Apparatuur in de vergaderruimte controleren | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: Before a meeting, two adults check the projector, cable, microphone, and volume in a meeting room..

NL → EN / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Apparatuur in de vergaderruimte controleren oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

We should check the meeting room equipment.

wie sjud tsjek dhuh mieting roem ikwipment. We moeten de apparatuur in de vergaderruimte controleren.
B

The meeting starts soon.

dhuh mieting staarts soen. De vergadering begint bijna.
B

Let's do it now.

lets doe it nau. Laten we het nu doen.
A

Is the projector connected to the laptop?

iz dhuh pruhdzjekter kuhnektid tuh dhuh leptop? Is de projector op de laptop aangesloten?
B

It is, but this cable feels a little loose.

it iz, but dhis keebuhl fielz uh liddel loes. Hij is aangesloten, maar deze kabel voelt een beetje los aan.
A

Let's test the microphone before people arrive.

lets test dhuh maikr uhfoon bihfoor piepuhl uhraiv. Laten we de microfoon testen voordat mensen aankomen.
B

It works, but the volume is low.

it werks, but dhuh voljum iz loow. Hij werkt, maar het volume staat laag.
A

I'll turn it up a little.

ail tern it up uh liddel. Ik zet het een beetje harder.
B

That sounds better. The room is ready.

dhet saundz bedder. dhuh roem iz reddie. Dat klinkt beter. De ruimte is klaar.

Uitleg van de zinnen

  1. We should check the meeting room equipment.

    We moeten de apparatuur in de vergaderruimte controleren.

    We should
    we zouden moeten
    check
    controleren
    meeting room
    vergaderruimte
    equipment
    apparatuur
    Uitgebreide uitleg

    We should betekent hier dat de spreker samen met anderen vindt dat het verstandig of nodig is om iets te doen. Should is een modaal hulpwerkwoord; het verandert niet met de persoon: I should, we should, she should. Na should staat het werkwoord in de basisvorm: We should check. Voor een sterkere verplichting gebruikt het Engels vaak must of have to, maar should drukt hier een aanbeveling uit. check betekent hier iets controleren of nagaan. De basisvorm is check; na should blijft die vorm staan. In andere tijden verandert het werkwoord wel, bijvoorbeeld checked voor de verleden tijd: We checked the equipment. — `We controleerden de apparatuur. meeting room is een samenstelling: meeting specificeert het soort room, namelijk een ruimte voor vergaderingen. Het meervoud van room is rooms; het meervoud van de hele samenstelling is meeting rooms: The building has two meeting rooms. — Het gebouw heeft twee vergaderruimtes. equipment betekent de apparatuur of uitrusting die voor een activiteit wordt gebruikt. In deze betekenis is het doorgaans een ontelbaar zelfstandig naamwoord: the equipment en niet the equipments. Als je afzonderlijke stukken bedoelt, kun je bijvoorbeeld pieces of equipment zeggen: We need two pieces of equipment. — We hebben twee apparaten/stukken apparatuur nodig. Samen vormen de delen de betekenis: We should geeft het advies, check noemt de handeling, en the meeting room equipment benoemt wat gecontroleerd moet worden: de apparatuur in de vergaderruimte. De volledige zin betekent dus: We moeten de apparatuur in de vergaderruimte controleren.

  2. The meeting starts soon.

    De vergadering begint bijna.

    meeting
    vergadering
    starts
    begint
    soon
    binnenkort
    Uitgebreide uitleg

    meeting betekent hier “vergadering” en is een zelfstandig naamwoord voor een geplande samenkomst. Het meervoud is meetings. Voorbeeld: The meetings are useful. — “De vergaderingen zijn nuttig.” starts betekent hier “begint”. De basisvorm is start; starts is de tegenwoordige tijd bij een derde persoon enkelvoud, zoals the meeting. In de tegenwoordige tijd krijgt alleen de derde persoon enkelvoud hier de uitgang -s: I start, maar the meeting starts. Voorbeeld: The class starts at nine. — “De les begint om negen uur.” soon betekent “binnenkort”: het beschrijft dat iets na het spreekmoment of een ander referentiepunt zal gebeuren, zonder een exact tijdstip te noemen. Voorbeeld: The train arrives soon. — “De trein komt binnenkort aan.” In The meeting starts soon vormt The meeting het onderwerp: het gaat om de vergadering die in de context wordt besproken. starts zegt wat die vergadering zal doen, en soon geeft aan dat dit binnenkort gebeurt. Samen betekent de zin: “De vergadering begint binnenkort.” De tegenwoordige tijd kan hier een nabij, gepland gebeuren uitdrukken; soon maakt de tijdsbetekenis expliciet.

  3. Let's do it now.

    Laten we het nu doen.

    Let's
    laten we
    do
    doen
    it
    het
    now
    nu
    Uitgebreide uitleg

    Let's is de verkorte vorm van let us. In deze zin vormt het een voorstel of aansporing voor de spreker en minstens één andere persoon: “laten we …”. Na let's volgt het werkwoord in de basisvorm, dus zonder to en zonder persoonsuitgang. Voorbeeld: Let's start. — “Laten we beginnen.” do betekent hier “doen” en staat in de basisvorm. Die vorm wordt gebruikt na let's: Let's do .... Het is een zelfstandig werkwoord; het is hier niet het hulpwerkwoord in een vraag of ontkenning. Voorbeeld: Let's do the exercise. — “Laten we de oefening doen.” it is een persoonlijk voornaamwoord voor een zaak, handeling of situatie. In deze zin verwijst het naar wat de sprekers willen uitvoeren; de precieze referent wordt in de vaste zin niet genoemd. It blijft als onderwerp- of voorwerpsvorm hetzelfde voor zulke niet-menselijke verwijzingen. Voorbeeld: I understand it. — “Ik begrijp het.” now betekent “nu” en plaatst de voorgestelde handeling in het huidige moment. Het kan ook op andere plaatsen in een Engelse zin staan, maar hier staat het achter de handeling: do it now — “doe het nu”. Samen vormen de delen Let's + basisvorm do + it + now de aansporing Let's do it now. De vaste Nederlandse betekenis is: “Laten we het nu doen.” De zin stelt dus voor om de bedoelde handeling op dit moment uit te voeren.

  4. Is the projector connected to the laptop?

    Is de projector op de laptop aangesloten?

    Is
    is
    projector
    projector
    connected
    verbonden
    laptop
    laptop
    Uitgebreide uitleg

    Is staat hier vooraan als vorm van be in een ja/nee-vraag. Bij you, we en they is de overeenkomstige tegenwoordige vorm are; bij I is dat am. De omkering van werkwoord en onderwerp maakt er een vraag van: Is the projector ...?. projector is een zelfstandig naamwoord voor een apparaat dat beeld op een oppervlak projecteert. Het meervoud is projectors: The projectors are ready. = De projectoren zijn klaar. Het lidwoord the verwijst hier naar een specifieke projector die in de situatie herkenbaar is. connected betekent hier dat er een verbinding is gemaakt. Het is de vorm die samen met is de toestand is connected vormt; het basiswerkwoord is connect, met verleden tijd en voltooid deelwoord connected. Het achtervoegsel -ed geeft hier niet zelfstandig aan wie de verbinding heeft gemaakt, maar beschrijft de toestand van de projector. In connected to geeft to het apparaat of de bestemming van de verbinding aan: The printer is connected to the computer. = De printer is op de computer aangesloten. laptop is een zelfstandig naamwoord voor een draagbare computer. Het meervoud is laptops. In deze zin staat the laptop voor de specifieke laptop waarnaar de vraag verwijst. Samen vormen de delen de ja/nee-vraag Is the projector connected to the laptop?: de spreker vraagt of de specifieke projector op de specifieke laptop is aangesloten. De constructie be connected to is bruikbaar voor andere apparaten en verbindingen, bijvoorbeeld Are the headphones connected to the phone? = Zijn de koptelefoons op de telefoon aangesloten?

  5. It is, but this cable feels a little loose.

    Hij is aangesloten, maar deze kabel voelt een beetje los aan.

    It is
    het is zo
    but
    maar
    this
    deze
    cable
    kabel
    feels
    voelt aan
    a little
    een beetje
    loose
    los
    Uitgebreide uitleg

    It is vormt hier het korte antwoord op de voorafgaande ja/nee-vraag. It is een persoonlijk voornaamwoord voor een zaak of ander niet-persoonlijk referent; volgens de vertaling en de vorige zin verwijst het hier naar de projector. Is is de tegenwoordige vorm van be bij it. In het korte antwoord wordt de inhoud van de vraag — dat de projector aangesloten is — niet opnieuw uitgesproken. Daarom correspondeert de volledige Nederlandse vertaling hier met “Hij is aangesloten”, terwijl It is op zichzelf alleen “het is zo” weergeeft. but verbindt twee delen met een tegenstelling: na de bevestiging volgt een afwijkende indruk over de kabel. Het staat vóór het tweede deel van de zin. this is een aanwijzend woord voor één nabij of als nabij gepresenteerd ding. Het markeert hier de kabel als het bedoelde enkelvoudige ding. Vergelijk: this cable = “deze kabel”; that cable kan naar een verder weg of anders aangewezen exemplaar verwijzen. cable is een zelfstandig naamwoord voor een kabel. Het meervoud is cables. In this cable is het zelfstandig naamwoord enkelvoudig; this past daarbij. Voorbeeld: These cables are short. = “Deze kabels zijn kort.” feels is de derde-persoonsenkelvoudsvorm van feel in de tegenwoordige tijd. In feels loose beschrijft feel hoe iets bij aanraking of controle aanvoelt, niet noodzakelijk een emotie. Bij I, you, we en they staat feel; bij he, she en it staat hier feels. Voorbeeld: The button feels stiff. = “De knop voelt stug aan.” a little geeft een kleine mate aan bij de daaropvolgende beschrijving. Samen met loose vormt het a little loose: “een beetje los”. loose is hier een bijvoeglijk naamwoord voor iets dat niet strak vastzit. Het tegenovergestelde in deze betekenis is tight (“strak”). Voorbeeld: The screw is loose. = “De schroef zit los.” Samen betekent de zin: de projector is aangesloten, maar deze kabel voelt een beetje los aan. It is bevestigt de aansluiting uit de vorige vraag; but leidt de tegenstelling in; this cable feels a little loose beschrijft dat de kabel in beperkte mate niet strak aanvoelt. De formulering past bij een praktische controle van apparatuur.

  6. Let's test the microphone before people arrive.

    Laten we de microfoon testen voordat mensen aankomen.

    Let's
    laten we
    test
    testen
    the microphone
    de microfoon
    before
    voordat
    people
    mensen
    arrive
    aankomen
    Uitgebreide uitleg

    Let's is de samentrekking van let us en vormt hier een voorstel: “laten we …”. Het onderwerp is dus we (“wij”), en daarna volgt de werkwoordsvorm test zonder to. Voorbeeld: Let's start. — “Laten we beginnen.” test betekent hier “testen” of “uitproberen”. Na let's staat de basisvorm van het werkwoord: Let's test, niet een vervoegde vorm zoals Let's tests. Dezelfde vorm kan ook buiten deze constructie voorkomen, bijvoorbeeld: They test the system. — “Zij testen het systeem.” the microphone is “de microfoon”. Microphone is het zelfstandig naamwoord; the maakt het bepaald, dus het gaat om een specifieke microfoon die in deze situatie bedoeld is. Het meervoud is microphones. before betekent “voordat” en leidt hier een tijdsbepaling in: eerst testen, daarna gebeurt wat in de volgende bijzin staat. Na before staat een volledige bijzin met onderwerp en werkwoord. Voorbeeld: Wash your hands before you eat. — “Was je handen voordat je eet.” people betekent “mensen”. Het is een meervoudig zelfstandig naamwoord en krijgt hier geen -s; people is al de gebruikelijke meervoudsvorm van person. Daarom staat er people arrive, niet people arrives. arrive betekent “aankomen”. In people arrive is het de tegenwoordige vorm bij het meervoudige onderwerp people. In een tijdsbepaling met before kan deze tegenwoordige vorm naar een toekomstige gebeurtenis verwijzen: “voordat mensen aankomen”. Bij een enkelvoudig onderwerp is de vorm bijvoorbeeld the person arrives. Samen vormen Let's test the microphone en before people arrive de betekenis: “Laten we de microfoon testen voordat mensen aankomen.” Het eerste deel drukt het voorstel uit; before ordent de twee gebeurtenissen in de tijd.

  7. It works, but the volume is low.

    Hij werkt, maar het volume staat laag.

    It
    het; verwijst hier naar de microfoon
    works
    werkt; functioneert
    but
    maar
    volume
    volume; geluidssterkte
    low
    laag
    Uitgebreide uitleg

    It is een persoonlijk voornaamwoord voor een zaak of ander niet-menselijk referent. Hier verwijst het, met steun van de context en vertaling, naar de microfoon. De vorm blijft hier hetzelfde als onderwerp; vergelijk bijvoorbeeld: “It is ready.” = “Het is klaar.” works betekent hier dat iets functioneert. De basisvorm is work; works is de tegenwoordige tijd bij een derde persoon enkelvoud, zoals it works. Bij I, you, we en they staat de basisvorm: they work. Voorbeeld: “The microphone works.” = “De microfoon werkt.” but verbindt twee delen met een tegenstelling: het eerste deel is waar, maar het tweede deel voegt een beperkende of contrasterende mededeling toe. Voorbeeld: “It works, but it is quiet.” = “Het werkt, maar het is stil.” volume is hier de geluidssterkte. Het is een zelfstandig naamwoord; het betekent niet het apparaat zelf, maar een eigenschap die hoger of lager kan worden ingesteld. Voorbeeld: “The volume is high.” = “Het volume staat hoog.” low betekent hier laag, in de zin van een lage geluidssterkte. Het is een bijvoeglijk naamwoord na is: the volume is low. De gewone vergelijking is lower en de overtreffende trap lowest; low beschrijft hier alleen de huidige stand. Voorbeeld: “The volume is lower now.” = “Het volume staat nu lager.” Samen vormen de delen: It works = “Het werkt”, gevolgd door but the volume is low = “maar het volume staat laag”. De volledige uitspraak betekent dus: “Hij werkt, maar het volume staat laag.” De tegenwoordige tijd presenteert zowel het functioneren als de lage geluidssterkte als de relevante huidige situatie.

  8. I'll turn it up a little.

    Ik zet het een beetje harder.

    I'll
    ik zal / ik ga
    turn it up
    het harder zetten
    a little
    een beetje
    Uitgebreide uitleg

    I'll is de samentrekking van I will: I is de spreker en will maakt hier een toekomstige handeling of voornemen duidelijk. In deze zin betekent het natuurlijk: de spreker gaat de instelling aanpassen. In een ander voorbeeld: I'll call you later. = Ik bel je later. turn it up is een vaste combinatie van het werkwoord turn met up. In deze betekenis betekent turn up een niveau verhogen, vooral het volume; it is het voornaamwoord voor datgene waarvan het niveau wordt aangepast. Hier wordt die verwijzing door de vertaling en de context ondersteund als het volume of de volumestand. Turn it down is het bruikbare tegengestelde: het zachter zetten. Voorbeeld: Please turn the music up. = Zet de muziek alsjeblieft harder. a little beperkt de verhoging: de spreker wil het volume slechts in kleine mate verhogen. Het drukt hier geen exact aantal uit. Vergelijk: Move it a little. = Verplaats het een beetje. Samen vormen de delen: I'll geeft het voornemen van de spreker aan, turn it up benoemt het harder zetten van de relevante instelling, en a little geeft de beperkte mate aan. De volledige betekenis is daarom: de spreker gaat het volume een beetje verhogen. De formulering is alledaags en geschikt voor een gesprek over een laag volume.

  9. That sounds better. The room is ready.

    Dat klinkt beter. De ruimte is klaar.

    That
    dat
    sounds
    klinkt
    better
    beter
    room
    ruimte
    ready
    klaar
    Uitgebreide uitleg

    That betekent hier “dat” en verwijst naar wat zojuist anders klinkt; de precieze referent wordt niet verder benoemd. Als aanwijzend voornaamwoord kan that ook naar iets op enige afstand in de situatie of in het gesprek verwijzen. Vergelijk: This sounds better. = “Dit klinkt beter.” Sounds is de vorm van sound bij he, she of it in de tegenwoordige tijd: I sound, maar it sounds. Hier is sound een koppelwerkwoord: het beschrijft hoe iets overkomt op het gehoor. Voorbeeld: The plan sounds good. = “Het plan klinkt goed.” Better is de vergrotende trap van good: good – better – best. In sounds better wordt de huidige indruk vergeleken met een eerdere indruk; het betekent dat het nu beter klinkt. Better is hier dus geen vorm van sound, maar beschrijft het resultaat van sounds. The room betekent “de ruimte”. Room is een telbaar zelfstandig naamwoord wanneer het om een afzonderlijke kamer of ruimte gaat; the maakt duidelijk dat het om een bepaalde, in de situatie bekende ruimte gaat. Voorbeeld: The room is quiet. = “De ruimte is stil.” Ready betekent “klaar” of “gereed” en staat na is als beschrijving van de toestand van de ruimte. Ready verandert hier niet omdat room enkelvoud is; de verandering zit in het werkwoord: The room is ready, maar The rooms are ready. Samen bestaat de uiting uit twee zelfstandige zinnen. That sounds better betekent “Dat klinkt beter”: that is het onderwerp, sounds geeft de indruk weer en better vergelijkt die indruk met een eerdere. The room is ready betekent “De ruimte is klaar”: de bepaalde ruimte bevindt zich in een gereed-toestand. De volledige vertaling is: “Dat klinkt beter. De ruimte is klaar.”

Grammatica

The meeting starts soon.

The meeting starts soon.

dhuh mieting staarts soen.

De vergadering begint binnenkort.

Bij he/she/it krijgt het werkwoord in de tegenwoordige tijd meestal -s: starts.

turn up + object

Turn up the volume.

tern up dhuh voljum.

Zet het volume harder.

Turn up is een scheidbaar werkwoordelijk patroon: het object staat na de volledige uitdrukking.

Engels woordenschat

cable zelfstandig naamwoord
keebuhl kabel
check werkwoord
tsjek controleren
connected bijvoeglijk naamwoord
kuhnektid aangesloten
equipment zelfstandig naamwoord
ikwipment apparatuur
laptop zelfstandig naamwoord
leptop laptop
loose bijvoeglijk naamwoord
loes los
meeting zelfstandig naamwoord
mieting vergadering
meeting room uitdrukking
mieting roem vergaderruimte
projector zelfstandig naamwoord
pruhdzjekter projector
soon bijwoord
soen binnenkort
start werkwoord
staart beginnen starts
test werkwoord
test testen

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

De vergadering begint bijna.

Antwoord tonenThe meeting starts soon.

Laten we het nu doen.

Antwoord tonenLet's do it now.

Ik zet het een beetje harder.

Antwoord tonenI'll turn it up a little.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

beginnen

Antwoord tonenstarts

apparatuur

Antwoord tonenequipment

controleren

Antwoord tonencheck

projector

Antwoord tonenprojector