Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een pen en een notitieboek lenen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.
Dialoog
¿Puedo usar un bolígrafo?
pwee-doe oe-SAR oen bo-LEE-gra-fo? Mag ik een pen gebruiken?Coge el negro del vaso.
KOO-he el NE-gro del BAA-so. Pak de zwarte uit de beker.También necesito un cuaderno.
tam-BJEN ne-se-SEE-toe oen kwa-DER-no. Ik heb ook een notitieboek nodig.Hay un cuaderno viejo en el cajón.
ai oen kwa-DER-no BJE-ho en el ka-HÓN. Er ligt een oud notitieboek in de la.Solo necesito escribir una lista corta.
SOO-lo ne-se-SEE-toe es-kri-BEER oo-na LEES-ta KOR-ta. Ik hoef alleen een korte lijst te schrijven.Devuelve los dos cuando termines.
de-BWEL-be los DOS KWAN-do ter-MEE-nes. Breng ze allebei terug als je klaar bent.Los pondré en tu escritorio.
los pon-DRÉ en toe es-kri-TOR-jo. Ik leg ze op je bureau.Así son fáciles de encontrar.
a-SEE son FAA-see-les de en-kon-TRAR. Zo zijn ze makkelijk te vinden.Uitleg van de zinnen
¿Puedo usar un bolígrafo?
Mag ik een pen gebruiken?
- ¿Puedo
- mag ik …?
- usar
- gebruiken
- bolígrafo
- pen
Uitgebreide uitleg
¿Puedo is de eerste persoon enkelvoud van poder in de tegenwoordige tijd: puedo, puedes, puede. Hier betekent poder niet simpelweg “kunnen”, maar geeft het met een daaropvolgend infinitief werkwoord toestemming vragen: “mag ik …?”. Bijvoorbeeld: ¿Puedo entrar? — “Mag ik binnenkomen?” usar is de infinitief “gebruiken”. Na puedo blijft het tweede werkwoord in de infinitief: puedo usar betekent “ik mag gebruiken”. Bijvoorbeeld: Puedo usar tu teléfono. — “Ik mag je telefoon gebruiken.” bolígrafo betekent hier “balpen” of “pen”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; het bepaalde lidwoord is el en het meervoud is bolígrafos. Un is hier een onbepaald lidwoord en stelt op zichzelf geen specifiek aantal vast. Samen vormen de delen ¿Puedo + usar + un bolígrafo? de vraag “Mag ik een pen gebruiken?”. De vraagvorm en de vraagtekens maken duidelijk dat de spreker toestemming vraagt om een pen te gebruiken, niet dat de spreker beweert er al een te gebruiken.
Coge el negro del vaso.
Pak de zwarte uit de beker.
- Coge
- pak
- negro
- zwarte
- del
- uit de
- vaso
- beker
Uitgebreide uitleg
Coge is hier de bevestigende gebiedende wijs van coger voor tú (één aangesproken persoon): “pak”. De vorm is dus niet de beleefde vorm voor usted. Voorbeeld: Coge el libro. — “Pak het boek.” negro betekent hier “zwart” en staat zelfstandig met het lidwoord el: el negro is “de zwarte [persoon of zaak]”. Het bijvoeglijk naamwoord is mannelijk enkelvoud; de vorm sluit aan bij het weggelaten mannelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord. Het vaste Nederlands noemt alleen “de zwarte”, dus de precieze zaak hoeft hier niet verder benoemd te worden. Vergelijk: la negra — “de zwarte [vrouwelijke zaak of persoon]”. del is de samentrekking van de + el. Hier geeft de de herkomst of plaats vanwaar iets wordt gepakt aan: “uit de”. Het is dus niet hetzelfde als desde, dat eerder een vertrekpunt of traject benadrukt. vaso is het zelfstandig naamwoord voor “beker” of “glas”, afhankelijk van het bedoelde voorwerp. Het is mannelijk enkelvoud, zoals blijkt uit el in de samentrekking del (= de el). Voorbeeld: El vaso está aquí. — “De beker is hier.” Samen betekent Coge el negro del vaso: “Pak de zwarte uit de beker.” De gebiedende wijs Coge geeft de opdracht; el negro is wat gepakt moet worden; del vaso zegt waaruit het wordt gepakt. De zin gebruikt een directe, informele opdracht aan één persoon.
También necesito un cuaderno.
Ik heb ook een notitieboek nodig.
- También
- ook
- necesito
- ik heb nodig
- cuaderno
- notitieboek
Uitgebreide uitleg
También betekent hier “ook”: het voegt deze behoefte toe aan iets dat al genoemd of verondersteld is. Het is een bijwoord en verandert niet mee met persoon of aantal. Voorbeeld: También quiero agua. — “Ik wil ook water.” necesito is de vorm van necesitar voor de eerste persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: “ik heb nodig” of “ik heb behoefte aan”. De uitgang -o laat hier zien dat de spreker zichzelf bedoelt. Voorbeeld: Necesito ayuda. — “Ik heb hulp nodig.” cuaderno betekent hier “notitieboek” of “schrift”. Het is een zelfstandig naamwoord en is mannelijk; daarom staat ervoor un, het onbepaalde lidwoord dat bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord past. Het meervoud is cuadernos; daarbij hoort bijvoorbeeld unos cuadernos. Voorbeeld: Tengo un cuaderno. — “Ik heb een notitieboek.” Samen vormen de delen También necesito un cuaderno. de betekenis: “Ik heb ook een notitieboek nodig.” También geeft de toevoeging “ook” aan, necesito zegt dat de spreker iets nodig heeft, en un cuaderno benoemt wat nodig is.
Hay un cuaderno viejo en el cajón.
Er ligt een oud notitieboek in de la.
- Hay
- er is / er ligt
- cuaderno
- notitieboek
- viejo
- oud
- en
- in
- cajón
- lade
Uitgebreide uitleg
Hay betekent hier dat iets aanwezig is of zich ergens bevindt: “er is/er ligt”. Dit is de onpersoonlijke vorm van haber in de tegenwoordige tijd. Hay verandert niet mee met enkelvoud of meervoud: Hay un cuaderno en Hay dos cuadernos. cuaderno betekent hier “notitieboek”. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk; daarom staat het onbepaalde lidwoord in un. Voor een vrouwelijk zelfstandig naamwoord gebruik je bijvoorbeeld una llave (“een sleutel”). viejo betekent hier “oud”. De vorm is het mannelijk enkelvoud van viejo en stemt af op cuaderno: un cuaderno viejo. Bij een vrouwelijk enkelvoud staat bijvoorbeeld una casa vieja (“een oud huis”). en betekent “in” en geeft hier de plaats aan. Bijvoorbeeld: El libro está en la bolsa. — “Het boek zit in de tas.” cajón betekent “lade”. De klemtoon wordt in de spelling aangegeven door het accent op ó. Met het bepaalde lidwoord vormt het el cajón (“de lade”); cajón is hier dus een mannelijk zelfstandig naamwoord. Samen vormen de delen: Hay + un cuaderno viejo + en el cajón = “Er ligt een oud notitieboek in de la.” Hay introduceert wat zich bevindt, un cuaderno viejo benoemt dat voorwerp en en el cajón geeft de plaats aan.
Solo necesito escribir una lista corta.
Ik hoef alleen een korte lijst te schrijven.
- Solo
- alleen
- necesito
- ik moet / ik heb nodig
- escribir
- schrijven
- lista
- lijst
- corta
- kort
Uitgebreide uitleg
Solo betekent hier dat schrijven de enige genoemde handeling of noodzaak is: “alleen”. Het sluit het schrijven dus niet uit; het beperkt de uitspraak juist tot die handeling. In solo necesito... staat het bijwoord vóór de werkwoordelijke kern. Necesito is de vorm van necesitar voor de eerste persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: “ik heb nodig” of, zoals hier met een infinitief, “ik moet”. Na necesitar kan een infinitief volgen: Necesito descansar = “Ik moet rusten.” De vorm necesita betekent “hij/zij/u heeft nodig” en hoort bij een andere persoon. Escribir is de infinitief “schrijven”. Na necesito blijft het tweede werkwoord in de infinitief: Necesito escribir = “Ik moet schrijven”. De persoon wordt hier door necesito uitgedrukt, niet door escribir. Lista is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud: “lijst”. Het onbepaalde lidwoord una past daarbij: una lista = “een lijst”. Het lidwoord geeft hier niet zelfstandig een exact aantal aan; het introduceert een niet nader bepaalde lijst. Corta betekent hier “kort”. Deze vorm hoort bij het bijvoeglijk naamwoord corto en stemt af op lista: vrouwelijk enkelvoud, dus corta. Ter vergelijking: un texto corto = “een korte tekst”; bij een mannelijk zelfstandig naamwoord staat de vorm corto. Samen vormen de delen Solo necesito (“Ik hoef alleen / Ik heb alleen nodig”), escribir (“schrijven”), una lista (“een lijst”) en corta (“kort”) de volledige betekenis: “Ik hoef alleen een korte lijst te schrijven.” De zin zegt dus dat alleen deze schrijfhandeling nodig is; hij specificeert niet verder wat er in de lijst moet staan.
Devuelve los dos cuando termines.
Breng ze allebei terug als je klaar bent.
- Devuelve
- breng terug
- los dos
- allebei
- cuando
- wanneer
- termines
- klaar bent
Uitgebreide uitleg
Devuelve betekent hier “breng terug” en is de bevestigende gebiedende wijs van devolver voor tú (één aangesproken persoon). Het werkwoord heeft in deze vorm een stamwisseling: devolver → devuelve. Het onderwerp wordt niet apart genoemd; de vorm richt het bevel wel aan één persoon. los dos is hier de directe-objectgroep met de betekenis “ze allebei”. los is hier het bepaalde lidwoord in het mannelijk meervoud en stemt af op de bedoelde zaken; dos drukt het aantal twee uit. De concrete referenten worden in deze zin zelf niet benoemd. Bij twee vrouwelijke referenten staat bijvoorbeeld las dos. cuando betekent hier “wanneer” of “als” en leidt een tijdsbepaling in. Het is in deze zin geen vraagwoord. termines komt van terminar en is de tegenwoordige conjunctief voor tú. Na cuando gebruikt het Spaans deze vorm wanneer de handeling nog moet plaatsvinden: cuando termines betekent hier “als je klaar bent”. Dit verschilt van terminas, de indicatief voor een gewone mededeling. Samen vormen de delen Devuelve + los dos = “breng ze allebei terug”; cuando termines geeft aan wanneer dat moet gebeuren. De volledige betekenis is: “Breng ze allebei terug als je klaar bent.”
Los pondré en tu escritorio.
Ik leg ze op je bureau.
- Los
- ze
- pondré
- zal leggen
- en
- op
- tu
- je
- escritorio
- bureau
Uitgebreide uitleg
Los betekent hier “ze” en is een zelfstandig gebruikt, meervoudig mannelijk lijdend voornaamwoord. De vertaling en de context ondersteunen dat het verwijst naar de eerder genoemde twee dingen; de vorm geeft niet op zichzelf aan welke dingen dat precies zijn. Vergelijk: Lo pondré aquí = “Ik leg het hier neer” voor één mannelijk object; Las pondré aquí gebruikt u voor meerdere vrouwelijke objecten. pondré komt van poner, “leggen, neerzetten” of algemener “plaatsen”. Het is de toekomende tijd, eerste persoon enkelvoud: pondré = “ik zal leggen/plaatsen”. De vorm heeft de onregelmatige stam pondr-; vergelijk poner → pondré, niet een vorm met de volledige infinitiefstam. Voorbeeld: Mañana pondré el libro en la mesa. = “Morgen leg ik het boek op de tafel.” en geeft hier de plaats aan: “op”. Het kan in andere contexten ook “in” betekenen; de bedoelde betekenis wordt hier bepaald door de combinatie met de plaats. tu is een bezittelijk woord: “je”. Het heeft geen accent in deze betekenis. Het verwijst naar de aangesproken persoon en staat bij het enkelvoudige zelfstandig naamwoord escritorio; het maakt hier geen onderscheid tussen mannelijk en vrouwelijk bezit. Vergelijk het beklemtoonde voornaamwoord tú = “jij”, dat anders gespeld en gebruikt wordt. escritorio betekent “bureau” of “schrijftafel”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: el escritorio; het meervoud is los escritorios. Voorbeeld: El escritorio está junto a la ventana. = “Het bureau staat naast het raam.” Samen vormen de delen Los pondré + en tu escritorio: “Ik zal ze op je bureau leggen.” Los is het lijdend voorwerp van pondré, en en tu escritorio geeft aan waar ze terechtkomen. De eerste persoon in pondré maakt de spreker de uitvoerder van de handeling; de toekomstige vorm geeft aan dat het leggen later zal gebeuren.
Así son fáciles de encontrar.
Zo zijn ze makkelijk te vinden.
- Así
- zo; op die manier
- son
- zijn
- fáciles
- makkelijk
- de encontrar
- te vinden
Uitgebreide uitleg
Así betekent hier “zo” of “op die manier”. Aan het begin verwijst het naar de manier waarop iets gebeurt: Así es más fácil = “Zo is het makkelijker.” Het is geen aanwijzing voor een specifieke plaats. Son is de tegenwoordige tijd van ser bij de derde persoon meervoud: ser → son. Het meervoud past bij het onderwerp “ze”, dat in het Spaans niet apart wordt uitgesproken. In de gegeven context gaat dat onderwerp over de eerder genoemde dingen: Los pondré en tu escritorio — “Ik leg ze op je bureau.” Fáciles betekent “makkelijk” in het meervoud. De vorm is gebaseerd op fácil; het accent blijft behouden en de meervoudsvorm krijgt -es: fácil → fáciles. Dit bijvoeglijk naamwoord verandert niet van vorm voor mannelijk of vrouwelijk, maar wel voor enkelvoud en meervoud. Voorbeeld: Es fácil de usar = “Het is makkelijk te gebruiken”; Son fáciles de usar = “Ze zijn makkelijk te gebruiken.” De encontrar is de plus het infinitief encontrar, “vinden”. Na fácil/fáciles vormt dit de herbruikbare constructie ser fácil de + infinitief: letterlijk ongeveer “makkelijk om te …”, natuurlijk vertaald als “makkelijk te …”. Voorbeeld: La llave es fácil de encontrar = “De sleutel is makkelijk te vinden.” Samen betekent Así son fáciles de encontrar: “Zo zijn ze makkelijk te vinden.” Así geeft de manier aan, son koppelt het onderwerp aan de eigenschap, en fáciles de encontrar zegt dat het voor die dingen makkelijk is om ze te vinden. De formulering is neutraal en bruikbaar wanneer een eerder genoemde manier of handeling het vinden vergemakkelijkt.
Grammatica
hay + zelfstandig naamwoord
Hay un cuaderno viejo en el cajón.
ai oen kwa-DER-no BJE-ho en el ka-HÓN.Er is een oud notitieboek in de la.
Gebruik hay om het bestaan of de aanwezigheid van iets aan te geven. Het verandert niet met enkelvoud of meervoud.
cuando + subjuntivo
Cuando termines de escribir, pondré el cuaderno en el escritorio.
KWAN-do ter-MEE-nes de es-kri-BEER, pon-DRÉ el kwa-DER-no en el es-kri-TOR-jo.Als je klaar bent met schrijven, leg ik het notitieboek op het bureau.
Na cuando gebruik je de subjuntivo voor een toekomstige of nog niet voltooide handeling.
Spaans woordenschat
Coge el negro del vaso.
Hay un cuaderno viejo en el cajón.
Coge el negro del vaso.
¿Puedo usar un bolígrafo?
También necesito un cuaderno.
¿Puedo usar un bolígrafo?
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Mag ik een pen gebruiken?
Antwoord tonen
¿Puedo usar un bolígrafo?Pak de zwarte uit de beker.
Antwoord tonen
Coge el negro del vaso.Ik heb ook een notitieboek nodig.
Antwoord tonen
También necesito un cuaderno.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
beker
Antwoord tonen
vasogebruiken
Antwoord tonen
usarzwarte
Antwoord tonen
negropen