Realistische gewoonten voor een betere nachtrust | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: At home in the evening, two adults discuss improving sleep by reducing caffeine after dinner and replacing phone time with reading..

NL → EN / Niveau: B1

Over deze les

Met Realistische gewoonten voor een betere nachtrust oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

My sleep quality has been poor even when I go to bed early.

Mai sliep kwaluhdi hez bin poer ieven wen ai gou tuh bed urli. Mijn slaapkwaliteit is slecht, zelfs als ik vroeg naar bed ga.
B

What does your evening routine look like?

Wut duhz jur iebning roetien luk laik? Hoe ziet je avondroutine eruit?
A

I drink coffee after dinner and check my phone in bed.

Ai drink kofi aaftur dinur uhn tsjek mai foon in bed. Ik drink na het avondeten koffie en kijk in bed op mijn telefoon.
B

Both caffeine and screen time can make it harder to wind down.

Bouth kafien uhn skrien taim kun meik it hardur tuh waind daun. Zowel cafeïne als schermtijd kunnen het moeilijker maken om tot rust te komen.
A

I cannot change everything at once.

Ai kənnot tsjeindzj evrithing ut wuns. Ik kan niet alles tegelijk veranderen.
B

Start with one realistic change, like skipping coffee after dinner.

Start widh wun rie-uh-listik tsjeindzj, laik skiping kofi aaftur dinur. Begin met één realistische verandering, bijvoorbeeld door na het avondeten geen koffie meer te drinken.
A

Then I can replace phone time with reading before bed.

Dhen ai kun ripleis foon taim widh rieding bifor bed. Daarna kan ik de tijd op mijn telefoon vervangen door lezen voor het slapengaan.
B

A routine you can keep matters more than a perfect one.

Uh roetien joe kun kiep madurs mor dhen uh purfekt wun. Een routine die je kunt volhouden is belangrijker dan een perfecte routine.
A

I can test that for a short period before judging the result.

Ai kun test dhat fur uh short pieriejd bifor dzhadjing dhuh rizult. Ik kan dat korte tijd uitproberen voordat ik het resultaat beoordeel.
B

That gives your body enough time to adjust.

Dhat givz jur badi inuf taim tuh uh-dzhast. Dat geeft je lichaam genoeg tijd om zich aan te passen.

Woord voor woord

My In “My sleep quality” betekent “My” dat de slaapkwaliteit van de spreker is: mijn. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord en wordt gebruikt om bezit of verbondenheid aan te geven, bijvoorbeeld in een nieuwe uitdrukking als “my routine” (mijn routine).
sleep In “My sleep quality” verwijst “sleep” naar slaap. Het beschrijft hier het soort kwaliteit waarover de spreker praat. Je kunt “sleep” ook in nieuwe combinaties gebruiken, zoals “sleep problems” (slaapproblemen).
quality In “My sleep quality” betekent “quality” de kwaliteit of hoe goed iets is. Het hoort hier bij “sleep” en gaat dus over hoe goed de slaap is. Een bruikbaar patroon is “the quality of + zelfstandig naamwoord”, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: “the quality of the food”.
has In “has been poor” is “has” het hulpwerkwoord dat samen met “been” de toestand van de slaapkwaliteit tot nu toe beschrijft. Deze vorm staat hier bij het enkelvoudige onderwerp “My sleep quality”. Een bruikbaar patroon is “has been + beschrijving”, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: “The service has been slow.”
been In “has been poor” betekent “been” dat de slaapkwaliteit gedurende de bedoelde periode slecht is geweest. Het hoort hier bij “has” en vormt samen de beschrijving van een toestand. Een bruikbaar patroon is “has been + bijvoeglijke beschrijving”.
poor In “has been poor” betekent “poor” dat de slaapkwaliteit slecht is. Het beschrijft de toestand van “sleep quality”. Je kunt “poor” ook gebruiken voor een andere kwaliteit, zoals in een nieuw voorbeeld: “poor communication”.
even In “even when I go to bed early” benadrukt “even” dat het resultaat ondanks die omstandigheid nog steeds geldt. Hier blijft de slaapkwaliteit slecht, hoewel de spreker vroeg naar bed gaat. Een bruikbaar patroon is “even when + zin”.
when In “even when I go to bed early” introduceert “when” de omstandigheid of het moment waarop de spreker vroeg naar bed gaat. Samen met “even” betekent de hele combinatie: zelfs als of wanneer. Een bruikbaar patroon is “when + onderwerp + werkwoord”.
I In “I go to bed early” verwijst “I” naar de spreker: ik. Het is het onderwerp van de zin en staat vóór het werkwoord. Je gebruikt “I” wanneer je over jezelf spreekt.
go In “I go to bed early” betekent “go” gaan, hier in de vaste combinatie “go to bed”. Die combinatie betekent naar bed gaan. Een bruikbaar patroon is “go to + plaats”, maar in deze uitdrukking hoort “bed” bij de vaste combinatie.
to In “go to bed” geeft “to” de richting naar bed aan. Hier is het geen onderdeel van een infinitief, maar van de uitdrukking “go to bed”. Een bruikbaar patroon is “go to + bestemming”.
bed In “go to bed” betekent “bed” bed en verwijst het naar het moment waarop iemand gaat slapen. “Bed” staat hier zonder lidwoord in deze vaste uitdrukking. Een bruikbaar patroon is “go to bed”.
early In “go to bed early” betekent “early” vroeg, dus op een vroeg tijdstip. Het geeft aan wanneer de spreker naar bed gaat. Je kunt het ook gebruiken in een nieuwe uitdrukking als “arrive early”.
What In “What does your evening routine look like?” vraagt “What” naar de aard of kenmerken van de avondroutine. Het staat aan het begin van de vraag. Een bruikbaar patroon is “What does ... look like?” wanneer je vraagt hoe iets eruitziet of verloopt.
does In “What does your evening routine look like?” is “does” het hulpwerkwoord dat de vraag vormt. Het hoofdwerkwoord blijft daardoor “look”. Een bruikbaar patroon is “What does + onderwerp + werkwoord ...?”.
your In “your evening routine” betekent “your” jouw of je en verwijst het naar de persoon aan wie de vraag wordt gesteld. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord “evening routine”. Een bruikbaar patroon is “your + zelfstandig naamwoord”.
evening In “your evening routine” verwijst “evening” naar de avond. Het bepaalt wanneer de routine plaatsvindt. Een bruikbaar patroon is “evening + zelfstandig naamwoord”, zoals in een nieuw voorbeeld: “evening meal”.
routine In “your evening routine” betekent “routine” de vaste manier waarop iemand de avond doorbrengt. Hier gaat het om de gewoonten vóór het slapen. Een bruikbaar patroon is “a routine” gevolgd door een beschrijving van wat iemand regelmatig doet.
look In “What does your evening routine look like?” werkt “look” samen met “like” in de vraag naar de vorm of inhoud van iets. “Look” draagt het idee van eruitzien of overkomen bij, terwijl “like” de vergelijking of beschrijving inleidt. Gebruik de volledige vraag “What does ... look like?” om naar iemands routine of een andere situatie te vragen.
like In “What does your evening routine look like?” werkt “like” samen met “look” om te vragen hoe iets eruitziet of verloopt. “Like” leidt hier de beschrijving in die de routine kenmerkt. Een bruikbaar patroon is “What does + onderwerp + look like?”.
drink In “I drink coffee after dinner” betekent “drink” drinken. Het beschrijft hier een gewoonte van de spreker na het avondeten. Een bruikbaar patroon is “drink + drank”, zoals “drink coffee” in deze dialoog.
coffee In “I drink coffee after dinner” betekent “coffee” koffie. Het is hier wat de spreker na het avondeten drinkt. Een bruikbaar patroon is “drink + coffee”.
after In “after dinner” betekent “after” na en plaatst het de handeling in de tijd na het avondeten. Het staat hier vóór het zelfstandig naamwoord “dinner”. Een bruikbaar patroon is “after + gebeurtenis of tijdstip”.
dinner In “after dinner” verwijst “dinner” naar het avondeten. Het bepaalt het tijdstip waarna de spreker koffie drinkt. Een bruikbaar patroon is “after dinner”.
and In “I drink coffee after dinner and check my phone in bed” verbindt “and” twee handelingen van dezelfde spreker. De twee handelingen zijn koffie drinken en op de telefoon kijken. Een bruikbaar patroon is “werkwoord 1 and werkwoord 2”.
check In “check my phone” betekent “check” op de telefoon kijken om te zien wat erop staat. Het werkwoord staat vóór het object “my phone”. Een bruikbaar patroon is “check + object”, bijvoorbeeld in een nieuw voorbeeld: “check your email”.
phone In “check my phone” betekent “phone” telefoon. Het is het object waar de spreker in bed op kijkt. Een bruikbaar patroon is “check + my/your + phone”.
in In “in bed” geeft “in” de plaats of situatie aan waarin de handeling gebeurt. Hier kijkt de spreker op de telefoon terwijl die in bed ligt. Een bruikbaar patroon is “in bed”.
Both In “Both caffeine and screen time” verwijst “Both” naar de twee genoemde zaken samen: zowel cafeïne als schermtijd. Het wordt gebruikt in de structuur “Both X and Y”. Deze structuur is bruikbaar wanneer twee zaken dezelfde rol of hetzelfde effect hebben.
caffeine In “Both caffeine and screen time” betekent “caffeine” cafeïne. Het is een van de twee zaken die het moeilijker kunnen maken om tot rust te komen. Een bruikbaar patroon is “caffeine and + tweede factor” wanneer je twee invloeden samen noemt.
screen In “screen time” verwijst “screen” naar een scherm. Samen met “time” vormt het de uitdrukking voor tijd die iemand met een scherm doorbrengt. Een bruikbaar patroon is “screen time”.
time In “screen time” betekent “time” tijd, namelijk de tijd die met een scherm wordt doorgebracht. Het krijgt zijn precieze betekenis door de combinatie met “screen”. Een bruikbaar patroon is “[activiteit] time”, zoals “reading time” in een nieuw voorbeeld.
can In “can make it harder” geeft “can” aan dat iets mogelijk een bepaald effect heeft. Hier kunnen cafeïne en schermtijd het moeilijker maken om tot rust te komen. Een bruikbaar patroon is “can + werkwoord in de basisvorm”.
make In “can make it harder to wind down” betekent “make” veroorzaken dat iets een bepaalde eigenschap krijgt. Hier draagt het bij aan de constructie waarin iets het moeilijker maakt om tot rust te komen. Een bruikbaar patroon is “make it + bijvoeglijke beschrijving + to + werkwoord”.
it In “make it harder to wind down” verwijst “it” niet naar een concreet voorwerp, maar naar de situatie van tot rust komen. Het staat als object in deze constructie. Een bruikbaar patroon is “make it easier or harder to + werkwoord”.
harder In “make it harder to wind down” betekent “harder” dat iets meer moeite kost. Hier gaat het om meer moeite hebben om tot rust te komen. Een bruikbaar patroon is “make it harder to + werkwoord”.
wind down In “to wind down” betekent de volledige uitdrukking geleidelijk tot rust komen, vooral aan het einde van de dag. “Wind” vormt de kern van de uitdrukking en “down” voegt het idee van afbouwen of verminderen toe. Een bruikbaar patroon is “wind down before bed”.
cannot In “I cannot change everything at once” betekent “cannot” dat de spreker iets niet kan of niet in staat is om het te doen. Het is hier als één woord geschreven en staat vóór “change”. Een bruikbaar patroon is “cannot + werkwoord in de basisvorm”.
change In “change everything at once” betekent “change” veranderen. De spreker zegt dat niet alles tegelijk veranderd kan worden. Een bruikbaar patroon is “change + object”, zoals “change a routine” in een nieuw voorbeeld.
everything In “change everything at once” betekent “everything” alles, dus alle relevante gewoonten samen. Het is het object van “change”. Een bruikbaar patroon is “everything” wanneer je naar alle onderdelen van een situatie verwijst.
at In “at once” hoort “at” bij de volledige uitdrukking die hier tegelijk betekent. Het geeft dus niet zelfstandig de betekenis van de hele uitdrukking. Een bruikbaar patroon is “do several things at once”.
once In “at once” hoort “once” bij de volledige uitdrukking die hier tegelijk betekent: alle veranderingen op hetzelfde moment. In deze dialoog gaat het niet om de betekenis onmiddellijk. Een bruikbaar patroon is “at once” na een handeling of hoeveelheid activiteiten.
Start In “Start with one realistic change” is “Start” een aansporing om te beginnen. De spreker krijgt het advies om met één verandering te beginnen. Een bruikbaar patroon is “Start with + eerste stap”.
with In “Start with one realistic change” geeft “with” aan waarmee iemand begint. Hier is dat één realistische verandering. Een bruikbaar patroon is “start with + zelfstandig naamwoord”.
one In “one realistic change” betekent “one” één en beperkt het de hoeveelheid veranderingen tot één. Het staat vóór “realistic change”. Een bruikbaar patroon is “one + enkelvoudig zelfstandig naamwoord”.
realistic In “one realistic change” betekent “realistic” realistisch en haalbaar in de gegeven situatie. Het beschrijft de voorgestelde verandering. Een bruikbaar patroon is “a realistic + zelfstandig naamwoord”.
skipping In “skipping coffee after dinner” betekent “skipping” dat iemand koffie overslaat of bewust niet drinkt. De vorm staat na “like” en noemt een concreet voorbeeld van een verandering. Een bruikbaar patroon is “skipping + activiteit of item”, zoals in een nieuw voorbeeld: “skipping dessert”.
Then In “Then I can replace phone time with reading” betekent “Then” daarna of vervolgens. Het verbindt deze volgende stap met het eerdere plan om koffie over te slaan. Een bruikbaar patroon is “Then + onderwerp + werkwoord” om een volgende handeling te beschrijven.
replace In “replace phone time with reading” betekent “replace” iets vervangen door iets anders. De oorspronkelijke activiteit is “phone time” en de vervanging is “reading”. Het vaste patroon is “replace A with B”, waarbij A wordt vervangen door B.
reading In “with reading before bed” betekent “reading” lezen als activiteit. Het is hier de activiteit die de tijd op de telefoon vervangt. Een bruikbaar patroon is “with + activiteit in -ing-vorm”.
before In “before bed” betekent “before” vóór en geeft het aan dat lezen plaatsvindt voordat iemand naar bed gaat. Het staat hier vóór “bed”. Een bruikbaar patroon is “before + zelfstandig naamwoord” of “before + -ing-vorm”.
A In “A routine you can keep” betekent “A” een en introduceert het één routine die nog niet eerder als specifieke routine is aangewezen. Het staat vóór het enkelvoudige zelfstandig naamwoord “routine”. Een bruikbaar patroon is “a + enkelvoudig zelfstandig naamwoord”.
you In “you can keep” verwijst “you” naar de persoon die de routine uitvoert en moet volhouden. Het is het onderwerp van “can keep”. Een bruikbaar patroon is “you can + werkwoord in de basisvorm”.
keep In “A routine you can keep” betekent “keep” een routine blijven volgen of volhouden. Het object is hier “a routine”. Een bruikbaar patroon is “keep + routine or habit” wanneer je beschrijft dat je iets blijft doen.
matters In “A routine you can keep matters more than a perfect one” betekent “matters” belangrijk zijn of ertoe doen. De routine die iemand kan volhouden wordt belangrijker genoemd dan een perfecte routine. Een bruikbaar patroon is “X matters more than Y”.
more In “matters more than a perfect one” versterkt “more” de vergelijking: de ene routine doet in grotere mate ter zake dan de andere. Het hoort bij “more than”. Een bruikbaar patroon is “more ... than ...”.
than In “more than a perfect one” leidt “than” het tweede deel van de vergelijking in. Het vergelijkt de vol te houden routine met een perfecte routine. Een bruikbaar patroon is “more + beschrijving + than + vergelijking”.
perfect In “a perfect one” betekent “perfect” perfect of zonder tekortkomingen. Het beschrijft de routine waarmee de vol te houden routine wordt vergeleken. Een bruikbaar patroon is “a perfect + zelfstandig naamwoord”.
test In “I can test that” betekent “test” uitproberen om te zien wat het resultaat is. “That” verwijst hier naar de voorgestelde verandering. Een bruikbaar patroon is “test + plan, idee of verandering”.
that In “I can test that” verwijst “that” naar de voorgestelde verandering. In “That gives your body enough time to adjust” verwijst “That” naar de voorafgaande aanpak of proefperiode. Het woord wordt dus gebruikt om naar iets eerder genoemds te verwijzen.
for In “for a short period” geeft “for” de duur aan: gedurende een korte periode. Het staat vóór de tijdsduur. Een bruikbaar patroon is “for + tijdsduur”, zoals “for two weeks” in een nieuw voorbeeld.
short In “a short period” betekent “short” kort en beschrijft het de beperkte duur van de periode. Het staat vóór “period”. Een bruikbaar patroon is “a short + tijdseenheid of periode”.
period In “for a short period” betekent “period” een periode of afgebakende tijd. Hier gaat het om de tijd waarin de nieuwe gewoonte wordt uitgeprobeerd. Een bruikbaar patroon is “for a period of + tijdsduur”.
judging In “before judging the result” betekent “judging” het resultaat beoordelen. Na “before” beschrijft deze -ing-vorm de handeling die later plaatsvindt. Een bruikbaar patroon is “before + -ing-vorm”, zoals in een nieuw voorbeeld: “before making a decision”.
the In “the result” verwijst “the” naar een specifiek resultaat, namelijk het resultaat van de uitgeprobeerde verandering. Het staat vóór “result”. Een bruikbaar patroon is “the + zelfstandig naamwoord” wanneer de luisteraar weet om welk ding of resultaat het gaat.
result In “judging the result” betekent “result” het resultaat van de nieuwe slaapgewoonte. Dat resultaat wordt pas na de korte proefperiode beoordeeld. Een bruikbaar patroon is “judge the result” of “the result of + activiteit”.
gives In “That gives your body enough time to adjust” betekent “gives” geeft. Het onderwerp “That” geeft hier tijd aan “your body”. Een bruikbaar patroon is “give someone enough time to + werkwoord”.
body In “your body” betekent “body” lichaam. Het is hier degene die tijd krijgt om aan de nieuwe gewoonte te wennen. Een bruikbaar patroon is “your body” wanneer je over lichamelijke reacties of behoeften spreekt.
enough In “enough time” betekent “enough” genoeg of voldoende. Het staat vóór “time” en geeft aan dat de hoeveelheid tijd toereikend is. Een bruikbaar patroon is “enough + zelfstandig naamwoord”, zoals “enough time”.
adjust In “time to adjust” betekent “adjust” zich aanpassen aan een nieuwe situatie of gewoonte. Hier krijgt het lichaam tijd om aan de verandering te wennen. Een bruikbaar patroon is “time to adjust” of “adjust to + nieuwe situatie” in een nieuw voorbeeld.

Grammatica

Gerund as the subject: skipping + noun

Skipping caffeine before bed is a realistic change.

Skiping kafien bifor bed iz uh rie-uh-listik tsjeindzj.

Cafeïne overslaan voor het slapengaan is een realistische verandering.

Een werkwoord op -ing kan als onderwerp van de zin worden gebruikt.

replace A with B

Replace phone time with reading before bed.

Ripleis foon taim widh rieding bifor bed.

Vervang telefoontijd door lezen voor het slapengaan.

Na replace gebruik je with om aan te geven waarmee je iets vervangt.

Engels woordenschat

at once bijwoord
ut wuns tegelijk; in één keer
caffeine zelfstandig naamwoord
kafien cafeïne
change zelfstandig naamwoord
tsjeindzj verandering
check werkwoord
tsjek bekijken; controleren
early bijwoord
urli vroeg
evening routine zelfstandig naamwoord
ievning roetien avondroutine
go to bed uitdrukking
gou tuh bed naar bed gaan
poor bijvoeglijk naamwoord
poer slecht
realistic bijvoeglijk naamwoord
rie-uh-listik realistisch
screen time zelfstandig naamwoord
skrien taim schermtijd
sleep quality zelfstandig naamwoord
sliep kwaluhdi slaapkwaliteit
wind down uitdrukking
waind daun tot rust komen; ontspannen

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik kan niet alles tegelijk veranderen.

Antwoord tonenI cannot change everything at once.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

slecht

Antwoord tonenpoor

cafeïne

Antwoord tonencaffeine

vroeg

Antwoord tonenearly

bekijken; controleren

Antwoord tonencheck