Vragen om toestemming | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: A beginner practices six useful English phrases about basic permission questions..

NL → EN / Niveau: A1

Over deze les

Met Vragen om toestemming oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

Can I use this?

ken aj joez dhis? Kan ik dit gebruiken?
B

Can I sit here?

ken aj sit hir? Kan ik hier zitten?
A

Can I come in?

ken aj kam in? Kan ik binnenkomen?
B

Can I see it?

ken aj sie it? Kan ik het zien?
A

Can I try it?

ken aj traj it? Kan ik het proberen?
B

Can I have this?

ken aj hev dhis? Kan ik dit hebben?

Woord voor woord

Can "Can" vraagt hier om toestemming: de spreker wil weten of iets mag. In deze zinnen staat het vooraan in het patroon "Can I + werkwoord?", zoals "Can I use this?". Je gebruikt dit bijvoorbeeld om beleefd te vragen of je iets mag gebruiken, bekijken of proberen.
I "I" verwijst naar de persoon die spreekt en betekent hier "ik". Na "Can" komt "I" als de persoon die toestemming vraagt, bijvoorbeeld in "Can I sit here?". Gebruik het patroon "Can I ...?" wanneer je voor jezelf iets wilt vragen.
use "use" betekent hier iets gebruiken of ergens gebruik van maken. In "Can I use this?" staat het na "Can I" en vóór het voorwerp "this". Je kunt het patroon "Can I use ...?" gebruiken wanneer je toestemming wilt vragen om een voorwerp of hulpmiddel te gebruiken.
this "this" verwijst hier naar het voorwerp in de buurt waar de spreker naar wijst of dat zichtbaar is. In "Can I use this?" is het het voorwerp dat de spreker wil gebruiken. Gebruik "this" voor iets dichtbij wanneer je niet opnieuw wilt benoemen wat het is.
sit "sit" betekent hier gaan zitten of zittend blijven. In "Can I sit here?" volgt het op "Can I" en wordt de plaats aangegeven door "here". Je gebruikt "Can I sit ...?" bijvoorbeeld wanneer je wilt vragen of je ergens mag zitten.
here "here" betekent hier, dus op de plaats waar de spreker of gesprekspartner zich bevindt. In "Can I sit here?" geeft het aan waar de spreker wil zitten. Gebruik het na een werkwoord zoals "sit" om een plaats dichtbij aan te wijzen.
come "come" betekent hier naar deze plaats toe komen. In "Can I come in?" vormt het samen met "in" de uitdrukking naar binnen komen; "come" geeft de beweging aan en "in" de richting. Je gebruikt "Can I come in?" wanneer je toestemming vraagt om een ruimte binnen te gaan.
in "in" geeft hier de richting naar de binnenkant van een ruimte aan. In "Can I come in?" hoort het bij "come" en maakt het geheel de betekenis naar binnen komen. Gebruik "come in" wanneer iemand een kamer of gebouw wil binnengaan.
see "see" betekent hier iets bekijken of met de ogen waarnemen. In "Can I see it?" staat het na "Can I" en verwijst "it" naar wat bekeken moet worden. Je gebruikt het patroon "Can I see ...?" wanneer je toestemming wilt vragen om iets te bekijken.
it "it" verwijst hier naar iets dat al bekend is of waarnaar in de situatie wordt verwezen. In "Can I see it?" is het datgene wat de spreker wil bekijken. Gebruik "it" wanneer het duidelijk is welk ding je bedoelt zonder het opnieuw te noemen.
try "try" betekent hier iets uitproberen of testen. In "Can I try it?" staat het na "Can I" en verwijst "it" naar wat de spreker wil uitproberen. Je gebruikt het patroon "Can I try ...?" bijvoorbeeld wanneer je toestemming vraagt om een product, activiteit of apparaat te testen.
have "have" betekent hier iets krijgen of mogen hebben. In "Can I have this?" verwijst "this" naar het voorwerp dat de spreker wil ontvangen of houden. Gebruik het patroon "Can I have ...?" wanneer je beleefd om iets vraagt.

Grammatica

Can I + base verb

Can I use this?

ken aj joez dhis?

Mag ik dit gebruiken?

Na Can I komt het werkwoord in de basisvorm: Can I use, niet Can I uses.

Engels woordenschat

Can I uitdrukking
ken aj Mag ik ...?
have werkwoord
hev hebben
here bijwoord
hir hier
I voornaamwoord
aj ik
it voornaamwoord
it het
see werkwoord
sie zien
sit werkwoord
sit zitten
this voornaamwoord
dhis dit
try werkwoord
traj proberen
use werkwoord
joez gebruiken

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Kan ik dit gebruiken?

Antwoord tonenCan I use this?

Kan ik hier zitten?

Antwoord tonenCan I sit here?

Kan ik binnenkomen?

Antwoord tonenCan I come in?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

dit

Antwoord tonenthis

hier

Antwoord tonenhere

hebben

Antwoord tonenhave

het

Antwoord tonenit