Een interactieve workshop structureren | Leer duits in het Nederlands

German lesson set in a contemporary Berlin everyday setting: While planning a professional workshop, two colleagues shape an interactive structure around clear outcomes and practical scenarios..

NL → DE / Niveau: B2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een interactieve workshop structureren oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het duits.

Dialoog

A

Der Workshop braucht Struktur, aber ich möchte, dass er interaktiv wirkt.

Deer wèrk-sjop braucht sjtroek-toer, aa-ber ich meuch-te, das eer in-ter-ak-tief virkt. De workshop heeft structuur nodig, maar ik wil dat hij interactief aanvoelt.
B

Wir können kurze Erklärungen mit praktischen Diskussionsaufgaben abwechseln.

Vie können koer-tse eer-klè-roeng-en mit prak-ti-sjen dis-koe-zie-ons-auf-gaa-ben ap-vèkseln. We kunnen korte uitleg afwisselen met praktische discussieopdrachten.
A

Das würde verhindern, dass die Teilnehmenden zu lange passiv zuhören.

Das vuer-de fer-hin-dern, das die tail-nee-men-den tsoe lang-ge pa-zief tsoe-heur-en. Dat zou voorkomen dat deelnemers te lang passief luisteren.
B

So können wir auch sehen, bei welchen Ideen noch etwas geklärt werden muss.

Zoo keun-nen vier auch zeen, bai vel-sjen ie-dee-en noch èt-vas ge-klee-ert ver-den moet. Daarmee kunnen we ook zien bij welke ideeën nog iets verduidelijkt moet worden.
A

Wir sollten die gewünschten Ergebnisse festlegen, bevor wir Übungen auswählen.

Vie zol-den die ge-vunsj-ten eer-gee-bnis-se fest-lee-gen, be-foor vie uu-boeng-en aus-vee-len. We moeten de beoogde resultaten vaststellen voordat we oefeningen kiezen.
B

Sonst wirken die Aktivitäten vielleicht interessant, aber sie haben keine klare Ausrichtung.

Zonst vir-ken die ak-ti-vi-tee-ten fie-laischt in-te-res-sant, aa-ber zie haa-ben kai-ne klaa-re aus-risj-toeng. Anders kunnen activiteiten interessant lijken, maar toch geen duidelijke focus hebben.
A

Das wichtigste Ergebnis ist eine bessere Entscheidungsfindung unter Unsicherheit.

Das visj-tisj-ste eer-gee-bnis ist ai-ne be-se-re ent-sjai-doengs-fin-doeng oen-ter oen-zi-sjer-hait. De belangrijkste uitkomst is betere besluitvorming onder onzekerheid.
B

Dann wären Szenarien mit unvollständigen Informationen geeignet.

Dan veer-en tse-naa-rie-en mit oen-fol-sjten-di-gen in-for-maa-tsie-oon-en ge-aig-net. Dan zouden scenario's met onvolledige informatie geschikt zijn.

Uitleg van de zinnen

  1. Der Workshop braucht Struktur, aber ich möchte, dass er interaktiv wirkt.

    De workshop heeft structuur nodig, maar ik wil dat hij interactief aanvoelt.

    Workshop
    workshop
    braucht
    heeft nodig
    Struktur
    structuur
    ich möchte
    ik wil
    interaktiv
    interactief
    wirkt
    komt over; lijkt
    Uitgebreide uitleg

    Workshop betekent hier een workshop of werksessie. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Workshop; in het meervoud is het die Workshops. Als zelfstandig naamwoord krijgt het in het Duits een hoofdletter, zoals andere zelfstandige naamwoorden. braucht is de derde persoon enkelvoud van brauchen en betekent hier “nodig hebben”. De vorm hoort bij Der Workshop: Der Workshop braucht .... Een bruikbaar patroon is etwas brauchen — “iets nodig hebben”. Voorbeeld: Wir brauchen mehr Zeit. — “We hebben meer tijd nodig.” Struktur is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Struktur. In braucht Struktur staat het zonder lidwoord en verwijst het naar structuur als iets wat nodig is. Het meervoud is Strukturen. Voorbeeld: Der Text braucht Struktur. — “De tekst heeft structuur nodig.” aber verbindt hier twee delen met een tegenstelling: de workshop heeft structuur nodig, maar de spreker wil daarnaast een interactief effect. aber maakt geen van beide delen tot een ontkenning. ich möchte betekent hier “ik wil” of “ik zou willen”. möchte is de vorm die van mögen is afgeleid en in hedendaags Duits vaak wordt gebruikt om een wens uit te drukken; het is niet simpelweg de tegenwoordige vorm van wollen. Het onderwerp ich hoort bij deze persoonsvorm. Vergelijk: Ich möchte teilnehmen. — “Ik wil graag deelnemen.” dass leidt een bijzin in. In zo’n Duitse bijzin staat de persoonsvorm doorgaans aan het einde: dass er interaktiv wirkt. Het onderwerp van die bijzin is er; volgens de vaste vertaling verwijst dat hier naar de workshop. Het voornaamwoord heeft de mannelijke enkelvoudsvorm die bij der Workshop past; de concrete verwijzing wordt door de zin en vertaling ondersteund. interaktiv is een beschrijvend bijvoeglijk naamwoord en betekent “interactief”. Hier staat het als naamwoordelijk deel bij wirkt, dus zonder verbuigingsuitgang: de workshop komt interactief over. Voor een zelfstandig naamwoord kan dezelfde eigenschap wel verbogen worden, bijvoorbeeld ein interaktiver Workshop — “een interactieve workshop”. wirkt is de derde persoon enkelvoud van wirken. In deze context betekent het “komt over” of “lijkt”, niet “werkt” in de zin van functioneren. Het patroon etwas wirkt + bijvoeglijk naamwoord beschrijft hoe iets overkomt: Der Kurs wirkt interessant. — “De cursus komt interessant over.” De eerste hoofdzin is Der Workshop braucht Struktur: het onderwerp is de workshop en braucht zegt dat structuur nodig is. aber zet daar de wens van de spreker tegenover. In ich möchte, dass er interaktiv wirkt drukt möchte de wens uit en maakt dass van er interaktiv wirkt de inhoud van die wens. Samen betekent de volledige uiting: de workshop heeft structuur nodig, maar de spreker wil dat de workshop interactief overkomt.

  2. Wir können kurze Erklärungen mit praktischen Diskussionsaufgaben abwechseln.

    We kunnen korte uitleg afwisselen met praktische discussieopdrachten.

    Wir können
    wij kunnen
    kurze
    korte
    Erklärungen
    uitleg
    praktischen
    praktische
    Diskussionsaufgaben
    discussieopdrachten
    abwechseln
    afwisselen
    Uitgebreide uitleg

    Wir können betekent hier dat de spreker samen met anderen een mogelijkheid of plan uitdrukt: “wij kunnen”. können is de tegenwoordige vorm van können bij wir; het staat als modaal werkwoord op de tweede positie. Met een ander werkwoord staat dat werkwoord in de infinitief aan het einde: Wir können heute starten. — “We kunnen vandaag beginnen.” kurze beschrijft Erklärungen als niet-lang. Het basiswoord is kurz; kurze is hier de verbogen vorm bij het meervoudige zelfstandig naamwoord Erklärungen. De uitgang wordt bepaald door de naamval en de woordgroep, niet alleen door het meervoud. kurze Beispiele betekent “korte voorbeelden”. Erklärungen is het meervoud van Erklärung, “uitleg” of “verklaring”. In deze zin gaat het om uitleg als inhoud die men kan geven. Het meervoud past bij meerdere uitlegonderdelen of uitlegpassages; de vorm Erklärungen draagt hier geen informatie over een specifieke persoon. praktischen beschrijft Diskussionsaufgaben als praktisch of toepasbaar. Het basiswoord is praktisch. Na mit staat de woordgroep in de datief; bij een meervoudig zelfstandig naamwoord krijgt het bijvoeglijk naamwoord hier de uitgang -en: mit praktischen .... Vergelijk: praktische Aufgaben — “praktische opdrachten” zonder mit, tegenover mit praktischen Aufgaben — “met praktische opdrachten”. Diskussionsaufgaben is een samengesteld zelfstandig naamwoord: Diskussion + Aufgaben. Het betekent opdrachten die met discussie te maken hebben, hier “discussieopdrachten”. Het meervoud is zichtbaar aan -en; het enkelvoud is Diskussionsaufgabe. abwechseln betekent “afwisselen”. Het is hier een infinitief na können, daarom staat het aan het einde en blijft het volledig als abwechseln. Zonder modaal werkwoord kan de persoonsvorm uiteenvallen: Wir wechseln kurze Erklärungen mit Aufgaben ab. — “We wisselen korte uitleg af met opdrachten.” De constructie etwas mit etwas abwechseln geeft aan welke twee soorten dingen elkaar afwisselen. Samen vormt de zin: Wir können + kurze Erklärungen + mit praktischen Diskussionsaufgaben + abwechseln: “We kunnen korte uitleg afwisselen met praktische discussieopdrachten.” De eerste soort is kurze Erklärungen; die wordt afgewisseld met praktischen Diskussionsaufgaben.

  3. Das würde verhindern, dass die Teilnehmenden zu lange passiv zuhören.

    Dat zou voorkomen dat deelnemers te lang passief luisteren.

    Das
    dat
    würde
    zou
    verhindern
    voorkomen
    dass
    dat
    Teilnehmenden
    deelnemers
    zu lange
    te lang
    passiv
    passief
    zuhören
    luisteren
    Uitgebreide uitleg

    Das is hier een aanwijzend voornaamwoord. Het verwijst in deze zin naar een eerder genoemde maatregel of mogelijkheid, zonder dat het zelfstandig naamwoord waarnaar het verwijst opnieuw wordt genoemd. De vorm is onzijdig enkelvoud; de Nederlandse vertaling geeft dit weer als dat. würde is de vorm van werden in de Konjunktiv II. Samen met het daaropvolgende infinitief verhindern vormt het een voorwaardelijke of hypothetische formulering: würde verhindern = zou voorkomen. Vergelijk: Das verhindert es. = Dat voorkomt het., tegenover Das würde es verhindern. = Dat zou het voorkomen. verhindern betekent dat iets ervoor zorgt dat een gebeurtenis niet plaatsvindt. Het is een zelfstandig werkwoord; de vorm verandert hier niet omdat het na würde in het infinitief staat. Het patroon etwas verhindert, dass ... is bruikbaar om uit te leggen welke gebeurtenis wordt tegengehouden. dass leidt de bijzin in die aangeeft wat er voorkomen zou worden. In een dass-bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans achteraan; hier staat zuhören aan het einde. Het patroon verhindern, dass ... komt overeen met voorkomen dat .... die Teilnehmenden betekent hier de deelnemers. Teilnehmenden is een zelfstandig gebruikt tegenwoordig deelwoord van teilnehmen (deelnemen), met de betekenis deelnemers; als zelfstandig naamwoord wordt het met een hoofdletter geschreven. De vorm is meervoud en staat hier als onderwerp van de bijzin. Het lidwoord die markeert hier het meervoud, niet een enkelvoudig vrouwelijk woord. Voorbeeld: Die Teilnehmenden arbeiten in Gruppen. — De deelnemers werken in groepen. zu lange betekent te lang en geeft aan dat de duur boven de bedoelde of wenselijke grens ligt. lange is hier de vorm van het bijwoord lange, niet een vergelijkende vorm; de betekenis te lang ontstaat door zu vóór lange. De gewone vergelijkende vorm van lang is länger. Vergelijk: Sie hören lange zu. — Ze luisteren lang., en Sie hören zu lange zu. — Ze luisteren te lang. passiv beschrijft hier de manier waarop de deelnemers luisteren: zonder actief mee te doen. Het is een bijwoordelijke bepaling bij zuhören, niet een vorm van het werkwoord. Het tegengestelde woord is aktiv: aktiv zuhören betekent actief luisteren. zuhören betekent luisteren, in de zin van aandachtig naar iemand of iets luisteren. Het is een scheidbaar werkwoord met hören als basis; in een hoofdzin wordt het voorvoegsel gescheiden, bijvoorbeeld Die Teilnehmenden hören zu. — De deelnemers luisteren. Na würde of in deze infinitiefconstructie blijft het bij elkaar: Sie würde den Erklärungen zuhören. — Zij zou naar de uitleg luisteren. Samen betekent Das würde verhindern, dass die Teilnehmenden zu lange passiv zuhören. opgebouwd uit Dat zou voorkomen + dat de deelnemers + te lang passief + luisteren. De volledige betekenis is: Dat zou voorkomen dat deelnemers te lang passief luisteren.

  4. So können wir auch sehen, bei welchen Ideen noch etwas geklärt werden muss.

    Daarmee kunnen we ook zien bij welke ideeën nog iets verduidelijkt moet worden.

    So
    zo; op die manier
    können wir
    wij kunnen
    sehen
    zien
    bei welchen
    bij welke
    Ideen
    ideeën
    noch
    nog
    etwas
    iets
    geklärt werden muss
    verduidelijkt moet worden
    Uitgebreide uitleg

    So verwijst hier naar een manier of gevolg: “daarmee” of “op die manier”. Het is dus niet het Nederlandse bijvoeglijke woord “zo” vóór een zelfstandig naamwoord. können wir bestaat uit het vervoegde modale werkwoord können en het onderwerp wir (“wij”). können drukt hier mogelijkheid of bekwaamheid uit. Het onderwerp staat in de eerste persoon meervoud; vergelijk ich kann (“ik kan”) en wir können (“wij kunnen”). Bij een modaal werkwoord staat het andere werkwoord vaak als infinitief verderop: Wir können das sehen. — “Wij kunnen dat zien.” sehen is de infinitief “zien”. In deze hoofdzin volgt die infinitief op het vervoegde können. De combinatie können ... sehen betekent hier “kunnen zien”, dus iets kunnen waarnemen of vaststellen. bei welchen betekent “bij welke”. bei regeert de datief. Daarom staat het meervoudige vraagbepalende woord als welchen, niet als welche. Het verwijst hier naar de ideeën waarbinnen of met betrekking waartoe iets nog moet worden verduidelijkt. Ideen is het meervoud van Idee (“idee”). Na bei blijft dit meervoud Ideen; het krijgt hier geen extra uitgang. De combinatie bei welchen Ideen vraagt dus naar meerdere ideeën: “bij welke ideeën”. noch betekent hier “nog”: de verduidelijking is op dit moment niet volledig afgerond. Het staat vóór etwas en hoort bij de mededeling dat er nog iets te verduidelijken is. etwas is het onbepaalde voornaamwoord “iets”. Het noemt niet wat precies verduidelijkt moet worden. Als grammaticaal onderwerp is etwas enkelvoudig; daarom staat het modale werkwoord later als muss, niet als müssen. geklärt werden muss vormt een passieve noodzaakconstructie. geklärt is het voltooid deelwoord van klären (“verduidelijken”, “ophelderen”); werden maakt de lijdende vorm; muss is de enkelvoudsvorm van müssen (“moeten”). De actieve gedachte Jemand muss etwas klären wordt passief Etwas muss geklärt werden — “Iets moet worden verduidelijkt”. In de ingebedde vraag staat het vervoegde werkwoord achteraan: ... etwas geklärt werden muss. Samen betekent bij welke ideeën plus nog iets verduidelijkt moet worden dat men kan vaststellen voor welke ideeën nog verduidelijking nodig is. De volledige zin betekent: “Daarmee kunnen we ook zien bij welke ideeën nog iets verduidelijkt moet worden.”

  5. Wir sollten die gewünschten Ergebnisse festlegen, bevor wir Übungen auswählen.

    We moeten de beoogde resultaten vaststellen voordat we oefeningen kiezen.

    Wir sollten
    we zouden moeten
    gewünschten
    gewenste
    Ergebnisse
    resultaten
    festlegen
    vaststellen
    bevor
    voordat
    Übungen
    oefeningen
    auswählen
    kiezen
    Uitgebreide uitleg

    Wir sollten betekent hier dat de spreker een aanbeveling of verstandig plan formuleert: “we zouden moeten”. sollen is de basisvorm; sollten is hier de vorm bij wir van de Konjunktiv II van sollen. Die vorm maakt de aanbeveling minder direct dan een bevel. Bijvoorbeeld: Wir sollten beginnen. — “We zouden moeten beginnen.” gewünschten betekent hier “beoogde” of “gewenste”. De basisvorm van het bijvoeglijk naamwoord is gewünscht. In die gewünschten Ergebnisse krijgt het de uitgang -en, omdat het vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord staat met het bepaalde lidwoord die; de woordgroep staat bovendien in de accusatief als lijdend voorwerp van festlegen. gewünscht is dus het bijvoeglijk naamwoord zelf, niet een vorm van Ergebnis. Ergebnisse is het meervoud van Ergebnis, “resultaat”. Hier gaat het om meerdere beoogde resultaten. Bijvoorbeeld: Wir prüfen ein Ergebnis. — “We controleren één resultaat.” festlegen betekent “vaststellen” of “bepalen”. Het is een scheidbaar werkwoord met de vaste vorm festlegen; in een gewone hoofdzin kan het uiteengaan: Wir legen die Ergebnisse fest. — “We stellen de resultaten vast.” Na sollten blijft het als infinitief bijeen: Wir sollten ... festlegen. bevor betekent “voordat” en leidt een bijzin in die een tijdsrelatie uitdrukt. In die Duitse bijzin staat het vervoegde werkwoord doorgaans achteraan. Hier is auswählen daarom het laatste werkwoord in bevor wir Übungen auswählen — “voordat we oefeningen kiezen”. Übungen is het meervoud van Übung, “oefening”. Het kan in deze context naar leer- of praktijkoefeningen verwijzen. Bijvoorbeeld: Wir machen zwei Übungen. — “We doen twee oefeningen.” auswählen betekent “kiezen” of “selecteren”. Het is een scheidbaar werkwoord met de vaste infinitief auswählen. In een hoofdzin kan het uiteengaan: Wir wählen eine Übung aus. — “We kiezen een oefening.” In de bijzin na bevor blijft het als infinitief aan het einde aaneengeschreven: bevor wir Übungen auswählen. De zin bouwt zo op: Wir sollten geeft het aanbevolen plan; die gewünschten Ergebnisse festlegen benoemt wat we moeten vaststellen; bevor wir Übungen auswählen plaatst het kiezen van oefeningen daarna in de tijd. Als geheel betekent de zin: “We moeten de beoogde resultaten vaststellen voordat we oefeningen kiezen.”

  6. Sonst wirken die Aktivitäten vielleicht interessant, aber sie haben keine klare Ausrichtung.

    Anders kunnen activiteiten interessant lijken, maar toch geen duidelijke focus hebben.

    Sonst
    anders
    wirken
    lijken; overkomen
    Aktivitäten
    activiteiten
    vielleicht
    misschien
    interessant
    interessant
    aber
    maar
    sie
    ze; zij
    haben
    hebben
    keine
    geen
    klare
    duidelijke
    Ausrichtung
    focus; oriëntatie
    Uitgebreide uitleg

    Sonst betekent hier “anders”. Het verbindt de zin met een niet-uitgesproken voorwaarde en geeft een mogelijk gevolg aan. Het betekent hier niet “daarna”. Voorbeeld: Nimm eine Jacke mit, sonst wird dir kalt. — Neem een jas mee, anders krijg je het koud. wirken betekent in deze zin “lijken” of “overkomen”. Het is hier de vorm voor een meervoudig onderwerp: die Aktivitäten wirken. Voorbeeld: Die Übungen wirken einfach. — De oefeningen lijken eenvoudig. Het gaat hier om de indruk die iets maakt. Aktivitäten is het meervoud van die Aktivität: “activiteiten”. De meervoudsvorm verwijst hier naar meerdere activiteiten. Voorbeeld: Die Aktivitäten beginnen morgen. — De activiteiten beginnen morgen. vielleicht betekent “misschien” en maakt de bewering minder zeker. Het geeft aan dat het mogelijk is dat de activiteiten interessant lijken. Voorbeeld: Vielleicht wirkt die Aufgabe schwierig. — Misschien lijkt de opdracht moeilijk. interessant is een onvervoegd bijvoeglijk naamwoord na wirken. Het beschrijft de indruk die de activiteiten maken. Na een koppelend werkwoord zoals wirken staat het hier niet vóór een zelfstandig naamwoord en krijgt het daarom geen uitgang. Voorbeeld: Der Plan wirkt sinnvoll. — Het plan lijkt zinvol. aber betekent “maar” en zet een tegenstelling in. De indruk interessant wordt tegenover het ontbreken van een duidelijke focus geplaatst. Voorbeeld: Der Kurs wirkt kurz, aber er ist anspruchsvoll. — De cursus lijkt kort, maar hij is veeleisend. sie verwijst hier, volgens de vertaling en de zinsbetekenis, naar de activiteiten. Het is de derde persoon meervoud; als onderwerp blijft deze vorm gelijk bij meervoudige referenten van verschillende grammaticale geslachten. In een andere context kan sie ook een vrouwelijke enkelvoudige referent aanduiden, maar dat is hier niet de ondersteunde lezing. haben is de vorm van haben voor de derde persoon meervoud: sie haben. Hier vormt het samen met keine klare Ausrichtung de bewering dat de activiteiten geen duidelijke focus hebben. Voorbeeld: Die Gruppen haben ein gemeinsames Ziel. — De groepen hebben een gemeenschappelijk doel. keine ontkent hier het zelfstandig naamwoord Ausrichtung: “geen”. Het is de vorm voor vrouwelijk enkelvoud in de accusatief, passend bij die Ausrichtung na haben. Het drukt afwezigheid uit en is niet op zichzelf een numerieke teluitdrukking. Vergelijk: Sie haben eine Ausrichtung. — Ze hebben een focus. Sie haben keine Ausrichtung. — Ze hebben geen focus. klare is de verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord klar, “duidelijk”. Het staat vóór het vrouwelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord Ausrichtung in de accusatief, omdat Ausrichtung het lijdend voorwerp van haben is. De uitgang hoort dus bij klare, niet bij Ausrichtung. De basisvorm is klar; vergelijk ein klarer Plan, eine klare Ausrichtung, ein klares Ziel. Ausrichtung is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Ausrichtung. In deze zin betekent het “focus” of “oriëntatie”: een duidelijke richting of doelgerichte opzet. Voorbeeld: Das Projekt braucht eine klare Ausrichtung. — Het project heeft een duidelijke focus nodig. Samen betekent de zin: “Anders lijken de activiteiten misschien interessant, maar toch hebben ze geen duidelijke focus.” Sonst geeft het mogelijke gevolg aan; wirken ... interessant beschrijft hun indruk; aber introduceert de tegenstelling; en sie haben keine klare Ausrichtung zegt dat de activiteiten geen duidelijke richting of focus hebben.

  7. Das wichtigste Ergebnis ist eine bessere Entscheidungsfindung unter Unsicherheit.

    De belangrijkste uitkomst is betere besluitvorming onder onzekerheid.

    wichtigste
    belangrijkste
    Ergebnis
    resultaat; uitkomst
    bessere
    betere
    Entscheidungsfindung
    besluitvorming
    Unsicherheit
    onzekerheid
    Uitgebreide uitleg

    wichtigste betekent hier “belangrijkste” en is de overtreffende trap van wichtig (“belangrijk”). De reeks is wichtig – wichtiger – am wichtigsten / der, die, das wichtigste. In deze zin staat wichtigste vóór het zelfstandig naamwoord en krijgt het de vorm die past bij das Ergebnis: onzijdig, enkelvoud en nominatief, na het bepaalde lidwoord das. Ergebnis betekent hier “uitkomst” of “resultaat”. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Ergebnis, meervoud die Ergebnisse. In Das wichtigste Ergebnis vormt het samen met het bijvoeglijk naamwoord het onderwerp van de zin. bessere betekent hier “betere”. Het is de vergrotende trap van gut: gut – besser – am besten / der, die, das beste. De vorm bessere staat vóór Entscheidungsfindung. Omdat Entscheidungsfindung vrouwelijk, enkelvoud en nominatief is en wordt ingeleid door het onbepaalde lidwoord eine, krijgt het bijvoeglijk naamwoord hier de uitgang -e: eine bessere Entscheidungsfindung. Een vergelijking hoeft niet altijd twee expliciet genoemde zaken te noemen: eine bessere Lösung kan ook “een verbeterde of kwalitatief betere oplossing” betekenen. Entscheidungsfindung betekent “besluitvorming”: het proces van tot beslissingen komen. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Entscheidungsfindung; het meervoud is die Entscheidungsfindungen, hoewel het enkelvoud voor zo’n proces vaak natuurlijker is. Het samengestelde woord bevat Entscheidung (“beslissing”) en Findung (“het vinden”), maar als geheel benoemt het niet één beslissing, maar het proces. Unsicherheit betekent “onzekerheid”. Het is vrouwelijk: die Unsicherheit. In unter Unsicherheit staat het zonder lidwoord om een algemene omstandigheid aan te duiden. De voorzetselgroep betekent hier “onder onzekerheid” of natuurlijker in het Nederlands “bij onzekere omstandigheden”. Samen betekent Das wichtigste Ergebnis ist eine bessere Entscheidungsfindung unter Unsicherheit.: “De belangrijkste uitkomst is betere besluitvorming onder onzekerheid.” Das wichtigste Ergebnis is het onderwerp, ist verbindt dit met eine bessere Entscheidungsfindung unter Unsicherheit, en de laatste groep geeft de omstandigheid aan waarin die besluitvorming plaatsvindt.

  8. Dann wären Szenarien mit unvollständigen Informationen geeignet.

    Dan zouden scenario's met onvolledige informatie geschikt zijn.

    Dann
    dan
    wären
    zouden zijn
    Szenarien
    scenario’s
    unvollständigen
    onvolledige
    Informationen
    informatie
    geeignet
    geschikt
    Uitgebreide uitleg

    Dann betekent hier “dan” en verbindt deze uitspraak met een voorwaarde of eerdere gedachte. Het kan ook een tijdvolgorde aangeven, bijvoorbeeld: Dann beginnen wir. — “Dan beginnen we.” wären is een vorm van sein (“zijn”) in de Konjunktiv II. Deze vorm hoort bij wir, sie (meervoud) en formeel Sie; bij ich en enkelvoudig sie is de vorm wäre. Hier draagt wären samen met geeignet een voorwaardelijke of hypothetische betekenis: “zouden geschikt zijn”. Het is hier dus geen gewone verleden tijd. Szenarien is het meervoud van Szenario: “scenario’s”. Het is hier het onderwerp en het meervoud past bij wären. unvollständigen is de verbogen vorm van het bijvoeglijk naamwoord unvollständig (“onvolledig”) en beschrijft Informationen. In mit unvollständigen Informationen staat het bijvoeglijk naamwoord in de datief, omdat mit de datief vereist. Bij een meervoud zonder lidwoord krijgt het hier de uitgang -en. Vergelijk unvollständige Informationen — “onvolledige informatie” als onderwerp of lijdend voorwerp, met mit unvollständigen Informationen — “met onvolledige informatie”. Informationen is het meervoud van Information: “informatie”. Het staat na mit in de datief. Het enkelvoud is Information; het meervoud wordt gevormd met -en: Informationen. geeignet betekent hier “geschikt”. Als naamwoordelijk deel na sein krijgt het geen uitgang: Die Methode ist geeignet. — “De methode is geschikt.” Hier staat het na wären, dus wären geeignet betekent “zouden geschikt zijn”. Samen vormen Szenarien mit unvollständigen Informationen het onderwerp en wären geeignet het gezegde. Met Dann erbij luidt de hele zin: “Dan zouden scenario’s met onvolledige informatie geschikt zijn.”

Grammatica

bestimmter Artikel + Adjektivendung -en

die praktischen Übungen

die prak-tisj-en uu-boeng-en

de praktische oefeningen

Na een bepaald lidwoord krijgt het bijvoeglijk naamwoord in het meervoud meestal de uitgang -en.

substantiviertes Partizip I: Teilnehmende

Die Teilnehmenden hören passiv zu.

Die tail-nee-men-den heur-en pa-zief tsoe.

De deelnemers luisteren passief.

Een deelwoord met -end kan als zelfstandig naamwoord worden gebruikt en krijgt een hoofdletter.

Duits woordenschat

abwechseln werkwoord
ap-vèkseln afwisselen

Erklärungen mit Diskussionsaufgaben abwechseln.

Diskussionsaufgabe zelfstandig naamwoord
dis-koe-zie-ons-auf-gaa-be discussieopdracht Diskussionsaufgaben

Praktischen Diskussionsaufgaben.

Erklärung zelfstandig naamwoord
eer-klè-roeng uitleg Erklärungen

Kurze Erklärungen.

interaktiv bijvoeglijk naamwoord
in-ter-ak-tief interactief

Dass er interaktiv wirkt.

passiv bijwoord
pa-zief passief

Passiv zuhören.

praktisch bijvoeglijk naamwoord
prak-tisj praktisch praktischen

Praktischen Diskussionsaufgaben.

Struktur zelfstandig naamwoord
sjtroek-toer structuur

Der Workshop braucht Struktur.

Teilnehmende zelfstandig naamwoord
tail-nee-men-de deelnemers Teilnehmenden

Die Teilnehmenden hören passiv zu.

verhindern werkwoord
fer-hin-dern voorkomen

Das würde verhindern, dass die Teilnehmenden zuhören.

wirken werkwoord
vir-ken lijken; overkomen wirkt

Er wirkt interaktiv.

Workshop zelfstandig naamwoord
wèrk-sjop workshop

Der Workshop braucht Struktur.

zuhören werkwoord
tsoe-heur-en luisteren

Zu lange passiv zuhören.

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

afwisselen

Antwoord tonenabwechseln

interactief

Antwoord toneninteraktiv

voorkomen

Antwoord tonenverhindern

structuur

Antwoord tonenStruktur