Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een rustige plek voor een pauze oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.
Dialoog
Where can we take a break?
wer ken wie teek uh breek? Waar kunnen we pauze nemen?There's a quiet spot in the hall.
derz uh kwaiët spot in də hol. Er is een rustig plekje in de gang.Is there a bench there?
iz der uh bentj der? Staat daar een bankje?There is one by the wall.
der iz wan bai də wol. Er staat er een bij de muur.I want to sit and rest.
ai want te sit ən rest. Ik wil zitten en uitrusten.Let's sit there together.
lets sit der tə-geder. Laten we daar samen gaan zitten.This spot feels quiet.
dis spot fielz kwaiët. Het voelt hier rustig.This is a good place for a short break.
dis iz uh goet plees fer uh sjort breek. Dit is een goede plek voor een korte pauze.Uitleg van de zinnen
Where can we take a break?
Waar kunnen we pauze nemen?
- Where
- waar
- can we
- kunnen we
- take a break
- pauze nemen
Uitgebreide uitleg
Where betekent hier waar en vraagt naar een plaats. Het is een vraagwoord; vergelijk Where is the station? — Waar is het station? can we bestaat uit het modale werkwoord can en het onderwerp we. Can drukt hier mogelijkheid of een voorstel/verzoek uit: kunnen we. Na can staat het hoofdwerkwoord in de basisvorm, zonder to: Can we sit? — Kunnen we zitten? Het onderwerp we verwijst naar de spreker samen met minstens één andere persoon. take a break is een vaste, veelgebruikte combinatie voor een pauze nemen. take is hier de basisvorm, omdat hij na can komt; break is het zelfstandig naamwoord pauze. In een mededeling verandert de tijd of modaliteit de vorm van de combinatie, bijvoorbeeld We are taking a break — We nemen pauze. Samen vormt Where can we take a break? de vraag Waar kunnen we pauze nemen?: eerst wordt naar de plaats gevraagd, daarna naar de mogelijkheid voor we, en ten slotte naar de activiteit take a break.
There's a quiet spot in the hall.
Er is een rustig plekje in de gang.
- There's
- er is
- quiet
- rustig
- spot
- plekje
- hall
- gang
Uitgebreide uitleg
There's is de verkorte vorm van there is. Hier introduceert die constructie het bestaan of de aanwezigheid van een plek: “er is een plek”. There verwijst in deze constructie niet naar een concrete plaats; het is een vast onderdeel van de Engelse bestaansconstructie. There's wordt hier gebruikt vóór het enkelvoudige zelfstandig naamwoord a quiet spot. Voor een meervoud gebruik je doorgaans there are, bijvoorbeeld: “There are two chairs.” = “Er zijn twee stoelen.” quiet beschrijft hier de plek als rustig, dus met weinig lawaai of activiteit. Het is een bijvoeglijk naamwoord en staat vóór het zelfstandig naamwoord dat het beschrijft. De vergrotende trap is quieter en de overtreffende trap quietest: “This room is quieter.” = “Deze kamer is rustiger.” spot betekent hier een plek of plaats, niet een vlek. Het meervoud is spots. De combinatie a quiet spot is daardoor een herbruikbaar patroon voor “een rustige plek”. Bijvoorbeeld: “We found a shady spot.” = “We vonden een schaduwrijke plek.” in the hall geeft aan waar de plek zich bevindt: binnen de hal of gang. hall is het zelfstandig naamwoord voor een hal of gang in een gebouw; het meervoud is halls. Het voorzetsel in drukt hier locatie binnen een ruimte uit. Bijvoorbeeld: “The bags are in the hall.” = “De tassen staan in de gang.” Samen vormen de delen There's + a quiet spot + in the hall de betekenis: “Er is een rustig plekje in de gang.” De zin meldt dus dat er daar een rustige plek aanwezig is. A introduceert de plek als niet nader bepaald; de zin legt geen nadruk op een specifiek eerder genoemd plekje.
Is there a bench there?
Staat daar een bankje?
- Is there
- is er ...?
- a bench
- een bankje
- there
- daar
Uitgebreide uitleg
Is there vormt hier het begin van een ja-neevraag naar het bestaan of aanwezig zijn van iets. In deze constructie staat there grammaticaal in de Engelse bestaanconstructie en volgt het eigenlijke onderwerp daarna; daarom komt a bench na there. Vergelijk: Is there a chair? = “Staat/zit er een stoel?” of, algemener, “Is er een stoel?” a bench benoemt hier één niet nader bepaalde bank. a is een onbepaald lidwoord; het geeft in deze zin niet op zichzelf een specifiek aantal als leerdoel, maar introduceert een enkelvoudig telbaar zelfstandig naamwoord. Het meervoud is benches: Are there benches? = “Zijn er bankjes?” Let op de vormwisseling van het werkwoord: bij enkelvoud staat Is there ...?, bij meervoud Are there ...?. there betekent hier “daar” en lokaliseert de bedoelde bank op een plaats die uit de situatie bekend of aangewezen is. In deze zin staat het woord bovendien binnen de constructie Is there ...?; het combineert dus plaatsaanduiding met de vraag of er op die plaats een bank aanwezig is. In There is one by the wall. staat dezelfde aanwezigheidspatroon in een mededelende zin: there is introduceert één aanwezig object, terwijl one naar zo’n bank verwijst. Samen betekent Is there + a bench + there: “Staat daar een bankje?” De vraag controleert of er op de aangewezen plaats een bankje aanwezig is. Het patroon is herbruikbaar als Is there a/an + enkelvoudig zelfstandig naamwoord + there?, bijvoorbeeld Is there a table there? = “Staat daar een tafel?”
There is one by the wall.
Er staat er een bij de muur.
- There is
- er is
- one
- er één / één exemplaar
- by
- bij
- wall
- muur
Uitgebreide uitleg
There is introduceert hier de aanwezigheid van iets op een bepaalde plaats. There is in deze constructie geen gewone plaatsaanduiding zoals “daar”, maar maakt deel uit van de aanwezigheidsconstructie. Bij een meervoudig zelfstandig naamwoord gebruik je There are: There are two chairs by the window. betekent “Er staan twee stoelen bij het raam.” one verwijst hier, gezien de voorafgaande vraag over een bankje, naar één exemplaar van dat eerder bedoelde soort: één bankje. Het is hier een zelfstandig gebruikt telwoord, dat het zelfstandig naamwoord vervangt. Vergelijk: There is a bench by the wall. = “Er staat een bankje bij de muur.” tegenover There is one by the wall. = “Er staat er één bij de muur.” by geeft hier een plaats dichtbij iets aan: “bij” of “naast”. Voorbeeld: The chair is by the door. = “De stoel staat bij de deur.” wall betekent “muur”. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord: a wall = “een muur”, the wall = “de muur”, walls = “muren”. In the wall maakt the de muur bepaald: het gaat om een muur die in de context als identificeerbaar wordt opgevat. Het lidwoord drukt hier geen hoeveelheid uit. Samen vormt de zin het patroon There is one + plaatsbepaling: er is één exemplaar van het eerder bedoelde ding, en dat bevindt zich bij de muur. In de gegeven context is de volledige betekenis daarom: “Er staat er een bij de muur.”
I want to sit and rest.
Ik wil zitten en uitrusten.
- I want
- ik wil
- to sit
- zitten
- rest
- uitrusten
Uitgebreide uitleg
I want drukt uit dat de spreker iets wil doen. I is het onderwerp en want is hier de basisvorm én de tegenwoordige vorm van het werkwoord; bij he/she/it wordt dat wants. Het patroon I want to + werkwoord is bruikbaar om een wens of voornemen uit te drukken, bijvoorbeeld: I want to learn. — Ik wil leren. to sit betekent hier zitten. sit is het basiswerkwoord; de verleden tijd en het voltooid deelwoord zijn sat. Na want staat het patroon want to + werkwoord: I want to sit. — Ik wil zitten. rest betekent hier uitrusten of rusten. Het is de basisvorm van het werkwoord; bijvoorbeeld: I rest after work. — Ik rust na het werk. In deze zin staat rest niet opnieuw met to, omdat to sit en rest twee door and verbonden handelingen zijn. De constructie want to [werkwoord] and [werkwoord] kan dus beide handelingen onder dezelfde wens plaatsen. Samen betekent I want to sit and rest: Ik wil zitten en uitrusten. De spreker wil beide handelingen uitvoeren. De volgorde in de Engelse formulering maakt niet noodzakelijk duidelijk dat de ene handeling eerst gebeurt; de zin noemt beide handelingen onder dezelfde wens. De tegenwoordige vorm want presenteert dit als de huidige wens; de zin zegt niet wanneer of hoe lang de handelingen plaatsvinden.
Let's sit there together.
Laten we daar samen gaan zitten.
- Let's
- laten we
- sit
- zitten
- there
- daar
- together
- samen
Uitgebreide uitleg
Let's is de samentrekking van let us. In deze zin vormt het met de werkwoordsvorm erna een voorstel of aansporing voor de spreker en minstens één andere persoon: “laten we …”. Na let's staat het werkwoord in de basisvorm, dus sit, niet een vervoegde vorm. sit betekent hier “zitten” en verwijst naar de handeling of toestand van zitten. De basisvorm is sit; in de verleden tijd wordt dat sat en het voltooid deelwoord is sat. Voorbeeld: We sat there. — “We zaten daar.” there betekent “daar” en verwijst naar een plaats die niet als de plaats van de spreker wordt voorgesteld. Het is een plaatsaanduidend bijwoord. Het contrast is here — “hier”. De precieze plek wordt in deze zin niet benoemd. together betekent “samen”: de betrokken personen voeren de handeling gezamenlijk uit. Het woord verandert hier niet naar persoon of aantal. Voorbeeld: They work together. — “Ze werken samen.” Samen vormen de delen het voorstel Let's sit there together.: “Laten we daar samen gaan zitten.” Let's maakt er een gezamenlijk voorstel van, sit benoemt de handeling, there de bedoelde plek en together dat de personen die handeling gezamenlijk uitvoeren.
This spot feels quiet.
Het voelt hier rustig.
- This
- deze / dit (hier)
- spot
- plek
- feels
- voelt aan
- quiet
- rustig
Uitgebreide uitleg
This staat hier vóór het zelfstandig naamwoord en wijst naar één concrete plek in de nabije situatie: “deze plek”. Als aanwijzend woord staat het bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Bij meervoud gebruik je these, bijvoorbeeld: “These spots feel quiet.” = “Deze plekken voelen rustig aan.” spot betekent hier “plek” of “plaats”. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord; a spot betekent “een plek” en the spot “de plek”. Voorbeeld: “We found a quiet spot.” = “We vonden een rustige plek.” feels is de vorm van het werkwoord feel bij he, she, it en andere enkelvoudige onderwerpen in de tegenwoordige tijd. In deze zin is de plek het onderwerp: de plek wordt als rustig ervaren. De uitgang -s hoort dus bij feels, niet bij spot. Vergelijk: “I feel calm.” = “Ik voel me rustig.” en “The room feels warm.” = “De kamer voelt warm aan.” quiet is een beschrijvend bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “rustig” of “stil”. Het beschrijft hier de indruk die de plek geeft. De gewone vergrotende trap is quieter en de overtreffende trap quietest: “This room is quieter.” = “Deze kamer is rustiger.” Samen vormt This spot het onderwerp. feels quiet zegt hoe die plek aanvoelt of ervaren wordt; feel krijgt hier de koppelende betekenis “aanvoelen als”. De volledige zin betekent daarom: “Deze plek voelt rustig aan.”
This is a good place for a short break.
Dit is een goede plek voor een korte pauze.
- This
- dit
- is
- is
- good
- goed
- place
- plek
- short
- kort
- break
- pauze
Uitgebreide uitleg
This wijst hier naar een nabij aangeduide plek of locatie: “dit”. Als zelfstandig onderwerp staat het vóór is. Het Nederlandse dit is de overeenkomstige aanwijzende vorm voor een enkelvoudig het-woord; de precieze fysieke referentie wordt door de zin niet verder benoemd. is is de vorm van het werkwoord be bij het enkelvoudige onderwerp this. In deze zin verbindt het onderwerp met een beschrijving en een soort bepaling: This is ... = “Dit is ...”. Andere tegenwoordige vormen van be zijn onder meer am bij I en are bij you, we, they en meervoudige onderwerpen. Voorbeeld: This is easy. — “Dit is gemakkelijk.” good beschrijft place positief: de plek is geschikt of aangenaam voor het genoemde doel. Het is een bijvoeglijk naamwoord en staat in het Engels vóór het zelfstandig naamwoord. De gewone vergrotende vormen zijn good, better, best; better is dus niet de vorm van place, maar de vergelijking van good. Voorbeeld: This is a good idea. — “Dit is een goed idee.” place betekent hier “plek” of “plaats”, dus een locatie. Het is een zelfstandig naamwoord. Het meervoud is places. Voorbeeld: This place is quiet. — “Deze plek is rustig.” short beschrijft break als kort van duur: een korte onderbreking of pauze. Het is een bijvoeglijk naamwoord vóór het zelfstandig naamwoord. De vergrotende vormen zijn short, shorter, shortest. Voorbeeld: We need a short break. — “We hebben een korte pauze nodig.” break betekent hier een pauze of onderbreking, niet het werkwoord “breken”. Als zelfstandig naamwoord kan het bijvoorbeeld een korte rustperiode aanduiden. Het meervoud is breaks. Voorbeeld: The break was short. — “De pauze was kort.” Samen vormt This is a good place for a short break de structuur This is + beschrijving van de plek + for + doel. This duidt de plek aan; is a good place beoordeelt haar als een goede plek; for a short break geeft aan waarvoor die plek geschikt is. A is hier het onbepaalde lidwoord bij het enkelvoudige place en drukt op zichzelf geen specifiek aantal uit. De volledige betekenis is: “Dit is een goede plek voor een korte pauze.”
Grammatica
want to + verb
I want to sit.
ai want te sit.Ik wil zitten.
Na want gebruik je to + het werkwoord: want to sit.
Let's + verb
Let's sit together.
lets sit tə-geder.Laten we samen gaan zitten.
Let's is een verkorte vorm van let us en drukt een voorstel uit.
Engels woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Waar kunnen we pauze nemen?
Antwoord tonen
Where can we take a break?Staat daar een bankje?
Antwoord tonen
Is there a bench there?Er staat er een bij de muur.
Antwoord tonen
There is one by the wall.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
muur
Antwoord tonen
wallbankje
Antwoord tonen
benchrustig
Antwoord tonen
quietplekje