Taakvereisten verduidelijken | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: At work, two adults clarify the required file format and ask for an example to follow..

NL → EN / Niveau: A2

Over deze les

Met Taakvereisten verduidelijken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

Could you clarify the requirements for me?

kud joe KLER-uh-fai duh ri-KWAI-ur-ments fur mie? Kun je de vereisten voor me verduidelijken?
B

Which part is unclear?

witsj part iz an-KLIR? Welk deel is onduidelijk?
A

I'm not sure which file format to use.

aim not sjoer witsj fail FOR-mat tu joez. Ik weet niet zeker welk bestandsformaat ik moet gebruiken.
B

Use the standard document format for the final version.

joez duh STEN-derd DOK-juh-ment FOR-mat fur duh FAI-nul VER-zjun. Gebruik voor de definitieve versie het standaardformaat voor documenten.
A

Do you have an example I can follow?

du joe hev un ig-ZAM-pul ai ken FOL-oh? Heb je een voorbeeld dat ik kan volgen?
B

I can send a sample from a similar request.

ai ken send uh SAM-pul frum uh SIM-uh-ler ri-KWEST. Ik kan een voorbeeld van een vergelijkbaar verzoek sturen.
A

That would help me understand what to deliver.

dhet wud help mie un-der-STEND wot tuh dih-LIV-er. Dat zou me helpen begrijpen wat ik moet aanleveren.
B

Send me a note if anything else is unclear.

send mie uh noht if EN-ee-thing els iz an-KLIR. Stuur me een bericht als er nog iets onduidelijk is.

Woord voor woord

Could In “Could you clarify the requirements for me?”, maakt “Could” de vraag beleefd: je vraagt of de ander iets kan doen. Een herbruikbaar patroon is “Could you” gevolgd door een werkwoord. Je gebruikt dit bijvoorbeeld op het werk wanneer je vriendelijk om hulp of uitleg vraagt.
you In “Could you clarify the requirements for me?” verwijst “you” naar de persoon aan wie de spreker iets vraagt. Het staat als aangesproken persoon vóór het werkwoord in “Could you”. Je gebruikt “you” wanneer je rechtstreeks met een collega of andere persoon spreekt.
clarify “Clarify” betekent hier iets duidelijker uitleggen, namelijk de vereisten. In “Could you clarify the requirements for me?” volgt het na “Could you” in een beleefd verzoek. Een bruikbaar patroon is “clarify” gevolgd door wat iemand duidelijk moet uitleggen, zoals “clarify the requirements”.
the In “the requirements” verwijst “the” naar specifieke vereisten die bij de taak horen. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord en maakt duidelijk dat het om bekende of bepaalde informatie gaat. Je gebruikt “the” bijvoorbeeld wanneer jij en je gesprekspartner weten over welke vereisten het gaat.
requirements “Requirements” betekent hier de vereisten waaraan de taak moet voldoen. “Requirements” is de meervoudsvorm van “requirement”. Een veelgebruikt patroon is “the requirements for” gevolgd door een taak, project of document; je gebruikt het bij het bespreken van wat precies nodig is.
for In “for me” geeft “for” aan voor wie de verduidelijking bedoeld is: voor de spreker. De combinatie “for + persoon” kan aangeven wie voordeel heeft van een handeling. Je gebruikt dit bijvoorbeeld wanneer je een collega vraagt iets voor jou uit te leggen.
me In “for me” verwijst “me” naar de spreker zelf, voor wie de uitleg bedoeld is. Het staat na “for” en vormt samen de betekenis “voor mij”. Je gebruikt “me” wanneer je jezelf als ontvanger of betrokkene noemt.
Which In “Which part is unclear?” vraagt “Which” naar één onderdeel uit een bekende reeks of geheel. In “which file format to use” staat dezelfde vorm midden in de zin en gaat het om een keuze. Je gebruikt “Which” of “which” wanneer je wilt weten welk onderdeel of welke optie bedoeld is.
part “Part” betekent hier een onderdeel van de vereisten of taak. In “Which part” vraagt de spreker welk specifiek onderdeel onduidelijk is. Een bruikbaar patroon is “which part” wanneer je binnen een geheel één onderdeel wilt aanwijzen of bespreken.
is In “Which part is unclear?” verbindt “is” het onderdeel met de toestand “unclear”. Het geeft aan hoe dat onderdeel op dit moment wordt ervaren. Een bruikbaar patroon is “is unclear” na iets waarvan de duidelijkheid wordt besproken.
unclear “Unclear” betekent hier dat iets niet duidelijk genoeg is om het goed te begrijpen. In “Which part is unclear?” beschrijft het een onderdeel; in “if anything else is unclear” beschrijft het extra informatie of een extra punt. Je gebruikt het op het werk wanneer instructies, informatie of vereisten verdere uitleg nodig hebben.
I'm In “I'm not sure” geeft “I'm” aan dat de spreker over zichzelf spreekt en onzekerheid uitdrukt. “I'm” is de verkorte vorm van “I am”. Je gebruikt “I'm” vaak aan het begin van een zin waarin je je eigen toestand, mening of onzekerheid beschrijft.
not In “I'm not sure” ontkent “not” dat de spreker zeker is. Samen met “sure” vormt het de uitdrukking “not sure”, die onzekerheid aangeeft. Je gebruikt “not” vóór een woord of deel van een zin om een ontkenning te maken.
sure In “I'm not sure” betekent “sure” zeker, maar door “not” zegt de spreker dat hij of zij niet zeker is. De combinatie “not sure” is een gebruikelijke manier om onzekerheid uit te drukken. Je gebruikt dit bijvoorbeeld wanneer je niet weet welke instructie of optie juist is.
file “File” betekent hier een digitaal bestand. In “file format” verwijst het naar het bestand waarvan de indeling gekozen moet worden. Je gebruikt “file” vaak samen met “format” wanneer je over digitale documenten werkt.
format “Format” betekent hier de bestandsindeling of opmaak die gebruikt moet worden. In “file format” gaat het om de indeling van een bestand; in “document format” om de indeling van een document. Je gebruikt het wanneer je afspreekt hoe een bestand moet worden aangeleverd.
to In “which file format to use” staat “to” vóór “use” om de handeling aan te geven waarover de spreker moet beslissen. De combinatie maakt deel uit van een ingebedde vraag naar wat iemand moet gebruiken. Een bruikbaar patroon is “which … to” gevolgd door een werkwoord wanneer je naar een keuze of handeling vraagt.
use In “which file format to use” betekent “use” gebruiken; in “Use the standard document format” is “Use” een directe instructie. De vorm blijft hetzelfde, maar de eerste staat na “to” en de tweede geeft een opdracht. Je gebruikt deze vorm wanneer je beschrijft wat iemand moet gebruiken of iemand dat rechtstreeks opdraagt.
standard “Standard” betekent hier de gebruikelijke of voorgeschreven soort documentindeling. In “the standard document format” bepaalt het welk type format nodig is. Een bruikbaar patroon is “standard” vóór een zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld bij vaste werkafspraken.
document “Document” verwijst hier naar het document waarvoor een format nodig is. In “the standard document format” vormt het samen met “format” de betekenis van documentindeling. Je gebruikt “document” op het werk voor een bestand met informatie, tekst of andere inhoud.
final “Final” betekent in “the final version” de definitieve, laatste versie van het document. Het geeft aan dat deze versie bedoeld is voor afronding of oplevering. Je gebruikt “final” bijvoorbeeld wanneer concepten van de uiteindelijke versie worden onderscheiden.
version “Version” betekent hier een bepaalde versie van een document of bestand. In “the final version” gaat het om de versie die uiteindelijk moet worden gebruikt. Je gebruikt “version” wanneer hetzelfde document in verschillende stadia of vormen bestaat.
Do In “Do you have an example I can follow?” is “Do” een hulpwerkwoord dat de vraag opent. Het draagt hier niet de betekenis “doen”, maar helpt om een vraag over hebben of beschikbaarheid te vormen. Een bruikbaar vraagpatroon is “Do you have” gevolgd door wat je zoekt.
have In “Do you have an example I can follow?” betekent “have” hebben of beschikbaar hebben. Het staat na “Do” en vóór het gevraagde object “an example”. Je gebruikt dit bijvoorbeeld om te vragen of een collega een bestand, voorbeeld of andere informatie beschikbaar heeft.
an In “an example” is “an” het onbepaalde lidwoord vóór “example”, dat met een klinkerklank begint. Het verwijst naar één niet nader bepaald voorbeeld. Je gebruikt “an” vóór een enkelvoudig zelfstandig naamwoord wanneer het volgende woord met een klinkerklank begint.
example “Example” betekent hier een voorbeeld dat de spreker als model kan gebruiken. In “an example I can follow” gaat het om iets dat helpt om de vereisten correct uit te voeren. Je gebruikt “example” wanneer je om een concreet model vraagt of ernaar verwijst.
I In “I can follow” verwijst “I” naar de spreker zelf. Het staat als onderwerp vóór “can” en geeft aan wie de handeling kan uitvoeren. Je gebruikt “I” wanneer je iets over je eigen handeling, mogelijkheid of ervaring zegt.
can In “I can send a sample” en “I can follow” geeft “can” een mogelijkheid of vermogen aan. Na “can” staat het werkwoord in de vorm “send” of “follow”. Je gebruikt “can” bijvoorbeeld om hulp aan te bieden of te zeggen wat je kunt doen.
follow In “an example I can follow” betekent “follow” het voorbeeld als richtlijn gebruiken. De spreker wil het voorbeeld volgen om de taak op de juiste manier uit te voeren. Je gebruikt dit bijvoorbeeld wanneer iemand een model, instructie of procedure als leidraad neemt.
send In “I can send a sample” betekent “send” iets versturen; in “Send me a note” is “Send” een directe instructie om iets te sturen. De vorm staat na “can” in de eerste zin en aan het begin van de opdracht in de tweede. Je gebruikt “send” wanneer je een document, voorbeeld of bericht naar iemand overdraagt.
a In “a sample” en “a note” is “a” het onbepaalde lidwoord voor één niet nader bepaald exemplaar of bericht. Het staat vóór een enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Je gebruikt “a” wanneer je een niet-specifiek voorbeeld of bericht noemt.
sample “Sample” betekent hier een voorbeeldexemplaar dat afkomstig is uit een vergelijkbaar verzoek. Het is iets dat de ontvanger kan bekijken om de gewenste vorm te begrijpen. Je gebruikt “sample” bijvoorbeeld wanneer je een bestaand document als model doorstuurt.
from In “a sample from a similar request” geeft “from” de herkomst van het voorbeeld aan. Het sample komt uit een ander, vergelijkbaar verzoek. Je gebruikt “from” om te zeggen waar iets vandaan komt of uit welke bron het afkomstig is.
similar “Similar” betekent hier vergelijkbaar met het verzoek waar de spreker nu aan werkt. In “a similar request” staat het vóór “request” en beschrijft het dat verzoek. Een bruikbaar patroon is “similar + zelfstandig naamwoord” wanneer je overeenkomsten wilt aangeven.
request “Request” betekent hier een verzoek of aanvraag die bij het werk wordt behandeld. In “a similar request” is het een zelfstandig naamwoord na “a”. Je gebruikt “request” bijvoorbeeld wanneer iemand om een document, handeling of resultaat heeft gevraagd.
That In “That would help me understand what to deliver” verwijst “That” naar het eerder genoemde aanbod om een sample te sturen. Het neemt dus die eerdere handeling als onderwerp van de volgende zin. Je gebruikt “That” om terug te verwijzen naar iets dat net is gezegd of aangeboden.
would In “That would help me understand what to deliver” maakt “would” duidelijk welk mogelijk gevolg de aangeboden hulp zou hebben. Het verzacht de uitspraak en beschrijft een verwachte uitkomst. Je gebruikt “would” bijvoorbeeld om beleefd te zeggen dat iets nuttig zou zijn.
help In “would help me understand” betekent “help” iemand ondersteunen zodat die persoon iets begrijpt. “Help me understand” bevat zowel de persoon die hulp krijgt als wat die persoon daardoor kan doen. Je gebruikt dit patroon wanneer je uitlegt welke hulp een taak of begrip gemakkelijker maakt.
understand In “help me understand what to deliver” betekent “understand” begrijpen wat er aangeleverd moet worden. Het staat na “help me” en verwijst naar het doel van de hulp. Je gebruikt dit bijvoorbeeld wanneer je de vereisten of verwachtingen van een taak duidelijk wilt krijgen.
what In “what to deliver” introduceert “what” de inhoud die begrepen moet worden: datgene wat aangeleverd moet worden. Het maakt deel uit van de ingebedde vraag “what to deliver”. Je gebruikt dit patroon wanneer je wilt verwijzen naar wat iemand moet doen, geven of aanleveren.
deliver “Deliver” betekent hier het vereiste werk aanleveren of opleveren. In “what to deliver” gaat het om de inhoud die voor de taak moet worden ingediend, niet om een gewone fysieke bezorging. Je gebruikt dit op het werk wanneer je bespreekt welk resultaat iemand moet opleveren.
note “Note” betekent hier een kort bericht of een korte notitie. In “Send me a note” vraagt de spreker om zo’n bericht wanneer er nog iets onduidelijk is. Je gebruikt dit bijvoorbeeld voor een korte follow-up aan een collega.
if In “if anything else is unclear” introduceert “if” de voorwaarde waaronder de ander een bericht moet sturen. De voorwaarde is dat er nog iets onduidelijk is. Je gebruikt “if” om aan te geven wanneer een handeling wel of niet nodig is.
anything In “anything else” verwijst “anything” breed naar om het even welk extra punt of probleem. Het blijft open wat dat precies kan zijn. Je gebruikt deze combinatie wanneer je de ander ruimte geeft om elk aanvullend onduidelijk punt te noemen.
else In “anything else” betekent “else” iets extra’s naast wat al besproken is. Het verwijst dus naar verdere onduidelijkheid die nog niet aan bod kwam. Je gebruikt “else” bijvoorbeeld om te vragen of er nog andere vragen, problemen of behoeften zijn.

Grammatica

Could you + verb ...?

Could you clarify the requirements?

kud joe KLER-uh-fai duh ri-KWAI-ur-ments?

Kun je de vereisten verduidelijken?

Gebruik Could you + werkwoord voor een beleefd verzoek.

anything else

Is there anything else?

iz dher EN-ee-thing els?

Is er nog iets?

Anything else betekent ‘nog iets’ en staat vaak aan het einde van een vraag.

Engels woordenschat

clarify werkwoord
KLER-uh-fai verduidelijken
document zelfstandig naamwoord
DOK-juh-ment document
example zelfstandig naamwoord
ig-ZAM-pul voorbeeld
file format uitdrukking
fail FOR-mat bestandsformaat
final bijvoeglijk naamwoord
FAI-nul definitief
follow werkwoord
FOL-oh volgen
requirements zelfstandig naamwoord
ri-KWAI-ur-ments vereisten
sample zelfstandig naamwoord
SAM-pul voorbeeld
similar bijvoeglijk naamwoord
SIM-uh-ler vergelijkbaar
standard bijvoeglijk naamwoord
STEN-derd standaard
unclear bijvoeglijk naamwoord
an-KLIR onduidelijk
version zelfstandig naamwoord
VER-zjun versie

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Welk deel is onduidelijk?

Antwoord tonenWhich part is unclear?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

vereisten

Antwoord tonenrequirements

onduidelijk

Antwoord tonenunclear

verduidelijken

Antwoord tonenclarify

versie

Antwoord tonenversion