Met de fiets naar het gemeentehuis | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: At a city hall entrance, two adults talk about arriving by bike and going inside to find the right counter..

NL → EN / Niveau: A1

Over deze les

Met Met de fiets naar het gemeentehuis oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

I have never been inside this city hall before.

ai uhv never bin insáid dhis siti hol bifór. Ik ben nog nooit eerder in dit gemeentehuis geweest.
B

The building is nicer than I expected.

dhuh bilding iz náiser dhen ai ikspektid. Het gebouw is mooier dan ik had verwacht.
A

The entrance is beside the bicycle parking area.

dhi éntrens iz bisáid dhuh báisikəl párking éria. De ingang is naast de fietsenstalling.
B

A lot of people came by bike.

uh lot uhv pípəl keim bai baik. Veel mensen zijn met de fiets gekomen.
A

That makes sense.

dhet meiks sens. Dat is logisch.
A

It is easier than waiting for the bus.

it iz ízier dhen wéiting fer dhuh bas. Dat is makkelijker dan op de bus wachten.
B

Next time, we could ride here too.

nekst taim, wi kud raid hier toe. De volgende keer kunnen wij hier ook naartoe fietsen.
A

Then we can leave the bikes close to the entrance.

dhen wi ken lív dhuh baiks klóus tuh dhi éntrens. Dan kunnen we de fietsen dicht bij de ingang neerzetten.
B

For now, let's go inside and find the right counter.

fer nau, lets gou insáid uhn faind dhuh rait káunter. Voor nu gaan we naar binnen en zoeken we de juiste balie.

Woord voor woord

I "I" betekent hier "ik" en verwijst naar de spreker die nog nooit in het stadhuis is geweest. Het staat als onderwerp vóór "have" in "I have never been inside ...". Gebruik "I" als onderwerp wanneer je over jezelf spreekt.
have "have" helpt hier om de ervaring tot nu toe uit te drukken in "I have never been ...". Samen met "been" en "never" betekent de uitdrukking dat dit nog nooit is gebeurd. Een veelgebruikt patroon is "I have ..." om over ervaringen te spreken.
never "never" betekent hier "nooit" en maakt duidelijk dat de ervaring op geen enkel moment eerder heeft plaatsgevonden. In "I have never been inside ..." staat het vóór "been". Gebruik "never" om te zeggen dat iets helemaal niet is gebeurd.
been "been" betekent hier "geweest" in "I have never been inside this city hall before". Het is de vorm van "be" die samen met "have" een ervaring tot nu toe beschrijft. Je kunt "have been" ook gebruiken voor andere plaatsen, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: "I have been there."
inside "inside" betekent hier "binnen", namelijk in het gebouw. In "been inside this city hall" geeft het aan waar iemand eerder wel of niet is geweest. Een bruikbaar patroon is "go inside" wanneer je zegt dat iemand naar binnen gaat.
this "this" verwijst hier naar het stadhuis dat de gesprekspartners op dat moment voor zich hebben. In "this city hall" staat het vóór het zelfstandig naamwoord en betekent het "dit". Gebruik "this" voor iets dat dichtbij is of duidelijk in de huidige situatie aanwezig is.
city "city" betekent hier "stad" en vormt samen met "hall" de uitdrukking "city hall", oftewel "stadhuis". Het staat vóór "hall" om aan te geven om welk soort gebouw het gaat. Je ziet hetzelfde patroon in nieuwe voorbeelden zoals "city center".
hall In "city hall" draagt "hall" bij aan de vaste betekenis "stadhuis"; het gaat hier niet om zomaar een hal in een gebouw. De volledige uitdrukking "city hall" benoemt het openbare gebouw waar de gesprekspartners zijn. Gebruik "city hall" wanneer je naar het stadhuis verwijst.
before "before" betekent hier "eerder" of "voordien" en verwijst naar een moment vóór nu. In "I have never been inside this city hall before" staat het aan het einde van de zin. Gebruik "before" ook om aan te geven dat iets eerder gebeurde dan een ander moment.
The "The" verwijst hier naar het specifieke gebouw waarover de gesprekspartners praten. In "The building" staat het aan het begin van de zin en wordt het met een hoofdletter geschreven; in "the" midden in een zin blijft het klein. Gebruik "the" wanneer de luisteraar weet welk gebouw of voorwerp je bedoelt.
building "building" betekent hier "gebouw", namelijk het stadhuis. In "The building is nicer ..." is het datgene waarvan de spreker zegt dat het mooier is dan verwacht. Gebruik "building" voor een gebouw waarin mensen wonen, werken of diensten ontvangen.
is "is" betekent hier "is" en verbindt "The building" met de beschrijving "nicer". Het wordt gebruikt omdat het onderwerp één gebouw is. Een veelgebruikt patroon is "The ... is ..." om iets te beschrijven.
nicer "nicer" betekent hier "mooier" of "aangenamer" en vergelijkt het gebouw met de verwachting van de spreker. De vorm staat in "nicer than I expected", dus vóór "than". Gebruik het patroon "X is nicer than Y" wanneer je twee dingen vergelijkt.
than "than" betekent hier "dan" en introduceert het tweede deel van de vergelijking: "I expected". In "nicer than I expected" maakt het duidelijk waarmee het gebouw wordt vergeleken. Gebruik "than" na een vergelijkende vorm zoals "nicer".
expected "expected" betekent hier "verwachtte" in "I expected". Het is de verleden vorm van "expect" en verwijst naar wat de spreker vóór het zien van het gebouw dacht. Gebruik "expect" in nieuwe voorbeelden wanneer je zegt wat je denkt dat waarschijnlijk zal gebeuren.
entrance "entrance" betekent hier "ingang", de plaats waardoor je het gebouw binnengaat. In "The entrance is beside the bicycle parking area" is het onderwerp van de zin. Een bruikbaar patroon is "the entrance to + plaats", bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: "the entrance to the museum".
beside "beside" betekent hier "naast" en beschrijft de plaats van de ingang ten opzichte van de fietsenstalling. Het staat vóór "the bicycle parking area" in "beside the bicycle parking area". Gebruik "beside + plaats of voorwerp" wanneer twee dingen direct naast elkaar zijn.
bicycle "bicycle" betekent hier "fiets" en beschrijft samen met "parking area" de plek waar fietsen worden gestald. In "the bicycle parking area" staat het vóór "parking" om het doel van de stalling aan te geven. "Bicycle" is een neutraal woord voor een fiets in aanwijzingen en beschrijvingen.
parking "parking" geeft hier aan dat het gebied bedoeld is voor het parkeren of stallen van fietsen. In "the bicycle parking area" beschrijft het welk soort gebied het is. Gebruik "parking" vóór een zelfstandig naamwoord om een plek voor geparkeerde voertuigen aan te duiden.
area "area" betekent hier "gebied" of "ruimte" en verwijst naar het aangewezen deel voor fietsen. In "bicycle parking area" vormt het de kern van de volledige uitdrukking. Gebruik "area" voor een afgebakende of aangewezen ruimte, bijvoorbeeld een wachtruimte in een nieuw voorbeeld.
A "A" betekent hier "een" in "A lot of people". Het staat aan het begin van de zin en krijgt daarom een hoofdletter; dezelfde vorm verschijnt als "a" wanneer hij niet aan het begin staat. Samen met "lot of" vormt het de veelgebruikte hoeveelheid "veel".
lot "lot" betekent hier niet "kavel", maar draagt in "a lot of people" bij aan de betekenis "veel mensen". De volledige constructie "a lot of + zelfstandig naamwoord" geeft een grote hoeveelheid aan. Gebruik bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld "a lot of time" voor "veel tijd".
of "of" verbindt in "a lot of people" de hoeveelheid met datgene waarvan er veel zijn. Samen met "a lot" vormt het de constructie "a lot of + zelfstandig naamwoord". Gebruik dezelfde woordvolgorde vóór zowel telbare als ontelbare hoeveelheden.
people "people" betekent hier "mensen" en verwijst naar de personen die met de fiets zijn gekomen. Het staat na "a lot of" in "A lot of people". Gebruik "people" wanneer je naar personen in het algemeen of naar meerdere personen verwijst.
came "came" betekent hier "kwamen" en beschrijft dat de mensen naar het stadhuis zijn gekomen. Het is de verleden vorm van "come" en staat in "A lot of people came by bike". Gebruik "came" om te vertellen dat iemand naar een plaats toe kwam.
by "by" betekent hier "met" of "per" en geeft het vervoermiddel aan in "by bike". Het staat vóór het vervoermiddel zonder lidwoord. Een bruikbaar patroon is "travel by + vervoermiddel", bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: "travel by train".
bike "bike" betekent hier "fiets" in de uitdrukking "by bike". Samen met "by" geeft het aan dat de mensen per fiets kwamen. Gebruik "by bike" om vervoer per fiets te beschrijven.
That "That" verwijst hier naar het feit dat veel mensen met de fiets kwamen. In "That makes sense" staat het als onderwerp en krijgt het aan het begin van de zin een hoofdletter. Gebruik "That" om naar een zojuist genoemde situatie of opmerking te verwijzen.
makes sense "makes sense" betekent hier als geheel "dat is logisch" of "dat klopt". In deze uitdrukking geeft "makes" aan dat iets een bepaald effect heeft en draagt "sense" het idee van begrijpelijkheid; samen betekent de constructie dat iets begrijpelijk of redelijk is. Gebruik in een nieuw voorbeeld "That makes sense" als reactie wanneer je de reden of uitleg van iemand begrijpt.
It "It" verwijst hier naar met de fiets gaan, de handeling die volgens de spreker gemakkelijker is dan op de bus wachten. In "It is easier than waiting for the bus" staat het als onderwerp vóór "is". Gebruik "It" om naar een eerder genoemde situatie of handeling te verwijzen.
easier "easier" betekent hier "makkelijker" en vergelijkt fietsen met wachten op de bus. De vorm staat in "easier than waiting for the bus". Gebruik het patroon "X is easier than Y" om te zeggen dat één handeling minder moeite kost dan een andere.
waiting "waiting" betekent hier "wachten" en benoemt de activiteit die met fietsen wordt vergeleken. In "waiting for the bus" staat het vóór "for" en krijgt het de betekenis van een activiteit. Een bruikbaar patroon is "waiting for + persoon of vervoermiddel".
for "for" betekent hier "op" in "waiting for the bus" en geeft aan waarop je wacht. In "For now" betekent dezelfde vorm "voorlopig" of "voor nu". Gebruik "wait for + persoon of zaak" wanneer je zegt waarop je wacht.
bus "bus" betekent hier "bus" in "waiting for the bus". Met het lidwoord "the" verwijst het naar de bus als vervoermiddel waarop de spreker wacht. Gebruik "the bus" wanneer je over een bekende of bedoelde busdienst of bus gaat.
Next "Next" betekent hier "volgende" in "Next time". Het verwijst naar een volgende gelegenheid, niet naar de huidige keer. Gebruik "next" vóór een tijdsaanduiding om de eerstvolgende gelegenheid aan te geven.
time "time" betekent hier "keer" in de vaste uitdrukking "Next time". Samen verwijst de uitdrukking naar een volgende gelegenheid om iets te doen. Gebruik "next time" bijvoorbeeld wanneer je een plan voor een volgend bezoek bespreekt.
we "we" betekent hier "we" of "wij" en verwijst naar de twee gesprekspartners samen. Het staat als onderwerp vóór "could" in "we could ride here too". Gebruik "we" wanneer jij en minstens één andere persoon samen bedoeld zijn.
could "could" drukt hier een mogelijkheid of voorzichtig voorstel uit: de gesprekspartners zouden de volgende keer hierheen kunnen fietsen. Het staat vóór het werkwoord "ride" in "we could ride here too". Gebruik "could" om een mogelijke optie of een beleefd voorstel te formuleren.
ride "ride" betekent hier "fietsen" in "ride here", omdat de context over fietsen gaat. Na "could" blijft het werkwoord in deze vorm staan. Een bruikbaar patroon is "ride + naar een plaats" of "ride here" wanneer je per fiets ergens naartoe gaat.
here "here" betekent hier "hier" en verwijst naar het stadhuis of de plek waar de gesprekspartners zich bevinden. In "ride here" geeft het de bestemming aan. Gebruik "here" om naar de plaats van de spreker of naar de huidige gesprekssituatie te verwijzen.
too "too" betekent hier "ook" en voegt het idee toe dat de gesprekspartners eveneens met de fiets kunnen komen. Het staat aan het einde van "we could ride here too". Gebruik "too" vaak aan het einde van een bevestigende zin om extra overeenkomst aan te geven.
Then "Then" betekent hier "dan" en verbindt het voorstel met het gevolg of de volgende stap. In "Then we can leave the bikes ..." staat het aan het begin van de zin en krijgt het een hoofdletter. Gebruik "then" om een gevolg of vervolgstap in een plan aan te geven.
can "can" betekent hier "kunnen" en geeft aan dat de gesprekspartners de fietsen daar kunnen neerzetten. Het staat vóór "leave" in "we can leave the bikes ...". Gebruik "can" voor een mogelijkheid, toestemming of iets dat iemand kan doen wanneer de context dat duidelijk maakt.
leave "leave" betekent hier "achterlaten" of "neerzetten" en verwijst naar de fietsen die bij de ingang blijven staan. In "we can leave the bikes close to the entrance" staat het na "can". Gebruik het patroon "leave + voorwerp + plaats" wanneer je zegt waar je iets achterlaat.
bikes "bikes" betekent hier "fietsen" en verwijst naar meerdere fietsen van de gesprekspartners. De meervoudsvorm staat als voorwerp na "leave" in "leave the bikes ...". Gebruik "bikes" wanneer je over meer dan één fiets spreekt.
close "close" betekent hier "dichtbij" in de vaste combinatie "close to the entrance". Samen met "to" beschrijft het de korte afstand tussen de fietsen en de ingang. Gebruik het patroon "close to + plaats of voorwerp" om nabijheid aan te geven.
to "to" hoort hier bij de combinatie "close to" en betekent samen met "close" dat iets dichtbij een plaats of voorwerp is. Het staat vóór "the entrance" in "close to the entrance". Gebruik "close to + zelfstandig naamwoord" om te zeggen dat iets vlak bij iets anders is.
now "now" betekent hier "nu" in de uitdrukking "For now", die betekent "voor nu" of "voorlopig". Het maakt duidelijk dat dit de keuze voor het huidige moment is. Gebruik "for now" wanneer een situatie of plan tijdelijk geldt.
let's "let's" betekent hier "laten we" en introduceert een voorstel om samen naar binnen te gaan. In "let's go inside" staat het vóór het werkwoord en spreekt de spreker de ander aan om mee te doen. Gebruik "let's + werkwoord" voor een eenvoudig gezamenlijk voorstel.
go "go" betekent hier "gaan" in "go inside". Na "let's" blijft het werkwoord in deze vorm staan, en "inside" geeft de richting naar binnen aan. Gebruik "go + plaats of richting" om een verplaatsing voor te stellen of te beschrijven.
and "and" betekent hier "en" en verbindt twee handelingen in "go inside and find the right counter". Dezelfde gesprekspartners gaan naar binnen en zoeken daarna de juiste balie. Gebruik "and" om gelijkwaardige handelingen of ideeën met elkaar te verbinden.
find "find" betekent hier "vinden" in "find the right counter". Het staat na "and" en deelt het voorstel dat met "let's go" is begonnen. Een bruikbaar patroon is "find + voorwerp of plaats" wanneer je iets zoekt en uiteindelijk lokaliseert.
right "right" betekent hier "juiste" en beschrijft de balie waar de gesprekspartners moeten zijn. In "the right counter" staat het vóór "counter" en gaat het niet over de richting rechts. Gebruik "the right + zelfstandig naamwoord" wanneer je de passende of bedoelde optie bedoelt.
counter "counter" betekent hier "balie", de plek in het stadhuis waar je voor een dienst terechtkunt. In "find the right counter" is het datgene wat de gesprekspartners proberen te vinden. Gebruik "counter" in situaties waarin bezoekers bij een balie informatie of hulp krijgen.

Grammatica

comparative adjective: adjective + -er

The building is nicer and the entrance is easier to find.

dhuh bilding iz náiser en dhi éntrens iz ízier tuh faind.

Het gebouw is mooier en de ingang is makkelijker te vinden.

Gebruik -er om twee dingen te vergelijken: nice → nicer en easy → easier.

close to + noun

The bicycle parking area is close to city hall.

dhuh báisikəl párking éria iz klóus tuh siti hol.

De fietsenstalling is dicht bij het gemeentehuis.

Na close to volgt direct een zelfstandig naamwoord: close to city hall.

Engels woordenschat

a lot of bepaler
uh lot uhv veel
before bijwoord
bifór eerder; voorheen
beside voorzetsel
bisáid naast
bicycle parking area zelfstandig naamwoord
báisikəl párking éria fietsenstalling
building zelfstandig naamwoord
bilding gebouw
by bike uitdrukking
bai baik met de fiets
city hall zelfstandig naamwoord
siti hol gemeentehuis
entrance zelfstandig naamwoord
éntrens ingang
expected werkwoord
ikspektid verwachtte
inside bijwoord
insáid binnen
nicer bijvoeglijk naamwoord
náiser mooier
people zelfstandig naamwoord
pípəl mensen

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Dat is logisch.

Antwoord tonenThat makes sense.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

gebouw

Antwoord tonenbuilding

mooier

Antwoord tonennicer

eerder; voorheen

Antwoord tonenbefore

ingang

Antwoord tonenentrance