I
“I” verwijst hier naar de spreker: die persoon heeft het concept afgemaakt. Het staat vooraan in “I finished a draft of the proposal.” Je gebruikt “I” wanneer je over jezelf spreekt, bijvoorbeeld in een werkgesprek over je eigen taak.
finished
“finished” betekent hier dat de spreker het concept heeft voltooid. Het is de vorm van “finish” in “I finished a draft of the proposal.” Je gebruikt dit wanneer je meldt dat een taak of document klaar is.
a
“a” introduceert in “a draft” één niet nader bepaald concept. Het laat zien dat het om een exemplaar gaat, zonder dat de luisteraar al weet welk exemplaar precies. Je gebruikt “a” bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord wanneer je er voor het eerst over spreekt.
draft
“draft” betekent hier een voorlopige versie van een document. In “a draft of the proposal” gaat het om een nog niet definitieve versie van het voorstel. Je gebruikt dit woord bijvoorbeeld op het werk wanneer je een document ter beoordeling deelt.
of
“of” verbindt in “a draft of the proposal” het concept met het voorstel waarvan het een voorlopige versie is. Het geeft hier de relatie tussen twee documenten of benamingen aan. Een bruikbaar patroon is “a draft of ...” wanneer je een voorlopig document benoemt.
the
“the” verwijst in “the proposal” naar een specifiek voorstel dat in deze situatie bekend is. Hetzelfde woord staat met een hoofdletter in “The main idea”, waar het naar een specifieke hoofdgedachte verwijst. Je gebruikt “the” wanneer spreker en luisteraar kunnen bepalen over welk ding of onderdeel het gaat.
proposal
“proposal” betekent hier een voorgesteld plan in documentvorm. “The proposal” is het document waarvan de spreker een concept heeft gemaakt. Je gebruikt dit woord bijvoorbeeld bij een plan dat op het werk besproken of goedgekeurd moet worden.
can
“can” geeft in “I can review it” aan dat de spreker bereid of in staat is om het document te beoordelen. Het staat vóór het werkwoord “review”. Je gebruikt “can” vaak om hulp, mogelijkheid of beschikbaarheid aan te geven, zoals wanneer je aanbiedt iets vóór een deadline te bekijken.
review
“review” betekent hier een document zorgvuldig bekijken en er feedback op geven. In “I can review it” volgt het na “can” in de basisvorm. Je gebruikt “review” bijvoorbeeld wanneer een collega een voorstel vóór het delen controleert.
it
“it” verwijst in “review it” naar het eerder genoemde concept of voorstel. Het is het document dat de spreker zal nakijken. Je gebruikt “it” om een eerder genoemd enkelvoudig ding opnieuw te noemen zonder het zelfstandig naamwoord te herhalen.
before
“before” geeft in “before you share it” aan dat de beoordeling eerder gebeurt dan het delen. Hier leidt het een tijdsbepaling met “you share it” in. Je gebruikt “before” om de volgorde van twee handelingen duidelijk te maken.
you
“you” verwijst in “before you share it” naar de persoon tegen wie wordt gesproken. Die persoon zal het document delen. Je gebruikt “you” voor de aangesproken persoon of personen, bijvoorbeeld bij het geven van werkafspraken.
share
“share” betekent hier het document aan anderen geven of laten zien. In “you share it” gaat het om het delen van het concept met anderen. Je gebruikt “share” vaak met een document, bestand of informatie, zoals in het patroon “share it with ...”.
Could
“Could” maakt in “Could you check the introduction section?” een verzoek beleefd. Het staat vóór “you” en het werkwoord “check”. Je gebruikt deze vorm bijvoorbeeld wanneer je een collega vriendelijk vraagt een onderdeel te bekijken.
check
“check” betekent hier iets zorgvuldig bekijken om te zien of het in orde is. In “Could you check the introduction section?” is het de gevraagde handeling. Je gebruikt “check” bijvoorbeeld met een document, onderdeel of detail dat je wilt laten controleren.
introduction
“introduction” betekent hier het openingsgedeelte van het voorstel. In “the introduction section” benoemt het welk onderdeel gecontroleerd moet worden. Je gebruikt dit woord voor het begin van een document, presentatie of gesprek.
section
“section” betekent hier een afzonderlijk onderdeel van een document. Het komt voor in “the introduction section”, “the section” en “the background section”. Je gebruikt “section” wanneer je naar een duidelijk afgebakend deel van een tekst verwijst.
main
“main” betekent in “The main idea” dat de idee het belangrijkst of centraal is. Het beschrijft hier “idea”. Je gebruikt “main” om het centrale onderdeel van een onderwerp, plan of document aan te wijzen.
idea
“idea” betekent hier de centrale gedachte van het voorstel. In “The main idea is clear” zegt de spreker dat die gedachte goed te begrijpen is. Je gebruikt “idea” wanneer je de gedachte of kern van een plan wilt benoemen.
is
“is” verbindt in “The main idea is clear” de hoofdgedachte met de beschrijving “clear”. Het zegt hier hoe de hoofdgedachte wordt ervaren. Je gebruikt “is” in een zin waarin je een enkelvoudig onderwerp beschrijft of identificeert.
clear
“clear” betekent hier dat de hoofdgedachte gemakkelijk te begrijpen is. In “The main idea is clear” geeft het positieve feedback op het voorstel. Je gebruikt “clear” bijvoorbeeld om te zeggen dat een uitleg, idee of instructie begrijpelijk is.
But
“But” introduceert in “But the section feels too long” een tegenstelling met de positieve opmerking ervoor. De hoofdgedachte is duidelijk, maar een onderdeel is volgens de spreker te lang. Je gebruikt “but” om een tweede punt toe te voegen dat de eerdere uitspraak beperkt of tegenspreekt.
feels
“feels” betekent hier “lijkt” of “geeft de indruk”, niet dat het onderdeel letterlijk iets voelt. In “the section feels too long” beschrijft de spreker zijn indruk van de lengte. Je gebruikt “feels” met een beschrijving wanneer je een persoonlijke indruk voorzichtig formuleert.
too
“too” betekent in “too long” dat iets meer is dan passend of gewenst. Het versterkt hier “long” en maakt duidelijk dat de sectie volgens de spreker te lang is. Je gebruikt het patroon “too + bijvoeglijk naamwoord” om een ongewenst hoge mate aan te geven.
long
“long” beschrijft in “the section feels too long” de lengte van de sectie. Samen met “too” betekent het dat de sectie langer is dan geschikt wordt gevonden. Je gebruikt “long” bijvoorbeeld voor documenten, vergaderingen of andere dingen met een grote tijds- of fysieke lengte.
Should
“Should” vraagt in “Should I move some details to another section?” wat volgens de gesprekspartner verstandig is. Het gaat hier om advies over de volgende stap. Je gebruikt “Should I ...?” wanneer je wilt weten of je iets het beste kunt doen.
move
“move” betekent hier informatie uit de ene plaats halen en in een andere sectie zetten. In “Should I move some details to another section?” gaat het dus om het verplaatsen van details in een document. Je gebruikt “move” in dit patroon met informatie of inhoud en een bestemming, zoals “move ... to ...”.
some
“some” verwijst in “some details” naar een niet nader genoemd aantal details. De spreker zegt niet precies hoeveel details hij wil verplaatsen. Je gebruikt “some” wanneer je een deel van meerdere dingen bedoelt zonder een exact aantal te noemen.
details
“details” betekent hier specifieke stukjes informatie in het voorstel. In “some details” gaat het om meerdere zulke stukjes die naar een andere sectie kunnen worden verplaatst. Je gebruikt “details” bijvoorbeeld wanneer je extra informatie over een plan of onderwerp bespreekt.
to
“to” geeft in “move some details to another section” de bestemming van de verplaatsing aan. De details gaan naar “another section”. Je gebruikt het patroon “move ... to ...” wanneer je aangeeft waar iets terechtkomt.
another
“another” betekent in “another section” een andere sectie dan de huidige sectie. Het gaat om één alternatief onderdeel van het document. Je gebruikt “another” wanneer je naar een andere mogelijkheid of plaats verwijst.
Put
“Put” betekent in “Put the extra details in the background section” dat de details daar geplaatst moeten worden. Als eerste woord van de zin is het een directe instructie aan de andere persoon. Je gebruikt “Put ... in ...” bijvoorbeeld om aan te geven waar informatie, een bestand of een voorwerp moet komen.
extra
“extra” betekent hier aanvullend: de details zijn niet de hoofdinhoud van de sectie. In “the extra details” verwijst het naar bijkomende informatie die elders geplaatst kan worden. Je gebruikt “extra” om iets aan te duiden dat boven op de kern of het gewone geheel komt.
in
“in” geeft in “in the background section” de plaats aan waar de details moeten komen. De informatie wordt binnen die sectie geplaatst. Je gebruikt “in” met een onderdeel, document of andere plaats waarin iets zich bevindt of wordt gezet.
background
“background” betekent hier de context en ondersteunende informatie achter het hoofdonderwerp. In “the background section” is het de naam van de sectie waar de extra details thuishoren. Je gebruikt dit woord bijvoorbeeld voor informatie die uitlegt wat voorafging of welke context belangrijk is.
will
“will” geeft in “I will revise the draft” aan dat de spreker van plan is deze handeling later uit te voeren. Het staat vóór de basisvorm “revise”. Je gebruikt “will” bijvoorbeeld om een toezegging of geplande actie in een werkgesprek uit te spreken.
revise
“revise” betekent hier het concept aanpassen en verbeteren op basis van de feedback. In “I will revise the draft” volgt het na “will” in de basisvorm. Je gebruikt “revise” bijvoorbeeld voor een document dat na opmerkingen opnieuw wordt bewerkt.
and
“and” verbindt in “revise the draft and send it back” twee handelingen van dezelfde spreker. De spreker zal eerst het concept aanpassen en daarna terugsturen. Je gebruikt “and” om woorden, zinsdelen of opeenvolgende acties samen te voegen.
send
“send” betekent hier het document naar iemand anders sturen. De vorm staat in “send it back” na “will” en ook als instructie in “Send the new version”. Je gebruikt “send” bijvoorbeeld met een document, bestand of versie die naar een collega moet gaan.
back
“back” geeft in “send it back” aan dat het document teruggaat naar de persoon die het eerder stuurde of ermee werkte. Het voegt dus de betekenis van terugsturen toe aan “send”. Je gebruikt “send ... back” wanneer je iets na beoordeling of aanpassing terugstuurt.
new
“new” betekent in “the new version” dat het om de aangepaste, recente versie gaat. Het onderscheidt deze versie van het eerdere concept. Je gebruikt “new” bijvoorbeeld voor een bijgewerkt document, voorstel of bestand.
version
“version” betekent hier een bepaalde vorm of uitgave van het document. In “the new version” gaat het om de versie die na de aanpassingen klaar is. Je gebruikt “version” wanneer een document meerdere opeenvolgende vormen heeft.
when
“when” geeft in “when it is ready” het moment aan waarop de nieuwe versie klaar is. De zin betekent dat de versie dan moet worden gestuurd. Je gebruikt “when” om een handeling aan een bepaald moment of een voorwaarde in de tijd te koppelen.
ready
“ready” betekent in “when it is ready” dat de nieuwe versie af is en gebruikt of verstuurd kan worden. Het beschrijft de toestand van de versie nadat de aanpassingen klaar zijn. Je gebruikt “ready” bijvoorbeeld om aan te geven dat een document, bestand of persoon klaar is voor de volgende stap.