Een gezonde dagelijkse routine | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: At home, two adults discuss small daily health changes, including drinking more water and taking a short walk..

NL → EN / Niveau: A2

Over deze les

Met Een gezonde dagelijkse routine oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

I want a healthier daily routine.

ai wont uh helthie-ər dee-lee roe-tien. Ik wil een gezondere dagelijkse routine.
B

Start with small changes you can stick with.

staart wid smol cheindzjiz joe ken stik wid. Begin met kleine veranderingen die je kunt volhouden.
A

I can drink more water while I'm at work.

ai ken dringk mor waw-ter wail aim uh(t) wurk. Ik kan meer water drinken als ik aan het werk ben.
B

That may help your energy in the afternoon.

dhet mei help jor enərdjie in dhi afternoen. Dat kan je in de middag meer energie geven.
A

Should I also exercise after dinner?

sjoed ai olso eksərsaiz after diner? Moet ik na het avondeten ook sporten?
B

A short walk would be a manageable start.

uh sjort wok wud bie uh menidjəbl staart. Een korte wandeling zou een haalbare start zijn.
A

I can put my shoes by the door so I remember to go.

ai ken poet mai sjoez bai dhuh dor soo ai rimember tuh goo. Ik kan mijn schoenen bij de deur zetten, zodat ik eraan denk om te gaan.
B

That sounds realistic and easy to keep up.

dhet saundz rielistik end iezie tuh kiep up. Dat klinkt realistisch en makkelijk vol te houden.

Woord voor woord

I In "I want a healthier daily routine" verwijst "I" naar de spreker zelf. Het is het onderwerp van de zin en wordt gebruikt om over jezelf te spreken. Een veelgebruikt patroon is "I want ..." voor wat je wilt.
want In "I want a healthier daily routine" betekent "want" dat de spreker iets wenst. Na "want" staat hier het gewenste ding: "a healthier daily routine". Je gebruikt "want" ook voor een gewenste activiteit, bijvoorbeeld in het nieuwe voorbeeld "I want to walk".
a In "a healthier daily routine" is "a" een onbepaald lidwoord voor één routine die nog niet verder gespecificeerd is. Het staat hier vóór "healthier daily routine". Je gebruikt "a" ook vóór een enkelvoudig, niet nader bepaald zelfstandig naamwoord.
healthier In "a healthier daily routine" betekent "healthier" dat de routine gezonder is dan de huidige of een andere routine. "Healthier" is de vergelijkende vorm van "healthy". Je gebruikt deze vorm wanneer je twee mogelijkheden of situaties met elkaar vergelijkt.
daily In "a healthier daily routine" betekent "daily" dat de routine elke dag plaatsvindt. Het beschrijft hier het zelfstandig naamwoord "routine". Je kunt "daily" gebruiken vóór iets dat regelmatig iedere dag gebeurt.
routine In "a healthier daily routine" betekent "routine" een vast patroon van dagelijkse activiteiten. Het woord verwijst hier naar de manier waarop de spreker zijn of haar dag gewoonlijk indeelt. Je kunt "routine" gebruiken voor terugkerende gewoonten thuis, op school of op het werk.
Start In "Start with small changes" betekent "Start" dat je ergens mee moet beginnen. De vorm "Start" wordt hier gebruikt om iemand direct advies te geven. Een veelgebruikt patroon is "Start with ..." wanneer je een eerste stap voorstelt.
with In "Start with small changes" geeft "with" aan waarmee iemand begint. Het verbindt "Start" met het eerste onderdeel: "small changes". Je gebruikt het patroon "start with + iets" om een beginpunt te noemen.
small In "small changes" betekent "small" dat de veranderingen beperkt of niet groot zijn. Het beschrijft hier "changes". Je kunt "small" vóór een zelfstandig naamwoord gebruiken voor een beperkte hoeveelheid of omvang.
changes In "small changes" verwijst "changes" naar aanpassingen in gewoonten of dagelijkse keuzes. Het gaat hier bijvoorbeeld om meer water drinken of een korte wandeling maken. Je gebruikt "changes" voor meerdere aanpassingen in een situatie of routine.
you In "changes you can stick with" verwijst "you" naar de persoon tegen wie de spreker praat. Het is de persoon die de veranderingen kan volhouden. "You" kan in het Engels zowel één persoon als meerdere aangesproken personen aanduiden.
can In "you can stick with" betekent "can" dat iets mogelijk of haalbaar is voor de aangesproken persoon. Na "can" staat het werkwoord in de basisvorm: "stick". Een veelgebruikt patroon is "can + werkwoord" om mogelijkheid of vermogen uit te drukken.
stick In "stick with" betekent "stick" dat je met iets doorgaat en het volhoudt. Samen met "with" vormt het de uitdrukking "stick with"; het gaat hier om de veranderingen blijven volgen. Je gebruikt "stick with + iets" voor een plan, gewoonte of beslissing die je blijft volgen.
drink In "I can drink more water" betekent "drink" vloeistof innemen. Na "can" staat hier de basisvorm "drink". Je kunt "drink" gebruiken met een drank of vloeistof als object, zoals in "drink water".
more In "drink more water" betekent "more" een grotere hoeveelheid dan eerder. Het staat hier vóór het niet-telbare zelfstandig naamwoord "water". Je gebruikt "more + iets" om een grotere hoeveelheid aan te geven.
water In "drink more water" betekent "water" het water dat de spreker wil drinken. Het is hier het object van "drink". Je gebruikt "drink water" wanneer je zegt welke vloeistof iemand drinkt.
while In "while I'm at work" betekent "while" gedurende de tijd dat iets anders gebeurt. Het verbindt de activiteit met de periode waarin de spreker aan het werk is. Je gebruikt "while + zin" om twee gelijktijdige situaties met elkaar te verbinden.
I'm In "while I'm at work" is "I'm" de verkorte vorm van "I am" en betekent het dat de spreker zich op het werk bevindt of aan het werk is. De vorm staat vóór "at work". Deze verkorting is gebruikelijk in gesproken en informele Engelse zinnen.
at In "at work" geeft "at" de plaats of activiteit van het werk aan. Samen verwijzen "at work" naar de periode waarin de spreker werkt. Je gebruikt "at" ook in vaste plaatsuitdrukkingen zoals "at home".
work In "at work" verwijst "work" naar het werk of de werksituatie van de spreker. Samen met "at" vormt het een vaste uitdrukking voor tijdens het werk zijn. Je gebruikt "at work" om te zeggen waar of in welke situatie iemand werkt.
That In "That may help your energy" verwijst "That" naar het voorstel dat net genoemd is: meer water drinken tijdens het werk. Het staat als onderwerp aan het begin van de zin. Je gebruikt "That" vaak om naar een eerder genoemde handeling of suggestie te verwijzen.
may In "That may help your energy" geeft "may" aan dat iets mogelijk een effect heeft, maar niet zeker is. Na "may" staat de basisvorm "help". Je gebruikt "may + werkwoord" om een mogelijkheid voorzichtig uit te drukken.
help In "That may help your energy" betekent "help" een mogelijk gunstig effect hebben op je energie. Het onderwerp van "help" is hier "That", dus het verwijst naar het eerder genoemde voorstel. Een veelgebruikt patroon is "help + object" voor iets dat een persoon of toestand ondersteunt.
your In "your energy" geeft "your" aan dat de energie bij de aangesproken persoon hoort. Het staat direct vóór "energy". Je gebruikt "your + zelfstandig naamwoord" om bezit of verbondenheid met de aangesproken persoon aan te geven.
energy In "your energy" verwijst "energy" naar de kracht of vitaliteit van de aangesproken persoon. In deze zin gaat het om een mogelijk hoger energieniveau in de middag. Je kunt "energy" gebruiken wanneer je praat over hoeveel kracht iemand heeft om actief te zijn.
in In "in the afternoon" geeft "in" aan binnen welke periode iets gebeurt. Het verwijst hier naar de middag. Je gebruikt "in" met een deel van de dag om een tijdsperiode aan te geven.
the In "the afternoon" is "the" het bepaalde lidwoord voor de genoemde periode van de dag. Het maakt samen met "afternoon" de vaste tijdsaanduiding "the afternoon". Je gebruikt "the" wanneer de bedoelde periode als een bekende of specifieke periode wordt opgevat.
afternoon In "in the afternoon" betekent "afternoon" het deel van de dag na het midden van de dag. De uitdrukking geeft aan wanneer het mogelijke effect op de energie merkbaar is. Je gebruikt "in the afternoon" om over activiteiten of gebeurtenissen in de middag te praten.
Should In "Should I also exercise after dinner?" vraagt "Should" of iets verstandig of aan te raden is. Aan het begin van deze vraag staat het vóór het onderwerp "I". Je gebruikt "Should I ...?" om advies over je eigen handelen te vragen.
also In "Should I also exercise after dinner?" betekent "also" bovendien of daarnaast. Het voegt sporten toe aan de andere voorgestelde gezondheidsveranderingen. Je gebruikt "also" om extra informatie of een extra actie toe te voegen.
exercise In "I also exercise after dinner" verwijst "exercise" naar lichamelijke activiteit. In deze zin wordt het als werkwoord gebruikt voor wat de spreker na het avondeten zou kunnen doen. Je kunt "exercise" gebruiken om in algemene zin over lichamelijk actief zijn te praten.
after In "after dinner" geeft "after" aan dat de activiteit later plaatsvindt dan het avondeten. Het staat vóór "dinner" en vormt samen de tijdsaanduiding. Je gebruikt "after + gebeurtenis" om aan te geven wat daarna gebeurt.
dinner In "after dinner" betekent "dinner" de maaltijd die hier als tijdspunt wordt genoemd. De wandeling of andere oefening vindt daarna plaats. Je gebruikt "after dinner" om te verwijzen naar de periode na het avondeten.
short In "A short walk" betekent "short" dat de wandeling niet lang duurt. Het beschrijft hier "walk". Je kunt "short" vóór een zelfstandig naamwoord gebruiken om een beperkte duur of lengte aan te geven.
walk In "A short walk" betekent "walk" een periode waarin iemand loopt. Het is hier de concrete activiteit die als haalbare start wordt voorgesteld. Je kunt "a walk" gebruiken om een wandeling als activiteit te benoemen.
would In "A short walk would be a manageable start" maakt "would" van de zin een voorzichtige suggestie of mogelijke beoordeling. Het verbindt de voorgestelde wandeling met het mogelijke resultaat "be a manageable start". Je gebruikt "would" vaak om een voorstel minder direct te formuleren.
be In "would be a manageable start" verbindt "be" de wandeling met de eigenschap of beoordeling "a manageable start". Na "would" staat de basisvorm "be". Een veelgebruikt patroon is "would be + beschrijving" voor een mogelijke beoordeling.
manageable In "a manageable start" betekent "manageable" dat iets haalbaar genoeg is om te doen. Het beschrijft de korte wandeling als een passende eerste stap. Je kunt "manageable" gebruiken voor een taak, plan of hoeveelheid die iemand redelijkerwijs aankan.
put In "I can put my shoes by the door" betekent "put" iets op een bepaalde plaats zetten of leggen. Na "can" staat de basisvorm "put". Een veelgebruikt patroon is "put + object + plaats", zoals "put my shoes by the door".
my In "my shoes" geeft "my" aan dat de schoenen van de spreker zijn. Het staat direct vóór "shoes". Je gebruikt "my + zelfstandig naamwoord" om naar iets van jezelf te verwijzen.
shoes In "my shoes" verwijst "shoes" naar het schoeisel van de spreker. De schoenen worden bij de deur gezet als herinnering om te gaan wandelen. Je gebruikt "shoes" voor dit soort voorwerpen die je aan je voeten draagt.
by In "by the door" betekent "by" naast of vlak bij. Het geeft aan waar de schoenen worden gezet. Je gebruikt het patroon "by + plaats" om een positie dichtbij iets te beschrijven.
door In "by the door" verwijst "door" naar de deur waarbij de schoenen worden gezet. Samen met "by" vormt het de plaatsaanduiding "by the door". Je kunt deze combinatie gebruiken om een voorwerp dicht bij een deur te plaatsen.
so In "so I remember to go" leidt "so" het doel of gewenste gevolg van de handeling in. De schoenen worden bij de deur gezet zodat de spreker eraan denkt om te gaan. Je gebruikt "so + zin" om uit te leggen met welk doel iets gebeurt.
remember In "I remember to go" betekent "remember" dat je niet vergeet om iets te doen. Hier gaat het om niet vergeten om te gaan wandelen. Een veelgebruikt patroon is "remember to + werkwoord" voor een handeling die je nog moet uitvoeren.
to In "to go" markeert "to" de handeling die de spreker niet wil vergeten. Het staat vóór de basisvorm "go". Je gebruikt "remember to + werkwoord" wanneer iemand eraan denkt een actie uit te voeren.
go In "to go" betekent "go" vertrekken of ergens naartoe gaan. In deze context verwijst het naar gaan wandelen, zoals eerder in het gesprek is besproken. Na "to" staat hier de basisvorm "go".
sounds In "That sounds realistic" betekent "sounds" dat iets op basis van de indruk haalbaar of aannemelijk lijkt. Het onderwerp is "That", waarmee naar het eerdere plan wordt verwezen. Je gebruikt "sounds + beschrijving" om een eerste beoordeling te geven.
realistic In "sounds realistic" betekent "realistic" praktisch en waarschijnlijk uitvoerbaar. De spreker beoordeelt hiermee het plan voor de dagelijkse routine. Je kunt "realistic" gebruiken voor doelen, plannen of verwachtingen die haalbaar lijken.
and In "realistic and easy to keep up" verbindt "and" twee positieve beschrijvingen van hetzelfde plan. Het plan klinkt zowel realistisch als gemakkelijk vol te houden. Je gebruikt "and" om gelijkwaardige informatie met elkaar te verbinden.
easy In "easy to keep up" betekent "easy" dat iets niet moeilijk is om vol te houden. Het beschrijft hier het plan of de routine. Een veelgebruikt patroon is "easy to + werkwoord" om aan te geven dat een handeling weinig moeite kost.
keep In "keep up" betekent "keep" doorgaan met iets of het op hetzelfde niveau voortzetten. Samen met "up" vormt het de uitdrukking "keep up", die hier over het volhouden van de routine gaat. Je gebruikt "keep up + iets" ook wanneer je een activiteit of tempo blijft voortzetten.
up In "keep up" is "up" onderdeel van de uitdrukking die betekent dat je met iets doorgaat of het volhoudt. Het heeft hier niet de gewone betekenis van een richting omhoog. Je leert de combinatie als geheel: "keep up".

Grammatica

stick with + noun

Stick with small changes.

stik wid smol cheindzjiz.

Houd kleine veranderingen vol.

Na stick with staat een zelfstandig naamwoord; with hoort bij deze vaste uitdrukking.

keep up + noun

Keep up your daily routine.

kiep up jor dee-lee roe-tien.

Houd je dagelijkse routine vol.

Keep up betekent hier volhouden en wordt gevolgd door wat je wilt blijven doen.

Engels woordenschat

afternoon zelfstandig naamwoord
afternoen middag
changes zelfstandig naamwoord
cheindzjiz veranderingen
daily routine uitdrukking
dee-lee roe-tien dagelijkse routine
drink werkwoord
dringk drinken
energy zelfstandig naamwoord
enerdjie energie
healthier bijvoeglijk naamwoord
helthie-ər gezonder
help werkwoord
help helpen
small bijvoeglijk naamwoord
smol klein
start werkwoord
staart begin; start

Start with small changes.

stick with uitdrukking
stik wid volhouden; blijven doen
water zelfstandig naamwoord
waw-ter water
work zelfstandig naamwoord
wurk werk

at work

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik wil een gezondere dagelijkse routine.

Antwoord tonenI want a healthier daily routine.

Moet ik na het avondeten ook sporten?

Antwoord tonenShould I also exercise after dinner?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

werk

Antwoord tonenwork

water

Antwoord tonenwater

gezonder

Antwoord tonenhealthier

begin; start

Antwoord tonenstart