Een restaurant kiezen voor een korte lunch | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: During a lunch break, two adults compare nearby places and choose the closer restaurant to have more time to eat..

NL → EN / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een restaurant kiezen voor een korte lunch oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

Which place should we choose for lunch?

witsj pleejs sjud wie tsjoez fur lantsj? Welke plek zullen we kiezen voor de lunch?
B

Let's pick somewhere close and convenient.

lets pik sam-weer en kuh-VIE-nee-uhnt. Laten we een plek kiezen die dichtbij en handig is.
A

The place on this street has a simple lunch menu.

dhuh pleejs on dhis striet hez uh SIM-puhl lantsj MEN-joe. De plek in deze straat heeft een eenvoudig lunchmenu.
B

The cafe near the park might be quieter.

dhuh kuh-FEEJ nier dhuh paark majt bie kwaj-uh-ter. Het café bij het park is misschien rustiger.
B

But it is farther away.

buhd it iz faar-dher uh-WEEJ. Maar het is verder weg.
A

Do we need a reservation for the nearby place?

duh wie nied uh rez-uh-VEEJ-shuhn fur dhuh nier-baj pleejs? Hebben we voor de plek dichtbij een reservering nodig?
B

Probably not. Around this time, we can usually find a table.

prob-uh-bli not. uh-RAUND dhis tajm, wie kuh-n joe-zjoe-uh-li fajnd uh TEE-buhl. Waarschijnlijk niet. Rond deze tijd kunnen we meestal een tafel vinden.
A

Then let's choose the place on this street.

dhen lets tsjoez dhuh pleejs on dhis striet. Dan kiezen we de plek in deze straat.
B

That leaves us more time to eat.

dhet lievz us moor tajm tuh iet. Dan hebben we meer tijd om te eten.

Uitleg van de zinnen

  1. Which place should we choose for lunch?

    Welke plek zullen we kiezen voor de lunch?

    Which
    welke
    place
    plek
    should we
    zullen we
    choose
    kiezen
    lunch
    lunch
    Uitgebreide uitleg

    Which staat vóór het zelfstandig naamwoord en vraagt om een keuze binnen een bekende of mogelijke groep: “welke”. Het is hier geen vraag naar een persoon; daarvoor gebruik je who. Vergelijk: Which place do you prefer? — “Welke plek heeft je voorkeur?” place betekent hier een locatie of plek. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord: a place, two places. In deze zin staat het enkelvoud na which, omdat er naar één te kiezen plek wordt gevraagd. should we vormt samen een vraagpatroon voor een voorstel of gezamenlijke beslissing. Should staat vóór het onderwerp we, en in een vraag blijft het werkwoord daarna in de basisvorm: Should we choose...? betekent hier natuurlijk “Zullen we kiezen...?” Het drukt in deze context geen verplichting uit. choose is de basisvorm van “kiezen”. Na een modaal werkwoord zoals should gebruik je de basisvorm: should choose, niet should chooses of should chose. De verleden tijd is chose en het voltooid deelwoord is chosen: We chose a place. — “We kozen een plek.” lunch verwijst naar de middagmaaltijd. In de vaste verbinding for lunch staat het vaak zonder lidwoord wanneer de maaltijd als activiteit of gelegenheid wordt bedoeld. Bijvoorbeeld: What did you have for lunch? — “Wat heb je als lunch gegeten?” Samen vormt de zin: Which place (“welke plek”) + should we choose (“zullen we kiezen”) + for lunch (“voor de lunch”). De volledige betekenis is: “Welke plek zullen we kiezen voor de lunch?” De vraag gaat dus over het gezamenlijk kiezen van één plek waar de lunch zal plaatsvinden.

  2. Let's pick somewhere close and convenient.

    Laten we een plek kiezen die dichtbij en handig is.

    Let's
    laten we
    pick
    kiezen
    somewhere
    ergens
    close
    dichtbij
    convenient
    handig
    Uitgebreide uitleg

    Let's is de verkorte vorm van let us. In deze zin leidt het een voorstel in dat de spreker samen met de luisteraar uitvoert: “laten we …”. Het is hier dus geen gewone beschrijving van een handeling. Voor een voorstel gebruik je bijvoorbeeld Let's start = “Laten we beginnen.” pick betekent hier “kiezen” en is de basisvorm van het werkwoord. Na let's volgt de basisvorm: Let's pick, niet een vervoegde vorm zoals Let's picks. Het werkwoord choose kan ook “kiezen” betekenen; pick klinkt vaak wat alledaagser. Voorbeeld: Pick a seat. = “Kies een zitplaats.” somewhere betekent “ergens”: een niet nader bepaalde plaats. Het woord verwijst hier naar een plaats die nog gekozen moet worden; de zin zegt niet welke specifieke plaats dat is. Vergelijk somewhere (“ergens”) met anywhere (“waar dan ook/ergens, afhankelijk van de context”). Voorbeeld: Let's eat somewhere quiet. = “Laten we ergens rustig eten.” close betekent hier “dichtbij” en beschrijft de plaats als niet ver weg. Het is de basisvorm van het bijvoeglijk naamwoord: close, closer, closest. In deze zin staat het na somewhere in een patroon waarin een plaats nader wordt beschreven: somewhere close = “ergens dichtbij”. Voorbeeld: Is there a shop close by? = “Is er hier vlakbij een winkel?” convenient betekent hier “handig”: de plaats is praktisch of gemakkelijk bereikbaar voor de betrokkenen. Het is een bijvoeglijk naamwoord. Voor vergelijking gebruikt het Engels gewoonlijk more convenient en the most convenient. Voorbeeld: This location is convenient for us. = “Deze locatie is handig voor ons.” Samen vormt Let's pick somewhere close and convenient een voorstel: Let's pick geeft de gezamenlijke keuze aan, somewhere houdt de plaats onbepaald, en close and convenient noemt de twee gewenste eigenschappen van die plaats. De volledige betekenis is: “Laten we een plek kiezen die dichtbij en handig is.”

  3. The place on this street has a simple lunch menu.

    De plek in deze straat heeft een eenvoudig lunchmenu.

    place
    plek
    on this street
    in deze straat
    has
    heeft
    simple
    eenvoudig
    lunch
    lunch
    menu
    menu
    Uitgebreide uitleg

    place betekent hier een plek of locatie. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord: a place is “een plek”, terwijl places het meervoud is. Voorbeeld: This place is quiet. = “Deze plek is rustig.” on this street geeft de locatie aan. on wordt hier gebruikt voor iets dat zich aan of op een straat bevindt; this wijst naar de straat die de spreker bedoelt. street is het zelfstandig naamwoord voor “straat”. Voorbeeld: There is a bakery on this street. = “Er is een bakkerij in deze straat.” has is de tegenwoordige tijd van have bij een onderwerp in de derde persoon enkelvoud: I/you/we/they have, maar he/she/it has. Hier is The place het onderwerp, dus krijgt have de vorm has. Voorbeeld: The cafe has a terrace. = “Het café heeft een terras.” simple is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “eenvoudig” of “simpel”. Het beschrijft hier het menu en staat vóór het zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: They chose a simple plan. = “Ze kozen een eenvoudig plan.” lunch betekent “lunch”. In lunch menu staat het zelfstandig naamwoord lunch vóór menu om het soort menu aan te geven: een menu voor de lunch. Voorbeeld: We need a lunch table. = “We hebben een lunchtafel nodig.” menu betekent “menu”, de lijst met eten of drinken dat beschikbaar is. Het meervoud is menus. Voorbeeld: The menu is short. = “Het menu is kort.” Samen vormen de delen: The place on this street is het onderwerp, has drukt bezit of beschikbaarheid uit, en a simple lunch menu is wat die plek heeft. De volledige betekenis is: “De plek in deze straat heeft een eenvoudig lunchmenu.”

  4. The cafe near the park might be quieter.

    Het café bij het park is misschien rustiger.

    cafe
    café
    near
    dicht bij
    park
    park
    might
    zou misschien kunnen
    quieter
    rustiger
    Uitgebreide uitleg

    cafe betekent hier een café of koffiegelegenheid. Het Engelse woord kan ook als café worden geschreven, maar de bron gebruikt exact de spelling cafe; die spelling wordt hier niet aangepast. Als zelfstandig naamwoord krijgt het in deze zin het bepaalde lidwoord the, omdat naar een specifieke gelegenheid wordt verwezen. near betekent dat iets op korte afstand van iets anders is: near the park = “bij het park”. Het is hier een voorzetsel en verbindt cafe met park. Voor een andere relatie gebruik je bijvoorbeeld far from (“ver van”); dat is niet dezelfde constructie. park is het zelfstandig naamwoord voor een park. In the park verwijst the naar een bepaald park, maar de zin legt niet verder uit welk park dat is. Een bruikbaar patroon is near + plaats: The shop is near the station. = “De winkel is bij het station.” might is een modaal hulpwerkwoord dat een mogelijkheid uitdrukt. The cafe might be quieter betekent dat het café misschien rustiger is; de spreker stelt dit niet als zekerheid. Na might komt de onveranderde vorm van het werkwoord: might be, niet bijvoorbeeld might is of might was. Een vergelijkbare mogelijkheid kan met may worden uitgedrukt, maar might klinkt hier als een voorzichtige mogelijkheid. quieter is de vergrotende trap van het bijvoeglijk naamwoord quiet (“rustig”): quiet → quieter → the quietest. De uitgang -er hoort bij quiet, niet bij cafe. De vorm vergelijkt het café hier met een andere, niet nader genoemde situatie of plaats; de zin zegt alleen dat het mogelijk rustiger is, niet precies hoeveel rustiger. Voorbeelden: This room is quieter. = “Deze kamer is rustiger.” The library is quieter than the cafe. = “De bibliotheek is rustiger dan het café.” Samen vormen the cafe near the park en might be quieter de structuur “het café bij het park is misschien rustiger”. The cafe near the park is het onderwerp: het café wordt nader bepaald door zijn ligging bij het park. might be voegt de mogelijkheid toe, en quieter beschrijft de mogelijke vergelijking. De volledige betekenis is daarom: “Het café bij het park is misschien rustiger.”

  5. But it is farther away.

    Maar het is verder weg.

    But
    maar
    it is
    het is
    farther
    verder
    away
    weg
    Uitgebreide uitleg

    But zet een tegenstelling of correctie in: wat nu volgt wijkt af van iets dat eerder is gezegd of verwacht. Het betekent hier maar; het zegt op zichzelf niet precies wáárvan de tegenstelling is. it is bestaat uit het voornaamwoord it en de tegenwoordige vorm is van be. It is een derde-persoonsvoornaamwoord in het enkelvoud voor een ding, plaats, situatie of andere niet nader genoemde referent. In deze zin wordt de concrete referent niet uniek aangewezen. Is hoort bij he, she en it; bij I gebruik je am, en bij you, we en they gebruik je are. Voorbeeld: It is cold. — Het is koud. Hier verwijst it naar de situatie of omstandigheden, niet noodzakelijk naar een specifiek genoemd voorwerp. farther is de vergrotende trap van far: far – farther – farthest. Het betekent hier dat de afstand groter is dan bij een relevant vergelijkingspunt. Farther wordt vaak gebruikt voor concrete ruimtelijke afstand. De vorm further kan ook verder betekenen, maar heeft daarnaast vaak de betekenis aanvullend of meer in abstracte contexten. Voorbeeld: The station is farther away. — Het station is verder weg. away is een bijwoord dat aangeeft dat iets zich op afstand bevindt of niet op de bedoelde plaats is. Samen met farther vormt het de herbruikbare combinatie farther away = verder weg. Away is dus niet zelf de vergelijking; die zit in farther. De zin wordt zo opgebouwd: But geeft de tegenstelling aan; it is zegt dat de niet nader geïdentificeerde referent zich in een bepaalde toestand of positie bevindt; farther away beschrijft die positie als op grotere afstand. Als geheel betekent But it is farther away.: Maar het is verder weg. De zin stelt alleen vast dat de referent verder weg is dan het relevante vergelijkingspunt; hij benoemt die referent niet zelf.

  6. Do we need a reservation for the nearby place?

    Hebben we voor de plek dichtbij een reservering nodig?

    Do we
    hebben we nodig? (vraagpatroon)
    need
    nodig hebben
    reservation
    reservering
    nearby
    dichtbij gelegen
    place
    plek
    Uitgebreide uitleg

    Do we opent hier een ja-neevraag in de tegenwoordige tijd. Do draagt de vraagvorm; we is het onderwerp. Na do blijft het hoofdwerkwoord in de basisvorm: Do we need ...? Vergelijk: Do they work here? = “Werken zij hier?” need betekent hier “nodig hebben”. De basisvorm is need; met he, she of it krijgt de tegenwoordige tijd meestal needs: She needs a reservation. = “Zij heeft een reservering nodig.” Na do blijft het echter need, ook bij een enkelvoudig onderwerp: Does she need a reservation? = “Heeft zij een reservering nodig?” a reservation betekent “een reservering”. Reservation is een zelfstandig naamwoord; het lidwoord a maakt het telbare zelfstandig naamwoord enkelvoudig, maar drukt op zichzelf niet uit hoeveel reserveringen er in de situatie werkelijk nodig zijn. Het meervoud is reservations: We made two reservations. = “We hebben twee reserveringen gemaakt.” nearby betekent hier “dichtbij gelegen” en beschrijft place. In the nearby place staat het bijvoeglijk gebruik vóór het zelfstandig naamwoord. Nearby kan ook zelfstandig als plaatsbepaling worden gebruikt: There is a café nearby. = “Er is hier vlakbij een café.” place betekent hier “plek” of “plaats”, in de zin van een locatie waar men naartoe kan gaan. Het meervoud is places: There are several good places nearby. = “Er zijn hier vlakbij verschillende goede plekken.” Samen vormen Do we need ...? en het naamwoordelijk deel a reservation for the nearby place de vraag of de gesprekspartners voor de dichtbij gelegen plek een reservering nodig hebben. For verbindt de reservering met de plek waarvoor die bedoeld is. De hele zin betekent dus: “Hebben we voor de plek dichtbij een reservering nodig?”

  7. Probably not. Around this time, we can usually find a table.

    Waarschijnlijk niet. Rond deze tijd kunnen we meestal een tafel vinden.

    Probably not
    waarschijnlijk niet
    Around
    rond, omstreeks
    this
    deze
    time
    tijd
    we can
    we kunnen
    usually
    meestal
    find
    vinden
    table
    tafel
    Uitgebreide uitleg

    Probably not betekent hier dat het antwoord waarschijnlijk ontkennend is: waarschijnlijk is er geen reservering nodig. Probably drukt geen zekerheid uit; vergelijk probably yes = waarschijnlijk wel. Not maakt de voorafgaande gedachte ontkennend. Voorbeeld: Probably not. — Waarschijnlijk niet. Around betekent hier ‘rond’ of ‘omstreeks’ en geeft een globale tijdsaanduiding. Het kan ook voor een plaatsaanduiding worden gebruikt, maar in deze zin gaat het om tijd. Voorbeeld: around noon — rond het middaguur. This verwijst in this time naar de bedoelde, nabije of huidige tijdsperiode. Het is een aanwijzend woord; het verandert in het Engels niet wegens grammaticaal geslacht of naamval. Vergelijk this time met that time, waarbij that een verder weg gelegen of eerder genoemde tijd kan aanduiden. Time betekent hier ‘tijd’ in de betekenis van een periode of moment waarop iets gebeurt. Het is een zelfstandig naamwoord. In this time vormt het samen met this de tijdsaanduiding: ‘rond deze tijd’. We can bestaat uit het onderwerp we en het modale werkwoord can. We is de eerste persoon meervoud (‘wij/we’). Can drukt hier mogelijkheid of haalbaarheid uit: we zijn in staat een tafel te vinden. Na can staat het werkwoord in de basisvorm, dus can find, niet een vervoegde vorm zoals can finds. Voorbeeld: We can wait. — We kunnen wachten. Usually betekent ‘meestal’ en geeft aan dat iets gewoonlijk gebeurt, maar niet noodzakelijk altijd. Het staat hier vóór het hoofdwerkwoord find, na de modale combinatie we can. Voorbeeld: We usually eat early. — We eten meestal vroeg. Find betekent hier ‘vinden’ of ‘aantreffen’. De vorm is de basisvorm na can; de tegenwoordige vorm bij he, she of it is finds, terwijl het verleden found is. Voorbeeld: They can find a seat. — Ze kunnen een zitplaats vinden. Table betekent hier ‘tafel’. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord. In a table staat a omdat het om één niet nader bepaalde tafel gaat; het artikel zelf wordt niet als een expliciete telling ‘één’ vertaald. Voorbeeld: We found a table. — We vonden een tafel. Samen betekent Around this time ‘rond deze tijd’. Daarna geeft we can usually find a table aan dat wij in die periode doorgaans in staat zijn een tafel te vinden. De volledige uiting betekent daarom: ‘Waarschijnlijk niet. Rond deze tijd kunnen we meestal een tafel vinden.’

  8. Then let's choose the place on this street.

    Dan kiezen we de plek in deze straat.

    Then
    dan
    let's
    laten we…
    choose
    kiezen
    place
    plek
    this
    deze
    street
    straat
    Uitgebreide uitleg

    Then betekent hier dan en verbindt dit voorstel met wat eraan voorafgaat. Het wijst hier op de volgende stap in de situatie; het hoeft niet alleen een tijdstip in de toekomst aan te duiden. let's is de verkorte vorm van let us. In deze zin is het een voorstel waarbij de spreker zichzelf en minstens één andere persoon insluit: Let's start. — Laten we beginnen. Het is dus niet hetzelfde als een bevel aan alleen de luisteraar. choose is de basisvorm van het werkwoord kiezen. De vorm blijft na let's basisvorm: Let's choose a table. — Laten we een tafel kiezen. In de derde persoon enkelvoud is de vorm chooses, en de verleden tijd is chose. place betekent hier een plek of locatie. Het is een zelfstandig naamwoord: This is a good place. — Dit is een goede plek. Het woord kan in andere contexten ook naar een plaats in algemenere zin verwijzen, maar hier gaat het om de locatie die gekozen wordt. this is een aanwijzend woord voor iets dat de spreker als nabij of als het huidige onderwerp presenteert. De vorm verandert in het Engels niet naar grammaticaal geslacht. Voor meervoud staat meestal these: This street is busy. — `Deze straat is druk. street is het zelfstandig naamwoord voor een straat. Het meervoud is streets: There are two streets here. — Hier zijn twee straten. In de combinatie met this gaat het om de straat die in de situatie als de relevante straat wordt aangewezen; de precieze fysieke referent wordt niet verder benoemd. Samen vormen let's choose en the place een voorstel om een locatie te selecteren. on this street bepaalt waar die plek zich bevindt. De hele uiting drukt dus het voorstel uit om vervolgens de plek in deze straat te kiezen, overeenkomstig de vaste vertaling.

  9. That leaves us more time to eat.

    Dan hebben we meer tijd om te eten.

    That
    Dat
    leaves
    laat over
    us
    ons
    more
    meer
    time
    tijd
    to eat
    om te eten
    Uitgebreide uitleg

    That verwijst hier naar de eerder genoemde keuze of handeling en introduceert het gevolg daarvan. Als aanwijzend voornaamwoord kan that naar een zaak, gebeurtenis of eerder genoemde inhoud verwijzen. leaves is de derde persoon enkelvoud van leave: leave → leaves. In deze zin betekent leave niet “vertrekken”, maar iemand iets laten overhouden. Het onderwerp That is enkelvoud, daarom staat hier leaves. Voorbeeld: The change leaves us less time. — “De verandering laat ons minder tijd over.” us is de objectsvorm van we: we gebruik je als onderwerp en us als object. Hier is us de groep die meer tijd overhoudt. more geeft een grotere hoeveelheid aan. Het is de vergrotende vorm die hier bij time staat: more time betekent “meer tijd”. Het bruikbare contrast is more tegenover less, zoals in more time — “meer tijd” en less time — “minder tijd”. time betekent hier “tijd” en is een ontelbaar zelfstandig naamwoord. Daarom zegt het Engels more time, niet een meervoudsvorm van time. to eat bevat de infinitief met to; eat is de basisvorm van het werkwoord “eten”. Hier geeft deze infinitief aan waarvoor de extra tijd beschikbaar is. Voorbeeld: We need time to talk. — “We hebben tijd nodig om te praten.” Samen betekent That leaves us more time to eat: de eerder genoemde keuze of handeling zorgt ervoor dat wij meer tijd over hebben om te eten. Dat komt overeen met de vaste vertaling: “Dan hebben we meer tijd om te eten.”

Grammatica

quieter

The park is quieter.

dhuh paark iz kwaj-uh-ter.

Het park is rustiger.

Bij korte bijvoeglijke naamwoorden vormt het Engels de vergrotende trap vaak met -er.

usually + werkwoord

We usually eat lunch.

wie joe-zjoe-uh-li iet lantsj.

We eten meestal lunch.

Usually staat meestal vóór het hoofdwerkwoord, maar na het werkwoord be.

Engels woordenschat

cafe zelfstandig naamwoord
kuh-FEEJ café
choose werkwoord
tsjoez kiezen
close bijvoeglijk naamwoord
kloos dichtbij
convenient bijvoeglijk naamwoord
kuh-VIE-nee-uhnt handig
lunch zelfstandig naamwoord
lantsj lunch
menu zelfstandig naamwoord
MEN-joe menu
pick werkwoord
pik kiezen
place zelfstandig naamwoord
pleejs plek
simple bijvoeglijk naamwoord
SIM-puhl eenvoudig
somewhere bijwoord
sam-weer ergens
street zelfstandig naamwoord
striet straat
which bepaler
witsj welke

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Laten we een plek kiezen die dichtbij en handig is.

Antwoord tonenLet's pick somewhere close and convenient.

Maar het is verder weg.

Antwoord tonenBut it is farther away.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

plek

Antwoord tonenplace

handig

Antwoord tonenconvenient

welke

Antwoord tonenwhich

kiezen

Antwoord tonenchoose