Een rustige plek vinden om te werken | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: In a library, one person asks for a quiet work area and learns where silent study and phone calls are allowed..

NL → EN / Niveau: A2

Over deze les

Met Een rustige plek vinden om te werken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

Is there a quiet area where I can work?

iz dher uh kwaaiət eerieə weer ai kən wərk? Is er een rustige plek waar ik kan werken?
B

There are desks for quiet study upstairs on the left.

dher ar desks fer kwaaiət staddi uhpsteerz on dhuh left. Boven links staan bureaus om rustig te studeren.
A

Could I take a short call there?

koed ai teek uh short kol dher? Kan ik daar even bellen?
B

Those desks are only for silent study.

dhooz desks ar oonli fer sai-lent staddi. Die bureaus zijn alleen om in stilte te studeren.
A

I'll take phone calls somewhere else, then.

ail teek foon kolz samweer els, dhen. Dan bel ik ergens anders.
B

The lobby is better for calls.

dhuh lobi iz betər fer kolz. De hal is beter om te bellen.
A

An upstairs desk will work for me.

ən uhpsteerz desk wil wərk fer mie. Een bureau boven is prima voor mij.
B

It is usually calm in the afternoon.

it iz joe-zjoe-əli kaam in dhi aafternoen. Meestal is het 's middags rustig.

Woord voor woord

Is In 'Is there a quiet area where I can work?' opent 'Is' een ja-neevraag over het bestaan van een plek. In 'It is usually calm in the afternoon' verbindt 'is' het onderwerp met een toestand. Je gebruikt 'Is' of 'is' vóór het onderwerp in zulke zinnen.
there In 'Is there a quiet area where I can work?' en 'There are desks for quiet study upstairs on the left' introduceert 'there' iets dat aanwezig of beschikbaar is. De plaats of het ding volgt daarna in de zin. Een veelgebruikt patroon is 'there is' met één ding en 'there are' met meerdere dingen.
a 'a' verwijst hier naar één niet nader bepaalde plek of één kort telefoongesprek, zoals in 'a quiet area' en 'a short call'. Het staat vóór een enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Je gebruikt het patroon 'a + zelfstandig naamwoord' wanneer iets nog niet specifiek is aangewezen.
quiet 'quiet' betekent hier dat er weinig of geen geluid is, zoals in 'a quiet area' en 'quiet study'. Het beschrijft zowel een plek als de manier waarop er wordt gestudeerd. Je kunt 'quiet' vóór een plaats of activiteit gebruiken wanneer weinig geluid belangrijk is.
area 'area' betekent hier een bepaald gedeelte of een bepaalde zone van de bibliotheek: 'a quiet area'. Het woord benoemt een plaats binnen een groter gebouw. Je gebruikt 'area' vaak met een beschrijving ervoor, zoals in 'quiet area'.
where 'where' verwijst in 'where I can work' naar de plaats waar de spreker kan werken. Het verbindt de vraag naar een plek met de informatie over wat daar mogelijk is. Een bruikbaar patroon is 'a place where + zin'.
I 'I' verwijst naar de persoon die spreekt, zoals in 'I can work'. Het staat hier als onderwerp vóór wat die persoon kan doen. Je gebruikt 'I' wanneer je over je eigen handeling, mogelijkheid of voorkeur spreekt.
can 'can' drukt in 'I can work' uit dat de spreker daar kan werken of dat dit daar mogelijk is. Na 'can' volgt direct het werkwoord 'work', zonder 'to'. Een bruikbaar patroon is 'I can + werkwoord' om een mogelijkheid of vaardigheid te noemen.
work In 'I can work' betekent 'work' werken of werkzaamheden doen. In 'will work for me' betekent 'work' dat iets geschikt zal zijn voor de spreker. Je gebruikt 'work' dus voor een activiteit en ook in de uitdrukking 'work for me' wanneer iets passend is.
are 'are' beschrijft in 'There are desks for quiet study upstairs on the left' dat meerdere bureaus aanwezig zijn. Het hoort bij het meervoudige onderwerp 'desks'. Een veelgebruikt patroon is 'There are + meervoudig zelfstandig naamwoord'.
desks 'desks' zijn hier bureaus waarop je kunt werken of studeren. Het meervoud verwijst naar meerdere beschikbare werkplekken in 'There are desks for quiet study upstairs on the left'. Je gebruikt 'desks' voor verschillende bureaus of werktafels.
for In 'desks for quiet study' geeft 'for' het doel van de bureaus aan: ze zijn bedoeld om rustig te studeren. In 'for me' geeft het aan voor wie iets geschikt is. Veelgebruikte patronen zijn 'for + activiteit' en 'for + persoon'.
study 'study' benoemt in 'quiet study' de activiteit van studeren of leren. Samen met 'for' beschrijft het waarvoor de bureaus bedoeld zijn. Je gebruikt 'study' in een patroon als 'a place for study' wanneer je een studieplek beschrijft.
upstairs 'upstairs' betekent hier dat de plek of de bureaus op een hogere verdieping zijn. In 'There are desks for quiet study upstairs on the left' geeft het de locatie aan; in 'An upstairs desk' beschrijft het welk bureau bedoeld is. Je kunt 'upstairs' zowel na een plaatsbeschrijving als vóór een zelfstandig naamwoord gebruiken.
on In 'on the left' geeft 'on' aan aan welke kant iets zich bevindt. Het maakt samen met 'the left' een vaste plaatsaanduiding. Je gebruikt dit patroon om een richting of zijde in een gebouw aan te wijzen.
the 'the' maakt de genoemde plaats of tijd specifiek, zoals in 'on the left', 'The lobby' en 'the afternoon'. De luisteraar weet om welke kant, ruimte of periode het gaat. Je gebruikt 'the' wanneer de context duidelijk maakt welke specifieke zaak bedoeld is.
left 'left' betekent hier de linkerzijde, in 'on the left'. Het helpt de luisteraar de bureaus in de ruimte te vinden. Je gebruikt het patroon 'on the left' om een plaats aan te wijzen.
Could 'Could' maakt in 'Could I take a short call there?' een beleefde vraag naar toestemming of mogelijkheid. Het staat vóór het onderwerp 'I' en het werkwoord 'take'. Een bruikbaar patroon is 'Could I + werkwoord ...?' wanneer je iets beleefd wilt vragen.
take In 'take a short call' betekent 'take' hier een kort telefoongesprek voeren of aannemen. Het hoort bij het vaste patroon 'take a call'. Je gebruikt deze combinatie wanneer je wilt zeggen dat je een telefoongesprek opneemt of afhandelt.
short 'short' geeft in 'a short call' aan dat het telefoongesprek niet lang zal duren. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord dat het beschrijft. Je kunt 'short' vóór een tijdsduur of activiteit gebruiken wanneer die beperkt is.
call 'call' betekent hier een telefoongesprek, zoals in 'a short call'. Het woord verwijst naar één gesprek via de telefoon. Je gebruikt 'call' vaak na 'a' wanneer je één telefoongesprek bedoelt.
Those 'Those' wijst in 'Those desks are only for silent study' naar de eerder genoemde bureaus. Het maakt duidelijk over welke specifieke bureaus de spreker praat. Je gebruikt 'those' vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord om bepaalde dingen aan te wijzen.
only 'only' beperkt in 'only for silent study' het toegestane doel van de bureaus. De bureaus zijn dus uitsluitend voor stil studeren bedoeld. Een bruikbaar patroon is 'only for + doel' om een beperking uit te drukken.
silent 'silent' betekent in 'silent study' dat er niet wordt gesproken en zo weinig mogelijk geluid is. Het beschrijft de vereiste manier van studeren aan deze bureaus. Je gebruikt 'silent' vóór een activiteit of ruimte wanneer volledige stilte bedoeld is.
I'll 'I'll' geeft in 'I'll take phone calls somewhere else, then' aan dat de spreker nu besluit of van plan is iets te doen. Het is een verkorte vorm van de combinatie van 'I' en 'will'. Een bruikbaar patroon is 'I'll + werkwoord' om een beslissing of voornemen uit te spreken.
phone 'phone' betekent hier telefoon en beschrijft in 'phone calls' het soort gesprekken. Het staat vóór 'calls' en vormt samen een vaste combinatie. Je gebruikt 'phone' vóór een zelfstandig naamwoord wanneer iets met telefoneren te maken heeft.
calls 'calls' betekent hier meerdere telefoongesprekken, zoals in 'phone calls'. Het meervoud past bij de algemene verwijzing naar gesprekken die de spreker elders zal voeren. Je gebruikt 'phone calls' voor telefonische gesprekken in het algemeen.
somewhere 'somewhere' verwijst in 'somewhere else' naar een niet nader genoemde plaats. De spreker zegt dat de telefoongesprekken op een andere plek zullen plaatsvinden. Je gebruikt 'somewhere' wanneer de precieze locatie niet wordt genoemd.
else 'else' betekent in 'somewhere else' dat de plaats anders is dan de eerder besproken stille bureaus. Het voegt het idee van een andere mogelijkheid of locatie toe. Een veelgebruikt patroon is 'somewhere else' voor een andere, niet gespecificeerde plek.
then 'then' geeft aan het einde van 'I'll take phone calls somewhere else, then' de volgende stap of consequentie aan. De spreker trekt deze conclusie nadat duidelijk is geworden dat bellen daar niet mag. Je gebruikt 'then' ook om een gevolg van de vorige informatie aan te geven.
lobby 'lobby' betekent hier de hal of ontvangstruimte van de bibliotheek. In 'The lobby is better for calls' wordt deze ruimte aangewezen als geschiktere plek om te bellen. Je gebruikt 'lobby' voor de entree- of wachtruimte van een gebouw.
better 'better' betekent in 'The lobby is better for calls' geschikter dan de eerder genoemde bureaus. Het vergelijkt de geschiktheid van twee plaatsen voor telefoongesprekken. Een bruikbaar patroon is 'better for + activiteit' wanneer iets daarvoor geschikter is.
An 'An' is in 'An upstairs desk will work for me' een onbepaald lidwoord voor één bureau. Deze vorm staat vóór 'upstairs', dat met een klinkerklank begint. Je gebruikt 'an' vóór een enkelvoudig zelfstandig naamwoord of een beschrijving die met een klinkerklank begint.
desk 'desk' betekent hier één bureau voor werken of studeren, zoals in 'An upstairs desk'. Het is de enkelvoudige vorm tegenover de eerder genoemde 'desks'. Je gebruikt 'desk' voor één werk- of studietafel.
will 'will' drukt in 'will work for me' uit dat het bureau geschikt zal zijn voor de spreker. Het staat vóór het werkwoord 'work'. Een bruikbaar patroon is 'will + werkwoord' om een toekomstige verwachting of uitkomst te beschrijven.
me 'me' verwijst in 'for me' naar de spreker als degene voor wie het bureau geschikt is. Het staat na 'for' om aan te geven voor wie iets geldt. Je gebruikt 'for me' om je eigen voordeel, behoefte of geschiktheid te benoemen.
It 'It' is in 'It is usually calm in the afternoon' het onderwerp waarmee de toestand van de omgeving wordt beschreven. De zin zegt dat het daar meestal rustig is. Een bruikbaar patroon is 'It is + beschrijving' om een situatie of omgeving te typeren.
usually 'usually' betekent in 'It is usually calm in the afternoon' dat iets in de meeste gevallen zo is. Het geeft aan dat de bibliotheek doorgaans rustig is, maar niet noodzakelijk altijd. Je gebruikt 'usually' om een gewoonlijke situatie of frequentie aan te geven.
calm 'calm' betekent hier rustig en vredig, in 'It is usually calm in the afternoon'. Het beschrijft de toestand van de omgeving in de bibliotheek. Je gebruikt het patroon 'be calm' om te zeggen dat een plaats of situatie rustig is.
in In 'in the afternoon' geeft 'in' aan wanneer iets gebeurt of geldt. Hier verwijst het naar de periode na de middag. Je gebruikt 'in' met een deel van de dag om een tijd aan te geven.
afternoon 'afternoon' betekent de periode na de middag, zoals in 'in the afternoon'. De zin gebruikt deze tijdsaanduiding om te vertellen wanneer het meestal rustig is. Een veelgebruikt patroon is 'in the afternoon' voor activiteiten of situaties na de middag.

Grammatica

usually + adjective

The area is usually calm.

dhi eerieə iz joe-zjoe-əli kaam.

Het gebied is meestal rustig.

Usually staat vaak vóór een bijvoeglijk naamwoord zoals calm.

somewhere + else

Work somewhere else.

wərk samweer els.

Werk ergens anders.

Else komt na somewhere en betekent dat de plaats verschilt van de huidige plek.

Engels woordenschat

area zelfstandig naamwoord
eerieə plek; gebied
call zelfstandig naamwoord
kol telefoongesprek
desks zelfstandig naamwoord
desks bureaus
on the left uitdrukking
on dhuh left aan de linkerkant
phone calls zelfstandig naamwoord
foon kolz telefoongesprekken
quiet bijvoeglijk naamwoord
kwaaiət rustig
quiet study uitdrukking
kwaaiət staddi rustig studeren
short bijvoeglijk naamwoord
short kort
silent study uitdrukking
sai-lent staddi in stilte studeren
take a short call uitdrukking
teek uh short kol een kort telefoongesprek voeren
upstairs bijwoord
uhpsteerz boven
work werkwoord
wərk werken

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

De hal is beter om te bellen.

Antwoord tonenThe lobby is better for calls.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

rustig

Antwoord tonenquiet

boven

Antwoord tonenupstairs

werken

Antwoord tonenwork

kort

Antwoord tonenshort