Praten met een zere keel | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: At home, one adult has a sore throat while another makes warm tea and suggests resting the voice..

NL → EN / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Praten met een zere keel oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

My throat feels a little sore.

mai sroowt fielz uh liddel soor Mijn keel doet een beetje pijn.
B

Try drinking something warm.

trai dringking suhmthing woorm Probeer iets warms te drinken.
A

Could you make me some tea?

kud ju meik mie suhm tie Kun je thee voor me maken?
B

I'll make some now.

ail meik suhm nau Ik maak nu wat thee.
A

My voice sounds strange today.

mai vois saundz streindj tuh-dei Mijn stem klinkt vandaag vreemd.
B

Try to speak less for now.

trai tuh spiek les fuh nau Probeer voorlopig minder te praten.
A

I'll rest after I drink it.

ail rest after ai dringk it Ik rust uit nadat ik het heb gedronken.
B

That should help your throat.

dhet sjuhd help jur sroowt Dat zou je keel moeten helpen.

Uitleg van de zinnen

  1. My throat feels a little sore.

    Mijn keel doet een beetje pijn.

    My
    mijn
    throat
    keel
    feels
    voelt aan
    a little
    een beetje
    sore
    pijnlijk; geïrriteerd
    Uitgebreide uitleg

    My is een bezittelijke bepaler: het betekent hier dat de keel bij de spreker hoort. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord. Vergelijk my throat met your throat (“jouw keel”); de vorm my verandert niet naar geslacht of getal van het bezit. Throat is het zelfstandig naamwoord voor “keel”. Het kan in andere contexten ook naar de keel van een ander persoon verwijzen. Voorbeeld: Her throat feels sore. — “Haar keel voelt pijnlijk aan.” Feels is de derde persoon enkelvoud van feel in de tegenwoordige tijd. Hier beschrijft het hoe de keel aanvoelt; het is dus niet de betekenis “voelen” als iemand iets met de hand onderzoekt. In de tegenwoordige tijd krijgt feel bij he, she, it en een enkelvoudig zelfstandig naamwoord de vorm feels: My throat feels sore. — “Mijn keel voelt pijnlijk aan.” Bij I, you, we en they blijft het feel: My shoulders feel sore. — “Mijn schouders voelen pijnlijk aan.” A little geeft hier een kleine mate aan: de keel is enigszins pijnlijk of geïrriteerd. Het verzacht de uitspraak, maar zegt niet dat er een afzonderlijk klein voorwerp is. Vergelijk a little sore (“een beetje pijnlijk”) met very sore (“erg pijnlijk”). Sore is een bijvoeglijk naamwoord voor een onaangenaam, pijnlijk of geïrriteerd gevoel, vooral bij een lichaamsdeel. In deze zin beschrijft het de toestand van my throat. Het is niet hetzelfde als hurt in elke context: hurt kan ook als werkwoord “pijn doen” betekenen, terwijl sore hier een eigenschap na feels benoemt. Samen heeft de zin de structuur my + lichaamsdeel + feels + a little + bijvoeglijk naamwoord. My throat is wat zo aanvoelt, feels verbindt dat lichaamsdeel met de waargenomen toestand, en a little sore geeft de beperkte mate van de pijn of irritatie aan. De volledige betekenis is: “Mijn keel doet een beetje pijn” of letterlijker: “Mijn keel voelt een beetje pijnlijk aan.”

  2. Try drinking something warm.

    Probeer iets warms te drinken.

    Try
    probeer
    drinking
    drinken
    something
    iets
    warm
    warm
    Uitgebreide uitleg

    Try is hier de gebiedende wijs van try (‘proberen’). Het onderwerp is in het Engels meestal niet uitgesproken: de zin richt zich op de aangesprokene. Een bruikbaar patroon is Try + werkwoord op -ing: Try resting. = ‘Probeer te rusten.’ Dit is iets anders dan try to + werkwoord, dat vaak nadruk legt op de poging om iets te doen. drinking komt van drink (‘drinken’). In deze zin staat de -ing-vorm na try en benoemt hij de handeling die de aangesprokene kan uitproberen. Dezelfde vorm kan in andere zinnen ook deel zijn van een doorlopende werkwoordsvorm, bijvoorbeeld She is drinking tea. = ‘Ze is thee aan het drinken.’ something betekent hier ‘iets’: een onbepaald ding of een onbepaalde hoeveelheid van iets. Het is een onbepaald voornaamwoord; het benoemt niet precies wat het is. Vergelijk something (‘iets’) met anything (‘iets/wat dan ook’, vaak in vragen en ontkenningen) en nothing (‘niets’). warm is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis ‘warm’. In something warm staat het na het onbepaalde voornaamwoord en beschrijft het wat voor iets bedoeld wordt. warm heeft als vergrotende trap warmer en als overtreffende trap the warmest: This tea is warmer. = ‘Deze thee is warmer.’ Samen vormt Try drinking something warm het patroon Try + -ing + something + bijvoeglijk naamwoord: ‘Probeer iets warms te drinken.’ De suggestie gaat dus over het uitproberen van de handeling iets warms te drinken; something warm specificeert het soort drank of andere vloeistof zonder het precieze ding te noemen.

  3. Could you make me some tea?

    Kun je thee voor me maken?

    Could you
    zou je kunnen
    make
    maken
    me
    mij
    some
    wat; een niet nader bepaalde hoeveelheid
    tea
    thee
    Uitgebreide uitleg

    Could you is hier een beleefde manier om een verzoek te formuleren: “zou je kunnen”. Could is in deze gebruikswijze een modaal hulpwerkwoord; het gaat hier niet om verleden tijd. Na een modaal hulpwerkwoord staat het volgende werkwoord in de basisvorm: Could you make ...? Voorbeeld: Could you help me? = “Zou je me kunnen helpen?” make betekent hier “maken”, in de betekenis van thee bereiden. Het is de basisvorm, omdat het na could staat. De vormen zijn make – made – made; in deze zin is geen verleden betekenis aanwezig. Make tea is een bruikbare combinatie voor “thee maken”. me is de objectvorm van het persoonlijke voornaamwoord voor de spreker: “mij”. In deze zin is de spreker degene voor wie de thee wordt gemaakt; die rol ontstaat door de combinatie met make, niet door me alleen. Voorbeeld: She helps me. = “Zij helpt mij.” some geeft hier een niet nader bepaalde hoeveelheid aan. Het zegt niet hoeveel thee het precies is. In some tea hoort some bij de stofnaam tea; vergelijk some water = “wat water”. tea betekent “thee”. Het is hier een stofnaam: de zin verwijst naar een hoeveelheid thee, zonder die hoeveelheid precies te bepalen. Voorbeeld: I drink tea. = “Ik drink thee.” Samen vormen de delen de vraag Could you make me some tea?: “Kun je thee voor me maken?” De vraag richt zich tot de aangesprokene; you markeert in het Engels niet of dat één persoon of meerdere personen zijn. De vraag vraagt om het maken van een niet precies bepaalde hoeveelheid thee, met de spreker als degene voor wie die thee bedoeld is. De vorm is een gewone beleefde vraag om iets te doen.

  4. I'll make some now.

    Ik maak nu wat thee.

    I'll
    ik zal / ik ga
    make
    maken
    some
    wat
    now
    nu
    Uitgebreide uitleg

    I'll is de samentrekking van I will: I is het onderwerp en will markeert hier een toekomstige handeling of een besluit/intentie. In een korte aankondiging betekent I'll make ... dus ongeveer: “Ik zal ... maken” of “Ik ga ... maken”. Voorbeeld: I'll call you later. = “Ik bel je later.” make betekent hier “maken” en is de basisvorm van het werkwoord. Na will blijft het werkwoord in de basisvorm: I will make, niet een vervoegde vorm. In de zin gaat het, volgens de vertaling en de voorafgaande context, om thee maken. Voorbeeld: She makes coffee every morning. = “Zij maakt elke ochtend koffie.” some betekent hier “wat” of “een bepaalde hoeveelheid”. Het zelfstandig naamwoord na some is niet uitgesproken; door de context en de vaste vertaling is bedoeld: wat thee. Some drukt hier geen exact aantal uit. Voorbeeld: I’ll buy some. = “Ik koop wat.” now betekent “nu” en plaatst de handeling bij het huidige moment. Het verandert niet de vorm van make; de toekomstige of voorgenomen handeling wordt door will uitgedrukt. Samen vormen de delen I'll make some now: “Ik maak nu wat thee.” I'll make geeft aan dat de spreker dit nu zal gaan doen, some verwijst verkort naar een niet nader bepaalde hoeveelheid thee, en now geeft het moment aan.

  5. My voice sounds strange today.

    Mijn stem klinkt vandaag vreemd.

    voice
    stem
    sounds
    klinkt
    strange
    vreemd
    today
    vandaag
    Uitgebreide uitleg

    voice betekent hier een stem, dus het geluid dat iemand voortbrengt wanneer die spreekt. Het meervoud is voices. Voorbeelden: “Her voice is quiet.” = “Haar stem is zacht.” en “I hear two voices.” = “Ik hoor twee stemmen.” sounds is de derde persoon enkelvoud van het werkwoord sound; de basisvorm is sound. In deze zin betekent het niet “geluid maken”, maar “klinken” of “overkomen op het gehoor”. Sound kan hier als koppelwerkwoord een beoordeling van de stem verbinden: sound + bijvoeglijk naamwoord. Omdat het onderwerp my voice enkelvoud is, krijgt het werkwoord in de tegenwoordige tijd de uitgang -s: My voice sounds .... Vergelijk: “They sound tired.” = “Ze klinken moe.” strange is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “vreemd” of “ongewoon”. Het beschrijft hier hoe de stem klinkt. Het heeft in deze functie geen aparte vorm voor enkelvoud of meervoud. Een bruikbaar contrast is strange tegenover normal: “Your voice sounds normal.” = “Je stem klinkt normaal.” 'today` is een bijwoord van tijd en betekent “vandaag”. Het plaatst de beschreven toestand op de huidige dag. Voorbeeld: “I feel better today.” = “Ik voel me vandaag beter.” In het patroon my + zelfstandig naamwoord geeft my aan dat het genoemde behoort bij of verbonden is met de spreker; my voice betekent dus “mijn stem”. Daarna volgt sounds strange: het onderwerp klinkt op een vreemde of ongebruikelijke manier. Today bepaalt wanneer dit geldt. Samen betekent de zin: “Mijn stem klinkt vandaag vreemd.” De zin beschrijft de klank van de stem op deze dag; sounds maakt van strange een beschrijving van die klank.

  6. Try to speak less for now.

    Probeer voorlopig minder te praten.

    Try
    proberen
    to speak
    praten
    less
    minder
    for now
    voorlopig
    Uitgebreide uitleg

    Try staat hier als gebiedende wijs: de spreker geeft de aangesprokene het advies of verzoek om iets te proberen. De basisvorm is ook try; in de derde persoon enkelvoud wordt dat tries, en in de verleden tijd tried. Na try volgt vaak to + werkwoord: Try to listen. = Probeer te luisteren. to speak is de infinitief van speak, dus de vorm met to. Speak betekent hier praten of spreken. De hoofdvormen zijn speak – spoke – spoken; na to gebruik je de basisvorm: to speak, niet to spoke. Voorbeeld: I want to speak more slowly. = Ik wil langzamer spreken. less geeft hier een kleinere hoeveelheid aan: de aangesprokene moet proberen minder te praten. Het is de vergelijkende vorm die bij little hoort: little – less – the least. Bij telbare afzonderlijke dingen is fewer vaak de passende vorm, maar less past hier bij de hoeveelheid praten. Voorbeeld: Please use less water. = Gebruik alsjeblieft minder water. for now beperkt de bedoeling in de tijd. Het betekent dat de beperking voorlopig geldt, niet noodzakelijk blijvend. Deze uitdrukking staat vaak aan het einde van een zin: Stay here for now. = Blijf voorlopig hier. Samen vormt Try to speak less een verzoek of aansporing om minder te praten, en for now voegt eraan toe dat dit alleen voorlopig bedoeld is. De volledige betekenis is daarom: Probeer voorlopig minder te praten.

  7. I'll rest after I drink it.

    Ik rust uit nadat ik het heb gedronken.

    I'll
    ik zal
    rest
    rusten; uitrusten
    after
    nadat
    drink
    drinken
    it
    het
    Uitgebreide uitleg

    I'll is de samentrekking van I will: I is het onderwerp en will markeert hier een handeling die later zal plaatsvinden. Na will komt de basisvorm van het werkwoord: I will rest, niet een vervoegde vorm. Voorbeeld: I'll call you tomorrow. — Ik bel je morgen. rest betekent hier “rusten” of “uitrusten”. De vorm blijft na will onveranderd; zonder will krijgt de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd wel rests: I rest tegenover She rests. Voorbeeld: I rest after work. — Ik rust uit na het werk. after leidt een tijdsbepaling in en betekent hier “nadat”. Het verbindt de rusthandeling met de handeling die eerst plaatsvindt. In after I drink it verwijst after dus naar de volgorde: eerst drinken, daarna rusten. Voorbeeld: We leave after we eat. — We vertrekken nadat we gegeten hebben. drink is de basisvorm van “drinken”. In de bijzin after I drink it staat de tegenwoordige tijd, hoewel de hele handeling op een later moment plaatsvindt. Engels gebruikt hier vaak de tegenwoordige tijd in een tijdsbijzin met after; will drink hoort normaal niet direct na after in deze betekenis. De verleden vorm is drank en het voltooid deelwoord is drunk: I drank it — Ik dronk het; I have drunk it — Ik heb het gedronken. it is een persoonlijk voornaamwoord voor een niet-menselijk enkelvoudig object of onderwerp; hier is het het object van drink. De zin noemt niet zelfstandig wat it precies aanduidt, maar de vaste vertaling geeft de betekenis als “het”. In een andere context kan hetzelfde voornaamwoord bijvoorbeeld naar een zaak of vloeistof verwijzen. Samen vormen after I drink it een tijdsbepaling: nadat ik het drink. De hoofdzin I'll rest zegt wat daarna zal gebeuren. De volledige betekenis is daarom: “Ik rust uit nadat ik het heb gedronken.”

  8. That should help your throat.

    Dat zou je keel moeten helpen.

    That
    dat
    should
    zou moeten
    help
    helpen
    your
    je; jouw
    throat
    keel
    Uitgebreide uitleg

    That is hier een aanwijzend voornaamwoord. Het verwijst naar iets dat in de situatie al is aangewezen of genoemd, maar de gegeven context identificeert niet precies waarnaar. Het staat zelfstandig en bepaalt dus niet zelf een zelfstandig naamwoord. In deze zin past het bij dat in de Nederlandse vertaling. should drukt hier een verwachte of bedoelde werking uit, niet een bevel. In should help staat na het modale werkwoord de basisvorm help, niet helps en niet to help. Voorbeeld: It should work. — Het zou moeten werken. help betekent hier een gunstig effect hebben op iemand of iets. Het is de basisvorm na should. Zonder should krijgt het bij een derde persoon enkelvoud normaal de vorm helps: That helps. — Dat helpt. your is een bezittelijke bepaler en betekent hier je of jouw; het koppelt de keel aan de aangesprokene. De vorm verandert niet op basis van enkelvoud of meervoud van de aangesprokene. Voorbeelden: my throat — mijn keel; their throat — hun keel. throat is een zelfstandig naamwoord voor de keel, het lichaamsdeel in de hals waardoor voedsel en drank naar beneden gaan. Hier staat het in het enkelvoud. Met de bezittelijke bepaler your is geen afzonderlijk lidwoord nodig: your throat, niet a your throat. Samen vormen That should help your throat de structuur aanwijzend voornaamwoord + should + basisvorm van het werkwoord + bezittelijke bepaler + zelfstandig naamwoord. De volledige betekenis is: Dat zou je keel moeten helpen. De zin zegt dat het eerder aangewezen of besproken middel naar verwachting een gunstig effect op de keel van de aangesprokene heeft.

Grammatica

feel + adjective

My throat feels sore.

mai sroowt fielz soor

Mijn keel voelt pijnlijk aan.

Na feel gebruik je een bijvoeglijk naamwoord, zoals sore, om een toestand te beschrijven.

try + -ing

Try drinking warm tea.

trai dringking woorm tie

Probeer warme thee te drinken.

Na try kun je de -ing-vorm gebruiken om een suggestie of mogelijke oplossing te geven.

Engels woordenschat

drink werkwoord
dringk drinken drinking

Try drinking something warm.

feel werkwoord
fiel voelen feels

My throat feels a little sore.

less bijwoord
les minder

Try to speak less for now.

make werkwoord
meik maken

Could you make me some tea?

sore bijvoeglijk naamwoord
soor pijnlijk

My throat feels a little sore.

speak werkwoord
spiek spreken

Try to speak less for now.

strange bijvoeglijk naamwoord
streindj vreemd

My voice sounds strange today.

tea zelfstandig naamwoord
tie thee

Could you make me some tea?

throat zelfstandig naamwoord
sroowt keel

My throat feels a little sore.

try werkwoord
trai proberen Try

Try drinking something warm.

voice zelfstandig naamwoord
vois stem

My voice sounds strange today.

warm bijvoeglijk naamwoord
woorm warm

Try drinking something warm.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Mijn keel doet een beetje pijn.

Antwoord tonenMy throat feels a little sore.

Probeer iets warms te drinken.

Antwoord tonenTry drinking something warm.

Kun je thee voor me maken?

Antwoord tonenCould you make me some tea?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

maken

Antwoord tonenmake

keel

Antwoord tonenthroat

warm

Antwoord tonenwarm

pijnlijk

Antwoord tonensore