Specifieke feedback geven zonder agressief te klinken | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: At a restaurant, a guest gives specific feedback about uneven course timing while a staff member notes it as a service issue..

NL → DE / Niveau: B2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Specifieke feedback geven zonder agressief te klinken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Das Essen war angenehm, aber die Abstände zwischen den Gängen wirkten ungleichmäßig.

Dass essen vaar aangeneem, aa-ber die ap-sjtende tsvisjen deen geng-en virk-ten oeng-lai-sj-meesig. De maaltijd was prettig, maar de tussenpozen tussen de gangen voelden ongelijkmatig aan.
B

Es tut mir leid, dass der zeitliche Ablauf das Essen beeinträchtigt hat.

Es toet mier lait, dass der tsait-liesje aaf-laup dass essen be-ain-treg-sjtigt hat. Het spijt me dat de timing de maaltijd in de weg heeft gezeten.
A

Ich verstehe, dass viel los war.

Ieg fersjtee, dass fiel loos vaar. Ik begrijp dat het druk was.
A

Aber einige Gänge kamen zu dicht hintereinander, während andere zu lange auf sich warten ließen.

Aa-ber ainige geng-en kaamen tsoe ditsjt hinter-ain-ander, veerend andere tsoe laange auf ziesj vart-en liessen. Maar een paar gangen kwamen te kort na elkaar, terwijl andere te lang op zich lieten wachten.
B

Das hätte am Tisch besser aufeinander abgestimmt werden müssen.

Dass hette am tisj besser auf-ain-ander ap-gesjtimt veerden muussen. Dat had aan tafel beter op elkaar afgestemd moeten worden.
A

Ich möchte nichts Zusätzliches.

Ieg meugte niets tsoe-zet-slieges. Ik ben niet uit op iets extra's.
A

Ich wollte nur, dass Sie wissen, was passiert ist.

Ieg vol-te noer, dass zie vissen, vas passeert ist. Ik wilde alleen dat u wist wat er was gebeurd.
B

Ich schätze die Details, weil sie auf ein Serviceproblem hinweisen, das wir beheben können.

Ieg sjetse die dee-tails, vail zie auf ain zeurvis-probleem hin-vaisen, dass vier beheeben keunen. Ik waardeer de details, omdat ze wijzen op een serviceprobleem dat we kunnen verhelpen.
A

Das Personal war durchgehend höflich, daher scheint es eher ein organisatorisches als ein persönliches Problem zu sein.

Dass perzonnaal vaar doer-sj-ge-ent heuf-liesj, daa-heer sjijnt es ee-er ain orgaanizatooriesjes als ain peursuunliesjes probleem tsoe zain. Het personeel was de hele tijd beleefd, dus lijkt het eerder om een operationeel probleem te gaan dan om iets persoonlijks.
B

Ich werde diese Unterscheidung an den Manager weitergeben.

Ieg veerde dieze ondersjaitoeng aan deen menedzjer vaiter-geeben. Ik zal dat onderscheid aan de manager doorgeven.

Uitleg van de zinnen

  1. Das Essen war angenehm, aber die Abstände zwischen den Gängen wirkten ungleichmäßig.

    De maaltijd was prettig, maar de tussenpozen tussen de gangen voelden ongelijkmatig aan.

    Essen
    maaltijd; eten
    angenehm
    prettig; aangenaam
    aber
    maar
    Abstände
    tussenpozen
    zwischen
    tussen
    Gängen
    gangen
    wirkten
    voelden aan; leken
    ungleichmäßig
    ongelijkmatig
    Uitgebreide uitleg

    Essen is here the noun “maaltijd”. Its base form is das Essen; the capital letter shows that it is a noun. The same form can also mean “eten” as an activity, but the fixed translation supports the meal reading here. Example: Das Essen ist fertig. — “De maaltijd is klaar.” angenehm means “prettig” or “aangenaam” here. It is an adjective describing the meal. In this sentence it has no visible ending because it follows war and is used predicatively. Example: Der Aufenthalt war angenehm. — “Het verblijf was aangenaam.” aber connects two contrasting statements and means “maar”. The first statement is not rejected; the second adds a negative contrast about the spacing between courses. Abstände is the plural of der Abstand, “de tussenpoos” or “de afstand”. In this context it means the intervals between courses. The plural form is important because the sentence refers to multiple intervals. Example: Die Abstände sind zu lang. — “De tussenpozen zijn te lang.” zwischen introduces a relation between two or more things and means “tussen”. In zwischen den Gängen, it marks what the intervals separate. With this fixed relation, den Gängen is dative plural. Gängen is the dative plural of der Gang, here “de gang” in the sense of a course of a meal. The plural form is Gänge; the dative plural adds -n, giving Gängen. Example: Zwischen den Gängen gab es eine Pause. — “Tussen de gangen was er een pauze.” wirkten comes from wirken and is the simple past form for a plural subject: sie wirkten. Here wirken means “lijken” or, with this translation, “aanvoelen”. It describes how the intervals appeared, rather than asserting that they objectively had a measurable irregularity. Example: Die Abstände wirkten kurz. — “De tussenpozen leken kort.” ungleichmäßig means “ongelijkmatig”. Here it describes the way the intervals seemed to be arranged or felt. After wirken the adjective is predicative, so it has no adjective ending. Its opposite is gleichmäßig, “gelijkmatig”. Example: Der Rhythmus wirkt ungleichmäßig. — “Het ritme voelt ongelijkmatig aan.” Together, Das Essen war angenehm says that the meal was pleasant. aber introduces the contrast, and die Abstände zwischen den Gängen wirkten ungleichmäßig says that the intervals between the courses seemed uneven. The complete meaning is therefore: “De maaltijd was prettig, maar de tussenpozen tussen de gangen voelden ongelijkmatig aan.”

  2. Es tut mir leid, dass der zeitliche Ablauf das Essen beeinträchtigt hat.

    Het spijt me dat de timing de maaltijd in de weg heeft gezeten.

    Es tut mir leid
    het spijt me
    zeitliche
    met betrekking tot de timing
    Ablauf
    verloop
    Essen
    maaltijd; eten
    beeinträchtigt
    belemmerd
    Uitgebreide uitleg

    Es tut mir leid is een vaste Duitse manier om verontschuldiging of spijt uit te drukken: “het spijt me”. tut is de derde persoon enkelvoud van tun in deze vaste uitdrukking; je vertaalt de combinatie niet letterlijk als “het doet mij leed”. mir staat in de datief en duidt degene aan die spijt heeft. Een bruikbaar patroon is: Es tut mir leid, dass ... — “Het spijt me dat ...”. zeitliche komt van het bijvoeglijk naamwoord zeitlich en betekent hier “met betrekking tot de timing”. De uitgang -e hoort bij de vorm vóór het mannelijke zelfstandig naamwoord Ablauf met het bepaalde lidwoord der: der zeitliche Ablauf. Het woord betekent hier dus niet “tijdelijk” in de zin van “van korte duur”. Ablauf is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent “verloop” of “opeenvolging van gebeurtenissen”. In deze zin gaat het, gezien de vaste vertaling en de context, om de timing of het verloop van de maaltijd. Het patroon der zeitliche Ablauf kan ook in andere situaties worden gebruikt voor “het temporele verloop” of “de timing”. Essen is hier een zelfstandig naamwoord en betekent “de maaltijd”. Het is met een hoofdletter geschreven, zoals Duitse zelfstandige naamwoorden. Hetzelfde woord kan in andere contexten ook het werkwoord essen als zelfstandig naamwoord weergeven, maar hier is de maaltijd het accusatiefobject van beeinträchtigt. beeinträchtigt komt van het werkwoord beeinträchtigen en betekent hier “hinderen”, “belemmeren” of “negatief beïnvloeden”. Het onderwerp is der zeitliche Ablauf, en das Essen is het lijdend voorwerp. In de combinatie beeinträchtigt hat staat het werkwoord in het perfekt: hat is het hulpwerkwoord en beeinträchtigt is het voltooid deelwoord. Het patroon etwas beeinträchtigt etwas is herbruikbaar voor “iets belemmert of beïnvloedt iets nadelig”. Na dass volgt een bijzin. In deze bijzin staat het vervoegde hulpwerkwoord hat aan het einde, terwijl het voltooid deelwoord beeinträchtigt ervoor staat: dass der zeitliche Ablauf das Essen beeinträchtigt hat. Samen met Es tut mir leid ontstaat de volledige betekenis: “Het spijt me dat de timing de maaltijd in de weg heeft gezeten.”

  3. Ich verstehe, dass viel los war.

    Ik begrijp dat het druk was.

    Ich verstehe
    ik begrijp
    dass
    dat
    viel los
    drukte; veel bedrijvigheid
    war
    was
    Uitgebreide uitleg

    Ich verstehe betekent hier: “ik begrijp het”. verstehe is de eerste persoon enkelvoud van verstehen in de tegenwoordige tijd: ich verstehe, du verstehst, er/sie versteht. Het werkwoord kan zowel begrijpen als verstaan betekenen; in deze zin gaat het om begrijpen. dass leidt een bijzin in die uitlegt wat de spreker begrijpt. In zo’n Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans aan het einde. Een bruikbaar patroon is: Ich verstehe, dass ... — “Ik begrijp dat ...”. Voorbeeld: Ich verstehe, dass du müde bist. — “Ik begrijp dat je moe bent.” viel los is een vaste, informele combinatie met sein en betekent hier dat er veel gaande was of dat het druk was. viel betekent letterlijk “veel”, maar in deze combinatie beschrijft het de mate van activiteit; het is dus geen noodzakelijk concrete telbare hoeveelheid. los sein kan in andere contexten ook betekenen dat iets aan de gang is. Voorbeeld: Heute ist viel los. — “Vandaag is het druk.” war is de verleden tijd (Präteritum) van sein. In deze zin staat het aan het einde van de dass-bijzin: dass viel los war. Het vormt samen met viel los de betekenis “dat het druk was”. De vorm war wordt gebruikt bij enkelvoudige derde persoon en ook bij ich; het onderwerp of de constructie bepaalt de overeenkomst, niet het woord viel als losse hoeveelheid. Samen betekent de zin: “Ik begrijp dat het druk was.” De hoofdzin Ich verstehe geeft het begrip van de spreker aan; de dass-bijzin noemt wat die spreker begrijpt. Binnen die bijzin staat de vaste combinatie viel los sein in het verleden: viel los war.

  4. Aber einige Gänge kamen zu dicht hintereinander, während andere zu lange auf sich warten ließen.

    Maar een paar gangen kwamen te kort na elkaar, terwijl andere te lang op zich lieten wachten.

    Aber
    maar
    einige
    enkele; een paar
    Gänge
    gangen
    kamen
    kwamen
    zu dicht
    te dicht
    hintereinander
    achter elkaar
    während
    terwijl
    andere
    andere
    zu lange
    te lang
    auf sich warten ließen
    op zich lieten wachten
    Uitgebreide uitleg

    Aber zet deze mededeling tegenover wat eerder is genoemd. Het betekent hier gewoon “maar” en staat aan het begin van de zin. einige betekent “enkele” of “een paar” en staat bij het meervoud Gänge. Het geeft een onbepaald deel van de gangen aan, zonder een exact aantal te noemen. Vergelijk: einige Fragen = “enkele vragen”. Gänge is hier het meervoud van Gang en betekent in deze context “gangen” in de betekenis van opeenvolgende onderdelen van een maaltijd. Het meervoud heeft een umlaut: Gang → Gänge. De vorm Gänge is het onderwerp van kamen. kamen is de verleden tijd (Präteritum) van kommen, “komen”. Het is de meervoudsvorm: einige Gänge kamen = “enkele gangen kwamen”. In deze zin beschrijft kamen niet alleen beweging naar een plaats, maar het moment waarop de gangen werden geserveerd of arriveerden. zu dicht betekent “te dicht” in de zin van een te kleine tijdsafstand. zu vóór een bijvoeglijk naamwoord drukt hier uit dat iets boven of buiten een passende maat ligt: zu spät = “te laat”. hintereinander betekent “achter elkaar” of “na elkaar”. Samen met zu dicht beschrijft zu dicht hintereinander dat de gangen met te weinig tijd ertussen kwamen. Het is één bijwoordelijke bepaling; het zegt niet dat de gangen letterlijk achter elkaar stonden. während leidt de tweede deelzin in en betekent “terwijl”. Het verbindt hier twee gelijktijdig relevante ontwikkelingen. Na während staat in deze Duitse bijzin het vervoegde werkwoord aan het einde, zoals bij andere zu lange auf sich warten ließen. andere betekent hier “andere” of “de andere” en verwijst in deze tegenstelling naar andere gangen dan de eerder genoemde einige Gänge. Het is zelfstandig gebruikt en staat daarom zonder een uitgedrukt zelfstandig naamwoord. De meervoudsvorm past bij die groep. zu lange betekent “te lang”, hier over een tijdsduur. Het bijwoord lange heeft de vergelijkingsreeks lang – länger – am längsten; zu lange is geen vergrotende trap, maar geeft een bovenmatig lange duur aan. Voorbeeld: Wir haben zu lange gewartet. = “We hebben te lang gewacht.” auf sich warten ließen is de vaste uitdrukking auf sich warten lassen, letterlijk ongeveer “zich laten afwachten”, met de betekenis “op zich laten wachten”. ließen is de meervoudige verleden tijd van lassen; het onderwerp is hier andere. De vorm auf sich hoort bij deze uitdrukking en betekent niet dat een afzonderlijke persoon met nadruk wordt bedoeld. Voorbeeld: Die Antwort ließ auf sich warten. = “Het antwoord liet op zich wachten.” De hele zin bestaat uit twee tegengestelde observaties: einige Gänge kamen zu dicht hintereinander betekent dat enkele gangen met te weinig tussenruimte na elkaar kwamen, terwijl andere zu lange auf sich warten ließen betekent dat andere gangen juist te lang uitbleven. Samen: “Maar een paar gangen kwamen te kort na elkaar, terwijl andere te lang op zich lieten wachten.”

  5. Das hätte am Tisch besser aufeinander abgestimmt werden müssen.

    Dat had aan tafel beter op elkaar afgestemd moeten worden.

    Das
    dat
    hätte
    zou hebben
    am
    aan de
    Tisch
    tafel
    besser
    beter
    aufeinander
    op elkaar
    abgestimmt
    afgestemd
    werden müssen
    moeten worden
    Uitgebreide uitleg

    Das is hier een aanwijzend voornaamwoord in de onzijdige enkelvoudsvorm en staat als onderwerp. Het verwijst in deze zin naar wat er aan tafel afgestemd had moeten worden; de vorm zelf legt niet vast welk zelfstandig naamwoord daarbij hoort. hätte is de Konjunktiv-II-vorm van haben. In hätte ... werden müssen helpt deze vorm om een niet-verwezenlijkte, achteraf beoordeelde noodzaak in het verleden uit te drukken. Samen met de infinitieven komt de constructie hier overeen met “had ... moeten worden”. De vorm is dus van haben, niet van het naburige werkwoord. am Tisch bestaat uit an dem Tisch: am is de samentrekking van an en dem. Bij de plaatsaanduiding in deze zin staat an met de datief. Tisch is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Tisch, meervoud die Tische. In deze context betekent am Tisch natuurlijk “aan tafel”; in een andere context kan het letterlijk “bij/aan de tafel” betekenen. besser is de vergrotende trap van gut: gut – besser – am besten. Het betekent hier dat de afstemming van hogere kwaliteit had moeten zijn. Voorbeeld: Heute läuft es besser. — “Vandaag loopt het beter.” aufeinander betekent “op elkaar” en drukt hier een onderlinge relatie uit: de betrokken onderdelen moesten op elkaar aansluiten. Het bestaat uit auf plus het wederkerige element einander; de vorm benoemt zelf niet afzonderlijk welke onderdelen het zijn. abgestimmt is het voltooid deelwoord van abstimmen. In etwas aufeinander abstimmen betekent abstimmen “op elkaar afstemmen” of “coördineren”, niet “stemmen” bij een verkiezing. In het passief krijgt het afgestemde element de rol van onderwerp: iets wordt afgestemd. Voorbeeld: Die Farben sind gut aufeinander abgestimmt. — “De kleuren zijn goed op elkaar afgestemd.” werden müssen vormt samen met abgestimmt een passieve modale constructie. werden maakt het passief (“worden afgestemd”), terwijl müssen de noodzakelijkheid uitdrukt (“moeten”). In deze voltooide constructie met een modaal werkwoord staan de infinitieven aan het einde: abgestimmt werden müssen. hätte draagt daarbij de Konjunktiv-II-vorm. Samen betekent de zin: “Dat had aan tafel beter op elkaar afgestemd moeten worden.” De opbouw is: het onderwerp (Das) + de achteraf als niet-verwezenlijkt voorgestelde noodzaak (hätte ... müssen) + de plaats (am Tisch) + de kwaliteitsvergelijking (besser) + de onderlinge relatie (aufeinander) + de passieve handeling (abgestimmt werden).

  6. Ich möchte nichts Zusätzliches.

    Ik ben niet uit op iets extra's.

    Ich möchte
    ik wil graag
    nichts
    niets
    Zusätzliches
    iets extra’s
    Uitgebreide uitleg

    Ich möchte betekent hier dat de spreker iets niet wil of liever niet wil. möchte is de beleefde vorm voor de eerste persoon enkelvoud van mögen; in deze gebruikswijze betekent het meestal “willen” of “graag willen”. Het is zachter dan het directe Ich will (“ik wil”). Voorbeeld: Ich möchte Wasser. — “Ik wil graag water.” nichts is het onbepaalde voornaamwoord “niets”. Het ontkent hier het daaropvolgende nominale begrip: er is geen extra ding of extra aanbod gewenst. nichts verandert niet mee naar mannelijk, vrouwelijk of meervoud. Zusätzliches betekent hier “iets extra’s” of “iets bijkomends”. Het is een zelfstandig gebruikt bijvoeglijk naamwoord: zusätzlich betekent “extra/bijkomend”, en de hoofdletter laat zien dat het als zelfstandig naamwoord wordt gebruikt. De uitgang -es past bij de onzijdige enkelvoudsvorm in nichts Zusätzliches. De vorm is dus niet een vorm van het nabije woord nichts. Vergelijkend voorbeeld: Ich möchte etwas Zusätzliches. — “Ik wil iets extra’s.” Hier contrasteert etwas (“iets”) met nichts (“niets”); Zusätzliches blijft de zelfstandig gebruikte vorm voor “iets extra’s”. Samen vormen de delen Ich möchte + nichts Zusätzliches de betekenis: “Ik wil niets extra’s.” In de vaste vertaling wordt dat weergegeven als “Ik ben niet uit op iets extra’s.” De zin drukt dus uit dat de spreker geen bijkomend iets verlangt.

  7. Ich wollte nur, dass Sie wissen, was passiert ist.

    Ik wilde alleen dat u wist wat er was gebeurd.

    wollte
    wilde
    nur
    alleen
    dass
    dat
    Sie
    u
    wissen
    weten
    was
    wat
    passiert ist
    gebeurd is
    Uitgebreide uitleg

    wollte is de verleden tijd (Präteritum) van wollen bij ich: ich will = ik wil, ich wollte = ik wilde. Hier drukt het een vroegere bedoeling uit. Een bruikbaar contrast is Ich wollte gehen. — Ik wilde gaan. nur beperkt die bedoeling tot wat daarna volgt: alleen maar. In deze zin maakt het duidelijk dat de spreker slechts dit wilde bereiken, zonder dat nur zelf een hoeveelheid aangeeft. dass leidt een bijzin in met de inhoud van de bedoeling. In een Duitse dass-bijzin staat de persoonsvorm doorgaans achteraan: dass Sie wissen — dat u weet. Het is hier een voegwoord, niet het aanwijzende woord das. Sie is de formele aanspreekvorm voor één of meer personen; de hoofdletter hoort bij deze beleefdheidsvorm. De vorm geeft hier aan dat de spreker de aangesprokene(n) met u aanspreekt. Het woord bepaalt op zichzelf niet hoeveel personen bedoeld zijn. wissen betekent iets weten of op de hoogte zijn van iets. In Sie wissen is wissen de tegenwoordige, vervoegde vorm bij de formele aanspreekvorm Sie; deze vorm is gelijk aan het infinitief en aan de tegenwoordige meervoudsvorm. Sie wissen kan dus formeel enkelvoud of meervoud zijn. Voor een ander soort kennen gebruik je vaak kennen, bijvoorbeeld Ich kenne die Stadt. — Ik ken de stad. was betekent hier wat en opent de inhoud van wat de aangesprokene moet weten. Het verwijst niet naar een zelfstandig naamwoord dat in deze zin wordt genoemd; de betekenis is wat er gebeurd is. passiert ist bestaat uit passieren plus het hulpwerkwoord sein. passieren betekent hier gebeuren; het deelwoord is passiert. In de bijzin staat het vervoegde hulpwerkwoord ist achteraan, waardoor was passiert ist letterlijk de structuur wat gebeurd is heeft. Een voorbeeld is Ich weiß, was passiert ist. — Ik weet wat er gebeurd is. Samen vormt dass Sie wissen, was passiert ist de inhoud van wollte: de spreker wilde dat u wist wat er was gebeurd. De hele zin Ich wollte nur, dass Sie wissen, was passiert ist. betekent daarom: Ik wilde alleen dat u wist wat er was gebeurd.

  8. Ich schätze die Details, weil sie auf ein Serviceproblem hinweisen, das wir beheben können.

    Ik waardeer de details, omdat ze wijzen op een serviceprobleem dat we kunnen verhelpen.

    schätze
    waardeer
    Details
    details
    weil
    omdat
    sie
    ze
    auf … hinweisen
    wijzen op
    Serviceproblem
    serviceprobleem
    das
    dat
    wir
    we
    beheben
    verhelpen
    können
    kunnen
    Uitgebreide uitleg

    schätze betekent hier “waardeer”. Het is de ik-vorm in de tegenwoordige tijd van schätzen: ich schätze. In andere contexten kan schätzen ook “schatten” betekenen; hier maakt de vertaling de betekenis “waarderen” duidelijk. Details is het meervoud van Detail, dus “details”. Duitse zelfstandige naamwoorden krijgen een hoofdletter. Het enkelvoud is das Detail; het meervoud heeft hier de vorm Details. weil leidt een redengevende bijzin in: “omdat”. In zo’n bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans achteraan. Hier vormt weil samen met de rest de reden voor het waarderen. sie betekent hier “ze” en verwijst naar de details. Het is een persoonlijk voornaamwoord in het meervoud. De vorm sie kan in andere zinnen ook een enkelvoudig vrouwelijk voornaamwoord of een beleefde aanspreekvorm zijn; de vorm en de context bepalen dat. auf ... hinweisen is een vaste werkwoord-prepositiecombinatie met de betekenis “wijzen op”. Het werkwoord heeft als basisvorm hinweisen; het is scheidbaar. In een hoofdzin verschijnt bijvoorbeeld Die Details weisen auf ein Problem hin, maar in deze bijzin staat het vervoegde werkwoord aan het einde: weil sie auf ein Problem hinweisen. Bij hinweisen auf staat het aangewezen object met de accusatief: auf ein Serviceproblem. Serviceproblem betekent “serviceprobleem”. Het is een onzijdig samengesteld zelfstandig naamwoord: das Serviceproblem. In auf ein Serviceproblem staat het na auf in de accusatief; bij dit onzijdige onbepaalde lidwoord ziet nominatief en accusatief er hetzelfde uit. Voorbeeld: Die Meldung weist auf einen Fehler hin. — “De melding wijst op een fout.” das is hier een betrekkelijk voornaamwoord dat naar Serviceproblem verwijst en “dat” betekent. Omdat het verwijst naar een onzijdig enkelvoudig zelfstandig naamwoord, heeft het deze vorm. In de betrekkelijke bijzin is das het lijdend voorwerp van beheben, terwijl wir het onderwerp is. Voorbeeld: Das ist ein Problem, das wir lösen können. — “Dat is een probleem dat we kunnen oplossen.” wir betekent “we” en is het persoonlijk voornaamwoord voor de eerste persoon meervoud. Hier is wir degene die het probleem kan verhelpen. beheben betekent “verhelpen” of “opheffen”. Het is een sterk werkwoord met de vormen beheben – behob – behoben; de infinitief in deze zin is beheben. Hier staat het als infinitief achter het modale werkwoord können. Voorbeeld: Wir beheben den Fehler. — “We verhelpen de fout.” können betekent hier “kunnen” en drukt mogelijkheid of vermogen uit. Het is de vorm voor wir van het modale werkwoord können; de infinitief van het andere werkwoord staat dan aan het einde: Wir können das Problem beheben — “We kunnen het probleem verhelpen.” In de betrekkelijke bijzin staan beide werkwoorden aan het einde: das wir beheben können. Samen zegt de zin: “Ik waardeer de details, omdat ze op een serviceprobleem wijzen dat we kunnen verhelpen.” De bijzin met weil geeft de reden voor Ich schätze die Details; binnen die reden wijzen de details op het serviceprobleem, en de betrekkelijke bijzin specificeert dat dit het probleem is dat wij kunnen verhelpen.

  9. Das Personal war durchgehend höflich, daher scheint es eher ein organisatorisches als ein persönliches Problem zu sein.

    Het personeel was de hele tijd beleefd, dus lijkt het eerder om een operationeel probleem te gaan dan om iets persoonlijks.

    Das Personal
    het personeel
    war
    was
    durchgehend
    de hele tijd; voortdurend
    höflich
    beleefd
    daher
    daarom; dus
    scheint
    lijkt
    eher
    eerder; veeleer
    organisatorisches
    organisatorisch
    als
    dan
    persönliches
    persoonlijk
    Problem
    probleem
    zu sein
    te zijn
    Uitgebreide uitleg

    Das Personal betekent hier het personeel als één collectief. Personal is een onzijdig zelfstandig naamwoord (das Personal); daarom staat het werkwoord in het enkelvoud. Voor personen als afzonderlijke individuen gebruikt Duits bijvoorbeeld die Mitarbeiter. war is de verleden tijd (Präteritum) van sein voor de derde persoon enkelvoud: sein – war – ist gewesen. Voorbeeld: Das Personal war freundlich. — Het personeel was vriendelijk. durchgehend is een bijwoord dat aangeeft dat iets zonder onderbreking gedurende de hele relevante periode geldt. Het verandert niet mee met een zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Der Laden war durchgehend geöffnet. — De winkel was de hele tijd open. höflich is een beschrijvend bijvoeglijk naamwoord met de betekenis ‘beleefd’. In war ... höflich staat het na sein als predicatief bijvoeglijk naamwoord en krijgt het geen uitgang. Voor het tegenovergestelde kan Duits unhöflich gebruiken. daher is een verbindend bijwoord met de betekenis ‘daarom’ of ‘dus’. Het legt een gevolgverband met de voorafgaande bewering. Het kan vooraan staan, zoals in deze zin, waarna het vervoegde werkwoord op de tweede zinsplaats blijft: Daher scheint .... scheint is de derde persoon enkelvoud van scheinen in de tegenwoordige tijd. In scheint ... zu sein betekent het ‘lijkt ... te zijn’: het markeert een beoordeling of gevolgtrekking, geen zekerheid. Voorbeeld: Das Problem scheint klein zu sein. — Het probleem lijkt klein te zijn. eher betekent hier ‘eerder’ in de zin van ‘veeleer’ of ‘meer waarschijnlijk’. In de vaste combinatie eher A als B wordt een voorkeur of tegenstelling tussen twee beschrijvingen uitgedrukt: ‘eerder A dan B’. Het gaat hier dus niet om een tijdstip. organisatorisches is de verbogen vorm van organisatorisch, ‘organisatorisch’. Het beschrijft het onzijdige woord Problem in ein organisatorisches Problem; na het onbepaalde lidwoord krijgt het bijvoeglijk naamwoord hier de uitgang -es. De Nederlandse vertaling gebruikt ‘operationeel’, maar de Duitse vorm zelf verwijst naar de organisatie of inrichting van iets. als betekent in deze vergelijking ‘dan’. De combinatie eher ... als ... contrasteert twee mogelijkheden; als is hier dus niet het voegwoord in een voorwaardelijke of temporele bijzin. persönliches is de verbogen vorm van persönlich, ‘persoonlijk’. Ook dit bijvoeglijk naamwoord beschrijft het onzijdige, hier mee begrepen Problem, vandaar -es: ein persönliches Problem. Het betekent in deze context dat de oorzaak bij een persoon of persoonlijke kwestie zou liggen, niet dat het probleem ‘persoonlijk’ is in een andere mogelijke betekenis. Problem is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Problem, meervoud die Probleme. Het vormt samen met organisatorisches en persönliches de twee vergelijkingsmogelijkheden: een organisatorisch probleem tegenover een persoonlijk probleem. Het lidwoord ein geeft hier niet zelfstandig een telbare hoeveelheid aan; het introduceert een mogelijke soort probleem. zu sein is het zu-infinitief van sein. Na scheinen vormt het de constructie scheinen, ... zu sein — ‘lijken ... te zijn’. Het infinitief staat aan het einde van deze hoofdzin, terwijl scheint de vervoegde vorm op de tweede zinsplaats is. Samen betekent de zin: het personeel was gedurende de hele relevante periode beleefd; daarom lijkt het eerder om een organisatorisch probleem te gaan dan om iets persoonlijks. De structuur is Das Personal war ... , daher scheint es eher ein organisatorisches als ein persönliches Problem zu sein. In deze constructie is es een onpersoonlijk onderwerp bij scheinen: het verwijst niet zelfstandig naar het personeel of naar een afzonderlijk genoemd probleem. De daaropvolgende infinitiefgroep ein organisatorisches als ein persönliches Problem zu sein geeft aan wat er lijkt te zijn.

  10. Ich werde diese Unterscheidung an den Manager weitergeben.

    Ik zal dat onderscheid aan de manager doorgeven.

    Ich werde
    ik zal
    diese
    deze
    Unterscheidung
    onderscheid
    an den
    aan de
    Manager
    manager
    weitergeben
    doorgeven
    Uitgebreide uitleg

    Ich werde geeft hier de eerste persoon enkelvoud van het Duitse futurum aan: werden staat vervoegd en Ich is het onderwerp. Bij een mededelende zin staat het andere werkwoord dan in de infinitief aan het einde. Vergelijk: Ich werde morgen anrufen. — Ik zal morgen bellen. diese betekent hier “deze” en hoort bij Unterscheidung. Het is de vorm voor vrouwelijk enkelvoud in de accusatief; Unterscheidung is vrouwelijk (die Unterscheidung) en is hier het lijdend voorwerp. De vorm is dus niet zomaar gekozen op basis van nabijheid, maar past bij het geslacht, getal en de naamval van dit zelfstandig naamwoord. Unterscheidung betekent hier “onderscheid”. Het is een zelfstandig naamwoord bij unterscheiden — onderscheid maken of onderscheiden. Een bruikbaar verwant patroon is einen Unterschied machen, dat ook “een verschil maken” betekent, maar niet exact dezelfde vorm is. Voorbeeld: Wir müssen diese Unterscheidung erklären. — We moeten dit onderscheid uitleggen. an den hoort bij de bestemming van het doorgeven: “aan de”. In etwas an jemanden weitergeben staat de persoon die iets ontvangt met an en hier met de accusatief. den is daarom de mannelijke enkelvoudsvorm van het lidwoord bij Manager; het is niet een telwoord. Bij een vrouwelijke ontvanger staat bijvoorbeeld an die Leiterin. Manager betekent “manager” of “leidinggevende”. Het woord is mannelijk in deze zin: der Manager; na an in dit bestemmingspatroon verschijnt den Manager. Het meervoud heeft dezelfde zichtbare vorm: die Manager, maar na an zou het meervoud hier an die Manager zijn, niet an den Manager. De gegeven vorm is dus grammaticaal mannelijk enkelvoud in de accusatief. weitergeben betekent “doorgeven” of “overbrengen”. Het is een scheidbaar werkwoord: in een tegenwoordige hoofdzin wordt het Ich gebe die Information weiter. — Ik geef de informatie door. Na werde blijft het als infinitief bij elkaar en staat het aan het einde: Ich werde die Information weitergeben. Samen betekent diese Unterscheidung an den Manager weitergeben “dit onderscheid aan de manager doorgeven”. De hele zin is: Ich werde diese Unterscheidung an den Manager weitergeben. De vaste Nederlandse vertaling geeft dit weer als: “Ik zal dat onderscheid aan de manager doorgeven.” De Duitse formulering maakt duidelijk dat de spreker van plan is dit onderscheid aan die manager over te brengen.

Grammatica

zwischen + Dativ

Abstände zwischen den Gängen

ap-sjtende tsvisjen deen geng-en

Tussenpozen tussen de gangen

Na zwischen staat bij een plaats- of relatieaanduiding vaak de datief: den Gängen.

auf sich warten lassen

auf sich warten ließen

auf ziesj vart-en liessen

op zich laten wachten

Deze vaste uitdrukking betekent dat iets niet meteen gebeurt of lang uitblijft.

Duits woordenschat

Abstand zelfstandig naamwoord
ap-sjtand tussenpoos, afstand Abstände

die Abstände zwischen den Gängen

angenehm bijvoeglijk naamwoord
aangeneem prettig, aangenaam

Das Essen war angenehm.

auf sich warten lassen uitdrukking
auf ziesj vart-en lassen op zich laten wachten auf sich warten ließen

andere zu lange auf sich warten ließen

aufeinander abstimmen uitdrukking
auf-ain-ander ap-sjtimmen op elkaar afstemmen aufeinander abgestimmt

besser aufeinander abgestimmt werden müssen

beeinträchtigen werkwoord
be-ain-treg-sjtigen belemmeren, negatief beïnvloeden beeinträchtigt

das Essen beeinträchtigt hat

dicht hintereinander uitdrukking
ditsjt hinter-ain-ander kort na elkaar, dicht op elkaar zu dicht hintereinander

einige Gänge kamen zu dicht hintereinander

Essen zelfstandig naamwoord
essen maaltijd, eten

Das Essen war angenehm.

Gang zelfstandig naamwoord
gang gang van een maaltijd Gängen

zwischen den Gängen

ungleichmäßig bijvoeglijk naamwoord
oeng-lai-sj-meesig ongelijkmatig

Die Abstände wirkten ungleichmäßig.

viel los uitdrukking
fiel loos druk, veel gaande

dass viel los war

zeitlicher Ablauf uitdrukking
tsait-liesjer aaf-laup tijdelijk verloop, timing zeitliche Ablauf

dass der zeitliche Ablauf das Essen beeinträchtigt hat

zwischen voorzetsel
tsvisjen tussen

zwischen den Gängen

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik begrijp dat het druk was.

Antwoord tonenIch verstehe, dass viel los war.

Ik ben niet uit op iets extra's.

Antwoord tonenIch möchte nichts Zusätzliches.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

maaltijd, eten

Antwoord tonenEssen

gang van een maaltijd

Antwoord tonenGängen

tussenpoos, afstand

Antwoord tonenAbstände

prettig, aangenaam

Antwoord tonenangenehm