Gemiste lessen inhalen | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: After missed classes, two classmates decide which assignment to handle first and arrange focused practice after class..

NL → EN / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Gemiste lessen inhalen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

I missed some classes recently and feel behind.

ai mist sum kles-iz riesuntli en fiel bihaind. Ik heb onlangs een paar lessen gemist en loop achter.
B

You can catch up.

joe ken ketsj ap. Je kunt je achterstand inhalen.
B

But trying to learn everything at once will make it harder.

bat trai-ing tuh lurn evri-thing uh wans wil meek it haar-der. Maar als je alles tegelijk probeert te leren, wordt het moeilijker.
A

Could you tell me which assignment I should handle first?

kud joe tel mie witsj uh-sain-munt ai sjud hen-dul furst? Kun je me vertellen welke opdracht ik eerst moet doen?
B

The speaking summary is due soon, and the worksheet can wait until later.

dhi spie-king samuhri iz djoe soen, en dhuh wurksjiet ken weeit until leiter. De mondelinge samenvatting moet binnenkort af zijn en het werkblad kan wachten tot later.
A

Then I should start with the speaking task.

dhen ai sjud start with dhuh spie-king task. Dan moet ik met de spreektaak beginnen.
B

Start there, and ask the teacher for notes from the classes you missed.

start dher, en aask dhuh tietsjur fur noots frum dhuh kles-iz joe mist. Begin daarmee en vraag de docent om aantekeningen van de lessen die je hebt gemist.
A

I feel less confident because the others practiced together.

ai fiel les konfident bikuhz dhi adhurs prektist tuh-gedher. Ik voel me minder zeker omdat de anderen samen hebben geoefend.
B

We can run through the task after class.

wie ken ran throe dhuh task after klas. We kunnen de taak na de les doornemen.
B

So you know what to expect.

so joe noe wot tuh ekspekt. Zodat je weet wat je kunt verwachten.
A

That would make the next step feel more manageable.

dhet wud meek dhuh nekst step fiel mor men-idzjuh-bul. Dat zou de volgende stap beter te overzien maken.
B

One focused practice session is better than avoiding the work.

wan fo-kust prektis sesjuhn iz beter dhan uh-voiding dhuh wurk. Eén gerichte oefensessie is beter dan het werk te vermijden.

Uitleg van de zinnen

  1. I missed some classes recently and feel behind.

    Ik heb onlangs een paar lessen gemist en loop achter.

    missed
    gemist
    classes
    lessen
    recently
    onlangs
    feel
    zich voelen
    behind
    achterop
    Uitgebreide uitleg

    missed betekent hier dat de spreker bepaalde lessen niet heeft bijgewoond. Het is de verleden tijd van miss; deze vorm is hetzelfde bij alle personen: I missed, she missed, they missed. Voorbeeld: I missed the train. = Ik heb de trein gemist. classes betekent hier lessen of colleges. Het is het meervoud van class; het meervoud krijgt -es: one class → two classes. Some classes verwijst naar een niet nader gespecificeerd aantal lessen; in de vaste vertaling wordt dat weergegeven als een paar lessen. recently betekent onlangs of kort geleden. Het geeft aan dat het missen in het betrekkelijk nabije verleden gebeurde. Voorbeeld: She recently started a new course. = Ze is onlangs met een nieuwe cursus begonnen. feel betekent hier zich voelen: de spreker beschrijft zijn of haar huidige ervaring. Na I staat de basisvorm feel; bij de derde persoon enkelvoud staat feels: I feel tired, maar He feels tired. Voorbeeld: I feel ready. = Ik voel me er klaar voor. behind betekent hier achterop of minder ver gevorderd dan gewenst. In feel behind beschrijft het een toestand van achterstand. Het is iets anders dan de letterlijke plaatsbetekenis in bijvoorbeeld The bag is behind the chair. = De tas staat achter de stoel. De twee delen zijn verbonden door and: I missed some classes recently zegt dat de spreker onlangs een paar lessen heeft gemist; feel behind zegt dat de spreker achteroploopt. Samen betekent de zin: Ik heb onlangs een paar lessen gemist en loop achter.

  2. You can catch up.

    Je kunt je achterstand inhalen.

    You can
    je kunt
    catch up
    je achterstand inhalen
    Uitgebreide uitleg

    You can bevat het onderwerp you en het modale werkwoord can. Hier betekent you ‘je’ en drukt can uit dat je iets kunt of in staat bent iets te doen. Na can staat het werkwoord in de basisvorm, zonder to: You can catch up. Vergelijk: You can start. = ‘Je kunt beginnen.’ In deze zin verwijst you naar de aangesprokene. catch up is een vaste werkwoordelijke combinatie. In deze context betekent zij een achterstand wegwerken en weer op het gewenste niveau komen, niet letterlijk iemand of iets vangen. Het werkwoord is catch; catch up is de vorm die hier de betekenis ‘bijwerken/inhalen’ krijgt. Voorbeelden: I need to catch up on my reading. = ‘Ik moet mijn leeswerk bijwerken.’ en She caught up with the group. = ‘Ze haalde de groep in.’ In het eerste voorbeeld gaat catch up on over werk of leerstof; in het tweede gaat catch up with over iemand of een groep. Samen vormt You can catch up een mogelijkheid of aanmoediging: de aangesprokene kan de achterstand inhalen. De eerdere informatie over gemiste lessen en achterlopen maakt duidelijk dat catch up hier betrekking heeft op die leerachterstand. De volledige betekenis is dus: ‘Je kunt je achterstand inhalen.’

  3. But trying to learn everything at once will make it harder.

    Maar als je alles tegelijk probeert te leren, wordt het moeilijker.

    But
    maar
    trying
    proberen
    learn
    leren
    everything
    alles
    at once
    tegelijk
    will make
    zal ... maken
    harder
    moeilijker
    Uitgebreide uitleg

    But verbindt deze zin met de voorafgaande gedachte en betekent hier maar. Het markeert een tegenstelling: de genoemde aanpak heeft een ongunstig gevolg. trying komt van try. Hier is trying de vorm op -ing van try en maakt het deel uit van de activiteit trying to learn: proberen te leren. Na try staat vaak to plus een werkwoord voor de handeling die iemand probeert uit te voeren. Voorbeeld: Try to remember this. — Probeer dit te onthouden. learn betekent hier kennis of een vaardigheid verwerven. De basisvorm is learn; de verleden tijd en het voltooid deelwoord zijn in het Engels meestal learned, en learnt is ook mogelijk in veel varianten van het Engels. In deze zin staat learn na to, dus in de basisvorm: to learn. everything betekent alles: het verwijst naar alle zaken binnen de bedoelde leerinhoud, zonder dat de zin afzonderlijke zaken opsomt. Het is een onbepaald voornaamwoord; het hoeft dus niet door een zelfstandig naamwoord gevolgd te worden. Voorbeeld: She wants to understand everything. — Ze wil alles begrijpen. at once betekent hier tegelijk, dus op hetzelfde moment of in één keer. Het beschrijft hoe trying to learn everything gebeurt. Dat verschilt van first, dat in de volgende context een volgorde aangeeft: Learn one part at a time. — Leer één onderdeel per keer. will make bestaat uit will plus de basisvorm make. Samen drukt het een voorspeld of verwacht gevolg uit: iets zal een bepaalde toestand veroorzaken. Make betekent in deze causatieve constructie niet alleen maken als iets vervaardigen, maar ervoor zorgen dat iets wordt of wordt ervaren als .... Het patroon is make + object + adjective: This rule will make the task easier. — Deze regel zal de taak gemakkelijker maken. harder is de vergelijkende vorm van het bijvoeglijk naamwoord hard in de betekenis moeilijk. De keten is hard — harder — the hardest; in deze zin wordt harder gebruikt omdat de moeilijkheid met een eerdere of mogelijke andere toestand wordt vergeleken. Harder beschrijft hier de toestand die door make wordt veroorzaakt. Samen vormen trying to learn everything at once en will make it harder de structuur: But [activiteit] will make it harder. De activiteit is proberen alles tegelijk te leren; will make introduceert het verwachte gevolg. It is hier het object dat de zaak aanduidt die moeilijker wordt. De precieze referent wordt niet als een afzonderlijk zelfstandig naamwoord benoemd; de vaste vertaling ondersteunt de betekenis het wordt moeilijker. De hele zin betekent daarom: Maar als je alles tegelijk probeert te leren, wordt het moeilijker.

  4. Could you tell me which assignment I should handle first?

    Kun je me vertellen welke opdracht ik eerst moet doen?

    Could you
    Kun je…
    tell
    vertellen
    which
    welke
    assignment
    opdracht
    handle
    doen
    first
    eerst
    Uitgebreide uitleg

    Could you is een beleefde manier om iemand iets te vragen. Could is hier geen aanwijzing voor verleden tijd; in een verzoek maakt het de vraag doorgaans zachter dan Can you. Patroon: Could you + werkwoord ...? Bijvoorbeeld: Could you open the window? = “Zou je het raam kunnen openen?” tell betekent hier “vertellen” of “meedelen”. De basisvorm is tell; na could blijft het werkwoord in de basisvorm: could tell, niet could tells of could told. Een bruikbaar patroon is tell someone something of tell someone which/what ..., zoals in Tell me what you need. = “Vertel me wat je nodig hebt.” which vraagt hier om een keuze binnen een bekende of afgebakende groep opdrachten. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord: which assignment. Ter vergelijking: what assignment vraagt algemener welke opdracht bedoeld wordt, terwijl which assignment sterker op een keuze uit bepaalde mogelijkheden wijst. assignment is een telbaar zelfstandig naamwoord voor een opdracht die iemand moet uitvoeren. In which assignment staat geen lidwoord, omdat which al als bepaler vóór het zelfstandig naamwoord staat. Het meervoud is assignments: Which assignments are due? = “Welke opdrachten moeten ingeleverd worden?” handle betekent in deze context “behandelen”, “oppakken” of praktisch “doen”. De basisvorm is handle; na should blijft die vorm onveranderd: should handle. Het woord kan ook betekenen dat iemand een situatie of verantwoordelijkheid beheert, bijvoorbeeld She handles customer questions. = “Zij behandelt vragen van klanten.” Hier gaat het om de opdracht die de spreker als eerste moet oppakken. first is hier een bijwoord dat de volgorde of prioriteit aangeeft: “als eerste”. Het zegt niet welke opdracht de spreker uiteindelijk helemaal als enige doet, maar welke opdracht prioriteit heeft. Een eenvoudig patroon is do X first, zoals in Read the instructions first. = “Lees eerst de instructies.” Samen vormen which assignment I should handle first en de vraag ervoor één beleefd verzoek om te weten te komen welke opdracht prioriteit heeft. I should handle bevat should + de basisvorm handle; het drukt hier uit wat de spreker volgens de situatie als eerste hoort of moet doen. De volledige betekenis is: “Kun je me vertellen welke opdracht ik eerst moet doen?”

  5. The speaking summary is due soon, and the worksheet can wait until later.

    De mondelinge samenvatting moet binnenkort af zijn en het werkblad kan wachten tot later.

    speaking
    mondelinge
    summary
    samenvatting
    is due
    moet klaar zijn
    soon
    binnenkort
    worksheet
    werkblad
    can
    kan
    wait
    wachten
    later
    later
    Uitgebreide uitleg

    speaking betekent hier dat de samenvatting mondeling is: ze heeft betrekking op spreken, niet op schrijven. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat summary nader bepaalt. Vergelijk bijvoorbeeld: a written summary = een schriftelijke samenvatting. summary betekent een korte weergave van de belangrijkste punten. Het meervoud is summaries; de spelling verandert dus ook in het meervoud. Voorbeeld: I wrote a summary. = Ik schreef een samenvatting. is due geeft hier aan dat iets tegen een bepaald moment klaar of ingeleverd moet zijn. due staat na een vorm van be: The report is due tomorrow. = Het verslag moet morgen klaar zijn of ingeleverd worden. In de vaste zin maakt soon duidelijk dat dit moment binnenkort ligt. soon betekent binnenkort, dus in de nabije toekomst. Het preciseert hier wanneer de samenvatting klaar moet zijn. Voorbeeld: The lesson will start soon. = De les begint binnenkort. worksheet is een werkblad: een blad met opdrachten of oefeningen. Het meervoud is worksheets. Voorbeeld: Please complete the worksheet. = Maak het werkblad alsjeblieft af. can drukt hier uit dat het mogelijk of aanvaardbaar is dat het werkblad nog wacht; het hoeft niet onmiddellijk behandeld te worden. Can is een modaal hulpwerkwoord en verandert in de tegenwoordige tijd niet naar persoon: I can, she can, they can. Na can staat de basisvorm van het werkwoord, zoals in can wait, niet can waits. wait betekent wachten of niet meteen verdergaan. In can wait is the worksheet het onderwerp van wait, en na can blijft wait in de basisvorm. Voorbeeld: The email can wait. = De e-mail kan wachten. later betekent op een later moment, dus niet nu. In until later noemt het een later eindpunt van het uitstel. Later kan ook zelfstandig worden gebruikt: I will do it later. = Ik doe het later. Samen vormen The speaking summary is due soon en the worksheet can wait until later twee verbonden mededelingen. De eerste zegt dat de mondelinge samenvatting binnenkort klaar moet zijn; de tweede zegt dat het werkblad tot een later moment kan wachten. And verbindt de twee mededelingen. De volledige betekenis is daarom: de mondelinge samenvatting moet binnenkort af zijn en het werkblad kan wachten tot later.

  6. Then I should start with the speaking task.

    Dan moet ik met de spreektaak beginnen.

    Then
    dan
    I should
    ik zou moeten
    start
    beginnen
    speaking
    spreken; mondeling
    task
    taak
    Uitgebreide uitleg

    Then verwijst hier naar de volgende stap in de eerder genoemde volgorde: de spreker wil met de spreektaak beginnen. Het kan ook naar een tijdstip verwijzen, maar hier past de betekenis “dan” of “in dat geval”. I should bestaat uit het onderwerp I en het modale werkwoord should. Samen drukt het uit dat de spreker iets als de juiste of vereiste volgende actie ziet. Should verandert niet met de persoon: I should, you should en she should hebben dezelfde vorm. Na should staat een werkwoord in de basisvorm: I should start, niet I should starts of I should to start. Voorbeeld: You should ask the teacher. — “Je zou de docent moeten vragen.” start betekent hier “beginnen”. De basisvorm staat na should; zonder een modaal werkwoord krijgt de derde persoon enkelvoud normaal starts: She starts the task. — “Zij begint aan de taak.” Het verleden is started. Speaking beschrijft in speaking task het soort taak: een taak waarbij spreken centraal staat. Hier staat het als bepalend woord vóór task; het is niet het hoofdwerkwoord van de zin. Vergelijk: a writing task — “een schrijftaak”. Task betekent een afgebakende opdracht of taak. Het zelfstandig naamwoord is telbaar. In deze zin staat the omdat het om een specifieke, uit de context bekende spreektaak gaat; telbaarheid op zichzelf vereist niet het lidwoord the. Voor een niet-specifieke taak kun je bijvoorbeeld zeggen: I have a task. — “Ik heb een taak.” De delen worden samen Then I should start with the speaking task.: “Dan moet ik met de spreektaak beginnen.” Start with geeft aan waarmee de spreker begint, en the speaking task benoemt die specifieke taak. De zin presenteert beginnen met de spreektaak als de passende of vereiste volgende stap.

  7. Start there, and ask the teacher for notes from the classes you missed.

    Begin daarmee en vraag de docent om aantekeningen van de lessen die je hebt gemist.

    Start
    begin
    there
    daarmee
    ask
    vraag
    teacher
    docent
    notes
    aantekeningen
    classes
    lessen
    missed
    gemist
    Uitgebreide uitleg

    Start is hier de gebiedende wijs van start: de Engelse basisvorm wordt gebruikt om iemand rechtstreeks te instrueren. Die vorm is gelijk aan de vorm zonder to; bijvoorbeeld: “Start now.” = “Begin nu.” there betekent hier, volgens de vaste vertaling, “daarmee”: het verwijst naar iets waarmee de aangesprokene moet beginnen, niet noodzakelijk naar een letterlijk genoemde plaats. Vergelijk in een andere context Start here. = “Begin hier.” ask is de gebiedende wijs van ask en betekent “vraag”. In een gewone tegenwoordige zin krijgt het werkwoord bij de derde persoon enkelvoud de vorm asks: “She asks the teacher a question.” = “Zij stelt de docent een vraag.” In een Engelse gebiedende zin wordt het onderwerp you normaal niet uitgesproken. teacher betekent hier “docent” of “leraar”. In the teacher verwijst the naar een voor de gesprekssituatie identificeerbare docent. Bij een niet nader bepaalde docent kan Engels a teacher gebruiken: “Ask a teacher.” = “Vraag het aan een docent.” notes is het meervoud van note en betekent hier “aantekeningen”. Het regelmatige meervoud wordt gevormd met -s: one note, two notes. In ask the teacher for notes geeft for aan wat de aangesprokene van de docent vraagt te krijgen. classes is het meervoud van class en betekent hier “lessen”. Bij class, dat eindigt op de sisklank /s/ en in spelling op ss, krijgt het meervoud -es: one class, several classes. from verbindt de aantekeningen met de lessen: het gaat om aantekeningen van of over die lessen. missed is zowel de verleden tijd als het voltooid deelwoord van het regelmatige werkwoord miss. In you missed staat het als verleden tijd in een betrekkelijke bijzin; de vaste vertaling geeft dit weer als “die je hebt gemist”. De vorm verandert niet met you: “I missed the class.” = “Ik heb de les gemist.” Samen vormen de delen twee opdrachten: Start there betekent hier “Begin daarmee”, en ask the teacher for notes from the classes you missed betekent “vraag de docent om aantekeningen van de lessen die je hebt gemist”. you missed beschrijft welke lessen bedoeld zijn. De volledige betekenis is: “Begin daarmee en vraag de docent om aantekeningen van de lessen die je hebt gemist.”

  8. I feel less confident because the others practiced together.

    Ik voel me minder zeker omdat de anderen samen hebben geoefend.

    I feel
    ik voel me
    less confident
    minder zeker
    the others
    de anderen
    practiced
    geoefend
    together
    samen
    Uitgebreide uitleg

    I feel geeft hier aan hoe de spreker zich voelt. feel is de basisvorm; na I gebruik je in de tegenwoordige tijd feel, niet feels. In deze betekenis gaat het om een innerlijke toestand, zoals in: “I feel tired.” = “Ik voel me moe.” less confident beschrijft een lagere mate van zekerheid of zelfvertrouwen. less wordt gebruikt bij een niet-telbare mate of eigenschap: less confident = “minder zeker/zelfverzekerd”. De basisvorm is confident; de gewone vergrotende vorm is more confident, terwijl less confident de tegengestelde vergelijking uitdrukt. Voorbeeld: “She feels more confident now.” = “Ze voelt zich nu zelfverzekerder.” the others verwijst naar de andere personen binnen de relevante groep. other betekent “ander”; the others is een meervoudige zelfstandige woordgroep voor “de anderen”. Het lidwoord the maakt de groep bepaald, maar de zin noemt niet precies hoeveel personen die groep bevat. practiced is de verleden tijd van practice, hier met de betekenis “oefenen”. De vorm is bij regelmatige werkwoorden ook het voltooid deelwoord: practice – practiced – practiced. In de volledige zin staat practiced na the others, zodat het de handeling van die groep beschrijft. Voorbeeld: “They practiced together.” = “Ze oefenden samen.” together betekent “samen”: de betrokken personen verrichten de handeling gezamenlijk. Het woord verandert niet mee met persoon of aantal. Voorbeeld: “We study together.” = “We studeren samen.” De verbindingswoordgroep because leidt de reden in. Eerst staat het gevolg of de ervaring: I feel less confident — “Ik voel me minder zeker”. Daarna volgt de reden: the others practiced together — “de anderen hebben samen geoefend”. In het Engels kan de verleden tijd practiced in deze context in het Nederlands natuurlijk met een voltooide vorm worden vertaald: hebben geoefend. Samen betekent de hele zin: “Ik voel me minder zeker omdat de anderen samen hebben geoefend.” De spreker beschrijft dus een verminderd gevoel van zekerheid en geeft het gezamenlijk oefenen van de anderen als reden.

  9. We can run through the task after class.

    We kunnen de taak na de les doornemen.

    We can
    we kunnen
    run through
    doornemen
    task
    taak
    after class
    na de les
    Uitgebreide uitleg

    We can bestaat uit het onderwerp we en het modale hulpwerkwoord can. We verwijst hier naar de spreker samen met minstens één andere persoon; de precieze groep wordt niet verder gespecificeerd. Can drukt hier mogelijkheid of gelegenheid uit. Na can staat het werkwoord in de basisvorm: can run, niet een vervoegde vorm. Voorbeeld: We can start now. — We kunnen nu beginnen. run through is hier een samengesteld werkwoord met de betekenis ‘iets stap voor stap doornemen’. Het betekent in deze zin niet letterlijk rennen. Het patroon is run through + voorwerp: They ran through the plan. — Ze namen het plan stap voor stap door. De verleden tijd van run is hier ran; na can blijft het run. task betekent ‘taak’ of ‘opdracht’. Het zelfstandig naamwoord heeft in het meervoud de vorm tasks: I have two tasks. — Ik heb twee taken. In deze zin gaat het om één bepaalde taak, aangegeven door the. after class geeft aan wanneer iets gebeurt: after betekent ‘na’ en class betekent hier ‘les’. Het patroon after + zelfstandig naamwoord kan een tijdstip of periode aangeven. Voorbeeld: We talk after lunch. — We praten na de lunch. Class staat hier zonder lidwoord, wat gebruikelijk is wanneer het om de les als activiteit of onderwijsperiode gaat. Samen vormen de delen een mogelijkheid of gelegenheid voor de groep (We can), gevolgd door de activiteit (run through the task) en de tijdsbepaling (after class). De volledige betekenis is: de spreker en anderen kunnen de taak na de les doornemen.

  10. So you know what to expect.

    Zodat je weet wat je kunt verwachten.

    So
    zodat
    you
    je/jij
    know
    weten
    to expect
    verwachten
    Uitgebreide uitleg

    So betekent hier zodat en leidt een doelzin in: de informatie of handeling maakt het mogelijk dat de aangesprokene iets weet. In deze betekenis staat so voor een volledige bijzin. Vergelijk als voorbeeld: I wrote it down so you remember. — Ik schreef het op zodat je het je herinnert. you is het Engelse persoonlijk voornaamwoord voor de aangesprokene. Het kan naar één persoon of naar meerdere personen verwijzen; de vorm verandert niet voor enkelvoud en meervoud. In deze zin is de Nederlandse vertaling je, maar die vertaling bepaalt niet zelfstandig het aantal aangesproken personen. know betekent hier weten: iets in je kennis hebben. De basisvorm is know; belangrijke vormen zijn knows bij een derde persoon enkelvoud, knew in de verleden tijd en known als voltooid deelwoord. Na you blijft de tegenwoordige vorm know: You know the answer. — Je weet het antwoord. to expect betekent hier verwachten. expect is de basisvorm; to expect is de infinitief met to. De constructie what to expect betekent wat je kunt verwachten: what opent hier een ingebedde vraag over de te verwachten situatie. Voorbeeld: She explained what to expect. — Ze legde uit wat je kunt verwachten. Samen vormen de delen So you know what to expect: so geeft het doel aan, you know zegt dat de aangesprokene die kennis heeft, en what to expect benoemt de inhoud van die kennis. De hele zin betekent dus: Zodat je weet wat je kunt verwachten.

  11. That would make the next step feel more manageable.

    Dat zou de volgende stap beter te overzien maken.

    That
    Dat
    would
    zou
    make
    ervoor zorgen dat; maken
    next
    volgende
    step
    stap
    feel
    aanvoelen; lijken
    more manageable
    beter te overzien
    Uitgebreide uitleg

    That betekent hier “dat” en verwijst naar een eerder genoemde situatie of handeling; de zin specificeert niet zelfstandig precies waarnaar. Als aanwijzend voornaamwoord staat het niet voor een expliciet genoemd zelfstandig naamwoord in deze zin. Voorbeeld: “That is helpful.” = “Dat is nuttig.” would geeft aan dat het gevolg voorgesteld of voorwaardelijk is: “zou”. Het is in zulke formuleringen de vorm die met will correspondeert in een niet-feitelijke of voorwaardelijke voorstelling; het gaat hier niet om een vast verleden feit. Voorbeeld: “This will help.” = “Dit zal helpen.” tegenover “This would help.” = “Dit zou helpen.” make heeft hier de constructie make + object + feel + adjective: iets zorgt ervoor dat iets of iemand een bepaalde indruk of toestand krijgt. De vorm make is de basisvorm; na would blijft het werkwoord in die vorm. Voorbeeld: “The plan makes the task easier.” = “Het plan maakt de taak gemakkelijker.” next betekent hier “volgende”: het wijst op wat in de volgorde daarna komt. Het is een bijvoeglijk naamwoord bij step, niet een zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: “We discussed the next question.” = “We bespraken de volgende vraag.” step betekent “stap”, hier een volgende fase of handeling in een proces. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord in het enkelvoud. The maakt de stap bepaald en identificeerbaar in de context; dat volgt niet alleen uit het feit dat het om één stap gaat. Voorbeeld: “Take the next step.” = “Zet de volgende stap.” feel betekent hier dat de stap vanuit de ervaring een bepaalde indruk geeft: hij lijkt beter te hanteren of te overzien. Na make staat het in de basisvorm: make the next step feel ...; niet feels, omdat deze constructie na make de basisvorm gebruikt. Voorbeeld: “The task feels difficult.” = “De taak voelt moeilijk aan.” more manageable beschrijft dat iets gemakkelijker te hanteren of te overzien is dan eerder of in vergelijking met een andere toestand. Manageable is het basisbijvoeglijk naamwoord; more manageable is de vergelijkende vorm met more, niet een vorm van manage. Voorbeeld: “The smaller goal is more manageable.” = “Het kleinere doel is beter te overzien.” Samen vormen de delen That would make + the next step + feel more manageable: dat zou ervoor zorgen dat de volgende stap beter te overzien lijkt of aanvoelt. De zin drukt dus een mogelijk gevolg uit, zonder te beweren dat dit gevolg al werkelijkheid is.

  12. One focused practice session is better than avoiding the work.

    Eén gerichte oefensessie is beter dan het werk te vermijden.

    One
    één
    focused
    gericht
    practice
    oefening
    session
    sessie
    better
    beter
    avoiding
    vermijden
    work
    werk
    Uitgebreide uitleg

    One betekent hier één en geeft aan dat het om één enkele sessie gaat. Het is hier dus meer dan alleen een onbepaald lidwoord: het drukt expliciet het aantal één uit. Vergelijk: one session = één sessie, tegenover two sessions = twee sessies. focused beschrijft practice: de oefening is doelgericht of geconcentreerd. Het is het bijvoeglijk naamwoord dat de kwaliteit van het oefenen aangeeft. Een bruikbaar patroon is a focused + noun, bijvoorbeeld: a focused conversation = een doelgericht gesprek. practice is hier een zelfstandig naamwoord voor oefenen of oefening; samen met session vormt het de woordgroep practice session, een sessie die aan oefenen gewijd is. In het Engels is practice in deze betekenis vaak niet-telbaar, terwijl session wel telbaar is: one practice session, two practice sessions. session betekent hier een afgebakende periode waarin iemand iets doet. Het zelfstandig naamwoord is telbaar, waardoor one het enkelvoud markeert: one session, maar three sessions. better is de vergrotende trap van good: good – better – best. Het vergelijkt de ene mogelijkheid met de andere. De constructie X is better than Y betekent dat X als gunstiger of effectiever wordt beoordeeld dan Y. avoiding komt van het werkwoord avoid en betekent hier vermijden. De vorm op -ing staat na than als een activiteit waar de sessie mee wordt vergeleken. Avoid krijgt daarbij rechtstreeks zijn object: avoid the work = het werk vermijden. Voorbeeld: She avoids checking her messages. = Zij vermijdt haar berichten te controleren. work betekent hier het werk, dus de taak of inspanning die gedaan moet worden. Het lidwoord the maakt duidelijk dat het om bepaald werk gaat dat in de context herkenbaar is; het zegt op zichzelf niets over de hoeveelheid werk. De delen worden als volgt gecombineerd: One focused practice session is het onderwerp, is better than maakt de vergelijking, en avoiding the work benoemt de activiteit waarmee wordt vergeleken. De hele zin betekent daarom: één doelgerichte oefensessie is beter dan het werk vermijden. De voorafgaande zin over de volgende stap ondersteunt dezelfde gedachte van een beter te overzien vervolgstap, maar verandert de deelnemers of betekenis van deze zin niet.

Grammatica

be due

The assignment is due.

dhi uh-sain-munt iz djoe.

De opdracht moet binnenkort af zijn.

‘Due’ betekent hier dat iets op een bepaald moment af moet zijn. Het volgt vaak na ‘be’.

less + adjective

I am less confident.

ai em les konfident.

Ik ben minder zelfverzekerd.

Gebruik ‘less’ vóór een bijvoeglijk naamwoord om een lagere graad aan te geven: ‘minder …’.

Engels woordenschat

assignment zelfstandig naamwoord
uh-sain-munt opdracht
at once bijwoord
uh wans tegelijk
behind bijvoeglijk naamwoord
bihaind achterop
catch up uitdrukking
ketsj ap een achterstand inhalen
classes zelfstandig naamwoord
kles-iz lessen
due bijvoeglijk naamwoord
djoe verschuldigd; binnenkort af te zijn
handle werkwoord
hen-dul behandelen; doen
harder bijvoeglijk naamwoord
haar-der moeilijker
missed werkwoord
mist gemist

I missed some classes recently.

recently bijwoord
riesuntli onlangs
speaking summary uitdrukking
spie-king samuhri mondelinge samenvatting
trying werkwoord
trai-ing proberen

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Je kunt je achterstand inhalen.

Antwoord tonenYou can catch up.

Zodat je weet wat je kunt verwachten.

Antwoord tonenSo you know what to expect.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

onlangs

Antwoord tonenrecently

lessen

Antwoord tonenclasses

achterop

Antwoord tonenbehind

proberen

Antwoord tonentrying