Praten over het koud hebben | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: At home, two adults talk about warming up with a blanket, a warm cup, and a closed window..

NL → EN / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Praten over het koud hebben oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

I feel cold now.

ai fiel kould nau. Ik heb het nu koud.
B

Wrap yourself in this warm blanket.

rep jərself in dis worm blengkit. Wikkel jezelf in deze warme deken.
A

My hands are cold too.

mai hendz ar kould toe. Mijn handen zijn ook koud.
B

Hold this warm cup for a while.

hould dis worm kap fer uh wail. Houd deze warme beker een tijdje vast.
A

That helps a little.

det helps uh lital. Dat helpt een beetje.
B

Sit on the sofa and rest.

sit on de soufə ən rest. Ga op de bank zitten en rust uit.
A

The room feels warmer now.

de roem fielz wormər nau. De kamer voelt nu warmer aan.
B

I'll close the window so it stays that way.

ail klouz de windou sou it steez det wee. Ik doe het raam dicht, zodat het zo blijft.

Uitleg van de zinnen

  1. I feel cold now.

    Ik heb het nu koud.

    feel
    voelen; ervaren
    cold
    koud
    now
    nu
    Uitgebreide uitleg

    feel betekent hier lichamelijk ervaren. De basisvorm is feel; in de tegenwoordige tijd wordt dat bij I niet veranderd: I feel. Bij he, she en it staat de vorm feels. In deze zin vormt feel samen met cold de betekenis “het koud hebben”. cold beschrijft hier de lichamelijke toestand van de spreker. Het is een bijvoeglijk naamwoord. Na feel gebruik je in het Engels zo’n bijvoeglijk naamwoord om te zeggen hoe iemand zich lichamelijk voelt: I feel tired. — “Ik voel me moe.” now betekent “op dit moment” en plaatst de toestand in het heden. Vergelijk: I feel cold now. — “Ik heb het nu koud.” Samen betekent I feel cold now.: “Ik heb het nu koud.” I is de spreker, feel cold geeft diens huidige lichamelijke ervaring weer, en now maakt duidelijk dat die ervaring op dit moment geldt. In het Nederlands wordt dezelfde betekenis natuurlijk uitgedrukt met hebben het koud, terwijl het Engels hier feel cold gebruikt.

  2. Wrap yourself in this warm blanket.

    Wikkel jezelf in deze warme deken.

    Wrap
    wikkel
    yourself
    jezelf
    this
    deze
    warm
    warme
    blanket
    deken
    Uitgebreide uitleg

    Wrap is hier de gebiedende wijs van wrap (“wikkelen”, “omhullen”). De vorm heeft geen zichtbaar onderwerp: in een Engelse opdracht is het bedoelde onderwerp doorgaans you. Het voorzetsel in maakt duidelijk waarin iemand zichzelf moet wikkelen: wrap yourself in .... Voorbeeld: Wrap the gift in paper. — “Wikkel het cadeau in papier.” yourself betekent hier “jezelf” en verwijst naar dezelfde persoon als het verzwegen onderwerp van Wrap: de aangesprokene. Dit is een wederkerend voornaamwoord. In een gewone mededeling zie je bijvoorbeeld You wrap yourself in a blanket. — “Je wikkelt jezelf in een deken.” Yourself is dus niet het onderwerp; het onderwerp is you. this betekent “deze” en wijst naar één specifieke deken die voor de spreker als nabij of aangewezen wordt voorgesteld. Het Engelse this verandert hier niet van vorm om met blanket overeen te komen; het staat vóór het zelfstandig naamwoord. De vorm voor meervoud is these, zoals in these blankets — “deze dekens”. warm betekent hier “warm” en beschrijft de deken. Het bijvoeglijk naamwoord staat vóór het zelfstandig naamwoord: a warm blanket. Warm krijgt in het Engels geen aparte vorm omdat blanket enkelvoud of meervoud is. Een vergelijkende vorm is warmer, bijvoorbeeld: This blanket is warmer. — “Deze deken is warmer.” blanket is het zelfstandig naamwoord “deken”. Het meervoud is blankets. In deze zin staat het na this, waardoor de combinatie this warm blanket verwijst naar één aangewezen, warme deken. Samen vormen Wrap en yourself de opdracht om jezelf te omwikkelen. In geeft aan dat de persoon zich in iets wikkelt, en this warm blanket benoemt de specifieke deken: “Wikkel jezelf in deze warme deken.” De voorafgaande context (“Ik heb het nu koud”) past bij de eigenschap warm, maar verandert de grammaticale structuur van de opdracht niet.

  3. My hands are cold too.

    Mijn handen zijn ook koud.

    My
    mijn
    hands
    handen
    cold
    koud
    too
    ook
    Uitgebreide uitleg

    My betekent hier dat de handen bij de spreker horen. Het is een bezittelijke bepaler en staat vóór het zelfstandig naamwoord. In het Engels blijft my hetzelfde voor enkelvoud en meervoud: my hand = mijn hand, my hands = mijn handen. Voor een andere bezitter gebruik je bijvoorbeeld your of their. hands is het meervoud van hand: one hand, two hands. Het zelfstandig naamwoord krijgt hier de meervoudsuitgang -s. In de vaste zin verwijst het naar de handen van de spreker, doordat my die relatie aangeeft. cold beschrijft de temperatuur van de handen. Het is een bijvoeglijk naamwoord en staat na are in de patroonzin something is cold. De vergrotende trap is colder en de overtreffende trap the coldest; het tegenovergestelde is warm. Voorbeeld: The water is cold. — Het water is koud. too betekent hier ook: het voegt deze mededeling toe aan iets dat al over de spreker of diens toestand gezegd is. Het staat vaak aan het einde van een bevestigende zin. Voorbeeld: My feet are cold too. — Mijn voeten zijn ook koud. Samen vormen My hands, are cold en too de betekenis: de handen van de spreker hebben een lage temperatuur, en die toestand geldt eveneens in de relevante context. De bruikbare patroonzin is My [meervoudig zelfstandig naamwoord] are [bijvoeglijk naamwoord] too.

  4. Hold this warm cup for a while.

    Houd deze warme beker een tijdje vast.

    Hold
    houd vast
    this
    deze
    warm
    warme
    cup
    beker
    for a while
    een tijdje
    Uitgebreide uitleg

    Hold is hier de gebiedende wijs van hold en betekent iemand vragen iets vast te houden. In deze zin gaat het om fysiek vasthouden; het onderwerp you wordt in een Engelse gebiedende wijs meestal niet uitgesproken. Voorbeeld: Hold my hand. — Houd mijn hand vast. this is een aanwijzend woord voor één bedoeld, doorgaans nabij of aangewezen ding. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord en bepaalt hier samen met cup welke beker bedoeld is. Voorbeeld: This book is useful. — Dit boek is nuttig. warm beschrijft de temperatuur van de beker. Het is een bijvoeglijk naamwoord en blijft in het Engels hetzelfde vóór een enkelvoudig of meervoudig zelfstandig naamwoord. Een nuttige vergelijkingsreeks is warm — warmer — warmest: warm — warmer — warmst. Voorbeeld: The tea is warm. — De thee is warm. cup is het zelfstandig naamwoord voor een beker of kopje. Het meervoud is cups; het woord verandert dus niet van vorm om enkelvoudig te zijn, maar krijgt in het meervoud -s. In deze zin gaat het om één beker, omdat this naar één ding verwijst. Voorbeeld: These cups are clean. — Deze bekers zijn schoon. for a while geeft aan hoe lang de handeling duurt: gedurende enige tijd. Het is een vaste tijdsbepaling; a while betekent hier geen exact meetbare hoeveelheid tijd. Voorbeeld: Please wait for a while. — Wacht alstublieft een tijdje. Samen vormt Hold this warm cup for a while een verzoek of opdracht: houd deze warme beker enige tijd vast. this bepaalt de bedoelde beker, warm beschrijft die beker, en for a while beperkt de duur van het vasthouden.

  5. That helps a little.

    Dat helpt een beetje.

    That
    Dat
    helps
    helpt
    a little
    een beetje
    Uitgebreide uitleg

    That staat hier zelfstandig als aanwijzend voornaamwoord en is het onderwerp: “dat”. De concrete referentie wordt in deze zin niet benoemd; de vorm geeft wel aan dat naar iets wordt verwezen dat als één zaak of geheel wordt opgevat. Als that vóór een zelfstandig naamwoord staat, is het daarentegen een aanwijzend bepaler, bijvoorbeeld: That cup is warm. — “Die beker is warm.” helps betekent hier “helpt” en komt van het werkwoord help. De uitgang -s hoort bij de tegenwoordige tijd wanneer het onderwerp in de derde persoon enkelvoud staat: I help, maar it helps. Het onderwerp That veroorzaakt dus deze vorm. Voor een ontkenning of vraag blijft de hoofdvorm na does staan: That does not help. — “Dat helpt niet.” a little betekent hier “een beetje” en geeft een kleine mate aan waarin iets helpt. Het is een vaste, veelgebruikte hoeveelheid- of graaduitdrukking; a drukt hier niet zelfstandig een expliciete telbare hoeveelheid uit. Vergelijk: It helps a lot. — “Het helpt veel.” Samen vormen de delen de eenvoudige mededelende zin That helps a little.: iets waarnaar met That wordt verwezen, helpt in geringe mate. De vaste Nederlandse betekenis is: “Dat helpt een beetje.”

  6. Sit on the sofa and rest.

    Ga op de bank zitten en rust uit.

    Sit
    ga zitten
    sofa
    bank
    rest
    rust uit
    Uitgebreide uitleg

    Sit is de gebiedende wijs van sit (‘zitten’). De spreker geeft dus een instructie: de aangesprokene moet gaan zitten. De basisvorm is sit; in de tegenwoordige tijd krijgt de derde persoon enkelvoud een andere vorm: He sits (‘Hij zit’). Een kort voorbeeld: Sit here. — ‘Ga hier zitten.’ In on the sofa geeft on de plaats aan: de bedoelde houding of positie is op de bank. The is het bepaalde lidwoord; het verwijst hier naar een specifieke bank die in de situatie herkenbaar is. Sofa is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is sofas. Voorbeeld: The book is on the sofa. — ‘Het boek ligt op de bank.’ Rest is hier een zelfstandig werkwoord met de betekenis ‘rusten’ of ‘uitrusten’. Ook dit staat in de gebiedende wijs: de aangesprokene krijgt de instructie om te rusten. De basisvorm is rest; in de derde persoon enkelvoud is dat rests, zoals in She rests after work. — ‘Zij rust na het werk.’ In deze zin is rest intransitief: er wordt geen voorwerp genoemd dat iemand laat rusten. And verbindt twee gelijkwaardige opdrachten. Sit on the sofa betekent ‘Ga op de bank zitten’, en rest voegt de tweede opdracht ‘rust uit’ toe. Samen vormt de zin dus de instructie: ‘Ga op de bank zitten en rust uit.’

  7. The room feels warmer now.

    De kamer voelt nu warmer aan.

    room
    kamer
    feels
    voelt aan
    warmer
    warmer
    now
    nu
    Uitgebreide uitleg

    room betekent hier “kamer”. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord; in het enkelvoud staat er vaak een lidwoord voor: a room = “een kamer”, the room = “de kamer”. In deze zin verwijst the naar de specifieke kamer die in de situatie bedoeld is. feels beschrijft hier hoe iets aanvoelt, dus welke indruk het bij aanraken of ervaren geeft. De basisvorm is feel; bij een derde persoon enkelvoud krijgt de tegenwoordige tijd feels: The room feels warm. = “De kamer voelt warm aan.” Dit is niet hetzelfde als feels in de betekenis “heeft een emotie”; het onderwerp is hier the room. warmer is de vergrotende trap van het bijvoeglijk naamwoord warm: warm – warmer – the warmest. Het betekent hier dat de kamer warmer aanvoelt dan eerder of dan een relevante vergelijking. Voor een expliciete vergelijking kan Engels warmer than gebruiken: The room feels warmer than before. = “De kamer voelt warmer aan dan eerst.” now betekent “nu” en plaatst de beschreven toestand in het huidige moment. Het maakt duidelijk dat de kamer op dit moment warmer aanvoelt; het zegt op zichzelf niet waardoor dat zo is. Samen vormen de delen The room + feels warmer + now: “De kamer voelt nu warmer aan.” De tegenwoordige tijd beschrijft de huidige ervaring, en warmer geeft de verandering of vergelijking met een eerder of ander relevant moment weer.

  8. I'll close the window so it stays that way.

    Ik doe het raam dicht, zodat het zo blijft.

    I'll
    ik zal
    close
    sluiten; dichtdoen
    window
    raam
    so
    zodat
    it
    het; dat
    stays
    blijft
    that way
    zo; op die manier
    Uitgebreide uitleg

    I'll is de samentrekking van I will: I is het onderwerp en will drukt hier een voorgenomen handeling uit. Het is dus niet hetzelfde als het gewone tegenwoordige I close. Voorbeeld: I'll call you later. — Ik bel je later. close betekent hier dichtdoen of sluiten. Het is de basisvorm van het werkwoord; na will gebruik je die basisvorm: I will close, niet een vervoegde vorm. Voorbeeld: Please close the door. — Doe de deur alstublieft dicht. window is het zelfstandig naamwoord raam. In close the window is the window het lijdend voorwerp: datgene wat wordt dichtgedaan. The verwijst hier naar een bepaald raam dat in de situatie herkenbaar is. so leidt hier de bijzin van doel of gevolg in: de spreker doet het raam dicht met als bedoeld resultaat dat een toestand behouden blijft. In combinatie met de volgende bijzin kan dit als zodat worden vertaald. Dit gebruik verschilt van so in bijvoorbeeld It was so cold, waar het zo vóór een bijvoeglijk naamwoord betekent. it is een persoonlijk voornaamwoord voor een zaak, toestand of situatie, niet voor een persoon. In deze zin geeft het aan wat in een bepaalde toestand moet blijven, maar de vaste teksten identificeren niet eenduidig welk precies antecedent bedoeld is. Het voornaamwoord zelf verandert in het Engels niet naar grammaticaal geslacht voor een zaak. stays is de derde persoon enkelvoud van stay, blijven. De uitgang -s verschijnt hier omdat het onderwerp it is: I stay, maar it stays. Het gaat in deze bijzin om een toestand die voortduurt. Voorbeeld: The door stays open. — De deur blijft open. that way betekent als geheel zo of op die manier. Het verwijst hier naar een eerder genoemde of bedoelde toestand of manier. Voorbeeld: Leave it that way. — Laat het zo. Samen vormt I'll close the window de hoofdzin: de spreker neemt zich voor het raam dicht te doen. so it stays that way voegt het doel of beoogde gevolg toe: iets blijft vervolgens in de bedoelde toestand. De volledige betekenis is: Ik doe het raam dicht, zodat het zo blijft.

Grammatica

wrap + yourself

Wrap yourself in a warm blanket.

rep jərself in uh worm blengkit.

Wikkel jezelf in een warme deken.

Na een werkwoord gebruik je yourself als het onderwerp en de handeling op zichzelf gericht is.

he/she/it + verb-s

That way, the room feels warmer.

det wee, de roem fielz wormər.

Op die manier voelt de kamer warmer aan.

In de tegenwoordige tijd krijgt het werkwoord bij he, she en it meestal -s: feels, helps, stays.

Engels woordenschat

blanket zelfstandig naamwoord
blengkit deken

Wrap yourself in this warm blanket.

cold bijvoeglijk naamwoord
kould koud

I feel cold now.

cup zelfstandig naamwoord
kap beker

Hold this warm cup for a while.

feel werkwoord
fiel voelen

I feel cold now.

for a while uitdrukking
fer uh wail een tijdje

Hold this warm cup for a while.

hands zelfstandig naamwoord
hendz handen

My hands are cold too.

hold werkwoord
hould vasthouden

Hold this warm cup for a while.

now bijwoord
nau nu

I feel cold now.

too bijwoord
toe ook

My hands are cold too.

warm bijvoeglijk naamwoord
worm warm

Wrap yourself in this warm blanket.

wrap werkwoord
rep wikkelen

Wrap yourself in this warm blanket.

yourself voornaamwoord
jərself jezelf

Wrap yourself in this warm blanket.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik heb het nu koud.

Antwoord tonenI feel cold now.

Wikkel jezelf in deze warme deken.

Antwoord tonenWrap yourself in this warm blanket.

Mijn handen zijn ook koud.

Antwoord tonenMy hands are cold too.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

voelen

Antwoord tonenfeel

koud

Antwoord tonencold

warm

Antwoord tonenwarm

jezelf

Antwoord tonenyourself