Basisgezondheid en temperatuur | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: A beginner practices six useful English phrases about basic health and temperature..

NL → EN / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Basisgezondheid en temperatuur oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

It is too hot.

it iz toe hot Het is te warm.
B

It is too cold.

it iz toe kould Het is te koud.
A

I am very tired.

ai em veri taierd Ik ben erg moe.
B

I am very hungry.

ai em veri hangri Ik heb erg veel honger.
A

I am very thirsty.

ai em veri thursti Ik heb erg veel dorst.
B

I am feeling sick.

ai em fieling sik Ik voel me ziek.

Uitleg van de zinnen

  1. It is too hot.

    Het is te warm.

    It is
    het is
    too
    te
    hot
    warm
    Uitgebreide uitleg

    It is vormt hier de Engelse kern voor een toestand of weersomstandigheid. It is een onpersoonlijk onderwerp: het verwijst in deze zin niet naar een concreet genoemd ding. is is de vorm van be voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd. Vergelijk: It is cold. = ‘Het is koud.’ too staat vóór het bijvoeglijk naamwoord en betekent hier ‘te’, in de zin van: meer dan wenselijk of geschikt. Het is niet hetzelfde als very (‘erg’): It is very hot. zegt alleen dat het erg warm is, terwijl It is too hot. zegt dat de warmte een ongewenste grens overschrijdt. Een bruikbaar patroon is too + bijvoeglijk naamwoord: The water is too hot. = ‘Het water is te warm.’ hot is hier een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis ‘warm’ of ‘heet’, afhankelijk van de bedoelde intensiteit. De vergelijkingsvormen zijn hot – hotter – hottest; in too hot staat de gewone vorm, niet de vergrotende trap. Het tegenovergestelde is cold: It is too cold. = ‘Het is te koud.’ Samen betekent It is + too + hot: ‘Het is te warm.’ De zin beschrijft dus de temperatuur als hoger dan wenselijk, zonder een concreet zelfstandig naamwoord als onderwerp te noemen.

  2. It is too cold.

    Het is te koud.

    It is
    het is
    too
    te; overdreven veel
    cold
    koud
    Uitgebreide uitleg

    It is bestaat uit het onderwerp it en de vorm is van het werkwoord be. In deze zin verwijst it niet naar een specifiek genoemd voorwerp; het is een onpersoonlijk onderwerp bij de beschrijving van het weer of de temperatuur. is hoort bij de tegenwoordige tijd en bij een enkelvoudig onderwerp. Vergelijk: I am tired = «Ik ben moe» en They are tired = «Ze zijn moe». too betekent hier dat de temperatuur een ongewenst hoge mate van kou heeft: «te». Het woord staat vóór het bijvoeglijk naamwoord dat het versterkt. Dit verschilt van very in very cold: very betekent «erg» en beschrijft een sterke graad, terwijl too aangeeft dat de graad boven een gewenste of aanvaardbare grens ligt. cold is het bijvoeglijk naamwoord «koud». De vorm verandert hier niet voor het onpersoonlijke it. Een bruikbaar contrast is hot = «warm» tegenover cold = «koud». In It is too hot krijgt hetzelfde patroon een andere temperatuur. Samen vormen de delen het patroon It is too + bijvoeglijk naamwoord: «Het is te + [eigenschap]». Daarom betekent It is too cold. «Het is te koud.» De zin zegt dat het koud is en dat de kou een te hoge, ongewenste graad heeft.

  3. I am very tired.

    Ik ben erg moe.

    I am
    ik ben
    very
    erg
    tired
    moe
    Uitgebreide uitleg

    I am vormt hier een korte Engelse constructie voor “ik ben”. I is het persoonlijk voornaamwoord voor de spreker. Bij I hoort in de tegenwoordige tijd de vorm am van het werkwoord be; bij andere onderwerpen verandert die vorm, bijvoorbeeld you are = “jij bent” en he is = “hij is”. Voorbeeld: I am ready. = “Ik ben klaar.” very versterkt het woord dat erop volgt: “erg” of “heel”. Het beschrijft hier de graad van tired, niet een zelfstandig gevoel of een handeling. Voorbeeld: She is very happy. = “Zij is erg blij.” tired betekent hier “moe”. Het is de vorm die een toestand van de spreker beschrijft en staat na am. Het verwante woord tiring betekent “vermoeiend”: The work is tiring. = “Het werk is vermoeiend.” Dat is dus iets anders dan I am tired. = “Ik ben moe.” Samen vormen de delen I am + very + tired de betekenis “Ik ben erg moe.” De zin beschrijft de toestand van de spreker in de tegenwoordige tijd; very maakt de vermoeidheid sterker.

  4. I am very hungry.

    Ik heb erg veel honger.

    I am
    ik ben
    very
    erg, heel
    hungry
    hongerig
    Uitgebreide uitleg

    I am geeft hier de eerste persoon enkelvoud van het Engelse werkwoord be weer: bij I hoort in de tegenwoordige tijd am. Het betekent hier “ik ben”. Hetzelfde patroon verschijnt bijvoorbeeld in I am tired. — “Ik ben moe.” very versterkt het woord dat erop volgt. Voor een bijvoeglijk naamwoord staat het gewoonlijk ervoor: very hungry betekent “erg hongerig” of natuurlijker in de volledige Nederlandse zin “erg veel honger”. Vergelijk very tired — “erg moe”. hungry is hier een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “hongerig”. Het verandert in het Engels niet mee met persoon of getal: I am hungry en they are hungry gebruiken allebei hungry. Voor vergelijking heeft het de vormen hungry, hungrier, hungriest; in hungrier verandert de y in i. Voorbeeld: She is hungry. — “Zij heeft honger.” Samen vormen de delen I am + very + hungry: “Ik ben erg hongerig.” De vaste Nederlandse vertaling drukt dit natuurlijk uit als “Ik heb erg veel honger.” Het Engels gebruikt hier dus be met het bijvoeglijk naamwoord hungry, terwijl het Nederlands in deze betekenis de constructie honger hebben gebruikt.

  5. I am very thirsty.

    Ik heb erg veel dorst.

    I am
    ik ben
    very
    erg, heel
    thirsty
    dorstig
    Uitgebreide uitleg

    I am vormt hier de tegenwoordige tijd van het werkwoord be: I am = “ik ben”. am hoort specifiek bij het onderwerp I; bij you/we/they staat are, en bij he/she/it staat is. In deze zin helpt am samen met het bijvoeglijk naamwoord thirsty om een toestand van de spreker uit te drukken. Voorbeeld: I am tired. = “Ik ben moe.” very versterkt het daaropvolgende bijvoeglijk naamwoord: “erg” of “heel”. Het geeft hier een hoge mate van dorst aan, niet een afzonderlijke handeling. Hetzelfde patroon is bruikbaar in very tired = “erg moe” en very happy = “heel blij”. thirsty is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “dorstig”. Het beschrijft een toestand; het is geen werkwoord dat “dorst hebben” betekent. Voor de tegenovergestelde toestand kun je bijvoorbeeld not thirsty = “geen dorst hebben” gebruiken. Voorbeeld: She is thirsty. = “Zij heeft dorst.” Samen vormen de delen I am + very + thirsty de volledige betekenis: “Ik ben erg dorstig”, natuurlijk vertaald als “Ik heb erg veel dorst.” In het Engels gebruikt deze zin dus be met het bijvoeglijk naamwoord thirsty; het Nederlands drukt dezelfde toestand hier uit met hebben en het zelfstandig naamwoord dorst.

  6. I am feeling sick.

    Ik voel me ziek.

    I am
    ik ben
    feeling
    voelen; zich voelen
    sick
    ziek
    Uitgebreide uitleg

    I am bevat het onderwerp I (“ik”) en de vorm am van het werkwoord be, die bij I hoort. In deze zin vormt am samen met het volgende werkwoord de tegenwoordige vorm am feeling; am betekent hier dus niet op zichzelf dat er een blijvende eigenschap wordt benoemd. feeling is de -ing-vorm van feel. In am feeling gaat het om wat de spreker nu ervaart: “zich voelen” of “ervaren”. De volledige vorm is I am feeling; bij andere onderwerpen verandert de vorm van be, bijvoorbeeld She is feeling sick — “Zij voelt zich ziek.” sick is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “ziek” of “ongesteld”. Na feel beschrijft het een toestand die de spreker ervaart: feel sick = “zich ziek voelen”. Het is hier niet het werkwoord “ziek maken”. Samen vormen de delen I + am feeling + sick de betekenis: “Ik voel me ziek.” De zin beschrijft de huidige toestand van de spreker. Het patroon I am feeling + bijvoeglijk naamwoord kan ook met andere toestanden worden gebruikt, bijvoorbeeld I am feeling tired — “Ik voel me moe.”

Grammatica

too + adjective

It is too hot.

it iz toe hot

Het is te warm.

too betekent hier ‘te’ en staat vóór een bijvoeglijk naamwoord.

be feeling + adjective

I am feeling tired.

ai em fieling taierd

Ik voel me moe.

In het Engels volgt na feeling een bijvoeglijk naamwoord, zoals tired of sick.

Engels woordenschat

cold bijvoeglijk naamwoord
kould koud

It is too cold.

feeling werkwoord
fieling voelen

I am feeling sick.

hot bijvoeglijk naamwoord
hot warm

It is too hot.

hungry bijvoeglijk naamwoord
hangri hongerig

I am very hungry.

I voornaamwoord
ai ik
It voornaamwoord
it het
sick bijvoeglijk naamwoord
sik ziek

I am feeling sick.

thirsty bijvoeglijk naamwoord
thursti dorstig

I am very thirsty.

tired bijvoeglijk naamwoord
taierd moe

I am very tired.

too bijwoord
toe te

It is too hot.

very bijwoord
veri erg

I am very tired.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Het is te warm.

Antwoord tonenIt is too hot.

Het is te koud.

Antwoord tonenIt is too cold.

Ik ben erg moe.

Antwoord tonenI am very tired.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

moe

Antwoord tonentired

hongerig

Antwoord tonenhungry

ziek

Antwoord tonensick

dorstig

Antwoord tonenthirsty