Een mogelijk verwarmingsprobleem beschrijven | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: At home, a tenant describes a heating problem and discusses whether a technician will need access to different rooms..

NL → DE / Niveau: B2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een mogelijk verwarmingsprobleem beschrijven oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Die Heizung schaltet sich ein, aber der Raum wird nie wirklich angenehm warm.

Die hoits-oeng sjaltet ziesj ain, aa-ba dea raom virt nie virkliesj angeneem varm. De verwarming slaat aan, maar de kamer wordt nooit echt behaaglijk.
B

Das Thermostat funktioniert vielleicht, während das Heizkörperventil weiterhin klemmt.

Das termostaat foengtsjoneert fielaisjt, veerent das haits-keurper-ventiel vaita-hien klemt. De thermostaat werkt misschien, terwijl het radiatorkraantje vast blijft zitten.
A

Das habe ich mich auch gefragt, weil sich das Rohr in der Nähe der Wand warm anfühlt.

Das haa-buh iesj miesj aog gefraagt, vail ziesj das roa in dea nee-uh dea vant varm anfuult. Dat vroeg ik me ook af, omdat de leiding bij de muur warm aanvoelt.
B

Dann liegt das Problem wahrscheinlich eher an der Zirkulation als an der Stromversorgung.

Dan liekt das pro-bleem vaar-sjainliesj ee-a an dea tsirkula-tsjoen als an dea sjtroom-ferzorgoeng. Dan ligt het probleem waarschijnlijk eerder aan de circulatie dan aan de stroomvoorziening.
A

Könnte eine Fachkraft das überprüfen, ohne jeden Raum zu betreten?

Keunte aine fagkraft das uuberpruufen, oonuh jeeden raom tsoe betreten? Kan een monteur dit controleren zonder elke kamer binnen te gaan?
B

Die Fachkraft braucht möglicherweise Zugang zu mehreren Räumen, um die Temperaturen in der Wohnung zu vergleichen.

Die fagkraft braaugt meugliesjer-vaize tsoegang tsoe meereren roimen, oem die tempera-toeren in dea voonoeng tsoe fer-glaisjen. De monteur heeft misschien toegang tot meerdere kamers nodig om de temperaturen in de woning te vergelijken.
A

Ich kann das arrangieren, wenn die Fachkraft mir rechtzeitig Bescheid gibt.

Iesj kan das aranzjeeren, ven die fagkraft miea regt-tsaitiesj be-sjait giept. Ik kan dat regelen als de monteur het redelijk van tevoren laat weten.
B

Wir sollten um ein klares Zeitfenster bitten, bevor wir den Termin bestätigen.

Viea zolten oem ain klaares tsait-fensta bitten, be-voor viea deen ter-mien be-sjteetigen. We zouden om een duidelijk tijdvenster moeten vragen voordat we de afspraak bevestigen.

Uitleg van de zinnen

  1. Die Heizung schaltet sich ein, aber der Raum wird nie wirklich angenehm warm.

    De verwarming slaat aan, maar de kamer wordt nooit echt behaaglijk.

    Heizung
    verwarming
    schaltet sich ein
    slaat aan
    aber
    maar
    Raum
    kamer
    wird
    wordt
    nie
    nooit
    wirklich
    echt
    angenehm
    behaaglijk
    warm
    warm
    Uitgebreide uitleg

    Heizung betekent hier de verwarming. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Heizung; het meervoud is die Heizungen. Een bruikbaar voorbeeld is: Die Heizung ist aus. — De verwarming staat uit. schaltet sich ein komt van het wederkerende werkwoord sich einschalten: aangaan of ingeschakeld worden. In deze zin is schaltet de persoonsvorm bij die Heizung, sich is het wederkerende voornaamwoord en ein is het afgescheiden deel van het werkwoord. In een hoofdzin staat dat deel achteraan: Die Heizung schaltet sich ein. — De verwarming slaat aan. Vergelijk de infinitief sich einschalten met het niet-wederkerende einschalten, iemand of iets inschakelen. aber verbindt twee delen met een tegenstelling en betekent maar. Het verandert de betekenis van de woorden eromheen niet zelf. Raum betekent hier kamer of ruimte. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Raum; het meervoud is die Räume. Het woord der in de zin is de vorm die bij dit zelfstandig naamwoord hoort. Voorbeeld: Der Raum ist groß. — De ruimte is groot. wird is de vorm van werden bij er, sie of es in de tegenwoordige tijd. Hier staat het bij der Raum en betekent het wordt: de ruimte krijgt de beschreven toestand. Werden kan in andere zinnen ook als hulpwerkwoord voor een toekomstige of passieve vorm voorkomen, maar hier gaat het om een verandering van toestand. Voorbeeld: Der Raum wird heller. — De ruimte wordt lichter. nie betekent nooit en maakt de bewering algemeen negatief in de tijd. In deze zin geldt het voor het warm en aangenaam worden van de ruimte. wirklich betekent hier echt of werkelijk. Het versterkt angenehm warm: de ruimte wordt niet werkelijk behaaglijk warm. Voorbeeld: Das ist wirklich warm. — Dat is echt warm. angenehm betekent aangenaam of, in deze combinatie, behaaglijk. Het beschrijft hoe de warmte aanvoelt. Het is een bijvoeglijk naamwoord; hier staat het zonder verbuiging na wird, omdat het deel is van het naamwoordelijk gezegde. Voorbeeld: Die Temperatur ist angenehm. — De temperatuur is aangenaam. warm betekent warm. In angenehm warm versterken de twee bijvoeglijke naamwoorden elkaar: niet alleen warm, maar op een behaaglijke manier warm. Warm staat hier na wird zonder uitgang. Voorbeeld: Das Wasser wird warm. — Het water wordt warm. Samen betekent Die Heizung schaltet sich ein, aber der Raum wird nie wirklich angenehm warm.: de verwarming slaat aan, maar de kamer wordt nooit echt behaaglijk warm. Het eerste deel beschrijft dat de verwarming aangaat; aber zet daar de tegenstelling tegenover; in het tweede deel wordt met wird en warm een verandering van toestand beschreven, beperkt door nie wirklich angenehm.

  2. Das Thermostat funktioniert vielleicht, während das Heizkörperventil weiterhin klemmt.

    De thermostaat werkt misschien, terwijl het radiatorkraantje vast blijft zitten.

    Thermostat
    thermostaat
    funktioniert
    werkt; functioneert
    vielleicht
    misschien
    während
    terwijl
    Heizkörperventil
    radiatorkraantje
    weiterhin
    nog steeds; blijvend
    klemmt
    zit vast
    Uitgebreide uitleg

    Thermostat betekent hier een thermostaat: een apparaat dat de temperatuur regelt. In deze zin staat de onzijdige variant: das Thermostat; het meervoud is die Thermostate. In het Duits krijgen zelfstandige naamwoorden een hoofdletter. funktioniert is de vorm van funktionieren bij er/sie/es in de tegenwoordige tijd. De vorm betekent hier dat de thermostaat werkt of functioneert. Voorbeeld: Das Gerät funktioniert. — Het apparaat werkt. De uitgang -t hoort hier bij de derde persoon enkelvoud; zij hoort bij het werkwoord, niet bij Thermostat. vielleicht maakt de uitspraak onzeker: de spreker zegt niet dat de werking vaststaat, maar dat die mogelijk is. Voorbeeld: Vielleicht funktioniert der Schalter. — Misschien werkt de schakelaar. während verbindt hier twee gelijktijdige situaties en wordt in het Nederlands weergegeven met terwijl. Het leidt een bijzin in. In een Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans achteraan: während das Heizkörperventil weiterhin klemmt. Während kan in andere zinnen ook een duidelijker tegenstelling aangeven, maar hier is vooral gelijktijdigheid bedoeld. Heizkörperventil is een samenstelling van Heizkörper (radiator) en Ventil (ventiel). Het woord is onzijdig: das Heizkörperventil. Het meervoud is die Heizkörperventile. Voorbeeld: Das Heizkörperventil ist neu. — Het radiatorkraantje is nieuw. weiterhin betekent dat een toestand nog voortduurt: nog steeds of blijvend. Het zegt hier dat het vastzitten aanhoudt. Voorbeeld: Die Tür klemmt weiterhin. — De deur zit nog steeds vast. klemmt komt van klemmen en is hier de tegenwoordige tijd bij er/sie/es. In deze context betekent het dat het ventiel vastzit of niet vrij beweegt. Voorbeeld: Das Fenster klemmt. — Het raam zit vast. De vorm klemmt is dus de werkwoordsvorm; Heizkörperventil is het onderwerp. Samen vormt Das Thermostat funktioniert vielleicht de hoofdzin: mogelijk werkt de thermostaat. während voegt de bijzin toe; daarin blijft das Heizkörperventil het onderwerp, weiterhin geeft de voortduring aan en klemmt staat als vervoegd werkwoord aan het einde. De volledige betekenis is: de thermostaat werkt misschien, terwijl het radiatorkraantje nog steeds vastzit.

  3. Das habe ich mich auch gefragt, weil sich das Rohr in der Nähe der Wand warm anfühlt.

    Dat vroeg ik me ook af, omdat de leiding bij de muur warm aanvoelt.

    Das
    dat
    habe ich mich auch gefragt
    dat vroeg ik me ook af
    weil
    omdat
    Rohr
    leiding; buis
    Nähe
    buurt; nabijheid
    Wand
    muur
    warm
    warm
    sich … anfühlt
    aanvoelt
    Uitgebreide uitleg

    Das is hier een aanwijzend voornaamwoord met de betekenis ‘dat’. Volgens de vaste vertaling verwijst het naar iets dat in de gesprekssituatie al ter sprake is, maar de aangeleverde gegevens bepalen niet precies waarnaar. Het is dus niet nodig om zelf een specifiek zelfstandig naamwoord als referent aan te wijzen. habe ich mich auch gefragt betekent hier ‘heb ik me dat ook afgevraagd’. De combinatie sich etwas fragen betekent ‘zich iets afvragen’; bij ich hoort het wederkerende voornaamwoord mich. De voltooide tijd bestaat hier uit habe plus het voltooid deelwoord gefragt: Ich habe mich das auch gefragt. = ‘Ik heb me dat ook afgevraagd.’ auch betekent ‘ook’. weil leidt een redengevende bijzin in: ‘omdat’. In een Duitse bijzin staat de vervoegde werkwoordsvorm doorgaans aan het einde. Hier staat daarom anfühlt aan het einde van de bijzin. Rohr is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Rohr = ‘de leiding’ of ‘de buis’; het meervoud is die Rohre. In deze zin gaat het volgens de vaste vertaling om een leiding. Voorbeeld: Das Rohr ist warm. — ‘De leiding is warm.’ Nähe is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord dat ‘nabijheid’ betekent. De vaste combinatie in der Nähe betekent ‘in de buurt’ of ‘in de nabijheid’. In in der Nähe der Wand geeft der Wand aan waarvan de nabijheid wordt beschreven; de hele groep betekent hier ‘bij de muur’. Voorbeeld: Das Fahrrad steht in der Nähe der Wand. — ‘De fiets staat bij de muur.’ Wand betekent ‘muur’ en is vrouwelijk: die Wand; het meervoud is die Wände. In der Wand staat het zelfstandig naamwoord in de vorm die deze genitiefconstructie na Nähe vereist: in der Nähe der Wand. warm is een bijvoeglijk naamwoord en betekent ‘warm’. Hier wordt het predicatief gebruikt na fühlt ... an om de ervaren eigenschap te benoemen. In deze positie krijgt het geen uitgang. Een bruikbare tegenstelling is kalt — ‘koud’. sich ... anfühlt hoort bij het werkwoord sich anfühlen, ‘aanvoelen’. De vaste reflexieve vorm sich anfühlen beschrijft hoe iets voor iemand aanvoelt; sich is hier dus onderdeel van het werkwoord, niet een aanwijzing dat het onderwerp zelf iets waarneemt. Voorbeeld: Das Rohr fühlt sich warm an. — ‘De leiding voelt warm aan.’ In de bijzin staat de vervoegde vorm aan het einde en verschijnt het scheidbare werkwoord als anfühlt. De infinitief is sich anfühlen, en het voltooid deelwoord is angefühlt. Samen betekent Das habe ich mich auch gefragt, weil sich das Rohr in der Nähe der Wand warm anfühlt: ‘Dat vroeg ik me ook af, omdat de leiding bij de muur warm aanvoelt.’ De eerste hoofdzin zegt dat de spreker zich dit eveneens heeft afgevraagd. weil voegt de reden toe: de leiding voelt warm aan in de buurt van de muur.

  4. Dann liegt das Problem wahrscheinlich eher an der Zirkulation als an der Stromversorgung.

    Dan ligt het probleem waarschijnlijk eerder aan de circulatie dan aan de stroomvoorziening.

    Dann
    dan
    liegt … an
    aan ... liggen
    Problem
    probleem
    wahrscheinlich
    waarschijnlijk
    eher
    eerder; veeleer
    Zirkulation
    circulatie
    als
    dan
    Stromversorgung
    stroomvoorziening
    Uitgebreide uitleg

    Dann staat hier aan het begin en betekent in deze context “dan” of “in dat geval”. Het verbindt deze inschatting met wat eraan voorafgaat. Duits heeft hier de gebruikelijke werkwoord-tweede-positie: na Dann komt het vervoegde werkwoord liegt. liegt ... an vormt samen de constructie an etwas liegen: “aan iets liggen”, oftewel “door iets veroorzaakt worden” of “iets als oorzaak hebben”. liegt is de tegenwoordige tijd van liegen bij het onderwerp das Problem; de vorm hoort dus bij het werkwoord, niet bij Problem. In deze constructie staat de oorzaak met an: Das liegt an der Heizung. = “Dat ligt aan de verwarming.” Dit is iets anders dan legen (“leggen”): liegen beschrijft een toestand of oorzaak, terwijl legen meestal een handeling van neerleggen beschrijft. Problem betekent hier “probleem”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Problem; het meervoud is die Probleme. In de zin is het onderwerp van liegt. wahrscheinlich betekent “waarschijnlijk” en maakt de uitspraak minder stellig. Het zegt dat dit de vermoedelijke verklaring is, niet dat die al zeker vaststaat. eher is hier een bijwoord met de betekenis “eerder”, “veeleer” of “meer waarschijnlijk”. Het is niet de vergrotende vorm van zichzelf. In eher ... als ... vergelijkt het twee mogelijke verklaringen en wijst het de eerste als waarschijnlijker aan dan de tweede. Hier gaat het dus niet om de tijdsbetekenis “vroeger”. Zirkulation betekent “circulatie” of “stroming” in de bedoelde technische context. Het is een zelfstandig naamwoord en daarom in het Duits met een hoofdletter geschreven. In an der Zirkulation staat het na an in de datief; der is hier de datiefvorm van het vrouwelijke lidwoord bij die Zirkulation. als betekent hier “dan” en hoort bij de vergelijking eher ... als .... Het leidt de tweede kant van de vergelijking in. Dit gebruik verschilt bijvoorbeeld van als in Als es regnet, bleibe ich zu Hause, waar het “als/wanneer” betekent. Stromversorgung betekent “stroomvoorziening”. Het is een samenstelling van Strom en Versorgung, maar als geheel benoemt het de voorziening of toevoer van elektriciteit. Ook hier staat na an een datief: an der Stromversorgung. De zin bouwt dus eerst de vermoedelijke oorzaak op met Das Problem liegt an .... wahrscheinlich eher maakt vervolgens duidelijk dat deze oorzaak waarschijnlijker wordt geacht. De volledige vergelijking is eher an der Zirkulation als an der Stromversorgung: het probleem ligt volgens deze inschatting eerder aan de circulatie dan aan de stroomvoorziening. Samen betekent de hele uiting: “Dan ligt het probleem waarschijnlijk eerder aan de circulatie dan aan de stroomvoorziening.”

  5. Könnte eine Fachkraft das überprüfen, ohne jeden Raum zu betreten?

    Kan een monteur dit controleren zonder elke kamer binnen te gaan?

    Könnte
    zou kunnen
    Fachkraft
    vakbekwame professional
    das
    dit
    überprüfen
    controleren
    ohne … zu
    zonder te …
    jeden
    elke
    Raum
    kamer
    betreten
    binnenkomen
    Uitgebreide uitleg

    Könnte is de vorm van können voor een voorwaardelijke of voorzichtige mogelijkheid: “zou kunnen”. In deze vraag maakt het de mogelijkheid voorzichtig, niet stellig. De basisvorm is können; vergelijk bijvoorbeeld: Er kann helfen. — “Hij kan helpen.” Fachkraft betekent hier een vakbekwame professional; de vertaling specificeert die als een monteur. Het woord is vrouwelijk: die Fachkraft. eine Fachkraft is hier enkelvoud; het zelfstandig naamwoord zelf heeft in het enkelvoud dezelfde vorm voor een mannelijke of vrouwelijke persoon, terwijl het lidwoord het grammaticale geslacht toont. das is hier een aanwijzend voornaamwoord in de vierde naamval (accusatief), met onzijdige vorm. Het verwijst naar wat gecontroleerd moet worden; de aangeleverde zinnen leggen niet uniek vast welk concreet ding dat is. De vorm hoort bij het grammaticale geslacht en de naamval van het bedoelde element, niet automatisch bij het dichtstbijzijnde zelfstandig naamwoord. überprüfen betekent “controleren” of “nakijken”. De infinitief staat hier na könnte: könnte ... überprüfen. Voorbeeld: Kannst du den Wert überprüfen? — “Kun je de waarde controleren?” ohne ... zu vormt een constructie met de betekenis “zonder te ...”. Het onderwerp van de zu-infinitief wordt hier begrepen als dezelfde professional als in het hoofdgedeelte: zonder dat die professional elke kamer binnengaat. Voorbeeld: Sie arbeitet, ohne zu klagen. — “Zij werkt zonder te klagen.” jeden betekent hier “elke” en staat bij Raum in de accusatief enkelvoud. Het drukt niet op zichzelf een expliciet aantal uit; het presenteert de kamers afzonderlijk binnen de algemene uitspraak. Raum betekent “kamer” in deze context. De vorm in jeden Raum is de accusatief enkelvoud van het mannelijke zelfstandig naamwoord der Raum. In het meervoud is dat die Räume; bijvoorbeeld: Sie betritt mehrere Räume. — “Zij gaat meerdere kamers binnen.” betreten betekent “binnengaan” of “betreden” en neemt voor de betreden plaats een accusatief: einen Raum betreten. Hier staat het als zu betreten binnen de ohne ... zu-constructie. Voorbeeld: Bitte betreten Sie den Raum. — “Betreedt u de kamer alstublieft.” Samen vormen eine Fachkraft ... überprüfen en das de vraag of een vakbekwame professional dit kan controleren. ohne jeden Raum zu betreten voegt de voorwaarde toe dat die professional niet elke kamer hoeft binnen te gaan. De volledige betekenis is dus: “Zou een vakbekwame professional dit kunnen controleren zonder elke kamer binnen te gaan?”

  6. Die Fachkraft braucht möglicherweise Zugang zu mehreren Räumen, um die Temperaturen in der Wohnung zu vergleichen.

    De monteur heeft misschien toegang tot meerdere kamers nodig om de temperaturen in de woning te vergelijken.

    Fachkraft
    vakpersoon; deskundige
    braucht
    heeft nodig
    möglicherweise
    misschien
    Zugang
    toegang
    mehreren
    meerdere
    Räumen
    ruimtes; kamers
    um … zu vergleichen
    om ... te vergelijken
    Temperaturen
    temperaturen
    Wohnung
    woning; appartement
    Uitgebreide uitleg

    Fachkraft betekent hier een vakpersoon of deskundige; volgens de vaste vertaling gaat het om de monteur. Het zelfstandig naamwoord is grammaticaal vrouwelijk, maar dat zegt op zichzelf niets over het geslacht van de persoon. Het meervoud is Fachkräfte. braucht komt van brauchen en is de tegenwoordige tijd voor de derde persoon enkelvoud: die Fachkraft braucht. Het betekent hier dat iemand iets nodig heeft. Voorbeeld: Ich brauche Hilfe. — Ik heb hulp nodig. möglicherweise voegt onzekerheid toe: de behoefte wordt als mogelijk, niet als zeker voorgesteld. Het heeft hier betrekking op de hele bewering. Zugang betekent toegang. In Zugang zu ... geeft zu aan waartoe iemand toegang nodig heeft. zu regeert hier een datiefgroep; daarom staat het meervoud van Raum als Räumen. mehreren betekent meerdere of een aantal, zonder een exact aantal te noemen. Het is de verbogen vorm van mehrere in een meervoudige datiefgroep: zu mehreren Räumen. Voorbeeld: Sie arbeitet in mehreren Städten. — Zij werkt in meerdere steden. Räumen is het meervoud van Raum (ruimte, kamer). In zu mehreren Räumen heeft het de datief-meervoudsuitgang die hier door zu wordt vereist; de vorm Räume is de nominatief- of accusatiefmeervoudsvorm. De losse delen um en zu vergleichen vormen samen de doelconstructie um ... zu vergleichen: om ... te vergelijken. zu vergleichen komt van vergleichen, vergelijken. Het onderwerp van deze infinitiefconstructie is hier dezelfde vakpersoon als in de hoofdzin. Voorbeeld: Sie kommt, um die Daten zu prüfen. — Zij komt om de gegevens te controleren. Temperaturen is het meervoud van Temperatur, temperatuur. Bij vergleichen zijn de temperaturen datgene wat wordt vergeleken. Het meervoud geeft aan dat het om meer dan één temperatuur gaat, zonder zelf het exacte aantal te noemen. Wohnung betekent woning of appartement. In in der Wohnung geeft in een vaste locatie aan, daarom staat de naamwoordgroep in de datief. der hoort hier bij het grammaticaal vrouwelijke enkelvoud van Wohnung. Samen betekent Die Fachkraft braucht möglicherweise Zugang zu mehreren Räumen dat de monteur misschien toegang tot meerdere kamers nodig heeft. um die Temperaturen in der Wohnung zu vergleichen legt het doel daarvan uit: om de temperaturen in de woning met elkaar te vergelijken. De volledige betekenis is dus: de monteur heeft misschien toegang tot meerdere kamers nodig om de temperaturen in de woning te vergelijken.

  7. Ich kann das arrangieren, wenn die Fachkraft mir rechtzeitig Bescheid gibt.

    Ik kan dat regelen als de monteur het redelijk van tevoren laat weten.

    Ich kann
    ik kan
    das
    dat
    arrangieren
    regelen
    wenn
    als
    die Fachkraft
    de monteur
    mir
    mij
    rechtzeitig
    op tijd
    Bescheid gibt
    laat weten
    Uitgebreide uitleg

    Ich kann bevat können in de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud: ich kann. Het betekent hier dat de spreker iets kan regelen. Bij een modaal werkwoord staat het andere werkwoord in de infinitief, meestal aan het einde van de hoofdzin: Ich kann das arrangieren. das is hier een aanwijzend voornaamwoord met de betekenis ‘dat’. Het verwijst naar de zaak die geregeld moet worden, zonder dat de zin die zaak nader benoemt. De vorm is onzijdig in de accusatief; dat is een grammaticale eigenschap van deze vorm, niet een uitspraak over een persoon. arrangieren is de infinitief en betekent hier ‘regelen’ of ‘organiseren’. De vorm blijft na kann infinitief: Ich kann das arrangieren. Een voorbeeld: Wir können den Termin arrangieren. — ‘We kunnen de afspraak regelen.’ wenn leidt een voorwaardelijke bijzin in: ‘als’ of ‘wanneer’. In zo’n Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord achteraan. Het patroon is bijvoorbeeld wenn X ... macht: ‘als X ... doet’. Hier vormt wenn die Fachkraft mir rechtzeitig Bescheid gibt de voorwaarde voor het regelen. die Fachkraft is de handelende persoon in de voorwaarde. Fachkraft is een zelfstandig naamwoord voor een gekwalificeerde vakpersoon; in deze context geeft de vaste vertaling dat het om de monteur gaat. Het woord is grammaticaal vrouwelijk, wat zichtbaar is in die; dat grammaticale geslacht zegt op zichzelf niets over het biologische geslacht van de persoon. In deze zin is die Fachkraft enkelvoud en onderwerp, daarom staat het werkwoord in de derde persoon enkelvoud. mir is de datiefvorm van ich en betekent ‘mij’ als ontvanger van informatie. Vergelijk: Er gibt mir Bescheid. — ‘Hij laat het mij weten.’ De vorm mir staat dus niet voor de handelende persoon; die rol wordt hier door die Fachkraft vervuld. rechtzeitig betekent ‘op tijd’ of ‘tijdig’: vroeg genoeg om iets mogelijk te maken. Het beschrijft hier wanneer de informatie wordt doorgegeven, niet wanneer het regelen zelf plaatsvindt. Bescheid gibt hoort bij de vaste uitdrukking Bescheid geben, letterlijk ongeveer ‘bericht geven’ en in natuurlijk Nederlands ‘laten weten’. gibt is de derde persoon enkelvoud van geben, met als infinitief geben. In een hoofdzin wordt de uitdrukking gesplitst, bijvoorbeeld Die Fachkraft gibt mir Bescheid. In deze bijzin staat het vervoegde werkwoord achteraan: ..., wenn die Fachkraft mir rechtzeitig Bescheid gibt. Samen betekent de zin: ‘Ik kan dat regelen als de monteur het op tijd laat weten.’ De hoofdzin Ich kann das arrangieren geeft aan wat de spreker kan doen; de bijzin met wenn noemt de voorwaarde. De vaste uitdrukking Bescheid geben maakt duidelijk dat de monteur de spreker tijdig informeert.

  8. Wir sollten um ein klares Zeitfenster bitten, bevor wir den Termin bestätigen.

    We zouden om een duidelijk tijdvenster moeten vragen voordat we de afspraak bevestigen.

    Wir sollten
    we zouden moeten
    um … bitten
    vragen om
    klares
    duidelijk
    Zeitfenster
    tijdvenster
    bevor
    voordat
    Termin
    afspraak
    bestätigen
    bevestigen
    Uitgebreide uitleg

    Wir sollten: wir betekent hier “wij”. sollten is hier de vorm waarmee sollen een voorstel of aanbeveling uitdrukt: “zouden moeten”. De vorm valt aan de oppervlakte samen met de eerste persoon meervoud van de verleden tijd, maar in deze zin heeft zij de functie van een aanbeveling. Bij dit modale werkwoord staat het andere werkwoord als infinitief aan het einde. Voorbeeld: Wir sollten warten. — “Wij zouden moeten wachten.” um ... bitten: bitten betekent “vragen” en vormt met um de herbruikbare constructie um etwas bitten: iemand om iets vragen. um leidt hier samen met bitten datgene in waar men om vraagt. Voorbeeld: Sie bittet um Hilfe. — “Zij vraagt om hulp.” klares: klar betekent hier “duidelijk”. De vorm klares hoort bij Zeitfenster: dat woord is onzijdig, enkelvoud en staat hier in de accusatief na ein; daarom krijgt het bijvoeglijk naamwoord de uitgang -es. De vergelijkingsreeks is klar — klarer — am klarsten. Voorbeeld: Wir brauchen einen klaren Plan. — “Wij hebben een duidelijk plan nodig.” Daar verandert de uitgang omdat Plan mannelijk is en de naamwoordgroep anders wordt gevormd. Zeitfenster: dit onzijdige zelfstandig naamwoord betekent “tijdvenster” of hier een afgesproken periode waarin iets kan gebeuren. Het meervoud heeft dezelfde vorm: das Zeitfenster, die Zeitfenster. Voorbeeld: Das Zeitfenster ist kurz. — “Het tijdvenster is kort.” bevor: bevor leidt een bijzin in met de betekenis “voordat”. In zo’n bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans aan het einde. Voorbeeld: Bevor wir gehen, bezahlen wir. — “Voordat we gaan, betalen we.” Termin: Termin betekent hier “afspraak” of “afgesproken moment”. In den Termin staat het mannelijke zelfstandig naamwoord in de accusatief; der Termin is de basisvorm in de nominatief. Voorbeeld: Der Termin ist morgen. — “De afspraak is morgen.” bestätigen: dit werkwoord betekent “bevestigen”. In wir den Termin bestätigen staat bestätigen aan het einde van de bevor-bijzin. De vorm ziet er hetzelfde uit als de infinitief, maar is hier de vervoegde vorm voor wir in de tegenwoordige tijd. Voorbeeld: Wir bestätigen den Termin. — “Wij bevestigen de afspraak.” Gecombineerd betekent Wir sollten um ein klares Zeitfenster bitten dat wij zouden moeten vragen om een duidelijk tijdvenster. bevor wir den Termin bestätigen geeft aan dat dit gebeurt voordat wij de afspraak bevestigen. De volledige betekenis is dus: “We zouden om een duidelijk tijdvenster moeten vragen voordat we de afspraak bevestigen.”

Grammatica

während + bijzin met werkwoord aan het einde

Während die Heizung weiterhin funktioniert, klemmt das Heizkörperventil.

Veerent die hoits-oeng vaita-hien foengtsjoneert, klemt das haits-keurper-ventiel.

Terwijl de verwarming nog steeds werkt, zit het radiatorkraantje vast.

Na „während“ staat het vervoegde werkwoord aan het einde van de bijzin.

bitten, etwas zu überprüfen

Sie bitten eine Fachkraft, die Heizung zu überprüfen.

Zie bitten aine fagkraft, die hoits-oeng tsoe uuberpruufen.

U vraagt een vakpersoon om de verwarming te controleren.

Na „bitten“ gebruik je een komma en „zu“ vóór het werkwoord in de infinitief.

Duits woordenschat

angenehm warm bijvoeglijk naamwoord
angeneem varm aangenaam warm
funktionieren werkwoord
foengtsjoneeren werken funktioniert
Heizkörperventil zelfstandig naamwoord
haits-keurper-ventiel radiatorkraantje das Heizkörperventil
Heizung zelfstandig naamwoord
hoits-oeng verwarming Die Heizung
in der Nähe uitdrukking
in dea nee-uh in de buurt in der Nähe der Wand
klemmen werkwoord
klemen vastzitten klemmt
Rohr zelfstandig naamwoord
roa leiding, buis das Rohr
sich einschalten werkwoord
ziesj ain-sjalten aangaan schaltet sich ein
sich fragen uitdrukking
ziesj fraagen zich afvragen habe ich mich auch gefragt
Thermostat zelfstandig naamwoord
termostaat thermostaat Das Thermostat
während voegwoord
veerent terwijl
weiterhin bijwoord
vaita-hien nog steeds

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

werken

Antwoord tonenfunktioniert

nog steeds

Antwoord tonenweiterhin

vastzitten

Antwoord tonenklemmt

terwijl

Antwoord tonenwährend