Me
In “Me voy a la cama” verwijst Me naar de spreker als degene die weggaat; in “Me despierto temprano” markeert het dat de spreker zelf wakker wordt. Het staat vóór de vervoegde werkwoordsvorm. Je gebruikt het dus als onderdeel van deze ik-vormen wanneer de handeling op de spreker betrokken is.
voy
Voy betekent hier dat de spreker gaat of vertrekt, zoals in “Me voy a la cama” en “Voy al trabajo”. Het is de ik-vorm van ir. Een bruikbaar patroon is Voy a of Voy al met een bestemming, zoals in “Voy a la escuela”.
a
A geeft in “Me voy a la cama” en “Voy a la escuela” de bestemming aan: naar. Het staat vóór de plaats of bestemming. Gebruik deze voorzetselconstructie bij gaan naar een bestemming.
la
La betekent hier de en staat vóór de vrouwelijke enkelvoudige zelfstandige naamwoorden cama en escuela. In “la cama” maakt het deel uit van de vaste uitdrukking voor naar bed gaan. Je gebruikt la vóór een passend zelfstandig naamwoord wanneer je naar een bepaalde zaak verwijst.
cama
Cama betekent bed in de uitdrukking “Me voy a la cama”: de spreker gaat naar bed. Het woord staat hier na la in la cama. Deze combinatie gebruik je bij de dagelijkse handeling van naar bed gaan.
despierto
Despierto betekent in “Me despierto temprano” dat de spreker wakker wordt. Het is de ik-vorm die in deze zin bij wakker worden hoort; de woorden Me despierto vormen samen de volledige uitdrukking. Je kunt de vorm gebruiken om een dagelijkse gewoonte over wakker worden te beschrijven.
temprano
Temprano betekent vroeg en geeft in “Me despierto temprano” aan wanneer de spreker wakker wordt. Het staat hier na de handeling als tijdsaanduiding. Je kunt het gebruiken om te zeggen dat iets vroeg gebeurt, vooral bij dagelijkse routines.
al
Al betekent in “Voy al trabajo” naar het en geeft de bestemming aan. Het is de samengevoegde vorm van a en el. Gebruik al vóór een mannelijke enkelvoudige bestemming wanneer je zegt dat je ergens naartoe gaat.
trabajo
Trabajo betekent werk in “Voy al trabajo”: de spreker gaat naar het werk. Het staat na al en vormt samen de bestemming al trabajo. Je gebruikt dit woord om werk als plaats of dagelijkse activiteit aan te duiden.
escuela
Escuela betekent school in “Voy a la escuela”: de spreker gaat naar school. Het staat na la in de bestemmingsuitdrukking la escuela. Je gebruikt deze combinatie om naar school gaan te beschrijven.
Estoy
Estoy betekent hier dat de spreker zich bij iemand of ergens bevindt, zoals in “Estoy con mi familia”. Het is de ik-vorm die een huidige toestand of aanwezigheid uitdrukt. Een bruikbaar patroon is Estoy con gevolgd door de persoon of groep bij wie je bent.
con
Con betekent met en drukt in “Estoy con mi familia” gezelschap of verbondenheid uit. Het staat vóór de persoon of groep met wie de spreker is. Gebruik con om te zeggen met wie je samen bent.
mi
Mi betekent mijn en geeft in “mi familia” en “mi amigo” aan dat de familie of vriend bij de spreker hoort. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord. Je kunt mi gebruiken om bezit of een persoonlijke relatie aan te geven.
familia
Familia betekent familie in “Estoy con mi familia”: de spreker is samen met de eigen familie. Het staat na mi in mi familia. Je gebruikt het in gesprekken over de mensen uit je familie of over tijd die je met hen doorbrengt.
Este
Este betekent deze of dit en wijst in “Este es mi amigo” naar de persoon die wordt voorgesteld. Het staat aan het begin van de aanwijzende zin. Je gebruikt deze vorm om iemand of iets aan te wijzen en vervolgens te identificeren.
es
Es betekent is in “Este es mi amigo” en koppelt de aangewezen persoon aan zijn identificatie als vriend. Het staat tussen Este en mi amigo. Je gebruikt es in een zin waarin je iemand of iets benoemt of identificeert.
amigo
Amigo betekent vriend in “Este es mi amigo”: de aangewezen persoon is de vriend van de spreker. Het staat na mi en vormt samen mi amigo. Je gebruikt het om een mannelijke vriend voor te stellen of over hem te spreken.