Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een verwelkende plant helpen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.
Dialoog
Meine Pflanze verwelkt, obwohl ich sie oft gieße.
Maine pflantsuh fervèlkt, opvool ich zie oft giesuh. Mijn plant verwelkt, ook al geef ik hem vaak water.Vielleicht bekommt sie zu viel Wasser statt zu wenig.
Fiel-aicht beh-komt zie tsoe fiel vassuh sjtat tsoe vay-nich. Misschien krijgt hij te veel water in plaats van te weinig.Ich dachte, mehr Wasser würde ihr helfen, sich zu erholen.
Ich dachtuh, meer vassuh vuerduh iehr helfuh n, zich tsoe èr-hooluh n. Ik dacht dat meer water hem zou helpen herstellen.Überprüfe die Drainage und lass die Erde ein wenig trocknen.
Uu-bèr-pruu-fuh die dree-naa-zjuh unt lass die èrd uh aine beitjuh trok-nuh n. Controleer de drainage en laat de aarde een beetje drogen.Der Topf hat unten kein Loch, und das könnte das Problem sein.
Dehr topf hat oon-ten kain loch, unt das keun-tuh das pro-bleem zain. De pot heeft geen gat onderin, en dat kan het probleem zijn.Wurzeln können leiden, wenn das Wasser nirgendwo ablaufen kann.
Voertseln keunuh n laiden, ven das vassuh nir-gent-voo ap-lau-fuh n kan. Wortels kunnen lijden als het water nergens heen kan.Soll ich sie auch näher ans Fenster stellen?
Zol ich zie au-kh nee-uh r ans fenstuh r sjtelluh n? Zal ik hem ook dichter bij het raam zetten?Versuch, immer nur eine Sache zu ändern, damit du erkennst, was hilft.
Fèr-zoekh, immuh noer ainuh zachuh tsoe èn-dern, da-mit doe èr-kenst, vas hilft. Probeer één ding tegelijk te veranderen, zodat je kunt zien wat helpt.Dann werde ich sie umtopfen und sie diese Woche weniger gießen.
Dan vèrd uh iehr oem-topfuh n unt zie die-zuh vokhuh mindeer giesuh n. Dan zal ik hem verpotten en hem deze week minder water geven.Bei der Pflanzenpflege geht es hauptsächlich um Beobachtung und kleine Anpassungen.
Bai dehr pflantsuh n-flee-guh geet es haup-tsèich-liech oem beobachtung unt klainuh an-pas-oenguh n. Planten verzorgen gaat vooral om observeren en kleine aanpassingen.Uitleg van de zinnen
Meine Pflanze verwelkt, obwohl ich sie oft gieße.
Mijn plant verwelkt, ook al geef ik hem vaak water.
- Meine
- mijn
- Pflanze
- plant
- verwelkt
- verwelkt
- obwohl
- hoewel
- ich
- ik
- sie
- hem (de plant)
- oft
- vaak
- gieße
- geef water
Uitgebreide uitleg
Meine hoort bij Pflanze. Het is de vorm van mein voor een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud dat hier onderwerp is: mein → meine. De vorm wordt dus niet alleen door enkelvoud bepaald; het grammaticale geslacht en de naamvalsfunctie spelen ook mee. Hier is de vorm nominatief vrouwelijk enkelvoud. Pflanze betekent hier een plant. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Pflanze; het meervoud is die Pflanzen. In deze zin is het de plant waarover verwelkt een toestand beschrijft. verwelkt is de derde persoon enkelvoud van verwelken in de tegenwoordige tijd. Het onderwerp is Meine Pflanze, daarom staat het werkwoord in de vorm voor één derde persoon. verwelken beschrijft dat een plant slap wordt en zijn frisheid verliest. Voorbeeld: Die Blume verwelkt. — De bloem verwelkt. obwohl betekent hoewel en leidt een bijzin in die een tegenstelling uitdrukt. In een Duitse obwohl-bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans aan het einde. Patroon: obwohl + onderwerp + overige informatie + werkwoord. ich is het persoonlijke voornaamwoord voor de eerste persoon enkelvoud: de spreker. Het is hier het onderwerp van gieße; daarom staat het werkwoord in de ik-vorm. sie verwijst hier, volgens de vaste betekenis en de context, naar die Pflanze. De vorm is vrouwelijk enkelvoud en staat hier als lijdend voorwerp van gieße: de spreker geeft water aan de plant. Het Duitse voornaamwoord volgt hier het grammaticale geslacht van die Pflanze; dat hoeft niet overeen te komen met het voornaamwoord in een Nederlandse vertaling. oft betekent vaak en geeft aan dat iets herhaaldelijk gebeurt. Het zegt niet precies hoe vaak. Voorbeeld: Ich lese oft. — Ik lees vaak. gieße is de eerste persoon enkelvoud van gießen in de tegenwoordige tijd. In deze context betekent gießen specifiek een plant water geven. Het patroon ich gieße sie betekent dus dat de spreker de plant water geeft; sie is daarbij het lijdend voorwerp. gießen kan in andere contexten ook vloeistof ergens overheen of in gieten betekenen. Samen vormt Meine Pflanze verwelkt de hoofdzin: de plant van de spreker verwelkt. obwohl ich sie oft gieße is de bijzin met de tegenstelling: de spreker geeft de plant vaak water, maar toch verwelkt de plant. De volledige zin stelt dus het verwelken vast en contrasteert dat met het vaak water geven.
Vielleicht bekommt sie zu viel Wasser statt zu wenig.
Misschien krijgt hij te veel water in plaats van te weinig.
- Vielleicht
- misschien
- bekommt
- krijgt
- sie
- zij (de plant)
- zu viel
- te veel
- Wasser
- water
- statt
- in plaats van
- zu wenig
- te weinig
Uitgebreide uitleg
Vielleicht betekent hier “misschien”. Het is een bijwoord en verandert niet van vorm. Voorbeeld: Vielleicht regnet es. — “Misschien regent het.” bekommt komt van bekommen en is de tegenwoordige tijd voor de derde persoon enkelvoud: “krijgt”. Het kan betekenen dat iemand of iets iets ontvangt. Voorbeeld: Die Pflanze bekommt Wasser. — “De plant krijgt water.” sie is hier het onderwerp van bekommt. In deze zin is het de vrouwelijke derde persoon enkelvoud en verwijst het naar de plant, zoals de context ondersteunt. In andere contexten kan sie ook de vrouwelijke vorm “zij” betekenen of naar meerdere personen of zaken verwijzen; de context bepaalt dan de referentie. Het Nederlandse hem in de vertaling legt niet dezelfde grammaticale gendercategorie vast: de plant kan in het Nederlands met hem worden aangeduid, terwijl die Pflanze in het Duits vrouwelijk is. Let ook op het verschil tussen sie met kleine letter en Sie met hoofdletter, dat in andere contexten de beleefde aanspreekvorm kan zijn. zu viel betekent “te veel”. De combinatie drukt uit dat de hoeveelheid boven de geschikte of bedoelde hoeveelheid ligt. Het contrast in deze zin is zu wenig, “te weinig”. Voorbeeld: Das ist zu viel Wasser. — “Dat is te veel water.” Wasser betekent “water”. Het is een stofnaam en staat hier zonder lidwoord: er wordt naar water als substantie of hoeveelheid verwezen. Voorbeeld: Das Kind trinkt Wasser. — “Het kind drinkt water.” statt betekent “in plaats van” en zet twee mogelijkheden tegenover elkaar. Voorbeeld: Sie liest statt zu schlafen. — “Zij leest in plaats van te slapen.” zu wenig betekent “te weinig”: een hoeveelheid die onder de geschikte of bedoelde hoeveelheid ligt. wenig alleen betekent “weinig” en voegt niet noodzakelijk het oordeel “te weinig” toe. Samen betekent Vielleicht bekommt sie zu viel Wasser statt zu wenig: “Misschien krijgt de plant te veel water in plaats van te weinig.” Vielleicht maakt de uitspraak onzeker, bekommt sie geeft aan wie iets krijgt, en zu viel Wasser statt zu wenig contrasteert de twee hoeveelheden.
Ich dachte, mehr Wasser würde ihr helfen, sich zu erholen.
Ik dacht dat meer water hem zou helpen herstellen.
- Ich
- ik
- dachte
- dacht
- mehr
- meer
- Wasser
- water
- würde
- zou
- ihr
- haar
- helfen
- helpen
- sich zu erholen
- herstellen
Uitgebreide uitleg
Ich: Dit is de eerste persoon enkelvoud: “ik”. Het verwijst hier naar de spreker. In een voorbeeld als Ich lerne Deutsch. betekent het “Ik leer Duits.” dachte: Dit is de verleden tijd van denken (“denken”): denken → dachte. Het beschrijft hier een gedachte in het verleden. Bijvoorbeeld: Ich dachte an dich. — “Ik dacht aan jou.” mehr: Dit betekent “meer” en geeft hier een grotere hoeveelheid aan. Het staat bij Wasser; samen vormt dat het onderwerp van de bijzin: “meer water”. Het tegenovergestelde is weniger (“minder”). Wasser: Dit zelfstandig naamwoord betekent “water”. Het is in het Duits een niet-telbaar zelfstandig naamwoord en krijgt hier geen meervoudsuitgang: mehr Wasser betekent “meer water”, niet een bepaald aantal afzonderlijke eenheden. würde: Dit is de vorm van werden in de Konjunktiv II en betekent in deze constructie “zou”. Het helpt een verondersteld of gedacht gevolg uit te drukken. Het patroon is würde + infinitief, zoals in Das würde helfen. — “Dat zou helpen.” ihr: Na helfen staat deze vorm als datiefpronomen. In deze zin betekent het grammaticaal “haar”: iets zou aan haar helpen. helfen gebruikt voor de geholpen persoon de datief, bijvoorbeeld Ich helfe ihr. — “Ik help haar.” De aangeleverde Nederlandse vertaling zegt echter “hem”, terwijl ihr hier naar de vorm wijst die gewoonlijk “haar” betekent; daardoor is de concrete referent tussen de vaste teksten niet volledig verenigbaar. helfen: Dit is het infinitief van helfen (“helpen”). In het patroon jemandem helfen krijgt de geholpen persoon de datief: Ich helfe dem Kind. — “Ik help het kind.” Hier is ihr die datiefaanvulling. Het onderwerp van helfen is mehr Wasser. sich zu erholen: Dit is een reflexieve infinitiefconstructie van sich erholen (“herstellen”, “weer op krachten komen”). zu erholen is de infinitief met zu; sich verwijst naar degene die herstelt. Bijvoorbeeld: Sie braucht Zeit, sich zu erholen. — “Zij heeft tijd nodig om te herstellen.” Samen vormt mehr Wasser würde ihr helfen, sich zu erholen een gedachte over een mogelijk gevolg: “meer water zou haar helpen om te herstellen”. De bijzin na dachte staat achter de verleden hoofdzin Ich dachte: Ich dachte, ... betekent “Ik dacht dat ...”. De volledige Duitse zin betekent dus volgens de grammaticale vorm: “Ik dacht dat meer water haar zou helpen herstellen.” De vaste Nederlandse vertaling gebruikt “hem”; dat concrete geslacht/de referent botst met ihr, zodat juist die referentie onopgelost blijft.
Überprüfe die Drainage und lass die Erde ein wenig trocknen.
Controleer de drainage en laat de aarde een beetje drogen.
- Überprüfe
- controleer
- Drainage
- drainage
- lass
- laat
- Erde
- aarde
- ein wenig
- een beetje
- trocknen
- drogen
Uitgebreide uitleg
Überprüfe is de gebiedende wijs van überprüfen voor du: “controleer” of “verifieer”. Het is een werkwoord met scheidbaar voorvoegsel? Nee: überprüfen blijft hier één geheel; in de gebiedende wijs staat het als Überprüfe. Voorbeeld: Überprüfe die Rechnung. — “Controleer de rekening.” Drainage betekent hier “drainage” of “waterafvoer”. Het is een zelfstandig naamwoord en wordt in het Duits met een hoofdletter geschreven. Het vrouwelijke lidwoord is die: die Drainage. lass is de gebiedende wijs van lassen voor du. In deze zin betekent lassen niet eenvoudigweg “achterlaten”, maar “ervoor zorgen dat iets gebeurt” of “iets laten gebeuren”. Het combineert met het infinitief trocknen: etwas trocknen lassen — “iets laten drogen”. Voorbeeld: Lass das Wasser ablaufen. — “Laat het water weglopen.” Erde betekent hier “aarde” of “grond”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Erde. In die Erde trocknen lassen is de aarde datgene wat droog wordt; lass drukt uit dat de aangesproken persoon dit laat gebeuren. ein wenig is een vaste, compacte uitdrukking voor “een beetje” of “enigszins”. Ze geeft hier een kleine mate aan, zonder een precieze hoeveelheid te noemen. Een vergelijkbare voorbeeldzin is: Warte ein wenig. — “Wacht een beetje.” trocknen is het infinitief “drogen”. Na lassen staat het tweede werkwoord in het Duits zonder zu: Lass die Erde trocknen, niet Lass die Erde zu trocknen. Het onderwerp van trocknen is hier die Erde; de aangesproken persoon is degene die het proces laat plaatsvinden. Samen bestaat de zin uit twee gebiedende opdrachten: Überprüfe die Drainage betekent “Controleer de drainage”, en lass die Erde ein wenig trocknen betekent “laat de aarde een beetje drogen”. und verbindt beide opdrachten. De volledige betekenis is dus: “Controleer de drainage en laat de aarde een beetje drogen.”
Der Topf hat unten kein Loch, und das könnte das Problem sein.
De pot heeft geen gat onderin, en dat kan het probleem zijn.
- Topf
- pot
- hat
- heeft
- unten
- onderin
- kein
- geen
- Loch
- gat
- das
- dat
- könnte
- zou kunnen
- Problem
- probleem
- sein
- zijn
Uitgebreide uitleg
Topf betekent hier “pot”. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk: der Topf in de nominatief. De meervoudsvorm is die Töpfe. Voorbeeld: Der Topf ist groß. — “De pot is groot.” hat is de derde persoon enkelvoud van haben (“hebben”). In deze zin beschrijft hat dat de pot iets wel of niet heeft: Der Topf hat ein Loch. — “De pot heeft een gat.” unten is een bijwoord en betekent hier “onderin” of “aan de onderkant”. Het verandert niet mee met Topf of Loch. Voorbeeld: Das Glas ist unten nass. — “Het glas is onderaan nat.” kein ontkent hier het onbepaalde zelfstandig naamwoord Loch: “geen gat”. Omdat Loch onzijdig is en hier als lijdend voorwerp staat, is dit de vorm voor onzijdig accusatief enkelvoud. Bij een onzijdig woord zijn nominatief en accusatief allebei kein: ein Loch — “een gat”, kein Loch — “geen gat”. Voorbeeld: Der Eimer hat kein Loch. — “De emmer heeft geen gat.” Loch betekent “gat”. Het is onzijdig: das Loch; het meervoud is die Löcher. In kein Loch staat het als het lijdend voorwerp van hat. das verwijst hier naar de zojuist genoemde situatie, namelijk dat de pot onderin geen gat heeft. Als zelfstandig gebruikt aanwijzend voornaamwoord kan het naar een hele voorafgaande mededeling verwijzen. Het is niet het lidwoord van Problem: das Problem is een aparte naamwoordgroep die later in de zin staat. könnte is de Konjunktiv-II-vorm van können bij er/sie/es en drukt hier een mogelijkheid uit: “zou kunnen”. De vorm maakt de uitspraak niet-stellig; de spreker presenteert deze situatie als een mogelijke oorzaak of verklaring van het probleem, niet als een zekerheid. Vergelijk Das könnte stimmen. — “Dat zou kunnen kloppen.” Problem betekent “probleem”. Het is onzijdig: das Problem; het meervoud is die Probleme. In das Problem staat het na sein als het deel dat benoemt wat iets mogelijk is. sein is de infinitief van “zijn”. Na de modale vorm könnte blijft het andere werkwoord als infinitief staan: könnte ... sein — “zou ... kunnen zijn”. Voorbeeld: Das könnte der Grund sein. — “Dat zou de reden kunnen zijn.” De eerste deelzin is Der Topf hat unten kein Loch: “De pot heeft onderin geen gat.” Der is het bepaalde lidwoord dat bij het mannelijke onderwerp Topf past. Und verbindt deze mededeling met de tweede deelzin. Das könnte das Problem sein betekent vervolgens “Dat zou het probleem kunnen zijn”, waarbij das naar de voorafgaande situatie verwijst en das Problem benoemt wat die situatie mogelijk tot probleem maakt. Samen ontstaat de vertaling: “De pot heeft geen gat onderin, en dat kan het probleem zijn.”
Wurzeln können leiden, wenn das Wasser nirgendwo ablaufen kann.
Wortels kunnen lijden als het water nergens heen kan.
- Wurzeln
- wortels
- können
- kunnen
- leiden
- lijden
- wenn
- als
- Wasser
- water
- nirgendwo
- nergens
- ablaufen
- weglopen
- kann
- kan
Uitgebreide uitleg
Wurzeln betekent hier “wortels” en is het meervoud van die Wurzel (“de wortel”). Het lidwoord in het meervoud is die; in deze zin is Wurzeln het onderwerp. Voorbeeld: Die Wurzel ist lang. — “De wortel is lang.” können is de vorm van können voor wir, sie (meervoud) en Sie, en betekent “kunnen”. Hier is het een modaal werkwoord: het geeft aan dat de wortels mogelijk kunnen lijden. Bij een modaal werkwoord staat het andere werkwoord in de infinitief aan het einde van de hoofdzin: Die Pflanzen können wachsen. — “De planten kunnen groeien.” leiden betekent “lijden” of “schade ondervinden”. De vorm is hier de infinitief na können; de persoonsvorm können draagt de vervoeging. Zonder modaal werkwoord zou je bijvoorbeeld zeggen: Die Wurzeln leiden. — “De wortels lijden.” wenn leidt hier de voorwaardelijke bijzin in en betekent “als”. In zo’n Duitse bijzin staat de vervoegde persoonsvorm aan het einde. Wenn es regnet, bleiben wir zu Hause. — “Als het regent, blijven we thuis.” das Wasser betekent “het water”. Wasser is een zelfstandig naamwoord van het onzijdige geslacht; das is hier de bepaalde vorm in het enkelvoud. In de bijzin is das Wasser het onderwerp van ablaufen kann. nirgendwo betekent “nergens”. Het zegt dat er op geen enkele plaats een afvoerroute is. Het is iets anders dan nicht irgendwo in een gewone ontkenningsconstructie; nirgendwo zelf is het compacte woord voor “nergens”. ablaufen betekent hier “weglopen” of “aflopen”, bijvoorbeeld over vloeistof die via een opening wegstroomt. Het is een scheidbaar werkwoord: in een hoofdzin kan het worden gesplitst, zoals in Das Wasser läuft ab. — “Het water loopt weg.” In deze bijzin blijft de infinitief als ablaufen bij het einde staan, vóór het modale kann. kann is de vorm van können voor er, sie en es in het enkelvoud. Hier hoort hij bij het onderwerp das Wasser, dus staat het enkelvoud kann, niet het meervoud können. In de bijzin staat deze vervoegde vorm helemaal achteraan: wenn das Wasser nirgendwo ablaufen kann. De hoofdzin Wurzeln können leiden zegt dat wortels kunnen lijden. De bijzin wenn das Wasser nirgendwo ablaufen kann geeft de voorwaarde: wanneer het water nergens kan weglopen. Samen betekent de volledige zin: “Wortels kunnen lijden als het water nergens heen kan.”
Soll ich sie auch näher ans Fenster stellen?
Zal ik hem ook dichter bij het raam zetten?
- Soll ich
- Zal ik …?
- sie
- hem
- auch
- ook
- näher
- dichterbij
- ans
- naar het
- Fenster
- raam
- stellen
- zetten
Uitgebreide uitleg
Soll ich vormt een ja-neevraag met het modale werkwoord sollen: letterlijk wordt gevraagd of de spreker iets moet of zal doen. In een vraag staat soll voor het onderwerp ich; het andere werkwoord blijft als infinitief aan het einde. Vergelijk: Soll ich warten? — “Zal ik wachten?” sie is hier het lijdend voorwerp van stellen. De vaste vertaling identificeert het bedoelde object als “hem”. De Duitse vorm sie geeft op zichzelf echter niet aan dat het om een mannelijk enkelvoud gaat: deze vorm kan onder meer een vrouwelijk enkelvoud in de accusatief of een meervoud in de accusatief zijn. Welke lezing hier bedoeld is, wordt door de vaste vertaling en de context bepaald; het is dus niet juist om uit sie alleen een vrouwelijk enkelvoud af te leiden. auch betekent “ook” en voegt deze handeling toe aan een andere handeling of mogelijkheid. Het woord verandert niet van vorm. näher is de vergrotende trap van nah: nah — näher — am nächsten, oftewel “dichtbij” — “dichterbij” — “het dichtstbij”. Hier geeft näher aan dat het object op een kleinere afstand van het raam moet komen te staan. Een volledig vergelijkende aanvulling is niet nodig: Stell es näher! betekent “Zet het dichterbij!” ans is de samentrekking van an das. Fenster is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Fenster. Bij een beweging of plaatsing naar een doel gebruikt an hier de accusatief, vandaar an das Fenster → ans Fenster. Vergelijk de statische plaatsaanduiding am Fenster = an dem Fenster, “bij het raam”. stellen betekent hier “zetten” of “plaatsen”, met de nadruk op het op een bepaalde plek neerzetten. Omdat het na het modale werkwoord staat, blijft het de infinitief stellen; soll draagt de persoons- en tijdsvorm. Voor een voorwerp dat liggend wordt neergelegd, kan Duits bijvoorbeeld legen gebruiken: Ich lege das Buch auf den Tisch. — “Ik leg het boek op de tafel.” Samen vraagt Soll ich sie auch näher ans Fenster stellen? of de spreker het bedoelde object eveneens dichter bij het raam zal zetten. De vraagvorm komt door soll vooraan, terwijl stellen als infinitief achteraan blijft staan.
Versuch, immer nur eine Sache zu ändern, damit du erkennst, was hilft.
Probeer één ding tegelijk te veranderen, zodat je kunt zien wat helpt.
- Versuch
- probeer
- immer nur
- steeds slechts
- Sache
- ding
- zu ändern
- te veranderen
- damit
- zodat
- du erkennst
- je merkt
- hilft
- helpt
Uitgebreide uitleg
Versuch betekent hier “probeer”. Het is de gebiedende wijs voor du van versuchen (“proberen”): Versuch! Voor meerdere personen is de vorm Versucht!; bij een formele aanspreekvorm gebruik je Versuchen Sie! Voorbeeld: Versuch es noch einmal. — “Probeer het nog een keer.” immer nur betekent hier “steeds slechts” en beperkt de handeling. Samen met eine Sache drukt het de herhaalbare aanwijzing “één ding tegelijk” uit: verander telkens maar één ding. Sache is een zelfstandig naamwoord en betekent “ding” of “zaak”. In eine Sache is Sache vrouwelijk; eine is de bijbehorende onbepaalde vorm in deze naamval. Het woord eine drukt op zichzelf niet noodzakelijk een numerieke telling uit; in deze zin draagt de combinatie immer nur eine Sache wel de betekenis “één ding tegelijk”. Voorbeeld: Das ist eine wichtige Sache. — “Dat is een belangrijke zaak.” zu ändern betekent “te veranderen”. Het basiswerkwoord is ändern (“veranderen”); zu ändern is het infinitief met zu. Na Versuch vormt het de opdracht “probeer ... te veranderen”. Voorbeeld: Versuch, den Plan zu ändern. — “Probeer het plan te veranderen.” damit betekent hier “zodat” en leidt het doel van de opdracht in. In de door damit ingeleide bijzin staat het vervoegde werkwoord aan het einde. du erkennst betekent hier “je merkt” of, volgens de vaste vertaling, “je kunt zien”. erkennst is de tegenwoordige tijd, tweede persoon enkelvoud, van erkennen (“herkennen, inzien of merken”). Het onderwerp is du; deze vorm is dus niet de vorm voor ich of sie. Voorbeeld: Du erkennst das Problem. — “Je merkt het probleem op.” hilft betekent “helpt”. Het is de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud, van helfen (“helpen”). Hier is was het onderwerp van hilft: datgene wat helpt. Voorbeeld: Ich weiß, was hilft. — “Ik weet wat helpt.” De zin bouwt zo op: Versuch, ... zu ändern is de opdracht “probeer ... te veranderen”; immer nur eine Sache maakt daarvan “steeds slechts één ding tegelijk”. damit du erkennst geeft het doel aan: “zodat je kunt zien”, en was hilft benoemt wat je kunt vaststellen. De volledige betekenis is: “Probeer één ding tegelijk te veranderen, zodat je kunt zien wat helpt.”
Dann werde ich sie umtopfen und sie diese Woche weniger gießen.
Dan zal ik hem verpotten en hem deze week minder water geven.
- Dann
- dan
- werde ich
- zal ik
- sie
- hem
- umtopfen
- verpotten
- diese Woche
- deze week
- weniger
- minder
- gießen
- water geven
Uitgebreide uitleg
Dann betekent hier “dan” en markeert een volgende stap in de tijd of redenering. Voorbeeld: Dann machen wir weiter. — “Dan gaan we verder.” werde ich vormt met een infinitief een toekomstconstructie: werde is de vorm van werden bij ich, en ich is “ik”. Voorbeeld: Ich werde morgen arbeiten. — “Ik zal morgen werken.” In een hoofdzin staat het vervoegde werkwoord op de tweede plaats; de infinitief staat verderop. sie is hier het lijdend voorwerp bij umtopfen en wordt in de vaste Nederlandse vertaling als “hem” weergegeven. De Duitse vorm sie kan als object onder meer een vrouwelijk enkelvoud of een meervoud aanduiden; de vorm alleen maakt de concrete referent niet zichtbaar. Ook de tweede sie is het lijdend voorwerp, nu bij gießen, en verwijst volgens de vaste vertaling naar hetzelfde bedoelde object. umtopfen betekent een plant uit de ene pot halen en in een andere pot zetten. Het is een scheidbaar werkwoord. In een gewone hoofdzin wordt het voorvoegsel los geplaatst: Ich topfe die Pflanze um. — “Ik verpot de plant.” Na werde blijft de infinitief één geheel: Ich werde die Pflanze umtopfen. — “Ik zal de plant verpotten.” und verbindt hier twee handelingen: verpotten en minder water geven. Het onderwerp ich wordt in het tweede deel niet herhaald, maar blijft hetzelfde. diese Woche betekent “deze week” en is een tijdsbepaling. diese hoort bij Woche; in deze naamwoordgroep staat de vrouwelijke vorm. Voorbeeld: Diese Woche arbeite ich viel. — “Deze week werk ik veel.” weniger betekent hier “minder” en verlaagt de hoeveelheid water die wordt gegeven. Het is de vergelijkende vorm van wenig: wenig – weniger – am wenigsten. Voorbeeld: Ich trinke weniger Kaffee. — “Ik drink minder koffie.” gießen betekent bij planten “water geven”. Het is hier de infinitief na werde. De vervoegde vorm in een gewone hoofdzin is bijvoorbeeld Ich gieße die Pflanze. — “Ik geef de plant water.” De letter ß hoort bij de Duitse spelling van deze vorm. Samen betekent de zin: “Dan zal ik hem verpotten en hem deze week minder water geven.” werde ... umtopfen drukt het voornemen uit; und verbindt dat met de tweede handeling. Het herhaalde sie is telkens het object, en weniger geeft aan dat er minder water wordt gegeven.
Bei der Pflanzenpflege geht es hauptsächlich um Beobachtung und kleine Anpassungen.
Planten verzorgen gaat vooral om observeren en kleine aanpassingen.
- Bei der Pflanzenpflege
- bij de verzorging van planten
- geht es
- het gaat
- hauptsächlich
- vooral
- Beobachtung
- observatie
- kleine
- kleine
- Anpassungen
- aanpassingen
Uitgebreide uitleg
Bei der Pflanzenpflege geeft de situatie of het onderwerp aan: “bij de verzorging van planten”. bei krijgt hier een datiefgroep. die Pflanzenpflege is een samengesteld zelfstandig naamwoord: Pflanzen + Pflege. Omdat Pflege vrouwelijk is, wordt het na bei der Pflanzenpflege. geht es hoort bij de vaste constructie es geht um ..., waarmee je zegt waar iets over gaat of wat iets inhoudt. es is hier een onpersoonlijk formeel onderwerp; het verwijst niet naar een eerder genoemd zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Es geht um die Planung. — “Het gaat om de planning.” hauptsächlich is een bijwoord met de betekenis “vooral” of “hoofdzakelijk”. Het beperkt hier de strekking van geht es um: de genoemde zaken staan centraal, zonder noodzakelijk te beweren dat het uitsluitend daarover gaat. Beobachtung is het zelfstandig naamwoord voor “observatie” of “waarneming”. De vorm is enkelvoud; het meervoud is Beobachtungen. Het woord hoort bij het werkwoord beobachten (“observeren”), maar in deze zin wordt de activiteit als zelfstandig naamwoord voorgesteld. Voorbeeld: Gute Beobachtung ist wichtig. — “Goede observatie is belangrijk.” kleine betekent hier “kleine”. Het beschrijft Anpassungen, niet Beobachtung. De basisvorm van het bijvoeglijk naamwoord is klein; vóór een zelfstandig naamwoord krijgt het een uitgang. In kleine Anpassungen staat Anpassungen in het meervoud en is de naamwoordgroep het eerste deel van wat na um wordt genoemd. Het voorzetsel um regeert de accusatief. Omdat er vóór dit meervoud geen lidwoord of ander bepalend woord staat, draagt het bijvoeglijk naamwoord de sterke uitgang -e. Anpassungen betekent “aanpassingen”. Dit is het meervoud van die Anpassung; het enkelvoud heeft dus niet de uitgang -en. Het woord kan zowel concrete wijzigingen als bijstellingen van een aanpak aanduiden. Voorbeeld: Die Anpassungen helfen. — “De aanpassingen helpen.” De structuur is Bei ... geht es hauptsächlich um X und Y: “Bij ... gaat het vooral om X en Y.” um staat hier vóór de twee gelijkwaardige naamwoordgroepen Beobachtung en kleine Anpassungen en regeert hun accusatief; bij Beobachtung is die naamvalsvorm niet zichtbaar aan het zelfstandig naamwoord. Samen betekent de volledige zin: “Bij de verzorging van planten gaat het vooral om observeren en kleine aanpassingen.”
Grammatica
obwohl + bijzin: het werkwoord staat achteraan
Obwohl die Pflanze verwelkt, lasse ich die Erde trocknen.
Opvool die pflantsuh fervèlkt, lassuh ich die èrd uh trok-nuh n.Hoewel de plant verwelkt, laat ik de aarde drogen.
Na „obwohl“ staat het vervoegde werkwoord aan het einde van de bijzin.
damit + bijzin: het werkwoord staat achteraan
Ich ändere die Pflanzenpflege, damit die Pflanze sich erholt.
Ich èndruh die pflantsuh n-flee-guh, da-mit die pflantsuh zich èr-hoolt.Ik verander de plantenverzorging, zodat de plant herstelt.
„Damit“ leidt een doelzin in; het vervoegde werkwoord staat aan het einde.
Duits woordenschat
Quiz
Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
in plaats van
Antwoord tonen
stattplant
Antwoord tonen
Pflanzekrijgen
Antwoord tonen
bekommtmisschien