Voedsel in de gedeelde koelkast | Leer engels in het Nederlands

English lesson set in a contemporary everyday setting in the United States: In a shared kitchen, two adults discuss expired food in a fridge and plan labels, a deadline, and a weekly cleanout..

NL → EN / Niveau: B1

Over deze les

Met Voedsel in de gedeelde koelkast oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het engels.

Dialoog

A

There's expired food in the shared fridge again.

Dherz ik-spaaierd foed in dhe sjerd fridzj ə-gen. Er ligt weer voedsel over de datum in de gedeelde koelkast.
B

It could become a hygiene problem if it sits there much longer.

It koed bi-kam ə hai-dzjien pro-bləm if it sits dher much long-ger. Het kan een hygiëneprobleem worden als het daar nog veel langer blijft liggen.
A

Some containers aren't labeled, so nobody knows who owns them.

Sam kən-tee-nərz arnt lee-bəld, sou nou-bə-dee nouz hoe ounz dhem. Op sommige bakjes staat geen naam, dus niemand weet van wie ze zijn.
B

We should post a notice asking people to add their names and dates.

Wie sjoed poust ə nou-tis aasking pie-pəl tə ed dher neemz ən deets. We zouden een bericht moeten ophangen waarin we mensen vragen hun naam en de datum erop te zetten.
A

Should we throw away anything older than a week?

Sjoed wie throu ə-wee en-ie-thing oul-der dhen ə wiek? Moeten we alles weggooien dat ouder is dan een week?
B

Only after we give everyone a clear deadline.

Oun-li aaftər wie giv evri-wan ə klier ded-lain. Pas nadat we iedereen een duidelijke deadline hebben gegeven.
A

Maybe we can suggest a weekly cleanout in the group chat.

Mee-bi wie kən sə-dzjest ə wiek-li klien-aut in dhe groep tsjet. Misschien kunnen we in de groepschat een wekelijkse opruimbeurt voorstellen.
B

That would make the weekly cleanout predictable instead of sudden.

Dhet wud meek dhe wiek-li klien-aut pri-dik-tə-bəl in-sted əv sad-n. Dan wordt de wekelijkse opruimbeurt voorspelbaar in plaats van onverwacht.
A

People can clear their shelves before cleaning day.

Pie-pəl kən klier dher sjelvz bi-foor klie-ning dee. Mensen kunnen hun plank opruimen vóór de schoonmaakdag.
B

That should make fridge use fair and safe for everyone.

Dhet sjoed meek fridzj joes feer ən seef fər evri-wan. Daardoor zou het gebruik van de koelkast eerlijk en veilig moeten worden voor iedereen.

Woord voor woord

There's “There's” betekent hier dat er voedsel in de koelkast aanwezig is; in het Nederlands past daarbij “er ligt”. Het is de verkorte vorm van “there is”. Gebruik “There's” vaak met iets dat ergens aanwezig is, bijvoorbeeld in “There's expired food in the shared fridge again.”
expired “expired” betekent hier “over de datum” en beschrijft het voedsel in de koelkast. Het komt vóór het zelfstandig naamwoord “food”. Je gebruikt het bijvoorbeeld om eten of een product met een verstreken houdbaarheidsdatum te beschrijven.
food “food” betekent hier “voedsel” in het algemeen. In “expired food” verwijst het naar het eten dat over de datum is. Je gebruikt “food” voor eten als algemene hoeveelheid of categorie.
in “in” geeft hier aan dat het voedsel zich binnen de gedeelde koelkast bevindt. Het staat in “in the shared fridge”. Gebruik “in” vóór een plaats of ruimte waarin iets zich bevindt.
the “the” is hier het bepaald lidwoord bij “shared fridge”: het gaat om de concrete gedeelde koelkast die de gesprekspartners kennen. Gebruik “the” vóór iets specifieks in plaats van iets willekeurigs.
shared “shared” betekent hier “gedeeld”: de koelkast wordt door meerdere mensen gebruikt. Het beschrijft “fridge” in “the shared fridge”. De vorm hangt samen met het werkwoord “share” en wordt hier vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt.
fridge “fridge” betekent “koelkast” en is een alledaags woord voor een koelkast. In “the shared fridge” gaat het om de koelkast die de gesprekspartners samen gebruiken. Je gebruikt “fridge” voor de plaats waar eten gekoeld wordt bewaard.
again “again” betekent hier “weer” en laat zien dat er opnieuw voedsel over de datum in de koelkast ligt. Het verwijst naar een herhaling van dezelfde situatie. Gebruik “again” wanneer iets nog een keer gebeurt.
It “It” verwijst hier naar het voedsel of de situatie die in de vorige zin is genoemd. In “It could become a hygiene problem” is het onderwerp van de mogelijkheid. Gebruik “it” om naar een al genoemde zaak of situatie te verwijzen.
could “could” geeft hier een mogelijkheid aan: de situatie zou een hygiëneprobleem kunnen worden. Na “could” staat het werkwoord in de basisvorm, zoals in “could become”. Gebruik “could” om een mogelijke ontwikkeling voorzichtig te beschrijven.
become “become” betekent hier “worden” of “veranderen in”. In “could become a hygiene problem” beschrijft het een mogelijke overgang naar een probleem. Na een modaal werkwoord zoals “could” staat “become” in deze basisvorm.
a “a” betekent hier “een” en introduceert één niet nader bepaald hygiëneprobleem. In “a hygiene problem” staat het vóór de beschrijving en het zelfstandig naamwoord. Gebruik “a” vóór een enkelvoudig, niet-specifiek telbaar zelfstandig naamwoord.
hygiene “hygiene” verwijst hier naar hygiëne en de omstandigheden die schoon en gezond moeten blijven. Samen met “problem” vormt het “a hygiene problem”. Je gebruikt “hygiene” bijvoorbeeld bij voedsel, schoonmaken en gezondheid.
problem “problem” betekent hier “probleem”: een ongewenste situatie die kan ontstaan door het voedsel dat te lang blijft liggen. In “a hygiene problem” wordt het soort probleem genoemd. Gebruik “problem” met “a” wanneer je één concreet probleem bedoelt.
if “if” betekent hier “als” en introduceert de voorwaarde “als het daar nog veel langer blijft liggen”. De voorwaarde verklaart wanneer het probleem zou kunnen ontstaan. Gebruik “if” om een voorwaarde of mogelijke situatie in te leiden.
sits “sits” betekent hier niet letterlijk alleen “zit”, maar dat het voedsel daar blijft liggen. In “if it sits there much longer” gaat het om voedsel dat zonder actie in de koelkast blijft. De vorm staat bij “it” in deze voorwaardelijke bijzin.
there “there” betekent hier “daar” en verwijst naar de plaats waar het voedsel ligt: de koelkast. In “sits there” geeft het de locatie van het blijven liggen aan. Gebruik “there” om naar een eerder genoemde plaats te verwijzen.
much “much” versterkt hier de vergelijking in “much longer” en betekent “veel”. Het maakt duidelijk dat het voedsel nog aanzienlijk langer blijft liggen. Gebruik “much” vóór een vergelijkende vorm om het verschil te versterken.
longer “longer” betekent hier “langer” en vergelijkt de verdere tijdsduur met de tijd die al verstreken is. Het staat in “much longer”. De vorm hangt samen met “long” en wordt gebruikt om een langere duur aan te geven.
Some “Some” betekent hier “sommige” en verwijst naar een deel van de bakjes, niet naar alle bakjes. Het staat vóór het meervoud “containers”. Gebruik “some” wanneer je een onbepaald deel van een groep bedoelt.
containers “containers” betekent hier “bakjes” of “containers” waarin voedsel wordt bewaard. Het meervoud verwijst naar meerdere bakjes in de koelkast. De enkelvoudige vorm is “container”; de dialoog gebruikt exact de meervoudsvorm “containers”.
aren't “aren't” betekent hier “zijn niet”: sommige bakjes zijn niet van een naam voorzien. Het is de verkorte vorm van “are not” en staat bij het meervoudige onderwerp “Some containers”. Gebruik “aren't” om in deze vorm te zeggen dat iets of iemand niet zo is.
labeled “labeled” betekent hier “gelabeld” of “van een naam voorzien”. In “aren't labeled” wordt gezegd dat er geen naam op sommige bakjes staat. De vorm hangt samen met “label” en beschrijft hier de toestand van de bakjes.
so “so” betekent hier “dus” en verbindt de ontbrekende namen met het gevolg dat niemand weet van wie de bakjes zijn. Het introduceert dus de conclusie of het resultaat. Gebruik “so” om een gevolg aan een eerdere situatie te koppelen.
nobody “nobody” betekent “niemand” en maakt het onderwerp van “knows” negatief: geen enkele persoon weet het. Het verwijst hier naar alle mensen die de gedeelde koelkast gebruiken. Gebruik “nobody” wanneer je “geen enkele persoon” bedoelt.
knows “knows” betekent hier “weet” of “weet wie de eigenaar is”. In “nobody knows who owns them” gaat het om kennis over de eigenaar van de bakjes. De vorm hangt samen met “know” en staat hier bij “nobody”.
who “who” betekent hier “wie” en leidt de vraag naar de persoon die eigenaar is van de bakjes in. In “who owns them” staat het vóór de informatie die nog niet bekend is. Gebruik “who” om naar een persoon te vragen of naar een onbekende persoon te verwijzen.
owns “owns” betekent hier “bezit” of “eigenaar is van”. In “who owns them” wordt gevraagd welke persoon de bakjes bezit. De vorm hangt samen met “own” en staat hier bij “who” als onderwerp.
them “them” betekent hier “ze” en verwijst naar de eerder genoemde “containers”. Het is het voorwerp bij “owns”: wie bezit ze? Gebruik “them” om naar meerdere al genoemde zaken te verwijzen wanneer die het voorwerp zijn.
We “We” betekent “we” en verwijst hier naar de twee gesprekspartners die samen een bericht willen ophangen. Het is het onderwerp van “should post”. Gebruik “we” wanneer de spreker zichzelf samen met anderen bedoelt.
should “should” betekent hier “zou moeten” en drukt een advies of passende actie uit. In “We should post” en “Should we throw away” staat het vóór de basisvorm van het werkwoord. Gebruik “should” om advies te geven of een voorstel als vraag te formuleren.
post “post” betekent hier “ophangen” of “plaatsen”, omdat het om een mededeling voor de gebruikers van de koelkast gaat. In “should post a notice” staat het vóór het voorwerp “a notice”. Gebruik “post” met een notice, message of sign wanneer je iets zichtbaar wilt plaatsen.
notice “notice” betekent hier “bericht” of “mededeling” die mensen kunnen lezen. In “post a notice” is het de tekst die in de gedeelde ruimte wordt opgehangen. Gebruik “notice” voor een korte mededeling met informatie of een verzoek.
asking “asking” betekent hier “vragen om” en beschrijft wat de mededeling aan mensen vraagt. In “asking people to add their names and dates” volgt na “asking” de persoon en daarna “to” met de gevraagde actie. Gebruik dit patroon wanneer een bericht of persoon iemand vraagt iets te doen.
people “people” betekent “mensen” en verwijst hier naar de gebruikers van de gedeelde koelkast. Het is de persoon- of groepsaanduiding na “asking”. Gebruik “people” wanneer je meerdere personen in het algemeen bedoelt.
to “to” leidt hier de gevraagde handeling “add their names and dates” in. Samen met de werkwoordsvorm erna vormt het een infinitiefconstructie. Gebruik “ask someone to” wanneer je zegt dat je iemand vraagt iets te doen.
add “add” betekent hier “toevoegen” of op een bakje zetten: mensen moeten hun namen en datums vermelden. Het staat na “to” in “to add their names and dates”. Gebruik “add” met iets dat aan een bestaande lijst, tekst of plaats wordt toegevoegd.
their “their” betekent hier “hun” en verwijst naar de mensen die hun eigen namen en datums moeten toevoegen. Het staat vóór de meervoudige zelfstandige naamwoorden “names and dates”. Gebruik “their” om bezit of betrokkenheid van meerdere mensen aan te geven.
names “names” betekent hier “namen”, namelijk de namen van de mensen die hun bakjes gebruiken. Het staat samen met “dates” als informatie die op de bakjes moet komen. De enkelvoudige vorm is “name”; de dialoog gebruikt “names” voor meerdere namen.
and “and” betekent “en” en verbindt hier de twee soorten informatie “names” en “dates”. Het voegt beide dingen samen binnen dezelfde instructie. Gebruik “and” om woorden of woordgroepen naast elkaar te plaatsen.
dates “dates” betekent hier “datums” die samen met de namen op de bakjes moeten worden gezet. Het staat in de opsomming “names and dates”. De enkelvoudige vorm is “date”; de dialoog gebruikt “dates” voor meerdere datumvermeldingen.
throw away “throw away” betekent als geheel “weggooien” en verwijst hier naar voedsel dat uit de koelkast moet worden verwijderd. In “throw away”, bestaande uit “throw” en “away”, geeft “throw” de handeling van gooien aan en “away” dat iets weg van de huidige plaats gaat. Gebruik “throw away” met het voorwerp dat je wilt weggooien, zoals “throw away anything”.
anything “anything” betekent hier “iets” of “wat dan ook” binnen de vraag over voedsel dat ouder is dan een week. Het is het voorwerp van “throw away”. Gebruik “anything” in vragen of ontkennende zinnen wanneer het niet om één specifiek ding gaat.
older “older” betekent hier “ouder” en vergelijkt de leeftijd van het voedsel met één week. In “anything older than a week” bepaalt het welke dingen weggegooid zouden worden. De vorm hangt samen met “old” en staat vóór “than” bij een vergelijking.
than “than” betekent hier “dan” en verbindt de vergelijking “older” met de maatstaf “a week”. Het maakt duidelijk dat het voedsel ouder is dan één week. Gebruik “than” na een vergelijkende vorm zoals “older”.
a week “a week” betekent hier “een week” en geeft de tijdsgrens voor het voedsel aan. “A” verwijst naar één tijdseenheid en “week” benoemt die eenheid; samen vormen ze de volledige maatstaf in “older than a week”. Gebruik “a week” om een periode van zeven dagen aan te duiden.
Only “Only” betekent hier “alleen” of “pas” en beperkt het moment waarop het voedsel mag worden weggegooid. In “Only after we give everyone a clear deadline” betekent het: pas nadat iedereen vooraf is geïnformeerd. Gebruik “only after” om een noodzakelijke voorwaarde of volgorde te benadrukken.
after “after” betekent hier “nadat” en geeft aan dat het weggooien pas volgt op het geven van een duidelijke deadline. Het staat vóór de bijzin “we give everyone a clear deadline”. Gebruik “after” om een latere handeling of gebeurtenis in de tijd aan te geven.
give “give” betekent hier “geven” in de combinatie “give everyone a clear deadline”: iedereen krijgt een duidelijke uiterste datum. Het werkwoord staat na “we” in de basisvorm. Gebruik “give someone something” wanneer iemand iets ontvangt, zoals een bericht, termijn of datum.
everyone “everyone” betekent “iedereen” en verwijst hier naar alle mensen die de koelkast gebruiken. In “give everyone a clear deadline” is het de groep die de deadline moet ontvangen. Gebruik “everyone” voor alle personen binnen de bedoelde groep.
clear “clear” betekent hier “duidelijk” of “ondubbelzinnig” in “a clear deadline”. Het beschrijft een deadline waarvan voor iedereen begrijpelijk is wanneer die eindigt. Gebruik “clear” vóór een zelfstandig naamwoord om aan te geven dat iets gemakkelijk te begrijpen is.
deadline “deadline” betekent “uiterste datum” of “deadline”. Hier is het de datum vóór welke iedereen zijn voedsel of bakjes moet regelen. Gebruik “deadline” voor het laatste moment waarop een actie moet zijn uitgevoerd.
Maybe “Maybe” betekent “misschien” en maakt het voorstel voorzichtig: de spreker brengt een mogelijke oplossing naar voren. Het staat vóór “we can suggest”. Gebruik “maybe” om een idee of mogelijkheid voor te stellen zonder het als vaststaand plan te presenteren.
can “can” betekent hier “kunnen” en drukt uit dat de gesprekspartners de mogelijkheid hebben om een wekelijkse opruimbeurt voor te stellen. Na “can” staat de basisvorm “suggest”. Gebruik “can” voor mogelijkheid of haalbaarheid.
suggest “suggest” betekent hier “voorstellen” als idee voor de groepschat. In “suggest a weekly cleanout” volgt direct het voorgestelde plan. Gebruik “suggest” met een idee, plan of activiteit die je ter overweging voorlegt.
weekly “weekly” betekent hier “wekelijks” en beschrijft iets dat iedere week gebeurt. In “a weekly cleanout” bepaalt het hoe vaak de opruimbeurt plaatsvindt. Gebruik “weekly” vóór een zelfstandig naamwoord voor een terugkerende wekelijkse activiteit.
cleanout “cleanout” betekent hier “opruimbeurt”: een geplande activiteit waarbij de koelkast wordt leeggemaakt of opgeruimd. Het staat in “a weekly cleanout”. Gebruik “cleanout” voor een georganiseerde opruiming van een ruimte of verzameling spullen.
group “group” betekent hier “groep” en maakt samen met “chat” de uitdrukking “group chat”. Het verwijst naar de chat waarin alle betrokken mensen kunnen worden bereikt. Gebruik “group” vóór een zelfstandig naamwoord om iets voor meerdere personen aan te duiden.
chat “chat” betekent hier “chat” of groepsgesprek via berichten. In “the group chat” is het de plaats waar het voorstel voor de opruimbeurt wordt gedeeld. Gebruik “chat” voor een digitaal gesprek of de dienst waarin dat gesprek plaatsvindt.
That “That” verwijst hier naar het voorgestelde wekelijkse opruimplan uit de vorige zin. In “That would make the weekly cleanout predictable” is het onderwerp van het gevolg. Gebruik “that” om naar een eerder genoemd idee, feit of plan te verwijzen.
would “would” betekent hier “zou” en beschrijft het verwachte gevolg van het voorgestelde plan. In “That would make” staat het vóór de basisvorm “make”. Gebruik “would” om een mogelijk of verwacht gevolg van een situatie te formuleren.
make “make” betekent hier “ervoor zorgen dat” of “maken”, omdat het wekelijkse plan de opruimbeurt voorspelbaar zou maken. In “make the weekly cleanout predictable” volgt eerst wat verandert en daarna de nieuwe eigenschap. Gebruik “make + object + adjective” om te zeggen dat iets een bepaalde toestand of eigenschap krijgt.
predictable “predictable” betekent hier “voorspelbaar”: mensen weten vooraf wanneer de opruimbeurt plaatsvindt. Het beschrijft “the weekly cleanout” na “make”. Gebruik “predictable” voor iets waarvan tijdstip of verloop vooraf redelijk te verwachten is.
instead “instead” markeert hier een alternatief voor iets dat plotseling gebeurt. Samen met “of” vormt het in “instead of sudden” de tegenstelling tussen voorspelbaar en plotseling. Gebruik “instead of” om aan te geven wat er gebeurt ter vervanging van iets anders.
of “of” maakt hier samen met “instead” de constructie “instead of sudden”, die aangeeft wat wordt vervangen. Het verbindt het alternatief met “sudden”. Gebruik “instead of” vóór het woord of de woordgroep die niet gekozen wordt.
sudden “sudden” betekent hier “plotseling” of “onverwacht”. Het beschrijft een opruimbeurt die zonder vooraf voorspelbare planning zou plaatsvinden. In “instead of sudden” wordt het tegenover “predictable” geplaatst.
shelves “shelves” betekent hier “planken” in de koelkast waarop mensen hun voedsel bewaren. Het meervoud verwijst naar meerdere planken of opslagplaatsen. De enkelvoudige vorm is “shelf”; de dialoog gebruikt exact “shelves”.
before “before” betekent hier “voor” of “voordat” en geeft aan dat mensen hun planken opruimen vóór de schoonmaakdag. Het staat vóór “cleaning day” in “before cleaning day”. Gebruik “before” om een eerdere tijd of handeling aan te geven.
cleaning “cleaning” beschrijft hier de schoonmaakactiviteit in “cleaning day”. Samen met “day” verwijst het naar de dag waarop de koelkast wordt schoongemaakt. De vorm hangt samen met “clean” en wordt hier gebruikt om het soort dag te benoemen.
day “day” betekent hier “dag” en vormt samen met “cleaning” de uitdrukking “cleaning day”. Het verwijst naar de geplande dag voor het schoonmaken. Gebruik “day” om een bepaalde dag of een dag waarop een activiteit plaatsvindt aan te duiden.
use “use” betekent hier “gebruik” in “fridge use”: het gebruik van de koelkast door de bewoners. Het is onderdeel van een woordgroep die beschrijft hoe mensen de koelkast gebruiken. Gebruik “use” ook in combinaties met een voorwerp of plaats om het gebruik daarvan te benoemen.
fair “fair” betekent hier “eerlijk” en beschrijft een manier van koelkastgebruik waarbij iedereen dezelfde redelijke behandeling krijgt. Het staat naast “safe” na “make”. Gebruik “fair” om een regeling of verdeling als rechtvaardig te beschrijven.
safe “safe” betekent hier “veilig” en beschrijft koelkastgebruik waarbij de omstandigheden geen onnodig hygiënerisico opleveren. Het staat samen met “fair” als gewenst resultaat. Gebruik “safe” om aan te geven dat iets geen gevaar oplevert of beschermd is.
for “for” betekent hier “voor” en verbindt het gewenste resultaat met de groep die ervan profiteert: “for everyone”. Gebruik “for” vóór een persoon of groep om aan te geven voor wie iets bedoeld, nuttig of geldig is.

Grammatica

nobody + werkwoord in de derde persoon enkelvoud

Nobody owns this food.

Nou-bə-dee ounz dhis foed.

Niemand bezit dit eten.

Na ‘nobody’ gebruik je bij een werkwoord de derde persoon enkelvoud: ‘owns’, niet ‘own’.

comparative + than

This food is older than that food.

Dhis foed iz oul-der dhen dhet foed.

Dit eten is ouder dan dat eten.

Gebruik ‘-er than’ om twee dingen te vergelijken: ‘older than’ betekent ‘ouder dan’.

Engels woordenschat

add werkwoord
ed toevoegen; erop zetten
container zelfstandig naamwoord
kən-tee-nər bakje; bewaardoos containers
expired bijvoeglijk naamwoord
ik-spaaierd over de datum; verlopen
food zelfstandig naamwoord
foed voedsel; eten
fridge zelfstandig naamwoord
fridzj koelkast
hygiene problem uitdrukking
hai-dzjien pro-bləm hygiëneprobleem
labeled bijvoeglijk naamwoord
lee-bəld gelabeld; van een naam voorzien
longer bijwoord
long-ger langer
nobody voornaamwoord
nou-bə-dee niemand
notice zelfstandig naamwoord
nou-tis mededeling; bericht
own werkwoord
oun bezitten; van iemand zijn

who owns them

shared bijvoeglijk naamwoord
sjerd gedeeld

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

over de datum; verlopen

Antwoord tonenexpired

koelkast

Antwoord tonenfridge

niemand

Antwoord tonennobody

gedeeld

Antwoord tonenshared