Een activiteit kiezen bij veranderlijk weer | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: Before meeting others, two adults choose between an outdoor market and an indoor museum in case the weather changes..

NL → EN / Niveau: B1

Over deze les

Met Een activiteit kiezen bij veranderlijk weer oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

The weather may change, so choosing an activity feels difficult.

Dhuh wèdhur mee tsjeendzj, sou tjoe-zing uhn èk-tiv-uh-tie fielz dif-i-kult. Het weer kan veranderen, dus het is lastig om een activiteit te kiezen.
B

Pick something that still works indoors if it rains.

Pik sam-thing dhèt stil wurks in-doorz if it reejns. Kies iets dat ook binnen kan als het regent.
A

The outdoor market sounds fun, but rain could make it uncomfortable.

Dhuh aut-door maar-kit saundz fan, bat reejn kud meek it an-kamf-tuh-buhl. De buitenmarkt klinkt leuk, maar regen kan het minder prettig maken.
B

A museum would be easier if the weather turns bad.

Uhn mjoe-zie-um wud bie ie-zie-ur if dhuh wèdhur turnz bèd. Een museum zou makkelijker zijn als het weer slecht wordt.
A

That gives us flexibility without canceling the day.

Dhèt givz uhs fleks-uh-BIL-uh-tie wi-dhaut kèn-suh-ling dhuh dee. Dat geeft ons flexibiliteit zonder de dag af te zeggen.
B

Tell everyone the main plan and the indoor option before they leave.

Tel ev-ri-wan dhuh meejn plèn uhnd dhi in-door op-sjun bi-foor dhee liev. Vertel iedereen wat het hoofdplan is en wat de binnenoptie is voordat ze vertrekken.
A

I will send both choices before we meet.

Aai wil send bouth tsjoi-siz bi-foor wie miet. Ik stuur beide mogelijkheden voordat we afspreken.
B

People handle changes better when they know the alternative early.

Pie-puhl hèn-duhl tsjeendzjiz bet-ur wen dhee nou dhi ool-tur-nuh-tiv ur-li. Mensen kunnen beter met veranderingen omgaan als ze vroeg weten wat het alternatief is.

Woord voor woord

The In "The weather" verwijst "The" naar het specifieke weer waarover de gesprekspartners praten. Het is het bepaald lidwoord en staat voor een zelfstandig naamwoord. Je gebruikt het bij iets dat in de context duidelijk is.
weather "Weather" betekent hier het weer, met name de omstandigheden die kunnen veranderen. Het woord wordt gebruikt als onderwerp in "The weather may change". Je gebruikt het wanneer je over regen, zon of andere weersomstandigheden praat.
may "May" drukt in "The weather may change" een mogelijkheid uit: het weer kan veranderen. Het staat vóór het werkwoord "change". Je gebruikt het om iets mogelijk maar niet zeker te noemen.
change "Change" betekent hier veranderen. In "may change" beschrijft het een mogelijke verandering van het weer. Je gebruikt het voor situaties waarin iets anders wordt dan het eerst was.
so "So" betekent hier dus en verbindt de veranderende weersverwachting met de conclusie dat kiezen lastig is. Het geeft een gevolg of conclusie aan. Je gebruikt het om uit te leggen wat uit de vorige informatie volgt.
choosing "Choosing" verwijst hier naar het kiezen zelf in "choosing an activity". De vorm benoemt de activiteit als onderwerp van de zin. Je gebruikt deze vorm wanneer de handeling zelf centraal staat.
an "An" betekent hier een in "an activity". Deze vorm staat vóór "activity", dat met een klinkerklank begint. Je gebruikt "an" vóór een enkelvoudig telbaar woord met een klinkerklank aan het begin.
activity "Activity" betekent hier een activiteit die de mensen samen kunnen doen. In "choosing an activity" is het datgene waaruit gekozen wordt. Je gebruikt het voor een bezigheid of gepland onderdeel van een dag.
feels "Feels" betekent hier aanvoelt of lijkt in "feels difficult". Het beschrijft hoe de keuze wordt ervaren, niet letterlijk een aanraking. Je gebruikt het voor een persoonlijke indruk of ervaring.
difficult "Difficult" betekent hier moeilijk in "feels difficult". Het beschrijft hoe het kiezen wordt ervaren. Je gebruikt het om aan te geven dat iets veel moeite of nadenken vraagt.
Pick "Pick" is hier een directe aansporing om iets te kiezen. In "Pick something" volgt meteen wat gekozen moet worden. Je gebruikt het wanneer je iemand informeel vraagt of opdraagt een keuze te maken.
something "Something" betekent hier iets, namelijk een activiteit die geschikt kan zijn. In "Pick something" is het het onbepaalde object van de keuze. Je gebruikt het wanneer niet wordt gespecificeerd wat precies gekozen wordt.
that "That" verbindt in "something that still works indoors" het woord "something" met informatie over datgene. Het verwijst naar iets dat ook binnen geschikt is. Je gebruikt het om extra informatie over een genoemd ding toe te voegen.
still "Still" betekent hier nog steeds of ondanks de verandering nog. In "still works indoors" blijft de activiteit geschikt wanneer het regent. Je gebruikt het om aan te geven dat iets ondanks een omstandigheid geldig blijft.
works "Works" betekent hier werkt of geschikt is in "something that still works indoors". Het gaat erom dat de gekozen activiteit ook binnen uitvoerbaar blijft. Je gebruikt het voor iets dat praktisch bruikbaar of passend is.
indoors "Indoors" betekent binnen, dus in een gebouw. In "works indoors" geeft het aan waar de activiteit kan plaatsvinden. Je gebruikt het om een activiteit of situatie tegenover buiten te plaatsen.
if "If" betekent hier als en introduceert de voorwaarde "it rains". De geschiktheid binnen geldt voor het geval dat het regent. Je gebruikt het om een voorwaarde aan een gevolg of voorstel te koppelen.
it "It" is in "it rains" het onderwerp bij de weersomstandigheid. Het verwijst hier niet naar een specifiek voorwerp. Je gebruikt deze vorm in Engelse uitdrukkingen over het weer.
rains "Rains" betekent hier regent in "it rains". De vorm beschrijft regen als mogelijke weersomstandigheid. Je gebruikt het in een voorwaardelijke zin om een situatie met regen te noemen.
outdoor "Outdoor" betekent hier buiten of in de openlucht en beschrijft "market". In "The outdoor market" maakt het duidelijk dat de markt niet binnen is. Je gebruikt het vóór een zelfstandig naamwoord voor activiteiten of plaatsen buiten.
market "Market" betekent hier markt, de geplande buitenactiviteit. In "The outdoor market" vormt het samen met "outdoor" de naam van de optie. Je gebruikt het voor een plaats of evenement waar goederen worden aangeboden.
sounds "Sounds" betekent hier klinkt in "sounds fun". Het geeft de indruk weer die de buitenmarkt maakt wanneer iemand erover praat. Je gebruikt het om te zeggen hoe iets op basis van informatie overkomt.
fun "Fun" betekent hier leuk of plezierig in "sounds fun". Het beschrijft de verwachte ervaring van de markt. Je gebruikt het om een activiteit positief en informeel te beoordelen.
but "But" betekent hier maar en introduceert een tegenstelling tussen de leuke markt en het mogelijke ongemak door regen. Het verbindt twee tegengestelde overwegingen. Je gebruikt het om een bezwaar of beperking toe te voegen.
rain "Rain" betekent hier regen. In "rain could make it uncomfortable" is het de omstandigheid die mogelijk een negatief effect heeft. Je gebruikt het als onderwerp wanneer je regen als weersverschijnsel bespreekt.
could "Could" drukt in "rain could make it uncomfortable" een mogelijke uitkomst uit. Het maakt duidelijk dat regen het ongemak kan veroorzaken, maar dat dit niet zeker is. Je gebruikt het om een mogelijkheid of mogelijk gevolg voorzichtig te formuleren.
make "Make" betekent hier veroorzaken dat iets wordt in "make it uncomfortable". Regen kan er dus voor zorgen dat de situatie ongemakkelijk wordt. Je gebruikt het in een patroon waarin iets een toestand of effect veroorzaakt.
uncomfortable "Uncomfortable" betekent hier ongemakkelijk in "make it uncomfortable". Het beschrijft hoe de situatie door regen kan aanvoelen. Je gebruikt het voor een ervaring die lichamelijk of praktisch niet prettig is.
A "A" betekent hier een in "A museum". Het introduceert een museum als één mogelijke keuze, zonder een specifiek museum aan te wijzen. Je gebruikt "a" vóór een enkelvoudig telbaar woord wanneer het niet om iets specifieks gaat.
would "Would" geeft in "would be easier" een voorgestelde of voorwaardelijke beoordeling weer. De spreker zegt dat een museum in die situatie gemakkelijker zou zijn. Je gebruikt het om een mogelijk gevolg of voorstel minder stellig te formuleren.
be "Be" betekent hier zijn in "would be easier". Het verbindt "A museum" met de eigenschap "easier". Na "would" blijft deze werkwoordsvorm onveranderd.
easier "Easier" betekent hier gemakkelijker en vergelijkt de museumkeuze met de andere mogelijkheid. In "would be easier" beschrijft het waarom een museum bij slecht weer handiger kan zijn. Je gebruikt het om twee opties op gebruiksgemak te vergelijken.
turns "Turns" betekent hier wordt in de uitdrukking "turns bad". Samen geeft de uitdrukking aan dat het weer slecht wordt. Je gebruikt deze vorm om een verandering naar een bepaalde toestand te beschrijven.
bad "Bad" betekent hier slecht in "the weather turns bad". Het beschrijft een ongunstige toestand van het weer. Je gebruikt het om een negatieve kwaliteit of toestand aan te geven.
gives "Gives" betekent hier geeft of oplevert in "gives us flexibility". De keuze levert de groep meer ruimte om met het weer om te gaan. Je gebruikt het voor iets dat iemand een voordeel, mogelijkheid of resultaat oplevert.
us "Us" betekent ons en verwijst naar de mensen die samen de activiteit plannen. In "gives us flexibility" ontvangt deze groep het voordeel. Je gebruikt het als vorm voor de groep die iets krijgt of ervaart.
flexibility "Flexibility" betekent hier flexibiliteit: de mogelijkheid om het plan aan te passen. In deze zin gaat het om kunnen overschakelen naar de binnenoptie zonder de dag af te zeggen. Je gebruikt het voor ruimte om mee te bewegen met veranderende omstandigheden.
without "Without" betekent hier zonder en introduceert wat niet gebeurt: "canceling the day". De dag kan doorgaan zonder dat men hem afzegt. Je gebruikt het om een handeling of omstandigheid uit te sluiten.
canceling "Canceling" betekent hier afzeggen of annuleren in "without canceling the day". Na "without" benoemt deze vorm de handeling die wordt vermeden. Je gebruikt deze vorm na "without" wanneer je zegt dat iets gebeurt zonder een bepaalde handeling.
day "Day" betekent hier de geplande dag of het dagprogramma. In "canceling the day" is het de afspraak of activiteit van die dag die niet wordt afgezegd. Je gebruikt het voor een bepaalde periode of voor de plannen die daarbij horen.
Tell "Tell" is hier een directe opdracht om informatie aan anderen te geven. In "Tell everyone" volgt meteen wie de informatie moet ontvangen. Je gebruikt het wanneer je iemand vraagt iemand anders iets mee te delen.
everyone "Everyone" betekent hier iedereen die aan de geplande dag deelneemt of ervan moet weten. In "Tell everyone" is het de groep die geïnformeerd moet worden. Je gebruikt het voor alle personen in een bepaalde groep.
main "Main" betekent hier belangrijkste of hoofd- in "the main plan". Het onderscheidt het oorspronkelijke plan van de binnenoptie. Je gebruikt het vóór een zelfstandig naamwoord om de primaire keuze of bedoeling aan te geven.
plan "Plan" betekent hier het hoofdplan voor de activiteit. In "the main plan" gaat het om wat de groep in eerste instantie van plan is. Je gebruikt het voor een voorgenomen reeks handelingen of een afspraak.
and "And" betekent hier en en verbindt "the main plan" met "the indoor option". Het voegt de twee stukken informatie samen die aan iedereen verteld moeten worden. Je gebruikt het om gelijkwaardige woorden, zinnen of opties te verbinden.
indoor "Indoor" betekent hier binnen of voor binnen en beschrijft "option". In "the indoor option" gaat het om de keuze die bij slecht weer binnen kan plaatsvinden. Je gebruikt het vóór een zelfstandig naamwoord voor iets dat binnen gebeurt.
option "Option" betekent hier optie of keuzemogelijkheid. In "the indoor option" is het de alternatieve activiteit voor wanneer het weer slecht wordt. Je gebruikt het voor één van meerdere mogelijkheden.
before "Before" betekent hier voordat en geeft aan dat de informatie eerder moet worden gedeeld dan het vertrek. Het introduceert de tijdsrelatie in "before they leave". Je gebruikt het om aan te geven dat één handeling voorafgaat aan een andere.
they "They" betekent hier zij en verwijst naar de mensen die aan de dag deelnemen. In "before they leave" zijn zij degenen die vertrekken. Je gebruikt het voor meerdere personen wanneer je ze niet opnieuw bij naam noemt.
leave "Leave" betekent hier vertrekken in "before they leave". Het verwijst naar het moment waarop de mensen op weg gaan. Je gebruikt het voor het verlaten van een plaats of het beginnen aan een vertrek.
I "I" betekent ik en verwijst naar de spreker die de keuzes zal versturen. Het is het onderwerp van "I will send". Je gebruikt deze vorm wanneer de spreker zichzelf als handelende persoon noemt.
will "Will" geeft in "I will send" aan dat de handeling later zal gebeuren. Hier spreekt de spreker een voornemen uit om beide mogelijkheden te versturen. Je gebruikt het om over een toekomstige handeling of beslissing te spreken.
send "Send" betekent hier sturen in "I will send both choices". De spreker zal de twee mogelijkheden aan de anderen doorgeven, waarschijnlijk vóór de afspraak. Je gebruikt het voor het versturen van informatie, berichten of bestanden.
both "Both" betekent hier beide en verwijst naar precies twee keuzes. In "both choices" omvat het zowel het hoofdplan als de binnenoptie. Je gebruikt het vóór of bij twee zaken die samen worden bedoeld.
choices "Choices" betekent hier keuzes of keuzemogelijkheden en verwijst naar de twee voorgestelde activiteiten. Het is het meervoud van "choice". Je gebruikt het wanneer meer dan één mogelijkheid beschikbaar is.
we "We" betekent wij of we en verwijst naar de spreker samen met de andere betrokkenen. In "before we meet" gaat het om de groep die elkaar zal ontmoeten. Je gebruikt het voor jezelf en minstens één andere persoon.
meet "Meet" betekent hier afspreken of elkaar ontmoeten in "before we meet". Het verwijst naar het geplande moment waarop de groep samenkomt. Je gebruikt het voor een ontmoeting of afgesproken samenkomst.
People "People" betekent hier mensen in het algemeen, namelijk de deelnemers aan een plan. Het staat als onderwerp in "People handle changes better". Je gebruikt het om naar personen als groep te verwijzen.
handle "Handle" betekent hier omgaan met in "handle changes". Het beschrijft hoe mensen reageren wanneer het plan verandert. Je gebruikt het met een situatie, probleem of verandering waar iemand mee te maken krijgt.
changes "Changes" betekent hier veranderingen in plannen of omstandigheden. In "handle changes" gaat het om het aanpassen aan veranderend weer of een andere optie. Het is het meervoud van "change" en wordt gebruikt voor meer dan één verandering.
better "Better" betekent hier beter en vergelijkt hoe mensen met veranderingen omgaan wanneer ze vroeg geïnformeerd zijn. Het beschrijft een verbetering ten opzichte van een minder goede manier. Je gebruikt het om een gunstiger resultaat of manier aan te geven.
when "When" betekent hier wanneer of als en introduceert de omstandigheid "they know the alternative early". De zin legt uit onder welke voorwaarde mensen beter met veranderingen omgaan. Je gebruikt het om een moment of omstandigheid aan een hoofdzin te koppelen.
know "Know" betekent hier weten in "they know the alternative". Het gaat om het vooraf hebben van informatie over de andere mogelijkheid. Je gebruikt het voor kennis van een feit, persoon of mogelijkheid.
alternative "Alternative" betekent hier alternatief: de andere mogelijkheid naast het hoofdplan. In deze les is dat de optie die bij slecht weer binnen kan plaatsvinden. Je gebruikt het voor een vervangende keuze wanneer de eerste keuze niet geschikt is.
early "Early" betekent hier vroeg, dus ruim vóór het moment waarop de verandering of afspraak plaatsvindt. In "know the alternative early" gaat het om tijdige informatie. Je gebruikt het om aan te geven dat iets vóór het verwachte of afgesproken moment gebeurt.

Grammatica

Gerund as the subject: choosing + object

Choosing an indoor option is easier.

Tjoe-zing uhn in-door op-sjun iz ie-zie-ur.

Een binnenoptie kiezen is gemakkelijker.

Een -ing-vorm kan in het Engels als onderwerp van de zin staan: Choosing is hier het onderwerp.

can + base verb

The main plan can change.

Dhuh meejn plèn kèn tsjeendzj.

Het hoofdplan kan veranderen.

Na can gebruik je altijd het hele werkwoord zonder to: can change.

Engels woordenschat

activity zelfstandig naamwoord
èk-tiv-uh-tie activiteit
change werkwoord
tsjeendzj veranderen
choose werkwoord
tjoez kiezen choosing
difficult bijvoeglijk naamwoord
dif-i-kult moeilijk
easier bijvoeglijk naamwoord
ie-zie-ur gemakkelijker
indoors bijwoord
in-doorz binnen
museum zelfstandig naamwoord
mjoe-zie-um museum
outdoor market uitdrukking
aut-door maar-kit buitenmarkt
pick werkwoord
pik kiezen
rain zelfstandig naamwoord
reejn regen
uncomfortable bijvoeglijk naamwoord
an-kamf-tuh-buhl ongemakkelijk
weather zelfstandig naamwoord
wèdhur weer

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

kiezen

Antwoord tonenpick

regen

Antwoord tonenrain

activiteit

Antwoord tonenactivity

kiezen

Antwoord tonenchoosing