Een online cursus kiezen | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: In a study planning conversation, two adults compare online language courses by schedule, reviews, and teaching style..

NL → EN / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een online cursus kiezen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

I want to choose an online language course.

Ai wont tuh tsjoez en onlain lenggwidzj koors. Ik wil een online taalcursus kiezen.
B

Compare the schedule, reviews, and teaching style.

Kuhmpeer dhuh shedjoel, riviuwz, uhnd tiitsjing stail. Vergelijk het rooster, de beoordelingen en de manier van lesgeven.
A

This course is shorter but has fewer lessons.

Dhis koors iz sjorter bət haz fjoo-uh lesuhnz. Deze cursus is korter, maar heeft minder lessen.
B

The other one looks more beginner-friendly.

Dhie uhdher wuhn luks moor biginuh-frendlie. De andere lijkt geschikter voor beginners.
A

I can only study on weekends.

Ai kuhn ounlie stuhdie on wiikends. Ik kan alleen in het weekend studeren.
B

Then choose the course with weekend classes.

Dhen tsjoez dhuh koors widh wiikend klasiz. Kies dan de cursus met weekendlessen.
A

The reviews say the teacher explains clearly.

Dhuh riviuwz see dhuh tiitsjer ikspleenz klierlie. De beoordelingen zeggen dat de docent duidelijk uitlegt.
B

That matters more than a shorter course.

Dhet metuhz moor dhen uh sjorter koors. Dat is belangrijker dan een kortere cursus.

Uitleg van de zinnen

  1. I want to choose an online language course.

    Ik wil een online taalcursus kiezen.

    I want
    ik wil
    to choose
    kiezen
    online
    online
    language
    taal
    course
    cursus
    Uitgebreide uitleg

    I want drukt hier de wens van de spreker uit. want is de tegenwoordige vorm bij I; bij he, she en it wordt dat wants. Het patroon I want to + werkwoord betekent dat iemand iets wil doen. Voorbeeld: I want to learn. — Ik wil leren. to choose betekent hier dat de spreker een cursus wil selecteren. choose is de basisvorm na to. De belangrijke verleden tijd is chose, en het voltooid deelwoord is chosen: I choose, I chose, I have chosen. Voorbeeld: She chose an evening course. — Zij koos een avondcursus. online beschrijft dat de cursus via het internet wordt gevolgd of aangeboden, niet noodzakelijk op een fysieke leslocatie. Het woord verandert in het Engels niet mee met een zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: They study online. — Zij studeren online. language betekent hier ‘taal’. Het meervoud is languages: one language, two languages. Voorbeeld: This app teaches languages. — Deze app leert talen. course betekent hier een cursus of georganiseerd leerprogramma. Het meervoud is courses: one course, several courses. In language course bepaalt language welk soort cursus het is: een cursus voor het leren van een taal. Voorbeeld: The course starts in May. — De cursus begint in mei. Samen vormen de delen I want + to choose + an online language course de betekenis: de spreker wil een online taalcursus kiezen. Het onbepaalde lidwoord an staat voor een niet nader bepaalde cursus; het drukt op zichzelf geen specifiek aantal uit. De bijvoeglijke bepaling online en de woordgroep language specificeren het type cursus.

  2. Compare the schedule, reviews, and teaching style.

    Vergelijk het rooster, de beoordelingen en de manier van lesgeven.

    Compare
    vergelijk
    schedule
    rooster
    reviews
    beoordelingen
    teaching style
    manier van lesgeven
    Uitgebreide uitleg

    Compare is hier een bevelsvorm: “vergelijk”. Het onderwerp you staat in het Engels meestal niet in een bevestigende gebiedende zin. Het werkwoord blijft in de basisvorm: compare. Voorbeeld: Compare these two options. — “Vergelijk deze twee opties.” Schedule betekent hier “rooster”: een overzicht van geplande lessen of activiteiten. Het is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is schedules. Voorbeeld: The schedule is clear. — “Het rooster is duidelijk.” Reviews betekent hier “beoordelingen”. De vorm reviews is het meervoud van review, een beoordeling of bespreking. De uitgang -s laat hier het meervoud zien, niet een werkwoordsvorm. Voorbeeld: I read the reviews. — “Ik lees de beoordelingen.” Teaching style betekent “manier van lesgeven”. Teaching komt van het werkwoord teach (“lesgeven”) en beschrijft hier het soort stijl: de manier waarop iemand lesgeeft. Style is het zelfstandig naamwoord “stijl” of “manier”. In deze combinatie verwijst teaching dus niet naar een afzonderlijke handeling, maar naar het domein waarop de stijl betrekking heeft. Voorbeeld: Her teaching style is friendly. — “Haar manier van lesgeven is vriendelijk.” De gebiedende vorm Compare wordt gevolgd door drie dingen die met elkaar vergeleken moeten worden: the schedule, reviews en teaching style. Alleen the schedule bevat in het Engels het bepaalde lidwoord the; reviews en teaching style hebben in de brontekst geen afzonderlijk the. Het Nederlands gebruikt in de vaste vertaling wel de bij de drie opgesomde elementen. Samen betekent de uiting: “Vergelijk het rooster, de beoordelingen en de manier van lesgeven.”

  3. This course is shorter but has fewer lessons.

    Deze cursus is korter, maar heeft minder lessen.

    This
    deze
    course
    cursus
    is
    is
    shorter
    korter
    but
    maar
    has
    heeft
    fewer
    minder
    lessons
    lessen
    Uitgebreide uitleg

    This verwijst hier samen met course naar de cursus die wordt besproken. Als aanwijzend woord staat this vóór het zelfstandig naamwoord: this + zelfstandig naamwoord betekent “deze ...”. This is niet hetzelfde als het afzonderlijke aanwijzende woord that (“die/dat”). course betekent hier “cursus”. Het meervoud is courses; de spelling krijgt dus -s. is is de tegenwoordige tijd van be bij een enkelvoudig onderwerp in de derde persoon: this course is. Vergelijk: These courses are ... bij een meervoudig onderwerp. shorter is de vergrotende trap van short: short → shorter → shortest. Het betekent hier dat deze cursus minder lang is dan de cursus waarmee hij wordt vergeleken. Voor een expliciete vergelijking volgt vaak than, bijvoorbeeld: This course is shorter than that one. — “Deze cursus is korter dan die andere.” but verbindt twee delen met een tegenstelling. Hier koppelt het de vergelijking over de lengte aan een tweede verschil over het aantal lessen. has is de vorm van have bij een enkelvoudig onderwerp in de derde persoon: this course has. Bij I, you, we en they staat have, bijvoorbeeld: They have fewer lessons. — “Zij hebben minder lessen.” fewer gebruik je bij telbare meervoudige zelfstandige naamwoorden. Fewer lessons betekent dus “minder lessen” in de zin van een kleiner aantal. Bij een niet-telbare hoeveelheid gebruik je doorgaans less, bijvoorbeeld: This course requires less time. — “Deze cursus vereist minder tijd.” lessons is het meervoud van lesson, “les”. Het gaat hier om afzonderlijke, telbare lessen; daarom past fewer ervoor. Enkelvoud: one lesson; meervoud: two lessons. Samen betekent This course is shorter but has fewer lessons.: “Deze cursus is korter, maar heeft minder lessen.” De eerste helft vergelijkt de lengte van de cursus; but koppelt daaraan de tweede vergelijking, namelijk een kleiner aantal lessen.

  4. The other one looks more beginner-friendly.

    De andere lijkt geschikter voor beginners.

    The other one
    de andere
    looks
    lijkt
    more beginner-friendly
    geschikter voor beginners
    Uitgebreide uitleg

    The other one betekent hier “de andere”: het verwijst naar een andere optie of zaak dan de eerder bedoelde optie, zonder dat de zin zelf precies benoemt waarnaar one verwijst. Other contrasteert met another: other verwijst naar een andere binnen een bekende of veronderstelde reeks, terwijl another meestal “nog een andere” betekent. One kan hier zelfstandig een eerder genoemde of begrepen zaak vervangen; het is niet noodzakelijk het getalwoord “één”. Looks is de vorm van look bij he, she of it in de tegenwoordige tijd. Hier is look een koppelwerkwoord: het beschrijft hoe iets lijkt, niet noodzakelijk wat na controle zeker waar is. Het patroon is something looks + adjective, bijvoorbeeld: The plan looks simple. — “Het plan lijkt eenvoudig.” De uitgang -s hoort bij het werkwoord look, niet bij one. More beginner-friendly is een vergelijkende beschrijving. Beginner-friendly betekent dat iets gemakkelijk of geschikt is voor beginners; more beginner-friendly betekent dat het die eigenschap in hogere mate heeft dan de vergeleken optie. Bij dit langere bijvoeglijke naamwoord vormt Engels de vergelijking met more, niet gewoonlijk met -er: beginner-friendly → more beginner-friendly → the most beginner-friendly. Het woord beginner betekent “beginner” of “iemand die iets leert”; in dit samengestelde bijvoeglijke naamwoord geeft het aan voor wie iets geschikt is. Samen vormt de zin het patroon The other one looks more + adjective: “De andere lijkt geschikter voor beginners.” Looks maakt de uitspraak een beoordeling van hoe de andere optie overkomt, en more beginner-friendly vergelijkt die optie met de eerder bedoelde optie.

  5. I can only study on weekends.

    Ik kan alleen in het weekend studeren.

    I can
    ik kan
    only
    alleen
    study
    studeren
    weekends
    weekenden
    Uitgebreide uitleg

    I can betekent hier dat de spreker de mogelijkheid of beschikbare gelegenheid heeft om iets te doen. I is het persoonlijk voornaamwoord voor de spreker. can is de tegenwoordige vorm voor mogelijkheid of vermogen; deze vorm blijft hetzelfde bij alle personen: I can, she can, they can. Na can staat het werkwoord in de basisvorm, zonder to: I can study = ik kan studeren. Voorbeeld: I can help. — Ik kan helpen. only beperkt hier de tijdsvoorwaarde: de spreker kan studeren, maar uitsluitend in het weekend. Het staat vóór study, maar de beperking hoort bij de combinatie met on weekends, niet bij het vermogen zelf. Voorbeeld: I only work on Mondays. — Ik werk alleen op maandag(en). study is de basisvorm die na can vereist is. Het betekent hier studeren of leren. Zonder can krijgt de tegenwoordige tijd bij I dezelfde basisvorm: I study; bij she is dat she studies. Voorbeeld: They study English at home. — Zij studeren thuis Engels. weekends is het meervoud van weekend. In on weekends verwijst het naar weekenden in het algemeen, dus naar de terugkerende periode aan het einde van de week. Het voorzetsel on maakt samen met een dag of dagperiode een tijdsbepaling: on weekends, on Saturdays. Voorbeeld: We meet on weekends. — We spreken in het weekend af. Samen vormt I can only study on weekends de betekenis: de spreker kan uitsluitend in het weekend studeren. I can study geeft de mogelijkheid of gelegenheid aan; only beperkt die mogelijkheid tot on weekends. De Nederlandse vertaling gebruikt natuurlijk in het weekend, hoewel het Engelse weekends grammaticaal meervoud is.

  6. Then choose the course with weekend classes.

    Kies dan de cursus met weekendlessen.

    Then
    dan
    choose
    kiezen
    course
    cursus
    weekend classes
    weekendlessen
    Uitgebreide uitleg

    Then staat hier aan het begin als overgang naar de volgende stap: na de eerder genoemde beperking tot weekends volgt een keuze. In deze context betekent het natuurlijk dan of vervolgens; het hoeft niet op een specifiek tijdstip te wijzen. choose is de werkwoordsvorm die je gebruikt voor een bevel of instructie: het onderwerp you wordt in het Engels meestal niet uitgesproken. De basisvorm is choose; de verleden tijd en het voltooid deelwoord zijn ook chose en chosen. Bijvoorbeeld: Choose one option. — Kies één optie. the course verwijst naar één bepaalde cursus die de luisteraar uit de mogelijke opties kan kiezen. course is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is courses. Het lidwoord the maakt de cursus bepaald, maar drukt op zichzelf geen aantal uit. with weekend classes beschrijft welke cursus gekozen moet worden: with betekent hier dat de cursus weekendlessen heeft of aanbiedt. weekend staat vóór classes als bepaling, en classes is het meervoud van class. Het meervoud past bij meerdere lessen, zonder dat de zin een exact aantal noemt. Een vergelijkbaar patroon is a course with evening classes — een cursus met avondlessen. Samen vormt de zin een directe instructie: Then geeft de volgende stap aan, choose is de opdracht, en the course with weekend classes is de specifieke optie die gekozen moet worden. De volledige betekenis is: Kies dan de cursus met weekendlessen.

  7. The reviews say the teacher explains clearly.

    De beoordelingen zeggen dat de docent duidelijk uitlegt.

    reviews
    beoordelingen
    say
    zeggen
    teacher
    docent
    explains
    legt uit
    clearly
    duidelijk
    Uitgebreide uitleg

    reviews betekent hier “beoordelingen”. Het is het meervoud van review; het enkelvoud is review, het meervoud reviews. Het woord kan bijvoorbeeld ook naar een bespreking van een boek of film verwijzen. The teacher betekent “de docent”. teacher is een telbaar zelfstandig naamwoord: a teacher is één docent en teachers zijn meerdere docenten. Het lidwoord the verwijst naar een specifieke docent die in de context herkenbaar is; de zin zegt niet wie dat precies is. the reviews say betekent “de beoordelingen zeggen”. say is hier de tegenwoordige tijd van say bij een meervoudig onderwerp. Bij een enkelvoudig onderwerp krijgt het werkwoord de vorm says: The review says ... = “De beoordeling zegt ...”. say wordt gebruikt voor wat iemand of iets onder woorden brengt; tell heeft doorgaans een ontvanger: She tells me ... = “Ze vertelt het mij.” explains betekent hier “legt uit”. De basisvorm is explain; explains is de tegenwoordige tijd bij een derde persoon enkelvoud, zoals the teacher. In de tegenwoordige tijd staat bij zo’n onderwerp vaak -s: The teacher explains .... Na does of can blijft de basisvorm staan, bijvoorbeeld The teacher can explain .... clearly betekent “duidelijk” en beschrijft hier hoe de docent iets uitlegt. Het is een bijwoord en hoort bij het werkwoord explains; het beschrijft dus niet de beoordelingen. Het bijvoeglijk naamwoord is clear (“duidelijk”): a clear explanation = “een duidelijke uitleg”. Samen vormen The reviews say en de daaropvolgende inhoud één mededeling: de beoordelingen brengen de bewering over dat the teacher explains clearly. De tegenwoordige tijd staat zowel bij say als bij explains, en explains krijgt de uitgang -s omdat the teacher enkelvoud is. De volledige betekenis is: “De beoordelingen zeggen dat de docent duidelijk uitlegt.”

  8. That matters more than a shorter course.

    Dat is belangrijker dan een kortere cursus.

    That
    dat
    matters
    ertoe doet; belangrijk is
    more than
    meer dan
    shorter
    korter
    course
    cursus
    Uitgebreide uitleg

    That is hier een zelfstandig gebruikt aanwijzend voornaamwoord. Het betekent dat en verwijst naar iets dat in de context al bekend is; de zin specificeert niet verder waarnaar het verwijst. Als aanwijzer staat that vaak tegenover this wanneer de spreker iets als minder direct aanwezig aanduidt. Voorbeeld: That is useful. — Dat is nuttig. matters is de tegenwoordige tijd van matter bij een derde persoon enkelvoud: matter → matters. Hier betekent matter niet “een kwestie” als zelfstandig naamwoord, maar “belangrijk zijn” of “ertoe doen”. De uitgang -s hoort bij het werkwoord. Voorbeeld: These details matter. — Deze details doen ertoe. more than vormt hier de vergelijking “meer dan”. More is hier de vergrotende vorm van het bijwoord much en versterkt het werkwoord matters: iets doet in grotere mate ertoe. Than leidt het tweede deel van de vergelijking in. Het patroon is X matters more than Y: “X doet er meer toe dan Y.” shorter is de vergrotende vorm van het bijvoeglijk naamwoord short: short → shorter → shortest. Het beschrijft course en betekent hier “korter”. De maatstaf voor de vergelijking kan uit de context blijken of onuitgesproken blijven; deze zin noemt niet expliciet waarmee de cursus korter is. Voorbeeld: This route is shorter. — Deze route is korter. course is hier een zelfstandig naamwoord en betekent “cursus”. Het woord kan in andere contexten ook een traject of verloop aanduiden, maar de vaste vertaling maakt hier de betekenis “cursus” duidelijk. Voorbeeld: The course starts tomorrow. — De cursus begint morgen. Samen vormt That matters more than a shorter course de vergelijking: That is wat ertoe doet, en het doet er meer toe dan a shorter course. A shorter course betekent “een kortere cursus”; a introduceert hier een niet nader bepaalde cursus en drukt op zichzelf geen expliciet aantal uit. De volledige betekenis is: Dat is belangrijker dan een kortere cursus.

Grammatica

fewer + plural count noun

fewer lessons

fjoo-uh lesuhnz

minder lessen

Gebruik fewer bij telbare meervoudige zelfstandige naamwoorden, zoals lessons.

verb + adverb

The teacher explains clearly.

Dhuh tiitsjer ikspleenz klierlie.

De docent legt het duidelijk uit.

Clearly is een bijwoord en beschrijft hoe de docent iets uitlegt.

Engels woordenschat

choose werkwoord
tsjoez kiezen
compare werkwoord
kuhmpeer vergelijken
fewer bepaler
fjoo-uh minder
language course uitdrukking
lenggwidzj koors taalcursus
lessons zelfstandig naamwoord
lesuhnz lessen
online bijvoeglijk naamwoord
onlain online
reviews zelfstandig naamwoord
riviuwz beoordelingen
schedule zelfstandig naamwoord
shedjoel rooster
shorter bijvoeglijk naamwoord
sjorter korter
teaching style uitdrukking
tiitsjing stail manier van lesgeven
the other one uitdrukking
dhie uhdher wuhn de andere
want werkwoord
wont willen

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

De andere lijkt geschikter voor beginners.

Antwoord tonenThe other one looks more beginner-friendly.

Ik kan alleen in het weekend studeren.

Antwoord tonenI can only study on weekends.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

beoordelingen

Antwoord tonenreviews

kiezen

Antwoord tonenchoose

willen

Antwoord tonenwant

online

Antwoord tonenonline