Een kortere rij bij de kassa kiezen | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: At a shop checkout area, two adults confirm they have everything and choose the shorter line..

NL → EN / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een kortere rij bij de kassa kiezen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

Do we need anything else?

Doe wie niid enie-fing els? Hebben we nog iets nodig?
B

I think that's everything.

Ai fink dets evrie-fing. Ik denk dat dit alles is.
A

Then let's go to the checkout.

Den lets gou te de tsjek-aut. Laten we dan naar de kassa gaan.
B

The line is long.

De lain iz long. De rij is lang.
A

The register over there has a shorter line.

De redzjister ouver der hez uh sjorter lain. De kassa daar heeft een kortere rij.
B

Let's line up there.

Lets lain ap der. Laten we daar in de rij gaan staan.

Uitleg van de zinnen

  1. Do we need anything else?

    Hebben we nog iets nodig?

    Do we
    doen we…?
    need
    nodig hebben
    anything
    iets
    else
    nog / anders
    Uitgebreide uitleg

    Do we opent hier een ja/nee-vraag. In de tegenwoordige tijd gebruikt Engels bij need de hulpvorm do: Do + onderwerp we + werkwoord in de basisvorm. Do betekent in deze vraag niet zelfstandig “doen”. Vergelijk: Do they need help? — “Hebben zij hulp nodig?” need betekent hier “nodig hebben”. Na do blijft het werkwoord in de basisvorm: Do we need ...?, niet Do we needs ...?. De vorm need kan ook zonder do voorkomen, bijvoorbeeld in We need more time. — “We hebben meer tijd nodig.” anything verwijst hier naar iets onbepaalds dat eventueel nodig is. In vragen en ontkenningen is anything een gebruikelijke vorm; in een bevestigende zin staat vaak something: Do you need anything? — “Heb je iets nodig?” else voegt de betekenis “nog” of “anders” toe aan anything: het gaat om iets extra’s naast wat al besproken of verzameld is. De vaste combinatie anything else betekent dus “nog iets” of “iets anders”. Bijvoorbeeld: Would you like anything else? — “Wil je nog iets?” Samen vormen de delen Do we need + anything else? de vraag “Hebben we nog iets nodig?” De vraag gebruikt do om een ja/nee-vraag te vormen, we als onderwerp, need voor de behoefte, en anything else voor een eventuele extra zaak. De volgende zin, “Ik denk dat dit alles is”, past bij de lezing dat men controleert of er niets extra’s meer nodig is.

  2. I think that's everything.

    Ik denk dat dit alles is.

    I
    ik
    think
    denk
    that's
    dat is
    everything
    alles
    Uitgebreide uitleg

    I is het Engelse persoonlijk voornaamwoord voor de spreker. Het staat als onderwerp: I think betekent hier “ik denk”. In het Engels krijgt I als onderwerp geen andere vorm voor deze persoon; vergelijk als object me in She sees me (“Zij ziet mij”). think betekent hier “denken” of “vinden”. De basisvorm is think; bij I blijft die vorm onveranderd: I think. In de tegenwoordige tijd krijgt alleen de derde persoon enkelvoud doorgaans -s: I think, maar she thinks. In deze zin leidt think de inhoud van de gedachte in: wat volgt na think is datgene wat de spreker denkt. that's is de samentrekking van that is. That verwijst hier naar de situatie of het geheel waarover wordt gecontroleerd; de vaste vertaling maakt de bedoelde betekenis “dat”. Is is de vorm van be bij that in de tegenwoordige tijd. In de constructie that is everything verbindt is het onderwerp that met de beschrijving everything. everything betekent “alles”: het geheel van de relevante dingen, zonder dat elk afzonderlijk ding wordt genoemd. Het woord gedraagt zich grammaticaal als enkelvoud: Everything is ready betekent “Alles is klaar”, niet Everything are ready. Het is breder dan something (“iets”) en anything (“iets/wat dan ook”, afhankelijk van de zin). Samen vormen de delen I think + that's everything: “Ik denk dat dit alles is.” De spreker geeft daarmee aan dat dit volgens hem of haar het volledige relevante geheel is. Als volledige, natuurlijke bevestiging kan dezelfde structuur bijvoorbeeld zo worden gebruikt: I think that's enough. — “Ik denk dat dat genoeg is.”

  3. Then let's go to the checkout.

    Laten we dan naar de kassa gaan.

    Then
    dan
    let's
    laten we
    go
    gaan
    checkout
    kassa
    Uitgebreide uitleg

    Then betekent hier dan: het plaatst deze voorgestelde handeling in de volgorde van het gesprek, na wat eerder is vastgesteld. Het betekent hier niet automatisch toen; dat woord verwijst meestal naar een moment in het verleden. let's is de verkorte vorm van let us. In deze vaste constructie wordt een voorstel gedaan dat de spreker en de aangesprokene samen omvat: Let's go. = Laten we gaan. De apostrof hoort bij de samentrekking en wordt in gewone schrijftaal behouden. go is de basisvorm van het werkwoord to go, gaan. Na let's staat het werkwoord in deze vorm, zonder to: Let's wait. = Laten we wachten. checkout betekent hier kassa, de plaats waar je je aankopen afrekent. Als zelfstandig naamwoord wordt het vaak als één woord geschreven. Het werkwoord to check out is een andere vorm en betekent onder meer afrekenen of uitchecken; dat is niet de vorm in deze zin. Samen vormen Then let's go en to the checkout de betekenis: Laten we dan naar de kassa gaan. to geeft de bestemming aan, en the checkout verwijst naar de bedoelde kassa in de winkelsituatie. De zin is dus een voorstel om vervolgens gezamenlijk naar die kassa te gaan.

  4. The line is long.

    De rij is lang.

    line
    rij
    is
    is
    long
    lang
    Uitgebreide uitleg

    line betekent hier “rij”: een reeks mensen die wachten, bijvoorbeeld bij een kassa. Het woord kan in andere contexten ook “lijn” betekenen, maar de vertaling en de context met de kassa ondersteunen hier de betekenis “rij”. is is de vorm van be voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: I am, you are, he/she/it is. In deze zin verbindt het werkwoord het onderwerp met de eigenschap die erop volgt. long betekent “lang” en beschrijft de rij. De vergrotende trap is longer (“langer”); in de context staat ook shorter (“korter”) als vergelijking met een andere rij. Een eenvoudig voorbeeld is: The road is long. — “De weg is lang.” Samen vormen de delen The line + is + long: “De rij is lang.” The maakt duidelijk dat het om een bepaalde, in de situatie bedoelde rij gaat. De zin beschrijft dus de lengte van die rij in de tegenwoordige tijd.

  5. The register over there has a shorter line.

    De kassa daar heeft een kortere rij.

    register
    kassa
    over there
    daar, ginds
    has
    heeft
    shorter
    korter
    line
    rij
    Uitgebreide uitleg

    register betekent hier ‘kassa’, niet het algemene Engelse woord voor bijvoorbeeld een taalregister of een kasboek. In deze betekenis is het een zelfstandig naamwoord voor de betaalplek in een winkel. Een bruikbaar voorbeeld is: “This register is open.” = “Deze kassa is open.” over there verwijst naar een plek op enige afstand van de spreker: ‘daar’ of ‘ginds’. Het is een vaste combinatie; there alleen kan ook simpelweg ‘daar’ betekenen. Voorbeeld: “The chairs are over there.” = “De stoelen staan daar.” has is de tegenwoordige tijd van have bij een derde persoon enkelvoud, zoals the register: have → has. Hier drukt het uit dat er bij die kassa een rij is: de kassa ‘heeft’ een rij. Bij I, you, we en they gebruik je in de tegenwoordige tijd have, bijvoorbeeld: “They have a shorter line.” = “Zij hebben een kortere rij.” shorter is de vergrotende trap van short: short → shorter → the shortest. Het vergelijkt de rij bij deze kassa met een andere rij, zodat shorter ‘korter’ betekent. De uitgang -er hoort bij het bijvoeglijk naamwoord short, niet bij line. Voorbeeld: “This line is shorter.” = “Deze rij is korter.” line betekent hier ‘rij’, dus een opeenvolging van mensen die wachten. Het kan in andere contexten ook ‘lijn’ betekenen. Dat is een ander gebruik van hetzelfde zelfstandig naamwoord. In “The line is long.” betekent het eveneens ‘de rij’; in “Let’s line up there.” is line up daarentegen een werkwoordelijke combinatie die betekent ‘daar in de rij gaan staan’. Samen betekent The register over there ‘de kassa daar’. has koppelt die kassa aan wat erbij hoort, namelijk a shorter line: ‘een kortere rij’. De volledige betekenis is daarom: “De kassa daar heeft een kortere rij.” De vergrotende trap maakt duidelijk dat deze rij korter is dan een andere, eerder relevante rij.

  6. Let's line up there.

    Laten we daar in de rij gaan staan.

    Let's
    laten we
    line up
    in de rij gaan staan
    there
    daar
    Uitgebreide uitleg

    Let's is de verkorte vorm van let us. In deze zin introduceert het een voorstel waarin de spreker en de aangesprokene samen handelen: “laten we …”. Het is hier dus geen gewone betekenis van “ons laten”, maar een veelgebruikte vorm om een gezamenlijk voorstel te doen. Voorbeeld: Let's sit here. = “Laten we hier gaan zitten.” line up betekent hier “in een rij gaan staan”. Het is een werkwoordelijke combinatie: line betekent in deze betekenis “een rij vormen of zich opstellen”, en up maakt duidelijk dat mensen zich achter elkaar opstellen. De vorm line up is hier de basisvorm na Let's; er staat geen aparte uitgang voor de personen. Voorbeeld: They are lining up. = “Ze gaan in de rij staan.” there betekent “daar” en verwijst hier naar de eerder genoemde plaats bij de kassa: de plaats waar de kortere rij is. Het is een plaatsaanduiding; het krijgt in het Engels in deze functie geen vormverandering voor persoon of aantal. Voorbeeld: Wait there. = “Wacht daar.” Samen vormt Let's line up there. het voorstel: “Laten we daar in de rij gaan staan.” Let's geeft het gezamenlijke voorstel aan, line up beschrijft de handeling en there wijst de plaats aan.

Grammatica

Let's + werkwoord

Let's line up over there.

Lets lain ap ouver der.

Laten we daar in de rij gaan staan.

Let's is de verkorte vorm van let us en wordt gebruikt om samen iets voor te stellen.

Engels woordenschat

anything voornaamwoord
enie-fing iets
checkout zelfstandig naamwoord
tsjek-aut kassa
else bijwoord
els anders; nog
everything voornaamwoord
evrie-fing alles
go werkwoord
gou gaan
line zelfstandig naamwoord
lain rij
long bijvoeglijk naamwoord
long lang
need werkwoord
niid nodig hebben
over there uitdrukking
ouver der daar; daar ginds
register zelfstandig naamwoord
redzjister kassa
then bijwoord
den dan
think werkwoord
fink denken

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Hebben we nog iets nodig?

Antwoord tonenDo we need anything else?

Ik denk dat dit alles is.

Antwoord tonenI think that's everything.

Laten we dan naar de kassa gaan.

Antwoord tonenThen let's go to the checkout.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

denken

Antwoord tonenthink

nodig hebben

Antwoord tonenneed

rij

Antwoord tonenline

anders; nog

Antwoord tonenelse