Schade aan een geleende tas uitleggen | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: After borrowing a bag, one adult explains zipper damage and discusses repair or replacement with the owner..

NL → EN / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Schade aan een geleende tas uitleggen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

I need to tell you something about the bag I borrowed.

ai nied tə tel juh samthing uh-baut dhuh beg ai boroud. Ik moet je iets vertellen over de tas die ik heb geleend.
B

Did something happen to it during your trip?

did samthing heppən tə it djoer-ing jur trip? Is er tijdens je reis iets mee gebeurd?
A

The zipper got stuck, and part of it came loose.

dhuh zippur got stak, ən part uhv it keim loes. De rits bleef steken en een deel ervan liet los.
B

Was the zipper already damaged?

wəz dhuh zippur ol-reddie demidjd? Was de rits al beschadigd?
B

Or did it break while you were using it?

or did it breik wail juh wur joe-zing it? Of ging hij kapot terwijl je hem gebruikte?
A

It seemed fine before, so I want to take responsibility.

it siemd fain bi-for, sou ai want tə teik ri-spon-suh-bil-uh-tie. Hij leek daarvoor in orde, dus ik wil verantwoordelijkheid nemen.
B

I appreciate your honesty. It may still be repairable.

ai uh-prie-sjieit jur on-uh-stie. it mee stil rie-per-uh-bul. Ik waardeer je eerlijkheid. Misschien kan hij nog worden gerepareerd.
A

I can arrange the repair or replace the bag if needed.

ai ken uh-reindj dhuh ri-pair or ri-pleis dhuh beg if nie-did. Ik kan de reparatie regelen of de tas vervangen als dat nodig is.
B

Let's take it to a repair shop before deciding.

lets teik it tə uh ri-pair sjop bi-for di-sai-ding. Laten we de tas naar een reparatiewerkplaats brengen voordat we beslissen.
A

I'm sorry I didn't tell you as soon as it happened.

aim sor-rie ai did-ənt tel juh uhz soon uhz it heppənd. Het spijt me dat ik het niet meteen heb verteld toen het gebeurde.
B

You brought it up now, and that helps. We'll see what they say.

juh brot it ap nau, ən dhæt helps. wiel sie wot dhei sei. Je hebt het nu ter sprake gebracht en dat helpt. We zullen zien wat ze zeggen.

Uitleg van de zinnen

  1. I need to tell you something about the bag I borrowed.

    Ik moet je iets vertellen over de tas die ik heb geleend.

    I need
    ik moet
    tell
    vertellen
    something
    iets
    about
    over
    bag
    tas
    borrowed
    geleend
    Uitgebreide uitleg

    I need drukt hier uit dat de spreker iets moet of nodig heeft te doen. need is het werkwoord in de tegenwoordige tijd; bij I blijft de vorm need, terwijl bij he/she/it meestal needs staat. Het patroon need to + werkwoord is bruikbaar voor een noodzakelijke handeling: “I need to leave.” = “Ik moet weg.” tell betekent hier “vertellen” en staat na to in de basisvorm. tell krijgt gewoonlijk een persoon als ontvanger: tell someone something betekent “iemand iets vertellen”. Dat verschilt van say, waarbij de inhoud centraal staat: tell me maar say something. something betekent “iets”: een onbepaald ding, feit of onderwerp. Het is een voornaamwoord en noemt niet precies wat de inhoud is. Het contrast is something = “iets” en nothing = “niets”. Voorbeeld: “I need to tell you something.” = “Ik moet je iets vertellen.” about leidt hier het onderwerp van de mededeling in: “over”. Het patroon tell someone something about something is herbruikbaar: “She told us a story about her trip.” = “Ze vertelde ons een verhaal over haar reis.” bag betekent “tas”. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord; in deze zin staat the bag, dus het gaat om een bepaalde, voor de gesprekspartners identificeerbare tas. Het meervoud is bags. borrowed betekent hier “geleend” in de betekenis dat de spreker de tas eerder van iemand anders heeft geleend. De basisvorm is borrow; borrowed is de verleden tijd en het voltooid deelwoord van dit regelmatige werkwoord. Borrow betekent iets tijdelijk van iemand aannemen, terwijl lend betekent iets aan iemand uitlenen: “I borrowed the bag.” = “Ik leende de tas.” In the bag I borrowed bepaalt I borrowed welke tas bedoeld wordt: “de tas die ik geleend heb”. I is de handelende persoon bij borrowed; the bag is het geleende voorwerp. In het Engels kan het betrekkelijke voornaamwoord na bag hier worden weggelaten: the bag (that) I borrowed. Samen bestaat de zin uit I need to tell you (“ik moet je vertellen”), something about the bag (“iets over de tas”) en I borrowed (“die ik geleend heb”). De volledige betekenis is: “Ik moet je iets vertellen over de tas die ik geleend heb.”

  2. Did something happen to it during your trip?

    Is er tijdens je reis iets mee gebeurd?

    something
    iets
    happen
    gebeuren
    to it
    ermee
    during
    tijdens
    trip
    reis
    Uitgebreide uitleg

    something betekent hier “iets”: een onbepaalde zaak of gebeurtenis. Het woord kan ook als onderwerp staan, zoals in Something changed. — “Er veranderde iets.” In deze zin is het onderwerp van happen nog niet nader bepaald. happen is de basisvorm “gebeuren”. Na did blijft het werkwoord in de basisvorm: Did something happen? Niet Did something happened? De verleden tijd zit hier in did; zonder vraaghulpwerkwoord is de verleden tijd Something happened. — “Er gebeurde iets.” to it betekent hier “ermee”, waarbij it terugverwijst naar het eerder genoemde voorwerp, de tas. to hoort bij de constructie happen to something: “met iets gebeuren”. Vergelijk: What happened to the bag? — “Wat is er met de tas gebeurd?” Het Engelse it verandert niet van vorm voor mannelijk of vrouwelijk geslacht; de vorm wordt vooral bepaald door zijn grammaticale rol als objectvorm na to. during geeft de periode aan waarin iets plaatsvindt: “tijdens”. Het staat hier vóór de tijdsbepaling your trip. Een bruikbaar patroon is during + periode, bijvoorbeeld during the meeting — “tijdens de vergadering”. trip betekent “reis”, dus een verplaatsing of uitstap die als één geheel wordt gezien. Het meervoud is trips; het bezittelijk voornaamwoord your maakt hier duidelijk dat het om de reis van de aangesprokene gaat. your verandert niet van vorm voor enkelvoud of meervoud van het bezit. Samen vormt Did something happen to it during your trip? een vraag naar de vraag of er tijdens de reis iets met het bedoelde voorwerp is gebeurd. Did maakt de vraag verleden tijd, something is de onbepaalde gebeurtenis, happen to it betekent “met het voorwerp gebeuren”, en during your trip begrenst het moment waarop dat gebeurde. In natuurlijk Nederlands wordt dat: “Is er tijdens je reis iets mee gebeurd?”

  3. The zipper got stuck, and part of it came loose.

    De rits bleef steken en een deel ervan liet los.

    zipper
    rits
    got stuck
    bleef steken
    part
    deel
    came loose
    liet los
    Uitgebreide uitleg

    zipper betekent hier ‘rits’. Het is een zelfstandig naamwoord voor de sluiting met tandjes en een schuiver. Meervoud: zippers. Voorbeeld: “The zipper is broken.” = “De rits is kapot.” got stuck komt van get stuck. In deze zin is got de verleden tijd van get; samen betekent de uitdrukking dat iets vast kwam te zitten en daarna niet goed verder kon bewegen. Voorbeeld: “The drawer got stuck.” = “De lade kwam vast te zitten.” Get stuck kan ook in andere tijden voorkomen, bijvoorbeeld “The door gets stuck.” part betekent ‘deel’. Het woord verwijst hier naar een gedeelte van de rits; het precieze gedeelte wordt niet benoemd. Part kan ook in het meervoud staan: parts. Voorbeeld: “Part of the handle is missing.” = “Een deel van het handvat ontbreekt.” came loose komt van come loose. Came is de verleden tijd van come, en loose betekent hier dat iets niet langer vastzit of bevestigd is. Samen betekent came loose: ‘liet los’ of ‘kwam los’. Voorbeeld: “The button came loose.” = “De knoop liet los.” Dit is iets anders dan lost, de verleden tijd van lose, dat ‘verloor’ betekent. De zin heeft twee verbonden gebeurtenissen: eerst kwam de rits vast te zitten; daarna liet een deel ervan los. And verbindt de twee delen. It verwijst in deze zin naar de rits, en part of it betekent dus ‘een deel van de rits’. De volledige betekenis is: “De rits bleef steken en een deel ervan liet los.”

  4. Was the zipper already damaged?

    Was de rits al beschadigd?

    Was
    was
    the zipper
    de rits
    already
    al
    damaged
    beschadigd
    Uitgebreide uitleg

    Was is de verleden tijd van be bij I, he, she en it; de basisvorm is be. In een ja-neevraag staat de vorm van be vóór het onderwerp: Was the zipper ...? Vergelijk: The zipper was damaged. → “De rits was beschadigd.” en Was the zipper damaged? → “Was de rits beschadigd?” the zipper betekent hier “de rits”. Zipper is een zelfstandig naamwoord voor het sluitmechanisme van bijvoorbeeld kleding of een tas. Het lidwoord the verwijst naar een specifieke rits die in deze situatie bekend is; het zegt op zichzelf niets over het aantal ritsen. Voor een niet-specifieke rits gebruik je bijvoorbeeld a zipper: I need a new zipper. → “Ik heb een nieuwe rits nodig.” already betekent hier “al”: het vraagt of de toestand op het bedoelde moment al bestond. Het staat in deze vraag tussen het onderwerp en damaged. Vergelijk: Was the zipper already damaged? → “Was de rits al beschadigd?” en Was the zipper damaged? → “Was de rits beschadigd?” De eerste versie benadrukt dat de beschadiging toen mogelijk al aanwezig was. damaged betekent hier “beschadigd”. Het is de vorm van damage die de toestand van de rits beschrijft; het kan ook als voltooid deelwoord in een passieve constructie voorkomen. The zipper was damaged. beschrijft het resultaat of de toestand, zonder hier te zeggen wie de schade veroorzaakte. De verleden tijd van be (was) draagt de tijd; damaged benoemt de toestand. Een voorbeeld met een ander onderwerp is: The bag was damaged. → “De tas was beschadigd.” Samen vormt Was + onderwerp + already + damaged een vraag naar een reeds bestaande toestand in het verleden. De volledige betekenis is: “Was de rits al beschadigd?”

  5. Or did it break while you were using it?

    Of ging hij kapot terwijl je hem gebruikte?

    Or
    of
    did it
    ging het…?
    break
    kapotgaan
    while
    terwijl
    you
    je
    were using
    aan het gebruiken was
    it
    hem
    Uitgebreide uitleg

    Or staat aan het begin en koppelt deze vraag aan de voorafgaande mogelijkheid. Het betekent hier “of” en maakt van de zin een alternatieve vraag. did it: did is het verleden-tijds hulpwerkwoord voor een vraag in de simple past. Omdat did de verleden tijd draagt, blijft het daaropvolgende werkwoord in de basisvorm: did ... break, niet did ... broke. It is hier het voornaamwoord voor het voorwerp waarover gesproken wordt; de vaste vertaling identificeert dat als hij/hem, in de context de rits. break: de basisvorm betekent hier “kapotgaan” of “breken”. In een gewone mededelende zin staat de verleden vorm bijvoorbeeld in It broke (“Het ging kapot”). Na did gebruik je opnieuw de basisvorm: Did it break? (“Ging het kapot?”). Dit is niet hetzelfde als damage, dat eerder “beschadigen” betekent: break beschrijft hier het kapotgaan zelf. while: dit voegt een gelijktijdige omstandigheid toe: “terwijl”. Het leidt de bijzin in die zegt wat op hetzelfde moment gebeurde als het kapotgaan. you: dit is het onderwerp van de bijzin. In het Engels heeft you dezelfde vorm voor enkelvoud en meervoud; de context bepaalt hoeveel personen ermee bedoeld zijn. In deze vaste zin is alleen duidelijk dat de aangesprokene de handeling uitvoerde. were using: were is de verleden vorm van be die hier bij you hoort. Samen met using vormt dit de past continuous: een handeling die op dat moment bezig was. using komt van de basisvorm use; de spelling krijgt hier -ing: use → using. Een kort voorbeeld is You were using the zipper — “Je gebruikte de rits / je was de rits aan het gebruiken.” it: dit is opnieuw het voornaamwoord voor hetzelfde bedoelde voorwerp, maar nu als lijdend voorwerp van using: je gebruikte het. In het Engels blijft de vorm it gelijk voor onderwerp en lijdend voorwerp; het verband met het voorwerp blijkt uit de zin en de vaste vertaling geeft hier hem. De hele structuur is Or did it break while you were using it?: “Of ging het kapot terwijl je het gebruikte?” De hoofdvraag gebruikt de simple past in did ... break; de bijzin gebruikt de past continuous in were using om de handeling weer te geven die toen bezig was. De twee keer voorkomende verwijzing naar hetzelfde voorwerp verbindt het kapotgaan met het gebruik ervan.

  6. It seemed fine before, so I want to take responsibility.

    Hij leek daarvoor in orde, dus ik wil verantwoordelijkheid nemen.

    It
    hij
    seemed
    leek
    fine
    in orde
    before
    daarvoor
    so
    dus
    I want
    ik wil
    take
    nemen
    responsibility
    verantwoordelijkheid
    Uitgebreide uitleg

    It verwijst hier naar het voorwerp waarover al wordt gesproken. In het Engels is it een persoonlijk voornaamwoord voor een zaak of dier; het drukt zelf geen mannelijk of vrouwelijk grammaticaal geslacht uit. Dat de Nederlandse vertaling hij gebruikt, maakt het Engelse it dus niet mannelijk. seemed is de verleden tijd van seem: seem → seemed. Het beschrijft hier een indruk op een eerder moment: iets leek een bepaalde toestand te hebben, zonder dat de spreker die toestand als zeker vaststelt. Een herbruikbaar patroon is seem + bijvoeglijk naamwoord: The plan seemed difficult. — Het plan leek moeilijk. fine betekent hier “in orde” of “goed functionerend”. In seem fine benoemt het de toestand die het voorwerp leek te hebben. In andere contexten kan fine bijvoorbeeld ook “prima” betekenen. before verwijst hier naar een eerder moment. Samen met seemed fine geeft seemed fine before aan dat het voorwerp eerder in orde leek. Before kan ook vóór een gebeurtenis betekenen: Check it before you leave. — Controleer het voordat je vertrekt. so verbindt de eerdere vaststelling met de daaropvolgende conclusie: “dus”. Het is hier niet onderdeel van before, maar verbindt twee zinsdelen. I want bestaat uit het onderwerp I en de tegenwoordige vorm want. Want betekent “willen” of “wensen”. Het patroon want to + basisvorm drukt uit wat iemand wil doen: I want to learn. — Ik wil leren. take betekent hier “nemen”. Met responsibility vormt het de veelgebruikte combinatie take responsibility, “verantwoordelijkheid nemen”. Na want to staat take in de basisvorm; to take is dus niet de verleden tijd. responsibility betekent “verantwoordelijkheid”. In take responsibility is dit het zelfstandige naamwoord voor de verantwoordelijkheid die iemand op zich neemt. De combinatie is: I want to take responsibility. — Ik wil verantwoordelijkheid nemen. Samen betekent It seemed fine before dat het voorwerp eerder in orde leek. So leidt de conclusie in: I want to take responsibility, “ik wil verantwoordelijkheid nemen”. De volledige betekenis is daarom: “Hij leek daarvoor in orde, dus ik wil verantwoordelijkheid nemen.”

  7. I appreciate your honesty. It may still be repairable.

    Ik waardeer je eerlijkheid. Misschien kan hij nog worden gerepareerd.

    appreciate
    waarderen
    honesty
    eerlijkheid
    may
    misschien; mogelijk
    still
    nog
    repairable
    herstelbaar
    Uitgebreide uitleg

    appreciate betekent hier “waarderen”. Dit is de tegenwoordige vorm bij I; de basisvorm is ook appreciate. Bij he, she of it krijgt het werkwoord in de tegenwoordige tijd appreciates. Voorbeeld: I appreciate your help. — “Ik waardeer je hulp.” honesty betekent “eerlijkheid”: oprecht en waarheidsgetrouw spreken of handelen. Het is een zelfstandig naamwoord; het bijbehorende bijvoeglijke naamwoord is honest (“eerlijk”). In your honesty geeft your aan wiens eerlijkheid bedoeld is, zonder op zichzelf een aantal uit te drukken. It is hier een Engels voornaamwoord voor de bedoelde zaak of het bedoelde voorwerp. In de vaste Nederlandse vertaling wordt dat voorwerp met hij aangeduid; de Engelse vorm it zelf markeert geen grammaticaal geslacht. De zin noemt het voorwerp niet opnieuw als zelfstandig naamwoord. may drukt hier mogelijkheid uit. Als hulpwerkwoord wordt het gevolgd door de basisvorm: may be, niet may is. Voorbeeld: It may work. — “Het werkt misschien.” still betekent hier “nog”. Het geeft aan dat de mogelijkheid op dit moment blijft bestaan. Samen met may ontstaat de betekenis “misschien nog”, zonder zekerheid uit te drukken. repairable betekent “herstelbaar”: iets kan gerepareerd worden. Het is gevormd met -able bij het werkwoord repair (“repareren”); -able drukt hier mogelijkheid uit. repairable beschrijft dus de toestand of mogelijkheid van het voorwerp, niet de persoon die de reparatie uitvoert. Voorbeeld: The chair is repairable. — “De stoel is herstelbaar.” In It may still be repairable staan het voornaamwoord It, de mogelijkheid met may, still (“nog”) en de toestand be repairable (“herstelbaar zijn”) samen. De eerste zin combineert I appreciate met your honesty: de spreker waardeert de eerlijkheid van de aangesprokene. De volledige uiting betekent: “Ik waardeer je eerlijkheid. Misschien kan hij nog worden gerepareerd.”

  8. I can arrange the repair or replace the bag if needed.

    Ik kan de reparatie regelen of de tas vervangen als dat nodig is.

    I can
    ik kan
    arrange
    regelen
    repair
    reparatie
    replace
    vervangen
    bag
    tas
    if needed
    als dat nodig is
    Uitgebreide uitleg

    I can drukt uit dat de spreker iets kan of in staat is te doen. can is hier een modaal hulpwerkwoord; daarna komt het werkwoord in de basisvorm: I can arrange, niet bijvoorbeeld een vorm met to. Voorbeeld: I can help. — Ik kan helpen. arrange betekent hier dat de spreker de reparatie zal organiseren of regelen. Het is een zelfstandig werkwoord in de basisvorm, omdat het na can staat. De derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd is arranges; na can blijft het arrange: She can arrange it. — Zij kan het regelen. repair is hier een zelfstandig naamwoord voor de reparatie zelf. Het woord kan ook een werkwoord zijn: They repair bags. — Ze repareren tassen. In de vaste zin wordt niet het werkwoord bedoeld, maar de zaak die geregeld kan worden. replace betekent iets door iets anders vervangen. Ook dit is een basisvorm na can, parallel aan arrange: I can replace the strap. — Ik kan de riem vervangen. Het object na replace is datgene wat wordt vervangen; hier is dat the bag. bag betekent een tas. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord. In deze zin staat the bag, omdat het om een bepaalde tas gaat die in de situatie herkenbaar is. Voorbeeld: The bag is damaged. — De tas is beschadigd. if needed betekent als dat nodig is. Dit is een verkorte voorwaardelijke toevoeging: de volledige gedachte is ongeveer if it is needed, maar in deze vaste uitdrukking wordt het noodzakelijke wordt-zijn weggelaten. needed is de vorm van need die hier nodigheid uitdrukt. Voorbeeld: We can call a technician if needed. — We kunnen zo nodig een technicus bellen. De delen vormen samen: I can arrange the repair = Ik kan de reparatie regelen; or replace the bag voegt een alternatief toe = of de tas vervangen; if needed beperkt beide mogelijkheden tot de situatie waarin dat nodig is. Het modale can geldt voor beide werkwoorden: I can [arrange ...] or [replace ...]. De volledige betekenis is daarom: Ik kan de reparatie regelen of de tas vervangen als dat nodig is.

  9. Let's take it to a repair shop before deciding.

    Laten we de tas naar een reparatiewerkplaats brengen voordat we beslissen.

    Let's
    laten we
    take
    brengen; meenemen
    it
    het; hier: de tas
    repair shop
    reparatiewerkplaats
    before
    voordat
    deciding
    beslissen
    Uitgebreide uitleg

    Let's is de verkorte vorm van let us. In deze zin is het een voorstel om samen iets te doen: de spreker rekent zichzelf en de aangesprokene mee. Het is dus niet hetzelfde als een gewoon tegenwoordige-tijdwerkwoord voor alleen de spreker. Een bruikbaar patroon is Let's + werkwoord: Let's wait. — “Laten we wachten.” take betekent hier “brengen” of “meenemen” naar een bepaalde plaats. Het is de basisvorm na let, want na let staat het volgende werkwoord zonder to: Let's take ..., niet Let's to take .... De belangrijke vormen zijn take – took – taken; took is de verleden tijd en taken het voltooid deelwoord. In deze zin betekent take it to ... dat het voorwerp naar die plaats wordt gebracht. it is een persoonlijk voornaamwoord voor een zaak of ander niet-persoonlijk referent. Volgens de vaste vertaling verwijst het hier naar de tas. De vorm it is zowel onderwerp- als objectsvorm in deze functie; bijvoorbeeld: I found it. — “Ik heb het gevonden.” repair shop is een zelfstandig naamwoordelijk geheel: een werkplaats waar reparaties worden uitgevoerd. repair kan hier als bepalend woord vóór shop staan; het beschrijft het soort winkel of werkplaats. In take it to a repair shop is a repair shop de bestemming na to. Het onbepaalde lidwoord a geeft hier niet op zichzelf een expliciet aantal aan; het introduceert een niet nader bepaalde reparatiewerkplaats. before geeft aan dat de volgende handeling eerder plaatsvindt dan een andere handeling. Voor een werkwoordsvorm op -ing krijg je het compacte patroon before + -ing: before deciding. Het kan ook met een volledige bijzin: before we decide — “voordat we beslissen”. deciding is de -ing-vorm van decide, hier gebruikt na before. De vorm benoemt de handeling van beslissen zonder zelf tijd of persoon uit te drukken; de tijdsrelatie komt uit before en de context. decide – decided – decided heeft voor verleden tijd en voltooid deelwoord dezelfde vorm. Een voorbeeld: Think before deciding. — “Denk na voordat je beslist.” Samen vormt de zin het voorstel: Let's take it to a repair shop betekent “Laten we het naar een reparatiewerkplaats brengen”, en before deciding bepaalt wanneer: eerst brengen, daarna beslissen. De volledige betekenis is dus: “Laten we de tas naar een reparatiewerkplaats brengen voordat we beslissen.”

  10. I'm sorry I didn't tell you as soon as it happened.

    Het spijt me dat ik het niet meteen heb verteld toen het gebeurde.

    I'm sorry
    het spijt me
    didn't tell you
    je niet verteld
    as soon as
    zodra
    happened
    gebeurde
    Uitgebreide uitleg

    I'm sorry is een vaste manier om spijt of verontschuldiging uit te drukken. Hier heeft de spreker spijt van het feit dat die de aangesprokene niet meteen heeft ingelicht. Voorbeeld: I'm sorry I'm late. = Het spijt me dat ik laat ben. didn't tell you betekent hier dat de spreker de aangesprokene niet heeft ingelicht. Na didn't staat het hoofdwerkwoord in de basisvorm: didn't tell, niet didn't told; de verleden tijd zit in did. tell betekent iemand iets meedelen of informatie aan iemand geven. you is hier het object van tell; you heeft in het Engels dezelfde vorm als onderwerp en object. Voorbeeld: I didn't tell you the news. = Ik heb je het nieuws niet verteld. as soon as betekent ‘zodra’ en geeft aan dat iets onmiddellijk nadat een andere gebeurtenis plaatsvond, gebeurt. Hier leidt het de bijzin as soon as it happened in. Voorbeeld: Call me as soon as you arrive. = Bel me zodra je aankomt. happened is de verleden tijd van happen, ‘gebeuren’. Het onderwerp is it, en de verleden vorm happened verandert in het Engels niet naar persoon of getal. Voorbeeld: It happened yesterday. = Het gebeurde gisteren. Samen betekent de zin: de spreker biedt de aangesprokene excuses aan omdat die de aangesprokene niet onmiddellijk heeft ingelicht nadat de gebeurtenis plaatsvond. De structuur is I'm sorry + I didn't tell you + as soon as it happened. De vaste Nederlandse vertaling geeft deze kernbetekenis en tijdsrelatie weer.

  11. You brought it up now, and that helps. We'll see what they say.

    Je hebt het nu ter sprake gebracht en dat helpt. We zullen zien wat ze zeggen.

    brought it up
    ter sprake gebracht
    now
    nu
    helps
    helpt
    We'll see
    we zullen zien
    what they say
    wat ze zeggen
    Uitgebreide uitleg

    brought it up komt van het werkwoord bring up, in de betekenis ‘iets ter sprake brengen’. Brought is zowel de verleden tijd als het voltooid deelwoord van bring: bring – brought – brought. It is hier het object; het verwijst naar iets dat ter sprake is gebracht. Voorbeeld: She brought up the problem. — ‘Ze bracht het probleem ter sprake.’ now betekent hier ‘nu’ en plaatst het ter sprake brengen in het huidige moment. Het staat na brought it up en geeft zo de tijdscontext van deze mededeling aan. helps komt van help en betekent hier ‘helpt’. De uitgang -s hoort bij de tegenwoordige tijd met het onderwerp that, dat grammaticaal enkelvoudig is: that helps. Bij I, you, we en they is de vorm help: They help me. — ‘Ze helpen me.’ We'll see is de verkorte vorm van we will see: ‘we zullen zien’. Na will blijft het werkwoord in de basisvorm see. We'll is gebruikelijk in gewone conversatie; We will is de onverkorte vorm. what they say is een ingebedde vraag naar inhoud: ‘wat ze zeggen’. In zo’n ingebedde vraag blijft de woordvolgorde die van een mededeling: what they say, niet de directe vraag what do they say?. They is hier een persoonlijk voornaamwoord van de derde persoon; het kan in het Engels naar één of meer personen verwijzen. De specifieke referent wordt in de gegeven zinnen niet genoemd. Voorbeeld: I know what they say. — ‘Ik weet wat ze zeggen.’ Samen betekent de eerste zin: ‘Je hebt het nu ter sprake gebracht, en dat helpt.’ You brought it up meldt dat jij iets ter sprake hebt gebracht; now geeft het moment aan. And that helps voegt toe dat die situatie of handeling helpt. De tweede zin betekent: ‘We zullen zien wat ze zeggen.’ We'll see verwijst naar wat later zal blijken, en what they say benoemt de inhoud waarover dat zal blijken.

Grammatica

as soon as + clause

As soon as the repair is fine, I will tell you.

uhz soon uhz dhuh ri-pair iz fain, ai wil tel juh.

Zodra de reparatie in orde is, zal ik het je vertellen.

Gebruik as soon as voor iets dat direct gebeurt nadat een andere handeling of situatie klaar is.

if needed

We can arrange a repair if needed.

wie ken uh-reindj uh ri-pair if nie-did.

We kunnen een reparatie regelen als dat nodig is.

If needed is een verkorte voorwaardelijke bijzin en betekent: als dat nodig is.

Engels woordenschat

borrowed werkwoord
boroud geleend

the bag I borrowed

break werkwoord
breik kapotgaan
came loose uitdrukking
keim loes liet los
damaged bijvoeglijk naamwoord
demidjd beschadigd
during voorzetsel
djoer-ing tijdens
got stuck uitdrukking
got stak bleef steken
part zelfstandig naamwoord
part deel
seemed werkwoord
siemd leek
tell werkwoord
tel vertellen
trip zelfstandig naamwoord
trip reis
using werkwoord
joe-zing gebruiken
zipper zelfstandig naamwoord
zippur rits

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Was de rits al beschadigd?

Antwoord tonenWas the zipper already damaged?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

deel

Antwoord tonenpart

reis

Antwoord tonentrip

rits

Antwoord tonenzipper

beschadigd

Antwoord tonendamaged