Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een grammaticaal patroon begrijpen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.
Dialoog
Could you explain this grammar pattern again?
kud joe iksplein dhis gremmer pettern egen? Kun je dit grammaticale patroon nog eens uitleggen?It shows that an action is already complete.
it sjooz dhæt en eksjun iz olredi kuhmpliit. Het laat zien dat een handeling al voltooid is.Why does the verb change in this sentence?
wai daz dhe vurb tsjeendzj in dhis sentens? Waarom verandert het werkwoord in deze zin?The form changes because the event is finished.
dhe form tsjeendzjiz bikuz dhi iewent iz finisjt. De vorm verandert omdat de gebeurtenis voorbij is.Can you give me another example?
ken joe giv mie enadher igzempel? Kun je me nog een voorbeeld geven?Someone opened the book before class.
samwan oopened dhe boek bifor kles. Iemand deed het boek open voor de les.That makes the pattern easier to understand.
dhæt meeks dhe pettern iizier te anderstend. Dat maakt het patroon gemakkelijker te begrijpen.Now try making your own sentence.
nau trai meiking jer oon sentens. Probeer nu je eigen zin te maken.Uitleg van de zinnen
Could you explain this grammar pattern again?
Kun je dit grammaticale patroon nog eens uitleggen?
- Could you
- Kun je ...?
- explain
- uitleggen
- this
- dit
- grammar
- grammatica
- pattern
- patroon
- again
- nog eens
Uitgebreide uitleg
Could you is een beleefde manier om een verzoek te formuleren. Could is hier de verleden vorm van can, maar in deze vraag verwijst het niet naar verleden tijd; het maakt het verzoek beleefder. Na could staat het werkwoord in de basisvorm: Could you explain ...? betekent letterlijk ongeveer “Zou je ... kunnen uitleggen?” explain betekent hier dat je iets begrijpelijk maakt door er uitleg over te geven. Na een modaal werkwoord zoals could gebruikt het Engels de basisvorm: could explain, niet could explains of could explained. Voorbeeld: Could you explain this word? — “Kun je dit woord uitleggen?” this is een aanwijzend woord voor iets waar de spreker naar verwijst. In deze zin staat het vóór de naamwoordgroep grammar pattern en betekent het “dit”. De vorm this wordt gebruikt voor één aangewezen zaak; het meervoud is these. grammar is hier een zelfstandig naamwoord dat vóór een ander zelfstandig naamwoord staat en het soort ervan aanduidt: een patroon met betrekking tot grammatica. Het betekent hier “grammatica”, niet een handeling of eigenschap op zichzelf. Voorbeeld: a grammar book — “een grammaticaboek”. pattern betekent hier een terugkerende vorm of structuur. In grammar pattern is pattern het hoofdzelfstandig naamwoord; grammar specificeert welk soort patroon bedoeld is. Een bruikbaar contrast is pattern tegenover example: een patroon is de structuur, terwijl een voorbeeld een concrete uitvoering daarvan is. again betekent “nog eens” of “opnieuw”. Het geeft aan dat de uitleg opnieuw gevraagd wordt, zonder zelf te zeggen wanneer de eerdere uitleg plaatsvond. Voorbeeld: Please say it again. — “Zeg het alsjeblieft nog eens.” Samen vormen de delen een beleefd verzoek: Could you + basisvorm explain + het aangewezen onderwerp this grammar pattern + again. De volledige betekenis is: “Kun je dit grammaticale patroon nog eens uitleggen?”
It shows that an action is already complete.
Het laat zien dat een handeling al voltooid is.
- It
- het
- shows that
- laat zien dat
- an action
- een handeling
- is
- is
- already
- al
- complete
- voltooid
Uitgebreide uitleg
It is een persoonlijk voornaamwoord in de derde persoon enkelvoud. In deze zin verwijst het naar iets dat een conclusie of aanwijzing geeft, maar de precieze referent wordt door de vaste zin en vertaling niet geïdentificeerd. In andere contexten kan it bijvoorbeeld naar een ding, situatie of feit verwijzen. shows that bestaat uit shows, de vorm van show voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd, plus that als voegwoord. De constructie show that + bijzin betekent dat iets laat zien of aantoont dat de inhoud van die bijzin het geval is. Voorbeeld: The result shows that the method works. — “Het resultaat laat zien dat de methode werkt.” an action betekent hier “een handeling”. Action is een enkelvoudig telbaar zelfstandig naamwoord; het meervoud is actions. Het onbepaalde lidwoord an wordt gebruikt vóór een klinkerklank, zoals in an action; het drukt op zichzelf geen specifiek aantal uit. is is de vorm van be voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd. Hier verbindt is het onderwerp an action met de beschrijving complete. Vergelijk I am en you are; are wordt ook bij meervoudige onderwerpen gebruikt. already betekent “al” of “reeds”. Het geeft aan dat iets vóór een relevant moment of vóór een relevante grens al gebeurd of bereikt is. Hier maakt het duidelijk dat de toestand van voltooiing op het relevante moment al bestaat. complete is een bijvoeglijk naamwoord en betekent hier “voltooid” of “afgerond”. Het beschrijft de toestand van an action; het is niet de vorm van het zelfstandig naamwoord action. Mogelijke vergelijkingsvormen zijn complete, more complete en the most complete, hoewel finished in sommige contexten specifieker “afgelopen” kan betekenen. Voorbeeld: The report is complete. — “Het verslag is voltooid.” Samen introduceert It shows that een conclusie of aanwijzing. De bijzin an action is already complete zegt dat een handeling op het relevante moment al voltooid is. De volledige betekenis is: “Het laat zien dat een handeling al voltooid is.”
Why does the verb change in this sentence?
Waarom verandert het werkwoord in deze zin?
- Why
- waarom
- the verb
- het werkwoord
- change
- veranderen
- in this sentence
- in deze zin
Uitgebreide uitleg
Why vraagt naar de reden of oorzaak van iets. Het staat hier aan het begin van een vraag: Why ...? = “Waarom ...?” the verb betekent hier “het werkwoord”. the verwijst naar een specifiek werkwoord dat in deze zin bedoeld wordt; het is dus niet zomaar een willekeurig werkwoord. Het zelfstandig naamwoord is verb, met meervoud verbs. change betekent hier “veranderen”. De vorm change is de basisvorm van het werkwoord. In deze vraag staat het hulpwerkwoord does vóór het onderwerp the verb; daardoor blijft het hoofdwerkwoord in de basisvorm: Why does the verb change ...? Niet changes na does. In een gewone mededelende zin zonder does krijg je bijvoorbeeld: The verb changes. — “Het werkwoord verandert.” in this sentence betekent “in deze zin”. this wijst naar iets dat als deze, huidige of relevante zin wordt aangewezen; sentence is het zelfstandig naamwoord “zin”. Het meervoud van sentence is sentences. Samen vormt de zin de vraag: “Waarom verandert het werkwoord in deze zin?” Why vraagt naar de reden, does draagt de vraagvorm, the verb is het onderwerp, en change blijft daarom de basisvorm. De gegeven context verbindt die verandering met het feit dat de beschreven gebeurtenis al voltooid of voorbij is.
The form changes because the event is finished.
De vorm verandert omdat de gebeurtenis voorbij is.
- The form
- de vorm
- changes
- verandert
- because
- omdat
- the event
- de gebeurtenis
- finished
- voorbij; afgelopen
Uitgebreide uitleg
The form betekent hier “de vorm”. Form is een telbaar zelfstandig naamwoord; het meervoud is forms. Het lidwoord the maakt duidelijk dat het om een bepaalde, in de context bekende vorm gaat. Voorbeeld: This form is common. — “Deze vorm komt vaak voor.” changes betekent hier dat de vorm verandert. De basisvorm is change; changes is de tegenwoordige tijd bij een onderwerp in de derde persoon enkelvoud, zoals the form. Vergelijk: The forms change. — “De vormen veranderen.” De uitgang -s staat dus op het werkwoord, niet op form. because leidt de reden aan: wat erna komt, verklaart waarom iets gebeurt. Het patroon is ... because .... Voorbeeld: She stays because it is raining. — “Ze blijft omdat het regent.” the event betekent “de gebeurtenis”. Ook hier geeft the een specifieke gebeurtenis aan. Het meervoud is events. Voorbeeld: The event starts at six. — “De gebeurtenis begint om zes uur.” finished betekent hier “voorbij” of “afgelopen”. De basisvorm is finish; finished kan de verleden tijd of het voltooid deelwoord zijn. In the event is finished staat het na is als een beschrijving van de toestand van the event: de gebeurtenis is afgelopen. Het hulpwerkwoord is hoort bij het enkelvoudige onderwerp the event; het is niet opgenomen in de geselecteerde quote. Samen betekent The form changes because the event is finished.: “De vorm verandert omdat de gebeurtenis voorbij is.” Eerst wordt de verandering meegedeeld; de bijzin met because geeft daarna de reden. Het geheel is een mededelende zin in de tegenwoordige tijd.
Can you give me another example?
Kun je me nog een voorbeeld geven?
- Can you
- kun je ...?
- give
- geven
- me
- mij / me
- another
- nog een andere
- example
- voorbeeld
Uitgebreide uitleg
Can you vormt hier een vraagpatroon om te vragen of de aangesprokene iets kan doen. Can is een modaal hulpwerkwoord; na can staat het hoofdwerkwoord in de basisvorm: Can you help? = ‘Kun je helpen?’ De vorm can verandert hier niet met het onderwerp. give betekent hier dat je iets aan iemand verstrekt. Na can blijft het give, niet bijvoorbeeld een vervoegde vorm. De belangrijkste vormen zijn give – gave – given: She gave me a book. = ‘Ze gaf me een boek.’ me is de objectvorm van het persoonlijke voornaamwoord voor de spreker: ‘mij’ of in het Nederlands vaak ‘me’. Het verwijst hier naar de persoon die de vraag stelt. Vergelijk het onderwerp en object: I give = ‘ik geef’, maar They give me... = ‘Ze geven mij ...’. another geeft aan dat het om nog een voorbeeld gaat, dus om een extra exemplaar binnen dezelfde soort. Het combineert hier met het enkelvoudige telbare zelfstandig naamwoord example: another question = ‘nog een vraag’. Het betekent niet alleen ‘verschillend’; in deze zin ligt vooral de betekenis ‘nog een’ voor de hand. example is een voorbeeld: iets dat een regel, idee of gebruik laat zien. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord: one example en two examples. De meervoudsvorm krijgt dus -s. Samen vormt Can you give me another example? de volgorde ‘kun je’ + ‘mij’ + ‘nog een voorbeeld’ + ‘geven’. De vraag vraagt de aangesprokene om de spreker nog één voorbeeld te geven; de vertaling Kun je me nog een voorbeeld geven? behoudt die betekenis.
Someone opened the book before class.
Iemand deed het boek open voor de les.
- Someone
- iemand
- opened
- opende
- book
- boek
- before
- voor
- class
- les
Uitgebreide uitleg
Someone betekent hier “iemand”: een onbepaalde persoon, zonder te zeggen wie precies. Het is een voornaamwoord en kan dus als onderwerp optreden. Voorbeeld: “Someone is at the door.” — “Er staat iemand aan de deur.” opened is de verleden tijd van open. De vorm betekent hier dat iemand het boek opendeed. Basisvormen: open — opened — opened; de verleden tijd en het voltooid deelwoord hebben hier dezelfde vorm. Voorbeeld: “She opened the window.” — “Zij opende het raam.” book betekent “boek”. Het zelfstandig naamwoord staat hier na het lidwoord the, dat naar een bepaald boek verwijst; book zelf draagt geen zichtbare meervoudsuitgang in deze zin. Het meervoud is books. Voorbeeld: “The books are on the table.” — “De boeken liggen op tafel.” before geeft hier een tijdsrelatie aan: de opening gebeurde eerder dan de les. Het kan vóór een zelfstandig naamwoordgroep staan, zoals in before class, en ook vóór een volledige bijzin, zoals in “before class begins” — “voordat de les begint”. class betekent hier “les”: de onderwijsperiode waarvoor de tijd wordt aangegeven. In before class wordt het woord zonder the gebruikt als een algemene tijdsaanduiding voor die lescontext. Voorbeeld: “We talked before class.” — “We praatten voor de les.” Samen vormt Someone opened the book before class de betekenis: “Iemand deed het boek open voor de les.” Someone is het onderwerp, opened beschrijft de handeling in het verleden, the book is wat werd geopend, en before class plaatst die handeling vóór de les.
That makes the pattern easier to understand.
Dat maakt het patroon gemakkelijker te begrijpen.
- That
- dat
- makes
- maakt
- pattern
- patroon
- easier
- gemakkelijker
- understand
- begrijpen
Uitgebreide uitleg
That staat hier als onderwerp vóór makes. Het is een enkelvoudig aanwijzend voornaamwoord met de betekenis “dat”. De zin zelf specificeert niet precies waarnaar That verwijst; de vertaling bevestigt wel deze lezing. Als zelfstandig naamwoordelijk onderwerp krijgt het werkwoord daarna de enkelvoudsvorm makes. makes is de tegenwoordige tijd van make in de derde persoon enkelvoud: make → makes; de verleden tijd en het voltooid deelwoord zijn made en made. In deze zin betekent make niet eenvoudigweg “maken”, maar “ervoor zorgen dat iets een bepaalde eigenschap krijgt”. Het bruikbare patroon is make + object + adjective: “iets een bepaalde eigenschap maken” of “ervoor zorgen dat iets ... wordt”. the pattern is een bepaalde naamwoordgroep: the verwijst naar een patroon dat in de situatie als geïdentificeerd wordt behandeld, en pattern betekent “patroon”. Het meervoud is patterns. Een vergelijkbaar voorbeeld is: The pattern is clear. — “Het patroon is duidelijk.” easier is de vergrotende trap van het bijvoeglijk naamwoord easy: easy → easier → easiest. De vorm verandert hier dus bij easy, niet bij pattern. Easier betekent “gemakkelijker” en vergelijkt met een minder gemakkelijke manier of toestand; een expliciete vergelijking met than is niet noodzakelijk. Bijvoorbeeld: This example is easier. — “Dit voorbeeld is gemakkelijker.” to understand is een infinitief met to; understand betekent hier “begrijpen”. Het werkwoord heeft de onregelmatige reeks understand → understood → understood. In deze combinatie beschrijft to understand voor welke handeling het patroon gemakkelijker wordt. Het is niet het patroon dat zelf begrijpt. Samen vormt makes the pattern easier to understand het patroon make + object + comparative adjective + to-infinitive: “maakt iets gemakkelijker om te begrijpen”. Het onderwerp That veroorzaakt dus het resultaat dat the pattern gemakkelijker te begrijpen is. De volledige betekenis is: “Dat maakt het patroon gemakkelijker te begrijpen.”
Now try making your own sentence.
Probeer nu je eigen zin te maken.
- Now
- nu
- try
- probeer
- making
- maken
- your own
- je eigen
- sentence
- zin
Uitgebreide uitleg
Now betekent hier “nu” en plaatst de aansporing in het huidige moment. Het kan ook aan het begin van andere aansporingen staan: “Now listen.” = “Luister nu.” try is de basisvorm van het werkwoord “proberen”. Na try kan een vorm op -ing volgen: try making ... betekent “proberen om ... te maken”. De basisvorm try past hier omdat de zin een aansporing is; het onderwerp you is niet uitgeschreven maar wel bedoeld. Voorbeeld: Try reading this. = “Probeer dit te lezen.” making is de -ing-vorm van make, “maken”. In deze zin staat making na try en benoemt het wat je probeert te doen. De vorm op -ing is hier geen zelfstandig verleden of tegenwoordige tijd; samen met try vormt zij het patroon try + -ing. Voorbeeld: She is making a cake. = “Zij maakt een taart.” Daar drukt making in combinatie met is een lopende handeling uit, anders dan in het patroon hier. your own betekent “je eigen”. your verwijst naar de aangesprokene en drukt bezit of betrokkenheid uit; own benadrukt dat de zin door die persoon zelf gemaakt wordt. your verandert niet mee met het grammaticale geslacht van de aangesprokene. Voorbeeld: Write your own answer. = “Schrijf je eigen antwoord.” sentence betekent “zin”, in de grammaticale betekenis van een reeks woorden met een volledige boodschap. Het meervoud is sentences: one sentence, two sentences. Samen vormen try + making het patroon try + -ing: “proberen iets te doen”. your own sentence is het object van making: het gaat om een zin die de aangesprokene zelf maakt. De volledige aansporing betekent daarom: “Probeer nu je eigen zin te maken.”
Grammatica
try + verb-ing
Try making your own example.
trai meiking jer oon igzempel.Probeer je eigen voorbeeld te maken.
Na try gebruiken we vaak een werkwoord op -ing. In het Nederlands gebruiken we meestal een infinitief: proberen te maken.
past simple + before
Someone opened the book before class.
samwan oopened dhe boek bifor kles.Iemand opende het boek voor de les.
De past simple beschrijft een afgeronde gebeurtenis in het verleden. Before geeft aan wat eerder gebeurde.
Engels woordenschat
It shows that an action is already complete.
Could you explain this grammar pattern again?
It shows that an action is already complete.
The form changes because the event is finished.
Why does the verb change in this sentence?
It shows that an action is already complete.
Could you explain this grammar pattern again?
The form changes because the event is finished.
Could you explain this grammar pattern again?
Why does the verb change in this sentence?
It shows that an action is already complete.
Why does the verb change in this sentence?
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Kun je me nog een voorbeeld geven?
Antwoord tonen
Can you give me another example?Iemand deed het boek open voor de les.
Antwoord tonen
Someone opened the book before class.Probeer nu je eigen zin te maken.
Antwoord tonen
Now try making your own sentence.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
laten zien
Antwoord tonen
showsuitleggen
Antwoord tonen
explainvoltooid
Antwoord tonen
completeopnieuw; nog eens