Een ruimte controleren | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: In a shared room, two adults check the chairs, screen, markers, and open space before using it..

NL → EN / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een ruimte controleren oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

Is the room ready?

iz də roem reddie? Is de ruimte klaar?
B

The chairs are in place.

də tsjèrz ər in plees. De stoelen staan op hun plaats.
A

Is the screen working?

iz də skrien wèrking? Werkt het scherm?
B

The picture looks clear.

də piksjər loeks klir. Het beeld ziet er helder uit.
A

Do we have markers?

doe wie hev maarkers? Hebben we stiften?
B

They're on the table.

dèr an də tee-bəl. Ze liggen op tafel.
A

Is there space to move around?

iz dèr spees tə moev əraund? Is er ruimte om rond te lopen?
B

There's enough room to walk around.

dèrz inuf roem tə wok əraund. Er is genoeg ruimte om rond te lopen.

Uitleg van de zinnen

  1. Is the room ready?

    Is de ruimte klaar?

    Is
    is
    room
    ruimte
    ready
    klaar
    Uitgebreide uitleg

    Is is hier de tegenwoordige tijd van be bij een derde persoon enkelvoud. In een ja-neevraag staat deze vorm vóór het onderwerp: Is the room ...? Vergelijk als mededeling: The room is ready. — De ruimte is klaar. room betekent hier ruimte en is een telbaar zelfstandig naamwoord in het enkelvoud. Het lidwoord the maakt duidelijk dat het om een bepaalde, voor de gesprekspartners herkenbare ruimte gaat; het zegt op zichzelf niet hoeveel ruimtes er zijn. ready is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis klaar of gereed. Het staat na be en beschrijft de toestand van the room; het is dus geen werkwoord. Een herbruikbaar patroon is be + adjective, bijvoorbeeld: The chairs are ready. — De stoelen zijn klaar. Samen vormen de delen de vraag Is the room ready?: de spreker vraagt of de bepaalde ruimte op dat moment klaar is. De vraag gebruikt de tegenwoordige tijd en vermeldt geen verdere reden of specifieke betekenis van ready.

  2. The chairs are in place.

    De stoelen staan op hun plaats.

    chairs
    stoelen
    are in place
    staan op hun plaats
    Uitgebreide uitleg

    chairs betekent hier “stoelen”. Het is het meervoud van chair; het enkelvoud is dus chair en het meervoud krijgt -s: one chair tegenover two chairs. The verwijst naar een bepaalde, in deze situatie herkenbare groep stoelen; het zegt op zichzelf niet hoeveel stoelen er zijn. are in place betekent hier “staan op hun plaats” of “zijn correct geplaatst”. Are is de tegenwoordige meervoudsvorm van be, passend bij het meervoudige onderwerp chairs; bij één stoel staat er is: The chair is in place. — “De stoel staat op zijn plaats.” In place is een vaste uitdrukking voor iets dat op de bedoelde of vereiste plek staat. Voor een andere betekenis, zoals een regeling die geregeld is, kan dezelfde uitdrukking ook worden gebruikt: The plan is in place. — “Het plan is geregeld.” In deze zin gaat het volgens de vaste vertaling om de fysieke plaats van de stoelen. Samen vormen de delen The chairs + are in place: “De stoelen staan op hun plaats.” De tegenwoordige tijd presenteert dit als de huidige toestand van de stoelen.

  3. Is the screen working?

    Werkt het scherm?

    Is
    is (in een vraag)
    screen
    scherm
    working
    werkt
    Uitgebreide uitleg

    Is staat hier vóór het onderwerp the screen. Het is de tegenwoordige vorm van be voor de derde persoon enkelvoud en werkt als hulpwerkwoord in de vraag. In een bevestigende zin staat de volgorde anders: The screen is working. Bij een ja-neevraag komt is vóór het onderwerp: Is the screen working? screen is een telbaar zelfstandig naamwoord en betekent hier een scherm. Het lidwoord the maakt duidelijk dat het om een bepaald, in de situatie herkenbaar scherm gaat; het drukt op zichzelf geen aantal uit. Voor een niet nader bepaald scherm kun je bijvoorbeeld zeggen: a screen — “een scherm”. working is hier de vorm van het werkwoord work in de progressieve constructie be working. De vorm beschrijft dat het scherm op dit moment functioneert. De basisvorm is work; in deze constructie krijgt het werkwoord de vorm working, terwijl is de persoon en het enkelvoud van het onderwerp aangeeft. Voor meervoud gebruik je bijvoorbeeld Are the screens working? — “Werken de schermen?” Samen vormen Is + the screen + working een ja-neevraag over de huidige werking van één bepaald scherm. De vaste vertaling is daarom: “Werkt het scherm?” De vraag gaat over de vraag of het scherm op dit moment functioneert.

  4. The picture looks clear.

    Het beeld ziet er helder uit.

    picture
    beeld; afbeelding
    looks
    ziet eruit; lijkt
    clear
    helder; duidelijk
    Uitgebreide uitleg

    picture betekent hier “beeld” of “afbeelding”. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord; in het enkelvoud staat er hier the voor. The picture verwijst dus naar een specifiek beeld dat in de situatie herkenbaar is. Voor een niet-specifiek enkelvoudig beeld gebruik je bijvoorbeeld a picture: “I see a picture.” = “Ik zie een afbeelding.” looks is de vorm van het werkwoord look bij he, she, it of een ander enkelvoudig onderwerp in de tegenwoordige tijd. In look + adjective betekent look “eruitzien” of “lijken”: het bijvoeglijk naamwoord beschrijft hoe iets overkomt. The picture looks different. = “Het beeld ziet er anders uit.” Dit verschilt van look at, dat “kijken naar” betekent: Look at the picture. = “Kijk naar het beeld.” clear betekent hier “helder” en beschrijft het beeld. Het kan ook “duidelijk” betekenen wanneer het over informatie, taal of een uitleg gaat. De vergrotende trap is clearer en de overtreffende trap clearest: This picture is clearer. = “Dit beeld is helderder.” Samen vormen The picture en looks clear de betekenis “Het beeld ziet er helder uit.” Looks koppelt het onderwerp aan de eigenschap clear; de zin zegt dus hoe het beeld eruitziet, niet dat iemand ernaar kijkt. De tegenwoordige tijd presenteert dit als de huidige waarneming of beoordeling.

  5. Do we have markers?

    Hebben we stiften?

    Do we
    vraagbegin met we
    markers
    stiften
    Uitgebreide uitleg

    Do we staat aan het begin van een ja-neevraag in de tegenwoordige tijd. Do is hier een hulpwerkwoord en we is het onderwerp. Do we betekent op zichzelf nog niet hebben we: het hoofdwerkwoord have volgt daarna en draagt de betekenis van hebben. Het hoofdwerkwoord staat na do in de basisvorm. Voorbeeld: Do we need paper? — Hebben we papier nodig? Bij he, she en it gebruik je in de tegenwoordige tijd does: Does she have a marker? — Heeft zij een stift? markers betekent hier stiften of markeerstiften. Het is het meervoud van marker; de uitgang -s markeert hier de meervoudsvorm. Het enkelvoud is a marker — een stift. Voorbeeld: I have two markers. — Ik heb twee stiften. Samen vormen Do we have markers? een vraag of de groep waarvan de spreker deel uitmaakt stiften heeft. Het patroon is Do + onderwerp + basisvorm van het werkwoord + zelfstandig naamwoord?.

  6. They're on the table.

    Ze liggen op tafel.

    They're
    ze zijn
    on
    op
    table
    tafel
    Uitgebreide uitleg

    They're is de samentrekking van they are. They is een meervoudig persoonlijk voornaamwoord; de vaste vertaling maakt duidelijk dat het om meerdere referenten gaat, maar identificeert niet precies waarnaar they verwijst. Engels markeert bij they geen grammaticaal geslacht. Are is de vorm van be bij they. Samen geeft they are hier aan dat de referenten zich ergens bevinden. Voorbeeld: They're in the bag. — Ze zijn in de tas. On geeft hier een plaatsrelatie aan: iets bevindt zich op een oppervlak. Het is dus niet het tijdswoord on in bijvoorbeeld on Monday. Voorbeeld: The keys are on the desk. — De sleutels liggen op het bureau. Table is het zelfstandig naamwoord voor een tafel. De vorm is enkelvoud; het meervoud is tables. In the table maakt the duidelijk dat een bepaalde tafel bedoeld is. Voorbeeld: There are two tables. — Er zijn twee tafels. Samen vormen they're, on, the en table de plaatsmededeling They're on the table. De Nederlandse vertaling Ze liggen op tafel gebruikt liggen voor de positie van de meervoudige referenten op het oppervlak; het Engelse they are drukt die locatie uit met be plus de plaatsbepaling on the table. De zin is een gewone, neutrale mededeling over locatie.

  7. Is there space to move around?

    Is er ruimte om rond te lopen?

    Is there
    is er
    space
    ruimte
    move around
    rondlopen
    Uitgebreide uitleg

    Is there is een vaste manier om te vragen of iets aanwezig of beschikbaar is: Is there + zelfstandig naamwoord ...? Het werkwoord is staat vóór there, omdat dit een vraag is. In een bevestigende zin wordt dat There is ...; bijvoorbeeld: Is there a bathroom nearby? — “Is er een badkamer in de buurt?” Het zelfstandig naamwoord daarna bepaalt niet alleen de betekenis, maar ook de vorm: bij meervoud gebruik je Are there ...?, bijvoorbeeld Are there any chairs? — “Zijn er stoelen?” space betekent hier beschikbare ruimte om ergens te kunnen bewegen. In deze betekenis is het meestal een niet-telbaar zelfstandig naamwoord: There is enough space. — “Er is genoeg ruimte.” A space kan daarentegen één afgebakende of gereserveerde plek betekenen, zoals in a parking space — “een parkeerplaats”. move around is een werkwoordelijke combinatie voor je in een ruimte verplaatsen. Het Engelse werkwoord is move; around voegt het idee toe van beweging binnen of door de omgeving. In deze zin wordt dat, passend bij de vaste vertaling, opgevat als “rondlopen”. De combinatie kan ook in andere contexten algemener “rondbewegen” betekenen. Voorbeeld: People need space to move around. — “Mensen hebben ruimte nodig om rond te lopen.” Samen vormt Is there space to move around? een vraag naar de aanwezigheid van voldoende bewegingsruimte: letterlijk gaat het om ruimte waarin men zich kan verplaatsen. to move around is hier een infinitiefconstructie die uitlegt waarvoor de ruimte nodig is. De hele zin betekent dus: “Is er ruimte om rond te lopen?”

  8. There's enough room to walk around.

    Er is genoeg ruimte om rond te lopen.

    There's
    er is
    enough
    genoeg
    room
    ruimte
    to walk around
    om rond te lopen
    Uitgebreide uitleg

    There's is de samentrekking van there is. Hier introduceert there is het bestaan of de beschikbaarheid van iets in de situatie: er is ruimte. Het is niet hetzelfde als they're (“zij zijn”) of their (“hun”). Voorbeeld: There's a chair by the door. = “Er staat een stoel bij de deur.” enough betekent hier dat de hoeveelheid voldoende is voor wat daarna wordt genoemd. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord room. Dezelfde vorm kan ook vóór een bijvoeglijk naamwoord staan, bijvoorbeeld The room is big enough. = “De kamer is groot genoeg.” room betekent hier “ruimte”, dus beschikbare plaats om te bewegen. In deze betekenis is het een niet-telbaar zelfstandig naamwoord: enough room, niet normaal gesproken enough rooms. Room kan in een andere context ook “kamer” betekenen, maar die betekenis past hier niet bij de vaste vertaling. to walk around is een infinitiefconstructie. walk is het basiswerkwoord; to walk is de infinitief. Around voegt het idee toe van bewegen binnen of door de omgeving, zonder hier een specifiek eindpunt te noemen. Voorbeeld: We have space to walk around. = “We hebben ruimte om rond te lopen.” Samen vormen There's enough room en to walk around de betekenis: er is voldoende beschikbare ruimte voor de activiteit van rondlopen. De volledige zin betekent daarom: “Er is genoeg ruimte om rond te lopen.”

Grammatica

enough + meervoudig zelfstandig naamwoord

enough chairs

inuf tsjèrz

genoeg stoelen

enough staat vóór een zelfstandig naamwoord om een voldoende aantal aan te geven.

be + in place

They're in place.

dèr in plees

Ze staan op hun plaats.

in place is een vaste uitdrukking die aangeeft dat iets op de juiste plek staat.

Engels woordenschat

chairs zelfstandig naamwoord
tsjèrz stoelen
clear bijvoeglijk naamwoord
klir helder
in place uitdrukking
in plees op zijn plaats
markers zelfstandig naamwoord
maarkers stiften
on voorzetsel
an op
picture zelfstandig naamwoord
piksjər beeld
ready bijvoeglijk naamwoord
reddie klaar
room zelfstandig naamwoord
roem ruimte
screen zelfstandig naamwoord
skrien scherm
table zelfstandig naamwoord
tee-bəl tafel
they're voornaamwoord
dèr ze zijn
working bijvoeglijk naamwoord
wèrking werkend

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Is de ruimte klaar?

Antwoord tonenIs the room ready?

De stoelen staan op hun plaats.

Antwoord tonenThe chairs are in place.

Werkt het scherm?

Antwoord tonenIs the screen working?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

stoelen

Antwoord tonenchairs

klaar

Antwoord tonenready

beeld

Antwoord tonenpicture

helder

Antwoord tonenclear