De voortgang van een taak | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: In a workplace, two adults review task progress, remaining checks, and when to update the team..

NL → EN / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met De voortgang van een taak oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

How is the task going?

Hau iz dhuh taak goh-ing? Hoe gaat het met de taak?
B

Most of it is done.

Mohst uhv it iz dan. Het meeste is af.
A

What needs checking?

Wut nidez tsjek-ing? Wat moeten we controleren?
B

I need to check the numbers.

Ai nied tuh tsjek dhuh nam-berz. Ik moet de cijfers controleren.
A

Are we on schedule?

Aar wie on skedjoel? Liggen we op schema?
B

We can finish this afternoon.

Wie ken finish dhis af-ter-noen. We kunnen dit vanmiddag afmaken.
A

Should we update the team?

Sjoed wie uhp-deet dhuh tiem? Zullen we het team bijpraten?
B

Let's update them after we finish this part.

Lets uhp-deet dhem af-ter wie finish dhis paart. Laten we hen bijpraten nadat we dit deel hebben afgemaakt.

Uitleg van de zinnen

  1. How is the task going?

    Hoe gaat het met de taak?

    How is … going
    Hoe gaat ...?
    task
    taak
    Uitgebreide uitleg

    How is ... going? is hier een vaste, herbruikbare vraag naar het verloop of de voortgang van iets. How vraagt naar de manier of toestand: in deze zin kun je het natuurlijk weergeven met “hoe”. is is de tegenwoordige tijd van be bij een enkelvoudig onderwerp. going is de -ing-vorm van go; samen met is vormt die hier niet de letterlijke betekenis “aan het gaan”, maar de constructie “hoe verloopt ...?”. Voorbeeld: How is the project going? — “Hoe verloopt het project?” Deze vraag kan ook naar andere activiteiten, plannen of situaties vragen. task betekent hier “taak”: een afgebakende opdracht of hoeveelheid werk. Het meervoud is tasks. Het woord kan zowel een concrete opdracht als een onderdeel van groter werk aanduiden. Voorbeeld: I finished the task. — “Ik heb de taak afgemaakt.” Samen vormt How is the task going? de vraag “Hoe verloopt de taak?” of natuurlijker “Hoe gaat het met de taak?”. De vraag informeert naar de voortgang of toestand van de taak, niet naar de fysieke beweging ervan.

  2. Most of it is done.

    Het meeste is af.

    Most of it
    het meeste ervan
    is done
    is af
    Uitgebreide uitleg

    Most of it betekent hier “het grootste deel ervan”. Most geeft een groot deel aan, niet noodzakelijk alles. In de constructie most of + pronoun/noun verwijst of it naar iets dat al bekend is; in deze context is dat de taak. It is een Engels persoonlijk voornaamwoord voor een zaak of activiteit en heeft hier geen grammaticaal geslacht. Is done beschrijft de toestand van dat deel: het is klaar of afgewerkt. Done is het voltooid deelwoord van do; in is done staat is als vorm van be en vormt het geheel een passieve of toestand-beschrijvende constructie. De basisreeks is do – did – done; done kan niet zelfstandig als gewone verleden tijd worden gebruikt. Voorbeeld: The work is done. — “Het werk is af.” Samen vormt Most of it is done. de betekenis “Het meeste ervan is af”: het grootste deel van de eerder bedoelde taak is klaar, terwijl de zin niet beweert dat alles klaar is. Is staat hier in het enkelvoud, omdat it enkelvoud is en most of it daarmee enkelvoudige overeenkomst krijgt.

  3. What needs checking?

    Wat moeten we controleren?

    What
    wat
    needs checking
    moet gecontroleerd worden
    Uitgebreide uitleg

    What vraagt naar het ding of onderwerp dat gecontroleerd moet worden. In deze vraag is what het onderwerp van needs: het betekent hier dus “wat”, niet “welke persoon”. Vergelijk: What changed? = “Wat is er veranderd?” needs checking betekent hier “moet gecontroleerd worden”. needs is de vorm van need bij een derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: need → needs. De constructie need(s) + -ing kan aangeven dat iets een handeling nodig heeft, met dezelfde betekenis als need(s) to be + voltooid deelwoord: The report needs checking = “Het rapport moet gecontroleerd worden.” Het onderwerp is dan wat gecontroleerd moet worden; de uitvoerder wordt niet in de Engelse zin genoemd. In de hele vraag staat What vooraan omdat het gevraagde onderdeel daar staat. needs checking zegt vervolgens dat dit onderdeel controle nodig heeft. Samen betekent What needs checking?: “Wat moet er gecontroleerd worden?” In de vaste vertaling wordt de uitvoerder als we (“we”) weergegeven: “Wat moeten we controleren?” De Engelse vraag noemt die uitvoerder zelf niet. Deze neutrale vraag kan bijvoorbeeld in een werksituatie worden gebruikt om te vragen welke onderdelen nog gecontroleerd moeten worden.

  4. I need to check the numbers.

    Ik moet de cijfers controleren.

    I need
    ik moet
    check
    controleren
    numbers
    cijfers
    Uitgebreide uitleg

    I need drukt hier uit dat de spreker iets moet doen of dat het nodig is. I is de eerste persoon enkelvoud; need is de tegenwoordige vorm van het werkwoord need en verandert in de derde persoon enkelvoud in needs: I need, she needs. Voor een handeling volgt doorgaans to plus de basisvorm van het werkwoord: I need to check = “Ik moet controleren”. check betekent hier iets nakijken of controleren om de juistheid ervan vast te stellen. De vorm is de basisvorm na to; vergelijk to check met verleden tijd checked. Voorbeeld: I need to check the address. — “Ik moet het adres controleren.” numbers betekent hier cijfers of getallen. Het is het meervoud van number: one number, two numbers. Het meervoud maakt duidelijk dat het om meer dan één getal of cijfer gaat; the ervoor verwijst naar bepaalde cijfers of getallen die in de situatie relevant zijn. Samen vormen I need to check the numbers de betekenis: “Ik moet de cijfers controleren.” De vaste volgorde is subject + need + to + basisvorm van het werkwoord + object: I need to check the numbers. De spreker noemt dus zichzelf als uitvoerder, de controle als noodzakelijke handeling en the numbers als datgene wat gecontroleerd moet worden.

  5. Are we on schedule?

    Liggen we op schema?

    Are we
    zijn we …?
    on schedule
    op schema; volgens planning
    Uitgebreide uitleg

    Are we is hier de vraagvorm van we (‘wij’) met het werkwoord be (‘zijn’). In een ja/nee-vraag staat are vóór het onderwerp: Are we ...? Het woord are is de vorm van be bij we; vergelijk I am, you are en they are. Voorbeeld: Are we ready? — ‘Zijn we klaar?’ on schedule betekent hier dat iets volgens de afgesproken planning verloopt. Schedule is een planning of tijdschema; on hoort in deze vaste uitdrukking bij het idee dat de voortgang met die planning overeenkomt. Voorbeeld: The project is on schedule. — ‘Het project ligt op schema.’ Het tegenovergestelde is behind schedule — ‘achter op schema’. Samen vormen de delen de vraag Are we on schedule?: ‘Liggen we op schema?’ De vraag controleert of de voortgang van de spreker en de aangesproken persoon overeenkomt met de planning.

  6. We can finish this afternoon.

    We kunnen dit vanmiddag afmaken.

    We can
    we kunnen
    finish
    afmaken
    this
    dit
    afternoon
    middag
    Uitgebreide uitleg

    We can combineert het onderwerp we met het modale werkwoord can. In deze zin drukt het uit dat de spreker en minstens één andere persoon iets kunnen doen of dat dit haalbaar is. Can blijft in de tegenwoordige tijd hetzelfde bij alle personen: I can, she can, we can. Na can staat het werkwoord in de basisvorm, dus can finish, niet can finishes. finish betekent hier dat iets volledig wordt afgerond. De basisvorm is ook finish; na can verschijnt die vorm zonder extra uitgang. Een bruikbaar contrast is start tegenover finish: We can start now. = We kunnen nu beginnen. this betekent hier dit en staat zelfstandig als object. Het verwijst naar iets dat in deze zin niet nader wordt benoemd; de zin legt dus niet vast wat dat precies is. This kan als zelfstandig aanwijzend woord naar één ding of naar iets niet-telbaars verwijzen. De meervoudsvorm is these: I can finish these. = Ik kan deze afmaken. afternoon is het zelfstandig naamwoord voor het deel van de dag na de ochtend en vóór de avond. In this afternoon krijgt het samen met this de tijdsbetekenis vanmiddag. Het meervoud is afternoons, bijvoorbeeld: I work some afternoons. = Ik werk op sommige middagen. Samen vormen de delen We can finish this afternoon.: we is de uitvoerder, can drukt de mogelijkheid uit, finish this betekent dat iets wordt afgemaakt, en this afternoon geeft aan wanneer dat kan gebeuren. De natuurlijke volledige betekenis is: We kunnen dit vanmiddag afmaken.

  7. Should we update the team?

    Zullen we het team bijpraten?

    Should we
    Zullen we …?
    update
    bijpraten; op de hoogte brengen
    team
    team
    Uitgebreide uitleg

    Should we vormt hier een vraag waarmee je een voorstel doet: “Zullen we …?” Het onderwerp is we, en should staat vóór het onderwerp. Daarna volgt het werkwoord in de basisvorm: Should we update ...? Vergelijk het voorstel Should we wait? — “Zullen we wachten?” Dit is niet hetzelfde als een mededeling dat we iets zouden moeten doen; in deze vraag vraagt de spreker of het een goed idee is om het te doen. update betekent hier “bijpraten” of “op de hoogte brengen”: iemand nieuwe informatie geven. De vorm is de basisvorm, omdat hij na should staat. In een andere tijd kan dezelfde basis als werkwoord veranderen: We update the team every week (“We praten het team elke week bij”) en We updated the team yesterday (“We hebben het team gisteren bijgepraat”). In deze zin gaat het om het voorgenomen informeren van het team, niet om het bijwerken van een bestand. team is een zelfstandig naamwoord voor een groep mensen die samenwerkt. Het meervoud is teams. In the team verwijst the naar een als bepaalde groep opgevat team; het woord team zelf draagt hier geen meervoudsuitgang. Voor een andere groep kun je bijvoorbeeld zeggen: Should we update the clients? — “Zullen we de klanten bijpraten?” Samen betekent Should we update the team?: “Zullen we het team bijpraten?” De vraag combineert een gezamenlijk voorstel (Should we ...?) met de handeling update en de bepaalde groep the team. De context maakt duidelijk dat het gaat om het team informeren over de relevante stand van zaken.

  8. Let's update them after we finish this part.

    Laten we hen bijpraten nadat we dit deel hebben afgemaakt.

    Let's
    laten we
    update
    bijpraten
    them
    hen
    after
    nadat
    we
    we
    finish
    afmaken; voltooien
    this
    dit
    part
    deel
    Uitgebreide uitleg

    Let's is de vaste verkorte vorm van let us in een voorstel of aansporing: “laten we …”. Het is hier geen gewone beschrijving van een handeling, maar een voorstel dat de spreker en anderen samen iets doen. Voorbeeld: Let's start. — “Laten we beginnen.” update betekent hier iemand nieuwe informatie geven of iemand bijpraten. Het is een zelfstandig werkwoord; de vorm verandert in deze voorstelconstructie niet. In een andere context kan update ook iets bijwerken, bijvoorbeeld informatie of software. Voorbeeld: I will update you tomorrow. — “Ik praat je morgen bij.” them is hier het meervoudige objectpronomen voor de personen die bijgepraat moeten worden; volgens de vaste vertaling gaat het om hen. De objectsvorm is them, terwijl de onderwerpsvorm they is: They called us. — “Zij belden ons.” De voorafgaande context noemt het team, wat deze bedoelde groep ondersteunt. after leidt hier een tijdsbepalende bijzin in: de tweede handeling gebeurt nadat de handeling in die bijzin voltooid is. Het kan ook vóór een zelfstandig naamwoord staan, zoals in after lunch — “na de lunch”. we is het onderwerp van de bijzin en verwijst hier naar de groep waarvan de spreker deel uitmaakt. Engels gebruikt we als onderwerp; als object is de vorm us, zoals in They helped us. — “Zij hielpen ons.” finish betekent hier “afmaken” of “voltooien”. Na we staat de basisvorm finish. In de tegenwoordige tijd krijgt een werkwoord bij de derde persoon enkelvoud doorgaans -s; bij dit werkwoord is de vorm finishes, met -es door de spelling en uitspraak. In after we finish gebruikt het Engels de tegenwoordige vorm in een tijdsbijzin, ook wanneer het afmaken in de toekomst plaatsvindt. Voorbeeld: Call me after you finish. — “Bel me nadat je klaar bent.” this betekent “dit” en staat hier bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Het kan iets als dichtbij of als het huidige onderwerp aanduiden. Het contrasteert met that (“dat”). Voor een meervoudig zelfstandig naamwoord gebruikt het Engels these, niet this. part is een telbaar zelfstandig naamwoord en betekent hier “deel”, namelijk het deel dat wordt afgemaakt. Het meervoud is parts: We finished two parts. — “We hebben twee delen afgemaakt.” De opbouw is Let's + werkwoord + object gevolgd door after + onderwerp + werkwoord + this + zelfstandig naamwoord. Samen betekent Let's update them “Laten we hen bijpraten”; after we finish this part bepaalt wanneer dat gebeurt. De volledige zin betekent daarom: “Laten we hen bijpraten nadat we dit deel hebben afgemaakt.”

Grammatica

Most of + noun + is/are + adjective

Most of the task is done.

Mohst uhv dhuh taak iz dan.

Het meeste van de taak is klaar.

Gebruik most of vóór een zelfstandig naamwoord om ‘het meeste van’ aan te geven.

After + -ing

After checking the numbers, update the team.

Af-ter tsjek-ing dhuh nam-berz, uhp-deet dhuh tiem.

Nadat je de cijfers hebt gecontroleerd, informeer je het team.

Na after gebruik je vaak een werkwoord op -ing als dezelfde persoon beide handelingen uitvoert.

Engels woordenschat

afternoon zelfstandig naamwoord
af-ter-noen middag; namiddag
check werkwoord
tsjek controleren
checking werkwoord
tsjek-ing controleren; controle
done bijvoeglijk naamwoord
dan klaar; gedaan
finish werkwoord
finish afmaken; eindigen
going werkwoord
goh-ing gaan; verlopen
most voornaamwoord
mohst het meeste
numbers zelfstandig naamwoord
nam-berz cijfers; getallen
schedule zelfstandig naamwoord
skedjoel schema; planning
task zelfstandig naamwoord
taak taak
team zelfstandig naamwoord
tiem team; ploeg
update werkwoord
uhp-deet bijpraten; informeren

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Hoe gaat het met de taak?

Antwoord tonenHow is the task going?

Het meeste is af.

Antwoord tonenMost of it is done.

Wat moeten we controleren?

Antwoord tonenWhat needs checking?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

het meeste

Antwoord tonenmost

cijfers; getallen

Antwoord tonennumbers

controleren; controle

Antwoord tonenchecking

afmaken; eindigen

Antwoord tonenfinish