I
"I" verwijst naar de persoon die spreekt: in deze dialoog vraagt die persoon om meer privacy. Gebruik "I" als onderwerp voor wat je zelf doet, vindt of nodig hebt, bijvoorbeeld in "I am not comfortable".
am
"am" geeft samen met "I" de huidige toestand van de spreker aan. In "I am not comfortable" beschrijft het hoe de spreker zich nu voelt. Gebruik "I am" voor een toestand of beschrijving van jezelf.
not
"not" maakt "I am comfortable" negatief: de spreker voelt zich niet op zijn gemak. Het staat hier vóór "comfortable" binnen de ontkenning. Gebruik "not" om een toestand, handeling of bewering te ontkennen.
comfortable
"comfortable" betekent hier dat iemand zich op zijn gemak voelt. In "I am not comfortable discussing sensitive details" zegt de spreker dat dit gesprek ongemakkelijk voelt. Je kunt "comfortable" ook gebruiken voor een situatie of plek waarin je je prettig voelt.
discussing
"discussing" betekent hier dat iemand gevoelige details bespreekt. De vorm staat na "comfortable" in de constructie "comfortable discussing sensitive details". Gebruik deze vorm wanneer je beschrijft dat praten over een onderwerp wel of niet prettig is.
sensitive
"sensitive" beschrijft hier details die persoonlijk of delicaat zijn. In "sensitive details" gaat het om informatie waarbij privacy belangrijk is. Gebruik "sensitive" vóór een zelfstandig naamwoord voor onderwerpen die voorzichtig behandeld moeten worden.
details
"details" verwijst hier naar specifieke stukjes informatie die aan de receptie besproken zouden kunnen worden. Het woord staat in "sensitive details". Gebruik "details" bijvoorbeeld voor informatie over een afspraak, situatie of probleem.
at
"at" geeft in "at the reception desk" de plaats aan waar de bespreking zou plaatsvinden. Het wordt hier gebruikt met een specifieke plek of locatie. Gebruik "at" in patronen zoals "at the desk" of "at the clinic" wanneer je een plaats bedoelt.
the
"the" verwijst naar een specifieke receptiebalie die in deze kliniek bekend is. In "the reception desk" gaat het niet om zomaar een balie. Gebruik "the" wanneer de luisteraar kan weten welke persoon, plaats of zaak je bedoelt.
reception
"reception" verwijst hier naar de receptie van de kliniek, waar bezoekers zich melden. Het woord maakt samen met "desk" de uitdrukking "the reception desk". Gebruik "reception" in een kliniek, hotel of andere instelling voor de plek waar bezoekers worden ontvangen.
desk
"desk" betekent hier de balie of werkplek bij de receptie. In "the reception desk" is het de plek waar de spreker niet hardop over gevoelige informatie wil praten. Gebruik "desk" voor een werktafel of balie waar iemand werkt of bezoekers helpt.
We
"We" verwijst naar de medewerker en andere betrokkenen die samen iets voor de bezoeker kunnen regelen. In "We can move" spreekt de medewerker namens de kliniek. Gebruik "we" als onderwerp wanneer de spreker zichzelf samen met anderen bedoelt.
can
"can" geeft hier aan dat de medewerker een mogelijkheid of toestemming aanbiedt. In "We can move to a private area" stelt de medewerker voor om ergens anders heen te gaan. Gebruik "can" voor mogelijkheden, vaardigheden of toegestane handelingen.
move
"move" betekent hier naar een andere plek gaan. In "We can move to a private area" gaat het om het verplaatsen van het gesprek naar een rustigere ruimte. Gebruik "move to" met de bestemming waar iemand of iets naartoe gaat.
to
"to" geeft in "move to a private area" de richting en bestemming aan. Het verbindt "move" met de plek waar men naartoe gaat. Gebruik "to" na werkwoorden van beweging om de bestemming te noemen.
a
"a" introduceert in "a private area" een niet nader bepaalde privéruimte. De medewerker noemt een mogelijke ruimte, niet een ruimte die al eerder specifiek is aangewezen. Gebruik "a" voor een enkelvoudige telbare zaak die nog niet specifiek is geïdentificeerd.
private
"private" beschrijft hier een ruimte waar anderen het gesprek niet zomaar kunnen horen. In "a private area" ondersteunt het woord het verzoek om vertrouwelijkheid. Gebruik "private" vóór een zelfstandig naamwoord voor iets dat niet voor het publiek toegankelijk is.
area
"area" betekent hier een bepaalde plek of ruimte binnen de kliniek. In "a private area" is het de bestemming voor persoonlijke zaken. Gebruik "area" voor een afgebakend deel van een gebouw of omgeving.
for
"for" geeft in "for anything personal" het doel of de aangelegenheden aan waarvoor de ruimte bedoeld is. Het verbindt de privéruimte met persoonlijke onderwerpen. Gebruik "for" vóór een doel, persoon of soort activiteit.
anything
"anything" verwijst hier algemeen naar elke persoonlijke zaak die besproken moet worden. In "anything personal" blijft het onderwerp bewust breed. Gebruik "anything" wanneer je geen specifieke zaak noemt of wanneer elke zaak binnen een groep mogelijk is.
personal
"personal" beschrijft hier zaken die met iemands privéleven of persoonlijke situatie te maken hebben. In "anything personal" bepaalt het welke soort zaken bedoeld zijn. Gebruik "personal" vóór een zelfstandig naamwoord voor onderwerpen die niet openbaar zijn.
That
"That" verwijst hier naar het voorgestelde verplaatsen naar een privéruimte. In "That would help" reageert de spreker op het vorige voorstel zonder het opnieuw te herhalen. Gebruik "that" om naar een eerder genoemd voorstel, feit of idee te verwijzen.
would
"would" geeft hier een verwacht of verondersteld gevolg aan: de voorgestelde verandering zou helpen. Het staat in "That would help". Gebruik "would" bijvoorbeeld om beleefd een gevolg, voorkeur of hypothetische situatie te beschrijven.
help
"help" betekent hier dat de voorgestelde privéruimte de situatie beter zou maken voor de spreker. In "That would help" heeft het als onderwerp het eerder genoemde voorstel. Gebruik "help" met een persoon of situatie die door een handeling beter wordt.
because
"because" leidt hier de reden in waarom de privéruimte zou helpen. De reden is dat de wachtkamer heel dichtbij is. Gebruik "because" vóór een volledige reden of verklaring.
waiting
"waiting" beschrijft hier de ruimte waar mensen wachten op hun afspraak. Samen met "room" vormt het de vaste uitdrukking "waiting room". Gebruik "waiting" vóór "room" om een ruimte aan te duiden waar mensen wachten.
room
"room" betekent hier een afgesloten ruimte, namelijk de wachtkamer. In "waiting room" benoemt het het soort plaats waar mensen wachten. Gebruik "room" voor een ruimte in een gebouw en combineer het indien nodig met een beschrijvend woord.
is
"is" verbindt hier "the waiting room" met de beschrijving "very close". Het geeft de toestand of ligging van die enkelvoudige ruimte aan. Gebruik "is" om één persoon, plaats of zaak te beschrijven.
very
"very" versterkt hier de betekenis van "close": de wachtkamer is bijzonder dichtbij. Het staat vóór het bijvoeglijk naamwoord "close". Gebruik "very" vóór een beschrijving wanneer je een hoge mate wilt aangeven.
close
"close" betekent hier dichtbij de receptie. In "the waiting room is very close" verklaart het waarom de spreker niet vrijuit wil praten. Gebruik "close" om de geringe afstand tot een persoon of plaats te beschrijven.
Your
"Your" geeft aan dat de privacy toebehoort aan of betrekking heeft op de persoon die wordt aangesproken. In "Your privacy matters" spreekt de medewerker de bezoeker rechtstreeks aan. Gebruik "your" vóór een zelfstandig naamwoord wanneer iets van de aangesprokene is of met die persoon te maken heeft.
privacy
"privacy" betekent hier bescherming tegen afluisteren of openbaar worden van persoonlijke informatie. In "Your privacy matters" benadrukt de medewerker dat deze bescherming belangrijk is. Gebruik "privacy" bij persoonlijke gesprekken, gegevens of situaties waarin anderen niet hoeven mee te luisteren.
matters
"matters" betekent hier dat iets belangrijk is of in aanmerking moet worden genomen. In "Your privacy matters" zegt de medewerker dat de privacy van de bezoeker telt. Gebruik "matters" na een onderwerp om aan te geven dat het belangrijk is.
and
"and" verbindt hier twee samenhangende mededelingen: privacy is belangrijk en de details horen niet in het openbaar te worden besproken. Het voegt informatie toe zonder tegenstelling uit te drukken. Gebruik "and" om gelijkwaardige woorden, zinnen of ideeën te verbinden.
those
"those" verwijst hier naar de eerder genoemde gevoelige details. In "those details" maakt het duidelijk over welke specifieke details de medewerker spreekt. Gebruik "those" vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je naar bepaalde zaken verwijst die niet direct bij de spreker zijn.
should
"should" geeft hier aan wat volgens de medewerker gepast of wenselijk is. In "should not be discussed in public" drukt het uit dat deze bespreking daar niet hoort plaats te vinden. Gebruik "should" om advies, verwachtingen of een passende handelwijze uit te drukken.
be
"be" maakt samen met "discussed" de passieve constructie "be discussed". Daardoor ligt de nadruk op de details en niet op de persoon die ze bespreekt. Gebruik "be" na een modaal werkwoord zoals "should" in een passieve constructie.
discussed
"discussed" betekent hier besproken of hardop behandeld. In "should not be discussed in public" wordt gezegd dat de details niet openbaar besproken horen te worden. Gebruik "discussed" na "be" wanneer je in een passieve constructie beschrijft dat een onderwerp wordt besproken.
in
"in" geeft in "in public" de situatie of omgeving aan waarin iets plaatsvindt. Hier betekent het dat de details niet in een openbare omgeving besproken moeten worden. Gebruik "in" met situaties of plaatsen waarin iemand zich bevindt of iets gebeurt.
public
"public" betekent hier op een plaats of in een situatie waar andere mensen kunnen horen of zien wat er gebeurt. In "in public" staat het tegenover een privéomgeving. Gebruik "public" voor plaatsen, informatie of handelingen die voor anderen toegankelijk zijn.
Could
"Could" maakt in "Could I put most of the background on the written forms instead?" een beleefd verzoek. De spreker vraagt of het mogelijk is om de informatie op formulieren te zetten. Gebruik "Could I" vóór een werkwoord om beleefd toestemming of een mogelijkheid te vragen.
put
"put" betekent hier informatie op de formulieren schrijven of daar invullen. In "put most of the background on the written forms" krijgt het werkwoord de informatie en de formulieren als belangrijke aanvullingen. Gebruik "put" met iets dat je op, in of bij een bepaalde plaats zet of noteert.
most
"most" betekent hier het grootste deel van de achtergrondinformatie. In "most of the background" geeft het aan dat niet noodzakelijk alles op de formulieren komt. Gebruik "most of" vóór een zelfstandig naamwoord of een bepaalde hoeveelheid wanneer je de meerderheid bedoelt.
of
"of" verbindt in "most of the background" de hoeveelheid "most" met datgene waarvan het grootste deel wordt bedoeld. Het geeft hier een verhouding of deel-geheelrelatie aan. Gebruik "of" in patronen zoals "most of the information".
background
"background" verwijst hier naar de persoonlijke voorgeschiedenis en relevante informatie van de bezoeker. In "most of the background" gaat het om informatie die op schriftelijke formulieren kan worden verstrekt. Gebruik "background" voor de eerdere ervaringen of omstandigheden die bij een situatie horen.
on
"on" geeft in "on the written forms" het schriftelijke medium aan waarop de informatie wordt gezet. Het verbindt "put" met de formulieren. Gebruik "on" met formulieren, pagina's of andere oppervlakken waarop je iets schrijft of noteert.
written
"written" betekent hier dat de informatie in tekstvorm op papier of een formulier staat. In "written forms" beschrijft het soort formulieren dat wordt gebruikt. Gebruik "written" vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je wilt aangeven dat iets schriftelijk is.
forms
"forms" verwijst hier naar documenten met plaatsen waar de bezoeker informatie kan invullen. In "the written forms" zijn dit de formulieren van de kliniek. Gebruik "forms" voor documenten die worden ingevuld om informatie te verzamelen.
instead
"instead" betekent hier in plaats van de gevoelige informatie aan de receptie te bespreken. Het markeert de voorgestelde schriftelijke oplossing als alternatief. Gebruik "instead" wanneer je een keuze of handeling door een andere vervangt.
You
"You" verwijst hier naar de bezoeker die de vraag heeft gesteld. In "You can" richt de medewerker zich rechtstreeks tot die persoon en geeft toestemming. Gebruik "you" als onderwerp of aanspreekvorm voor de persoon of personen met wie je praat.
although
"although" leidt hier een beperking of tegenstelling in: de informatie mag op formulieren, maar de zorgverlener kan nog vragen stellen. Het verbindt de toestemming met die aanvullende mededeling. Gebruik "although" vóór een punt dat de hoofdmededeling nuanceert.
clinician
"clinician" betekent hier de zorgverlener die de bezoeker mogelijk privé vragen stelt. Het woord verwijst naar de professionele behandelaar, niet naar de receptie. Gebruik "clinician" in een medische context voor de persoon die de patiënt beoordeelt of behandelt.
may
"may" drukt hier een mogelijkheid uit: de zorgverlener kan nog vragen stellen, maar dat staat niet vast. Het staat vóór het werkwoord "ask". Gebruik "may" om een mogelijke gebeurtenis of handeling aan te geven.
still
"still" betekent hier dat de zorgverlener ondanks de schriftelijke formulieren mogelijk aanvullende vragen blijft stellen. In de zin nuanceert het de eerdere toestemming. Gebruik "still" om aan te geven dat iets doorgaat of toch geldt ondanks andere omstandigheden.
ask
"ask" betekent hier informatie vragen aan de bezoeker. In "may still ask questions" is het de handeling die de zorgverlener mogelijk uitvoert. Gebruik "ask" met een vraag, een persoon of informatie die je wilt verkrijgen.
questions
"questions" verwijst hier naar verzoeken om aanvullende informatie tijdens het privégesprek. In "ask questions" is het wat de zorgverlener mogelijk aan de bezoeker stelt. Gebruik "ask questions" wanneer iemand informatie probeert te verkrijgen.
make
"make" geeft in "make the conversation much easier" aan dat iets een bepaald gevolg veroorzaakt. Het verplaatsen naar een privéruimte zou het gesprek gemakkelijker maken. Gebruik "make" met een object en een beschrijving van het resultaat, zoals "make the conversation easier".
conversation
"conversation" betekent hier het gesprek over persoonlijke of gevoelige informatie. In "make the conversation much easier" gaat het om de interactie tussen de bezoeker en de zorgverlener. Gebruik "conversation" voor een gesproken uitwisseling tussen mensen.
much
"much" versterkt hier de vergrotende vorm "easier": het gesprek zou aanzienlijk gemakkelijker worden. Het staat vóór "easier". Gebruik "much" vóór een vergrotende beschrijving om een duidelijk groter verschil aan te geven.
easier
"easier" betekent hier minder moeilijk of minder ongemakkelijk voor de spreker. In "make the conversation much easier for me" beschrijft het het verwachte effect van meer privacy. Gebruik "easier" om twee situaties, taken of ervaringen met elkaar te vergelijken.
me
"me" verwijst hier naar de spreker als degene voor wie het gesprek gemakkelijker wordt. In "for me" geeft het aan wie het voordeel ervaart. Gebruik "me" na een voorzetsel zoals "for" wanneer je naar jezelf verwijst.
will
"will" geeft hier een voornemen voor de toekomst aan: de medewerker zal de voorkeur noteren. Het staat vóór het werkwoord "note". Gebruik "will" om een toekomstige handeling, belofte of beslissing uit te drukken.
note
"note" betekent hier schriftelijk vastleggen zodat de voorkeur bekend is voordat de bezoeker wordt opgeroepen. In "I will note your preference" krijgt de medewerker de voorkeur als informatie die wordt geregistreerd. Gebruik "note" met een feit, verzoek of voorkeur die je wilt vastleggen.
preference
"preference" betekent hier de gewenste manier waarop de bezoeker gevoelige informatie wil bespreken. In "your preference" gaat het specifiek om de voorkeur voor privacy en schriftelijke formulieren. Gebruik "preference" voor een keuze of werkwijze die iemand liever heeft.
before
"before" geeft aan dat het noteren plaatsvindt vóór het oproepen van de bezoeker. Het verbindt "note your preference" met de latere gebeurtenis. Gebruik "before" om de volgorde van twee tijdstippen of gebeurtenissen aan te geven.
are
"are" staat in "you are called" als vorm van "be" bij "you". Samen met "called" vormt het een passieve beschrijving van het moment waarop de bezoeker wordt opgeroepen. Gebruik "are" met "you" om een toestand of passieve handeling te beschrijven.
called
"called" betekent hier opgeroepen om naar de volgende afspraak of ruimte te komen. In "you are called" ligt de nadruk op wat er met de bezoeker gebeurt, niet op wie hem of haar oproept. Gebruik "called" in een medische of administratieve context wanneer iemand wordt gevraagd om te komen.