Een verloren portemonnee veilig beschrijven | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: After losing a wallet, one adult gets help preparing safe identifying details before calling the cafe..

NL → EN / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een verloren portemonnee veilig beschrijven oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

I can't find my wallet, and I last had it at the cafe.

Ai kent faind mai wolit, en ai lest hed it et dhuh kefee. Ik kan mijn portemonnee niet vinden en ik had hem voor het laatst in het café.
B

Before you call, prepare a description of what the wallet looks like.

Bifohr joe kool, pripeer uh diskripsjun uhv wot dhuh wolit luks laik. Maak voordat je belt een beschrijving van hoe de portemonnee eruitziet.
A

It's a small black wallet with a worn corner.

Its uh smool blek wolit widh uh woorn koorner. Het is een kleine zwarte portemonnee met een versleten hoekje.
B

That should help the staff check without asking for private details.

Dhet sjud help dhuh stef tsjek widhawt esking fur praivut dieetee lz. Daarmee zou het personeel kunnen controleren of ze hem hebben zonder naar privégegevens te vragen.
A

I'll call and explain when I noticed it was missing.

Ail kool en ekspleen wen ai nootist it wuz mising. Ik bel en leg uit wanneer ik merkte dat hij weg was.
B

Mention a few items inside, but don't share details from personal documents.

Mensjun uh fjoe aitumz insaid, but dount sjeer dieetee lz frum pursunul dokjumunts. Noem een paar dingen die erin zitten, maar deel geen informatie uit persoonlijke documenten.
A

It has a photo and a folded note inside.

It hez uh footoo en uh fouldid noot insaid. In de portemonnee zitten een foto en een opgevouwen briefje.
B

Those details should be enough to identify it safely.

Dhohz dieetee lz sjud bie inuf tuh aidentifai it seefli. Die details zouden genoeg moeten zijn om hem veilig te herkennen.
A

If they have it, I can arrange a time to pick it up.

If dhei hev it, ai ken ureendzj uh taim tuh pik it ap. Als ze hem hebben, kan ik een tijd afspreken om hem op te halen.
B

Call now, and I'll check your bag again while you wait.

Kool naw, en ail tsjek jor beg ugein wail joe weit. Bel nu, dan controleer ik je tas nog een keer terwijl je wacht.

Uitleg van de zinnen

  1. I can't find my wallet, and I last had it at the cafe.

    Ik kan mijn portemonnee niet vinden en ik had hem voor het laatst in het café.

    I can't
    ik kan niet
    find
    vinden
    my
    mijn
    wallet
    portemonnee
    last
    voor het laatst
    had
    had
    it
    hem
    at
    in/op
    the cafe
    het café
    Uitgebreide uitleg

    I can't bevat I (de spreker) en de ontkenning can't, de verkorte vorm van cannot. Hier betekent het: de spreker is niet in staat de handeling uit te voeren. Na can staat het werkwoord in de basisvorm: I can find, maar ontkennend I can't find. Voorbeeld: I can't open the door. — Ik kan de deur niet openen. find betekent hier iets lokaliseren of terugvinden. De basisvorm blijft na can onveranderd; vergelijk I find in een gewone tegenwoordige zin met I can find na het modale werkwoord can. Voorbeeld: Can you find my keys? — Kun je mijn sleutels vinden? my drukt bezit uit vanuit het perspectief van de spreker: “van mij”. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord: my wallet. Het bezitswoord verandert niet naar gelang van het aantal van het bezetene: my wallet en my keys. wallet is een zelfstandig naamwoord voor een portemonnee. Het meervoud is wallets. Voorbeeld: Her wallet is on the table. — Haar portemonnee ligt op tafel. last geeft in last had it aan dat dit de meest recente keer was waarop de spreker de portemonnee had. Het is hier geen werkwoord, maar een tijdsbepaling die “voor het laatst” betekent. Vergelijk I last saw him on Monday. — Ik zag hem voor het laatst op maandag. had is de verleden tijd van have. In deze zin betekent had dat de spreker de portemonnee op dat eerdere moment bij zich had of bezat; het zegt niet op zichzelf dat de spreker hem daar heeft achtergelaten. De keten is have — had — had (tegenwoordige tijd — verleden tijd — voltooid deelwoord). Voorbeeld: I had my ticket this morning. — Ik had mijn kaartje vanochtend. it is een persoonlijk voornaamwoord voor het al genoemde voorwerp, hier de portemonnee. Het is de lijdendvoorwerpsvorm: I had it, niet I had he. Het voornaamwoord verwijst in deze zin volgens de vaste vertaling naar de portemonnee. at geeft hier de plaats aan waar de spreker de portemonnee het laatst had. De combinatie at the cafe lokaliseert die eerdere situatie bij het café; at wordt vaak gebruikt voor een plaats die als punt of locatie wordt voorgesteld. Voorbeeld: We met at the station. — We ontmoetten elkaar op het station. the cafe is de specifieke plaatsaanduiding “het café”. The verwijst naar een café dat in de situatie als geïdentificeerd geldt; het is geen aanwijzing voor het aantal cafés. Cafe is het zelfstandig naamwoord voor een café. Voorbeeld: The cafe opens at eight. — Het café gaat om acht uur open. Samen vormen I can't find my wallet en I last had it at the cafe één mededeling: de spreker kan zijn of haar portemonnee niet vinden en zegt vervolgens dat het laatste bekende moment waarop de spreker hem had, bij het café was. And verbindt beide delen.

  2. Before you call, prepare a description of what the wallet looks like.

    Maak voordat je belt een beschrijving van hoe de portemonnee eruitziet.

    Before you call
    voordat je belt
    prepare
    voorbereiden
    a description
    een beschrijving
    wallet
    portemonnee
    looks like
    eruitzien
    Uitgebreide uitleg

    Before you call betekent hier “voordat je belt”. before plaatst de handeling van bellen eerder in de tijd dan de hoofdhandeling. call is de basisvorm; na you is dat de gewone tegenwoordige vorm, zonder uitgang. Voorbeeld: “Before you leave, lock the door.” = “Doe de deur op slot voordat je weggaat.” prepare betekent “voorbereiden” en is hier een bevel of instructie. De aangesproken persoon is het onuitgesproken onderwerp: “(you) prepare”. In een gewone mededelende zin staat de persoonsvorm bijvoorbeeld in “You prepare a description”; in de verleden tijd wordt dat “prepared”. a description betekent “een beschrijving”. description is een zelfstandig naamwoord voor informatie waarmee je iets of iemand kenmerkt. Het onbepaalde lidwoord a introduceert hier één niet nader bepaalde beschrijving; het drukt niet op zichzelf een expliciete telhoeveelheid uit. Voorbeeld: “Write a short description.” = “Schrijf een korte beschrijving.” wallet betekent hier “portemonnee”. Het meervoud is wallets. In “the wallet” maakt the duidelijk dat het om een bepaalde, voor de gesprekssituatie herkenbare portemonnee gaat. In de gegeven context gaat het om de portemonnee waarover de spreker eerder zegt die niet te kunnen vinden. looks like betekent hier “eruitziet”. Dit is de derde persoon enkelvoud van look like: look like = “eruitzien als” en looks like wordt gebruikt bij bijvoorbeeld it, he of she. In de bijzin is what the wallet looks like geen directe vraag, maar een ingebedde vraag naar het uiterlijk. Voorbeeld: “I know what the house looks like.” = “Ik weet hoe het huis eruitziet.” De delen worden samen: Before you call geeft aan wanneer iets moet gebeuren, prepare geeft de instructie, en a description of what the wallet looks like benoemt wat je moet voorbereiden: een beschrijving van het uiterlijk van de portemonnee. De volledige betekenis is daarom: “Maak voordat je belt een beschrijving van hoe de portemonnee eruitziet.”

  3. It's a small black wallet with a worn corner.

    Het is een kleine zwarte portemonnee met een versleten hoekje.

    It's
    het is
    small
    klein
    black
    zwart
    wallet
    portemonnee
    with
    met
    worn
    versleten
    corner
    hoekje
    Uitgebreide uitleg

    It's is de samentrekking van it is: it verwijst hier, volgens de vaste vertaling en de context, naar het beschreven voorwerp. Het patroon It’s + beschrijving is bruikbaar om iets te identificeren of te beschrijven. Voorbeeld: It’s a key. = “Het is een sleutel.” small betekent hier dat de portemonnee een geringe afmeting heeft. Het is een bijvoeglijk naamwoord; de vergelijkingsvormen zijn small, smaller en the smallest. Voorbeeld: This bag is smaller. = “Deze tas is kleiner.” black is een bijvoeglijk naamwoord voor de kleur zwart. Het verandert in het Engels niet mee met het zelfstandig naamwoord: a black wallet en black wallets. Voorbeeld: She has a black coat. = “Ze heeft een zwarte jas.” wallet is het zelfstandig naamwoord voor een portemonnee. Het meervoud is wallets; het krijgt dus de gewone meervoudsuitgang -s. Voorbeeld: My wallet is here. = “Mijn portemonnee is hier.” with betekent hier “met” en verbindt de portemonnee met een kenmerk dat erbij hoort. Het patroon with + zelfstandig naamwoord kan ook andere kenmerken of onderdelen toevoegen. Voorbeeld: a jacket with pockets = “een jas met zakken.” worn beschrijft hier de hoek als versleten of afgesleten. Het is de vorm van wear die in deze beschrijving als bijvoeglijk gebruikt wordt; wear betekent “dragen” of, voor materiaal door gebruik, “slijten”. Worn kan ook als voltooid deelwoord voorkomen, maar in a worn corner staat het vóór het zelfstandig naamwoord en beschrijft het dat zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: These shoes are worn. = “Deze schoenen zijn versleten.” corner betekent “hoek”. Het meervoud is corners. In deze zin gaat het om een hoek van de portemonnee; het Engelse woord zelf drukt geen verkleiningsvorm uit. Samen geeft It’s a small black wallet eerst de identificatie en de drie kenmerken: het voorwerp is een kleine, zwarte portemonnee. with a worn corner voegt eraan toe dat die portemonnee een versleten hoek heeft. De volledige betekenis is dus: “Het is een kleine zwarte portemonnee met een versleten hoekje.”

  4. That should help the staff check without asking for private details.

    Daarmee zou het personeel kunnen controleren of ze hem hebben zonder naar privégegevens te vragen.

    That
    daarmee
    should
    zou (naar verwachting)
    help
    helpen
    staff
    personeel
    check
    controleren
    without
    zonder
    asking
    vragen
    private
    privé
    details
    gegevens
    Uitgebreide uitleg

    That is hier een aanwijzend voornaamwoord. Volgens de vaste vertaling verwijst het naar iets bekends dat als middel wordt opgevat: daarmee. That kan naar een enkelvoudige zaak of naar een eerder genoemde situatie of handeling verwijzen; de vorm bewijst hier niet dat er precies één concreet voorwerp wordt bedoeld. Voor meervoudige zaken is een mogelijke vorm those. should is een modaal hulpwerkwoord. Hier drukt het geen bevel of verplichting uit, maar een verwachte mogelijkheid of uitkomst; de vaste vertaling geeft dat weer met zou kunnen. Na should staat de basisvorm zonder to: should help. Een verplichtingsbetekenis is in een andere context wel mogelijk, maar past hier niet bij de vaste vertaling. help betekent hier dat iets het personeel ondersteunt bij het uitvoeren van een handeling. Het is de basisvorm omdat het na should staat. In de constructie help ... check volgt na help een kale werkwoordsvorm; help ... to check is in veel contexten ook mogelijk. staff betekent personeel: een groep medewerkers. Als je één medewerker bedoelt, kun je bijvoorbeeld staff member gebruiken. Het woord staff benoemt hier de groep die volgens de vertaling kan controleren. check betekent hier controleren of nagaan. Het is opnieuw een basisvorm, nu na help: help ... check. De vaste vertaling maakt duidelijk dat het gaat om nagaan of zij hem hebben. Voorbeeld: Please check the list. — Controleer de lijst alstublieft. without betekent zonder en leidt hier de omstandigheid of werkwijze in die je vermijdt. Na without kan een activiteit met een -ing-vorm volgen, zoals in without asking. asking is de -ing-vorm van ask, vragen. Na without benoemt deze vorm de activiteit die niet plaatsvindt: without asking betekent zonder te vragen. Wie precies vraagt, wordt door deze vorm op zichzelf niet vastgelegd; dat volgt uit de zin en de situatie. Voorbeeld: She left without asking. — Ze ging weg zonder te vragen. private is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis privé of niet voor anderen bestemd. Het beschrijft details en verandert in deze vorm niet mee met enkelvoud of meervoud. details is het meervoud van detail: afzonderlijke bijzonderheden of gegevens. Het meervoud krijgt hier de uitgang -s; het enkelvoud is a detail. In deze zin gaat het om privégegevens. Samen vormt de zin het patroon That should help + iemand/een groep + basiswerkwoord + without + -ing-vorm. De vaste betekenis is: Daarmee zou het personeel kunnen controleren of ze hem hebben zonder naar privégegevens te vragen. Het eerste deel noemt iets dat als hulpmiddel wordt gezien; help ... check beschrijft de ondersteunde controle, en without asking for private details geeft aan dat die controle plaatsvindt zonder naar privégegevens te vragen.

  5. I'll call and explain when I noticed it was missing.

    Ik bel en leg uit wanneer ik merkte dat hij weg was.

    I'll
    ik zal / ik ga
    call
    bellen
    explain
    uitleggen
    when
    wanneer
    noticed
    merkte op
    missing
    weg / ontbrekend
    Uitgebreide uitleg

    I'll is de samentrekking van I will: het onderwerp I plus will. Hier kondigt de spreker aan wat die zal doen: I'll call = “ik zal bellen” of natuurlijk “ik ga bellen”. Will verandert in het moderne Engels niet mee met de persoon: vergelijk I will call, she will call en they will call. call betekent hier “bellen”, dus telefonisch contact opnemen. Na will staat het werkwoord in de basisvorm: I will call, niet een verleden of andere vervoegde vorm. Voorbeeld: I'll call tomorrow. = “Ik bel morgen.” explain betekent “uitleggen”. Het staat na and naast call; dezelfde spreker zal dus beide handelingen uitvoeren: I'll call and explain. Ook na will blijft dit werkwoord in de basisvorm. Voorbeeld: Please explain the problem. = “Leg het probleem alstublieft uit.” when leidt hier een tijdsbepalende bijzin in en betekent “wanneer”. De bijzin noemt het moment waarop de spreker iets opmerkte. Voorbeeld: Call me when you arrive. = “Bel me wanneer je aankomt.” noticed is de verleden tijd van notice, “opmerken”. Bij dit regelmatige werkwoord wordt de verleden tijd gespeld met -d, omdat de basisvorm al op een stille e eindigt: notice → noticed. De verleden tijd plaatst het opmerken in het verleden. Voorbeeld: I noticed the error. = “Ik merkte de fout op.” missing betekent hier “weg” of “niet aanwezig”. Na was beschrijft het een toestand: it was missing = “het was weg”. In de vaste Nederlandse vertaling verwijst dit naar “hij”; het Engelse it is grammaticaal een enkelvoudig voornaamwoord. Missing kan ook zeggen dat iets ontbreekt, bijvoorbeeld: A page is missing. = “Er ontbreekt een pagina.” Samen vormen I'll call and explain en when I noticed it was missing de betekenis: “Ik zal bellen en uitleggen wanneer ik merkte dat hij weg was.” De toekomstige handelingen zijn bellen en uitleggen; de tijdsbepalende bijzin specificeert het moment waarop de spreker merkte dat het bedoelde voorwerp weg was.

  6. Mention a few items inside, but don't share details from personal documents.

    Noem een paar dingen die erin zitten, maar deel geen informatie uit persoonlijke documenten.

    Mention
    noem op
    a few
    een paar
    items
    dingen
    inside
    binnenin
    don't
    niet
    share
    delen
    details
    details
    personal
    persoonlijke
    documents
    documenten
    Uitgebreide uitleg

    Mention is hier een bevel: “noem op”. Het werkwoord in de basisvorm wordt gebruikt voor een opdracht. In een gewone mededelende zin verandert de vorm mee met het onderwerp en de tijd, bijvoorbeeld: “She mentions two items.” = “Ze noemt twee dingen.” Het verschil met say is dat mention vaak betekent dat je iets kort ter sprake brengt of opsomt. a few betekent een klein aantal, zonder dat het precieze aantal wordt genoemd. Het staat hier voor een meervoudig telbaar zelfstandig naamwoord. Vergelijk a few items (“een paar dingen”) met a little information (“een beetje informatie”), waarbij information niet als telbaar meervoud wordt gebruikt. items is het meervoud van item, een afzonderlijk ding of onderdeel binnen een verzameling. Het enkelvoud is an item; het meervoud krijgt -s: items. Bijvoorbeeld: “List the items in the bag.” = “Maak een lijst van de dingen in de tas.” inside geeft hier de plaats aan: binnenin iets. Het verwijst naar de inhoud die zich in een eerder genoemde of begrepen ruimte bevindt; de precieze referent van die ruimte wordt in deze zin niet zelfstandig benoemd. inside kan ook vóór een zelfstandig naamwoord staan, zoals in “inside the box” = “in de doos”. don't is de samentrekking van do not. Samen met de basisvorm van het werkwoord maakt het een ontkennend bevel: don't share = “deel niet”. Bij een derde persoon enkelvoud verandert do in does: doesn't share. Hier draagt don't de ontkenning; share blijft in de basisvorm. share betekent hier informatie met anderen delen of verstrekken. De basisvorm is share; in de derde persoon enkelvoud is de vorm shares, en in de verleden tijd shared. Bijvoorbeeld: “Please share the file.” = “Deel het bestand alstublieft.” details is het meervoud van detail: afzonderlijke bijzonderheden of nadere informatie. Het meervoud met -s verwijst hier naar meerdere bijzonderheden. detail kan ook als werkwoord voorkomen, maar in deze zin is het een zelfstandig naamwoord. personal beschrijft iets dat met een persoon privé of individueel verbonden is. Het is een bijvoeglijk naamwoord en krijgt in het Engels geen aparte vorm voor enkelvoud of meervoud: personal document en personal documents. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord dat het beschrijft. documents is het meervoud van document, een geschreven of digitaal vastgelegde tekst of bewijsstuk. De uitgang -s maakt hier het meervoud. In personal documents beschrijft personal het soort documenten; from personal documents geeft de bron aan waaruit de informatie afkomstig zou zijn. Samen vormt Mention a few items inside een verzoek om enkele dingen die zich binnenin bevinden op te noemen. but verbindt daar een tegengestelde beperking aan: don't share details from personal documents verbiedt het delen van bijzonderheden uit persoonlijke documenten. De volledige betekenis is daarom: “Noem een paar dingen die erin zitten, maar deel geen informatie uit persoonlijke documenten.”

  7. It has a photo and a folded note inside.

    In de portemonnee zitten een foto en een opgevouwen briefje.

    It
    de portemonnee
    has
    heeft
    photo
    foto
    folded
    opgevouwen
    note
    briefje
    inside
    erin
    Uitgebreide uitleg

    It verwijst hier, volgens de vaste vertaling, naar de portemonnee. In het Engels is it een persoonlijk voornaamwoord voor een enkelvoudig niet-persoonlijk referent; de vorm verandert niet voor mannelijk of vrouwelijk. has is de tegenwoordige-tijdsvorm van have bij he, she en it. De constructie it has betekent hier dat de portemonnee iets bevat of ermee uitgerust is. Vergelijk: They have a key. — Ze hebben een sleutel. photo betekent hier een foto. Het meervoud is photos; het enkelvoud staat in deze zin na a: a photo — een foto. Het lidwoord a markeert hier een enkelvoudig, niet nader bepaald zelfstandig naamwoord; het betekent niet op zichzelf een specifiek aantal. folded beschrijft note: het briefje is opgevouwen. Het is de vorm die als bijvoeglijke bepaling vóór het zelfstandig naamwoord staat. De basisvorm is fold — vouwen; folded kan ook de verleden-tijdsvorm of het voltooid deelwoord van dat werkwoord zijn, maar hier beschrijft het een toestand. Voorbeeld: a folded map — een opgevouwen kaart. note betekent hier een briefje. Het meervoud is notes. In a folded note bepaalt folded het soort of de toestand van het briefje, terwijl note het zelfstandig naamwoord is. inside geeft de locatie aan: de foto en het opgevouwen briefje bevinden zich binnenin de portemonnee. In deze zin staat het achter de genoemde inhoud en werkt het als plaatsbepaling. Vergelijk: The ticket is inside. — Het kaartje zit erin. Samen vormen It has en de opsomming a photo and a folded note de inhoudsrelatie: de portemonnee heeft een foto en een opgevouwen briefje. inside voegt eraan toe dat die voorwerpen erin zitten. De volledige betekenis is: In de portemonnee zitten een foto en een opgevouwen briefje.

  8. Those details should be enough to identify it safely.

    Die details zouden genoeg moeten zijn om hem veilig te herkennen.

    Those
    die
    details
    details
    should be enough
    zouden genoeg moeten zijn
    identify
    identificeren; herkennen
    it
    het; hem
    safely
    veilig
    Uitgebreide uitleg

    Those staat vóór details en is een aanwijzend woord voor meervoud. Het kan naar zaken op enige afstand of naar eerder genoemde zaken wijzen; afstand hoeft niet uitsluitend fysiek te zijn. Voor één zaak gebruik je bijvoorbeeld that; voor meervoud dat als nabij wordt voorgesteld these. details is het meervoud van detail: een afzonderlijk kenmerk of stukje informatie. Het meervoud past bij those. In deze zin staat daarna de vorm be, omdat die volgt op het modale hulpwerkwoord should; should krijgt daarbij geen persoonsuitgang. Voorbeeld: These details are important. — “Deze details zijn belangrijk.” should be enough drukt uit dat iets naar verwachting volstaat: “zou(den) genoeg moeten zijn”. Should is hier een modaal hulpwerkwoord en geeft een verwachting of redelijke inschatting, niet dezelfde sterke noodzaak als must. Enough betekent “voldoende”. De constructie should be enough to + werkwoord is herbruikbaar: This clue should be enough to help us. — “Deze aanwijzing zou genoeg moeten zijn om ons te helpen.” identify betekent hier “identificeren” of, in deze context natuurlijker, “herkennen”: vaststellen om welk voorwerp het gaat. De vorm is de basisvorm na to; bijvoorbeeld identify, identifies bij he/she/it in de tegenwoordige tijd, en identified als verleden tijd of voltooid deelwoord. Identify legt de nadruk op het vaststellen van de identiteit; recognize kan ook “herkennen” betekenen wanneer je iets of iemand als bekend herkent. Voorbeeld: The label helps identify the bag. — “Het etiket helpt de tas te identificeren.” it is een Engels persoonlijk voornaamwoord voor een zaak of ander niet-persoonlijk referent; de vorm verandert niet naar onderwerp- of objectpositie. In deze uitwisseling verwijst het, volgens de context, naar de portemonnee. In identify it is it het object van identify: men wil dus dat voorwerp herkennen, niet dat het zelf iets identificeert. safely zegt hoe het identificeren gebeurt: op een veilige manier, “veilig”. Het is een bijwoord bij identify en komt van het bijvoeglijk naamwoord safe (“veilig”): safe → safely. Voorbeeld: You can open it safely. — “Je kunt het veilig openen.” Samen betekent Those details should be enough to identify it safely: “Die details zouden genoeg moeten zijn om het veilig te herkennen.” De aanwijzende bepaling those details noemt het verwachte hulpmiddel; should be enough beoordeelt dat hulpmiddel als waarschijnlijk voldoende; to identify it safely noemt het doel en de manier waarop het voorwerp wordt vastgesteld.

  9. If they have it, I can arrange a time to pick it up.

    Als ze hem hebben, kan ik een tijd afspreken om hem op te halen.

    If
    als
    they
    ze
    have
    hebben
    it
    het
    I can
    ik kan
    arrange
    regelen
    a time
    een tijdstip
    pick it up
    het ophalen
    Uitgebreide uitleg

    If leidt een voorwaardelijke bijzin in: de hoofdzin geldt alleen onder deze voorwaarde. Het patroon is If + zin, ...; bijvoorbeeld: If you call, I can help. — Als je belt, kan ik helpen. they betekent hier ze en verwijst naar de bedoelde personen die het voorwerp hebben. They kan zowel een meervoudige groep als één persoon aanduiden; in deze zin is uit de vorm alleen niet af te leiden welke van die twee bedoeld is. Als object wordt de vorm them gebruikt: I saw them. — Ik zag ze. have is de tegenwoordige vorm van have bij they. In de tegenwoordige tijd blijft have bij I, you, we en they gelijk; bij he, she en it wordt het has. Hier betekent het concreet dat de bedoelde persoon of personen het voorwerp hebben. Voorbeeld: They have the key. — Zij hebben de sleutel. it is een enkelvoudig persoonlijk voornaamwoord voor een zaak of ander niet-persoonlijk referent en staat hier als object. Volgens de vaste vertaling verwijst het naar het bedoelde voorwerp; de Nederlandse vertaling gebruikt daarvoor hem. De vorm it wordt gebruikt wanneer het voorwerp al bekend is, in plaats van het zelfstandig naamwoord opnieuw te noemen. I can combineert het onderwerp I met het modale werkwoord can. Can drukt hier uit dat de spreker de volgende handeling kan uitvoeren. Na can staat de ongemarkeerde basisvorm van het werkwoord, dus can arrange, niet can arranges of can to arrange. Voorbeeld: I can help. — Ik kan helpen. arrange betekent hier iets praktisch organiseren of afspreken. De basisvorm is arrange; na can blijft die vorm onveranderd. In andere tijden kan de vorm bijvoorbeeld arranged zijn: I arranged a time. — Ik sprak een tijdstip af. a time betekent hier een afgesproken tijdstip, niet noodzakelijk een hoeveelheid tijd. A introduceert een niet nader bepaald enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Time kan afhankelijk van de context ook algemene of niet-telbare tijd betekenen, maar in deze combinatie gaat het om een moment of afspraak. Voorbeeld: We arranged a time to meet. — We spraken een tijdstip af om elkaar te ontmoeten. pick it up is een werkwoordelijk patroon met pick up in de betekenis iets ophalen. It staat hier tussen pick en up; als het object een zelfstandig naamwoord is, staat dat vaak na het volledige werkwoord: pick up the package. De basisvorm is pick up, de verleden tijd is picked up. Voorbeeld: I can pick it up tomorrow. — Ik kan het morgen ophalen. Samen betekent de zin: als de bedoelde persoon of personen het voorwerp hebben, kan de spreker een tijdstip afspreken om datzelfde voorwerp op te halen. To pick it up is een infinitiefconstructie die het doel van arrange a time aangeeft: de afgesproken tijd is bedoeld voor het ophalen. De voorwaardelijke bijzin staat vooraan; daarna volgt de hoofdzin met I can arrange ....

  10. Call now, and I'll check your bag again while you wait.

    Bel nu, dan controleer ik je tas nog een keer terwijl je wacht.

    Call
    bel
    now
    nu
    I'll
    ik zal / ik ga
    check
    controleren; nakijken
    bag
    tas
    again
    opnieuw; nog een keer
    while
    terwijl
    wait
    wachten
    Uitgebreide uitleg

    Call is hier de gebiedende wijs van call: “bel”. De gebiedende wijs gebruikt de werkwoordsvorm zonder to en zonder uitgesproken onderwerp. Voorbeeld: Call me tomorrow. — “Bel me morgen.” In deze zin is het een verzoek of instructie. now betekent hier “nu” en geeft aan dat het bellen op dit moment moet gebeuren. Het kan ook in andere zinnen een onmiddellijke aansporing markeren, bijvoorbeeld: Start now. — “Begin nu.” I'll is de samentrekking van I will: I is het onderwerp en will markeert hier een toekomstige handeling of toezegging. De vorm I'll blijft hetzelfde voor de verschillende betekenissen van will; het onderwerp is specifiek I. Voorbeeld: I'll call you later. — “Ik bel je later.” check betekent hier “controleren” of “nakijken”. Na will staat de werkwoordsvorm zonder to: will check, niet will checks of will to check. Voorbeeld: I will check the list. — “Ik zal de lijst controleren.” bag betekent “tas”. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord; in deze zin staat het met your, waardoor geen lidwoord nodig is: your bag = “je tas”. Het meervoud is bags: two bags — “twee tassen”. again betekent “opnieuw” of “nog een keer”. Het geeft aan dat de controle nogmaals plaatsvindt. In check your bag again hoort again bij de handeling check; samen betekent dit “je tas nog een keer controleren”. while leidt hier een bijzin in en betekent “terwijl”. Het verbindt twee handelingen die gedurende dezelfde periode plaatsvinden. Het patroon while + onderwerp + werkwoord staat bijvoorbeeld in while you wait. wait betekent “wachten”. In you wait staat de gewone tegenwoordige vorm na het onderwerp you; bij you krijgt dit werkwoord geen uitgang -s. Voorbeeld: You wait here. — “Je wacht hier.” Samen vormen Call now en I'll check your bag again while you wait een instructie met een gevolg of toezegging: “Bel nu, dan controleer ik je tas nog een keer terwijl je wacht.” De gebiedende wijs geeft de eerste handeling aan. Daarna zegt de spreker met I'll check wat hij of zij zal doen; while you wait bepaalt wanneer die tweede handeling plaatsvindt.

Grammatica

look like + zelfstandig naamwoord

It looks like a small black wallet.

It luks laik uh smool blek wolit.

Het lijkt op een kleine zwarte portemonnee.

Na look like volgt een zelfstandig naamwoord. Bij he, she en it krijgt look de vorm looks.

pick + voornaamwoord + up

Please pick it up safely.

Pliez pik it ap seefli.

Haal het veilig op.

Bij een voornaamwoord staat het object tussen pick en up: pick it up, niet pick up it.

Engels woordenschat

black bijvoeglijk naamwoord
blek zwart
cafe zelfstandig naamwoord
kefee café
call werkwoord
kool bellen
corner zelfstandig naamwoord
koorner hoek
description zelfstandig naamwoord
diskripsjun beschrijving
find werkwoord
faind vinden
look like uitdrukking
luk laik eruitzien looks like
prepare werkwoord
pripeer voorbereiden
small bijvoeglijk naamwoord
smool klein
staff zelfstandig naamwoord
stef personeel
wallet zelfstandig naamwoord
wolit portemonnee
worn bijvoeglijk naamwoord
woorn versleten

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

klein

Antwoord tonensmall

vinden

Antwoord tonenfind

beschrijving

Antwoord tonendescription

portemonnee

Antwoord tonenwallet