Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een treinkaartje kopen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.
Dialoog
Do you already have a train ticket?
Doe joe olredi hev uh treen tikit? Heb je al een treinkaartje?Not yet. I need to buy one.
Not jet. Ai nied tuh bai wan. Nog niet. Ik moet er een kopen.There are ticket machines by the entrance.
Dher ar tikit məsjienz bai dhuh entrəns. Er staan kaartjesautomaten bij de ingang.I'll get mine there.
Ail get main dher. Ik koop de mijne daar.I have my ticket on my phone.
Ai hev mai tikit on mai foon. Ik heb mijn kaartje op mijn telefoon.Then I'll meet you back here after I buy mine.
Dhen ail miet joe bek hier after ai bai main. Dan zie ik je hier weer nadat ik mijn kaartje heb gekocht.I'll wait near the machines.
Ail weit nier dhuh məsjienz. Ik wacht vlak bij de automaten.Look for me beside them.
Loek for mie bisaid dhem. Zoek me naast de automaten.Uitleg van de zinnen
Do you already have a train ticket?
Heb je al een treinkaartje?
- Do you
- heb je …?
- already
- al
- have
- hebben
- train ticket
- treinkaartje
Uitgebreide uitleg
Do you opent hier een ja/nee-vraag. In het Engels staat do als hulpwerkwoord vóór you; de hoofdwerkwoordsvorm blijft daarna de basisvorm. Vergelijk: Do you work? = “Werk je?” Bij you verandert do niet voor enkelvoud of meervoud. already betekent hier “al”: het vraagt of iets vóór dit moment het geval is. Het staat in deze vraag tussen het onderwerp en het hoofdwerkwoord. Vergelijk: Do you already know? = “Weet je het al?” have betekent hier “hebben” of “in bezit hebben”. De vorm in de vraag is de basisvorm, omdat do de vraag draagt: Do you have ...? Niet Do you has ...? De gewone bevestigende vorm bij you is ook you have; bij he, she of it wordt dat has, bijvoorbeeld: Does she have a ticket? = “Heeft zij een kaartje?” train ticket is een samenstelling: train specificeert welk soort ticket bedoeld wordt, namelijk een kaartje voor een trein. Het zelfstandig naamwoord is ticket; het meervoud is tickets. Een vergelijkbaar patroon is bus ticket = “buskaartje”. Samen vormt Do you already have a train ticket? de vraag: “Heb je al een treinkaartje?” De vraag controleert of de aangesprokene op dit moment al zo’n kaartje heeft; already geeft het idee “al” weer. A train ticket verwijst naar een treinkaartje als soort of benodigd object; het onbepaalde lidwoord maakt niet op zichzelf duidelijk hoeveel exemplaren bedoeld zijn en identificeert geen specifiek kaartje.
Not yet. I need to buy one.
Nog niet. Ik moet er een kopen.
- Not yet
- nog niet
- need
- nodig hebben
- buy
- kopen
- one
- één exemplaar; er een
Uitgebreide uitleg
Not yet betekent hier dat iets tot dit moment niet is gebeurd of niet het geval is. yet wordt vaak gebruikt in ontkennende zinnen over een verwachte of relevante toestand: “I haven’t bought it yet.” = “Ik heb het nog niet gekocht.” Het zegt op zichzelf niet wanneer het wel zal gebeuren. need betekent hier dat de spreker iets noodzakelijk vindt of nodig heeft. De vorm is de basisvorm na I: I need .... Na need kan een infinitief met to volgen: I need to buy ... = “Ik moet ... kopen.” Dat is een ander patroon dan bijvoorbeeld I want to buy ..., waarbij want een wens uitdrukt in plaats van noodzaak. buy is de basisvorm van het werkwoord “kopen”. In deze zin staat het na to, dus in de infinitief: to buy. Enkele nuttige vormen zijn buy (tegenwoordige basisvorm), buys (bij he/she/it in de tegenwoordige tijd), bought (verleden tijd en voltooid deelwoord). Voorbeeld: “She bought a ticket.” = “Zij kocht een kaartje.” one vervangt hier een eerder genoemd enkelvoudig telbaar zelfstandig naamwoord. In de gegeven context gaat het om één treinkaartje; daarom vertaal je het natuurlijk als er een, zonder kaartje opnieuw te noemen. one heeft hier dus zowel de betekenis “één exemplaar” als de verwijzende functie van “één [kaartje]”. Voorbeeld: “I need two tickets, but I only have one.” = “Ik heb twee kaartjes nodig, maar ik heb er maar één.” Samen vormen de twee delen de betekenis: Not yet = “Nog niet”; I need to buy one = “Ik moet er een kopen.” De spreker heeft op dat moment nog geen treinkaartje, maar zegt dat het nodig is om er één te kopen. Het volledige geheel is dus: “Nog niet. Ik moet er een kopen.”
There are ticket machines by the entrance.
Er staan kaartjesautomaten bij de ingang.
- There are
- er zijn
- ticket machines
- kaartjesautomaten
- by
- bij
- entrance
- ingang
Uitgebreide uitleg
There are introduceert dat iets op een bepaalde plaats aanwezig is. In deze zin is het onderwerp meervoudig: ticket machines. Vergelijk: There is a machine. = Er staat/is een automaat. Bij meervoud gebruik je there are, bij enkelvoud there is. Deze constructie benoemt het bestaan of de aanwezigheid; there verwijst hier niet naar een specifieke persoon of zaak. ticket machines betekent hier automaten voor kaartjes. Het hoofdwoord is machines, het meervoud van machine; ticket beschrijft welk soort automaten het zijn en blijft in deze samenstelling enkelvoudig. Een vergelijkbaar patroon is ticket office = kaartjeskantoor. Voor één automaat zeg je a ticket machine, voor meerdere ticket machines. by betekent hier bij of naast: het geeft een plaats dicht bij iets aan. In andere contexten kan by ook bijvoorbeeld een middel of een uiterste tijd aangeven, maar die betekenissen passen hier niet. Voorbeeld: The café is by the station. = Het café is bij het station. entrance betekent ingang. Het woord staat na the, omdat hier naar een bepaalde ingang wordt verwezen die voor de situatie herkenbaar is. Het enkelvoud staat tegenover entrances voor meerdere ingangen. Voorbeeld: Wait at the entrance. = Wacht bij de ingang. Samen vormt de zin: There are + ticket machines zegt dat er kaartjesautomaten aanwezig zijn, en by the entrance bepaalt waar ze staan: bij de ingang. De volledige betekenis is dus: Er staan kaartjesautomaten bij de ingang.
I'll get mine there.
Ik koop de mijne daar.
- I'll
- ik zal / ik ga
- get
- kopen
- mine
- de mijne
- there
- daar
Uitgebreide uitleg
I'll is de samentrekking van I will: I is het onderwerp en will markeert hier een toekomstige handeling of een voornemen. In een volledige vorm zou je zeggen: I will get mine there. De samentrekking is heel gebruikelijk in neutrale spreektaal. get betekent in deze zin, volgens de vaste vertaling, ‘kopen’. Het werkwoord heeft hier dus niet de algemene betekenis ‘krijgen’ of ‘halen’. De vorm get blijft na will onveranderd: will get, niet bijvoorbeeld een vervoegde vorm. Voorbeeld: I will get a ticket. — ‘Ik zal een kaartje kopen.’ mine betekent ‘de mijne’. Dit is een zelfstandig gebruikt bezittelijk voornaamwoord: het vervangt een zelfstandig naamwoord waarvan duidelijk is wat bedoeld wordt, hier een kaartje. Vergelijk my ticket (‘mijn kaartje’) met mine (‘het mijne’). Na mine komt in deze functie geen zelfstandig naamwoord meer. Het verwijst hier naar het kaartje dat de spreker wil kopen; de vorm zelf drukt bezit uit, niet het geslacht of het meervoud van een genoemd zelfstandig naamwoord. there betekent ‘daar’ en verwijst naar een plaats die in de context bekend is. In deze zin staat het na mine en geeft het aan waar de spreker het kaartje zal kopen. Samen vormen de delen: I'll get mine there = ‘Ik koop de mijne daar.’ De spreker zegt dat hij of zij het eigen kaartje op die eerder aangeduide plaats zal kopen. De Engelse toekomstvorm met will wordt in de Nederlandse vertaling hier natuurlijk weergegeven met de tegenwoordige tijd koop, terwijl de toekomstige bedoeling door de context en de Engelse vorm duidelijk blijft.
I have my ticket on my phone.
Ik heb mijn kaartje op mijn telefoon.
- I have
- ik heb
- my
- mijn
- ticket
- kaartje
- on
- op
- phone
- telefoon
Uitgebreide uitleg
I have betekent hier dat de spreker iets bezit of tot zijn/haar beschikking heeft. have is hier het gewone tegenwoordige werkwoord, niet een hulpwerkwoord voor een voltooide tijd. Het blijft have bij I, terwijl bijvoorbeeld he has gebruikt wordt bij he. my geeft bezit aan: het genoemde ding hoort bij de spreker. Deze vorm verandert niet naar het grammaticale geslacht of getal van de bezitter; hij staat zowel voor een enkelvoudig als meervoudig zelfstandig naamwoord. Als het bezittelijke woord zelfstandig staat, verschijnt de vorm mine: That ticket is mine. — Dat kaartje is van mij. ticket is hier een zelfstandig naamwoord voor het kaartje waar de spreker over beschikt. Het meervoud is tickets. Een telbaar zelfstandig naamwoord in het enkelvoud kan bijvoorbeeld met a voorkomen: I need a ticket. — Ik heb een kaartje nodig. on verbindt het kaartje met het apparaat waarop het beschikbaar is. Bij een telefoon betekent on my phone doorgaans dat de informatie of het digitale kaartje op die telefoon staat of daar toegankelijk is; het hoeft niet letterlijk boven op het toestel te liggen. Het patroon on + apparaat is herbruikbaar: The photo is on my phone. — De foto staat op mijn telefoon. phone is het zelfstandig naamwoord voor een telefoon. Het meervoud is phones. In my phone maakt my duidelijk dat het om de telefoon van de spreker gaat, zonder het geslacht van de spreker te specificeren. Samen vormen I have en my ticket de mededeling dat de spreker het eigen kaartje heeft. on my phone specificeert waar het kaartje beschikbaar is. De hele zin betekent dus dat het kaartje van de spreker op diens telefoon staat of daar beschikbaar is.
Then I'll meet you back here after I buy mine.
Dan zie ik je hier weer nadat ik mijn kaartje heb gekocht.
- Then
- dan
- I'll
- ik zal
- meet
- zien, ontmoeten
- you
- je, jou
- back here
- hier weer
- after
- nadat
- buy
- kopen
- mine
- mijn kaartje
Uitgebreide uitleg
Then zet de handeling in een tijdsvolgorde: eerst gebeurt iets anders, daarna volgt deze afspraak. Het kan ook aan het begin van een vervolgzin staan met de betekenis “dan”. I'll is de samentrekking van I will: I is het onderwerp en will markeert hier een toekomstige handeling. In gewone schrijftaal is I'll zeer gebruikelijk. Vergelijk: I'll wait = “ik zal wachten”. meet betekent hier iemand op een afgesproken plaats weer zien of ontmoeten. De vorm is de basisvorm na will; will meet is dus niet will meets. In meet you is you de persoon met wie de spreker afspreekt. you heeft in het Engels dezelfde vorm voor enkelvoud en meervoud en voor onderwerp en object; hier is het een object. back here combineert de plaatsaanduiding here (“hier”) met back (“weer terug”). Samen betekent het hier “hier weer”: de spreker zal op deze plaats opnieuw met de aangesprokene afspreken. back betekent in deze combinatie niet noodzakelijk dat de spreker letterlijk een terugreis beschrijft; het benadrukt de terugkeer naar de eerdere plaats of afspraak. after leidt de tijdsbepalende bijzin in die uitlegt wanneer de afspraak plaatsvindt. In after I buy mine staat I als onderwerp vóór buy, en buy is de basisvorm. Engels gebruikt na een tijdswoord als after vaak de tegenwoordige vorm voor een toekomstige gebeurtenis: after I buy mine, niet noodzakelijk after I will buy mine. buy betekent “kopen”. De vorm is hier tegenwoordige tijd in de I-vorm; bij I blijft het werkwoord in het Engels de basisvorm: I buy, tegenover bijvoorbeeld she buys. In deze zin gaat het kopen vooraf aan het opnieuw afspreken. mine is een zelfstandig bezittelijk voornaamwoord: het staat op de plaats van my plus een zelfstandig naamwoord. Dankzij de vaste vertaling en de context verwijst het hier naar het kaartje van de spreker: my ticket → mine. My moet vóór een zelfstandig naamwoord staan (my ticket), terwijl mine zelfstandig kan staan (I buy mine). De delen vormen samen: Then (“dan”) + I'll meet you (“zal ik je zien/ontmoeten”) + back here (“hier weer”) + after I buy mine (“nadat ik mijn kaartje heb gekocht”). De volledige betekenis is: “Dan zie ik je hier weer nadat ik mijn kaartje heb gekocht.” De toekomstige afspraak wordt uitgedrukt door I'll, terwijl after de aankoop als eerdere gebeurtenis ordent.
I'll wait near the machines.
Ik wacht vlak bij de automaten.
- I'll
- ik zal / ik ga
- wait
- wachten
- near
- vlak bij
- machines
- automaten
Uitgebreide uitleg
I'll is de samentrekking van I will: I is het onderwerp “ik” en will helpt hier om een toekomstige handeling of een voornemen uit te drukken. In deze zin betekent het geheel natuurlijk “ik zal” of “ik ga”. Voorbeeld: I'll call you tomorrow. — “Ik bel je morgen.” Bij andere onderwerpen krijg je bijvoorbeeld you'll of they'll. wait betekent hier “wachten”. Dit is de basisvorm van het werkwoord. Na will staat in het Engels de basisvorm: I will wait, niet een verleden of anders vervoegde vorm. Voorbeeld: Please wait here. — “Wacht hier, alstublieft.” near betekent “vlak bij” en geeft een nabije plaats aan. Het kan vóór een zelfstandig naamwoord staan: near the station betekent “vlak bij het station”. Een nuttig contrast is far from — “ver van”. machines is het meervoud van machine: machine — één machine; machines — meer dan één machine. De uitgang -s markeert hier het gewone meervoud. In deze zin en de omliggende context verwijst het woord naar de automaten. Samen vormt I'll wait near the machines de structuur onderwerp + will + basisvorm + plaatsbepaling: “Ik zal vlak bij de automaten wachten.” De zin zegt dat de spreker daar zal wachten; hij zegt op zichzelf niet of de spreker daarheen gaat of hoe lang het wachten duurt.
Look for me beside them.
Zoek me naast de automaten.
- Look for
- zoek
- me
- mij
- beside
- naast
- them
- de automaten
Uitgebreide uitleg
Look for betekent hier ‘zoeken naar’ en staat in de gebiedende wijs: het onderwerp you wordt in het Engels meestal niet uitgesproken. Het is een vaste combinatie; look alleen betekent meestal ‘kijken’, terwijl look for een doel van het zoeken noemt. Voorbeeld: Look for the key. — ‘Zoek de sleutel.’ me is de objectvorm van het persoonlijke voornaamwoord voor de spreker. Vergelijk: I als onderwerp en me na een werkwoord of voorzetsel. Voorbeeld: Call me. — ‘Bel me.’ beside is een voorzetsel met de betekenis ‘naast’ of ‘ernaast’, dus op een positie aan de zijkant van iets. Het is hier niet hetzelfde als behind (‘achter’) of near (‘in de buurt van’). Voorbeeld: The bag is beside the chair. — ‘De tas staat naast de stoel.’ them is de objectvorm voor een meervoudige derde persoon. In deze vaste vertaling verwijst het naar de automaten; het voornaamwoord zelf krijgt in het Engels geen aparte vorm voor mannelijk, vrouwelijk of onzijdig meervoud. Vergelijk they als onderwerp met them als object: They are beside us. — ‘Zij staan naast ons.’ Samen vormt Look for me beside them een gebiedende zin: de aangesprokene moet de spreker zoeken op een plaats naast de automaten. De betekenis is dus: ‘Zoek me naast de automaten.’
Grammatica
mine als zelfstandig bezittelijk voornaamwoord
The phone is mine.
Dhuh foon iz main.De telefoon is van mij.
Gebruik mine zelfstandig na een vorm van be; zeg niet my alleen. Het betekent ‘van mij’.
Engels woordenschat
Do you already have a train ticket?
I need to buy one.
There are ticket machines by the entrance.
I'll get mine there.
Then I'll meet you back here after I buy mine.
I'll get mine there.
I need to buy one.
I have my ticket on my phone.
Then I'll meet you back here after I buy mine.
There are ticket machines by the entrance.
Do you already have a train ticket?
Not yet.
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Ik koop de mijne daar.
Antwoord tonen
I'll get mine there.Ik wacht vlak bij de automaten.
Antwoord tonen
I'll wait near the machines.Zoek me naast de automaten.
Antwoord tonen
Look for me beside them.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
ingang
Antwoord tonen
entrancenodig hebben
Antwoord tonen
needdie van mij
Antwoord tonen
mineal