Lokale geschiedenis onderzoeken in de bibliotheek | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: In a library, a researcher asks a librarian how to narrow a local history search and reach newspaper archives..

NL → EN / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Lokale geschiedenis onderzoeken in de bibliotheek oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

I'm researching local history and need stronger sources.

aajm ri-SUR-tsjing LOU-kəl HIS-tə-ri ən niid STRONG-er SOR-siz. Ik doe onderzoek naar lokale geschiedenis en heb betere bronnen nodig.
B

Let's narrow the topic first so the database search returns useful records.

lets NER-ou də TOP-ik ferst sou də DEI-tə-beis sertsj ri-TURNZ JOES-fəl REK-ərdz. Laten we het onderwerp eerst afbakenen, zodat de zoekopdracht in de databank bruikbare resultaten geeft.
A

I tried broad keywords, and the results were all over the place.

aaj traid brod KII-wurdz ən də ri-ZULTS wər ool ou-vər də pleis. Ik heb brede zoekwoorden geprobeerd, maar de resultaten liepen alle kanten op.
B

Use the neighborhood name, a date range, and the source type as filters.

JOEZ də NEI-bər-hoed neim, ə deit reindz, ən də SORS taip əz FIL-tərz. Gebruik de naam van de buurt, een periode en het soort bron als filters.
A

Could you show me how to access the newspaper archives?

kəd joe sjou mie hau tə AK-ses də NJOES-peipər AR-kaivz? Kunt u me laten zien hoe ik toegang krijg tot de krantenarchieven?
B

Some archives open only on the library network.

sam AR-kaivz OUP-ən OUN-lie on də LAI-breri NET-wurk. Sommige archieven zijn alleen toegankelijk via het bibliotheeknetwerk.
B

So start from this catalogue page.

sou start from dhis KAT-ə-log peidj. Begin daarom op deze cataloguspagina.
A

That explains why they would not load from home.

dhet ik-SPLEINZ wai dhei wəd not lōud from houm. Dat verklaart waarom ze thuis niet wilden laden.
B

Use this computer now.

joez dhis kəm-PJOE-tər nau. Gebruik nu deze computer.
B

Or sign in with your library card from the archive link.

or sain in widh jor LAI-breri kard from dhi AR-kaiv link. Of log in met uw bibliotheekpas via de link naar het archief.
A

That should save me a lot of time.

dhet sjoed seiv mie ə lot əv taim. Dat zou me veel tijd moeten besparen.
B

It should also give you sources that are easier to cite.

it sjoed OOL-sou giv joe SOR-siz dhət ar II-ziər tə sait. Het zou u ook bronnen moeten geven die gemakkelijker te citeren zijn.

Uitleg van de zinnen

  1. I'm researching local history and need stronger sources.

    Ik doe onderzoek naar lokale geschiedenis en heb betere bronnen nodig.

    I'm
    ik ben
    researching
    onderzoek doen
    local
    lokaal
    history
    geschiedenis
    need
    nodig hebben
    stronger
    betere
    sources
    bronnen
    Uitgebreide uitleg

    I'm is de verkorte vorm van I am. I is het onderwerp voor de spreker; am is de vorm van be die bij I hoort. In combinatie met een vorm op -ing helpt am om een activiteit als nu gaande weer te geven. researching komt van research. Hier betekent het dat de spreker onderzoek doet naar een onderwerp. De vorm researching is de tegenwoordige deelwoordsvorm; met I'm vormt die de present progressive: I'm researching ... = “ik ben ... aan het onderzoeken”. Voor een algemene bezigheid kan ook I research ... voorkomen, maar dat benadrukt niet op dezelfde manier dat de activiteit nu gaande is. local beschrijft iets dat met een bepaalde plaats of omgeving verbonden is. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord history: local history. Het bijvoeglijk naamwoord verandert hier niet van vorm voor enkelvoud of meervoud. history betekent “geschiedenis”. In local history gaat het om de geschiedenis van een plaats of omgeving. Een bruikbaar contrast is history tegenover historical: history is het onderwerp of vakgebied, terwijl historical iets beschrijft dat met het verleden of de geschiedschrijving te maken heeft. need betekent hier “nodig hebben”. De vorm is de tegenwoordige tijd bij het onderwerp I; in de derde persoon enkelvoud wordt dat needs, bijvoorbeeld: She needs more time. = “Zij heeft meer tijd nodig.” Na need kan een zelfstandig naamwoordgroep komen, zoals stronger sources. stronger is de vergrotende trap van strong: strong – stronger – the strongest. In deze context betekent het niet letterlijk fysiek sterker, maar betere of overtuigendere bronnen voor het onderzoek. De uitgang -er hoort bij het bijvoeglijk naamwoord strong, niet bij sources. De vergrotende trap vergelijkt deze bronnen met een andere bron of met een andere, in de zin niet nader genoemde standaard; de zin specificeert niet waarmee precies wordt vergeleken. sources is het meervoud van source, “bron”. Een bron kan bijvoorbeeld materiaal zijn waaruit informatie voor onderzoek komt. Het meervoud is zichtbaar aan -s: één source, meerdere sources. Samen vormen I'm researching local history en need stronger sources twee met and verbonden mededelingen. De spreker doet momenteel onderzoek naar lokale geschiedenis en heeft daarvoor betere of overtuigender bronnen nodig. De volledige betekenis is: “Ik doe onderzoek naar lokale geschiedenis en heb betere bronnen nodig.”

  2. Let's narrow the topic first so the database search returns useful records.

    Laten we het onderwerp eerst afbakenen, zodat de zoekopdracht in de databank bruikbare resultaten geeft.

    Let's
    laten we
    narrow
    afbakenen; versmallen
    topic
    onderwerp
    first
    eerst
    database search
    zoekopdracht in de databank
    useful
    bruikbaar
    records
    resultaten; gegevens
    Uitgebreide uitleg

    Let's is de verkorte vorm van let us. In deze zin vormt het een voorstel aan de spreker en minstens één andere persoon: “laten we …”. Na let's volgt de basisvorm van het werkwoord: Let's narrow, niet een vervoegde vorm. Voorbeeld: Let's check the source. — “Laten we de bron controleren.” narrow betekent hier “afbakenen” of “versmallen”: het onderwerp minder breed maken. Het is een werkwoord; de basisvorm is narrow, met bijvoorbeeld narrows bij it in de tegenwoordige tijd en narrowed als verleden tijd of voltooid deelwoord. Voorbeeld: We narrowed the search to two years. — “We bakenden de zoekopdracht af tot twee jaar.” topic is het onderwerp of thema waarover men spreekt of onderzoek doet. Het is een telbaar zelfstandig naamwoord: a topic, several topics. In deze zin is het onderwerp dat eerst moet worden afgebakend. Voorbeeld: The topic is local history. — “Het onderwerp is lokale geschiedenis.” first is hier een bijwoord en geeft de volgorde aan: deze handeling gebeurt vóór de andere handeling in de zin. Het betekent hier “eerst”, niet “de eerste” als bepaling bij een zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Read the instructions first. — “Lees eerst de instructies.” database search is een naamwoordelijke combinatie voor een zoekopdracht in een databank. database specificeert het soort zoekopdracht; samen vormen de woorden hier één bruikbare term. In the database search verwijst the naar de relevante, bepaalde zoekopdracht in deze context. Voorbeeld: The database search found three articles. — “De zoekopdracht in de databank vond drie artikelen.” useful is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “bruikbaar” of “nuttig”. Het beschrijft hier de records: de zoekopdracht levert records op die bruikbaar zijn voor het doel. De vergrotende trap is more useful en de overtreffende trap most useful. Voorbeeld: This source is more useful. — “Deze bron is bruikbaarder.” records is het meervoud van het zelfstandig naamwoord record. In deze context betekent het records of gegevens in een databank, en volgens de vaste vertaling gaat het om bruikbare resultaten van de zoekopdracht. Het enkelvoud is a record; het meervoud krijgt de uitgang -s. Voorbeeld: The system returned five records. — “Het systeem gaf vijf records terug.” De zin bouwt zo op: Let's narrow the topic first stelt voor om eerst het onderwerp af te bakenen. so introduceert het doel of gevolg: de afbakening moet ervoor zorgen dat the database search returns useful records, dus dat de zoekopdracht in de databank bruikbare resultaten oplevert. returns is de derde persoon enkelvoud van return, omdat the database search het onderwerp van dat werkwoord is. De volledige betekenis is: “Laten we het onderwerp eerst afbakenen, zodat de zoekopdracht in de databank bruikbare resultaten geeft.”

  3. I tried broad keywords, and the results were all over the place.

    Ik heb brede zoekwoorden geprobeerd, maar de resultaten liepen alle kanten op.

    tried
    probeerde
    broad
    breed
    keywords
    zoekwoorden
    results
    resultaten
    all over the place
    alle kanten op
    Uitgebreide uitleg

    tried is hier de verleden tijd van try, met de betekenis “probeerde”. De vorm is hetzelfde voor alle personen in de simple past: I tried, she tried, they tried. In een ontkenning of vraag staat na did de basisvorm: I didn’t try en Did you try?. broad betekent hier dat de gekozen zoekwoorden niet specifiek genoeg waren. Het is de basisvorm; de vergrotende trap is broader en de overtreffende trap broadest. In deze context contrasteert broad keywords met specifiekere zoekwoorden, zoals een buurtsnaam of een datumbereik. keywords is het meervoud van keyword: woorden die als belangrijke zoektermen worden gebruikt. Het meervoud wordt gevormd met -s. In broad keywords beschrijft broad het zelfstandig naamwoord keywords; het zegt dus iets over de reikwijdte van de zoektermen. results is het meervoud van result: uitkomsten of gevonden resultaten. Ook hier markeert -s het meervoud. Het woord kan bijvoorbeeld verwijzen naar wat een zoekopdracht oplevert: The search returned useful results. — “De zoekopdracht leverde bruikbare resultaten op.” all over the place is een vaste, informele uitdrukking voor iets dat ongeordend, verspreid of niet goed afgebakend is. In deze zin beschrijft de uitdrukking de results, niet een letterlijke plaats. Het werkwoord were is de verleden tijd van be bij een meervoudig onderwerp als the results; het koppelt de resultaten aan hun toestand: The results were unclear. — “De resultaten waren onduidelijk.” De eerste hoofdzin is I tried broad keywords: I is de spreker, tried geeft de eerdere poging aan, en broad keywords benoemt wat die persoon gebruikte. and verbindt dit met de tweede hoofdzin, the results were all over the place. Samen betekent de uiting: “Ik heb brede zoekwoorden geprobeerd, maar de resultaten liepen alle kanten op.” De vaste vertaling gebruikt maar; in het Engels staat hier and, terwijl de tweede hoofdzin wel het ongunstige gevolg naast de eerste zet.

  4. Use the neighborhood name, a date range, and the source type as filters.

    Gebruik de naam van de buurt, een periode en het soort bron als filters.

    Use
    gebruiken
    the neighborhood name
    de naam van de buurt
    a date range
    een periode
    the source type
    het soort bron
    filters
    filters
    Uitgebreide uitleg

    Use staat hier aan het begin als gebiedende wijs: de aangesprokene krijgt de opdracht om iets te gebruiken. De vorm is gelijk aan de basisvorm van use; in een gebiedende zin wordt het onderwerp you meestal niet uitgesproken. Voorbeeld: Use this map. — “Gebruik deze kaart.” the neighborhood name betekent hier “de naam van de buurt”. Neighborhood specificeert om wat voor naam het gaat. Een vergelijkbaar patroon is street name — “straatnaam”. a date range betekent hier “een periode”, specifieker: een datumbereik met een begin- en eindpunt. Range kan in andere combinaties ook een bereik aanduiden. Voorbeeld: Choose a date range. — “Kies een periode.” the source type betekent “het soort bron”. Source specificeert hier het type: het gaat om het type bron, niet om een bron zelf. Voorbeeld: Select the source type. — “Selecteer het soort bron.” filters is het meervoud van filter, hier in de betekenis van criteria waarmee zoekresultaten worden beperkt. De zin noemt drie dingen die als filters worden gebruikt: de naam van de buurt, een periode en het soort bron. Voorbeeld: These filters narrow the results. — “Deze filters beperken de resultaten.” Samen vormt de zin een instructie: gebruik de naam van de buurt, een periode en het soort bron als filters. as filters geeft hun functie aan: deze drie gegevens dienen als criteria waarmee de resultaten worden geselecteerd.

  5. Could you show me how to access the newspaper archives?

    Kunt u me laten zien hoe ik toegang krijg tot de krantenarchieven?

    Could you
    zou u kunnen…?
    show
    laten zien
    how to
    hoe je … kunt
    access
    toegang krijgen tot
    newspaper
    krant
    archives
    archieven
    Uitgebreide uitleg

    Could you is hier een beleefde vraag om iets te doen: “Zou u kunnen…?” Het werkwoord na could blijft in de basisvorm: Could you show ...? Niet Could you showed ...?. Could you help me? betekent bijvoorbeeld: “Zou u mij kunnen helpen?” show betekent hier iemand iets laten zien of uitleggen. De basisvorm is show; in de tegenwoordige tijd krijg je bijvoorbeeld I show en she shows. In deze vraag staat show na het modale werkwoord could, en daarom blijft het onveranderd. Could you show me the way? betekent: “Kunt u mij de weg wijzen?” how to leidt een uitleg in over de manier waarop je iets doet. Het patroon is how to + basisvorm: how to access = “hoe je toegang krijgt tot”. Hier is how to access the newspaper archives de inhoud van wat de aangesprokene moet laten zien: de manier om toegang te krijgen. Een ander voorbeeld is I know how to search the database. — “Ik weet hoe ik in de databank moet zoeken.” access is hier een werkwoord: toegang krijgen tot of iets kunnen openen/gebruiken. De basisvorm is access; na to in how to access blijft die vorm staan. Als zelfstandig naamwoord betekent access ook “toegang”, maar in deze zin benoemt het de handeling. Users can access the records online. betekent: “Gebruikers kunnen de gegevens online raadplegen.” newspaper betekent “krant” en staat hier vóór archives om het soort archieven aan te geven: archieven van kranten. Als zelfstandig naamwoord kan newspaper dus een krant aanduiden; in deze combinatie werkt het als bepaling bij het volgende zelfstandig naamwoord. a newspaper article betekent bijvoorbeeld “een krantenartikel”. archives is het meervoud van archive, “archief”. Het verwijst hier naar de verzameling bewaarde krantenmaterialen waar de spreker toegang toe wil krijgen. Het meervoud wordt gevormd met -s: one archive, two archives. The archive is closed betekent “Het archief is gesloten”, terwijl The archives are open betekent “De archieven zijn open.” Samen bestaat de vraag uit het beleefde verzoek Could you show me en de inhoud van de uitleg: how to access the newspaper archives. Er wordt gevraagd of de aangesprokene kan laten zien hoe de spreker toegang krijgt tot de krantenarchieven. De volledige betekenis is: “Kunt u me laten zien hoe ik toegang krijg tot de krantenarchieven?”

  6. Some archives open only on the library network.

    Sommige archieven zijn alleen toegankelijk via het bibliotheeknetwerk.

    Some
    sommige
    archives
    archieven
    open
    toegankelijk zijn
    only
    alleen
    library
    bibliotheek
    network
    netwerk
    Uitgebreide uitleg

    Some staat voor een onbepaald aantal meervoudige gevallen: hier gaat het om meerdere archieven, zonder dat het precieze aantal wordt genoemd. Het is niet hetzelfde als all (“alle”) of every (“elk(e)”). Voorbeeld: Some files are missing. = “Sommige bestanden ontbreken.” archives is het meervoud van archive (“archief”). Het verwijst hier naar archieven als informatiebronnen, in overeenstemming met de vertaling en de context over toegang tot krantenarchieven. De meervoudsvorm krijgt geen apostrof; bezit zou bijvoorbeeld the archive's page zijn voor “de pagina van het archief”. open is hier de tegenwoordige vorm van het werkwoord open. In deze zin betekent het niet letterlijk dat iemand een deur opent, maar dat de archieven toegankelijk of beschikbaar zijn. De vorm blijft open bij een meervoudig onderwerp: Some archives open ...; bij een enkelvoudig onderwerp wordt het opens: The archive opens .... Voorbeeld: The website opens at nine. = “De website gaat om negen uur open.” only beperkt hier de voorwaarde die erop volgt: toegang is uitsluitend mogelijk via het bibliotheeknetwerk. Het betekent dus “alleen”, niet “bijna”. De plaats van only helpt de beperking aan het daaropvolgende deel te koppelen. library is een zelfstandig naamwoord (“bibliotheek”) dat hier vóór een ander zelfstandig naamwoord staat en dat typeert: welk netwerk wordt bedoeld? In zo'n naamwoordelijke combinatie blijft library enkelvoudig: library network, niet libraries network. Het is geen bewering dat er maar één bibliotheek is; het beschrijft de functie of aard van het netwerk. network betekent “netwerk”. Samen vormen library network de combinatie “bibliotheeknetwerk”: een netwerk dat bij de bibliotheek hoort of door de bibliotheek wordt gebruikt. In het Engels staat het bepalende zelfstandig naamwoord doorgaans vóór het hoofdwoord; network is hier het hoofdwoord en library specificeert het. Samen betekent Some archives open only on the library network: “Sommige archieven zijn alleen toegankelijk via het bibliotheeknetwerk.” De structuur is Some archives (onderwerp) + open (werkwoord, hier “toegankelijk zijn”) + only on the library network (de beperkte voorwaarde waaronder dat gebeurt). De tegenwoordige tijd presenteert dit als een algemene toegangsregel.

  7. So start from this catalogue page.

    Begin daarom op deze cataloguspagina.

    So
    daarom
    start
    beginnen
    this
    deze
    catalogue
    catalogus
    page
    pagina
    Uitgebreide uitleg

    So verbindt deze zin met wat eraan voorafgaat en betekent hier ‘daarom’ of ‘dus’. Het introduceert een gevolgtrekking: So + .... start is hier het werkwoord in de gebiedende wijs: de aangesprokene krijgt de instructie om te beginnen. De basisvorm is start; in de derde persoon enkelvoud staat bijvoorbeeld starts, en de verleden tijd is started. Voorbeeld: Start here. — ‘Begin hier.’ this is een aanwijzend woord voor één nabij aangewezen ding. In het Engels verandert this niet naar grammaticaal geslacht; het meervoud is these. Voorbeeld: Read this page. — ‘Lees deze pagina.’ catalogue is een zelfstandig naamwoord voor een geordende lijst of publicatie met items. De spelling catalogue is de Britse vorm; catalog is een veelgebruikte Amerikaanse variant. In deze zin bepaalt catalogue het soort pagina. page is een zelfstandig naamwoord voor een pagina. Het meervoud is pages. Samen vormen catalogue page een zelfstandig-naamwoordgroep: een pagina van of voor een catalogus. Voorbeeld: Open the page. — ‘Open de pagina.’ Samen betekent start from this catalogue page: ‘begin vanaf deze cataloguspagina’. from geeft het vertrekpunt aan, this wijst de relevante cataloguspagina aan, en So maakt van de instructie een gevolgtrekking: ‘Begin daarom op deze cataloguspagina.’

  8. That explains why they would not load from home.

    Dat verklaart waarom ze thuis niet wilden laden.

    That
    dat
    explains
    verklaart
    why
    waarom
    they
    ze
    would not
    wilden niet
    load
    laden
    from home
    van thuis
    Uitgebreide uitleg

    That is hier een zelfstandig gebruikt aanwijzend voornaamwoord: “dat”. Het verwijst naar iets dat in de situatie al duidelijk is, maar de precieze referent wordt in deze zin niet zelfstandig benoemd. Als bepaler staat that vóór een zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld: That page is useful. — “Die pagina is nuttig.” explains komt van explain en betekent hier “verklaart”. De uitgang -s markeert in de tegenwoordige tijd de derde persoon enkelvoud: that explains; bij they of we blijft het explain. Voorbeeld: This explains the problem. — “Dit verklaart het probleem.” why betekent hier “waarom” en leidt een ingebedde vraagzin in: explain why ... betekent “uitleggen waarom ...”. Het is dus niet zelf de vraag aan het begin van een rechtstreekse vraag. Voorbeeld: She explained why she left. — “Ze legde uit waarom ze wegging.” they is een persoonlijk voornaamwoord voor de persoon of personen die hier laden. Deze vorm legt op zichzelf niet vast of het om één persoon of om meerdere personen gaat; de vertaling ze maakt dat hier evenmin duidelijk. Voorbeeld: They are waiting. — “Ze wachten.” would not geeft hier, in overeenstemming met wilden niet in de vertaling, aan dat de bedoelde persoon of personen niet wilden laden. Would is de vorm die in zulke verleden- of afstandelijke contexten bij will hoort; not maakt de betekenis negatief. Samen vormen ze hier met load de verbale constructie would not load, niet een losse betekenis van alleen would not. Voorbeeld: The door would not open. — “De deur wilde niet opengaan.” load is de basisvorm van het werkwoord “laden”. Na een modaal werkwoord zoals would gebruikt het Engels de basisvorm: would load, niet een vervoegde vorm. Voorbeeld: They can load the file. — “Ze kunnen het bestand laden.” from home betekent hier “van thuis” of “vanuit huis” en geeft aan dat thuis het vertrekpunt of de bron is. From kan ook andere vertrekpunten aanduiden, zoals in from the office — “vanuit kantoor”. In deze zin hoort de bepaling bij load. Samen vormt That explains why ... de structuur “Dat verklaart waarom ...”. De bijzin they would not load from home zegt dat de bedoelde persoon of personen thuis niet wilden laden. De volledige betekenis is daarom: “Dat verklaart waarom ze thuis niet wilden laden.”

  9. Use this computer now.

    Gebruik nu deze computer.

    Use
    gebruik
    this
    deze
    computer
    computer
    now
    nu
    Uitgebreide uitleg

    Use is hier de gebiedende wijs van use (‘gebruiken’). De vorm heeft geen zichtbaar onderwerp: de aangesprokene is het bedoelde onderwerp. De tegenwoordige tijdsvorm is use, terwijl de derde persoon enkelvoud uses heeft. Voorbeeld: Use this link. — ‘Gebruik deze link.’ this betekent hier ‘deze’ en wijst naar één nabij of in de situatie aangewezen zaak. Het staat vóór computer en stemt daarmee overeen in enkelvoud; voor meerdere zaken gebruik je bijvoorbeeld these. Voorbeeld: This book is useful. — ‘Dit boek is nuttig.’ computer is een zelfstandig naamwoord voor een computer. Het meervoud is computers; het onbepaalde lidwoord voor één niet nader bepaalde computer is a computer, terwijl this computer een specifieke aangewezen computer aanduidt. now betekent ‘nu’: het bepaalt het tijdstip waarop de opdracht moet worden uitgevoerd. Het is een bijwoord en verandert niet naar getal of persoon. Voorbeeld: Start now. — ‘Begin nu.’ Samen vormt Use this computer now. een directe opdracht: de aangesprokene moet deze specifieke computer nu gebruiken. De volgorde is gebiedende wijs + aanwijzend woord en zelfstandig naamwoord + tijdsbepaling. De vertaling is dus: ‘Gebruik nu deze computer.’

  10. Or sign in with your library card from the archive link.

    Of log in met uw bibliotheekpas via de link naar het archief.

    sign in
    inloggen
    library card
    bibliotheekpas
    archive link
    link naar het archief
    Uitgebreide uitleg

    sign in betekent hier dat je je aanmeldt bij een account of dienst. Het is een vaste werkwoordelijke combinatie; het losse sign betekent in deze combinatie niet simpelweg “ondertekenen”. De vorm sign in is hier een bevel, zonder uitgedrukt onderwerp: “log in”. Voorbeeld: Sign in to continue. — “Log in om door te gaan.” library card is een zelfstandig naamwoordelijk begrip voor een pas die bij een bibliotheek hoort. Card kan ook andere soorten kaarten of pasjes aanduiden; library beperkt de betekenis hier tot een bibliotheekpas. Voorbeeld: I have my library card. — “Ik heb mijn bibliotheekpas.” archive link is een naamwoordgroep: link is het hoofdwoord en archive specificeert welk verband de link heeft. In deze zin wordt de link bedoeld die naar het archief leidt. Engelse naamwoordgroepen zetten zo’n bepaling vaak vóór het hoofdwoord: archive link, vergelijkbaar met library card. Or verbindt deze mogelijkheid met de voorafgaande instructie. Het betekent hier “of”. with your library card geeft het middel of de manier aan waarmee de gebruiker zich aanmeldt. Your drukt bezit of betrekking tot de aangesprokene uit; het zegt op zichzelf niet hoeveel kaarten er zijn. from the archive link geeft de herkomst of route aan: de gebruiker kan via de link naar het archief inloggen. Het lidwoord the markeert een bepaalde, in deze context herkenbare link. Samen betekent de zin: “Of log in met uw bibliotheekpas via de link naar het archief.” De gebiedende vorm begint met sign in; daarna volgt with your library card als middel en from the archive link als route of herkomst van die aanmeldmogelijkheid. De zin is een korte, directe instructie.

  11. That should save me a lot of time.

    Dat zou me veel tijd moeten besparen.

    That
    dat
    should
    zou moeten
    save
    besparen
    me
    mij / me
    a lot of
    veel
    time
    tijd
    Uitgebreide uitleg

    That staat hier zelfstandig en verwijst naar een eerder genoemde handeling of mogelijkheid; de precieze referent wordt door deze ene zin niet verder benoemd. Als aanwijzend voornaamwoord kan that ook naar iets verder weg of eerder in het gesprek verwijzen. Het verschilt van this, dat meestal naar iets nabijers verwijst. should drukt hier een verwachte of bedoelde uitkomst uit: volgens de spreker zal het waarschijnlijk tijd besparen. Het is dus niet simpelweg een bevel. In deze constructie staat het modale werkwoord vóór het werkwoord: That should help = “Dat zou moeten helpen.” Na should komt de basisvorm van het werkwoord, dus save, niet saves of saved. save betekent hier “ervoor zorgen dat iets niet nodig is” of “iets besparen”. De basisvorm is save; met he, she of it zonder modaal wordt dat in de tegenwoordige tijd saves: This saves time = “Dit bespaart tijd.” Na should blijft de vorm save. me is de vorm voor de persoon die het voordeel ondervindt: “mij” of, in onbeklemtoonde positie, “me”. Het is hier het object van save: iets bespaart tijd voor de spreker. Vergelijk: It saves you time = “Het bespaart jou tijd.” a lot of geeft een grote hoeveelheid aan. Het staat vóór een zelfstandig naamwoord: a lot of work = “veel werk”. Deze uitdrukking is hier geen afzonderlijk telwoord; de precieze omvang wordt niet genoemd. time betekent hier de hoeveelheid tijd die nodig zou zijn. In deze betekenis is het meestal een ontelbaar zelfstandig naamwoord: a lot of time, niet normaal gesproken a lot of times wanneer men duur bedoelt. Times heeft in andere contexten bijvoorbeeld de betekenis “keren”: I called three times = “Ik belde drie keer.” Samen vormen de delen het patroon That should save me a lot of time: een eerder genoemde zaak of handeling zal naar verwachting de spreker een grote hoeveelheid benodigde tijd besparen. De vaste Nederlandse vertaling “Dat zou me veel tijd moeten besparen” geeft dezelfde verwachting weer. De zin is neutraal en bruikbaar wanneer je het praktische voordeel van een methode, hulpmiddel of handeling benoemt.

  12. It should also give you sources that are easier to cite.

    Het zou u ook bronnen moeten geven die gemakkelijker te citeren zijn.

    It should
    zou moeten
    also
    ook
    give
    geven
    you
    u
    sources
    bronnen
    easier
    gemakkelijker
    to cite
    citeren
    Uitgebreide uitleg

    It should: hier vormt should samen met give een uitdrukking van verwachting of waarschijnlijkheid, weergegeven als ‘zou moeten’. Na should staat het werkwoord in de basisvorm: should give, niet bijvoorbeeld een vorm met -s. Het onderwerp is It; in deze zin wordt dat volgens de vaste vertaling als ‘het’ weergegeven. also: betekent hier ‘ook’ en voegt deze bewering toe aan de eerdere bewering dat iets de spreker veel tijd zou moeten besparen. Het verandert niet wie de gever of ontvanger is. give: de basisvorm is give; in deze zin staat hij na het modale werkwoord should. De constructie give someone something betekent ‘iemand iets geven’. Voorbeeld: They give her useful advice. — ‘Ze geven haar nuttig advies.’ you: is hier de ontvanger van give en wordt in de vaste vertaling met het beleefde Nederlandse u weergegeven. Het Engelse you onderscheidt in deze vorm niet tussen enkelvoud en meervoud. sources: betekent hier ‘bronnen’. Dit is het meervoud van source: one source, two sources. De bron is datgene wat gegeven wordt. easier: betekent ‘gemakkelijker’ en vergelijkt de bronnen met iets anders of met een eerdere verwachting. De basisvorm is easy; de vergelijkende vorm is easier, met de spellingverandering y → i vóór -er. De overtreffende trap is easiest. Voorbeeld: This text is easier to understand. — ‘Deze tekst is gemakkelijker te begrijpen.’ 'to cite: to cite betekent ‘citeren’, dus een bron vermelden of ernaar verwijzen. to plus de basisvorm cite vormt hier een infinitief. In sources that are easier to cite` beschrijft deze infinitief wat gemakkelijker is: de bronnen zijn gemakkelijker om te citeren. Samen betekent It should also give you sources: ‘Het zou u ook bronnen moeten geven’. De bijzin that are easier to cite beperkt sources: het gaat om bronnen die gemakkelijker te citeren zijn. De volledige betekenis is daarom: ‘Het zou u ook bronnen moeten geven die gemakkelijker te citeren zijn.’

Grammatica

comparative adjective: easier

A narrow topic makes the search easier.

ə NER-ou TOP-ik meiks də sertsj II-ziər.

Een afgebakend onderwerp maakt de zoekopdracht gemakkelijker.

De uitgang -er vormt hier de vergrotende trap van een kort bijvoeglijk naamwoord.

all over the place

The results are all over the place.

də ri-ZULTS ar ool ou-vər də pleis.

De resultaten zijn alle kanten op verspreid.

Dit is een vaste uitdrukking voor resultaten die niet geordend of op één plek staan.

Engels woordenschat

broad bijvoeglijk naamwoord
brod breed

broad keywords

database zelfstandig naamwoord
DEI-tə-beis databank

the database search

history zelfstandig naamwoord
HIS-tə-ri geschiedenis

local history

local bijvoeglijk naamwoord
LOU-kəl lokaal

local history

narrow werkwoord
NER-ou afbakenen

Let's narrow the topic first.

records zelfstandig naamwoord
REK-ərdz gegevens; registraties

useful records

researching werkwoord
ri-SUR-tsjing onderzoek doen naar

I'm researching local history.

search zelfstandig naamwoord
sərtsj zoekopdracht

the database search

sources zelfstandig naamwoord
SOR-siz bronnen

need stronger sources

stronger bijvoeglijk naamwoord
STRONG-er sterker

stronger sources

topic zelfstandig naamwoord
TOP-ik onderwerp

narrow the topic

useful bijvoeglijk naamwoord
JOES-fəl bruikbaar

useful records

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Begin daarom op deze cataloguspagina.

Antwoord tonenSo start from this catalogue page.

Gebruik nu deze computer.

Antwoord tonenUse this computer now.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

afbakenen

Antwoord tonennarrow

bronnen

Antwoord tonensources

databank

Antwoord tonendatabase

sterker

Antwoord tonenstronger