einde van de vraag blijft staan na könntest: Du bringst den Adapter zurück. — “Je brengt de adapter terug.” brauche is de eerste persoon enkelvoud van brauchen, “nodig hebben”. In Ich brauche ... geeft de spreker aan dat iets nodig is. De tegenwoordige tijd kan in het Duits ook een behoefte op een later moment uitdrukken wanneer später dat tijdstip aangeeft. ihn betekent hier “hem” en verwijst volgens de vaste vertaling naar den Adapter. Het is de mannelijke accusatiefvorm van het persoonlijke voornaamwoord; als lijdend voorwerp vervangt het den Adapter. Vergelijk: Ich brauche ihn. — “Ik heb hem nodig.” später betekent “later”. Het is een bijwoord en bepaalt wanneer de behoefte geldt; het verandert niet mee met een zelfstandig naamwoord. Ich brauche ihn später. betekent dus “Ik heb hem later nodig”, niet dat de adapter zelf verandert. Samen vormen de delen eerst het verzoek Könntest du den Adapter nach der Sitzung zurückbringen?: “Zou je de adapter na de sessie terug kunnen brengen?” Daarna volgt Ich brauche ihn später.: “Ik heb hem later nodig.” ihn verwijst daarbij naar dezelfde adapter. De formulering is een beleefd, alledaags verzoek.
Ich bringe ihn zurück, sobald die Sitzung vorbei ist.
Ik breng hem terug zodra de sessie afgelopen is.
- bringe … zurück
- breng ... terug
- ihn
- hem
- sobald
- zodra
- Sitzung
- sessie
- vorbei
- afgelopen
Uitgebreide uitleg
bringe … zurück is de verbale vorm van zurückbringen (“terugbrengen”). In de hoofdzin staat het vervoegde deel bringe bij ich; het scheidbare voorvoegsel zurück staat aan het einde van de hoofdzin. In een bijzin blijft het werkwoord bij elkaar en staat het vervoegde werkwoord achteraan: …, sobald ich ihn zurückbringe. Voorbeeld: Ich bringe das Buch morgen zurück. — “Ik breng het boek morgen terug.” ihn is het persoonlijk voornaamwoord in de vierde naamval (accusatief), mannelijk enkelvoud. Hier verwijst het, zoals de vertaling en de vorige zin ondersteunen, naar de adapter. De vorm contrasteert bijvoorbeeld met ihm in de derde naamval: Ich gebe ihm den Adapter. — “Ik geef hem de adapter.” sobald betekent “zodra” en leidt een bijzin in. Het beschrijft dat de handeling van de hoofdzin plaatsvindt wanneer de voorwaarde of het moment in de bijzin bereikt is. In zo’n Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord achteraan. Voorbeeld: Sobald sie ankommt, rufe ich dich an. — “Zodra ze aankomt, bel ik je.” Sitzung is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent “sessie” of, afhankelijk van de context, “vergadering”. Het meervoud is Sitzungen. In de vaste zin staat het met het bepaalde lidwoord die: die Sitzung. vorbei betekent hier “afgelopen” of “voorbij”. Samen met sein vormt het de uitdrukking vorbei sein: Die Sitzung ist vorbei. — “De sessie is afgelopen.” In sobald die Sitzung vorbei ist staat ist achteraan omdat dit een bijzin is. De zin bouwt zo op: Ich bringe ihn zurück betekent “Ik breng hem terug”; sobald die Sitzung vorbei ist bepaalt wanneer dat gebeurt. Samen betekent de volledige uiting: “Ik breng hem terug zodra de sessie afgelopen is.”
Dann hast du eine Sache weniger, um die du dir Sorgen machen musst.
Dan heb je één ding minder om je zorgen over te maken.
- Dann
- dan
- hast du
- je hebt
- eine Sache
- één ding
- weniger
- minder
- um die
- waarover
- Sorgen machen
- zorgen maken
- musst
- moet
Uitgebreide uitleg
Dann betekent hier “dan” en geeft de situatie of het gevolg aan dat uit de context volgt. Het kan in andere zinnen ook een tijdsbetekenis hebben, zoals “toen” of “daarna”. hast du gebruikt de tegenwoordige vorm van haben bij du: du hast. Het werkwoord staat vóór het onderwerp omdat Dann vooraan staat. haben betekent hier dat iets voor jou geldt of dat je iets hebt; het hoeft geen bezit te betekenen. eine Sache bestaat uit het vrouwelijke zelfstandig naamwoord Sache en het daarbij passende onbepaalde lidwoord eine. Hier betekent het volgens de vaste vertaling “één ding”. Het lidwoord alleen drukt niet noodzakelijk een expliciete telling uit; de vertaling en weniger ondersteunen die betekenis hier. Sache kan afhankelijk van de context ook “zaak” of “kwestie” betekenen. weniger is de vergelijkende vorm van wenig: wenig — weniger — am wenigsten. Hier betekent eine Sache weniger dat het om één ding minder gaat. weniger drukt de vergelijking uit; Sache is het zelfstandig naamwoord. um die leidt de betrekkelijke bijzin in die aangeeft over welk ding het gaat. die verwijst hier naar Sache en staat na um in de accusatief; bij een vrouwelijk enkelvoud ziet deze vorm er hetzelfde uit als de nominatief. Dit is hier geen los patroon um ... zu met een infinitief, want er volgt een volledige bijzin met du en het vervoegde musst. Sorgen machen hoort bij het werkwoordelijke patroon sich Sorgen machen: “zich zorgen maken”. Sorgen is in dit vaste patroon een meervoudig zelfstandig naamwoord en machen is de infinitief. Het reflexieve voornaamwoord staat hier als datiefvorm dir: du machst dir Sorgen. Voorbeeld: Ich mache mir Sorgen. — “Ik maak me zorgen.” musst is de vorm van het modale werkwoord müssen bij du: du musst. Hier drukt het noodzaak uit. Bij een modaal werkwoord staat het andere werkwoord als infinitief aan het einde: du musst dir Sorgen machen. Samen betekent Dann hast du eine Sache weniger dat je dan één ding minder hebt. um die du dir Sorgen machen musst specificeert dat dit het ding is waarover je je zorgen moet maken. De volledige zin betekent: “Dan heb je één ding minder om je zorgen over te maken.”
Grammatica
sobald + Nebensatz
Sobald die Sitzung vorbei ist, speichern.
Zo-balt die züü-tsoeng foer-baï ist, sjpai-chuhn.Zodra de sessie voorbij is, opslaan.
Na „sobald“ staat het vervoegde werkwoord aan het einde van de bijzin. De hoofdzin volgt na een komma.
Duits woordenschat
Quiz
Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
ontbreken
Antwoord tonen
fehltlaten
Antwoord tonen
lasspassen
Antwoord tonen
passtpresentatie