Are
In "Are the meeting notes ready?" staat "Are" vooraan om te vragen of iets in een bepaalde toestand is. Het hoort bij de vraagconstructie "Are + onderwerp + ...?". Nieuw voorbeeld: "Are you ready?" gebruik je om iemand te vragen of die klaar is.
the
In "the meeting notes" verwijst "the" naar specifieke notulen die al bekend zijn in deze situatie. Het staat voor een zelfstandig naamwoord wanneer je naar iets bepaalds verwijst. Een veelgebruikt patroon is "the + zelfstandig naamwoord", bijvoorbeeld in "the plan".
meeting
In "meeting notes" verwijst "meeting" naar een vergadering; het bepaalt wat voor soort notities het zijn. "Meeting" staat hier vóór "notes" om een samengesteld begrip te vormen. Een nieuw voorbeeld is "meeting room" voor een vergaderruimte.
notes
In "the meeting notes" betekent "notes" de geschreven informatie uit de vergadering. De vorm verwijst hier naar meerdere notities of notulen. Een veelgebruikt nieuw voorbeeld is "take notes" wanneer je tijdens een gesprek informatie opschrijft.
ready
In "Are the meeting notes ready?" betekent "ready" dat de notulen voorbereid en beschikbaar zijn. Het staat na "are" om de toestand van de notulen te beschrijven. Een veelgebruikt patroon is "be ready for + zelfstandig naamwoord"; nieuw voorbeeld: "We are ready for the meeting."
They
In "They are on my desk" verwijst "They" naar de meeting notes. Het is het onderwerp van de zin en vervangt het eerdere meervoudige zelfstandig naamwoord. Je kunt "They" ook gebruiken als onderwerp voor bekende dingen, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: "They are important."
on
In "on my desk" geeft "on" aan dat de notulen op het oppervlak van het bureau liggen. Het staat vóór de plaats waar iets zich bevindt. Een nieuw voorbeeld is "The papers are on the table."
my
In "my desk" geeft "my" aan dat het bureau bij de spreker hoort of door de spreker wordt gebruikt. Het staat direct vóór het zelfstandig naamwoord. Het herbruikbare patroon is "my + zelfstandig naamwoord", zoals in "my plan".
desk
In "my desk" betekent "desk" het bureau waarop de notulen liggen. Het woord verwijst hier naar een werkplek in een kantoor. Een nieuw voorbeeld is "I am at my desk" wanneer je zegt waar je aan het werk bent.
Is
In "Is there a copy for me?" staat "Is" aan het begin van de vraagconstructie. Samen met "there" vraagt de zin of er een kopie aanwezig of beschikbaar is. Het patroon is "Is there + zelfstandig naamwoord?"; nieuw voorbeeld: "Is there a meeting today?"
there
In "Is there a copy for me?" is "there" onderdeel van de constructie om te vragen of iets aanwezig of beschikbaar is. Het verwijst hier niet naar een specifieke plaats. Je kunt het patroon "Is there + zelfstandig naamwoord?" gebruiken, bijvoorbeeld in het nieuwe voorbeeld "Is there a problem?"
a
In "a copy" introduceert "a" één niet nader bepaalde kopie. De luisteraar weet op dat moment nog niet welke kopie bedoeld wordt. Het betrouwbare patroon is "a + enkelvoudig telbaar zelfstandig naamwoord", zoals in een nieuw voorbeeld: "a plan".
copy
In "a copy for me" betekent "copy" een duplicaat van een document, hier van de meeting notes. Het woord staat na "a" en vóór de informatie over de ontvanger. Een bruikbaar nieuw patroon is "a copy of + document", bijvoorbeeld "a copy of the plan".
for
In "for me" geeft "for" aan voor wie de kopie bedoeld is. Het staat vóór de persoon die de kopie zal ontvangen of gebruiken. Een nieuw voorbeeld is "This document is for you."
me
In "for me" verwijst "me" naar de persoon die spreekt. Na "for" geeft het aan voor wie iets bedoeld is. Het patroon "for me" is bruikbaar wanneer je naar jezelf als ontvanger verwijst; nieuw voorbeeld: "Is this for me?"
Here
In "Here is one" wijst "Here" naar de kopie die de spreker nu aanbiedt of in de buurt toont. Het staat aan het begin van de zin om iets aan te wijzen of te overhandigen. Een nieuw voorbeeld met hetzelfde patroon is "Here is the plan."
one
In "Here is one" verwijst "one" naar één kopie en voorkomt het dat "copy" opnieuw moet worden gezegd. De betekenis komt uit de eerdere vermelding van "a copy". Een nieuw voorbeeld is "I need one" wanneer al duidelijk is welk soort ding bedoeld wordt.
What
In "What are we discussing today?" vraagt "What" naar het onderwerp van de bespreking. Het staat aan het begin van de vraag. Een bruikbaar patroon is "What are we discussing + tijdsaanduiding?"; nieuw voorbeeld: "What are we discussing tomorrow?"
we
In "What are we discussing today?" verwijst "we" naar de spreker en de andere persoon samen. Het is het onderwerp van de bespreking. In "We will discuss the new plan" staat "we" opnieuw als onderwerp voor een gezamenlijke activiteit.
discussing
In "What are we discussing today?" betekent "discussing" dat de spreker en de ander op dat moment een onderwerp bespreken. Samen met "are" beschrijft het een lopende activiteit. Een betrouwbaar patroon is "be + discussing + onderwerp"; nieuw voorbeeld: "They are discussing the plan."
today
In "What are we discussing today?" betekent "today" op deze dag, dus de dag waarop het gesprek plaatsvindt. Het geeft aan wanneer de bespreking gebeurt. Je kunt het aan het einde of begin van een zin gebruiken; nieuw voorbeeld: "Today, we are working together."
will
In "We will discuss the new plan" geeft "will" aan dat de bespreking later zal plaatsvinden. Na "will" staat het werkwoord in de vorm "discuss". Het herbruikbare patroon is "will + werkwoord"; nieuw voorbeeld: "I will call tomorrow."
discuss
In "We will discuss the new plan" betekent "discuss" dat de betrokkenen het plan samen zullen bespreken. Het staat na "will" in de vorm die bij deze constructie hoort. Het werkwoord staat direct vóór het onderwerp van de bespreking, zoals in "discuss the plan".
new
In "the new plan" geeft "new" aan dat het plan nieuw is voor deze situatie of nog niet eerder op deze manier is gebruikt. Het staat vóór "plan" en beschrijft dat zelfstandig naamwoord. Het patroon is "new + zelfstandig naamwoord", zoals in het dialoogfragment "the new plan".
plan
In "the new plan" betekent "plan" het voorgenomen actieplan dat vandaag wordt besproken. Het is het onderwerp van de toekomstige discussie. Een nieuw voorbeeld is "We need a plan for the meeting."
Let
In "Let me read the notes" opent "Let" de constructie waarmee de spreker vraagt of aankondigt dat hij of zij iets mag doen. De volledige constructie "Let me + werkwoord" drukt dit verzoek of voorstel uit. Nieuw voorbeeld: "Let me check the plan."
read
In "Let me read the notes" betekent "read" de geschreven notulen bekijken en begrijpen. Na "Let me" staat het werkwoord in deze vorm. Een bruikbaar patroon is "read + document", bijvoorbeeld in het nieuwe voorbeeld "read the plan".
before
In "before we start" geeft "before" aan dat het lezen eerder gebeurt dan het beginnen. Het verbindt de hoofdactiviteit met de gebeurtenis die daarna plaatsvindt. Het patroon is "before + onderwerp + werkwoord"; nieuw voorbeeld: "before we leave".
start
In "before we start" betekent "start" beginnen met de activiteit waarover de gesprekspartners spreken. Het staat na het onderwerp "we". Een nieuw voorbeeld is "We start the meeting at nine."
Take
In "Take a minute" vraagt "Take" de ander om een korte tijdsduur te gebruiken of te nemen. De betekenis ontstaat in de volledige uitdrukking "Take a minute". Een nieuw voorbeeld is "Take five minutes to read the notes."
minute
In "Take a minute" betekent "minute" een korte tijdsduur van één minuut. Samen met "a" vormt het de tijdsduur die de ander mag gebruiken. Een nieuw voorbeeld is "Wait a minute" wanneer je om een korte pauze vraagt.
begin
In "before we begin" betekent "begin" dat de gezamenlijke activiteit start. Het staat na het onderwerp "we" en volgt op "before". Een nieuw voorbeeld is "The meeting will begin at nine."